party
Groen Hoe stemt de partij Groen in de Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers en welke vragen stellen zij?

Groen

Ontdek hoe de partij Groen u vertegenwoordigt in het federaal parlement.

66

vragen

5

voorstellen

Activiteit in De Kamer

Bekijk hoe Groen denkt over

veiligheid, justitie en defensie

De overbevolking van de gevangenissen
De onenigheid in de regering en het plan van de premier betreffende het koninklijke genaderecht
De door u voorgestelde langetermijnoplossing voor de overbevolking van de gevangenissen
De impasse in de regering met betrekking tot de aanpak van de overbevolking van de gevangenissen
De aanpak van de overbevolking van de gevangenissen en het verlenen van gratie
Politieke verdeeldheid en oplossingen voor gevangenisoverbevolking en gratieverlening

Gesteld aan

Annelies Verlinden (Minister van Justitie), Bart De Wever (Eerste minister)

op 29 januari 2026

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De oppositie bekritiseert minister Annelies Verlinden scherp voor het falende beleid rond extreme overbevolking in Belgische gevangenissen (13.600 gedetineerden op 11.100 plaatsen, waaronder 600 grondslapers), met beschuldigingen van onmacht, gebrek aan concrete actie en "schandalige onmenselijke omstandigheden" die veiligheid en re-integratie ondermijnen. Khalil Aouasti (PS) en Barbara Pas (VB) wijzen op mislukte noodwetten, geblokkeerde voorstellen (zoals collectieve gratie via De Wever of terugzending van 5.500 niet-Belgen) en wederzijdse regeringsverwijten, terwijl Verlinden benadrukt structurele plannen (extra capaciteit, zorg voor geïnterneerden) maar geen korte-termijnoplossing biedt voor de crisis. Critici zoals Stefaan Van Hecke (Groen) en Sandro Di Nunzio (Anders.) hekelen de "onwil, onkunde en media-gedreven ruzie" binnen de regering en eisen dringende maatregelen, terwijl Verlinden respect voor rechterlijke straffen en samenwerking bepleit, maar geen tastbaar resultaat voorlegt sinds juli 2025. Oppositie en vakbonden dreigen met escalatie, met verwijzingen naar "potentiële doden" en "middeleeuwse toestanden".

Khalil Aouasti:

Monsieur le président, madame la ministre, chers collègues, on dénombre environ 11 000 places dans nos prisons, mais seules 9 000 répondent véritablement aux normes. Nous comptons aujourd'hui 13 400 détenus. En intégrant les 3 200 condamnés qui ne se trouvent toujours pas dans nos prisons, cela représente une surpopulation réelle de 2 400 personnes et une surpopulation carcérale potentielle de 5 600 personnes, 5 600 détenus.

Madame la ministre, la situation est insupportable. C'est du jamais vu et d'une totale indignité! Les acteurs de terrain, les agents pénitentiaires, les experts, l'opposition parlementaire vous implorent chaque semaine d'agir. Et vous, que faites-vous? L'été dernier, vous avez fait voter une supposée "loi d'urgence", qui constitue un échec manifeste. Depuis, vous avez organisé sept kerns visant à traiter de la question de la surpopulation carcérale, mais pour quel résultat? Quelques préfabriqués en projet, l'évocation de prisons à l'étranger et des promesses pour 2035… Pour le reste, rien! Pas une seule avancée! Pire que tout, avec une collègue, vous n'hésitez pas à étaler dans la presse votre impuissance, votre incapacité à faire face à la plus grande crise pénitentiaire de l'Histoire de ce pays.

Derrière ces chiffres, madame la ministre, ce sont des agents pénitentiaires à bout de souffle. Ce sont des détenus qui dorment à même le sol et qui vivent à plusieurs dans neuf mètres carrés, sans intimité, dans une promiscuité totale, sans accès suffisant aux soins de santé. Ce sont des personnes atteintes de troubles mentaux que l'on ne soigne pas dans des annexes psychiatriques. Ce sont des détenus qui ressortent brisés, et donc plus dangereux. Cette situation exige une ministre à la hauteur.

Madame la ministre, il est encore temps d'éviter une nouveau dossier I-Police. Qu'entendez-vous faire?

Barbara Pas:

De regering-De Wever heeft nog steeds geen deftig plan om de aanpak van de overbevolking in de gevangenissen tegen te gaan.

Mevrouw de minister, uw plan bestaat erin om criminelen een korting van tien maanden te geven op een celstraf van vijf jaar. Wie vijf jaar celstraf opgelegd krijgt, moet in dit land toch al behoorlijk wat mispeuteren. Over dat plan geraakt de regering het niet eens.

De premier heeft nu zelf een plan. U hebt dat plan in de media al afgeschoten, waarna u vandaag in de media verkondigt dat de discussie niet in de media moet worden gevoerd.

Collega’s van de N-VA, ik had de premier vandaag hier graag over zijn plan ondervraagd maar hij weigert dat. Ik begrijp dat. Het plan van De Wever rekent op de hulp van zijn ondertussen boezemvriend, Zijne Majesteit. Hij vraagt de Sire deze keer niet om honderd dagen, maar wil wel dat de Koning gratie verleent aan 1.300 veroordeelde criminelen van de meer dan 3.000 criminelen die momenteel zonder enig toezicht thuis zitten te wachten op de uitvoering van hun straf.

Genaderecht komt neer op een kwijtschelding. Dat is geen omzetting in enkelbandjes, maar dat is blijkbaar wel de bedoeling. Ik had hem graag dus gevraagd of hij kwijtschelding dan wel enkelbandjes bedoelt.

Ik had hem ook graag gevraagd hoe de kwijtschelding van gevangenisstraffen, al dan niet met enkelbandjes, voor veroordeelde criminelen die nog niet in de gevangenis zitten, kan helpen om de huidige 545 grondslapers weg te werken.

Mevrouw de minister, u hebt al duidelijk aangegeven dat dat niet het geval is. Ik had graag gehad dat De Wever mij kwam uitleggen wat dan wel de oplossing is, maar hij durft niet.

Mevrouw de minister, mijn vraag aan u is heel eenvoudig. Hoe zal de regering de overbevolking in de Belgische gevangenissen op korte termijn wel eindelijk aanpakken?

Sandro Di Nunzio:

Mevrouw de minister, we hoorden hier al een aantal cijfers. Ik heb ook die van de beleidsnota erbij genomen. Afgerond zijn er inderdaad 11.100 plaatsen in onze gevangenissen. Er zitten vandaag ongeveer 13.600 gedetineerden in de gevangenissen, van wie 600 grondslapers zijn. Dat wil zeggen dat er 2.500 mensen te veel in de gevangenissen zitten. Daarnaast zijn er nog 3.000 wachtenden die er niet in geraken. U zult het met mij eens zijn dat dit een regelrechte schande is voor ons als land, voor onze justitie en voor onze strafuitvoering.

De belangrijkste vraag die ik u wil stellen, is wat u daar het afgelopen jaar eigenlijk al aan gedaan hebt. Wat hebt u al ondernomen om dat probleem effectief aan te pakken? Het afgelopen jaar is de druk immers alleen maar toegenomen. De vorige regering heeft bijvoorbeeld wel actie ondernomen en een aantal maatregelen genomen. Ik verwijs bijvoorbeeld naar de 1.400 extra plaatsen die gecreëerd werden, de 70 extra personeelsleden die ingeschakeld werden en het kader dat werd gecreëerd voor de plaatsing van extra containers, goed voor meer dan 1.000 plaatsen. Ook de terugstuurakkoorden, onder andere met Marokko, werden toen door de vorige regering afgesloten, maar worden veel te weinig uitgevoerd. Daarom vraag ik wat u effectief hebt gedaan.

We lezen dat u 1 miljard euro hebt gevraagd. Hoeveel van dat budget zal daadwerkelijk naar extra capaciteit gaan? We vernemen ook dat een aantal collega's binnen de regering in het verleden voorstellen hebben gedaan die bij voorbaat afketst of blokkeert. Uw noodwet heeft, zoals we u gewaarschuwd hadden, geen enkel effect gehad.

Mijn vraag aan u is zeer eenvoudig. Wat hebt u gedaan en wat zult u op de langere termijn doen? Hoe zult u de situatie aanpakken en ombuigen? Zoals mijn collega van het Vlaams Belang zei, circuleert er een voorstel om gratie te verlenen. Is dat de langetermijnvisie waarvoor u staat, waarmee u de tendens zult keren en de overbevolking zult oplossen?

Stefaan Van Hecke:

Mevrouw de minister, hoe lang duurt het nog vóór u en de regering eindelijk iets zullen doen aan de overbevolking in de gevangenissen? Of moeten er eerst doden vallen vooraleer de regering in actie schiet?

Het geduld is op bij iedereen, bij het personeel en de vakbonden, bij mensenrechtenorganisaties, bij de CTRG-commissies, bij de gouverneurs en de burgemeesters, maar ook in het Parlement. Blijkbaar is het geduld ook op in de regering en zelfs bij de Koning, die de regering gisteren een nooit geziene bolwassing heeft gegeven, overigens met goedkeuring van de regering zelf.

De situatie in onze gevangenissen is explosief en onmenselijk met een overbevolking van meer dan 2.500 gedetineerden. Er zijn bijna 600 grondslapers, waarvan sommige soms naast de wc-pot slapen. We mogen niet vergeten dat het nog altijd om mensen gaat. Wie denkt dat gedetineerden beter uit de gevangenis komen als we hen eerst maanden of jaren op een onmenselijke en vernederende manier opsluiten, heeft het fout.

Wat doet de regering? Mekaar met de vinger wijzen, veto's stellen, andere dossiers blokkeren en ruziemaken, maar oplossingen komen er niet. De wederzijdse verwijten zijn stevig, als we de media mogen geloven. Mevrouw de minister, uw collega-ministers uiten heel zware kritiek op u, maar omgekeerd wijst u andere ministers met de vinger. U zegt bijvoorbeeld dat minister Vandenbroucke niets zou doen voor de aanpak van de geïnterneerden. De sfeer in de regering is dus allesbehalve optimaal.

Mevrouw de minister, op u rust een loodzware verantwoordelijkheid. Als een oplossing uitblijft, toont u uw onmacht als minister van Justitie. Wanneer komt er een oplossing? Vindt u echt dat minister Vandenbroucke niets heeft gedaan aan die problematiek?

Steven Matheï:

Mevrouw de minister, de problematiek van de overbevolking is bekend: er is een tekort van 2.000 plaatsen in de gevangenissen en er zijn bijna 600 grondslapers. Dat is uiteraard problematisch voor de veiligheid van de gevangenen zelf, de cipiers en de andere personeelsleden. Het zet bovendien het principe van re-integratie, re-integratie die het vervolg van de gevangenisstraf moet zijn, op de helling. Het gezegde gaat dat, als men mensen in een gevangenis als beesten behandelt, ze er ook als beesten uitkomen. Dat is net wat we niet willen.

Er moeten dus oplossingen komen. Er circuleren verschillende voorstellen, waaronder een van eerste minister Bart De Wever om over te gaan tot een soort van collectieve gratie. Daarbij zouden 1.300 personen hun door een rechter opgelegde effectieve gevangenisstraf niet moeten uitzitten, maar een enkelband krijgen. Daar heeft cd&v toch wel wat vragen bij. Hoe legt men het uit aan de rechters die iemand tot een gevangenisstraf veroordelen, dat de veroordeelde zijn of haar straf niet moet uitvoeren? Hoe legt men het uit aan slachtoffers dat daders uiteindelijk niet naar de gevangenis moeten?

Bovendien rijst de vraag of de collectieve genade, zelfs als daar voorwaarden aan zijn verbonden en de gevangenisstraf in een straf met enkelband wordt omgezet, de juridische toets zou doorstaan. Helpt zo’n maatregel trouwens het probleem van de grondslapers oplossen? Hoeveel grondslapers zullen er door de collectieve genademaatregel minder zijn? Nul, geen enkele.

Mevrouw de minister, we moeten dus op zoek naar andere oplossingen, naar oplossingen zoals u die op tafel hebt gelegd, oplossingen die effectief en duurzaam zijn. Mevrouw de minister, welke oplossingen ziet u om het probleem aan te pakken?

Annelies Verlinden:

Beste collega’s, voorbij het geblaas en gespin, ook van anonieme bronnen in de pers, wil ik hier graag de precieze toedracht geven van de lopende gesprekken in de regering over de overbevolking in onze gevangenissen.

Als iemand hier voorhoudt dat ik een echte en duurzame oplossing voor de schrijnende situatie van de overbevolking en de grondslapers zou tegenhouden of niet bereid zou zijn tot een compromis, dan vergist die zich. Reeds sinds november heb ik verschillende voorstellen op de regeringstafel gelegd naar aanleiding van de sterke stijging van het aantal gedetineerden in onze gevangenissen, niet het minst van degenen die op een matras moeten slapen. Het gaat om een reeks maatregelen die er samen voor kunnen zorgen dat de druk in onze gevangenissen echt wordt verlicht. De teksten zijn wat Justitie betreft al geruime tijd klaar.

Collega’s, er zijn dus oplossingen. Die vragen wel de moed en de wil om het probleem doortastend aan te pakken. Een voorstel waarbij een uitzonderingsmaatregel wordt genomen en waarbij een enkelband wordt toegekend aan enkele honderden mensen die vandaag niet in onze gevangenissen zitten, is geen oplossing voor de grondslapers in onze gevangenissen vandaag. Dat zou immers niets veranderen aan de situatie van de grondslapers en niets aan de dagelijkse onveiligheid waarin de penitentiaire beambten hun taken moeten uitvoeren. Bovendien geef ik er de voorkeur aan om maximaal de door de rechters uitgesproken straffen te respecteren en te werken binnen de context van de strafuitvoeringsmodaliteiten en organisatorische maatregelen om de overbevolking aan te pakken.

Het gaat mij dus niet om het grote gelijk, beste collega’s. Het gaat mij wel om de aanpak van de straffeloosheid en om de veiligheid en de menswaardigheid in onze gevangenissen. Daarom blijven we aandringen op maatregelen die wel soelaas bieden. De directeurs, de penitentiaire beambten en alle partners van het gevangeniswezen rekenen op ons. Zij hebben terecht recht op perspectief op korte termijn. We mogen hen dus niet wegsturen met pseudo-oplossingen. Ik sta en blijf resoluut aan hun zijde staan en blijf werken aan een resultaat dat hen echt vooruit kan helpen.

Daarom roep ik vandaag opnieuw iedereen op om samen een impactvolle en daadkrachtige oplossing mogelijk te maken. Dat moeten we inderdaad samen doen. Ik kan daar trouwens heel helder over zijn: ik heb niemand verhinderd om aan de slag te gaan met zijn of haar bevoegdheden en op het terrein alle mogelijke maatregelen te nemen die een impact op de overbevolking kunnen hebben.

Je tiens dès lors à rappeler à chacun que le gouvernement a déjà approuvé, le 18 juillet dernier, un plan global visant à lutter contre la surpopulation. Ce plan prévoit une augmentation de la capacité carcérale, avec des infrastructures de soins supplémentaires pour les internés, ainsi qu’une approche plus efficace du retour des condamnés en séjour illégal et le renforcement des services chargés des transfèrements internationaux. Les grandes lignes sont tracées et je ne doute pas que mes collègues et moi-même resterons déterminés à les mettre en œuvre.

Nous ne pouvons pas nous contenter de mesures en deçà de cette ambition.

Collega’s, ik hoef er niemand van te overtuigen dat het probleem complex is. We lopen een marathon om op middellange en op lange termijn extra capaciteit te creëren om de overbevolking aan te pakken. We moeten vandaag echter ook een sprint trekken om de onveiligheid en de onmenselijkheid in de gevangenissen weg te werken, niet omdat het makkelijk is, niet omdat we meedingen naar een schoonheidsprijs, maar wel omdat het absoluut noodzakelijk is.

Het is om die reden dat ik in de voorbije maanden concrete en berekende voorstellen met impact heb voorgelegd. De gesprekken daarover zijn lopende in de regering. Daarbij zijn twee principes belangrijk: ten eerste, de oplossingen moeten structureel en doortastend zijn en, ten tweede, de door rechters uitgesproken straffen moeten maximaal gerespecteerd worden.

Met dat doel voor ogen ben ik ervan overtuigd dat niets ons in de arizonaregering in de weg staat tot een akkoord te komen. De veiligheid van onze samenleving, de rechtszekerheid, de strijd tegen straffeloosheid en het streven naar menswaardige detentieomstandigheden, die onze rechtstaat van ons vraagt, zijn me uitermate dierbaar.

Khalil Aouasti:

Madame la ministre, je vous ai entendue, je vous ai écoutée, mais je n’ai reçu aucune réponse. Votre réponse consiste à dire que, le 18 juillet, vous avez fait voter des textes. Le 18 juillet, nous comptions 12 900 détenus dans nos prisons. Aujourd’hui, 29 janvier 2026, nous en comptons 13 626. Autrement dit, entre le 18 juillet et aujourd’hui, votre plan de lutte contre la surpopulation carcérale a lamentablement échoué. Alors, madame la ministre, j’entends des appels à tout le monde – voilà donc ce qu'on peut appeler une majorité de cohésion – à vous soutenir, après sept kern, avec 13 600 détenus, avec de l'indignité, avec la reconnaissance, de votre propre aveu, de la présence de personnes avec des troubles mentaux ou de grande précarité. Madame la ministre, je vais vous dire une seule chose: il n’y a pas un problème que l’inaction finisse par résoudre. Et j’ai bien peur, en réalité, que cet adage s’applique à votre gouvernement.

Barbara Pas:

Deze regering heeft duidelijk geen plan. Ze focust graag op het buitenland, maar de eerste prioriteit zou de veiligheid van de burgers in België zelf moeten zijn. Veroordeelde criminelen vrij laten rondlopen ondergraaft de veiligheid van burgers. Daarmee lacht men de slachtoffers vierkant uit. Zo'n 70 % van de gedetineerden recidiveert. U bent de mening toegedaan dat de straffen van de rechters gerespecteerd moeten worden, maar u wilt zelf wel strafkorting geven. De Wever wil zelfs dat 1.300 veroordeelde criminelen hun gevangenisstraf niet eens moeten uitzitten. Dat valt niet uit te leggen. Weet u wat u moet doen? U moet 5.500 niet-Belgische gedetineerden terugsturen en het genaderecht afschaffen. Dat is een praktijk die volledig achterhaald is en alleen nog thuishoort bij middeleeuwse koningen en Romeinse keizers.

Sandro Di Nunzio:

Mevrouw de minister, ik denk dat de Anders.-fractie de eerste is om te erkennen dat dit een complex probleem is dat niet eenvoudig op te lossen valt. Uw antwoorden stellen ons echter niet gerust. Zoals altijd brengt u in uw gekende stijl zeer verbindende, warme boodschappen en legt u allerlei plannen op tafel. De realiteit is echter dat u het afgelopen jaar niets hebt gerealiseerd, u hebt niets gedaan en dat typeert u. Ik vraag me oprecht af wat u als minister klaarkrijgt, want er beweegt niets. Wanneer u zegt een dossier in handen te nemen, blijft het liggen en gebeurt er absoluut niets mee. U hebt nog enkele jaren om te tonen dat het anders kan. Ik geloof er niet meer in, maar u hebt nog een aantal jaren om te tonen dat dit geen verloren legislatuur voor Justitie hoeft te zijn. Communiceer dus geen plannen in de media, maar ga samenzitten met uw collega-ministers en zorg ervoor dat er actie wordt ondernomen op het terrein.

Stefaan Van Hecke:

Mevrouw de minister, ik heb goed geluisterd naar uw antwoord. Ik vraag mij af of dat antwoord namens de regering was of namens uzelf. Ik twijfel. U verwijst naar collega’s in de regering als oorzaak van de blokkering maar dat is al te gemakkelijk. U draagt als minister van Justitie immers in de eerste plaats een verpletterende verantwoordelijkheid. Het is echter ook een collectieve verantwoordelijkheid van de hele regering.

Ik stel alleen vast dat er vandaag geen oplossingen zijn. Is dat onmacht, onkunde of onwil? Ik vrees dat het een mix van de drie is. De toestand is echter vooral schandalig. Collega’s, wij hebben eerder al voorgesteld om een koninklijk commissaris tegen de overbevolking aan te stellen. De regering kan het niet oplossen. De minister kan het niet oplossen. Geef het dan uit handen. Dat is nog het enige wat rest. Doe echter vooral iets.

Steven Matheï:

Mevrouw de minister, ik dank u voor de antwoorden. Het is inderdaad een heel complexe situatie. Ik ben blij dat de heer Di Nunzio dat ook erkent. Mijnheer Di Nunzio, het zou u echter sieren, mocht u erkennen dat de situatie mede is gecreëerd door de twee vorige ministers van Justitie. Wat de oplossingen betreft, wij moeten inderdaad een duurzame oplossing vinden om het aantal grondslapers naar beneden te halen en vooral om de toestand in de gevangenissen te verbeteren. Mevrouw de minister, er zijn heel wat mogelijkheden, zoals u hebt aangehaald, onder andere bijkomende capaciteit, waaraan u dag in dag uit werkt. Daarvoor hebt u ook de steun nodig van de andere regeringsleden. Wij hopen dat u die steun vindt en dat wij op die manier vooruitgang kunnen boeken in het dossier.

klimaat, energie en landbouw

De betrekkingen met de VS, het standpunt van de premier en de bijeenkomst van de Europese Raad
De trans-Atlantische relaties en het Mercosur-handelsakkoord
Het Forum in Davos en het rapport van Oxfam over de concentratie van rijkdom in de wereld
Het Forum in Davos en de Groenlandkwestie
De industriecrisis en de Antwerpse haven
De trans-Atlantische relaties
Het Forum in Davos en de Groenlandkwestie
De trans-Atlantische relaties
De stand van zaken met betrekking tot de trans-Atlantische relaties
Groenland en de trans-Atlantische relaties
Het Forum in Davos en het standpunt van Trump over Groenland
De geopolitieke situatie rond Groenland
Internationale betrekkingen, handel en geopolitieke ontwikkelingen

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister), Maxime Prévot (Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking)

op 22 januari 2026

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om Europa’s reactie op de agressieve Amerikaanse houding onder Trump, met name de dreiging rond Groenland, handelsoorlogen en de ondermijning van Europese soevereiniteit. Kritiek komt van links (PTB, Ecolo-Groen) en rechts (N-VA, MR): Dermagne (PS) noemt de regering hypocriet door harde woorden in Davos niet om te zetten in daden (bv. annuleren F-35-aankoop), Hedebouw (PTB) bekritiseert het "twee maten, twee gewichten"-beleid (Groenland vs. Congo/Palestina), terwijl De Smet (Les Engagés) en Bouchez (MR) juist strategische Europese autonomie eisen via defensie-investeringen en handelsakkoorden (bv. Mercosur). De premier (Bart De Wever) benadrukt dat Europa’s waardigheid "niet te koop" is, maar stelt concrete stappen (bv. Europese kapitaalmarkt, defensie-samenwerking) voorop, zonder de F-35-deal of NAVO-band te breken. Sceptici (bv. Mertens, Almaci) wijzen op gebrek aan mandaat voor deals zoals die met Rutte-Trump en eisen onmiddellijke symbolische actie (F-35-schrapping).

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le premier ministre, monsieur le vice-premier ministre: "Reculez, nous irons jusqu'au bout!", "Nous frôlons le point de rupture!", "Un contre tous, tous contre un!". Monsieur le premier ministre, ces mots ne sont pas les miens, de même qu'ils n'ont pas été générés par l'intelligence artificielle. Ces mots, ce sont les vôtres. Ces dernières heures, ils témoignent d'un changement de ton manifeste à l'égard du président américain Donald Trump et de son administration. Vous semblez, monsieur le premier ministre, avoir soudainement trouvé les mots que nous attendions ici depuis des semaines. En tout cas, nous étions nombreux à attendre une expression telle que celle-là. Ce sont des mots forts, presque courageux s'ils avaient été prononcés plus tôt, comme si, enfin, la menace de Trump et de son administration vous sautaient aux yeux après des décennies d'atlantisme béat. Ces mots, nous ne les avions jamais entendus de la part de votre gouvernement au sein de ce Parlement. Pourtant, cela fait longtemps que les lignes rouges ont été franchies par Trump et son administration: Venezuela, Ukraine, Groenland, et j'en passe.

Cependant, monsieur le premier ministre, ces mots vont-ils résonner jusque dans ces murs ou bien vous êtes-vous laissé griser par l'air des Alpes suisses? Surtout, monsieur le premier ministre, vont-ils enfin se traduire en actes gouvernementaux? Vont-ils être partagés par l'ensemble de l'Arizona? Prenons votre parti: le ministre de la Défense, atlantiste béat et meilleur ambassadeur de l'industrie de la défense américaine, va-t-il enfin accepter de remettre en cause l'achat de nouveaux F-35? Quid de votre groupe au Parlement européen, qui a voté contre la suspension de l'accord commercial extorqué par les É tats-Unis à la faiblesse des dirigeants européens? En quelques mots, allez-vous passer de la parole aux actes? Quelle sera la position de votre gouvernement?

Alexia Bertrand:

Mijnheer de eerste minister, in Davos was er deze week veel volk, veel contacten, veel speeches, goede, minder goede en slechte. Denk aan die spreker die met drie uur vertraging is aangekomen, maar nog net op tijd om 72 minuten over zichzelf te spreken en Groenland met IJsland te verwarren. Er was ook een spreker die zeer sterk sprak over de nieuwe internationale orde en over interne hervormingen. Het had u kunnen zijn, mijnheer de premier, maar ik heb het nu over Mark Carney, de Canadese premier, die intussen thuis de meerwaardebelasting heeft afgeschaft en de taksen heeft verlaagd om investeringen aan te trekken.

Dan was er uw speech. Sterk, ik meen het. " We have to wake up ,” zei u terecht. " If you back down now, you lose your dignity ." Wie zich als een vod laat behandelen, zal ook als een vod behandeld worden. U hebt gelijk. “ We need new alliances ." Net daarom, mijnheer de premier, is Mercosur zo belangrijk. En ja, " maybe Europe at different speeds ". Ik wil er één zin aan toevoegen: " The proof of the pudding is in the eating ."

Mijnheer de premier, internationaal klinkt u sterk en duidelijk, maar thuis lijkt het soms moeilijker om iedereen mee te krijgen. Dat hebben we gisteren nog gezien. Drie van uw coalitiepartners hebben in het Europees Parlement Mercosur doorgestuurd naar het Europees Hof. Het resultaat is twee jaar vertraging. Ze hebben export, jobs en nieuwe partners geblokkeerd. Uw Duitse collega, bondskanselier Merz, heeft deze ochtend zeer klare taal gesproken. Het is genoeg geweest. Duitsland past Mercosur voorlopig toe.

Mijn vraag is heel eenvoudig, mijnheer de premier. Zal België doen zoals Duitsland? Zult u Mercosur voorlopig toepassen, ja of nee?

Sarah Schlitz:

Monsieur le premier ministre, j’espère que votre déplacement à Davos s’est bien passé et que vous avez pu profiter du voyage en avion pour examiner en profondeur le rapport d’Oxfam sur les inégalités. Les conclusions sont vertigineuses et, chaque année, elles dépassent l’entendement. Que découvre-t-on cette année? Une accumulation de richesses jamais vue auparavant. Entre 2020 et 2025, la richesse des milliardaires a doublé alors que la moitié de l’humanité vit aujourd’hui dans la pauvreté.

Le rapport contient également des éléments concernant la Belgique, qui devraient vous intéresser. On y découvre notamment l’apparition de six nouveaux milliardaires dans notre pays. Nous comptons aujourd’hui dix-sept milliardaires qui possèdent à eux seuls une richesse équivalente à celle de l’ensemble des Wallons réunis.

Ces grandes fortunes ne se contentent pas d’accumuler des produits de luxe ou de s’adonner à des loisirs dispendieux qui détruisent la planète. Aujourd’hui, elles ne se cachent même plus d’essayer de déstabiliser des régimes et des États qui ne les intéressent pas ou qui les dérangent.

S’agit-il de tous les milliardaires? Non, "not all milliardaires", il est vrai. Cette année, une surprise est venue de Davos. Je ne parle pas des lunettes du président Macron, mais bien de la tribune de 400 milliardaires et millionnaires qui appellent les chefs d’État réunis à Davos à faire davantage contribuer leurs semblables et à instaurer un système de taxation plus juste.

Monsieur le premier ministre, allez-vous, comme vous l’avez fait dans d’autres dossiers, tenir tête à ces milliardaires, prendre la tête d’un front pour aller jusqu’au bout, comme vous l’avez déclaré, afin que chacun contribue à l’effort que vous demandez à l’ensemble des Belges, ou allez-vous céder au lobby des multinationales américaines et les exonérer de l’impôt minimum?

Raoul Hedebouw:

Monsieur le premier ministre de Belgique, enfin, l'élite européenne, les partis traditionnels belges sont en train de lever le voile de naïveté profonde qu'il y avait par rapport à l'impérialisme américain depuis des années.

Depuis des années, le PTB dit que l'impérialisme américain est le principal danger au niveau de la planète sur le plan des guerres et de l’économie. De nombreuses polémiques sont intervenues: "Non, au PTB, vous êtes naïfs, vous êtes campés, etc." Regardez ce qui se passe! Regardez ce qui se passe devant nos yeux! L'impérialisme américain est effectivement un danger.

Et je vais vous dire pourquoi nous avons une bonne boussole pour analyser la géopolitique? Pour deux raisons.

D'une part, en tant que parti marxiste, nous analysons clairement les contradictions économiques. D'ailleurs, hier, vous avez cité Gramsci; vous avez même cité Lénine. C'est la bonne direction, monsieur le premier ministre! Ce sont les bonnes clés d'analyse. Nous analysons qu'aujourd'hui, une puissance impérialiste, menacée dans son déclin économique, va essayer de compenser son retard économique sur la Chine et d'autres pays par la puissance militaire. Voilà le danger de l'impérialisme américain aujourd'hui.

D'autre part, le PTB a raison parce qu'il met les lunettes des pays du Sud. Vous avez raison d'appeler aujourd'hui à la défense de la souveraineté nationale du Groenland. Vous avez raison! Mais, si nous appelons l'Europe à défendre la souveraineté nationale du Groenland, pourquoi ne le faisons-nous pas pour le peuple congolais? Pourquoi ne le faisons-nous pas pour le peuple cubain? Pourquoi ne le faisons-nous pas pour le peuple vénézuélien? Pourquoi ne le faisons-nous pas pour les peuples africains, d'Amérique latine et d'Asie? Pourquoi ne le faisons-nous pas pour le peuple iranien? Pourquoi, collègues, ne le faisons-nous pas pour le peuple palestinien? Pourquoi ce deux poids deux mesures? Telle est la question qui nous est posée!

Au PTB, nous écoutons évidemment tous ces pays du Sud qui vivent déjà sous la dictature et le joug de l'impérialisme américain depuis des dizaines d'années et qui en ont marre de cet ordre mondial. J'espère, collègues, que l'Europe va se réveiller! (…)

Voorzitter:

Dat brengt ons naadloos bij collega Mertens.

Peter Mertens:

Mijnheer de premier, ik heb maar één vraag: met welk mandaat heeft Mark Rutte onderhandeld over Groenland?

De NAVO is uiteraard geen vastgoedbedrijf dat hier en daar stukken land kan verkopen. Het komt uiteindelijk de mensen in Groenland zelf toe om te beslissen over de toekomst van Groenland. De NAVO heeft geen enkele bevoegdheid, hoe dan ook, om maar iets te onderhandelen over Groenland.

Ik lees dat er gezegd wordt dat Rutte en Trump niet hebben gesproken over kwesties inzake soevereiniteit. Nochtans, alles wat naar buiten komt, zegt het tegendeel.

Ten eerste, de VS zouden militaire basissen krijgen als autonoom grondgebied van de Verenigde Staten, naar het model van de Britse basissen op Cyprus. Vanaf die basissen vertrekken trouwens dagelijks vliegtuigen naar Gaza. Amerikaans grondgebied!

Ten tweede, de VS zouden ook inspraakrecht krijgen bij alle investeringen in Groenland, en zelfs een vetorecht om bepaalde investeringen tegen te gaan.

Ten derde, het zou ook om mineralen gaan. Trump zei zelf na de deal dat hij er niet veel over wilde zeggen, maar het ging in ieder geval over veiligheid en over mineralen, en hij noemde het "een fantastische deal voor ons". Trump geeft dus zelf toe dat het ook over de toegang tot mineralen gaat.

Kortom, militaire basissen, investeringsveto’s en toegang tot mineralen. Trump hoeft maar een klein beetje te blaffen, een beetje te dreigen met economische tarieven en sancties tegen de Europese Unie, en de Europese Unie gaat plat op de buik.

U hebt gisteren terecht gesproken over de waardigheid van de Europese Unie, maar waar in die deal, waarover Mark Rutte onderhandelde met Donald Trump, zit de waardigheid van de Europese Unie?

Daarom heb ik maar één vraag: met welk mandaat is Mark Rutte daar eigenlijk gaan onderhandelen met Trump? Was dat een mandaat van de Europese Unie? Zo ja, waar staat dat mandaat op papier? Waar zijn de grenzen van dat mandaat? (…)

Oskar Seuntjens:

Mijnheer de voorzitter, collega’s, moeten wij nu opgelucht zijn? Moeten wij opgelucht zijn, nu Trump verklaart dat hij geen geweld wil gebruiken tegen Groenland? Moeten wij opgelucht zijn, nu Trump verklaart dat hij geen extra tarieven meer wil toepassen? Moeten wij opgelucht zijn, nu Trump verklaart dat België geen doelwit is? Het antwoord is natuurlijk neen.

Er was ooit een minister van Buitenlandse Zaken die opmerkte dat diplomatie met Trump hetzelfde is als de film 50 First Dates . Dat is het verhaal van een man die verliefd wordt op een vrouw met kortetermijngeheugenverlies. Elke dag opnieuw moet hij zijn best doen om haar te overtuigen dat hij de juiste is. Met Trump is dat net hetzelfde. Wij weten nooit waar wij de volgende dag staan.

Dat zorgt ervoor dat de Verenigde Staten geen betrouwbare bondgenoot zijn en dat Trump een gevaar is voor onze economie en voor onze koopkracht. Dat gevaar is na gisteren niet verdwenen. De onzekerheid waarin hij ons meesleept, heeft immers gevolgen voor onze economie door minder investeringen, minder consumptie en hogere tarieven. Dat mogen en kunnen Europa en België niet aanvaarden. Onze welvaart mag niet afhangen van het humeur van Donald Trump.

Net daarom is het heel belangrijk dat Europa met één stem spreekt, dat wij samenwerken en dat wij werken aan onze veiligheid, onze economie en onze democratie. Daarom is die top vanavond zo belangrijk.

Mijnheer de premier, mijnheer de minister, er werd gisteren gesproken met Trump. Wat nog belangrijker is, is de hiernavolgende vraag. Wat zal er vanavond worden aangegeven op de Europese top?

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, je vous dis très sincèrement bravo. Enfin, une prise de parole claire et forte de rupture avec Donald Trump et l’intimidation insupportable qu’il impose aux Européens! Franchement, il était temps. Entre votre ministre des Affaires étrangères et son chèvrechoutisme plus ou moins engagé, entre votre ministre de la Défense qui fait le groupie sur les réseaux sociaux avec des drapeaux américains, et votre président du MR, qui a des étoiles dans les yeux lorsqu’il lit le plan de sécurité nationale de M. Trump, qu’il aurait pu écrire lui-même, je vous le rappelle, il était grand temps que l’Arizona se dote d’un cap clair. Ce cap clair, c’est qu’en 1949, nous avons décidé de rejoindre une alliance de pays libres et non un pacte de Varsovie dominé par une superpuissance. Ce cap, je vous invite vraiment à le tenir.

Il ne faut pas être naïf une minute sur la soi-disant volte-face de M. Trump sur le Groenland, hier. C’est le problème quand on est dans une relation toxique avec un pervers narcissique: dès qu’il arrête de frapper, dès qu’il arrête de menacer, on croit qu’il faut être soulagé. Non, pas du tout. Le rapport de force ne fait que commencer. J’ai une question importante à ce sujet.

Vous êtes le chef d’un gouvernement, vous êtes le chef de la diplomatie d’un État membre de l’OTAN. Le secrétaire général de l’OTAN nous annonce un accord-cadre. Avez-vous été consulté? Avez-vous donné un mandat? Par hasard, savez-vous ce qu’il y a dans cet accord-cadre? Sinon, cela pose problème.

J’ai également une demande. Je crois que nous serons tous d’accord sur ce point. Le fond du problème est l’indépendance de l’Europe, son indépendance en matière de défense, d’industrie et d’énergie. Ma demande est toujours la même depuis un an, depuis l’arrivée de votre gouvernement. Renoncez au contrat visant à acheter 11 F-35 supplémentaires. Vous devez le faire, il n’y a pas d’autre solution. Même un vassal heureux ne peut pas payer un milliard d’euros pour entretenir sa cage. Vous devez renoncer à cette commande.

Els Van Hoof:

Mijnheer de premier, velen van ons hebben gisteren naar de toespraak van president Trump in Davos geluisterd. Wij hebben allen gevoeld hoe de vrieskou in Groenland of Davos in het niets verdwijnt bij Trumps kille dreigementen. De oude wereldorde is dood en begraven. Nostalgie is geen strategie meer, of we dat nu willen of niet. De Canadese premier verwoordde dat ook zeer duidelijk in zijn schitterende toespraak. Voor cd&v zijn er drie lessen te trekken.

Ten eerste zijn de VS geen betrouwbare bondgenoot meer. Europa mag zich niet langer overleveren aan de grillen van een pestkop of monster. Internationaal recht en soevereiniteit moeten primeren op het recht van de sterkste.

Ten tweede moet Europa zijn tanden laten zien. Door de Europese eensgezindheid van de lidstaten, maar ook door het feit dat heel wat tegenmaatregelen werden geopperd, hebben de VS eindelijk begrepen dat Europa belangrijk is voor hun economie.

Ten derde staat Europa misschien alleen, maar totaal niet geïsoleerd. We moeten werken aan onze Europese defensiesamenwerking. We moeten minder afhankelijk worden van onbetrouwbare partners. Tegelijkertijd moeten we ook allianties uitbouwen met andere democratieën, zoals Canada, Australië en Japan. Er zijn veel mogelijkheden en daar moeten we gebruik van maken om te evolueren naar een nieuwe wereldorde.

Ik heb vandaag nog een belangrijke vraag over de Europese top. Het blijft belangrijk dat we Europese tegenmaatregelen voorbereiden, want een voorbereide Europese Unie is er twee waard. Die maatregelen kunnen dan worden ingezet wanneer dat noodzakelijk is.

Georges-Louis Bouchez:

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre des Affaires étrangères, nous pouvons réellement constater que lorsque l’émotion gouverne, c’est la bêtise qui règne. Nous avons vu le débat public passer d’une naïveté en puissance à une agressivité sans puissance.

Aujourd’hui, l’heure n’est certainement pas à la lâcheté, mais elle n’est pas davantage à la bravade. Nous devons apporter une réponse intelligente face à la situation mondiale. Cette réponse intelligente passe uniquement par la souveraineté européenne.

Certains vous ont parlé de mettre les lunettes du Sud. Pour ma part, je vais simplement mettre les lunettes de l’Europe, de l’Occident, des démocraties libérales. Si aujourd’hui nous achetons des F ‑ 35, c ’ est parce qu ’ il n ’ existe aucun avion europ é en aussi performant. Nous devons le construire.

Si aujourd’hui nous achetons autant à la Chine, c’est parce que des logiques "bobo" nous ont conduits à détruire notre industrie. Si aujourd’hui nous devons commercer avec des pays arabes ou avec la Russie, c’est parce que nous avons fait croire aux gens que des moulins à vent allaient nous garantir notre sécurité énergétique.

Aujourd’hui, il ne sert à rien de parler de Trump car ce n’est pas lui qui a porté atteinte à la souveraineté européenne. Ce sont les choix d’une série de partis politiques de cette Assemblée, au cours des 30 dernières années, qui nous ont affaiblis.

Nous devons retrouver de la force. Nous devons retrouver de la puissance. Pour cela, nous devons également savoir où se situent nos intérêts. Et oui, monsieur Hedebouw, nos intérêts sont au sein de l’OTAN. En 2029, M. Trump ne sera plus là mais vos amis chinois et russes continueront à constituer des menaces durables pour l’Union européenne, pour les démocraties libérales et pour l’Occident. Nous devons donc nous mettre clairement en marche!

Benoît Lutgen:

Monsieur le premier ministre, j'entends que vous dites "Résiste et mords!" C'est ce que vous avez fait, et je vous en félicite, avec le ministre des Affaires étrangères à vos côtés.

Cela ne date pas d'hier, puisque depuis plusieurs mois, vous avez fait preuve de fermeté et vous avez mis en avant la puissance du droit international. La crédibilité, la force internationale de notre pays s'est renforcée, que ce soit lorsqu'il a fallu résister dans le dossier des avoirs russes gelés ou lors des prises de position concernant Gaza.

Cette fermeté, vous l'avez à nouveau exprimée dès l'annonce des premières menaces douanières et du chantage de Donald Trump concernant sa volonté d'annexer le Groenland.

Nous ne pouvons, mesdames, messieurs, accepter que la loi du plus fort l'emporte sur le droit des plus faibles. Les alliances ne peuvent se limiter à un tas de transactions. Nos libérateurs d'hier, alliés de l'Europe depuis des décennies, seraient-ils devenus nos adversaires? Pire, en voulant annexer un territoire européen – eh oui, on touche à la souveraineté européenne, monsieur Bouchez – veulent-ils devenir nos ennemis? Voilà la question que nous devons nous poser.

Le recul de Donald Trump face à la riposte de l'Europe ne peut que nous réjouir. Croire qu'il en restera là serait faire preuve de grande naïveté. Résister et mordre, comme vous l'avez dit, nous pouvons le faire, mais de façon structurée. Nous devons préparer, au travers d'actions fortes, comme cela a été dit par ma collègue, dans le cadre de transactions structurées entre les États-Unis et l'Europe, toute une série d'éléments pour pouvoir riposter le cas échéant.

Monsieur le premier ministre, est-il vrai que le Danemark a accepté de céder quelques petites parties du territoire de l'Alaska aux USA, comme l'a rapporté le New York Times ? Quel était le mandat donné à M. Rutte?

La Maison-Blanche, par ailleurs, annonçait que la Belgique avait rejoint le Conseil de la paix. Pouvez-vous nous confirmer que c'est simplement une fake news de plus? Je vous remercie.

Meyrem Almaci:

Mijnheer de eerste minister, de oude wereldorde is dood. Zelfs na de bocht van Trump gisteren in Davos is die oude wereldorde dood. Het is lelijk zaken doen met hem en zijn vazallen. Al lijkt de militaire dreiging voor Groenland vandaag verdwenen, wie weet wat zijn driftbui van morgen zal brengen.

De naïviteit van veel westerse leiders, inclusief in deze regering, is nu hopelijk echt weg. Hopelijk heeft Theo begrepen dat hij niet zo aan het handje van daddy moet lopen en hebben sommige regeringsleiders begrepen dat plezierreisjes naar Qatar misschien toch niet het beste idee zijn.

Onze bondgenoten bevinden zich elders. In Canada, dat een heldere tussenweg heeft getoond, en bij de Amerikaanse burgers die zich vandaag verzetten tegen ICE, tegen de dreigementen, tegen Powell en tegen de kortzichtige economische en buitenlandse politiek van Trump. Nog nooit vond een president in de VS zo weinig steun bij de eigen bevolking. De Californische gouverneur heeft nagels met koppen geslagen toen hij de westerse leiders pathetisch noemde.

Naar aanleiding van de handelsheffingen vroeg ik u op 3 april 2025 in het halfrond om de antidwangmaatregelen op de Europese tafel te leggen. U hebt dat weggewuifd.

De vraag is nu hoe ons land en hoe u zich vanavond zult opstellen, verder in de feiten. Zult u maximaal tegengewicht bieden, met zo weinig mogelijk nadelen voor onze bevolking en onze bedrijven?. Wanneer zult u de internationale orde ondubbelzinnig verdedigen, of het nu gaat om Netanyahu die in ons land landt, om het veroordelen van de inval in Venezuela of om de Vredesraad?

We hebben meer hefbomen dan we denken en er is er een die we op korte termijn kunnen inzetten, met name die extra F-35's. Annuleer die aankoop. Die aankoop is waanzin. De annulering daarvan is een quick win die Trump en de zijnen raakt waar het pijn doet. Dat is een taal die hij begrijpt. Na een jaar van vergoelijken en sussen (…)

Kathleen Depoorter:

Mijnheer de premier, mijnheer de minister, deze week bracht een geopolitieke rollercoaster. Op maandag wilde hij een land binnenvallen. Op dinsdag wilde hij het kopen. Op woensdag wilde hij het terugpakken, omdat het ooit van hen was. Woensdagavond sprak u met de Amerikaanse president en hopla er is hoop, er is een oplossing in de maak. Chapeau, niemand doet het u na.

Alle gekheid op een stokje. De bezorgdheid van de Groenlanders en de Denen moet bijzonder groot geweest zijn. De bezorgdheid van ons allen was ook zeer groot. U hebt terecht een rode lijn getrokken, want een volk is niet te koop. De Denen zijn niet te koop, de Groenlanders niet en Europa al zeker niet.

Europa mag op het internationale toneel absoluut meer smoel krijgen. Daarover zijn we het helemaal eens. We moeten het internationale recht en de internationale verdragen respecteren en er vooral voor pleiten dat die gerespecteerd worden en blijven.

Maar, even belangrijk is de NAVO-alliantie, die ons al decennialang stabiliteit in de regio biedt. Ook daar moeten we een loyale partner zijn. Ook daar moeten we samen opkomen voor de rechten, de soevereiniteit en de territorialiteit van de volkeren en van onze Europese regio. Dat moeten we overal doen en met alle middelen die we hebben.

Mijnheer de premier, mijnheer de vicepremier, wat is onze rol? Hoe ziet u de optimale rol voor ons land in die allianties, binnen Europa en binnen de NAVO, om nu samen met de Denen en de Amerikanen het traject naar nieuwe stabiliteit uit te stippelen?

Bart De Wever:

Même en quinze minutes, on peut dire beaucoup, monsieur le président! Je dispose de la moitié du temps que Trump m'a accordé, chers collègues. Je pense que cela sera suffisant pour vous.

Merci pour vos questions. Je vais y répondre conjointement avec le ministre des Affaires étrangères, car certaines d'entre elles relèvent spécifiquement de ses compétences.

Ces derniers jours en Suisse, j'ai eu de nombreux contacts avec plusieurs dirigeants d'entreprise de premier plan, issus de grandes sociétés internationales, ainsi qu'avec des responsables politiques du monde entier. Cela ne vous surprendra pas: une certaine tension flottait dans l'air en Suisse. La menace renouvelée d'une guerre commerciale et la crainte d'une rupture au sein de l'Alliance atlantique suscitaient une grande inquiétude.

Het is volstrekt onaanvaardbaar dat het staatshoofd van een bondgenoot de soevereiniteit van een andere bondgenoot bedreigt. Denemarken en het Groenlandse volk hebben het onvervreemdbare recht op hun territoriale soevereiniteit. Zij en alleen zij hebben daarover finaal een mandaat te geven.

De boodschap die ik in Davos heb gegeven, was dan ook duidelijk. De Verenigde Staten zijn veruit de allersterksten in de NAVO, maar onze waardigheid is niet te koop. Wij zijn geen slaven.

De Arctische veiligheid belangt ons allemaal aan, maar de voorgestelde oplossing zal binnen de NAVO worden beoordeeld en binnen de NAVO worden uitgevoerd.

Heureusement, hier et aujourd'hui, il est apparu clairement que, pour l’instant, tant la menace militaire que les restrictions commerciales envisagées ont finalement été écartées. Cela constitue un point positif. Personne n’a à gagner d’une nouvelle guerre commerciale, ni l’Europe, ni les États-Unis. Les droits de douane conduisent toujours au même résultat: la destruction de la prospérité pour toutes les parties concernées. Nous avons donc pour l’instant échappé à une véritable catastrophe. Il est impératif de tirer des leçons de ce qu’il s’est produit.

Dans un monde idéal, les liens entre l’Europe et les États-Unis resteront étroits à l’avenir et nous continuerons, ensemble, dans un esprit de bonne entente, à bâtir la prospérité et la paix pour nos peuples liés par l’histoire. C’est en tout cas ce que je veux. Mais nous ne vivons pas dans le monde tel que nous le souhaitons, nous vivons dans le monde tel qu’il est réellement. La leçon est que nous, les Européens, devons être prêts à affronter des épisodes de tempête. Nous devons réapprendre à nous débrouiller seuls. Redresser la tête. Nous devons avoir une réponse prête lorsque nous sommes soumis à des pressions de la part de grandes puissances, d’où qu’elles viennent.

Canada’s eerste minister en intussen goede vriend Mark Carney gaf daarover inderdaad een zeer treffende toespraak. Het viel mij op dat hij daarin verwees naar de Melische dialoog van Thucydides, net zoals ik dat in New York deed: de sterken doen wat ze kunnen, de zwakken ondergaan wat ze moeten. Dat is niet de wereld die wij willen. De lidstaten van Europa zijn vandaag op zichzelf echter niet opgewassen tegen de druk van grootmachten die wel in die richting willen gaan. We staan echter niet alleen. Daarover wil ik het vanavond in de Europese Raad hebben. Niet over Trump, maar daarover. Over het feit dat we samen een te duchten handelsblok zijn en dat we die troef moeten durven uitspelen.

We hebben een eengemaakte markt, maar het is hoog tijd om die eengemaakte markt nu eindelijk af te werken. Het is tijd voor een eengemaakte kapitaalmarkt, zodat grotere volumes aan investeringen kunnen worden gegenereerd en bedrijven op ons continent kunnen blijven groeien, in plaats van noodgedwongen te verhuizen naar de andere kant van de Atlantische Oceaan. We weten dat de Europese Unie op dat vlak traag en complex is. Daarom moet functionele integratie mogelijk zijn. Landen met dezelfde strategische economische belangen moeten sneller en dieper kunnen integreren.

Het is hoog tijd dat we militair opnieuw ferm op eigen benen gaan staan, leunend op een efficiënte en Europese defensie-industrie. Dat zal echter niet van vandaag op morgen gebeuren. Daar moeten we realistisch in zijn. We moeten er wel zo snel mogelijk naartoe evolueren.

Het is tijd om werk te maken van een gediversifieerde waaier aan strategische partnerschappen, gebaseerd op wederzijds respect en gestuurd op maximale vrijhandel. Dat kan inderdaad met middle powers zoals Canada, het Verenigd Koninkrijk en Australië. Wat mij betreft zeer graag ook met Zuid-Amerika en met India, zoals commissievoorzitter von der Leyen dat in Davos aankondigde. Europa heeft het potentieel om een baken van stabiliteit, respect en welvaart te zijn. Onze honorering van gemaakte afspraken en onze voorspelbaarheid zouden van ons de meest aantrekkelijke partner ter wereld moeten maken. Onze buren willen graag lid worden van de Europese Unie. Dan moeten we echter wel dringend ons huiswerk maken, niet louter voor acute problemen op korte termijn, crisis na crisis na crisis. We moeten structureel werken. Innovatie, productiviteit en competitiviteit moeten centraal staan in alles wat we doen. Daarom maken we met onze regering in ons land alvast werk van lagere brutoloonkosten, een verlaging van de energiekosten voor de industrie, een stevig pakket aan maatregelen voor administratieve vereenvoudiging en structureel overleg met bedrijven en stakeholders onder de vlag van MAKE 2030. We proberen ook Europa in diezelfde richting te duwen.

In die geest ben ik volgende week maandag in Hamburg voor de North Sea Summit. Op 11 februari vindt daarom ook voor de derde keer de European Industry Summit plaats in de Antwerpse handelsbeurs. Op 12 februari komt op mijn vraag een informele Europese Raad in Alden Biesen bij elkaar met slechts één agendapunt: de Europese competitiviteit. Wij moeten dit momentum grijpen om welvaartcreatie opnieuw centraal te stellen en om weerbaar te worden. Dat is de hoofdboodschap die ik heb meegenomen uit al mijn contacten in Davos en dat is ook de boodschap die ik straks zal meegeven aan mijn Europese collega's.

De nood aan Europese daadkracht was de voorbije decennia nooit zo groot als vandaag. Het is nu aan ons om op het appel te zijn. Ik dank u.

Maxime Prévot:

Beste Kamerleden, de top van Davos bleek niet zonder verrassingen. De premier heeft het al gezegd, terwijl we oorspronkelijk dachten dat de oorlog in Oekraïne de gesprekken zou domineren, waren het uiteindelijk de verbale escalatie en de dreigementen van president Trump over Groenland die de aandacht trokken.

We waren aangekomen met een gevoel van urgentie. We vertrekken met de indruk dat er mogelijk een akkoord in de maak is en dat de druk, althans tijdelijk, afneemt, zowel op militair als op handelsvlak. Het is nog te vroeg om in detail te reageren op een akkoord waarvan de contouren nog niet bekend zijn. De Denen en de Groenlanders zullen het als eersten moeten bestuderen, gevolgd door alle NAVO-bondgenoten en de lidstaten van de EU.

Mais une chose est déjà certaine, cette séquence nous enseigne beaucoup.

Première leçon face à la brutalité – parfois – et à l’imprévisibilité – souvent – du président américain, notre ligne doit être immuable: garder la tête froide et resserrer les rangs. Sur la forme de nos messages, contrairement à ce que certains ont envie de croire ou de fantasmer, répondre sur le même ton ne mène nulle part. Monter dans l’invective, frôler l’insulte, c’est alimenter l’escalade. Les Européens doivent rester unis, cohérents et fermes. Être ferme ne signifie pas devoir crier fort. Nous devons opposer l’ordre au chaos de manière inlassable.

Deuxième leçon: garder son sang-froid ne signifie ni faiblesse ni concession. Sur le fond, les messages doivent être très clairs. Ils le sont, et ils ont été répétés à Davos et bien avant, y compris dans cette enceinte et dans la presse internationale, par mes soins. Le Groenland n’est ni à prendre, ni à vendre. C’est une ligne rouge et cela a été répété. Notre solidarité est totale à l’égard du Danemark, comme le sera aussi notre prise de responsabilité en matière d’accroissement de la sécurité de la région arctique. Le ministre de la défense s’y emploie.

De boodschap inzake Groenland moeten de Europeanen met één stem uitdragen: als u volhardt, zullen wij reageren; als u een handelsoorlog wilt, zullen wij u op gelijke voet behandelen.

Het bijeenroepen van een vergadering van de Europese Raad vanavond heeft reeds een duidelijk signaal gegeven van onze gedeelde bezorgdheden en van het urgentiegevoel dat ons drijft.

Die boodschap lijkt president Trump te hebben begrepen, aangezien hij gisteren aankondigde af te zien van zijn dreiging met tariefverhogingen voor bepaalde bondgenoten.

Ik herhaal nogmaals dat wij eensgezindheid en vastberadenheid moeten tonen.

Troisième leçon: ne nous laissons pas bercer par l'apparente accalmie. La pression retombe aujourd'hui, sans qu'il soit exclu que ce soit pour mieux revenir demain sur le Groenland, sur l'Ukraine ou sur un autre sujet. L'imprévisibilité va demeurer. Les tensions et menaces entre alliés ont atteint un tel sommet qu'il en restera des traces durables dans notre façon de penser et d'agir.

Plus fondamentalement, cette parenthèse de calme ne résout en rien nos propres vulnérabilités. Dans le fond, l'enjeu n'est pas de réagir à chaque soubresaut en provenance de Washington, de Moscou ou d'ailleurs, même si nous y sommes bien contraints, mais de regarder en face nos propres responsabilités et, comme l'a souligné le premier ministre, de préparer davantage notre palette d'outils de réaction pour ne pas entreprendre, quelque peu groggys, un processus quand nous nous situons au pic des tensions.

Je vous le disais ici la semaine dernière, chers collègues: l'Union européenne est forte quand elle est unie, et seulement quand elle est unie. Sans cette unité, elle ne pourra pas être un acteur géopolitique majeur. C'est aussi l'un des principaux défis pour l'Union européenne, un défi qui risque de devenir existentiel si nous ne prenons pas davantage la mesure de la nécessité de notre cohésion et que nous succombions aux tentations de relations plus bilatérales et hors du droit. La superpuissance américaine ne peut pas avoir comme pendant la superdépendance européenne.

Onze absolute prioriteit moet het versterken van de Unie zijn, niet de vluchtige verontwaardiging.

De premier en ikzelf zijn ervan overtuigd dat we moeten investeren in onze strategische autonomie, in de sleutelsectoren die onze veiligheid en onze welvaart bepalen. We moeten investeren in onze afschrikkingscapaciteiten. We moeten investeren in onze veerkracht. Alleen zo zullen we ophouden kwetsbaar te zijn voor de onvoorspelbaarheid van de wereld en voor de chantage, die sommigen niet schuwen.

De schijnbare ontspanning van de voorbije uren mag onze vastberadenheid op dat vlak geenszins ondermijnen. We kunnen het ons niet langer permitteren om die boodschap te negeren.

Quant à votre question connexe, madame Schlitz, sans en diminuer l'importance, le rapport d'Oxfam, publié voici quelques jours, rappelle l'importance de rester attentif aux difficultés vécues par une partie de la population.

Qu'un fossé se creuse dans la plupart des pays du monde entre les plus riches et les moins riches, c'est une réalité. Que des disparités subsistent aussi en Belgique, c'est aussi une réalité. Nous devons y accorder une réelle attention et ce gouvernement continue à œuvrer pour que ces inégalités ne se creusent pas davantage.

Quant à la question de la participation prétendue de la Belgique au Board of Peace, monsieur Lutgen, tel qu'erronément annoncé par la Maison-Blanche, nous confondant peut-être avec le Belarus, je confirme officiellement que les modalités de gouvernance et de statut ainsi que la tentation de substitution à l'ordre international multilatéral régi par les Nations Unies s'éloignent effectivement de nos standards et ne nous permettraient pas de souscrire à l'initiative en l'état actuel des choses, encore moins en ayant convié à ce Board of Peace des personnalités comme M. Poutine.

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le premier ministre, ce que je craignais est malheureusement arrivé. Après vos propos virils, engagés, presque courageux, tenus il y a quelques heures à Davos, nous entendons ici les manifestations d’un double discours, d’une divergence de vues, de la part de ceux qui pensent que l’incident est clos et que, s’il ne l’est pas immédiatement après le départ de M. Trump de la présidence en 2029 – du moins s’il daigne quitter la Maison ‑ Blanche –, il y aura, selon eux, un retour au business as usual .

Je n’y crois pas. Nous sommes ici face à un changement majeur de doctrine internationale des États ‑ Unis, à un changement majeur dans la relation entre les É tats ‑ Unis et le reste du monde, et singuli è rement vis ‑ à ‑ vis des pays de l ’ Union europ é enne.

À ceux qui pensent que ce n’est qu’un mauvais moment à passer, à ceux qui pensent qu’il fera à nouveau beau demain, je dis que c’est de la candeur, une candeur qui confine à la connerie. Ce serait vraiment de la connerie de s’inscrire dans cette voie ‑ l à .

À ceux qui disent aussi que la faiblesse des Européens est due à la lubie de quelques "écolos bobos", à certains penseurs divers et variés, à des rêveurs, je rappelle qu'elle est avant due aux chantres de l'ultralibéralisme, à ceux qui affirmaient qu’il fallait aller produire à bas coût, dans des conditions inacceptables, pour vendre ici au même prix et engranger des marges importantes.

Il faut joindre les actes à la parole, et notamment soutenir l’industrie européenne, soutenir la réindustrialisation, et donc faire un (…)

Alexia Bertrand:

Mijnheer de premier, Davos is belangrijk en ik denk dat sommige partijen dat voor de eerste keer beseffen. Internationale woorden zijn ook belangrijk, maar wat uiteindelijk telt, is wat we híer doen. U hebt een unieke kans om uw woorden in daden om te zetten. U hebt gezegd: " We need new alliances. That is what Mercosur is all about ." Dat betekent nieuwe partnerschappen. Dat is heel belangrijk voor onze bedrijven. Dat is geen detail, het gaat over exports en jobs, maar uw coalitiepartners saboteren en blokkeren dat.

U hebt leiderschap nodig om hen te overtuigen en u krijgt daarvoor vanavond een unieke kans op de Europese Top. Volg Duitsland. Ik hoop dat u deze avond aan uw Europese partners zult aankondigen dat wij, net zoals Duitsland, Mercosur voorlopig zullen toepassen. Dat is de boodschap.

Inzake de eengemaakte kapitaalmarkt hebt u helemaal gelijk wanneer u zegt dat wij die echt nodig hebben, maar volg dan Mark Carney. Stop met de belastingen, stop met al die taksen. Mark Carney heeft de meerwaardebelasting net afgeschaft, maar wat doet deze regering? U verdubbelt de effectentaks voor de beleggers, u voert een bankentaks in, u verhoogt de roerende voorheffing met 20 % en u voert een meerwaardetaks in. Stop met al die taksen en stimuleer investeringen.

Sarah Schlitz:

Merci pour vos réponses.

Ce rapport n’est en effet pas anodin. Ce débat est tentaculaire, mais ce rapport, qui est publié chaque année à dessein juste avant le sommet de Davos, est essentiel en termes de lecture de l’état du monde et des rapports de force, mais également des dangers en termes de déstabilisation de nos démocraties et de l’État de droit. Aujourd'hui, on ne peut pas continuer à laisser ces grandes fortunes tenter de déstabiliser nos démocraties et ici en particulier les démocraties européennes. Ils ne se cachent même plus, ils le disent: ils vont continuer à essayer d’influencer les élections démocratiques en Europe, à travers le rachat de médias et de réseaux sociaux. Eh bien, oui, il est temps de les arrêter.

La semaine dernière, nous avons eu des auditions au sujet de votre taxation des plus-values. Les experts ont émis des critiques très fortes sur cette taxation, qui passerait à côté de ses objectifs. Prenez les choses en main, intégrez les recommandations des experts et faites en sorte que cette taxation touche réellement sa cible. Ne restons plus l’exception européenne qui refuse d’aller chercher cet argent là où il est. Faites en sorte de renforcer cette taxe en adoptant par exemple l’amendement que nous avons déposé, qui permettrait d’aller chercher 1,5 milliard chaque année pour le budget de l’État.

Raoul Hedebouw:

Messieurs les ministres, merci pour vos réponses.

Y a-t-il effectivement eu une étude approfondie de ce document de sécurité stratégique américain? Avez-vous lu ce document que M. Boucher aurait pu écrire lui-même?

Que dit-il? D’une part, il y est confirmé, noir sur blanc, le rétablissement de la doctrine Monroe, c’est-à-dire un projet néocolonial pour l’ensemble du continent latino-américain. D’autre part, il y est écrit, noir sur blanc, que l’objectif est la destruction de l’Union européenne.

Pourtant, ici, certains ministres continuent de dire que tout ira bien, que cela va passer, qu’il était simplement moins fâché aujourd’hui. Voyez-vous l’enjeu stratégique qui se joue actuellement? L’impérialisme américain l’affirme explicitement. Son objectif est la destruction de l’ordre existant, et nous continuons à regarder comme si de rien n’était.

Ce que Trump et l’impérialisme américain font aujourd’hui avec le Groenland, ils le font depuis des décennies avec les pays du Sud. Sept cents bases militaires à travers le monde, des interventions militaires répétées, le dollar comme monnaie dominante qui conditionne les économies mondiales, une banque centrale américaine dotée d’un pouvoir antidémocratique considérable. C’est cet ordre mondial qui est en train de s’effondrer sous nos yeux.

La question, monsieur le premier ministre, est donc de savoir quelle Union européenne nous voulons construire. Une autonomie européenne n’a de sens que si elle ne consiste pas à suivre aveuglément les États-Unis dans leurs interventions et dans cet ordre mondial néo-impérialiste. Cette voie n’est pas tenable.

Il faut au contraire tendre la main aux pays du Sud et construire une véritable Union européenne en symbiose avec les peuples du monde, mais pas (…).

Peter Mertens:

Oké, over Groenland zijn er twee lezingen. De ene lezing zegt dat we content zijn omdat de Verenigde Staten van geweld hebben afgezien. Dat zou komen omdat de Europese Unie wakker is geworden en heel sterk is. Dat is een lezing die ik absoluut niet begrijp en ook niet zie.

De andere lezing is dat het niet aan Ursula von der Leyen ligt dat er geen geweld is gebruikt. Het ligt ook niet aan koning Filip en dat gesprek van een kwartier dat er geen geweld zal worden gebruikt. Het ligt zelfs niet aan de Europese Raad. Het ligt aan de deal die Mark Rutte heeft gesloten met Trump.

Men zegt hier dat Groenland niet wordt uitverkocht. Die deal verkoopt Groenland echter onder onze ogen uit aan de Verenigde Staten. Het gaat over grondgebied dat aan Trump wordt gegeven. Het gaat over mineralen die aan Trump worden gegeven. Het gaat over controle die aan Trump wordt gegeven. Zelfs investeringsveto’s worden in die deal toegekend.

Mijn vraag was eenvoudig, maar u hebt er niet op geantwoord. Welk mandaat heeft Mark Rutte gekregen van de Europese Unie? Mark Rutte is nergens verkozen. Integendeel, hij is gebuisd in Nederland. Hij heeft Nederland achtergelaten in een chaos. Vervolgens heeft hij een job gekregen bij de NAVO. Nergens is hij verkozen. Welk mandaat heeft hij van de Europese Unie gekregen om stukken Groenland te verpatsen? Hij heeft geen mandaat gekregen. Voor onze ogen verkopen we stukken Europa uit. We spreken hier grote taal, maar terzelfder tijd zijn we Europa aan het uitverkopen aan de Verenigde Staten.

Oskar Seuntjens:

Premier, u zei dat onze waardigheid niet te koop is. Ik meen dat het goed is dat u dat zegt. In een wereld die op zijn kop lijkt te staan, snakken mensen naar een duidelijk signaal, naar een Europa dat een vuist maakt en niet achteruit deinst. Een vuist maakt tegen mensen die het niet echt menen met democratie, die het niet echt menen met mensenrechten.

Daar moeten we vooral niet hypocriet over zijn. Vandaag staan wij 1.000 % achter de Groenlanders. En tegelijkertijd verzetten we ons ook tegen andere autocraten. Tegen Poetin, die Oekraïne is binnengevallen, zoals u terecht zei, mijnheer de minister. Dat mogen we niet vergeten. Tegen Netanyahu die de Palestijnen onderdrukt. Tegen de Chinezen, die de Oeigoeren in opvoedingskampen steken.

Consequent moeten we, keer op keer, onze normen en waarden uitdragen. Consequent. Dat is onze sterkte. Dat is hoe we het verschil kunnen maken.

François De Smet:

Messieurs les ministres, merci pour vos réponses.

Premier, vous parlez encore d’un monde idéal, avec une pointe de regret que je comprends. Moi aussi, je suis une forme d’atlantiste frustré. Mais le premier Trump aussi, nous pensions que ce serait une parenthèse. Vous l’avez vous-même dit à Davos: le retournement des États-Unis ne date pas des présidences Trump. Il est structurel. Il est stratégique.

Dans ce monde rempli d’imprévisible – monsieur le ministre, j’ai beaucoup aimé que vous ameniez cette notion, parce qu’elle est très vraie – il y a une seule certitude: c’est que nous sommes dans un monde d’empires en résurgence, et que nous sommes trop faibles pour l’instant.

Nous, politiques, faisons en général de bons programmes. Nous nous disons que tout est prévisible et, en fait, nous passons une grande partie de notre temps à combattre la force de l’imprévisible.

La seule manière de combattre ici l’imprévisible, c’est de devenir plus forts – en effet, premier, vous avez raison –, de multiplier des partenariats avec d’autres pays: avec le Canada, avec l’Australie, avec l’Inde, etc.

Cela laisse aussi penser que, entre nous, le nationalisme comme force politique en Europe n’a pas beaucoup d’avenir, paraît daté. Il n’est pas exclu, premier, que d’ici 2029, vous soyez devenu complètement fédéraliste. C’est tout le mal que je vous souhaite.

Els Van Hoof:

Ik ben blij met uw sterke antwoorden want een voorbereide Europese Unie is er twee waard.

Het is een goede zaak dat werd afgezien van een handelsoorlog of militair geweld. Niettemin is waakzaamheid geboden want er zijn diepe wonden geslagen in de trans-Atlantische relaties. Dat moeten wij onder ogen durven zien. Ze helen niet in één nacht.

Ik ben blij dat zowel de premier als de minister zich hebben aangesloten bij de punten die voor cd&v belangrijk zijn. Europa moet zijn tanden laten zien voor het behoud van zijn waarden. Wij moeten steunen op betrouwbare bondgenoten, onze strategische autonomie uitwerken en allianties aangaan met nieuwe democratieën.

Als wij de voorbije week één zaak duidelijk hebben kunnen merken, dan is het wel dat, als wij een internationale wereldorde willen die niet gebaseerd is op dreigementen maar op internationaal recht, wij daar zelf aan moeten werken. Wij mogen ons niet uit elkaar laten spelen want dat is de strategie waarop Poetin speelt, waarop Xi speelt en waaraan Trump op zijn manier ook meewerkt. Wij moeten vooruitgaan met eensgezindheid, vastberadenheid en daadkracht.

Dat begint vanavond op de Europese top. Ik hoop dan ook dat op die top Europese tegenmaatregelen worden voorbereid die kunnen worden ingezet wanneer nodig.

Georges-Louis Bouchez:

Henry Kissinger, dans les années 1970, disait déjà: "Les États-Unis n’ont ni alliés, ni ennemis, juste des intérêts." Certains viennent de découvrir aujourd'hui comment fonctionnait la politique internationale. En fait, aujourd'hui, c'est un peu plus rapide. C'est certainement beaucoup plus brutal. Cela a certainement des conséquences beaucoup plus fortes, mais il n'y a rien de neuf. Il faut arrêter de regarder le monde tel qu'on voudrait qu'il soit. On doit le regarder tel qu'il est. D'ailleurs, le premier ministre parle d'élargir nos alliés. C'est la raison pour laquelle nous devons signer des accords de libre-échange. C'est la raison pour laquelle nous devrions d'ailleurs signer un accord de libre-échange avec l'Afrique, parce qu'il y a là un enjeu essentiel pour les générations futures.

Mais je voudrais aussi prendre l'opposition à témoin. Vous effectuez presque aujourd'hui des danses de la pluie en espérant l'autonomie et la force de l'Europe. Mais pourquoi ne soutenez-vous pas alors nos réinvestissements dans la défense? C'est un passage obligé pour l'autonomie européenne. Pourquoi nous avez-vous bloqués quand nous avons voulu prolonger le nucléaire sous le précédent gouvernement? C'était essentiel pour l'autonomie énergétique. Allez-vous nous suivre si nous voulons supprimer des réglementations afin de permettre à l'industrie de s'installer? Allez-vous nous suivre pour baisser les impôts pour relancer la compétitivité? Allez-vous nous suivre dans des choix politiques courageux qui permettront enfin d'atteindre ce que nous aurions dû atteindre depuis longtemps: la souveraineté européenne?

Benoît Lutgen:

Monsieur le premier ministre, monsieur le vice-premier ministre, je vous remercie.

Je suis heureux d'apprendre que la Maison-Blanche a confondu la Biélorussie avec la Belgique et je suis désolé d'avoir confondu l'Alaska et le Groenland dans mon intervention.

Je ne sais pas lequel de vous deux résiste et mord le plus. Toujours est-il que personne ne pourra contester ici que la voix de la Belgique est plus forte sur le plan européen et international qu'elle ne l'était voici un, deux ou trois ans, ou même plus loin dans le temps. Pour ma part, c'est une bonne surprise.

Au travers des deux interventions, oui, il est possible d'exprimer fermement et sans s'agiter les intérêts économiques de la Belgique et de l'Union européenne, en rappelant que le droit international constitue une boussole absolue – comme vous l'avez démontré dans de nombreux dossiers et à l'occasion de plusieurs enjeux.

De même, vous rappelez que notre autonomie stratégique est essentielle et qu'il convient d'y travailler à l'échelle européenne. Vous avez, du reste, engagé le gouvernement sur cette voie: autonomie de la défense, autonomie énergétique, autonomie au plan de la santé et de l'alimentation. À ce dernier titre, la production agricole européenne doit être soutenue pour que nous ne soyons pas dépendants demain. Nous sommes déjà suffisamment dépendants pour ne pas le devenir encore davantage.

C'est sur cette voie de la fermeté, en suivant la stratégie qu'applique votre gouvernement, que la Belgique, aujourd'hui plus forte, se renforcera encore et que l'Union européenne, dans son unité, fera résonner la voix de celles et ceux qui se tiennent du côté du droit international.

Meyrem Almaci:

Mijnheer de premier, u zegt dat onze waardigheid niet te koop is. Hoe geloofwaardig is dat als u 1,5 miljard euro uitgeeft aan elf extra F-35’s? Met mooie woorden en retoriek gaan we het niet halen. Alleen uw daden tellen. Annuleer die aankoop van die extra F-35’s. Put your money where your mouth is . Dat is ook wat Trump doet. Hij onderneemt actie. Er zit methode in zijn waanzin. Die waanzin is te lezen in zijn nationale veiligheidsstrategie, waarin hij zegt dat hij het verzet tegen Europa zal leiden. Die waanzin wordt gedreven door het eigenbelang van een klein clubje superrijken dat de democratie wil vervangen door dwang en daar nog lof voor eist ook. Hij is daar zelf een voorbeeld van, of het nu gaat om olie, mineralen, vaarroutes, schimmige crypto- of techplatformen, ook in Europa. In die waanzin moeten we met een koel hoofd alternatieven uitwerken en vastberaden neen durven zeggen. Het enige instrument dat u vandaag op korte termijn zo concreet kunt inzetten, gebruikt u niet. Als u ongebonden, autonoom en met rechte rug uw waardigheid wilt behouden, dan doet u ook po dat vlak wat mogelijk is. Het is ongelooflijk dat u zelfs op dat vlak vandaag niet thuis geeft.

Kathleen Depoorter:

Mijnheer de eerste minister, mijnheer de minister, zelfs in dergelijke crisissen schuwt men de grote en ook heel vaak loze woorden niet. Ik heb de woorden respect, loyauteit en waardigheid vaak gehoord, maar dat zijn geen losse zinnetjes of vage begrippen. Het is een engagement, een attitude.

Een sterk Europa heeft inderdaad respect voor internationaal recht en soevereiniteit. Een sterk Europa heeft loyauteit voor nieuwe en oude allianties en voor elkaar. Een sterk Europa heeft een smoel en zal aan de onderhandelingstafel aanwezig zijn wanneer het gaat om vrede voor Oekraïne. Een sterk Europa geeft ons de identiteit die we nodig hebben om er te staan in de wereld, om aan handel te doen en om onze volgende generaties te beschermen.

Dat is wat sterk leiderschap met zich meebrengt en daar kan ik absoluut op u tweeën en op de arizonaregering rekenen, waarvoor dank.

Voorzitter:

Dank u, mevrouw Depoorter, en alle sprekers en de twee ministers. Mijnheer Hedebouw , de heer Bouchez heeft uw naam genoemd, maar niet op een wijze die aanleiding geeft tot een persoonlijk feit.

internationale politiek en migratie

Het initiatief van Europese regeringsleiders om troepen naar Groenland te sturen
De situatie met betrekking tot Groenland
De situatie in Groenland
De dreigende taal van de VS richting Groenland
Het buitenlandbeleid van president Trump
Internationale spanningen en buitenlandbeleid rond Groenland

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 15 januari 2026

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Politici bekritiseren unaniem de agressieve Amerikaanse druk op Groenland (o.a. annexatiepogingen door Trump) als een directe bedreiging van het internationaal recht, de NAVO-geloofwaardigheid en Europese soevereiniteit, waarbij ze België en de EU oproepen tot onmiddellijke, gecoördineerde actie in plaats van afwachten. Vander Elst (N-VA), Van den Heuvel (CD&V) en De Smet (Open Vld) eisen een Europese troepenmacht (waaraan België moet deelnemen) en een "rode lijn" tegen Trump, terwijl Almaci (Groen) en Boukili (PTB) de VS beschuldigen van imperialisme en waarschuwen voor het ineenstorten van de NAVO als Europa niet weerstand biedt. Minister Prévot (MR) benadrukt diplomatie en NAVO-samenwerking, maar stelt dat een Belgisch troepenverzoek nog niet is ingediend – wat kritiek uitlokt over dralen en "leeg praat" zonder concrete stappen.

Kjell Vander Elst:

Mijnheer minister, de situatie in Groenland is hallucinant. Het internationaal recht wordt niet eens herschreven, het wordt rechtstreeks in de vuilnisbak gegooid. Dat China en Rusland dat al jaren doen, verbaast mij eerlijk gezegd niet, maar dat de Verenigde Staten, een bondgenoot, een partnerland en in wezen een bevriende natie, zo driest te werk gaan tegen een eigen bondgenoot, Groenland en Denemarken, is ongezien. Europa staat daarbij voor een duidelijke keuze. Ofwel doen we wat we al jaren en decennia doen: afwachten, achteroverleunen, toekijken en zien hoe een en ander zich verder ontwikkelt. Ofwel ondernemen we actie, ageren we in plaats van te reageren en nemen we eindelijk het voortouw met Europa.

Mijnheer de minister, ik kies resoluut voor dat tweede Europa, een Europa dat ageert en actie onderneemt, dat tegen Trump in het Witte Huis zegt: tot hier en niet verder. Dat is het Europa dat we nodig hebben. Een aantal landen heeft vandaag die keuze al gemaakt. Frankrijk, Duitsland, Zweden, Noorwegen en Denemarken zullen militaire troepen stationeren in Groenland. België maakt daar op dit moment geen deel van uit. Voor mij en voor mijn fractie zou dat wel het geval moeten zijn. We moeten deel uitmaken van een dergelijke troepenmacht en als België onze steun uitspreken voor onze Europese bondgenoten. Het is tijd om te stoppen met aan de zijlijn te staan. België is een stichtend land van de Europese Unie en van de NAVO. We liggen in het hart en het centrum van Europa. We moeten mee een Europees blok vormen, mijnheer de minister.

In essentie heb ik dan ook maar één vraag, aangezien wachten geen optie meer is: blijven we met België wachten, of gaan we (…)

Meyrem Almaci:

Mijnheer de minister, what a difference a day makes. Gisteren meende u in de commissie nog optimistisch dat de soep niet zo heet gegeten zou worden als ze opgediend wordt, want uw contact met de ministers in Amerika was constructiever dan de woorden van Trump. Een dag na het topoverleg, waar de Groenlanders beledigingen naar hun hoofd geslingerd kregen, is het heel duidelijk voor Denemarken en voor Groenland: de VS zijn geen millimeter van hun standpunt geweken.

De acties van ICE, de slabakkende economie, de druk op Powell, de Epsteinfiles, het zijn allemaal dossiers waarmee Trump in nauwe schoentjes zit in eigen land, maar ondertussen slaat hij wild om zich heen en dreigt hij elke keer met dwang ten aanzien van landen of externen die hem niet geven wat hij wil.

De VS blijven volhouden, Groenland moet koste wat het kost geannexeerd worden, en ze zullen niet opgeven.

De vraag is nu: bent u nog even optimistisch als gisteren, of hebt u nu door dat Europa en ons land eindelijk een streep dienen te trekken?

Andere Europese leiders hebben die boodschap sneller begrepen dan u gisteren, sneller dan ons land. Ze hebben al een troepenmacht opgebouwd. De VS mogen in Groenland nu al economisch en militair het maximale doen wat ze willen doen, maar als Trump zijn plannen doorzet, zal dat het einde van de NAVO betekenen. Dan zal dat het einde zijn van de internationale orde. In dat geval: good luck, Taiwan, en good luck, Baltische staten en Oekraïne.

Mijn vragen zijn eenvoudig: zult u verder toekijken? Wat is het plan van deze regering? Maar vooral, wake up and smell the coffee . Met deze Trump is het moeilijk onderhandelen. Elke toegift is een teken van zwakte. Het is tijd om onze rug te rechten, om te tonen dat we verenigd zijn en zeggen: tot hier, maar niet verder!

Koen Van den Heuvel:

Mijnheer de minister, of de Groenlanders dat nu willen of niet, Groenland wordt Amerikaans, althans volgens Trump. Is dat de wereld die we willen, een wereld waarin alleen het recht van de sterkste absoluut geldt, waar brute macht en dreigementen de lijnen uitzetten en de uitkomst van conflicten bepalen?

Trump kijkt al langer op die manier naar de wereld. De internationale rechtsorde is niet langer van tel, eigen moraliteit volstaat, en dan is het natuurlijk bang afwachten bij Trump. De taal die Trump spreekt, is immers niet de taal van een bondgenoot. Een gepaste reactie is dan ook absoluut noodzakelijk. Mijnheer de minister, België kan daarin niet achterblijven.

Wat moet die reactie dan zijn? Voor cd&v is het heel duidelijk: Europa, Europa en nogmaals Europa. Deze crisis is een kans om te laten zien dat wij als Europeanen nog wel in staat zijn om een duidelijke vuist te maken. Alle lidstaten van de Europese gemeenschap moeten solidair zijn met Groenland en met Denemarken. Denemarken is al decennialang een van de loyaalste partners binnen de NAVO. Wij als Europa mogen geen versnipperd signaal geven, maar moeten een sterk collectief signaal geven. We moeten zeggen: hier is een dikke rode lijn en wat Trump zegt en doet kan absoluut niet.

Mijnheer de minister, Groenland wordt de lakmoesproef voor de Europese weerbaarheid en voor de Europese geloofwaardigheid. Het is absoluut nodig dat Europa hier een dikke rode lijn trekt, niet in verdeelde slagorde waarbij elk land apart een antwoord formuleert. Als we hier geen dikke rode lijn trekken, gaat in de toekomst iedereen over ons heen lopen. Welke rol (…)

François De Smet:

Monsieur le ministre, c'est la troisième fois en une semaine que nous échangeons sur le Groenland. J'en suis ravi et, à ce rythme-là, nous pourrons bientôt publier un livre d'entretiens, même si j'avoue que je commence à trouver intrigant le fait que le premier ministre échappe constamment à cette discussion parce qu'il s'agit ni plus ni moins de la fin possible de l'Alliance atlantique.

Hier soir, vous nous disiez que, selon les informations que vous aviez recueillies à Washington, une opération armée n'était pas envisagée. Vous vous êtes même aventuré à dire que, tout compte fait, il ne fallait pas prendre M. Trump au pied de la lettre, ce que je trouve extrêmement audacieux.

Pour montrer comment les chose évoluent, la semaine dernière, votre collègue Theo Francken se moquait en commission d'un collègue député parce qu'il avait osé demander dans une question écrite si l'envoi de troupes était envisagé par la Belgique. Aujourd'hui, nous constatons que la France, l'Allemagne, la Suède et la Norvège annoncent l'envoi de troupes. Et je pense également qu'il faudrait sérieusement songer à s'y joindre.

La question reste la même: qu'allons-nous faire si les États-Unis prennent de force le Groenland? Et vous ne répondez toujours pas clairement à cette question, parce que la réponse est que l'Alliance atlantique s'effondrera. Et vous devriez au moins dire cela. Ce que Trump essaye de faire, c'est transformer l'OTAN en Pacte de Varsovie. Le Pacte de Varsovie alliait un très gros partenaire hyper puissant, l'URSS, et une série de vassaux qui lui obéissaient. Je suis désolé, monsieur le ministre, mais ce n'est pas pour cela que la Belgique a signé en 1949, lorsque nous avons fondé l'Alliance.

Il faut se réveiller. Cessons de nous comporter, cessons de penser, cessons de parler comme si nous ne pouvions pas survivre hors de la sphère d'influence des puissants. Si nous voulons garder l'Alliance, il va falloir sortir de l'emprise. Voilà ce que j'aimerais vous entendre enfin dire.

Nabil Boukili:

Monsieur le ministre, on voit que le premier ministre essaie d'éviter le débat coûte que coûte. C'est la deuxième fois qu'il fuit les débats internationaux quand cela concerne les États-Unis. Je pense qu'il a peur d'émettre la moindre critique vis-à-vis des États-Unis.

Les menaces contre le Groenland ne cessent de se poursuivre. La réunion d'hier n'a rien arrangé. Au contraire, elle a démontré la contradiction fondamentale qui existe entre le Danemark et l'administration américaine.

Soyons clairs, monsieur le ministre, l'affaire du Groenland ne tombe pas du ciel. Elle s'inscrit dans la nouvelle stratégie de sécurité américaine qui veut s'accaparer et contrôler l'ensemble de l'hémisphère occidental, du sud de l'Argentine jusqu'au Groenland. Tout cela pour servir les intérêts économiques et géostratégiques de l'impérialisme américain. Cet impérialisme, aujourd'hui, menace la souveraineté même des États européens et les intérêts de l'Union européenne.

Face à cette situation, que fait l'Europe? On observe une certaine hésitation, parce que le droit international est à géométrie variable: quand ce sont nos alliés, on est soft ; quand ce sont nos adversaires, on est dur. Avec une telle attitude, on perd toute crédibilité.

Monsieur le ministre des Affaires étrangères de la Belgique, qu'allez-vous faire si le Groenland est envahi par les États-Unis? Que faites-vous pour éviter toute agression américaine contre le Groenland? Quels leviers sont mis en place, qu'ils soient économiques, politiques ou diplomatiques, au niveau européen pour empêcher cette agression et ce renforcement de l'impérialisme américain?

Maxime Prévot:

Chers collègues, je vous le disais hier en commission, lors d'un long débat sur le sujet: le Groenland n'est pas à vendre. C'est la position sans équivoque des autorités danoises et groenlandaises. C'est aussi la position sans équivoque de la Belgique, de l'Union européenne et des autres alliés au sein de l'OTAN.

Aucune démarche hostile à l'égard du Groenland n'est acceptable ni ne sera acceptée.

Dat is de boodschap die ik vorige week in Washington heb overgebracht.

Gisteren vond er een ontmoeting plaats tussen Denemarken, Groenland en de Verenigde Staten. Zoals de Deense minister van Buitenlandse Zaken het samenvatte, hebben de partijen agreed to disagree . Ze hebben echter een dialoog opgestart en dat is het belangrijkste. Dialoog is en moet immers de enige weg blijven om tegemoet te komen aan de Amerikaanse veiligheidszorgen.

Mevrouw Almaci, gisteren was ik niet naïef optimistisch. Ik zei dat volgens mijn informatie een vijandige militaire actie niet aan de orde leek te zijn. Dat betekent niet dat de VS hun voornemen om hun belangen ter plaatse te behartigen hebben opgegeven.

Mijn Deense collega spreekt de hoop uit dat de werkgroep die zal worden opgericht tot een aanvaardbare oplossing zal komen. Denemarken wil dit probleem in eerste instantie bilateraal aanpakken, maar weet dat het kan rekenen op de volledige steun van zijn bondgenoten.

Nous continuerons donc à soutenir pleinement les Danois, avec lesquels nous entretenons des contacts étroits. Du reste, chaque semaine, une réunion du Conseil de l’Atlantique Nord (CAN), c’est ‑ à ‑ dire l ’ ensemble des ambassadeurs pr é sents à l ’ OTAN, offre l ’ occasion d ’ en d é battre.

Cette r é gion, nous le savons, rev ê t une importance strat é gique et s é curitaire majeure. La Russie y voit un espace clé pour sa projection de puissance, tandis que la Chine affiche l’ambition de devenir une grande puissance polaire d’ici 2030. L’Alliance atlantique constitue indubitablement le cadre approprié pour une coopération efficace, en complément des accords bilatéraux existant depuis 1951 entre le Danemark et les États ‑ Unis. Elle offre toutes les possibilit é s de r é soudre ces diff é rents probl è mes par le dialogue. L ’ adh é sion r é cente de la Su è de et de la Finlande a d ’ ailleurs consid é rablement renforcé la posture de l’OTAN dans la région ainsi que la crédibilité de sa dissuasion.

Des clarifications sur les mesures concrètes envisagées sont évidemment attendues dans les prochaines semaines.

De aankondigingen van ontplooiingen of de versterking van de aanwezigheid door bepaalde bondgenoten, met name Frankrijk en Duitsland, passen in de logica van collectieve verantwoordelijkheid en bijdragen aan de Euro-Atlantische veiligheid. Ze illustreren de bereidheid van de Europese bondgenoten om hun deel bij te dragen aan de stabiliteit van de noordelijke flank binnen het kader van de NAVO.

Wat betreft de vraag of België soldaten naar Groenland zal sturen, bekijkt Defensie al welke steun België zou kunnen leveren. Het is echter nog te vroeg om te communiceren over de mogelijke middelen die zouden kunnen worden ingezet. Wij hebben daarvoor nog geen verzoek ontvangen, noch op bilateraal, noch op Europees of NAVO-niveau. Mocht dat wel het geval zijn, dan zou de beslissing om al dan niet aan deze missie deel te nemen door de regering worden genomen.

Kjell Vander Elst:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord.

U kijkt na of wij steun kunnen leveren. U hebt de vraag nog niet gekregen. Ik ben blij dat u hebt aangegeven dat wij absoluut een bondgenoot zijn in de strijd. Wat echter nog beter zou zijn, is proactief onze hulp aanbieden aan Groenland, om samen met die landen opnieuw een voortrekkersrol te kunnen spelen op het Europese toneel. Opkomen voor onze bondgenoten en met Europa opnieuw een blok vormen, dat is essentieel. Wij liggen in het hart van Europa en wij moeten die rol opnieuw durven spelen.

Uw minister van Defensie, Theo Francken, zegt heel graag " Belgium is back ". Mijnheer de minister, walk the talk . Neem uw verantwoordelijkheid. Toon aan dat Belgium back is en zorg ervoor dat België zijn steentje kan bijdragen aan de veiligheid in heel Europa.

Meyrem Almaci:

Zoals zo vaak zijn de woorden van deze regering vaak forser dan de werkelijke acties die ze onderneemt.

Mijnheer de minister, wist u dat 71 % van de Amerikanen tegen de annexatie van Groenland zijn? Zijn eigen bevolking steunt hem niet. Wie hem wel steunt zijn miljardairs zoals Bezos en Bill Gates, die miljarden hebben geïnvesteerd in mijnbouwbedrijven die actief zijn in Groenland: Amaroq, KoBold. Dat is geen toeval.

Trump verandert systematisch de democratie voor de belangen van het grote geld. Hij grijpt in de internationale orde in door dwang. Aan die dwang mogen wij niet toegeven, niet met ons land. Kom met een plan en maak uw woorden waar. Het is hoog tijd.

Koen Van den Heuvel:

In Groenland staat er heel wat op het spel: de internationale rechtsorde, de geloofwaardigheid van de NAVO en ook de Europese geloofwaardigheid. Voor ons is het heel duidelijk: geen versnipperd beleid, geen versnipperd antwoord, maar een sterke, collectieve respons en een dikke rode lijn om te zeggen dat het zo niet verder kan. Voor ons is het heel duidelijk, wij moeten in België opnieuw meer dan ooit onze internationale verantwoordelijkheid opnemen. Als we ook aan die sterke defensieve geloofwaardigheid willen bouwen, dan kunnen wij als land niet achterblijven. Voor ons is het duidelijk, met cd&v steunen wij het absoluut dat er Belgische troepen naar Groenland worden gestuurd, in samenspraak met de andere Europese bondgenoten.

François De Smet:

Monsieur le ministre, merci pour votre réponse.

Ne soyons pas naïfs! Moi, je ne peux pas articuler décemment les mots "Trump", "Groenland" et "groupe de travail" dans le même univers conceptuel. Cet homme n’est pas le genre de gars à faire des groupes de travail, monsieur le ministre. C’est quelqu'un qui ne comprend que la force et l’intimidation. Si la séquence commence avec le Venezuela – un racket – pour se poursuivre par le Groenland, c’est pour dire: "Regardez ce que je suis capable de faire!"

Il est urgent que nous fassions partie des pays européens qui l’ont compris et qui comprennent qu’il faut répondre, évidemment pas par de la force pure et simple, mais en montrant que nous n’avons pas peur, que nous sommes capables, nous aussi, d’envoyer des troupes de reconnaissance au Groenland, et que nous faisons partie des pays européens qui ne se laissent pas impressionner – parce qu’il n’attend que cela, comme une brute en cour de récréation.

Nabil Boukili:

Monsieur le ministre, vous nous dites que l’Europe est un allié des États-Unis. Je vous rappelle juste que les États-Unis n’ont pas d’alliés. Ils n’ont que des intérêts. Aujourd'hui, ils agissent seulement dans leur intérêt. Si l’Europe veut agir et progresser, elle doit sortir de l’emprise de l’impérialisme américain. Il est absolument nécessaire aujourd'hui de se tourner vers le reste du monde, de travailler dans le dialogue et la diplomatie, avec les autres peuples, dans un principe de sécurité collective, pour assurer la sécurité et la progression de tous les peuples du monde. Car aujourd'hui, ce qui se pose, c’est l’intérêt de l’impérialisme américain. Les Américains n’agissent pas pour leur sécurité nationale. C’est la sécurité mondiale qui est menacée par l’impérialisme américain. L’Europe doit changer de lunettes, regarder le reste du monde et se libérer de cet impérialisme américain!

Het in de vergeetput duwen van de niet-toeleidbaren
De niet-toeleidbaren
De vergetelheid van onbereikbaren

Gesteld aan

Frank Vandenbroucke (Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid), Rob Beenders (Minister van Consumentenbescherming, Sociale Fraudebestrijding, Personen met een handicap en Gelijke Kansen)

op 15 januari 2026

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Jeroen Van Lysebettens bekritiseert dat minister Beenders ondanks eerdere beloftes geen apart statuut voor niet-toeleidbare werkzoekenden invoert en geen concrete oplossingen biedt voor 13.000 mensen die hun uitkering verliezen, terwijl ze vaak al jaren door de VDAB werden genegeerd. Anja Vanrobaeys (ABVV) benadrukt dat deze groep – waaronder mensen met autisme, depressies of burn-out – actief wil bijdragen maar nu stigmatiseerd en administratief afgeschreven wordt, en eist individuele begeleiding in plaats van stopzettingsbrieven. Beenders verdedigt het afschaffen van een uniform statuut omdat de groep te divers is, en stelt voor om via face-to-facegesprekken met de VDAB per geval te bekijken of ze aanspraak maken op ziekte-, invaliditeitsuitkeringen of trajecten in de sociale economie, met steun van Vlaams minister Crevits. Van Lysebettens betwist dit als leeg beleid en wijst erop dat de VDAB deze mensen juist jarenlang links liet liggen, terwijl Vanrobaeys (ABVV) de minister juist prijst omdat hij eindelijk maatwerktrajecten belooft in plaats van standaardafwijzingen.

Jeroen Van Lysebettens:

Mijnheer de minister, er komt geen apart statuut voor de niet-toeleidbare werkzoekenden. Dat verklaarde u in de pers, in tegenstelling tot eerdere verklaringen van zowel u als uw coalitiegenoten. U zei ook dat het geen zin heeft om daar weer over te beginnen. U hoeft geen schrik te hebben, ik zal dat niet doen. Wat voor mij telt, zijn concrete oplossingen voor concrete problemen.

Ik denk dat we het erover eens zijn dat de mensen met een advies welzijn niet zomaar aan een job geholpen zullen worden, maar dat we voor hen specifieke oplossingen nodig hebben. Wij vinden dat de federale regering, los van een apart statuut, een aantal dingen kan en moet doen. Ten eerste, in de programmawet staat een uitzondering voor mensen die recht hebben op een beschermingsuitkering. Tijdens de bespreking in december gaf u aan dat die uitzondering een tijdelijke maatregel is die geldt voor twee jaar, zodat de betrokkenen in 2028 in een nieuw stelsel kunnen inkantelen. Hoe zult u dat doen zonder een apart statuut?

Ten tweede, die uitzondering was sowieso onvolkomen. Veel niet-toeleidbare werkzoekenden ontvingen nooit een inschakelingsuitkering en hebben dus ook geen recht op een beschermingsuitkering. Hierdoor heeft de maatregel, die bedoeld is om de activering te versterken, onbedoeld een groep getroffen die net wel actief en zinvol aan de samenleving deelneemt. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen in arbeidsmatige activiteiten. Zal de regering haar beleid bijsturen, zodat ook voor hen een oplossing kan worden gevonden?

Ten derde, in uw verklaring in de pers gaf u aan dat sommige mensen een vervangingsinkomen via de ziekteverzekering zouden moeten krijgen. Nochtans krijgen zij vaak een werkloosheidsuitkering, omdat hun werd gezegd dat ze geen recht hebben op een ziekte- of invaliditeitsuitkering. Zal de regering oplijsten welke diagnoses die vandaag het advies welzijn kregen, wel degelijk thuishoren in het stelsel van de ziekteverzekering? Ik kijk uit naar uw antwoord.

Anja Vanrobaeys:

Mijnheer de minister, toen ik onlangs een dagje meedraaide aan het loket bij het ABVV, hoorde ik weer nieuwe verhalen, die mij niet loslieten. Mensen kregen tien, vijftien, twintig jaar geleden een brief van de VDAB met de melding dat zij niet-toeleidbaar waren, dat zij geen begeleiding kregen, niet naar werk moesten zoeken en zelfs geen opleiding moesten volgen. Dat is geen administratieve beslissing, maar het afschrijven van mensen.

Ik ken een aantal van hen. Ik weet hoe hard zij willen werken en hoe hard zij een bijdrage willen leveren, ondanks de uitdagingen waarvoor zij staan. Peter heeft een zware vorm van autisme. Hij werkt via Arbeidszorg en doet vrijwilligerswerk. Christine kampt met zware depressies, maar zij vindt toch betekenis in haar vrijwilligerswerk op een dementieafdeling bij een woon-zorgcentrum. Desiree heeft een zware burn-out gehad. Zij heeft bij de VDAB om werk gesmeekt, maar zij is gewoon in het systeem verdwenen. Mijnheer de minister, dat zijn geen statistieken, dat zijn mensen. Het gaat in Vlaanderen om 13.000 mensen, die zelf niet willen opgeven, maar die wel in het systeem worden opgegeven. Daarbovenop komt de stigmatisering. Sommigen hier schrijven hen af als verslaafden of als profiteurs. Dat komt bij die mensen keihard binnen.

Wat hebben ze nodig? Ze hebben zorg, begeleiding, ondersteuning, kansen en perspectieven nodig. Vandaag krijgen ze een standaardbrief, zonder alternatief. Ik vind dat geen begeleiding.

Mijnheer de minister, ik heb één vraag voor u. Hoe garandeert u dat de niet-toeleidbare werkzoekenden ook daadwerkelijk begeleiding en een traject op maat zullen krijgen, in de plaats van gewoon een stopzettingsbrief zonder enig perspectief? Ik kijk uit naar uw antwoord.

Rob Beenders:

Collega’s, dank u wel voor uw vragen.

De hervorming van de werkloosheid heeft ingrijpende gevolgen. De groep die zich de voorbije maanden laat horen, doet dat terecht, omdat die altijd te goeder trouw heeft gehandeld volgens de richtlijnen van de overheid. Wie als niet-toeleidbare werkzoekende werd beschouwd, werd niet meer begeleid, mocht gewoon thuisblijven en kreeg een werkloosheidsuitkering. Men liet die groep dus met rust.

Dat wordt nu extra in de verf gezet, omdat de betrokkenen nu een brief krijgen waarin staat dat hun uitkering wordt stopgezet en dat ze zich tot het OCMW moeten wenden voor een oplossing. Beeld u in dat u een van die mensen bent die te goeder trouw naar de instructies van de overheid heeft gehandeld en nu te horen krijgt dat men zijn plan moet trekken. Dat is absoluut niet aanvaardbaar.

Oorspronkelijk was ons idee om de betreffende groep inderdaad een apart statuut toe te kennen, waarbij de betrokkenen hun uitkering inruilden voor een andere uitkering, waarmee het probleem opgelost zou zijn. Het ging tenslotte om 10.000 à 12.000 mensen – er is nog discussie over het exacte aantal –, de meeste ervan in Vlaanderen.

Met dat idee zijn we ook aan de slag gegaan. We hebben dat zelfs in de regering besproken als dé oplossing. Maar dat dossier is geëvolueerd, omdat het inzicht groeide dat we de groep niet een oplossing, één maatregel konden aanbieden, omdat hij zo divers is.

Wij hebben de groep bijgevolg gesegmenteerd. Voor een aanzienlijk aantal mensen konden we in de regering al een oplossing vinden. Zo zijn jongeren nu al twee jaar beschermd en we gaan daarmee verder aan de slag. Voorts zijn sommige 55-plussers ook beschermd wegens voldoende werkervaring. Bovendien bleek na gesprekken met betrokkenen – we spreken niet alleen over hen – dat heel wat onder hen volgens hun dossier in aanmerking kwamen voor een uitkering voor personen met een handicap of een ziekte-uitkering, maar dat zij de administratieve procedure daartoe nooit hadden opgestart, omdat een werkloosheidsuitkering interessanter was.

De groep is zo divers dat we vandaag kunnen stellen dat een aantal mensen al een oplossing heeft gekregen, maar dat we hun dossier individueel moeten behandelen op basis van een face-to-facegesprek. De VDAB moet daarin het initiatief nemen, omdat het vooral Vlamingen zijn.

Ik roep Vlaanderen dan ook op om de betrokkenen uit te nodigen en met hen aan tafel te zitten, hun dossier te onderzoeken en naar een bestaand traject te begeleiden, dat we misschien moeten versterken. Vlaams minister Crevits heeft mij vandaag al officieel gecontacteerd, na mijn telefonisch onderhoud gisteren over ons voorstel. Zij beloofde haar uiterste best te doen om mensen uit die groep via de sociale economie te begeleiden. Dat is immers wat nodig is. Ik stel dus niet voor om één statuut te maken voor de volledige groep, waarbij zij hun ene uitkering ruilen voor een andere. We moeten luisteren naar hun vragen, hen begeleiden en opleiden en trajecten voorstellen om opnieuw actief te worden op de arbeidsmarkt. Als iemand echt te ziek is om te werken, hoort die thuis in het stelsel van de ziekteverzekering. Wie een handicap heeft waardoor men echt niet kan werken, moet een uitkering voor personen met een handicap krijgen.

Ik dring er bij Vlaanderen dus op om de VDAB deze mensen te laten oproepen voor een gesprek en dossier per dossier te onderzoeken wat mogelijk is. Het was makkelijk om jarenlang niet naar de groep om te kijken, maar nu zal men een extra inspanning moeten leveren om hen individueel te begeleiden naar de voor hen gepastste oplossing. Laten we daarna de situatie evalueren en onderzoeken of er nog andere oplossingen nodig zijn. We moeten dat stap voor stap doen, op maat van de persoon zelf, en op basis daarvan de juiste oplossing vinden. Dat doet de regering momenteel in overleg en in samenwerking met de regio’s.

Jeroen Van Lysebettens:

Minister, ik vat het even samen: er komt geen statuut voor de niet-toeleidbare werkzoekenden, maar er komt ook niets anders. Die mensen zullen hun inkomen verliezen en in de bureaucratische molen terechtkomen en we weten dat daar geen pasklare oplossing is.

Ik zie de evolutie van Vooruit. In juni had u het nog over een beschermingsstatuut voor alle niet-toeleidbare werkzoekenden. In december gold dat voor nog een deel van de niet-toeleidbare werkzoekenden. En vandaag is er voor niemand een oplossing. Er is voor iedereen een probleem. U schuift hen af op de VDAB, terwijl die mensen net nood hebben aan concrete pistes en niet aan nieuwe gespreksronden met de VDAB. Ze hebben het label van niet-toeleidbare werkzoekende precies gekregen van de VDAB, na jaren van rondjes draaien in de administratie, na jaren van gesprekken met de VDAB, en na verschillende onderlinge discussies.

Wat zegt u nu? We herhalen dat beleid. Ik vind dat geen oplossing. Dat is voor die mensen geen oplossing.

Anja Vanrobaeys:

Ik ben eigenlijk wel opgelucht, omdat een minister eindelijk het probleem aanpakt en naar een oplossing zoekt. Collega van Groen, we zullen die mensen toch niet opnieuw loslaten? Bovendien gaat het om een heel diverse groep, merkte de minister terecht op. Ja, ze worden opnieuw uitgenodigd voor gesprekken. Er komen geen standaardbrieven, maar trajecten op maat. Sommige van hen slaken een zucht van opluchting, want eindelijk krijgen ze na twintig jaar stilte weer een sociaal werker te zien, die hen begeleidt en zich om hen bekommert. Dat moet er gebeuren! Mijnheer de minister, u onderstreepte dat er trajecten op maat zullen worden aangeboden, waarbij de betrokkenen begeleid worden naar het stelsel waar ze horen. Ofwel zullen ze een ziekte-uitkering of een uitkering voor een persoon met een handicap ontvangen, ofwel worden ze begeleid naar maatwerk in de sociale economie ofwel krijgen ze begeleiding via het OCMW. Dat zal de betrokkenen veel plezier doen. Laat het duidelijk zijn, Vooruit (…)

internationale politiek en migratie

De dreigende taal van Donald Trump t.a.v. Groenland en Denemarken en de internationale situatie
De dreigende taal van de VS ten aanzien van Venezuela en Groenland
De dreigende taal van de VS ten aanzien van Groenland
De crisis in de trans-Atlantische betrekkingen na de recente acties van de Verenigde Staten
De dreigende taal van de VS ten aanzien van Venezuela en Groenland
De dreigende taal van de VS en de eerbieding van het internationale recht
De dreigende taal van de VS en de eerbiediging van het internationale recht
De dreigende taal van de VS ten aanzien van Venezuela en Groenland
Amerikaanse dreigende retoriek, internationale spanningen en schending van internationaal recht

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister), Maxime Prévot (Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking)

op 8 januari 2026

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

België en Europa staan onder druk door Trumps grove schendingen van het internationaal recht, zoals de dreiging met annexatie van Groenland (omwille van strategische grondstoffen) en de illegale ontvoering van Maduro in Venezuela, die volgens critici (Lacroix, Van Hecke, Mertens) een gevaarlijk precedent schept voor imperialistische machtsuitbreiding. Kritiek op de Belgische regering is scherp: ze zou te laks reageren (geen OTAN-noodzitting, geen wapenmoratorium tegen de VS), dubbelstandaarden hanteren (Maduro’s dictatuur hekelen maar Trumps methodes tolereren) en Europa’s strategische autonomie verzwakken door afhankelijkheid van VS-wapens (F-35’s) en zwakke diplomatie. Minister Prévot (CD&V) verdedigt een "kritische dialoog" met de VS, benadrukt dat Groenland niet onderhandelbaar is en wijst op Europese steunverklaringen, maar erkent dat Trumps retoriek de NAVO-waarden ondermijnt. Oppositie (PTB, Groen, Ecolo) eist hardere sancties, een breuk met de VS als "veiligheidspartner" en Europese defensie-autonomie, terwijl regeringspartijen (CD&V, Engagé) vasthouden aan trans-Atlantische samenwerking binnen duidelijke juridische kaders. De kernvraag blijft of België het internationaal recht onvoorwaardelijk verdedigt – ook tegen bondgenoten – of machtsrealisme (energie, wapens, NAVO) laat prevaleren. Critici beweren dat de regering faalt in moreel leiderschap; Prévot stelt dat diplomatie en "geloofwaardigheid" effectiever zijn dan verontwaardiging.

Christophe Lacroix:

Monsieur le ministre, depuis ce week-end, nous sommes en pleine sidération. Donald Trump a décidé de jouer avec des pays souverains, bafouant complètement les règles de base du droit international: enlever, kidnapper, acheter, annexer, affaiblir, asservir, soumettre! Acheter le Groenland, territoire danois! Aujourd'hui, Donald Trump évoque carrément son annexion. Pourquoi? Parce que, sous la glace, sont enfouis des terres rares, des minerais stratégiques, des ressources énergétiques colossales. C'est une nouvelle ruée vers l'or qui obéit à une logique purement marchande, une offensive sans précédent contre la souveraineté d'un allié européen. C'est aussi la militarisation de l'Arctique: des bases militaires, des sous-marins, des routes stratégiques. Ce n'est pas un caprice, mais une bataille mondiale qui menace directement la sécurité et le projet européens.

Pendant que l'Union européenne s'inquiète, où est la Belgique? Allez-vous demander une réunion d'urgence du Conseil de l'OTAN? Sur le plan européen, pourquoi n'avez-vous pas rejoint la France, l'Allemagne, l'Italie, la Pologne, l'Espagne et le Royaume-Uni en signant leur déclaration commune de soutien au Danemark? Nous ne pouvons plus parler des é tats-Unis d'Amérique comme de nos premiers alliés. Il est impensable de continuer à acheter des armes américaines. Allez-vous adopter un moratoire immédiat sur l'achat d'armes et de matériel militaire aux Américains? Vous rendez-vous compte enfin que la priorité doit être la protection de l'Europe, que celle-ci n'est pas un terrain de jeu pour les Américains et qu'elle ne le sera jamais?

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de minister, het internationaal recht is geen vodje papier. Het bestaat met een reden. Het is vooral sterk ontwikkeld na hevige oorlogen, na bloedige conflicten. Het dient om vrede en mensenlevens te beschermen. Het internationaal recht zegt heel duidelijk dat men niet zomaar een land met geweld kan binnenvallen en een staatshoofd kan ontvoeren, zelfs al is het een dictator.

Dat internationaal recht werd het voorbije weekend zwaar geschonden door Trump. Waarom? Voor macht en olie!

Wat was de reactie van deze regering? De premier, die net is weggelopen, zei in TerZake dat er bij de manier waarop wel wat vragen te stellen zijn. Is dat de officiële reactie van onze regering, van ons land? Wat gaat de regering zeggen als Trump verdergaat? Als Trump morgen Colombia of Mexico zou binnenvallen, wat zal de regering zeggen? Zal de regering de vinger opsteken en zeggen dat er wel wat vragen bij te stellen zijn? Als Trump Groenland zou innemen, zal de regering dan zeggen dat er wel wat vragen bij te stellen zijn? Als China Taiwan zou binnenvallen, zal de regering dan zeggen dat er misschien wel wat vragen bij te stellen zijn?

Collega’s, er zijn vooral heel veel vragen te stellen bij het antwoord en de reactie van deze regering, want met dergelijke reactie begeeft de regering zich op glad ijs.

Mijnheer de minister, wat is nu eigenlijk het officieel standpunt van de regering over de inval in Venezuela? Is het volgens de regering wel of niet een inbreuk op het internationaal recht? Kan de regering daar nu eens heel duidelijk over zijn?

Voor Groen en Ecolo is respect voor het internationaal recht essentieel. Daar kun je als democratische rechtsstaat nooit op (…)

Peter Mertens:

Mijnheer de minister, hoeveel landen moet Trump eigenlijk nog bedreigen of bombarderen vooraleer de Kamer en deze regering ondubbelzinnig in actie schieten? Een jaar geleden heb ik hier in de Kamer gevraagd waarom in uw regeerakkoord de Verenigde Staten de belangrijkste garantie voor onze veiligheid worden genoemd. Toen al bedreigde Trump Groenland. Toen al zei hij dat hij het Panamakanaal wilde hebben. Toen al zei Trump dat hij Canada als eenenvijftigste staat wilde inlijven. U en minister Francken zeiden toen dat daar niets van aan was, want Trump was onze beste vriend. Nu, een jaar later, staan we hier.

Lees gewoon de veiligheidsstrategie van de heer Trump. Van Patagonië in Argentinië tot de noordelijkste ijskap, hij wil het allemaal. Our hemisphere , zo noemt hij het. Die dingen zijn met elkaar verbonden.

Men kan niet enerzijds loeihard roepen tegen de annexatie van Groenland en anderzijds zwijgen wanneer olietankers worden geënterd, wanneer er een illegale zeeblokkade wordt opgeworpen of wanneer een zittend president wordt ontvoerd. Die zaken hangen samen. Men kan niet in het ene geval het internationaal recht inroepen en in het andere geval het internationaal recht naast zich neerleggen. Het is het een of het ander.

België moet een consequente houding aannemen. Anders zal uw hypocrisie zich ook tegen België en tegen Europa keren. Het internationaal recht dient ook om kleinere landen te beschermen en moet dus worden toegepast.

Mijnheer de minister, vindt u nog steeds dat de Verenigde Staten de belangrijkste partner op het vlak van veiligheid zijn, zoals in het regeerakkoord staat, of bent u bereid om eindelijk op te staan en duidelijke taal te spreken tegenover president Trump?

Benoît Lutgen:

Monsieur le ministre, chers collègues, les relations transatlantiques connaissent une nouvelle crise. Notre communauté euro-atlantique est basée sur une série de valeurs et de principes fondateurs d'un ordre international, comme le respect du droit international, la mise en œuvre de l' É tat de droit, la promotion de la démocratie et des institutions communes, pour garantir notre sécurité. Ceci garantit d'ailleurs une solidarité mutuelle symbolisée par l'article 5 du Traité de l'Atlantique Nord. Nous reconnaissons que tous ces principes sont piétinés jour après jour par le président Trump.

Les exemples sont nombreux. On peut citer la remise en cause parfois de la solidarité de l'article 5 de l'OTAN, l'imposition unilatérale des droits de douane, les sanctions contre des juges et procureurs de la Cour pénale internationale ou encore les sanctions contre un ancien commissaire européen – ce qui n'est pas rien.

Monsieur le ministre, vous étiez au bon endroit au bon moment, puisque vous étiez à Washington il y a quelques jours. Il est important de pouvoir nous rendre compte ici de la façon dont vous avez pu aborder ces sujets, surtout la situation concernant le Groenland, puisque nous sommes directement concernés.

Au travers de vos actions et de l'action de l'Europe, nous pourrons voir la fermeté à l'égard des É tats-Unis par rapport à un territoire souverain. Différents sondages ont d'ailleurs montré que 85 % des Groenlandais ne souhaitent pas devenir américains.

Monsieur le ministre, quels ont été vos contacts avec le secrétaire d' É tat Rubio? Quelles actions ou sanctions sont prévues à l'égard des É tats-Unis si les menaces du président Trump se transformaient en actions dans les prochaines semaines ou les prochains jours?

François De Smet:

Monsieur le ministre, vous avez déclaré que personne ne regrettera Nicolás Maduro. Le premier ministre a ajouté: "La place de Maduro est en prison". Sans doute. Mais je remarque que ce genre de déclaration se fait surtout une fois que l’intéressé se retrouve effectivement en prison.

Ce qui serait vraiment courageux aujourd’hui, ce serait de dire, par exemple, que la place de Vladimir Poutine est en prison. C’est encore plus vrai que pour Nicolás Maduro parce qu'il fait l’objet d’un mandat de la Cour pénale internationale et non simplement d’un mandat américain. Pourtant, c’est sans doute une phrase que vous ne direz jamais, parce que vous avez plus de chances de croiser Poutine que Maduro – surtout à présent – et surtout parce que la Belgique et les Européens ménagent depuis trop longtemps les empires en résurgence, qu’il s’agisse de la Chine, de la Russie ou des États-Unis.

C’est là le problème. Dans la communication du premier ministre comme dans la vôtre, commencer par accabler Maduro, qui est effectivement un autocrate corrompu, vise à suggérer que même si Trump exagère, même s’il ne respecte pas le droit international, il ferait quelque part le sale boulot pour nous et que personne ne pourrait défendre Maduro. Non, monsieur le ministre! Trump a tort, quel que soit le pédigrée du président qu’il a fait enlever. C’est cela qu’il faut avoir le courage de dire! En effet, il a utilisé la force à des fins d’intimidation. C’est la première chose que vous auriez dû dire, vous comme premier ministre, plutôt que de ménager la chèvre et le chou.

C’est pour cette raison que je ne suis pas rassuré non plus sur le Groenland. J’attends de votre part des mots beaucoup plus forts de soutien au Danemark et au Groenland. J'attends des mots qui ne se contentent pas d’affirmer que l’intégrité territoriale est importante mais qui disent aussi que, tout atlantistes que nous sommes, nous ne pourrons pas accepter un usage de la force entre membres, ce qui signerait de facto la fin de l’Alliance.

Pourquoi est-ce important? Cette position est importante parce que Trump joue l’intimidation. Il pense être si fort qu’il lui suffit de crier pour que les événements se produisent et qu’il n’aura donc pas besoin de prendre ce territoire par la force. Il est temps de sortir de l’eau tiède. Il est temps que ce monsieur rencontre des personnes qui osent lui dire non. Je vous avoue que ce n’est pas l’impression majeure qui se dégage lorsque l’on voit vos photos tout sourire avec M. Marco Rubio.

Els Van Hoof:

Mijnheer de minister, 2026 begon jammer genoeg met een bang . Na Rusland, Iran en Rwanda besloot ook de VS dat het internationaal recht iets optioneel is. Het bombarderen van een land en kidnappen van een staatshoofd zijn grove schendingen van het internationaal recht. Het Witte Huis leidt duidelijk aan schizofrenie, waarbij vredesbeloftes vlotjes worden afgewisseld met imperiale ambities.

Nicolás Maduro heeft weliswaar geen communiezieltje. Hij bestuurde zijn land als een corrupte dictator, samen met drugkartels die elke oppositie gewelddadig monddood maakten. Ik zie dat ook het Vlaams Belang dat ondersteunt. Diens dictatuur doet echter niets ter zake. Washington schept een gevaarlijk precedent. Voor cd&v is het duidelijk: het internationaal recht is geen vrijblijvende afspraak, maar wel de ruggengraat van een wereldorde die kleine landen beschermt tegen grote bullebakken. Waarom zouden China en Rusland morgen niet hetzelfde mogen doen met Taiwan en de Baltische Staten?

De keuze is aan ons. Ofwel worden we de speelbal van een stratego voor de belangen van een aantal grootmachten die de wereld uiteindelijk onwelvarender en onveiliger maken, ofwel kiezen we voor de uitbouw van onze strategische autonomie in defensie, kiezen we, zoals we altijd hebben gedaan, voor het internationaal recht, met duidelijke waarden en afspraken. Voor cd&v is het alvast duidelijk: wij kiezen voor het VN-Handvest en voor de NAVO-afspraken die werden gemaakt. Dat is geen vodje papier, die zijn niet vrijblijvend.

Mijn vraag is dan ook de volgende. (…)

Voorzitter:

Mevrouw Van Hoof, uw twee minuten spreektijd is om.

Annick Lambrecht:

Mijnheer de minister, Europa moet wakker worden en de realiteit onder ogen zien. President Trump heeft de wereld veel gevaarlijker gemaakt en het internationaal recht ingeruild voor het recht van de sterkste.

Om te beginnen zien we een brutale, illegale aanval op Venezuela, waarbij een staatshoofd wordt ontvoerd. Een dictator minder is uiteraard winst, maar de manier waarop, vormt een flagrante schending van het internationaal recht. We kennen allemaal de redenen: olie en afleiding van Trumps eigen puinhoop in de Verenigde Staten.

Vervolgens worden Groenlanders en onze bondgenoot Denemarken openlijk bedreigd. President Trump wil Groenland inlijven, desnoods met de inzet van het leger.

Mijnheer de minister, laat het duidelijk zijn: alleen de Venezolanen en de Groenlanders beslissen over hun eigen toekomst. Europa moet aan hun kant staan en aan de kant van het internationaal recht. President Trump toont aan Rusland en China dat zij bijvoorbeeld Oekraïne of Taiwan zomaar kunnen inlijven zonder gevolgen, zonder boe of ba. Europa moet nu een duidelijke rode lijn trekken.

Mijnheer de minister, u was onlangs in de Verenigde Staten. Bent u ook het gesprek aangegaan met uw Europese collega’s? Zal Europa een vuist maken tegen de strafloosheid en voor het internationaal recht?

Rajae Maouane:

Monsieur le président, monsieur le ministre, meilleurs vœux de paix pour cette année 2026. Elle commence fort, puisque le 4 janvier, le président américain a menacé ouvertement le Groenland et le Danemark au nom de la sécurité nationale. Dans le même temps, une attaque américaine illégale visait le Venezuela, suivie de l'enlèvement de son président en exercice.

Ce n'est pas un dérapage, c'est une continuité historique. L'Irak, l'Afghanistan, la Libye, la Syrie, aujourd'hui le Venezuela, le Groenland demain et d'autres sans doute, avec toujours la même logique: un droit international à géométrie variable, invoqué contre les plus faibles, piétiné par les puissances impérialistes.

Soyons clairs, nous ne défendons pas ici le régime autoritaire de Nicolás Maduro ni ses dérives. Mais rien ne justifie qu'un État tiers renverse un gouvernement par la force armée. Le droit international est limpide. La violence est interdite, sauf mandat de l'ONU ou légitime défense. Ce n'est pas une opinion, c'est la règle.

Dans le même temps, les États-Unis se retirent de dizaines d'organisations internationales comme l'Organisation mondiale de la Santé (OMS) ou le Groupe d'experts intergouvernemental sur l'évolution du climat (GIEC) – cela a été annoncé ce matin. Il faut donc arrêter de nous parler d'alliés. Alliés de quoi, en fait? D'un équilibre international que les États-Unis piétinent quand il les dérangent?

Face à tout cela, l'Europe baisse les yeux et la Belgique se tait. Mais à force de fermer les yeux, on finit toujours par payer le prix. Il faut arrêter d'être naïfs. Le moteur réel de ces agressions n'a jamais été la démocratie. Cela a toujours été des intérêts financiers, des intérêts énergétiques. Là, c'est le pétrole.

La vraie question est la suivante: voulons-nous vraiment continuer à subir un monde de prédateurs, ou voulons-nous construire une autonomie réelle?

Monsieur le ministre, quelle est aujourd'hui la position officielle de la Belgique face à l'attaque américaine contre le Venezuela, liée aux menaces visant un territoire allié au sein de l'OTAN? Nous n’avons pas entendu de condamnation explicite, ferme, publique, alors que les principes élémentaires du droit international étaient complètement bafoués.

La Belgique va-t-elle s'aligner dans le silence et la soumission aux États-Unis ou va-t-elle avoir une politique étrangère cohérente, fondée sur le droit et sur la souveraineté des peuples?

Maxime Prévot:

Collega’s, we leven in een periode van ongekende druk op de op regels gebaseerde internationale orde. De vannacht door de Verenigde Staten aangekondigde terugtrekking uit een aantal internationale organisaties bevestigt eens te meer de betreurenswaardige afwijzing van het multilateralisme door de Amerikaanse regering. Dat herinnert ons aan een eenvoudige realiteit, namelijk dat onze overtuiging als Europeanen dat de wereld moet functioneren volgens regels die voor iedereen bindend zijn, lang niet overal wordt gedeeld.

Comme vous le savez, l'heureux hasard du calendrier fait que je reviens d'une mission à Washington. J'y ai eu l'occasion de m'entretenir avec de nombreuses autorités américaines, et le constat qui s'en dégage est limpide: nous partageons largement les mêmes préoccupations et nous faisons face aux mêmes défis au niveau mondial, mais nous nous inscrivons dans des perspectives parfois radicalement différentes lorsqu'il s'agit d'identifier les réponses.

Wat Venezuela betreft, zal niemand het vertrek van Nicolás Maduro betreuren. Wij hebben hem nooit erkend als de legitieme president van dat land, dat hij heeft laten wegzinken in een rampzalige politieke, economische en humanitaire situatie. Hij was allesbehalve een verdediger van het internationale recht. Voor de Verenigde Staten vormde Venezuela ook een veiligheidsdreiging, vooral vanwege de banden van het regime met Iran, Rusland en China.

Mais dire cela ne signifie pas cautionner les méthodes employées pour déloger ce dictateur.

Pour un pays comme le nôtre, un pays qui doit sa sécurité et sa prospérité à l'existence même d'un système fondé sur les règles protégeant les plus petits des tentations prédatrices des plus grands, le respect de ce système n'est pas un luxe, c'est clairement une condition d'existence. Ce droit, clairement, n'a pas été respecté dans le cas présent et il n'y a pas eu, contrairement à certains propos caricaturaux entendus, de silence ni de la part de la Belgique ni de la part de l'Europe. Nous nous sommes d'ailleurs exprimés dans une déclaration à 26 pays.

Ces interrogations sont d'autant plus légitimes que des menaces ont été formulées de manière très explicite par le président Trump concernant le Groenland, suscitant une vive inquiétude en Europe et un légitime tollé dont je me suis fait le relais à Washington.

Ik ben tegenover mijn gesprekspartners duidelijk en eerlijk geweest. We kunnen de veiligheidsbezorgdheden van de Verenigde Staten met betrekking tot de Arctische regio begrijpen. Het is echter onaanvaardbaar om de territoriale integriteit van een bevriende natie en bondgenoot in vraag te stellen, terwijl de NAVO en de bestaande veiligheidsakkoorden met Denemarken het passende kader bieden voor een nauwe en doeltreffende samenwerking.

Le Groenland n'est pas un territoire négociable ni une zone d'influence à redistribuer. Il relève d'un cadre juridique précis, fondé sur la souveraineté du royaume du Danemark et sur le droit du peuple groenlandais à disposer de lui-même. La souveraineté des États et l'intégrité territoriale ne sont pas des principes à géométrie variable. Et remettre ces principes en question, ne serait-ce que sur le plan rhétorique, fragilise l'un des piliers fondamentaux de la stabilité internationale. Cela, nous ne pouvons pas l'accepter. C'est clair, c'est net!

Monsieur Lacroix, il n'y a pas eu de signature de la déclaration d'une série de leaders simplement parce que la Belgique – comme tous les autres qui n'ont pas signé – n'a pas été invitée à le faire. Il n'y a pas non plus de mobilisation, à ce stade, du Conseil de l'Atlantique Nord, simplement parce que chacun attend de voir ce que pourra donner la réunion prévue la semaine prochaine entre les autorités danoises et américaines. Mais j'ai veillé à avoir un contact permanent avec mon homologue danois pendant mes rencontres.

Toch zou het naïef zijn om de evidentie te ontkennen. Onze relatie met de Verenigde Staten blijft strategisch. We moeten blijven investeren in dat partnerschap. We moeten dat doen in het kader van open en kritische uitwisselingen waarbij we onze standpunten met de grootste vastberadenheid verdedigen. Dat is de lijn die ik tijdens de missie heb gevolgd.

J'ai pu rencontrer toute une série d'acteurs clés auxquels je m'en suis ouvert, avec à chaque fois le privilège du dialogue direct.

Die gesprekken hebben ook aangetoond dat achter bepaalde uitspraken, die soms abrupt overkomen, nuances en legitieme bekommernissen schuilgaan waarop men niet met verontwaardiging moet reageren, maar met argumenten, het recht en bovenal geloofwaardigheid.

Christophe Lacroix:

Merci, monsieur le ministre, pour vos réponses.

Je suis préoccupé par une partie de votre déclaration, lorsque vous dites que nous partageons les mêmes préoccupations, que nous comprenons les États-Unis. Non, vous ne pouvez pas dire ça, monsieur le ministre des Affaires étrangères! C'est faire preuve de plus que de la naïveté. C'est coupable, comme vos familles politiques sont coupables de cette dislocation de l'Union européenne.

Depuis des années, c'est votre courant politique, ou les courants nationalistes qui affaiblissent l'Europe. En achetant américain, on continue à financer l'impérialisme américain. On l'a fait sous le gouvernement MR-N-VA en 2014-2018. Et vous le refaites aujourd'hui. Ouvrez grand les yeux sur ce qu'il se passe!

Vous devez convoquer une réunion urgente de l'OTAN, car l'intégrité territoriale du Danemark est menacée. Vous devez décider d'un gel immédiat sur l'achat d'armes et d'équipements américains. Et vous devez vous ressaisir et constituer l'inspiration, et non plus le regret de ne pas avoir été convoqué à la signature d'une lettre par certains pays signataires. La Belgique a été le moteur de l'Union européenne et elle doit le rester, malgré Bart De Wever.

Voorzitter:

Er zijn blijkbaar een aantal klokproblemen, wat het voor de sprekers niet makkelijker maakt. Ik hoop dat uw minuut wordt geregistreerd.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, ik dank u voor het antwoord.

Over Groenland was u vrij duidelijk. Over Venezuela is het standpunt van de regering veel minder duidelijk. Het internationaal recht is niet iets waaruit à la carte kan worden gekozen: de ene dag dit, de andere dag dat, volgens de goesting van de dag. Zo werkt dat niet.

Als democratische rechtsstaat nemen wij het internationaal recht als basis voor uw handelen, niet meer en niet minder. Dat gebeurt consequent, ongeacht of het nu gaat over meer sympathieke casussen zoals Groenland, waarover iedereen het min of meer eens is, dan wel over een dictatuur zoals Venezuela. Ook wanneer het over schurkenstaten gaat, zijn en blijven de regels van internationaal recht immers een basis.

Groen wil dat de regering consequent de kaart trekt van het internationaal recht. Het is hoog tijd dat de regering dat doet en het gedrag en de dreigementen van een bullebak als Trump ook krachtig veroordeelt.

Peter Mertens:

Mijnheer de gezant van de Verenigde Staten, ik wil toch wel even iets opmerken.

De Verenigde Staten hebben vorig jaar Iran gebombardeerd. U zweeg. Ze hebben Somalië gebombardeerd. U zweeg. Ze hebben Syrië gebombardeerd. U zweeg. Ze hebben Jemen, Irak en Venezuela gebombardeerd. U zweeg. Wat zegt u nu? Er kunnen misschien wel legitieme bekommernissen zijn.

Wat hebt u daar eigenlijk gedaan in Washington? Naar wie hebt u daar eigenlijk geluisterd? Groenland wordt vandaag bedreigd en u stelt dat er misschien wel legitieme bekommernissen kunnen zijn. Dat is uw antwoord hier vandaag.

Als cadeau kopen wij nog meer F-35’s aan bij de Verenigde Staten en steunen wij die natie op die manier nog meer. Welk signaal geven wij eigenlijk aan de Verenigde Staten? Wij laten ons doen. Kom maar. Annexeer Groenland. Wij zullen niets doen. Wij zullen nog meer materiaal bij jullie aankopen.

Mijnheer de minister, u zit op de knieën voor de Verenigde Staten en het zal u zuur opbreken.

Benoît Lutgen:

Après cet éloge de la nuance que nous venons d'entendre, permettez-moi simplement de dire que le Danemark a acheté 12 F-35 voici un mois et demi. C'est une simple indication à titre d'exemple.

(…) : (…)

Benoît Lutgen:

Attendez! On vous a beaucoup vu vous agiter lorsque M. le ministre a dit que nous n'allions pas pleurer sur le sort de M. Maduro. Or c'est ce que vous faites! Au PTB, cela se sent! Nous avons vu vos amis en France manifester à cet égard. Oui, la manière dont M. Maduro a été capturé pose en effet question, mais je ne regrette jamais quand un dictateur est capturé. Adolf Eichmann l'a été en 1960 en Argentine. Et heureusement qu'il l'a été! Je peux vous le vous dire. C'est la Shoah derrière! Heureusement que des personnes l'ont capturé, parce que ce sont des dictateurs, et ils ont leur place en prison – et nulle part ailleurs! D'accord? Cela, nous devons pouvoir le dire aussi. Mais cela (…)

François De Smet:

Monsieur le ministre, merci pour votre réponse. Cela dit, vous venez de jongler entre la chèvre et le chou, et il faut du talent pour y parvenir. En tout cas, nous commençons à connaître les ficelles et, dans votre fonction, à atteindre les limites du "en même temps" des Engagés.

Tout d'abord, nous assistons à une logique impérialiste. Il faut arrêter de nous balader avec l'histoire des impératifs de sécurité américains. Si c'était vraiment leur centre d'intérêt, ils avaient pourtant déjà tout ce qu'il faut et disposaient également des accords nécessaires. Ils veulent un gain territorial. Point à la ligne! Il faut donc cesser de pécher par naïveté.

Ensuite, vous appartenez à un gouvernement qui a décidé de s'engager dans davantage de dépendance aux É tats-Unis via l'achat de ces F-35. Je peux vous dire, monsieur Lutgen, que les Danois sont en train de le regretter parce qu'ils n'en ont pas été récompensés. Par conséquent, vous allez accroître notre dépendance technologique. In fine , le slogan diplomatique de ce gouvernement est d'essayer de ménager la chèvre et le chou. Je crois qu'une telle attitude nous conduit tout droit vers le mur.

Els Van Hoof:

Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. Het is duidelijk, net als de christendemocraten kijkt u naar een wereld op basis van multilateralisme, op basis van samenwerking en diplomatie, op basis van een waardig, gedreven buitenlands beleid waar het internationaal recht primeert. Dat is ook de beste garantie op het vlak van vrede, veiligheid en ook welvaart.

U zei: we zijn nog altijd een partner van de VS. Maar dat betekent niet dat we een knieval moeten maken ten aanzien van de VS. We moeten ook duidelijk maken aan daddy dat in ons Huis en in ons huishouden het recht van de sterkste niet geldt en dat spierballengerol daar ook niet geldt, maar dat goede afspraken goede vrienden maken. Dat is het internationaal recht. Dat betekent heel concreet ten aanzien van Groenland dat we ons aansluiten bij het VN-Handvest en dat de NAVO-afspraken blijven gelden. Dat betekent ten aanzien van Venezuela dat de Amerikaanse interventie een schending was van het internationaal recht. Dat willen we naleven.

Annick Lambrecht:

Dank u wel voor uw antwoord, mijnheer de minister. Trump zet inderdaad eeuwenoude bondgenootschappen op losse schroeven. Meer oorlog betekent meer onschuldige slachtoffers. Maar ook een slechtere economie en hogere prijzen, ook hier.

We hebben het gezegd, Europa moet het heft in handen nemen. Niemand zei het hier, maar wij zijn de grootste consumentenmarkt ter wereld. Dat is onze hefboom. Ook die moeten we gebruiken. We moeten veel sterker samenwerken in Europa. We moeten Denemarken steunen. We moeten een vuist maken, een vuist tegen China, Rusland, de VS, maar ook tegen anderen die het internationaal recht schenden.

Mijnheer de minister, ik reken erop en met mij velen, dat u binnen de EU pleit voor een Europa met veel meer en met hardere tanden. Dank u wel.

Rajae Maouane:

Merci, monsieur le ministre, pour vos réponses, même si je dois vous avouer qu'elles m'inquiètent un peu parce que vous avez démontré que le droit international est en train de devenir une fable, une histoire qu'on se raconte pour se donner bonne conscience. Aujourd'hui, selon qu'on soit à Gaza ou à Washington, ce n'est pas du tout la même règle qui s'applique. Cela est, pour nous, vraiment inacceptable. Le droit international doit valoir pour tout le monde, sinon il ne signifie plus rien. C'est précisément là que se jouent notre avenir et notre autonomie: dans l'industrie, l'énergie, la défense. Il faut des choix politiques clairs, relocaliser notre industrie, sortir de la dépendance aux énergies fossiles importées, construire une capacité de défense européenne qui soit crédible et indépendante. Cela passe par le fait de bâtir une Europe qui soit souveraine, écologiste, indépendante. C'est sortir, en fait, de cette soumission aux grandes puissances, dont les États-Unis, soumission dont vous nous avez fait une démonstration assez hallucinante. L'Europe n'est pas un paillasson et la Belgique non plus. Et il ne faudra pas qu'elle le devienne avec l'Arizona.

economie en werk

De niet-toeleidbaren en de beperking van de werkloosheid in de tijd
De beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd
Duur van werkloosheid en uitkeringsbeperkingen

Gesteld aan

David Clarinval (Minister van Werk, Economie en Landbouw)

op 18 december 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Jeroen Van Lysebettens bekritiseert minister Clarinval omdat diens hervorming 10.000 chronisch zieken en kwetsbaren zonder uitkering laat vallen, terwijl ze willen werken maar door het systeem in de steek gelaten worden—hij eist een directe uitbreiding van het statuut voor niet-toeleidbaren. Clarinval verdedigt de hervorming door te stellen dat niet-toeleidbaren tijdelijk via leefloon en OCMW-steun opgevangen worden en belooft een alternatief systeem pas in 2028, wat Van Lysebettens "broddelwerk" noemt. Van Quickenborne (Open Vld) steunt de tijdsbeperking op werkloosheidsuitkeringen maar hamert op ontvetting: hij wil vakbonden en ziekenfondsen digitaliseren om miljarden te besparen, aangezien hun huidige financiering (o.a. 200 miljoen/jaar voor uitkeringsadministratie) inefficiënt is. Clarinval bevestigt dat de administratiekosten slechts 10% dalen (20-27 miljoen) ondanks 33% minder werklozen, maar belooft verdere evaluatie—terwijl Van Quickenborne dit onvoldoende vindt en pleit voor radicale bezuinigingen op "oude structuren".

Jeroen Van Lysebettens:

Mijnheer de minister, vandaag lezen we op de voorpagina van De Standaard het verhaal van mevrouw Doucy. Zij is meer dan 20 jaar werkloos en zal door uw beleid haar uitkering verliezen. Nochtans wou ze werken, volop zelfs. Ze werkte jarenlang, elke dag, tot ze thuis kwam en volledig uitgeput was. Ze werkte deeltijds, maar de vermoeidheid bleef. Na een jaar van medische tests en onderzoeken luidde de conclusie dat ze volgens de VDAB te ziek is om te werken, maar volgens het RIZIV niet ziek genoeg is.

Er bereiken ons talrijke getuigenissen van mensen die hard hebben gewerkt tot ze niet meer konden. Het gaat om mensen met chronische aandoeningen, mensen met autisme, die daardoor geen plek vonden op de arbeidsmarkt en vaak zelfs niet zelfstandig kunnen wonen. De verhalen verschillen, maar de conclusie is dezelfde: die mensen willen werken, maar zijn slachtoffer van een systeem dat niet werkt. Alleen al in Vlaanderen verkeren er zowat 10.000 mensen in die situatie. Een groot deel van hen zal binnenkort zonder uitkering vallen, zonder perspectief en zonder hoop.

Nochtans kunt u dat oplossen door de uitzondering voor niet-toeleidbare jongeren uit te breiden naar die personen. Dat is een concrete oplossing voor een concreet probleem. U weet dat die oplossingen bestaan; uw coalitiepartners hebben u daar bovendien op gewezen. Vorige week heb ik zelf een wetsvoorstel ingediend.

U onderneemt echter geen actie. Over twee weken zullen die mensen, die door chronische ziekten of andere beperkingen niet kunnen werken, hun uitkering verliezen. Ze verdwijnen niet, maar zullen door de arizonaregering in bittere armoede belanden. Is dat het plan achter uw beleid: Arizona als armoedemotor van België?

Vincent Van Quickenborne:

Mijnheer de minister, wij zijn de enige oppositiepartij die uw beperking van de werkloosheid in de tijd steunt. We zijn dus constructief, vooral omdat die beperking werklozen activeert en arbeidstekorten worden ingevuld. Dat is een goede zaak.

Mijnheer de minister, we hebben wel altijd gezegd dat, als u die hervorming wil laten lukken, de beperking in de tijd aan een ontvettingsoperatie gekoppeld moet worden. Vandaag betalen de vakbonden de werkloosheidsuitkeringen uit. Dat gebeurt in geen enkel land. Dat kost de belastingbetaler meer dan 200 miljoen euro per jaar. De logica is dus dat hoe meer werklozen er zijn, hoe meer dotaties er volgen. Dat is het businessmodel van onze vakbonden.

Mijnheer de minister, er is daarvoor een simpele oplossing. Doe zoals in alle Europese landen en digitaliseer het systeem. Dan kunt u de vakbonden afschaffen, want dan zijn ze niet meer nodig.

Dat is voor de arizonaregering echter misschien iets te hoog gegrepen. J’ai donc une deuxième suggestion . Puisque le nombre de chômeurs diminuera d’un tiers , maak ik mij de volgende bedenking. Een derde minder werklozen betekent ook een derde minder dossiers en dus een derde minder dotaties aan de vakbonden. Dat denk ik dan toch.

Daarom heb ik drie eenvoudige vragen.

Ten eerste, mijnheer de minister, goede minister van Arbeid en de eerste liberale minister op het departement Werk sinds 1924, wat is de impact van de beperking van de werkloosheid in de tijd op het aantal dossiers?

Ten tweede, wat is de impact daarvan op de dotaties aan de vakbonden?

Ten derde, ook als er inderdaad een derde minder dossiers te behandelen zijn, zouden de dotaties naar verluidt toch niet met een derde afnemen. Klopt dat of niet? Ik hoor graag wat u daar eventueel aan wilt doen.

David Clarinval:

Mijnheer de voorzitter, collega’s, de bevoegde regionale arbeidsbemiddelingsdienst erkent al wie geconfronteerd wordt met duurzame psychomedische en sociale problemen die elke inschakeling in de reguliere of aangepaste arbeidsmarkt onmogelijk maken, als niet-toeleidbare werkzoekende. Dat statuut, dat in 2019 werd ingevoerd, legt een paradox bloot. Personen van wie is vastgesteld dat zij niet in staat zijn om te werken, worden langdurig in de werkloosheidsverzekering gehouden, terwijl die verzekering net is bedoeld als een activerend systeem naar werk. Met oog voor die menselijke en sociale realiteit heeft de regering beslist het systeem van de beschermingsuitkeringen voorlopig te behouden, zodat ik samen met mijn collega Beenders een alternatieve oplossing kan uitwerken die het mogelijk maakt het stelsel vanaf 2028 te vervangen.

Ik beklemtoon dat wij niemand aan zijn lot overlaten. Personen die hun recht op werkloosheidsuitkeringen verliezen en niet over voldoende bestaansmiddelen beschikken, zullen een beroep kunnen doen op het leefloon met begeleiding door de OCMW’s. Daarom voorziet de regering ook in een substantiële compensatie voor de OCMW’s en zal zij jaarlijks 50 miljoen euro investeren in een groeipad voor de sociale economie. Op die manier wordt ook meer perspectief geboden op werk voor wie geen toegang heeft tot de reguliere arbeidsmarkt.

Mijnheer Van Quickenborne, mijn administratie verwacht een daling van het aantal fysieke eenheden met 108.295 fysieke eenheden in 2026 en met 143.660 fysieke eenheden in 2027 ten opzichte van een situatie zonder werkloosheidshervorming. Het valt ook op te merken dat de hervorming gepaard gaat met een aanzienlijke vereenvoudiging van de regelgeving en dat ze anticipeert op de efficiëntiewinsten als gevolg van de implementatie van eGov 3.0.

De RVA kent een vergoeding toe voor de administratiekosten van de uitbetalingsinstellingen. De vaststelling van die vergoeding en de verdeling over de uitbetalingsinstellingen is gebaseerd op het koninklijk besluit van 16 september 1990 tot vaststelling van de vergoeding van de administratiekosten van de uitbetalingsinstellingen belast met de uitbetaling van werkloosheidsuitkeringen.

Op basis daarvan schat de administratie dat de administratiekosten in 2026 en 2027 zullen dalen met respectievelijk 20 en 27 miljoen. Het verschil tussen de aanzienlijke daling van het aantal vergoede werklozen en de relatief beperkte afname van de administratiekosten vloeit voort uit de huidige berekeningsmethodiek, waarbij volumeschommelingen slechts in beperkte mate doorwerken in de vaststelling van de vergoeding.

De financiering en de werking van de uitbetalingsinstellingen blijven een aandachtspunt. In dat kader zal ik de impact van de beperking van de werkloosheid in de tijd dan ook zorgvuldig opvolgen en, indien nodig, nagaan of bijsturingen aangewezen zijn, op basis van objectieve evaluaties.

Jeroen Van Lysebettens:

Mijnheer de minister, dit is exemplarisch voor het broddelwerk van Arizona. Men voert iets in, men dompelt de mensen onder in onzekerheid en in 2028 zal men eens kijken wat de gevolgen zijn. Dat is toch niet te doen?

Bijkomend ziet u het OCMW als oplossing voor alles wat er dan misloopt. Iedereen die nergens terechtkan moet in de bijstand. Dat is geen oplossing voor deze mensen. De OCMW's zelf vragen om specifieke oplossingen voor specifieke problemen. U voorziet inderdaad extra financiering, maar die zal ook broodnodig zijn, want de vloedgolf die op ons afkomt, is niet te onderschatten.

Vincent Van Quickenborne:

Mijnheer de minister, eigenlijk zegt u dat er in 2026 een daling met 20 miljoen zal zijn en in 2027 een met 27 miljoen. Op de totale massa is dat een daling van ongeveer 10 %, terwijl het aantal werklozen daalt met 33 %. Het is een stap, maar het is een te kleine stap.

Je sais que mon collègue M. Bouchez dit toujours: "Au nom de ma formation politique, il n'y aura pas de nouvelles taxes".

Mag ik u een tip geven voor de volgende begrotingsrondes, die er ongetwijfeld aankomen? Luister ook naar wat het IMF zegt. Bespaar op de oude structuren. De ziekenfondsen in ons land krijgen jaarlijks 1,4 miljard euro om een job te doen die een app in 3 seconden kan doen.

Exact hetzelfde geldt voor de vakbonden.

Collega's, in de plaats van taks, taks, taks, zou ik zeggen: ontvet, ontvet, ontvet. Dat moeten we doen. Dank u.

Voorzitter:

Dank u wel, collega Van Quickenborne. Ook bedankt voor de gezondheidstip die u ons meegegeven heeft. Met het oog op de eindejaarsfeesten is dat niet fout.

economie en werk

Belfius of de kip met de gouden eieren die geslacht wordt

Gesteld door

Groen Meyrem Almaci

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 11 december 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Meyrem Almaci kritiseert de geplande verkoop van 20% Belfius-aandelen als kortzichtig en dom: de bank, gered met belastinggeld, zou nu vooral de rijken en bonussen dienen, terwijl maatschappelijk engagement (klimaat, ethiek) ontbreekt, en de eenmalige opbrengst de staatsschuld nauwelijks verlicht. Minister Jan Jambon verdedigt de verkoop als strategische versterking: private aandeelhouders brengen expertise en kapitaal, terwijl de overheid (met 80%) de controle behoudt en via hogere dividenden stabiele inkomsten garandeert—geen begrotingsoplossing, maar groeikans. Almaci blijft sceptisch: de verkoop is onnodig, opent de deur voor marktinvloed en bonuscultuur, en verraadt het oorspronkelijke doel van Belfius als publieke bank voor de samenleving. De discussie draait om eigendom vs. groei en wie de "gouden eieren" van de geredde bank mag opeisen.

Meyrem Almaci:

Ik kaart een ons welbekend thema aan, namelijk Belfius, mijnheer de minister. Helaas moet ik zeggen dat ik de beslissing rond Belfius dom en kortzichtig vind. De beslissing om een vijfde van de aandelen in onze overheidsbank in de etalage te zetten, is dom, omdat de bank werd gered met geld van de belastingbetalers. In plaats van haar in te zetten voor de belastingbetaler en voor de Belgische economie, volgt u nu de wilde plannen van de CEO, die al heel lang weg wil van onder de vleugels van de overheid en die zich steeds meer op de allerrijksten richt. De gouden kip, die er enkel kwam dankzij ons allemaal in heel moeilijke tijden, moet blijkbaar vooral eieren opbrengen voor een luxesegment en voor bonussen voor de directie.

Het is ook kortzichtig. De verkoop is een eenmalige maatregel die tijdelijk wat cash zal opbrengen, maar op lange termijn minder zal opleveren. Daarna is er onherroepelijk een externe partner bij, die ook zijn deel van de eieren, van de centen zal willen en mee de koers van de bank zal willen bepalen. U krijgt één keer middelen om de begroting te stutten, maar nadien zijn we 20% van de aandelen kwijt. De staatsschuld zal er nauwelijks door dalen. Het is een druppel op een hete plaat.

Ik vind de beslissing bedroevend. Il faut le faire , na de bankencrisis, zeker omdat Belfius de afgelopen vijftien jaar alsmaar slechter presteert op het vlak van maatschappelijk engagement. Belfius behoort tot de slechtste banken in ons land. Ethiek, mensenrechten en klimaat lijken niet belangrijk. Samen met BNP Paribas behoort Belfius tot de slechtste leerlingen, maar ze heeft wel geld om luxueuze penthouses in Knokke te kopen en om bonussen uit te keren.

Mijn vragen zijn eenvoudig.Hoe verantwoordt u de oneshotmaatregel als overheid?

Hoe zult u voorkomen dat de bank verder afglijdt op het vlak van mensenrechten, ethiek en maatschappelijk verantwoord bankieren?

Waarom kiest u er niet voor om de kapitaalpositie af te romen?

Ten slotte, hoe zult u de kunstcollectie van Belfius beschermen? Dat is geen detail.

Jan Jambon:

Mevrouw Almaci, laat ik beginnen met de essentie. De Belfiusoperatie is geen begrotingsoefening. Het is geen middel om de begroting op te smukken. De opbrengsten uit de verkoop zijn ook geen ontvangsten die het vorderingensaldo zullen beïnvloeden. Daarom is de opbrengst bewust niet opgenomen in de huidige begrotingscijfers. Het is integendeel een strategische beslissing op lange termijn, gericht op de duurzame versterking van de bank en is geen eenmalige boekhoudkundige ingreep.

De afgelopen jaren heeft Belfius een sterk parcours afgelegd. Met de overheid als enige aandeelhouder botst de bank echter stilaan op haar groeilimiet. Door het kapitaal gedeeltelijk voor private aandeelhouders open te stellen, creëren we een nieuwe dynamiek en toegang tot aanvullende expertise en extra kapitaal. Dat biedt nieuwe mogelijkheden om de bestaande groeicurve te versterken. Mevrouw Almaci, ik zie dat ik u glimlacht. Ik heb u dus een grappige middag bezorgd en ten minste één doelstelling bereikt.

De overheid blijft een belangrijke meerderheidsaandeelhouder van Belfius. We blijven dus mee aan het stuur zitten, maar laten ruimte voor versterking, omdat die nodig is. De overheid behoudt, zelfs met een verkoop van maximaal 20 %, een invloedrijke positie met 80 % van de aandelen. De Belgische Staat blijft zo waken over de financiële stabiliteit, over de kredietverlening aan kmo's en aan lokale besturen en over de nationale verankering van de bank. Bovendien bestaat de mogelijkheid om dankzij de verdere groei en de versterkte balans via een extra dividend excess capital uit te keren.

De begrotingsgevolgen van de verkoop worden gecompenseerd door een verhoging van de winstuitkering tot een niveau dat courant is bij andere banken. De payout ratio zal worden verhoogd van 40 % naar 50 %. De gewone dividenden voor de overheid blijven dus stabiel, zelfs met een wat kleiner aandelenpakket.

Voorzitter:

Mevrouw, er was nog een verhaal met kippen.

Meyrem Almaci:

Mijnheer de minister, wie maakt u wat wijs? We verkopen een vijfde, zodat we meer kunnen groeien? Met alle liefde, maar de nieuwe aandeelhouder zal ook een vinger in de pap willen hebben.

Het is een groot vraagteken of dat de bank stabieler zal maken. Het geheugen blijkt soms kort te zijn. We kunnen allemaal bij het ouder worden misschien iets vergeten, maar dit hier? Toen het over Euroclear ging en de Russische tegoeden, was de premier degene die in Europa iedereen inpeperde om de kip met de gouden eieren niet te slachten, aangezien dat geld is van Rusland.

Met het geld van de belastingbetaler doet u nu exact hetzelfde, zij het gedeeltelijk. Begrijpe wie kan. De waarheid is dat de verkoop onnodig is. Daarmee zet u de deur open voor nog meer expansie. We waren samen zeer combatief tijdens de bankencrisis en nu bent u – het moet mij van het hart – totaal onverschillig en vertelt u het tegenovergestelde verhaal, enkel opdat de CEO meer bonussen kan krijgen en zich op de markt kan begeven. De gouden eieren mogen nu mee worden verdeeld onder anderen. Dat is de realiteit. De kip werd nochtans gered met geld van elke belastingbetaler. Toen waren ze er niet bij.

Voorzitter:

Ter informatie, de geheime stemming voor de naturalisaties wordt tot 17u30 verlengd. U hebt nog tijd, maar ik zou niet wachten tot het laatste moment. U weet maar nooit of er een wachtrij staat.

internationale politiek en migratie

De uitvoering van het nieuwe Europese migratiebeleid
De solidariteitsbijdrage
De nieuwe terugkeerverordening
Het Europese migratie-, solidariteits- en terugkeerbeleid

Gesteld aan

Anneleen Van Bossuyt (Minister van Asiel en Migratie, en Maatschappelijke Integratie)

op 11 december 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De Europese migratiedeal—met terugkeerhubs in derde landen en versnelde uitzetting van afgewezen asielzoekers—wordt door MR en minister Van Bossuyt (N-VA) verwelkomd als noodzakelijke versterking van een inefficiënt systeem (slechts 20% terugkeer uitgevoerd), maar stuit op fundamentele kritiek: Vlaams Belang ziet het als "cultureel doodvonnis" door massale immigratie (België nu 3e in EU voor asielaanvragen per capita), terwijl Groen (Vandemaele) het afdoet als dure, juridisch onhoudbare "schijnoplossingen" die mensenrechten ondermijnen en falen zoals het Amerikaanse model. Van Bossuyt verdedigt de deal als pragmatische oplossing—met 30% lagere Belgische bijdrage (€12,9m ipv €18,5m) en weigering om extra asielzoekers op te nemen—maar benadrukt dat solidariteit met grenslanden (financieel, niet via opvang) cruciaal is; Hongarije’s weigering wordt genuanceerd (vrijstelling omwille van Oekraïense druk). MR steunt de plannen als noodzakelijk voor een "duurzaam asielsysteem", terwijl Groen en VB de minister ideologisch motiveren (VB: "bewuste bevolkingsvervanging"; Groen: "statistiekcosmetiek" zonder echte oplossingen). De kernconflicten: efficiëntie vs. menselijkheid (terugkeerhubs, kinderdetentie), Europese solidariteit vs. nationale soevereiniteit (afkoopsommen, verplichte opvang), en de rol van mensenrechten (EVRM als "hinderpaal" vs. fundamentele waarde). Concreet blijft onduidelijk hoe, waar en wanneer de hubs operationeel worden—en of ze juridisch en financieel houdbaar zijn.

Victoria Vandeberg:

Madame la ministre, à l'heure où l'Europe redéfinit les contours de sa politique migratoire, des États membres et des partis dont le MR saluent ici une avancée historique: la création de hubs de retour hors de l'Union et la possibilité de renvoyer des demandeurs déboutés vers des pays tiers dits "sûrs". Ces hubs constituent une évolution importante du cadre européen.

Par cet accord, l'Union se dote enfin d'outils concrets pour renforcer les procédures de retour et assurer également une répartition plus efficace des responsabilités. Il était temps, car notre système d'accueil ressemble à un chantier où l'on voudrait bâtir étage après étage sans avoir finalement de fondations stables. À force d'ajouter du poids sans pause, ce n'est pas la volonté qui manque, mais c'est la stabilité. Rien ne tient vraiment et rien ne peut s'ancrer durablement. Pour garder un cap clair et assurer une place sûre à ceux qui en ont réellement besoin, il faut éviter la surcharge et rétablir l'équilibre.

Les décisions européennes vont précisément dans cette direction et offrent les moyens de stabiliser l'ensemble du système de l'asile. Ces avancées appellent aussi certaines clarifications, en particulier quant aux conditions de mise en œuvre dans les pays tiers.

Madame la ministre, avez-vous une idée du calendrier dans lequel les institutions européennes adopteront définitivement les textes juridiques? Comment la Belgique envisage-t-elle de mettre en œuvre ces nouvelles dispositions? Comment et par qui sera assuré le contrôle du respect des droits humains dans ces hubs de retour, afin de s'assurer que ces mesures s'inscrivent dans nos engagements européens? Quelle part financière la Belgique devra-t-elle assumer? Quelle est la répartition du financement de ces différents dispositifs? Enfin, pouvez-vous nous donner aujourd'hui le pourcentage de décisions de retour effectivement exécutées en Belgique?

Francesca Van Belleghem:

Mevrouw de minister, als de vreemdelingenpopulatie aan dit tempo blijft groeien, zal binnen negentien jaar nog maar de helft van de bevolking Vlaamse roots hebben. Vorig jaar telden we zoveel asielzoekers dat we heel de stad Ninove konden vullen en dit jaar kunt u opnieuw al Aalter vullen. Dat zijn 70.000 mensen op twee jaar tijd.

Veronderstel eens dat uw huis tot de nok vol zit en uw huisbaas u tot een keuze verplicht: ofwel propt u er nog meer mensen bij, ofwel betaalt u een boete omdat u er niet nog meer wilt bij nemen. Dat is precies waartoe de Europese Unie ons nu wil verplichten. Dat noemt men verplichte solidariteit. We moeten dus ofwel meer asielzoekers opnemen, ofwel een boete betalen van 13 miljoen euro. Hongarije en Polen weigeren nu al om te plooien voor de verplichte solidariteit, nul euro en nul extra asielzoekers.

Als u werkelijk wilt dat er binnen negentien jaar nog iets overblijft van Vlaanderen en van de Vlamingen, dan is de vraag niet of u asielzoekers hebt afgekocht of hebt overgenomen van andere lidstaten, maar dan is de vraag of u immigratie wel degelijk gestopt hebt.

Mevrouw de minister, kiest u voor het voortbestaan van Vlaanderen of kiest u voor de vervanging van onze eigen mensen?

Matti Vandemaele:

Mevrouw de minister, ik denk dat u welgezind van de Europese top bent teruggekeerd, want het stoere Belgische asiel- en migratiebeleid wordt nu ook Europees uitgerold. In die zin zijn jullie een beetje de slippendragers van het extreemrechts gedachtegoed dat Donald Trump hier probeert te installeren. Dat is eigenlijk ook wat minister Prévot daarstraks heeft geantwoord: over asiel en migratie zitten we op dezelfde lijn als de Verenigde Staten.

Het domste migratiebeleid ooit wordt nu dus naar een Europese dimensie getild. De vraag is uiteraard of dat door het Europees Parlement zal raken. Dat valt te betwijfelen. Ik hoop alvast dat men daar intelligenter is dan op de migratietop.

Ik begin bij de terugkeerhubs. Dat idee gaat al langer mee, maar iedereen weet dat zulke hubs duur zijn, weinig intelligent zijn, heel veel geld kosten en met grote juridische obstakels gepaard gaan. Waarom zet u daarmee door als u weet dat die schijnoplossing er nooit zal komen? Heel concreet, bent u van plan om daarin kinderen op te sluiten? Daarover schijnt nog discussie te bestaan.

België zal meebetalen aan het solidariteitsmechanisme. De vraag is echter wat er gebeurt als Hongarije, een land waaraan wij ons steeds meer spiegelen, nu al zegt niemand extra op te nemen en niet te zullen betalen. Stort het kaartenhuisje van de deal dan niet helemaal in, wanneer Hongarije weigert om mee te doen?

Mijn volgende vraag gaat over het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en het verdrag zelf. Dat vallen jullie steeds vaker aan. Mensenrechten zijn voor jullie duidelijk een vervelende hinderpaal. Gaat u daarmee door? Hoe beschouwt u dat?

Mevrouw de minister, uw migratiesprookje, dat in de realiteit op het terrein voor veel mensen een nachtmerrie is geworden, gaat almaar verder. Wanneer komt u uit uw ideologische loopgraven?

Anneleen Van Bossuyt:

Mevrouw Vandeberg, mevrouw Van Belleghem en mijnheer Vandemaele, dank u voor uw vragen.

Mijnheer Vandemaele, u spreekt over het domste migratiebeleid. Ik denk dat vooral dom was wat uw partij in de vorige regering heeft gedaan, namelijk te zeggen: kom maar allemaal af, en dan zien we wel. Ik denk dat dat heel dom was.

De vergadering van maandag van de Europese ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken was inderdaad bijzonder belangrijk. Er werd tussen de lidstaten een akkoord bereikt over drie belangrijke voorstellen die het Europese asiel- en migratiebeleid verder aanscherpen.

Madame Vandeberg, le nombre de décisions de retour exécutées à l'échelle européenne est environ d'une sur cinq. Je suis sûre que nous sommes d'accord pour dire que c'est beaucoup trop peu. C'est pourquoi je suis convaincue que ces trois propositions constituent ensemble le noyau de ce qui est nécessaire pour appliquer une politique de retour crédible. La directive Retour en vigueur date de 2008 et n'est plus adaptée à la réalité d'aujourd'hui. Un nouveau règlement nous offrira beaucoup plus d'instruments pour mener une politique de retour forte et efficace. Une liste européenne de pays d'origine sûrs ainsi que l'extension du concept de pays tiers sûrs permettront également de rejeter plus rapidement les demandes d'asile.

Het voorstel voorziet ook in de mogelijkheid van terugkeerhubs. Dat is één van de elementen van externalisering die ik verwelkom. Ik ben er namelijk van overtuigd, mijnheer Vandemaele, dat dat een belangrijk instrument kan vormen voor een effectief terugkeerbeleid.

De plaatsing van gezinnen met minderjarigen in terugkeerhubs, wordt binnen de regering besproken.

Er werden vragen gesteld over de timing en de uitvoering. Madame Vandeberg, het gaat om voorstellen waarover de onderhandelingen met het Europees Parlement nog moeten beginnen.

Madame Vandeberg, nous entamons les négociations avec le Parlement européen. Par conséquent, nous ne pouvons pas encore vous indiquer quand le nouveau règlement entrera en vigueur.

En tout cas, nous continuerons à peser sur les négociations, comme nous l'avons fait ces derniers mois. Nous avons déjà réussi à faire inclure dans le texte la possibilité d'une interdiction d'entrée à vie et le manque de coopération comme motif explicite de détention.

We zijn er ook in geslaagd om het verplicht karakter van de wederzijdse erkenning van terugkeerbesluiten te laten schrappen, aangezien dat een risico op meer secundaire migratie inhoudt.

Mevrouw Van Belleghem, mijnheer Vandemaele, met betrekking tot uw vragen over de Europese solidariteitspool wil ik eerst en vooral benadrukken dat wij een loyale partner zijn binnen Europa en onze verplichtingen ten aanzien van de lidstaten aan de buitengrenzen nakomen. Laat mij echter ook duidelijk stellen dat wij geen asielzoekers uit andere landen naar hier zullen halen. Onze opvang zit vol.

Onze financiële bijdragen kunnen de lidstaten aan de buitengrens echter helpen om structurele maatregelen te nemen, zodat de instroom in de Europese Unie vermindert, wat ook ons ten goede komt. Of bent u misschien gekant, mevrouw Van Belleghem, tegen sterkere buitengrenzen?

Ten slotte, terwijl u de voorbije weken op sociale media toeterde over de Belgische bijdrage, heb ik er in alle discretie achter de schermen voor gezorgd dat die voorlopig begrensd wordt tot 12,9 miljoen euro, terwijl dat aanvankelijk 18,5 miljoen euro was. Dat is een daling van 30 %. Ik vind het erg vreemd dat uw partij daarop schiet. Blijkbaar vliegt het Vlaamse Belang liever extra asielzoekers binnen dan een afkoopsom te betalen, terwijl dat laatste op termijn de goedkoopste oplossing is.

U verwijst graag naar Polen, daarnet opnieuw, dat zou weigeren te betalen. Ofwel weet u niet hoe het systeem werkt, ofwel verkoopt u fakenieuws. Polen weigert niet om te betalen, maar heeft recht op een vrijstelling met goedkeuring van de Europese Commissie, vanwege van het enorm aantal Oekraïense ontheemden en illegale grensoverschrijdingen in het land.

Ook de komende maanden blijf ik intensief werken aan een bijkomende verlaging van het Belgisch aandeel in de solidariteitspool. In de marge van de Raad maandag had ik daartoe al een eerste bilaterale ontmoeting met de Griekse bevoegde minister. Die gesprekken worden de komende weken voortgezet.

Mijnheer Vandemaele, u had een vraag over Straatsburg, over het EVRM. Ik heb niemand horen pleiten voor een afzwakking van het EVRM. Het is vooral heel belangrijk dat we het systeem klaarmaken voor de toekomst. Vandaag moeten we vaststellen dat we illegale criminelen niet kunnen terugsturen, bijvoorbeeld vanwege van bepaalde interpretaties van dat verdrag. Als we dat verdrag voor de toekomst willen veiligstellen, dan moet het anders.

Victoria Vandeberg:

Merci, madame la ministre, pour vos réponses.

Le MR se réjouit de l'accord européen et soutiendra pleinement sa mise en œuvre. Il était temps de restaurer l'efficacité et la crédibilité de notre politique d'asile. Vous parliez d'un cinquième des retours qui sont effectifs; cela illustre le manque d'efficacité actuel.

Soyons clairs, notre système d'accueil est pour le moment saturé, contrairement à ce que certains veulent faire penser. La Belgique ne peut pas tout assumer seule. Il faut réduire les incitants à l'asile en l'absence de besoins réels de protection, et éviter ce shopping de l'asile qui mine cette solidarité européenne.

Des mesures ont déjà été votées ici même, sous votre impulsion, mais il est maintenant urgent que les résultats soient visibles rapidement. Accélérer le retour lorsqu'une demande est rejetée, ce n'est pas de l'idéologie, c'est du bon sens. C'est ainsi que nous pourrons bâtir un système juste, où les personnes qui en ont vraiment besoin pourront être accueillies, et durable.

Francesca Van Belleghem:

Mevrouw de minister, u bent geen slippendrager van extreemrechts, u draagt de slip van Ursula von der Leyen. In 2024 stonden wij op de vijfde slechtste plaats qua aantal asielaanvragen per capita. Dankzij uw beleid zijn wij naar de derde plaats gestegen, nog slechter dus. Wij hebben een derde meer asielaanvragen dan Duitsland, dubbel zoveel als Nederland en drie keer zoveel als Zweden.

De waarheid is dat wij voor een beschavingskeuze staan, aangezien in sommige gemeenten al meer dan 70 % van de bevolking van vreemde herkomst is. Dat is geen natuurramp, maar een doelbewuste politieke keuze. Die keuze hebben wij nooit gemaakt en de Vlaming heeft daarvoor nooit gestemd.

Het Europees migratiebeleid is een doodvonnis voor onze cultuur en onze identiteit. Het is een schande dat u daaraan meewerkt.

Matti Vandemaele:

Mevrouw de minister, zet die plaat af. U laat telkens opnieuw hetzelfde riedeltje horen. Blijkbaar lukt het u niet om een debat op een ernstig niveau te voeren. Het gaat altijd over mijn partij en over het verleden. Het gaat hier vandaag echter over uw beleid. Met uw beleid probeert u het Vlaams Belang langs rechts voorbij te steken. Met uw beleid schoont u de statistieken op. U laat mensen verdwijnen uit uw statistieken, maar niet uit hun miserie. Daarover gaat het. U verkoopt stoere praatjes, maar we weten dat uw oplossingen, zoals terugkeerhubs, niet zullen werken. Als het toch anders zou uitkomen, dan zal het bijzonder veel geld kosten. Bovendien valt het juridisch gezien niet te onderbouwen. In plaats van uw domme, onrealistische, onwerkbare en juridisch niet te onderbouwen ideeën te exporteren, zou u hier beter een echt deugdelijk beleid op poten zetten. Dat zou u sieren als minister.

economie en werk

Euroclear
Euroclear
Euroclear
De beslissing van de EU met betrekking tot Euroclear
Euroclear
De toespraak van de eerste minister in het Paleis voor Schone Kunsten
Het EU-plan voor de Russische tegoeden
De impact van de activatie van de Russische tegoeden bij Euroclear op de Belgische begroting
De bevroren Russische tegoeden en Oekraïne
Bevroren Russische tegoeden, Euroclear en impact op EU en België

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister), Vincent Van Peteghem (Minister van Begroting)

op 4 december 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om Belgiës verzet tegen het Europese plan om bevroren Russische tegoeden (€250 miljard) bij Euroclear te gebruiken voor Oekraïne, tenzij aan drie harde voorwaarden wordt voldaan: volledige risicomutualisering, liquiditeitsgaranties voor Euroclear en een billijke lastenverdeling tussen alle EU-landen. Premier De Wever benadrukt dat België niet alleen het financiële risico (juridische claims, Russische tegenmaatregelen) kan dragen en wijst op het gevaar voor de financiële stabiliteit, terwijl hij de loyaliteit aan Oekraïne en Europa bevestigt, maar geen "blanco cheque" geeft. Critici zoals Dedecker en Bouchez steunen het verzet maar waarschuwen voor Russische intimidatie en het verlies van vertrouwen in België als financieel centrum, terwijl Hedebouw (PTB) en Vermeersch (Vlaams Belang) de EU beschuldigen van roekeloosheid en een gevaarlijke precedent te scheppen. Di Nunzio kaart aan dat De Wever in Bozar zei dat "Ruslands nederlaag niet wenselijk is", wat diplomatieke verwarring zaait, maar de premier ontkent elke verschuiving in België’s pro-Oekraïne-standpunt. Kernpunt: België eist waterdichte Europese garanties voordat het instemt, anders riskeren financiële instorting, juridische claims en geopolitieke escalatie.

Alexia Bertrand:

Mijnheer de voorzitter, u hebt onze vraag onterecht samengevoegd met andere vragen. Collega Di Nunzio wil een vraag stellen over de volgende uitspraak van de premier in de Bozar: "Het is niet wenselijk dat Rusland de oorlog verliest." Alle andere vragen gaan over Euroclear. Daarom hebt u onze vraag daaraan onterecht toegevoegd. Wij verzoeken dat de vraag van collega Di Nunzio apart wordt behandeld.

Voorzitter:

Mevrouw Bertrand, de titel is "De uitspraken van de premier over de oorlog in Oekraïne". Het lijkt me dat dat er enigszins in past. Ik kan me vergissen, maar dat lijkt me toch te passen in het kader van de andere vragen.

Mijnheer de premier, ik nodig u uit om vooraan plaats te nemen. De heer Van der Donckt is de eerste vraagsteller.

Alexia Bertrand:

Mijnheer de voorzitter, ik hoor wat u zegt, maar alle andere vragen hadden als titel "Euroclear". Onze vraag gaat niet over Euroclear, voor alle duidelijkheid.

Wim Van der Donckt:

Mijnheer de eerste minister, collega's, van de grootste ondernemer in dit land tot de hardwerkende arbeider, iedere Belg zal de gevolgen voelen als Europa lichtzinnig omspringt met de Russische tegoeden bij Euroclear.

Wat vandaag nog wordt voorgesteld als een louter technisch financieel debat, kan morgen uitmonden in economische schade, sociale onrust en geopolitieke escalatie. Dat is helaas geen doemdenken. Nog deze ochtend verscheen een duidelijke waarschuwing van voormalig Russisch president Medvedev, die de woorden casus belli in de mond nam, aanleiding voor oorlog.

De boodschap is overduidelijk, de situatie is ernstig. De gevolgen kunnen België rechtstreeks en aanzienlijk treffen. Laat dat even bezinken. Tegen die achtergrond is het opvallend hoe Commissievoorzitter Ursula von der Leyen stellig zegt dat bijna alle Belgische bezwaren zouden zijn weggewerkt. Bijna, dat is geen detail, het is net de kern van het probleem, want wat vandaag ontbreekt, is een sluitende, afdwingbare en collectieve garantiestelling. Europese solidariteit mag geen holle slogan zijn. De voorstellen die nu op tafel liggen, blijven te vaag en te vrijblijvend. Het gaat hier over honderden miljarden euro's. Dat is het equivalent van het pensioen van alle Belgen samen gedurende verschillende jaren.

Mijnheer de eerste minister, gelukkig blijven u en uw regering in deze moeilijke situatie standvastig. Ik heb dan ook maar één vraag. Kunt u het belang van uw terechte verzet toelichten in deze Kamer, het hart van onze democratie?

Jean-Marie Dedecker:

Premier, ik heb er geen enkel probleem mee om het spaarvarken van 185 miljard euro van de Russen en Poetin te laten slachten. Ik heb daar mijn redenen voor. Ten eerste, het is het geld van de Russische maffia en van de kleptocratie van de bende stelende oligarchen. Ten tweede, Poetin heeft zelf alle Westerse bedrijven geannexeerd, zonder één euro schadeloosstelling. Ten derde, hij heeft voor duizenden miljarden euro schade in Oekraïne aangericht en mensen vermoord.

Ik kom dan bij het belangrijkste punt. Als wij het niet verbeurdverklaren, gaat die andere maffialeider, Trump, ermee aan de haal, want ik heb gezien dat het een onderdeel is van zijn 28 puntenplan voor de vrede. Hij wil de helft van die middelen inpalmen en de andere helft aan zijn maffiavriend in Rusland teruggeven.

Ik ben het echter voor 100 % eens met u, premier, dat u spijkerharde garanties moet krijgen, zeker wanneer uw arm straks door de Europese mandarijnen wordt omgewrongen. De laffe houding van Europa is al jaren bekend. We hebben een kort geheugen. Misschien waren sommigen nog niet geboren, maar in 1994, bij de onafhankelijkheid van Oekraïne, was dat land de derde grootste nucleaire macht ter wereld. De Amerikanen hebben de kernwapens voor 4 miljard dollar opgekocht en aan Rusland teruggegeven.

Daar stond één voorwaarde tegenover, met name dat Europa, Frankrijk, Duitsland, Engeland en de Amerikanen bescherming aan de Oekraïners zouden bieden. Twintig jaar later stonden de Russen in de Krim. Wat hebben de Duitsers gedaan? Schröder, de voorzitter van Gazprom, zei: wir schaffen das. Wat hebben we gedaan? Niets. We hebben over ons heen laten lopen in Europa.

Als u geld geeft, als u geld moet geven, vraag dan spijkerharde garanties, want ik vertrouw niemand in deze zaak.

Koen Van den Heuvel:

Collega’s, wat zich rond Euroclear afspeelt, duwt ons land in het oog van een storm. De Europese Commissie blijft aandringen op een lening voor Oekraïne, gefinancierd door de bevroren Russische tegoeden bij Euroclear.

Laat mij echter duidelijk zijn: voor ons is het onmogelijk dat we dat zonder ijzersterke garanties toelaten. Ik denk niet dat we daardoor asociaal of onredelijk zijn. Als dit doorgaat, is het immers niet alleen nefast voor de financiële stabiliteit van ons land, maar ook voor de financiële stabiliteit van de hele eurozone. Ik heb het dan nog niet gehad over de financiële geloofwaardigheid van ons land. Wie zal immers nog investeren of zijn geld beleggen in een land dat zich niet aan de afspraken houdt?

Voor ons is het dan ook duidelijk: wij zien geen enkele reden waarom België dit risico alleen moet dragen. Wij geven geen blanco cheque die nefast zal zijn voor elke Belgische belastingbetaler. Voor cd&v is het duidelijk, wij hebben nood aan Europese samenwerking, zeker om de vele uitdagingen van de 21 ste eeuw aan te pakken en om Oekraïne te steunen tegen de Russische tirannie. Dat mag echter niet betekenen dat België te veel alleen moet dragen. Dat is niet de Europese samenwerking die wij willen.

Beste collega’s, dit dossier vraagt eensgezindheid. Dit dossier overstijgt alle partijgrenzen. Dit is de strijd van de voltallige Belgische regering, want dit dossier belangt het hele land aan. Beste premier, beste minister Prévot, cd&v roept u duidelijk op om te volharden en te weerstaan aan de buitenlandse druk, zelfs wanneer die de volgende dagen intenser wordt. Zonder ijzersterke (...)

Georges-Louis Bouchez:

Monsieur le premier ministre, 65 milliards d'euros russes sont actuellement gelés, et 193 milliards immobilisés. On parle d'un montant total de 250 milliards d'euros sur notre territoire, soit beaucoup plus que le budget du gouvernement fédéral pour une année.

Les propositions de la Commission européenne de saisir ces actifs ou de les utiliser comme garantie comportent au moins trois risques majeurs pour notre pays. Le premier est un risque financier, puisque, à tous les coups, nous perdrions sur le plan juridique si la Russie devait entamer des actions. Ce serait un précédent inédit et une violation de la propriété privée, qui ne se justifie pas dans ce cas.

Le deuxième est un risque politique, un risque pour notre réputation. Comment faire encore confiance à la Belgique si, lorsque des avoirs étrangers se situent dans notre pays, ils peuvent être confisqués quelle que soit la situation? Cela engage le futur d'Euroclear sur notre territoire.

Il y a enfin un dernier risque sécuritaire, puisque des représailles seraient à craindre pour notre pays, qui n'est pas un belligérant dans ce conflit, en tous les cas à ce stade.

Par ailleurs, monsieur le premier ministre, aujourd'hui, l'Europe veut mobiliser des moyens de manière légitime, mais est totalement absente du processus politique qui doit conduire à un cessez-le-feu et à la paix. En outre, l'Ukraine est sujette à des faits de corruption extrêmement graves.

Alors, aujourd'hui, nous voulons affirmer à quel point notre soutien à l'Ukraine est total, mais il ne peut pas être aveugle et irresponsable.

Raoul Hedebouw:

Monsieur le premier ministre, vous avez raison de tenir tête à la Commission européenne et à Ursula von der Leyen. Cette pression exercée sur notre pays est vraiment intolérable. Elle l’est parce que le danger est multiple si nous acceptons cette décision de confisquer les avoirs russes détenus ici par Euroclear.

Pourquoi est-elle dangereuse? Je suis franchement d’accord avec votre raisonnement, elle est dangereuse pour la Belgique car ce sont bien nous qui devrons payer. Les autres pays européens ne donnent aucune garantie.

Elle est aussi dangereuse pour la stabilité de tout le système financier européen. Quel pays du monde sera prêt à investir ici si, en fonction des intérêts géostratégiques européens, nous décidons de confisquer les avoirs? C'est fou! Cela reviendrait à dire, par exemple, que nous confisquons les avoirs de la Russie mais pas ceux des Israéliens.

Je suis votre raisonnement, cette stabilité est importante. Ici, on entend dire à légère que la stabilité de l’économie mondiale importe peu, mais ce sont les travailleurs qui vont en payer le prix. Monsieur le premier ministre, vous avez raison, nous ne pouvons pas mettre en danger tout le système économique qui est basé sur la confiance et sur la sécurité juridique.

Par ailleurs, le jusqu’au-boutisme de la guerre est aussi un danger. C’est clair! Cela fait des années que nous répétons que l’idée selon laquelle davantage d’armes et davantage de guerres pourraient créer la paix est illusoire. Cela n’arrivera pas.

Plutôt que de laisser à Trump la possibilité de tout négocier au profit des multinationales américaines, réfléchissons un instant à notre autonomie stratégique européenne. Cessons de courir derrière les Américains et derrière la guerre. Cela ne fonctionnera pas ainsi!

Dans ce sens, monsieur le premier ministre, nous vous soutenons et nous espérons que les autres partis maintiendront également leur soutien car la pression sera énorme.

Sandro Di Nunzio:

Mijnheer de eerste minister, mijn vraag gaat niet over Euroclear. Daar zijn we het over eens. Ze gaat wel over het volgende.

"Qui croit vraiment que la Russie va perdre en Ukraine? C'est une fable, une illusion totale. Ce n'est même pas souhaitable qu'elle perde."

Wie gelooft er echt dat Rusland de oorlog in Oekraïne zal verliezen? Dat is een fabel. Het is een illusie. Het is zelfs niet wenselijk dat Rusland verliest. Dat waren uw woorden in Bozar op maandagavond tijdens de Grandes Conférences Catholiques. Ik was stomverbaasd, mijnheer de eerste minister, om te moeten lezen in de Franstalige pers dat het zelfs niet wenselijk is dat Rusland verliest.

We zitten intussen in het vierde jaar van de oorlog tegen Oekraïne. België heeft de Russische agressie van bij de invasie, van meet af aan scherp veroordeeld. Voor ons is Oekraïne een vrij, een soeverein en een onafhankelijk land en geen deel van Rusland. U zei evenwel dat het niet wenselijk is dat Rusland de oorlog in Oekraïne verliest. U stelde bovendien dat het een fabel is te geloven dat Rusland kan verliezen. Onvoorstelbaar.

Daarnaast sprak u ook over rechtstreekse boodschappen vanuit Moskou ten aanzien van ons land en ten aanzien van uzelf dat u het voor de eeuwigheid zou voelen als Russische tegoeden in beslag zouden worden genomen. Ik heb daaromtrent een aantal vragen voor u, meneer de minister.

Ten eerste, sprak u namens uzelf of namens ons land toen u die uitlatingen deed?

Ten tweede, kunt u bevestigen dat het standpunt van België ongewijzigd blijft?

Ten derde, wanneer u spreekt over dreigementen, wat is de exacte inhoud van die dreigementen? Hoe hebben die dreigementen u bereikt? En vooral, en niet onbelangrijk, heeft die intimidatie vanuit Moskou de positie van ons land beïnvloed?

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de premier, men zegt wel eens dat de Europese Unie geen ideologie heeft. Nochtans heeft de Europese Commissie een talent dat heel wat communistische economen jaloers zou maken, want ze kan een onteigening verkopen als solidariteit. Communisten pakten vroeger tractoren en landbouwgronden af; Europa pakt gewoon 190 miljard euro. De communisten hadden nog de eerlijkheid om te zeggen dat ze uw bezittingen kwamen afpakken. De Commissie verpakt het als een Oekraïneplan.

Europa wil de geblokkeerde tegoeden bij Euroclear gebruiken als onderpand voor leningen aan Oekraïne. Dat houdt gigantische risico’s in voor de burgers in dit land. Niet alleen wijst Rusland erop dat dit een oorlogsdaad is. Ook de Europese Centrale Bank weigert mee te stappen in dat juridische drijfzand. Dat wil wel iets zeggen, collega’s. Eén verkeerde zet en het vertrouwen in Euroclear, het eurosysteem en het financiële systeem stort in. Experts waarschuwen bovendien dat België in het ergste scenario zelfs failliet kan gaan wanneer Rusland stappen zet en wij moeten terugbetalen. Het gaat om een som die overeenkomt met een derde van de volledige economie van dit land.

Europa luistert niet naar die terechte bezorgdheden. In plaats daarvan zoekt de Europese bemoeibrigade van de Europese Commissie nu een manier om dit land buitenspel te zetten door de unanimiteitsregels te omzeilen. Met andere woorden, uw Europese schoonmoeder, Ursula von der Leyen, wil u schaakmat zetten. Ze wil uw veto en daarmee de bescherming van de belastingbetaler in dit land gewoon uitschakelen.

Mijnheer de premier, de vraag is eenvoudig, maar dringend. Kunt u ons garanderen dat u niet zult buigen voor uw Europese schoonmoeder?

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de premier, we zitten in vieze papieren. Er hangt een zwaard van Damocles boven ons hoofd, een zwaard dat ons mogelijk heel hard kan treffen, zowel op financieel als op juridisch vlak. U eist hiervoor onvoorwaardelijke solidariteit van de andere Europese landen en dat is zeer terecht. U hebt daarin gelijk.

Er is echter een aspect aan deze problematiek dat ervoor zorgt dat de andere landen hun stekels opzetten. Elk jaar krijgt ons land 1,2 miljard euro extra inkomsten omwille van de Russische miljarden die bij Euroclear staan. Dat is geld dat we niet ontvangen op basis van onze eigen economie, maar dat we alleen krijgen omdat Oekraïne zich, met een grote menselijke kostprijs, verweert tegen de Russische illegale invasie en vecht voor de democratie in Europa.

Dat is het enige geld dat ons land bijdraagt aan de strijd in Oekraïne en dan nog zonder veel transparantie. Het geld wordt verstopt in het grote budget van Defensie, met de belofte dat het zal worden gebruikt voor militaire steun aan Oekraïne. Er was een afspraak met Europa om dat geld in een Europees fonds voor Oekraïne te storten, zodat voor iedereen transparantie bestaat over de besteding ervan, maar u doet dat niet. Natuurlijk irriteert dat de andere lidstaten. Het betekent ook dat ons land tot op vandaag nog geen enkele euro aan eigen middelen heeft besteed aan hulp voor Oekraïne, in tegenstelling tot de andere Europese landen. Ook dat irriteert de andere lidstaten.

Waarom investeert ons land geen eigen middelen in de strijd tegen Rusland en in de verdediging van onze democratie? Los dat probleem op, toon solidariteit en dan zal het begrip van de andere landen voor onze situatie groeien.

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, j'ai déjà dit voici quinze jours que j'étais solidaire de votre position, mais je sens quand même une petite musique qui est en train de monter et qui m'inquiète. "Pourquoi se bat-on?" demandent certains. Eh bien, on se bat pour qu'une nation européenne nommée "Ukraine" reste libre – libre de son destin – et respectée dans ses frontières, pour que ses civils cessent d'être bombardés chaque jour, pour qu'en 2025 les frontières en Europe ne puissent pas être changées par la force parce que, sinon, ce serait la défaite du droit international. On se bat pour que la Russie de M. Poutine comprenne qu'elle ne peut pas attaquer ses voisins, terroriser ses opposants et perturber les démocraties européennes en imaginant qu'elles resteront sans réaction. On ne soutient pas l'Ukraine par simple devoir moral, mais parce qu'il s'agit aussi de notre sécurité et que la guerre hybride, qu'on le veuille ou non, a déjà commencé. C'est pour toutes ces raisons que le soutien à l'Ukraine est essentiel. Il ne s'agit pas tellement de les rendre forts sur le théâtre de la guerre, mais de les rendre forts pour qu'ils puissent négocier la paix.

Donc, comme je l'ai déjà dit ici, je comprends que la Belgique demande de manière préférentielle un emprunt européen, comme ce fut le cas pour le covid. Je comprends qu'à défaut, la Belgique réclame des garanties extrêmement fortes et qu'elle ne soit pas toute seule à devoir en payer d'éventuelles conséquences. Cependant, prenons garde: ne véhiculons pas le doute et le défaitisme, par exemple en déclarant que la Russie ne perdra jamais cette guerre.

Dès lors, monsieur le premier ministre, ma demande est très claire. Oui, obtenez les garanties pour protéger notre pays et partager les risques. Mais, dans le même temps, réitérons clairement notre soutien à l'Ukraine et disons avec force que les intimidations de M. Poutine ne fonctionnent pas.

Voorzitter:

Bedankt, collega’s. Merci, chers collègues.

Mijnheer de premier, u krijgt zoals gezegd iets meer spreektijd voor uw antwoord. Ook de vraagstellers zullen wat meer tijd krijgen voor hun replieken.

Bart De Wever:

Merci, chers collègues, pour vos questions.

Il s'agit en effet d'une question extrêmement importante pour ce pays, une question que je soulève depuis déjà un certain temps au niveau européen. L'utilisation des avoirs immobilisés chez Euroclear pourrait avoir des conséquences potentiellement néfastes, tant pour ce pays que pour l'Europe dans son ensemble. Il existe de nombreuses objections légitimes concernant la légalité d'une telle opération, ainsi que sur les conséquences pour la confiance dans notre système financier et dans l'euro en tant que monnaie de réserve.

Indépendamment encore de toutes ces objections, le gouvernement a toujours posé trois conditions claires avant même d'envisager d'approuver une telle opération. La première condition est une mutualisation de l'ensemble des risques. La Belgique ne peut et n'acceptera jamais d'assumer seule les risques d'une telle opération. Il est important ici de préciser qu'il s'agit du risque total. En vertu des accords bilatéraux existants de protection des investissements, les indemnités pour l'expropriation illégale peuvent en effet largement dépasser la valeur des actifs et inclure des intérêts composés ainsi que des bénéfices non réalisés. Pour nous, les garanties doivent donc, dès le premier jour, couvrir toutes les obligations financières potentielles.

De tweede voorwaarde is een liquiditeits- en risicobescherming. Euroclear moet kunnen beschikken over de betrokken middelen voor het geval dat en op het moment dat het nodig zou zijn.

Een eerste mogelijk geval doet zich voor als het bedrijf het voorwerp zou worden van Russische tegenmaatregelen – dat zal zeker gebeuren – waarvan de financiële schade gedekt zal moeten worden, onmiddellijk. Ik zwijg dan nog over de tegenmaatregelen die Rusland of met Rusland bevriende landen zouden kunnen opleggen tegen anderen, burgers of bedrijven uit dit land of andere lidstaten van Europa.

Een tweede mogelijk geval is dat het bedrijf de tegoeden aan de Russische centrale bank moet terugbetalen. Dat kan het gevolg zijn van rechtspraak of arbitrage en het kan eventueel het gevolg zijn van een vredesakkoord. Het is uiteraard in die zin dat u mijn woorden moet begrijpen. Die oorlog zal op een gegeven moment stoppen. Tegoeden gaan verloren als landen in de klassieke militaire zin een oorlog verliezen. Ik meen dat niemand in de Kamer gelooft dat dit het einde van de oorlog zal zijn, en dus moeten we er ernstig rekening mee houden dat bij een eventueel vredesakkoord er ook een beschikking zal zijn over die tegoeden. Dat is het enige wat ik heb gezegd. Ik vind het beneden alles dat het uit de context wordt getrokken. (Applaus)

Als er mensen zijn die het een goed idee vinden dat een kernmacht militair onder de voet wordt gelopen, met alle gevolgen van dien, moeten ze dat hier vooral zeggen. Dat getuigt van weinig geopolitiek inzicht.

Alleszins, als Euroclear met een liquiditeitsprobleem komt te zitten, heeft dat gigantische gevolgen voor de globale financiële markt. Dat werd onlangs nog bevestigd door de voorzitter van de ECB, die overigens zelf weigert om het risico van zo’n reparation loan te dekken. Al het nodige geld, de nodige liquiditeiten, moet er dus zijn, onmiddellijk, ter beschikking.

De derde voorwaarde is dat er sprake moet zijn van een billijke lastenverdeling. Het is niet meer dan logisch dat alle lidstaten die over Russische staatsactiva beschikken, in die operatie bijdragen. Men moet die middelen proportioneel en pro rata opvragen bij alle betrokken instellingen binnen het Europees grondgebied en idealiter ook ruimer dan het Europese grondgebied, zoals Lagarde aanbeveelt, met name in betrokken landen die behoren tot de coalition of the willing.

Het voorstel dat de Europese Commissie gedaan heeft, zet wel degelijk stappen in de richting van onze drie voorwaarden, maar voldoet nog niet aan de minimumvoorwaarden die ik zopas heb geschetst, en derhalve kan dat voorstel niet rekenen op de goedkeuring van onze regering en van ons land. (Applaus)

Wij stellen absoluut geen onredelijke eisen. Ieder land in onze situatie zou exact dezelfde eisen stellen. Dat wordt mij ook telkens zo toevertrouwd door menig regeringsleider rond de Europese tafel. Wij zijn bovendien constructief over de fond van de zaak en wijzen op mogelijke alternatieven om in de financiering van Oekraïne te voorzien.

Er mag immers geen enkele twijfel over bestaan. Ons land staat pal achter Oekraïne en wil het nodige doen om dat land sterker en verder te ondersteunen.

Ik betreur het derhalve ten zeerste dat er internationaal allerlei insinuaties en fakenieuws circuleren die ons proberen onder druk te zetten door het tegendeel te beweren. Ik betreur nog meer dat hier één fractie meent op die kar te moeten springen.

Wij zijn loyale Europeanen. Wij staan loyaal achter Oekraïne. Wij zullen altijd kiezen voor vrede, vrijheid en democratie. Wij zijn bereid om daarvoor offers te brengen. Men mag van dit land echter niet het onmogelijke vragen. Dat is de houding van de regering en ik hoop daarvoor de steun te krijgen van het voltallig Parlement. ( Applaus )

Wim Van der Donckt:

Dank u voor dat krachtige antwoord, mijnheer de eerste minister. Als N-VA’er had ik ook niets anders van u verwacht.

Collega’s, dit is hoe echt leiderschap eruitziet: opkomen voor onze werknemers, onze bedrijven, onze spaarders en onze welvaart, onze veiligheid. Dat is exact wat u doet, mijnheer de eerste minister.

Laat u niet afleiden door goedkope spot, valse insinuaties alsof we losers zouden zijn en karikaturale verwijzingen naar onder meer Don Quichot. Zulke opmerkingen dienen het inhoudelijke debat absoluut niet.

Ik geef u een raad. Blijf uzelf, rustig en standvastig. In dezen mag u zelfs koppig zijn. We rekenen op u.

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de eerste minister, ik ben het honderd procent eens met uw standvastigheid en met uw argumenten. Het is perfect mogelijk om voor die bedragen een herstellening aan Oekraïne te geven, op één voorwaarde: dat al die landen van de coalition of the willing – wat een fantastisch woord – die ook over ontzettend veel geld beschikken, dat ook consequent doen. Inzake de coalition of the willing , er staat 28 miljard van de Russen in Japan, 15 miljard in Canada, 10 miljard in Luxemburg, 27 miljard in het Verenigd Koninkrijk, 19 miljard in Frankrijk en zelfs 4 miljard in Amerika.

U hebt gelijk, premier. We mogen de dreiging van de unanimiteit van die Europese mandarijnen, die schrik hebben van Orbán en Fico in Slovakije, nooit aanvaarden. Als zij een herstellening geven, moeten we een solidaire borgstelling voor de terugbetaling van die lening tekenen. Ik denk dat Oekraïne daarmee wel gediend kan zijn.

We mogen niet vergeten dat Oekraïne vandaag de grenzen van onze vrijheid en van Europa verdedigt. Dat vergeten wij te vaak.

Koen Van den Heuvel:

Mijnheer de premier, ik dank u voor uw antwoord.

Voor ons is het heel duidelijk. We moeten pal achter Oekraïne blijven staan en we moeten blijven geloven in de Europese samenwerking, niet alleen voor Oekraïne, maar voor de vele andere uitdagingen. Maar dat mag inderdaad niet blindelings gebeuren. We zijn daarmee niet asociaal of onredelijk, zoals ik daarnet al heb gezegd. De financiële gezondheid en financiële stabiliteit van ons land en van Europa is in het geding en dat is ook heel belangrijk voor elke inwoner van ons land. Wij zeggen daarom heel duidelijk dat dit dossier niet zonder garanties kan passeren. U hebt ze opgesomd: gelijke risicoverdeling, voldoende liquiditeitsvereisten voor Euroclear en een gelijk speelveld, want ook de andere landen met bevroren Russische tegoeden moeten mee in het bad. Dat zijn geen overdreven eisen. Ik kan u alleen maar aansporen om te volharden en om de druk te weerstaan.

Georges-Louis Bouchez:

Monsieur le premier ministre, je vous remercie. Finalement, on a pu entendre plus ou moins les mêmes discours dans le chef de pas mal d'intervenants. Mais il ne faut pas se tromper, on n'a pas tous le même objectif. Quand le PTB est d'accord avec vous, c'est parce qu'en fait, il ne souhaite pas réellement la défaite de la Russie, compte tenu d'une certaine histoire et d'une certaine approche de l'Occident.

Il faut être bien clair ici, nous voulons une Russie la plus faible possible pour aller négocier la paix. Qu'on ne se trompe pas, la guerre sera une guerre d'usure, parce que la Russie l'a débutée non pas en Ukraine en 2022 mais en Géorgie en 2009. Son objectif est de contrôler les cinq mers à l'ouest de la Russie, de reconstituer un empire et une zone d'influence qui va nous toucher via des cyberattaques, la présence de drones ou toute autre influence politique. On devra être fort, on devra mobiliser des moyens. C'est la raison pour laquelle ce gouvernement investit fortement dans la Défense, afin de protéger nos concitoyens.

Dans le même temps, monsieur le premier ministre, comme je le disais, on doit aussi être totalement partie prenante du processus politique qui mettra un terme à cette guerre. Il n'est pas normal de devoir mobiliser tant de moyens et d'apprendre via la presse ce que Donald Trump a négocié. C'est une nouvelle fois le reflet de la faiblesse européenne que nous devons corriger par la défense, l'industrie et notre souveraineté/autonomie.

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de eerste minister, zoals ik eerder al heb gezegd, steunen we u uiteraard in het verzet tegen de Europese Commissie, die vandaag vraagt om alle Russische tegoeden in beslag te nemen.

Ik was wel graag dieper ingegaan op de vraag wat de strategie van de Europese Raad precies is. Bestaat dat debat in de Europese Raad? Waar wil men naartoe? Wat is het idee over de plaats van Europa in de wereld? Het idee dat we al onze contracten op financieel vlak zomaar aan de kant zouden schuiven, is toch te gek voor woorden? Wat zullen andere landen dan denken? We leven toch niet meer in de periode van de koningen? Wat zullen andere landen denken wanneer we beslissen om dat geld gewoon in beslag te nemen? Dan zullen ze hun eigen banken en structuren op poten zetten.

In welke wereld leven we? Ik heb de indruk dat er in de Europese Raad nog altijd het idee leeft van la grande Europe qui domine le monde, avec les États-Unis d’Amérique .

Dat is gedaan, beste collega's. De wereld is aan het kantelen. We moeten met Europa onze eigen weg volgen. Dat zal natuurlijk gebeuren met uitgestrekte hand naar de landen in het zuiden.

Ziet u niet dat onze economie eraan kapotgaat? De Amerikanen moedigen Europa aan om ermee door te gaan. Ondertussen gaat Europa gewoon de afgrond in, economisch, sociaal en militair. Zo maken ze Europa kapot.

Dat de eerste minister zegt dat we waarschijnlijk niet zullen winnen, is meteen een schandaal. Dat is nochtans wat op het terrein gebeurt. Kijk wat er gebeurt. We moeten zelf diplomatie bedrijven op basis van onze eigen visie.

Sandro Di Nunzio:

Ik juich uw ondubbelzinnige verklaring hier dat ons standpunt ten opzichte van Oekraïne niet is gewijzigd, toe. Het was uiteraard te verwachten dat u de uitspraken van maandagavond zou afdoen als een fait divers en dat u die tot irrelevante opmerkingen zou proberen te herleiden. Het was te verwachten dat u ons zou verwijten de zaken uit de context te trekken. Een ding is echter duidelijk, mijnheer de eerste minister, u hebt die woorden wel degelijk uitgesproken. U hebt gezegd dat het zelfs niet wenselijk is dat Rusland zou verliezen. U hebt dat letterlijk zo gesteld.

Wij willen u met onze opmerkingen niet in een bepaalde hoek plaatsen. Wij willen enkel aangeven dat uw verklaring ongelooflijk belangrijk is. U moet beseffen dat uw woorden, die ongehoord zijn, tellen. U bent premier van dit land. Of u hier spreekt of in een kleinere zaal, dat heeft altijd een weerslag. Uw uitspraak is niet alleen nadelig voor onze diplomatieke positie, maar u voedt daarmee ook de Russische propagandamachine. Die gebruikt dat om ons land weg te zetten als bondgenoot van Rusland. Dat moet u absoluut vermijden. U mag in het dossier niet uit de bocht gaan. U speelt als premier op een ander niveau in de wereld. U moet helder en duidelijk blijven communiceren wat ons standpunt is, zoals u dat hier hebt geformuleerd, namelijk dat we de mensen in Oekraïne en hun strijd steunen en dat we ons tegen de illegale invasie door Rusland verzetten.

Wouter Vermeersch:

Collega's, als Viktor Orbán zich als enige in Europa verzet en een vuist maakt tegen Europa, dan schreeuwt het Parlement moord en brand. Nu zouden we bijna smeken om een premier met de daadkracht en ruggengraat van Orbán. Het belang van het dossier voor de belastingbetaler kan niet worden overschat: vergelding vanuit Rusland, het breken van het internationaal vertrouwen, het ondermijnen van het financiële systeem en zelfs het faillissement van dit land, als we moeten terugbetalen. Voor dat laatste hebben we de Russen zelfs niet nodig.

Mijnheer de premier, u bent al zeer goed bezig om dit land naar de afgrond te brengen. U en ik, wij hier allemaal, hebben op de schoolbanken geleerd dat Europa voor welvaart en vrede moet zorgen. Vandaag houdt Europa zich bezig met het maken van schulden en het stoken van oorlog. Euroclear ligt in België, in Vlaanderen. Dus wij, Vlamingen moeten beslissen over de geblokkeerde tegoeden en niet Ursula von der Leyen of de Europese Commissie.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de premier, de Verenigde Staten hebben hun steun aan Oekraïne ingetrokken. Europa moet de hele zaak nu zelf financieren en dat is precies de kern van het probleem waarover we het hier vandaag hebben. De meest logische oplossing voor dat probleem is dat Europa dat geld leent op de financiële markten en het dan aanwendt voor de steun aan Oekraïne. De Hongaarse premier Orbán verhindert dat. Ons land mag niet het slachtoffer worden van de collaboratie van Orbán met Rusland. Dat is niet aanvaardbaar.

Als we willen dat Europa solidair is met ons land, zullen we zelf ook uit de pijp moeten komen. U hebt herhaald dat ons land loyaal achter Oekraïne staat en ik ben daarvan overtuigd; ik twijfel daar niet aan. Dat moet echter ook blijken uit daden. Als we onze democratie echt willen verdedigen, zal ons land eindelijk eigen middelen moeten vrijmaken om de Russische agressor tegen te houden. De begroting van 2026 komt eraan. Toon aan de Europese collega’s dat we aan de juiste kant staan. Toon dat ook wij de nodige middelen inzetten om Oekraïne te steunen. Dat zijn we verplicht aan Oekraïne, dat zijn we verplicht aan onze democratie en dat zijn we verdomme verplicht aan onszelf.

François De Smet:

Merci monsieur le premier ministre d'avoir rappelé le soutien clair de notre pays à l'Ukraine. C'était évident – et vous l'aviez déjà formulé –, mais je crois qu'il était nécessaire de le rappeler maintenant. J'espère que le message sera arrivé auprès des autres pays européens et de la presse européenne. Deuxièmement, ne soyons pas naïfs à propos des objectifs de M. Poutine. Son objectif premier est de semer la discorde entre nous, dans nos pays et entre pays européens. En conséquence, la meilleure réponse à lui apporter est de parvenir à un accord. Vous avez raison de tenir jusqu'au bout, mais il faut absolument que les Européens aboutissent à un accord qui permette de libérer cet argent pour l'Ukraine, d'une manière ou d'une autre. J'espère avec vous que les autres pays membres de l'Union comprendront qu'ils devront prendre leur juste part de la charge et du risque. Sinon, nous ne serons simplement pas à la hauteur de la tâche que l'histoire nous donne aujourd'hui.

economie en werk

Het van de Koning gekregen uitstel van 50 dagen en het wantrouwen binnen de regering
De begroting
De begroting
Het uitstel van de begroting 2026
De begrotingsonderhandelingen
Politieke spanningen, koninklijk uitstel en vertraagde begrotingsonderhandelingen 2026

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 20 november 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De oppositie valt premier Bart De Wever hard aan voor stilstand in de begrotingsonderhandelingen, ondanks zijn belofte om met "50 dagen" het roer radicaal om te gooien: geen concreet akkoord, verloren miljarden door vertraging (minstens €1 miljard extra tekort), en gebrek aan transparantie, terwijl het begrotingstekort het grootste van de eurozone dreigt te worden. Kritiek spitst zich toe op oneerlijke lastenverzwaring (BTW-verhoging, indexsprong, pensioenhervorming) die koopkracht en middenklasse raakt, terwijl alternatieven zoals belasting op grootvermogens, fraudebestrijding (€16 miljard potentieel) en eindigen fiscale uitzonderingen voor lucht- en zeetransport (€4 miljard) genegeerd worden. De Wever ontwijkt concrete antwoorden, benadrukt discretie tijdens onderhandelingen en belooft een akkoord voor Kerstmis, maar wekt weinig vertrouwen door herhaalde uitstelretoriek en gebrek aan zichtbare vooruitgang, terwijl sociale onrust groeit (aankomende stakingen) en de oppositie constructieve voorstellen (minder migratiekosten, afbouw fossiele subsidies) inbrengt die onbenut blijven. De credibiliteitscrisis diept zich uit door tegenstrijdigheden (bv. asielbudget stijgt ondanks "streng beleid") en interne coalitietwisten die de stilstand verergeren.

Sandro Di Nunzio:

Mijnheer de eerste minister, u bent gestart als nieuwkomer, als nieuwe premier met veel ambitie. U zou het rotten stoppen en de stilstand doorbreken. U hebt daarmee de lat heel hoog gelegd. Ik kan dat waarderen, want de ambitie voor ons land móet hoog liggen.

Ik ben zelf ook een nieuwkomer in het Parlement en als nieuw parlementslid heb ik ook veel ambitie, maar wat ik vandaag zie, is een complete stilstand. Dat kunt u helaas niet ontkennen. U vroeg de Koning om 50 dagen en ik dacht, net als iedereen, dat we meteen het grote werk zouden zien. Maar wat zien we op vandaag? Geen piloot in de cockpit, alleen kapers op uw vliegtuig. Geen kapitein, maar enkel een schaduwpremier die in uw nek staat te hijgen.

U zegt dat u in stilte werkt, maar over de begroting horen we niets. Er is zelfs nog geen kernkabinet bijeengeroepen. Uw regering spreekt over historische beslissingen die in de maak zijn en over historische oefeningen, maar we zien geen resultaten. U legt de lat hoog, maar u kijkt ernaar en gaat er zelfs niet onder. U blijft stilstaan. En dan heb ik het nog niet over uw eigen ploeg: partijvoorzitters die u moeten komen redden, schoonvaders waarvan u niet weet of ze zullen meehelpen en collega’s van wie ik mij afvraag of ze nog wel met u meewillen.

Mijnheer de premier, u bent anderhalf jaar aan zet en we zitten aan dag 15 van de 50 dagen. Doorbreek de stilstand. Ik heb een heel simpele vraag voor u. Waar staat u nu en wat hebt u tot nog toe concreet gedaan?

Paul Magnette:

Monsieur le premier ministre, vous avez du mal. Vous cherchez 10 milliards et vous ne trouvez pas. Vous ne trouvez pas pour une raison simple, c’est que vous ne regardez pas au bon endroit.

Vous ne regardez que dans les poches des travailleurs et des pensionnés. Mais il n’y a plus rien dans les poches des travailleurs et des pensionnés. Vous avez déjà tout pris. Trois Belges sur quatre nous disent que depuis que vous êtes premier ministre, leur pouvoir d'achat a diminué.

Il y a d'autres possibilités, monsieur le premier ministre. Nous vous avons fait des propositions. Demandez une contribution aux grandes fortunes; cela rapporte 6 milliards. Luttez efficacement contre la fraude fiscale; cela rapporte 3 milliards. Augmentez les salaires; cela rapporte 4 milliards. Demandez qu'on regarde un peu dans les aides aux entreprises. Nous dépensons 10 milliards de plus que les pays voisins. On trouvera bien 1,5 milliard. Demandez une contribution aux banques et au secteur de l’énergie, qui font des grands bénéfices; cela rapportera aussi 1,5 milliard.

Vous voyez, en quelques secondes, je vous ai trouvé 16 milliards. C'est donc possible.

Comme je veux vraiment vous aider, je vais encore vous donner une autre piste. Il y a en ce moment une discussion au niveau européen sur une directive portant sur les avantages fiscaux dont profitent le transport aérien et le transport maritime. Ces secteurs ne payent aucune taxe sur le carburant. C'est une perte de plus de 4 milliards pour la Belgique. Vous avez le pouvoir de dire non, monsieur le premier ministre. Vous connaissez ces compagnies de transport maritime. Pour la plupart, elles sont basées à Anvers.

Eh bien, dites non au Conseil européen. Dites qu'il n'est pas normal que quand le Belge fait son plein, la moitié de ce qu'il paie va dans les caisses de l'État; mais quand ces compagnies maritimes ou aériennes prennent du kérosène, elles ne paient absolument rien. Cela rapportera 4 milliards et vous serez tout près de votre objectif.

Voorzitter:

Merci monsieur Magnette. Il est dommage que vous n'ayez que deux minutes.

Sofie Merckx:

Monsieur le premier ministre, à part de votre chat Maximus, qui est très actif sur les réseaux sociaux et très sympathique, on n'a pas beaucoup de nouvelles de ce qui se passe au gouvernement.

Nous avons récemment appris que vous invitiez les présidents de partis, ce qui veut dire que vous renégociez tout. Ce sera ma première question. Renégociez-vous aussi, par exemple, la réforme des pensions et la réforme du marché du travail?

Pendant que le gouvernement patauge et n'a pas l'air d'avancer, les gens, eux, ne restent pas les bras croisés. Après la grande manifestation où on était 140 000 dans les rues, quatre jours d'action se préparent. On commence le dimanche, consacré aux droits des femmes; après, les services publics et les enseignants enchaînent; le mercredi, il y aura une grève générale.

Une grève générale, cela vous embête, mais les gens, quand ils sont en grève, ils veulent vous envoyer deux messages. Le premier message, monsieur le premier ministre, c'est que sans eux, sans tous les gens qui, tous les jours, travaillent dans nos hôpitaux, qui vont sur les chantiers, qui travaillent dans nos services publics, qui vont dans les usines, ce pays ne fonctionne pas. Ce sont eux qui créent la richesse. Et le deuxième message, c'est qu'ils ne sont pas d'accord avec que tout ce que vous avez proposé jusqu'ici, les nouveaux plans, augmenter la TVA, chipoter à l'indexation des salaires, la réforme des pensions et la réforme du marché du travail avec les primes de nuit. Ils ne sont pas d'accord avec ça.

Monsieur le premier ministre, au lieu de rester entre vous, de discuter entre vous au 16 rue de la Loi, avec votre chat, peut-être devriez-vous sortir. Allez-vous enfin écouter les gens qui se mobilisent dans la rue?

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de premier, uit de jongste vooruitzichten van de Europese Commissie blijkt dat België volgend jaar het grootste tekort van de ganse Eurozone zal kennen. In 2027 zal het tekort op dat van Polen na zelfs het grootste van gans Europa worden. De cijfers worden dus nog slechter dan de eerdere ramingen van het Monitoringcomité of de Nationale Bank.

Bovendien kunnen we vaststellen dat de regering-De Wever ondanks de aanhoudende verslechtering van die cijfers geen vooruitgang boekt in de onderhandelingen. De aangekondigde zoektocht naar 10 miljard euro lijkt muurvast te zitten, besprekingen stokken, deadlines werden overschreden en van de eerder gevraagde 50 dagen blijven nog slechts 35 dagen over.

Aan de voordeur van de Wetstraat 16 gebeurt dus niets, maar aan de achterdeur is er meer activiteit. Vrijdag, collega’s, verscheen op de aftandse website van deze Kamer in alle stilte een aanpassing van de uitgavenbegroting. Uw ministers willen nog snel wat budgetten aanpassen voor de komst van de voorlopige twaalfden.

Hoewel uw regering het strengste asielbeleid ooit zou voeren, blijkt uit de aangepaste begroting dat het asielbudget nogmaals wordt verhoogd. Zo stijgt de dotatie aan Fedasil nog verder, terwijl we al aan een recordbedrag zaten. Ook in de provisies zien we extra uitgaven voor asielzoekers, minder geld voor politie en justitie en, hoe kan het ook anders, opnieuw meer geld voor de Europese Unie.

Mijnheer de premier, hoe zit het nu met die onderhandelingen? Twee weken geleden zei u hier: "Onze situatie verdraagt geen uitstel meer. We mogen ons niet laten verlammen. We moeten doorpakken, zo niet dreigen we in een spiraal terecht te komen van oplopende rente en stijgende rente." Het is echter net dat wat nu gebeurt. Hoe ziet u uw verpletterende verantwoordelijkheid?

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de premier, op 6 november, nota bene op dezelfde dag waarop u 50 dagen uitstel vroeg aan de Koning, zei u in dit halfrond: "De budgettaire situatie is zeer ernstig. We kunnen ons geen uitstelgedrag veroorloven." Vorige week voegde u daar het volgende aan toe: "Het is vaak wanneer u niets ziet dat het meeste gebeurt. Als u iets ziet, is het meestal iets wat we liever niet laten zien. Veel kan ik daarover niet zeggen, want elk woord is er een te veel."

Welnu, mijnheer de premier, uw coalitiepartners zijn het daar niet mee eens. Vorige week werd de helft van de Villa Politica -uitzending gekaapt door de voorzitter van de MR. Uw andere coalitiepartners schuimen eveneens de studio’s af. Op die manier geven zij eigenlijk toe dat er weinig gebeurt. We naderen eind november en van uw 50 dagen zijn er 14 verstreken. Er blijven er nog 36 over, vandaag inbegrepen. Ondertussen horen we geen enkel idee van uw meerderheid dat richting een oplossing gaat. Wat we wel horen van uw meerderheid, is hoe het probleem groter wordt gemaakt. De fractieleider van uw eigen partij heeft hier vorige week gezegd dat de vertraging van de begroting een kost heeft van minstens 1 miljard euro, boven op de oefening die u reeds aan het maken bent.

Mijnheer de premier, u gaat het rotten van de begroting stoppen. Om dat te doen, laat u de zaken nog meer rotten. Ik moet zeggen dat ik blij ben dat u mijn huisarts niet bent, want uw behandelingen zijn een beetje speciaal.

Kunt u bevestigen dat het uitstel van de begroting minstens 1 miljard euro zal kosten? Draagt u de politieke verantwoordelijkheid voor dit oplopend begrotingstekort?

Bart De Wever:

Chers collègues, merci pour ces questions.

Monsieur Magnette, en quelques secondes, vous avez décrit toutes les solutions aux problèmes que nous avons. Il est fort dommage que vous ne les ayez pas appliquées pendant que vous étiez au pouvoir dans le gouvernement Vivaldi! Quand on regarde le budget que vous nous avez laissé, c'est vraiment dommage, car vous aviez toutes ces solutions.

Mijnheer Di Nunzio, u bent welkom in het huis hier. Ik apprecieer het echt dat u, als Open Vld'er, onderstreept dat het na een Open Vld-premier echt wel tijd is om het rotten nu te stoppen. Ik apprecieer die eerlijkheid. Dat is de eerlijkheid van een nieuwkomer.

U hebt het vorige week niet gehoord en dus herhaal ik het: politiek is heel vaak een slecht toneelstuk en als men geluk heeft, wordt het goed geacteerd. Afgelopen week zien we meer acteurs dan vorige week om hetzelfde stuk op te voeren, terwijl het stuk er niet beter op is geworden.

Het is u ongetwijfeld bekend dat ik op dit moment onderhandelingen voer. Ik moet daarover discreet zijn en moet de discretie trachten te handhaven. Dat is al moeilijk genoeg. Voor wie eraan zou twijfelen, ik ben er elke dag intens mee bezig. Ik ben eigenlijk blij dat de werkzaamheden grotendeels onder de waterlijn blijven; naar de huidige normen inzake politieke discretie kan ik me daar alleen al over verheugen.

Het zou natuurlijk – die opinie deel ik met u, vandaar het toneelstuk – beter zijn om ook het resultaat te kunnen voorstellen aan het huis hier, wat dat ook moge worden. Sowieso zal dat voor Kerstmis gebeuren.

Dès qu'un accord aura été conclu, je me présenterai devant vous à la Chambre afin de répondre, en toute transparence, à l'ensemble de vos questions.

Tot dan zult u daar toch nog op moeten wachten.

Sandro Di Nunzio:

Dank u wel voor uw antwoord, mijnheer de eerste minister, maar net als vorige week krijgen we geen antwoorden. We zien zogezegd niets, omdat u in stilte zou werken, maar volgens mij is het, omdat er niets gebeurt. Er gebeurt niets. Er is stilstand. Het dramatische is – en we hebben dit ook gehoord van collega Vanbesien – dat, zelfs als u een akkoord bewerkstelligt, er meer dan 1 miljard euro verloren is gegaan. Dat is doodzonde.

Onze fractie – ik herhaal het – reikt u de hand, als u goede voorstellen hebt waarover u geen akkoord kunt bereiken in uw regering. Kom ermee naar het Parlement. We zijn bereid u te helpen en die voorstellen te steunen.

We hebben zelf ook voorstellen ingediend, onder andere inzake de energiekorting voor de bedrijven, flexibele nachtarbeid, flexibele overuren, flexi-jobs in alle sectoren. We doen dat ten behoeve van onze economie en voor de mensen in ons land. Doorbreek de stilstand en maak er werk van.

Voorzitter:

Dank u wel, collega. U hebt hiermee uw eerste parlementaire vraag gesteld van een ongetwijfeld lange reeks. ( Applaus )

Paul Magnette:

Monsieur le premier ministre, je pense que vous vous êtes trompé de réponse. Vous avez lu celle de la semaine dernière, ou bien celle de la semaine d'avant, ou de la semaine encore avant. Chaque semaine, c'est le même cinéma. Vous ne répondez à aucune question et vous faites des petites blagues, des petites blagues comme vous en faites sur les réseaux sociaux. Mais, vos petites blagues, monsieur le premier ministre, elles ne font plus rire personne. Et elles ne font pas rire les Belges, parce qu'on voit bien quel jeu il y a derrière.

La semaine dernière, votre ministre des Finances est venu ici en disant "On va augmenter la TVA sur le gaz, parce que c'est une mesure pour le climat." Mais le climat, il a bon dos. Quand c'est pour faire payer les familles et augmenter les factures de gaz, c'est la faute du climat. Mais, quand on vous dit ici "Faites payer les grands pollueurs, faites payer les transporteurs maritimes basés à Anvers", là non, tout d'un coup on ne les fait plus payer.

Monsieur le premier ministre, votre cirque, tout le monde l'a compris et personne n'est dupe.

Sofie Merckx:

Monsieur le premier ministre, c'est vraiment incroyable! Je vous ai demandé si vous alliez tenir compte des quatre jours d'action et de grève qui s'annoncent ainsi que des travailleurs et travailleuses de ce pays qui vous disent qu'ils ne sont pas d'accord. Et vous ne pipez pas un mot là-dessus, c'est juste scandaleux!

Mais bon, on savait déjà, les gens le savaient, que ce gouvernement est contre les travailleurs et les travailleuses, et pas du tout pour les travailleurs et les travailleuses. Or des solutions par rapport à ce que vous proposez, il en existe effectivement: arrêtez de donner des cadeaux aux entreprises sans compter, allez chercher l'argent chez les plus riches et arrêtez l'armement!

De toute façon, monsieur le premier ministre, même si vous ne voulez pas les écouter, les gens seront dans la rue la semaine prochaine et ils se feront entendre. Sachez-le!

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de premier, begin november vroeg u 50 dagen aan uw goede vriend, de Koning van België. Ondertussen zijn we twee weken later en u hebt opnieuw tijd verloren zonder enige vooruitgang, zonder akkoord. Het wordt alleen maar erger. Afgelopen week werd duidelijk dat Brussel afstevent op een shutdown en België op het grootste tekort van de hele eurozone, zelfs van heel Europa. U hebt het vaak over een col buiten categorie, maar onder u en uw regering zitten we in de afdaling. We rijden zonder remmen de afgrond in.

Wat zien we? Uw regering vraagt via begrotingsaanpassingen dit jaar nog meer geld voor asielzoekers en met haar voorstellen voor nieuwe belastingen, btw-verhoging en indexsprongen ondergraaft zij verder de koopkracht van de Vlamingen. U doet exact hetzelfde als de regering-De Croo. Het Vlaams Belang wil net het omgekeerde: minder migratie, zodat er meer geld is voor meer koopkracht.

Dieter Vanbesien:

Premier, ik zou mezelf niet zijn, als ik niet met constructieve oplossingen kwam. Ik heb ze al eerder voorgesteld, maar u hebt het belang van herhaling zonet aangegeven. Ik zal daarom mijn oplossingen herhalen, zodat u ze niet vergeet. Misschien bent u er in alle luwte reeds mee aan de slag gegaan, wie weet. Laat uw klavertjevier los. Laat de btw-verhoging, de indexsprong, de besparingen in de gezondheidszorg en de harde aanpak van langdurig zieken los. Die mayonaise pakt niet. Onderzoek daarentegen alternatieven. Sluit de achterpoortjes waarlangs de inkomsten wegvloeien. Bouw de fossiele subsidies af. Houd de bedrijfssubsidies tegen het licht en zorg er voor dat ook de hoogste inkomens op eenzelfde manier bijdragen als de middenklasse. Ziedaar mijn constructieve bijdrage aan de moeilijke opdracht. Gratis en voor niets.

gezondheid en welzijn

De rol van de RIZIV-inspectiediensten en de ziekenfondsen in het voorkomen van sociale fraude
De controles door het RIZIV
De controles door het RIZIV en de sociale fraude
Het plafond op verstrekkingen van thuisverpleegkundigen en de vrijwaring van het vrij beroep
De controles door het RIZIV
De controles door het RIZIV
De controles door het RIZIV
Toezicht en fraudebestrijding door RIZIV en ziekenfondsen, controles en regelgeving thuisverpleging

Gesteld aan

Frank Vandenbroucke (Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid)

op 20 november 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Een thuisverpleegkundige fraudeerde acht jaar lang voor 3,5 miljoen euro (90+ gefactureerde consulten/dag, luxeleven met 17 Porsches), terwijl waarschuwingen sinds 2017 (RIZIV, mutualiteiten) werden genegeerd en pas na mediadruk actie kwam—te laat en te zwak. Minister Vandenbroucke verdedigt zich met "nieuwe maatregelen" (omgekeerde bewijslast, plafonds, RIZIV-nummers intrekken), maar oppositie en sector wijzen op structureel falen: controles bestonden al, werden niet toegepast, en eerlijke verpleegkundigen lijden reputatieschade terwijl fraudeurs ongestraft bleven. Kern: systeemfaal door laks toezicht, politieke vertraging en gebrek aan daadkracht, ondanks herhaalde signalen.

Jeroen Van Lysebettens:

Mijnheer de minister, elke dag zetten duizenden thuisverpleegkundigen zich met hart en ziel voor hun patiënten in. De job van die mensen werd deze week door een extreme fraudeur besmeurd. Aan al die mensen die hun job goed en eerlijk doen, zijn we het verplicht om duidelijkheid te scheppen.

Dat die fraude kon gebeuren, dat het jarenlang aan de gang was, dat het geweten was, is hallucinant, onaanvaardbaar en moet worden aangepakt. We kunnen alleen maar vaststellen dat u na de feiten, opnieuw, zeer reactief reageert. In een schijnbare opwelling kondigt u plots een breed pakket aan. Dat u actie onderneemt, is goed, doe dat gericht en zorgvuldig, maar opnieuw loopt u achter de feiten aan en treedt u pas op wanneer er een schandaal in de pers komt.

In die case stonden alle knipperlichten aan. Het was pijnlijk duidelijk. Meer dan 90 verplegingen per dag, dag in, dag uit, week na week, jaar na jaar, dat is gewoonweg fysiek niet mogelijk en moet er zo snel mogelijk worden uitgehaald, zeker als er plots zeventien Porsches voor de deur staan.

Hoe kon dat gebeuren, mijnheer de minister? De mutualiteiten trokken bij het RIZIV al in 2017 aan de alarmbel. Vandaag wordt er ingegrepen. In 2020 sprak het RIZIV al over meer dan een miljoen euro fraude. U schreef er deze zomer een brief over aan de artsen, maar u grijpt niet in op het terrein.

Uw huidige maatregelen verscherpen opnieuw de controle, terwijl dat niet het probleem was. Er is niets gebeurd met wat er uit de controle kwam. Waarom niet?

Kathleen Depoorter:

Mijnheer de minister, ik ken veel zelfstandig thuisverpleegkundigen en u wellicht ook. Ik ken er weliswaar geen die met een Ferrari rijdt, laat staan 17 Ferrari’s. Ze laten zich evenmin rondvliegen in een helikopter of gaan op een jacht op reis. Neen, het zijn mensen die om 05.00 uur opstaan, dan hun eerste patiënten zien en die men om 22.00 uur nog eens tegenkomt, omdat ze dat laatste spuitje of dat laatste pilletje toch nog zijn gaan toedienen. Het zijn ondernemers. Het zijn zelfstandigen.

De bom in de sector was dan ook bijzonder groot toen het nieuws over die frauduleuze verpleegster aan het licht kwam. Het is crimineel. Er is ook sprake van afpersing van patiënten. Dat kunnen we niet tolereren, dat moeten we aanpakken. Daarover zijn we het absoluut eens.

Wat ik echter niet uitgelegd krijg, is dat een organisatie als het RIZIV, met een budget van 40 miljard euro, met 1.200 medewerkers, van wie 243 bij de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle, de alarmsignalen, die er waren, die bekend waren, niet krachtdadig heeft gebruikt, dat het niet onmiddellijk is opgetreden. Ik kan dat niet uitleggen, mijnheer de minister, want ik begrijp het niet.

Er zijn drempelwaarden. We willen het ondernemerschap van de zelfstandigen niet beknotten. Er is een drempelwaarde, er is een V-waarde. Die verpleegster heeft die waarden tientallen keren overschreden, maar toch werd niet tot actie overgegaan, hoewel dat mogelijk was. Ze werd slechts één keer geschorst, de derde-betalersregeling werd geschorst. Pas na zes jaar is men naar de arbeidsauditeur gestapt. Het heeft gewoon veel te lang geduurd. Ondertussen kon die verpleegster blijven frauderen. Ze heeft zich aangesloten bij een groepering, maar ook die kan worden geschorst.

Mijnheer de minister, kunt u mij en al die mensen die te goeder trouw werken, uitleggen hoe dat onder de radar kon blijven?

Nawal Farih:

Mijnheer de minister, acht jaar lang werd er gefraudeerd binnen onze sociale zekerheid en dat voor een bedrag van 3,5 miljoen euro. Dat geld dient voor de meest kwetsbaren in onze samenleving, voor de zieken, voor de patiënten die extra zorg nodig hadden en voor de oudere mensen die thuis extra hulp nodig hadden.

Ik vind het degoutant en ik ben enorm boos dat dat zo lang heeft kunnen aanslepen. Al die tijd kon die verpleegkundige onze sociale zekerheid bestelen en zichzelf verwennen met luxewagens, luxereisjes en luxehandtassen, terwijl kwetsbare mensen haar vertrouwden voor hun verzorging. Ik hoef u niet te vertellen dat die problematiek vandaag breed uitgesmeerd wordt in de media. Het imago van de zorgsector staat op het spel. Als ik vandaag twee slachtoffers moet benoemen, dan is het ten eerste de zorgsector zelf, terwijl nochtans heel veel zorgverstrekkers dag en nacht op pad zijn om duizenden patiënten te helpen, en ten tweede de patiënt. Oudere mensen durven vandaag hun deur niet meer opendoen omdat ze schrik hebben van de persoon die hen zorg komt bieden. Het vertrouwen is helemaal weg.

Mijnheer de minister, ik heb heel veel vragen die vandaag onbeantwoord blijven. De ziekenfondsen zeggen dat ze hun controlefunctie hebben opgenomen, het RIZIV zegt dat het alle middelen waarover het beschikt heeft ingezet. Zo werd de derde-betalersregeling geschorst en werden er financiële sancties uitgevaardigd. De grote vraag is hoelang het kabinet al op de hoogte was. Wat hebt u gedaan om die diefstal te stoppen?

Julie Taton:

Monsieur le ministre, la fraude sociale est, malheureusement, présente partout. Lorsqu'une faille apparaît dans notre système, l'être humain a tendance à en abuser. Le plus triste dans cette histoire est qu'à force d'en abuser, on finit par le fragiliser, alors que ce système est, au départ, censé nous aider.

Cette fois-ci, il est question d'une infirmière indépendante – ma collègue Nawal me semble en avoir bien parlé à l'instant, car elle a employé les bons mots – qui aurait facturé plus de 90 consultations par jour. Cela lui aurait permis de gagner et détourner beaucoup d'argent. On parle de plusieurs millions d'euros – soit un montant que notre sécurité sociale n'a pas reçu. Ces faits mettent à nouveau tristement en lumière un mauvais fonctionnement du contrôle, étant donné que la limite raisonnable pour pratiquer de bons soins de santé s'élève à une vingtaine de consultations journalières.

En réaction à cette affaire, monsieur le ministre, vous avez annoncé vouloir fixer un plafond du nombre de patients par jour pour un soignant à domicile. Oui, il faut prendre des mesures contre la fraude, et elles doivent être prises rapidement. Pour autant, il nous paraît essentiel de garantir une bonne concertation avec le secteur des infirmiers à domicile, car celui-ci souffre en ce moment et est mis sous pression. Il ne faut surtout pas l'abandonner.

Mes questions, monsieur le ministre, seront très simples. Il semblerait que l'INAMI avait déjà reçu un signalement en 2017 pour des soupçons de fraude. Manifestement, il n'y a pas eu de suivi. Comment pouvez-vous l'expliquer? Comment évaluez-vous ce dispositif de suivi? Combien de dossiers en ce domaine sont-ils ouverts par l'INAMI?

Vous avez annoncé plusieurs mesures relatives au plafonnement des prestations. À ce titre, envisagez-vous vraiment une concertation avec le secteur? Vous dites aussi souhaiter renforcer le contrôle des mutuelles. Or elles sont juge et partie puisque certaines offrent des services de soins à domicile. Tous les infirmiers seront-ils logés à la même enseigne et égaux face à ces contrôles?

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de minister, hoeveel hoofdstukken moeten we nog toevoegen aan het blunderboek van het RIZIV? U bent al zes jaar de verantwoordelijke minister. Twee maanden geleden zei collega Ronse hier dat er 12.000 langdurig zieken in het buitenland verblijven, van Pattaya tot Benidorm, die nooit gecontroleerd worden. Een maand geleden spraken we hier ook over het RIZIV: 529.000 langdurig zieken, 150.000 mensen met lage rugpijn – een bevolking zonder ruggengraat blijkbaar – en 195.000 mensen met psychische problemen. Verder zijn 260.000 mensen arbeidsongeschikt tot aan hun pensioen. Vervolgens ging de FOD eens controleren en toen bleek dat 16,7 % terecht arbeidsongeschikt was, 27,2 % onterecht en bij 55,6 % werd de erkenning ingekort.

Een week geleden vernamen naar aanleiding van een televisie-uitzending dat iemand die acht jaar geleden over een hondendrol is uitgegleden sindsdien thuisblijft met een ziekte-uitkering. Wat doet het RIZIV? Niets. Wat horen we nu? Acht jaar lang lichtte de verpleegkundige Stefanie Sander uit het landelijke Houthulst de boel op. Acht jaar! Al sinds het eerste jaar, 2017, zijn er klachten over 14.475 aangerekende prestaties. Er wordt gecontroleerd en er wordt in beroep gegaan. Wat gebeurt er vervolgens? Niks. De vrouw in kwestie moest een bedrag terugbetalen, maar dat deed ze niet. Wat doet het RIZIV daaraan? Niks.

Bent u dan Calimero, mijnheer de minister? U bent al zes jaar verantwoordelijkheid voor het RIZIV en ik zeg u wat er in één à twee maanden in het Parlement al werd aangekaart. Begin uw werk te doen.

Kurt Moons:

Mijnheer de minister, ons land werd deze week opgeschrikt door een fraudeschandaal van een thuisverpleegkundige dat zijn gelijke niet kent. Een dame slaagde erin om gedurende acht jaar miljoenen euro’s ten onrechte aan te rekenen aan het RIZIV en de mutualiteiten. Er was sprake van facturatie van niet-geleverde prestaties, tot meer dan een miljoen euro per jaar. Ze zette patiënten ook onder druk en foefelde met identiteitskaarten.

Blijkbaar bestaat die fraude reeds sinds 2017, toen het RIZIV een controleonderzoek instelde en op dat moment reeds fraude vaststelde. Toch kon die persoon haar frauduleuze praktijken verderzetten zonder verdere controle door het RIZIV en kon ze er een zeer luxueus leven op nahouden. Blijkbaar hebben de controlemechanismen van uw diensten helemaal niet gewerkt. Dit betreft echt een structureel falen van het beleid. Het gaat trouwens om een voortzetting van jarenlang falend beleid, ook van uw voorgangers.

Onze partij en ook de sector zelf waarschuwen al vele jaren voor dergelijke misbruiken. Ze vragen betere datagedreven detectie, objectieve monitoring en tijdige interventies. Al die waarschuwingen werden door de zogenoemde beleidspartijen vakkundig straal genegeerd. Integendeel, door uw geplande aanpak stigmatiseert u nu zelfs de vele duizenden hardwerkende thuisverpleegkundigen.

Daarom heb ik een aantal vragen.

Hoe is het mogelijk dat dergelijke fraude gedurende acht jaar onder de radar is gebleven, terwijl er al lang voldoende signalen aanwezig waren? Welke controles zijn uitgevoerd? Welke signalen werden er gemist en door wie? Waarom werd er niets ondernomen door het RIZIV, het ziekenfonds of uw administratie en is het pas op het moment waarop een arbeidsauditeur het dossier naar zich toetrekt dat de bal aan het rollen gaat? Hoe zult u er verder voor zorgen dat de correct werkende thuisverpleegkundigen niet langer reputatieschade ondervinden van dergelijke fraudeurs? Sinds wanneer was u op de hoogte van deze hallucinante praktijken? Wat hebt u gedaan en welke acties hebt u ondernomen?

Voorzitter:

Collega's, mag ik het woord geven aan de heer Bertels? (Rumoer)

Mijnheer Bertels, u hebt recht op twee minuten spreektijd.

Jan Bertels:

Collega's, wat wij de voorbije dagen konden lezen, moet ons allemaal verontwaardigen. Ik ben blij dat u die verontwaardiging deelt. Een thuisverpleegkundige die voor miljoenen fraudeert, dat kunnen wij niet aanvaarden. Het systeem werd en wordt daardoor van binnenuit ondergraven, op verschillende manieren.

Zij zette patiënten onder druk om hun identiteitskaart onder de deurmat of in de brievenbus te leggen. Lag er geen identiteitskaart klaar, dan werd de medicatie stopgezet of werd daarmee gedreigd. Op die manier kon ze tot 90 patiënten per dag zien. Zij factureerde bezoeken en streek zelfs premies op die voor haar patiënten of voor zorgkundigen bedoeld waren. Ze waren niet voor haar bestemd, maar zij streek ze toch op.

Sancties werden omzeild. Het RIZIV trad wel degelijk op, zij het misschien niet hard genoeg. Daarover kunnen wij discussiëren. Het streed echter wel met de middelen die wij, wetgevers, het hebben gegeven. Die wapens volstaan niet. Ik hoop dat wij het daar nu allemaal over eens zijn en blijven.

Ook de wapens die het RIZIV aan het ministerie van Financiën geeft om te innen, volstaan niet. Er wordt niet genoegd gedaan met de verslagen die het RIZIV aan het parket bezorgt. Wij moeten daar eerlijk over zijn. Daar wordt niet genoeg mee gedaan. Ook op dat vlak moeten er prioriteiten worden gesteld met betrekking tot socialefraudebestrijding. Fraude is immers onaanvaardbaar. Alle hardwerkende thuisverpleegkundigen komen daardoor in een slecht daglicht. Daarom moeten wij het systeem hervormen en een handhavingsplan opstellen en uitvoeren.

Voorzitter:

Ik geef het woord aan de vicepremier om te antwoorden. Hij heeft daarvoor vijf minuten spreektijd.

Frank Vandenbroucke:

Geachte Kamerleden, fraude is diefstal, of het nu om fiscale fraude of sociale fraude gaat, het is in feite een vorm van gangsterisme in de ziekteverzekering. Dat is diefstal. Het is intriest voor talloze hardwerkende thuisverpleegkundigen die het beste voor hebben met hun patiënten. Dat is de reden waarom we keihard moeten optreden.

Is de inspectie van het RIZIV opgetreden? Ja, onmiddellijk. Ik zal de gedetailleerde tijdslijn bezorgen aan het secretariaat van de Kamer. Onmiddellijk nadat moedige mensen uit de omgeving van die thuisverpleegkundige in 2017 hadden gemeld dat er iets niet in orde was, is een onderzoek gestart. Dat is een moeizaam onderzoek waarbij men patiënten thuis moet opzoeken om vast te stellen dat er inderdaad is gefraudeerd. Enkele maanden later werd een proces-verbaal opgesteld. Er is een zware boete opgelegd en onterecht verkregen geld werd teruggevorderd, waarvan een deel werd terugbetaald. Men is die zaak blijven opvolgen. Na nieuwe klachten is men opnieuw opgetreden. Al meer dan twee en een half jaar geleden werd, na sterk aandringen, het parket aan zet gebracht. Het RIZIV is dus opgetreden, onmiddellijk en herhaaldelijk, maar met wapens die tegenover dat soort gangsterisme veel te zwak zijn. Dat is toch juist?!

Maar nu wordt het interessant. Wilt u de wapens tegen dat soort diefstal versterken of niet? Dat is de vraag voor u. Wilt u de middelen versterken om dat soort diefstal aan te pakken of niet? Dat is absoluut nodig.

Overigens, mijnheer Van Lysebettens, dat is allemaal reeds beslist en we gaan het uitvoeren. Om te beginnen wordt de bewijslast omgekeerd, zodat men niet talloze patiënten thuis moet opzoeken om te bewijzen dat er is gefraudeerd. Wanneer een zelfstandig thuisverpleegkundige voor meer dan 229.000 euro aan facturen indient, meer dan tweemaal zoveel als het gemiddelde van een hardwerkende voltijds verpleegkundige, dan mag men om uitleg vragen, zodanig dat de betrokkene moet bewijzen dat hij of zij niet fraudeert. Dat is beslist. Die wetgeving, mijnheer Van Lysebettens, is al tot stand gebracht, dat koninklijk besluit is meer dan een jaar geleden gepubliceerd en we zullen het vanaf nu toepassen. Ja, dat is onder Vivaldi beslist, mét u beslist, en is vanaf nu van toepassing.

Ten tweede, collega’s van het Vlaams Belang, u vraagt wanneer ik van het geval op de hoogte was, maar ik heb tegenover mevrouw Sneppe maanden geleden net het voorbeeld van die frauderende zelfstandige gegeven om tegen uw weerstand in de wapens aan te scherpen. U wilde niet dat we het nummer zouden kunnen intrekken. U vond dat vreselijk. (rumoer en protest in de zaal)

Ik heb met handen en voeten uitgelegd dat het nodig is om dat soort draaimolen te stoppen, door het nummer waarop men factureert gewoon in te trekken. Ik heb van op dit spreekgestoelte het voorbeeld gegeven aan mevrouw Sneppe, om haar te overtuigen.

Ten derde, we moeten ook de patiënten wapenen. We zullen er dus systematisch voor zorgen dat vanaf nu de patiënten geïnformeerd worden, ook wanneer men in derde-betaler factureert, ook in de thuisverpleging.

Morgen ligt op de ministerraad een wetsontwerp voor waarbij onder meer de mutualiteiten voor 100 miljoen euro borg zullen moeten staan voor acties tegen fraude. Dat ligt klaar. We hebben dus niet gewacht.

Het punt is dat men de samenleving moet willen wapenen tegen diefstal. De flauwe en leugenachtige verhalen die ik hier bij de voorgaande mondelinge vraag gehoord heb, dat we zogezegd in de rekeningen zouden gaan kijken, dat zijn leugens.

U liegt. U liegt om diefstal mogelijk te laten zijn. Daarmee beschermt u niet de gewone burger, maar wel drugscriminelen die geld witwassen. Wie u beschermt, als u tegen het principe van de plafonds bent, zijn gangsters in de ziekteverzekering.

Geachte Kamerleden, u zult kleur moeten bekennen, u allemaal, in de meerderheid en in de oppositie. Zult u de inspectie de wapens geven op te treden (…)

Jeroen Van Lysebettens:

Dank u wel, mijnheer de minister, voor uw antwoord.

Over twee zaken zijn we het eens: fraude is diefstal en het RIZIV heeft ten minste een probleem gesignaleerd. Bij andere partijen maken ze van een Porsche Queen een raadslid.

U hebt mij echter op een aantal punten verkeerd begrepen. Mijn punt was niet dat er geen beslissing is genomen, mijn punt is dat beslissingen niet worden uitgevoerd. Het RIZIV heeft sinds 2020 weet van die zaak van miljoenenfraude en toch kan en mag de persoon in kwestie blijven voortdoen. U zegt dat men onmiddellijk ingrijpt, maar we zijn vijf jaar later.

Ik stel vast dat het hier hetzelfde is als met fraude in andere domeinen: u zit met het sleepnet achter de kleine garnalen en de grote vissen zwemmen ongehinderd verder. Dat is hier zo. Dat zal straks ook zo zijn bij de arbeidsmarktfraude die de heer Mertens aankaart (…)

Kathleen Depoorter:

Mijnheer de minister, iedereen wist het, maar de wapens, die er zijn, zijn gewoon niet gebruikt. De wapens zijn er, maar ze zijn niet voldoende gebruikt. Er is te lang gewacht. Een inspecteur kan na een melding meteen overgaan tot een onderzoek. Dat onderzoek kan leiden tot een schorsing van de derde-betalersregel en vervolgens kan men onmiddellijk naar de arbeidsauditeur stappen. Dat is niet gebeurd, mijnheer de minister. Er zit zes jaar tussen! Zes jaar!

Ik heb weet van fraudedossiers van 50.000 euro – dat is het gemiddelde van de fraudedossiers – en die worden onmiddellijk afgehandeld. Hoe komt het dat het hier om miljoenen euro's gaat en dat men zoveel geduld heeft gehad met die mevrouw? Dat is schandalig.

Nawal Farih:

Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. Het was een luid antwoord. Er zat veel passie in. Het gaat hier over het belastinggeld van hardwerkende mensen. Mensen gaan ervan uit dat het belastinggeld goed beheerd wordt en dat het voor de juiste zaken wordt ingezet. In de sociale zekerheid zijn dat de meest kwetsbaren, hulpbehoevende ouderen, die zich vaak niet kunnen verweren.

U zegt dat alle middelen zijn gebruikt. Uw collega, Jan Bertels, zegt dat ze misschien niet hard genoeg zijn ingezet. Wel, ik ben het daar volledig mee eens. Er had veel straffer en veel sneller moeten worden gereageerd.

Als u het hebt over de strijd tegen fraude, dan zult u in cd&v een partner vinden, of het nu gaat over fiscale fraude, fraude met managementvennootschappen, sociale fraude of het aangehaalde type fraude: het moet sneller, harder en u moet (…)

Julie Taton:

À mon tour de vous dire merci pour ces réponses, monsieur le ministre, qui étaient très vivantes. Je suis assez d'accord avec mes collègues. Je voudrais juste ajouter qu'il est très important pour nous de défendre la profession libérale des infirmiers, et de les rassurer. La fraude est là, nous l'avons bien compris. Vous allez la combattre, c'est sûr. Mais il faut aussi rassurer le secteur, il faut l'écouter, échanger avec les infirmiers et leur faire passer le message que nous ne sommes pas contre eux. Nous n'allons pas faire la chasse aux infirmiers, mais nous allons faire la chasse à la fraude. Il y a beaucoup de travail.

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de minister, u bent de grootste calimero van dit halfrond. U maakt mevrouw Sneppe hier verwijten – ik heb haar niet te verdedigen - maar zij zit in de oppositie en heeft niets te zeggen. U bent degene die zijn werk niet heeft gedaan. U hoeft het ook niet politiek te spelen, want mevrouw Sanders stond in 2018 op de lijst van de socialisten voor de verkiezingen. Stop daar dus mee.

Waarover gaat het hier? U bent zes jaar minister en nu zegt dat u iets gaat doen, dat u gaat ingrijpen. Gedurende zes jaar hebt u het door de vingers gezien, hebt u gekeken naar de mensen die een pint te veel drinken of een sigaret te veel roken, maar de fraude bij het RIZIV... Hoeveel controleurs heeft het RIZIV trouwens? Ze hebben er 243. Hoeveel controles hebben die uitgevoerd in 2023? Ik zal het u zeggen, het waren er precies 705. Dat zijn drie controles per persoon in een jaar tijd. En u beweert dat u uw werk hebt gedaan. Proficiat.

Kurt Moons:

Mijnheer de minister, u wordt kwaad. Dat is normaal als uw onbekwaamheid op deze manier geëtaleerd wordt. Ik denk dat dat inderdaad normaal is. U reageert nooit vooraf, steeds na de feiten. U spreekt over diefstal, maar de mogelijke maatregelen zijn wel degelijk beschikbaar. Er moet geen verharding plaatsvinden. U hebt tweeënhalf jaar gewacht om de auditeur in te lichten. Hoe is dat mogelijk? Er moet dus geen verharding van de maatregelen komen.

Mijnheer de minister, hoeveel moet er nog gebeuren voordat u zelf uw conclusies trekt? Er was een overfinanciering van het covid-testplatform voor 60 miljoen euro. Daarna was er de vernietiging van miljoenen ongebruikte covidvaccins. Vervolgens de donatie van vervallen geneesmiddelen aan Oekraïne, de Medista-affaire, de artsenstaking, het donorschandaal en nu het fraudedossier van thuisverpleegkundigen. Het zou passend zijn mocht u de eer aan uzelf houden.

Jan Bertels:

Collega's, stop met fraudeurs en bedriegers goed te praten. Ze zit bij jullie. Ik heb begrepen dat we niet moeten rekenen op het Vlaams Belang. Laten we als Parlement ons werk doen. Laten we die fraude aanpakken.

( Rumoer in het halfrond )

Voorzitter:

Ik vraag om de klok even te stoppen. Collega's, de heer Bertels heeft het woord.

Jan Bertels:

Laten we die fraude aanpakken en laten we eindelijk beslissen om het mogelijk te maken een RIZIV-nummer te schorsen wanneer er een vermoeden van fraude is. Late we dat doen. Het Parlement kan dat, dus doe het gewoon.

Persoonlijk feit

Fait personnel

Dominiek Sneppe:

Mijnheer de minister, ik zal niet roepen zoals u, maar proberen zeer rustig te blijven.

Het eerste persoonlijk feit dat u aanhaalde, was dat u het voorbeeld hebt gegeven van die dame. U hebt inderdaad een voorbeeld gegeven van een frauderende verpleegkundige. Ik ben natuurlijk Madame Blanche niet.

Frank Vandenbroucke:

(…)

Dominiek Sneppe:

Dat hebt u er niet bij gezegd en dat doet overigens niet ter zake. Ik ben geen Madame Blanche, ik kan dat niet weten. U zit aan de knoppen als minister. U zit aan de knoppen van het RIZIV, niet ik. Ik kan toch niet weten dat er ergens in dit land een verpleegkundige aan het frauderen is? Uw voorbeeld gaat dus niet op.

U wist het nochtans en u had dan beter haar naam genoemd, dan hadden we onmiddellijk kunnen optreden. Dat hebt u echter nagelaten. Zeven à acht jaar hebt u nagelaten daar iets aan te doen en nu wijst u in onze richting. Sorry, u bent in de fout gegaan en niemand anders dan u.

Ik kom tot het andere persoonlijk feit. Mijnheer de minister, fraude moet worden aangepakt. Dat klopt, collega Bertels. Als u die grondig aanpakt en zoals het moet, dan zult u in het Vlaams Belang een partner vinden. Wat stellen we echter vast? De bestaande fraudebestrijdingsmiddelen zijn gewoon niet gebruikt. Ze zijn niet ten volle uitgeput. Nu komt u met iets anders op de proppen, iets wat u eigenlijk al heel lang in gedachten hebt. U misbruikt deze problematiek nu om alweer uw gedacht door te drukken. Mijnheer de minister, ik wist al van bij het begin dat het afpakken van die RIZIV-nummers in de kaderwet zou komen, want zo zit u nu eenmaal in elkaar: uw gedacht en dat van niemand anders.

Frank Vandenbroucke:

Mevrouw Sneppe, voor alle duidelijkheid, ik heb dat voorbeeld gegeven zonder te weten over wie het ging. Dat zegt men niet. Ik wist niet dat het om een vrouwelijke verpleegkundige ging. Ik wist niet over wie het ging. Dit is een anoniem voorbeeld. Ik heb u er zo drie gegeven. Ik wist niet dat die dame nog op de lijst van mijn partij en uw partij had gestaan. Dat heeft inderdaad geen belang. Uw partij heeft daarin zeer correct opgetreden. Daar gaat het niet over. Het punt is onze verantwoordelijkheid. U bent hier voortduren tussengekomen om te zeggen dat het opschorten van die RIZIV-nummers een slecht idee was en u herhaalt dat hier weer. Ik zeg u dat u dit soort draaimolen, met gangsters die altijd opnieuw beginnen met facturen te sturen, niet kan stoppen zonder de wettelijke basis om die betalingen stop te zetten. Degenen in dit halfrond die niet willen dat RIZIV-nummers worden opgeschort bij zo’n grote fraude, die beschermen de dieven. Ze beschermen de dieven! Als u de dieven wilt pakken, dan moet u daarvoor de nodige wapens hebben. Wij zullen daarom die RIZIV-nummers opschorten, werken met plafonds en de bewijslast omkeren. Ik hoor hier allerlei loze argumenten van u en van anderen in de oppositie. Die loze argumenten dienen enkel om de dieven te beschermen. Dat is onze verantwoordelijkheid, ervoor zorgen dat dit niet gebeurt.

veiligheid, justitie en defensie

Het gebrek aan coördinatie door de premier in het veiligheidsbeleid m.b.t. de drones
De dronedreiging
Onvoldoende premiercoördinatie en groeiende dronerisico's in nationaal veiligheidsbeleid

Gesteld aan

Theo Francken (Minister van Defensie)

op 13 november 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

België kampt met een acute hybride dreiging door drones die kritieke infrastructuur (o.a. Zaventem) en militaire doelen saboteren, terwijl de coördinatie tussen Defensie, Binnenlandse Zaken en de Nationale Veiligheidsraad falen vertoont. Ondanks aankondigingen (droneregister, 50 miljoen euro voor counterdronemiddelen, NASC-centrum tegen 2026) en buitenlandse steun (DU, FR, UK, VS) ontbreekt effectieve samenwerking: verouderde middelen, onbenutte gespecialiseerde teams (die zelfs met ontslag bedreigd worden) en drones blijven ongehinderd vliegen, terwijl politiek gekibbel en vertragingen (o.a. door vorige beleidskeuzes) de crisis verergeren.

Matti Vandemaele:

Ik had deze vraag eigenlijk aan de premier gericht, maar de minister van Defensie zit hier nu voor mij

U zei vorige week in de commissie dat 90 % van de bevoegdheden met betrekking tot de toestanden met de drones niet bij u ligt, maar bij de minister van Binnenlandse Zaken en bij de premier als coördinator van de Nationale Veiligheidsraad. De premier stuurde vandaag echter zijn kat. (Protest bij de N-VA) Ik geef toe, hij is er daarstraks wel even geweest.

De minister van Binnenlandse Zaken komt voorlopig niet verder dan de aankondiging dat er een droneregister zal komen, alsof criminelen en buitenlandse mogendheden met slechte bedoelingen netjes hun drone zullen registreren voordat ze naar hier komen.

Collega’s, het management van de crisis lijkt wel de kolderbrigade. Ik heb foto’s doorgekregen waarop te zien is dat onze diensten werken met verrekijkers uit 1944. Onze jammers werken niet. Het gespecialiseerde counterdroneteam was men zelfs volledig vergeten; u wist niet meer dat het bestond. Ook uw donkerste moment van de nacht wordt intussen tot ver in het buitenland belachelijk gemaakt.

Mijnheer de minister, uw communicatie getuigt van weinig omzichtigheid. U bent een beetje de olifant in de porseleinwinkel. Ik hoor dat u voor die vrijpostige communicatie door uw eigen diensten op de vingers bent getikt. U maakt vooral boel. U maakt ook boel met het counterdroneteam. U zegt dat zij niets kunnen wat uw diensten niet kunnen en dat zij veel te klein zijn. Zij moesten zich maar komen aanbieden. Intussen vernemen wij dat die mensen door hun eigen oversten zelfs met ontslag worden bedreigd omdat zij publiek durfden te spreken.

Mijnheer de minister, wanneer zult u samenwerken? Wanneer zal de premier coördineren? Wanneer zult u het luchtruim en onze bevolking tegen deze gebeurtenissen beschermen?

Jeroen Bergers:

Mijnheer de minister, we worden geconfronteerd met een zeer ernstige hybride dreiging van aanvallen op ons land, met cyberaanvallen en ook met veel dreigingen van drones die over militaire doelwitten vliegen, maar vooral ook over civiele doelwitten als luchthavens, met het specifieke doel die luchthavens plat te leggen. Dat is natuurlijk zeer ernstig. Het is een gevaar voor onze kritieke infrastructuur, maar ook voor onze economie. De Vlaamse luchthaven van Zaventem, de op een na grootste economische motor van het land, wordt bewust gesaboteerd. Er moeten dus maatregelen genomen worden om onze kritieke infrastructuur, onze civiele doelen en onze economie te beveiligen.

De huidige wet op de kritieke infrastructuur schetst een duidelijke samenwerking, waarbij in de eerste plaats gekeken wordt naar de uitbater van de kritieke infrastructuur, naar het Crisiscentrum, naar de politie en naar SkeyDrone. If all else fails , wordt er ook gekeken naar Defensie.

Het is belangrijk dat er grondig wordt samengewerkt om die hybride dreiging aan te pakken. Door elkaar met de vinger te wijzen zullen we er immers niet komen. Het is echt in het belang van ons land, van onze economie, dat we die uitdaging aanpakken. We zijn hier in het Parlement bijna unaniem overeengekomen een gemeenschappelijke vergadering van de commissies voor Mobiliteit, Binnenlandse Zaken en Defensie te organiseren teneinde dit probleem te bespreken en voor oplossingen te zorgen.

Mijn oproep aan u, mijn oproep aan de volledige regering is om samen te werken, te zorgen voor oplossingen en maatregelen te nemen.

Theo Francken:

Ik ben altijd blij als ik hier mag zijn. De premier heeft me gevraagd deze vraag van hem over te nemen. Hij heeft zijn kat niet gestuurd, want hij was hier daarnet. De heer Quintin is niet in het land, die is verontschuldigd.

Dames en heren, de recente meldingen van drones boven zowel civiele als militaire installaties tonen aan dat de hybride dreiging tegen ons land reëel en ernstig is. Het gebruik van drones in de buurt van onder meer luchthavens en luchtmachtbasissen vormt niet alleen een veiligheidsrisico, maar raakt ook rechtstreeks aan onze nationale veiligheid en welvaart.

De aanpak van deze dreiging is een gedeelde verantwoordelijkheid. Binnen hun bevoegdheid staan de politiediensten en de diensten van Mobiliteit in voor de detectie, de opvolging en de handhaving. Ze waken over de civiele luchtvaartveiligheid. Defensie werkt nauw met hen samen, onder meer via informatie-uitwisseling, technische ondersteuning en verhoogde paraatheid op onze militaire kwartieren.

Na de drone-incidenten van dinsdag kwam de Nationale Veiligheidsraad op donderdag 6 november samen, onder het voorzitterschap van de eerste minister. Sindsdien volgt het Nationaal Crisiscentrum de situatie versterkt op. In dit centrum zijn alle bevoegde overheden vertegenwoordigd, waaronder de FOD Mobiliteit, de FOD Binnenlandse Zaken en het ministerie van Defensie, via verbindingsofficieren die instaan voor de coördinatie en opvolging tussen de verschillende departementen. Daarnaast staat de Chef Defensie, generaal Vansina, in permanent contact met de commissaris-generaal van de politie, hoofdcommissaris Snoeck. Ook op politiek niveau wordt de situatie opgevolgd via verschillende werkvergaderingen tussen de betrokken kabinetten.

In de Nationale Veiligheidsraad en de ministerraad van vorige week werden bijkomende maatregelen goedgekeurd.

Ten eerste worden counterdroneteams op diverse plaatsen in het land ingezet om de infrastructuur te beveiligen. Het droneteam van de federale politie werd in deze operatie aanvankelijk niet ingeschakeld, aangezien hun capaciteit niet werd aangeboden door de federale politie.

Ten tweede moet tegen 1 januari 2026 het Nationaal Veiligheidscentrum NASC in Bevekom volledig operationeel zijn. Dat centrum, opgericht door de vorige regering, is een zeer goed initiatief, maar het is nog niet volledig operationeel. Er is immers nog wat werk aan en dat zullen we nu voltooien. Dat centrum zal instaan voor een betere bewaking en bescherming van het Belgische luchtruim en ons land voorbereiden op toekomstige uitdagingen inzake luchtveiligheid. Op korte termijn wordt ook voorzien in de aankoop en levering van bijkomende counterdronemiddelen door Defensie. Dat behoort tot het pakket van 50 miljoen euro dat uiteindelijk vrijdagavond laat werd goedgekeurd.

Daarnaast heeft Defensie de steun ingeroepen van counterdroneteams uit onze buurlanden: Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk. Ik heb de Duitse teams bezocht, gisteren de Britse en ik zal ook de Franse zo snel mogelijk bezoeken. Zij hebben positief gereageerd en zijn momenteel met specifieke middelen actief op Belgisch grondgebied. Zij helpen ons nu dus al zeer goed. Ook de Verenigde Staten hebben intussen hun hulp aangeboden. Momenteel bekijken we samen met hen hoe, waar en wanneer we deze nieuwe capaciteit het best kunnen inzetten.

Parallel hiermee heeft de ministerraad, op voorstel van de minister van Mobiliteit, bijkomende maatregelen genomen in het domein van de mobiliteit. De focus ligt daarbij op het versterken van de nationale detectiecapaciteit, de coördinatie tussen de betrokken actoren en de actualisering van de regelgeving.

Namens de regering wil ik mijn oprechte dank uitspreken aan al onze medewerkers bij skeyes, de politie, Defensie, Luchtvaart en Mobiliteit voor hun grote flexibiliteit en professionaliteit in deze moeilijke omstandigheden. Hun inzet garandeert de veiligheid van ons luchtruim. In tijden van nood leert men zijn vrienden kennen. Ook onze buurlanden – en binnenkort ook de Verenigde Staten – verdienen onze dank voor hun snelle en doeltreffende hulp.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, ik heb een sterk déjà-vugevoel. Ik heb hier uw collega Quintin al verschillende keren ondervraagd over het drugsgeweld in Brussel. We horen dan altijd heel mooie woorden over actieplannen, samenwerkingen en overleg. Op het terrein gebeurt er echter heel weinig. Het maakt heel weinig verschil. Ook vandaag zijn er opnieuw incidenten.

Ik heb het gevoel dat wij bij deze tweede grote binnenlandse veiligheidscrisis dezelfde paden bewandelen. Er wordt veel gecommuniceerd en overlegd, maar ondertussen blijven de drones gewoon over ons vliegen.

Het moet mij toch van het hart. U stelt hier opnieuw dat de federale politie, meer bepaald de speciale counterdrone-eenheid, zich niet heeft aangeboden. Het is toch een probleem dat er in onze veiligheidsarchitectuur een dienst is die precies is opgericht om dergelijk interventies uit te voeren, maar dat bij niemand blijkbaar een belletje rinkelt (…)

Jeroen Bergers:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Het is heel belangrijk dat er maatregelen worden genomen. U hebt die maatregelen ook aangekondigd. Collega's, het verbaast me wel enigszins dat ik hier leden van Groen hoor klagen dat het te lang duurt en dat er te veel vertraging is. Het is immers door de doctrinaire houding van Groen tijdens de vorige legislatuur dat niet werd geïnvesteerd in dronetechnologie. De huidige minister heeft daarvoor toen gewaarschuwd. Het is door de doctrinaire houding van Groen dat onze drones niet bewapend zijn. Dankzij de resolutie van de heer Peter Buysrogge zetten we dat nu recht, maar er is veel tijd verloren gegaan door die groene doctrinaire houding in dat dossier, maar ook in andere dossiers. Mijn boodschap is dan ook heel duidelijk: geen avonturen, laat Bartje en Arizona verder besturen!

economie en werk

Het resultaat van de audiëntie bij de Koning
Het resultaat van de audiëntie bij de Koning
Het resultaat van de audiëntie bij de Koning
Het resultaat van de audiëntie bij de Koning
Het resultaat van de audiëntie bij de Koning
Het resultaat van de audiëntie bij de Koning
Het resultaat van de audiëntie bij de Koning
Uitslag en gevolg van de koninklijke audiëntie

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 6 november 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De Belgische regering staat onder zwaar vuur door het falen om een begroting op tijd af te ronden, wat leidt tot een historische chaos: een noodbegroting, vier gemiste deadlines, oplopende schulden en stilstand in hervormingen. Oppositie en coalitiepartners hekelen het gebrek aan leiderschap, de onrechtvaardige lastenverdeling (middelklasse en werkenden betalen, rijken worden gespaard) en het uitblijven van beloofde maatregelen zoals fiscale autonomie, sociale zekerheidshervormingen en klimaatdoelstellingen. Premier De Wever verdedigt de vertraging als een bewuste keuze om structurele problemen aan te pakken, maar erkent dat harde, impopulaire maatregelen onvermijdelijk zijn—wat massale ontevredenheid en stakingen uitlokt. Vertrouwen in de regering is verdampt; de oproep klinkt om eindelijk keuzes te maken: ofwel radicale hervormingen (met alternatieven zoals fraudebestrijding en miljonairsbelasting), ofwel collectief ontslag.

Barbara Pas:

Een regering hebt u nog, geloofwaardigheid niet meer, mijnheer de premier. De regeringspartijen schuiven de zwartepiet naar elkaar door, maar u had de timing volledig zelf in handen. Als het erom gaat de Vlaamse zaak belachelijk te maken of de Belgische puinhoop te verdedigen, dan lacht u graag met deadlines. U hebt inmiddels zelf vier deadlines gemist en nu gaat u voor de vijfde keer uw eigen kookwekkertje opwinden, om het te laten aflopen bij de kerstkalkoen. U bent hopeloos te laat, mijnheer de premier. Het rotten stopt niet. De begroting ontspoort ondertussen verder, de schuldgraad loopt op en dat treft iedereen die spaart, werkt en onderneemt.

Collega Ronse zal uw verklaring, uw wanhopige verklaring van daarnet, ongetwijfeld fantastisch en historisch vinden, en deze regering doet inderdaad iets historisch. Een regering in volle bevoegdheid die moet teruggrijpen naar een noodbegroting, dat is ongezien. Die blamage is inderdaad historisch en bijzonder pijnlijk voor een premier die er zijn prioriteit van heeft gemaakt om budgettair orde op zaken te stellen en daarvoor al de rest overboord heeft gegooid.

Gelooft u zelf, mijnheer de premier, dat een een-tweetje tussen de premier van België en de Koning van België op iemand indruk maakt? Gelooft u zelf dat nu plots wél zal lukken wat telkens mislukt is? U zegt: "Sire, geef mij 50 dagen." U hebt als premier al 276 dagen verknoeid.

Mijnheer de premier, vindt u dat u nog het vertrouwen, het mandaat hebt om nog maar eens een rondje Belgische chaos te organiseren, om nog maar eens te bekijken hoe men de mensen pijn kan doen? Of zult u eindelijk pogen om echt orde op zaken te stellen en te doen wat u de kiezer hebt beloofd: fiscale autonomie en de splitsing van de sociale zekerheid?

Alexia Bertrand:

Mijnheer de premier, het zal u misschien verbazen, maar onze fractie had u hier vandaag graag met een goed akkoord gezien.

Onze economie heeft het moeilijk, onze industrie staat onder druk en er heerst grote onzekerheid bij de bedrijven en bij de burgers. Wat verwachten zij van u? Zij verwachten daadkracht, beslissingen en duidelijkheid. Wat krijgen zij in de plaats? Zij krijgen een website van de overheid, namelijk de pensioenwebsite, die aankondigt dat ze niet meer moeten bellen omdat de medewerkers het zelf niet meer weten.

Het is zelfs nog erger, want u hebt daarnet zelf gezegd dat er in 2025 geen begroting meer komt en dat er geen hervormingen komen. Dat betekent stilstand.

Hebt u uw prioriteiten eigenlijk juist bepaald? Waar liggen die eigenlijk? Liggen ze in een museum in Egypte, in een aula in Gent of op een UNIZO-bijeenkomst in Maarkedal? Door uw uitstelgedrag en door te laat te beginnen, brengt u de regering en ons land in een coma, zoals topeconoom Geert Noels dat vanochtend heeft verwoord.

Wij hebben echter een voorstel. Als de regering er niet uit geraakt, kom dan gewoon met uw hervormingen naar het Parlement. Onze fractie voert constructief oppositie. Wij zullen die hervormingen steunen, zoals wij dat nu al hebben gedaan met de beperking van de werkloosheidsuitkeringen. Die maatregel hebben wij mee goedgekeurd. Het is uw enige realisatie tot nu toe.

Er zijn nog hervormingen die wij bereid zijn te steunen om onze economie te versterken, zoals meer overuren voor mensen die meer willen werken, nachtarbeid versoepelen zodat bedrijven niet langer wegtrekken en de flexi-jobs uitbreiden om de mensen meer netto-inkomen te geven.

Mijnheer de eerste minister, hebt u eigenlijk nog de leiding over dit land? Bent u nog de piloot in de cockpit of zijn er kapers aan boord van uw toestel?

Sarah Schlitz:

Monsieur le premier ministre, je pense qu'il est temps d'arrêter de vous voiler la face. Vous êtes enlisé dans une crise historique. On n'avait plus vu des douzièmes provisoires pour un gouvernement de plein exercice depuis les années 1980. Il faut regarder la réalité en face.

Franchement, je ne vous comprends pas. Il y a dix jours, vous lanciez un ultimatum. "Le 6 novembre, si je n'ai pas d'accord, j'irai chez le Roi", sous-entendu, je rendrai mon tablier, je rendrai ma démission. Et puis c'est devenu, au fil du temps, "j'irai le 6 novembre chez le Roi goûter si le café est un peu meilleur que la dernière fois". Il était bon ce café, d'ailleurs, monsieur le premier ministre? Ce n'est pas sérieux. Et vous venez nous exposer une situation en moins de quatre minutes.

Monsieur le premier ministre, pouvez-vous nous dire où en est véritablement votre gouvernement aujourd'hui? Il y a neuf mois, on peut avouer que ça démarrait plutôt bien. Vous aviez réussi à mettre en place des coalitions symétriques à tous les niveaux de pouvoir. Vous aviez seulement cinq partis dans votre gouvernement, au lieu de sept sous la Vivaldi. Il y avait une magnifique "bromance" entre vous et le président du MR, avec Maxime Prévot qui tenait la chandelle. Tout était réuni pour y arriver. Et là, patatras, c'est la catastrophe!

Monsieur le premier ministre, vous vous fixez des objectifs énormes, vous l'avez dit vous-même, mais vous ne vous donnez pas les moyens de les atteindre. Vous n'allez pas chercher l'argent là où il se trouve. Où sont les propositions pour lutter contre la fraude fiscale, par exemple? Nous attendons donc que vous vous tourniez enfin vers les vraies solutions pour atteindre vos objectifs, monsieur le premier ministre.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de premier, deze week werd duidelijk dat de klimaatdoelstellingen niet gehaald zullen worden. Er vliegen onbekende drones boven ons land en de begroting kleurt bloedrood. Dit is geen moment voor geruzie, maar voor leiderschap.

Mensen gaan elke dag naar hun werk en zetten zich in voor de toekomst van dit land. Iedereen timmert mee aan dit land, behalve uw regering. Het enige wat jullie doen, is ruziemaken. Al weken wordt gesproken over het scenario om naar de Koning te gaan. Wat nu, mijnheer de eerste minister? U bent net bij de Koning geweest. Moet de Koning u nu op een teambuilding sturen om dat binnen vijftig dagen rond te krijgen?

Mijnheer de premier, uw regering speelt met de toekomst van dit land. Al maanden wordt verkondigd – dat zijn uw woorden – dat we voor een zware opdracht staan. U noemt het een col buiten categorie, maar als u elkaar voortdurend stokken in de wielen steekt, raakt u nooit boven op die col en zelfs niet op de Kemmelberg, mocht u dat proberen.

Collega’s, deze regering beloofde bij de start dat ze de begroting op orde zou stellen. Dat was uw grote doelstelling. Voor u was de uitslag van de verkiezingen uitstekend. Zowel in Vlaanderen als in Wallonië kon een centrumrechtse – eigenlijk rechtse – meerderheid worden gevormd. Dat was uw gedroomde coalitie. Waar staat die gedroomde coalitie vandaag? Wat Arizona tot nu toe heeft gedaan, is zwaar besparen op pensioenen, op zieken, op het openbaar vervoer, op uitkeringen en op ontwikkelingssamenwerking. Intussen ging de begroting nog verder in het rood.

Collega’s, dit is inderdaad ongezien. Een regering met volle bevoegdheid die op het einde van het jaar geen begroting heeft en op voorlopige twaalfden moet overschakelen. Dat is bijzonder gênant en bovendien een echte primeur.

Nu vraagt u garanties om verder te doen. Welke garanties vraagt u, premier? Hebt u die gekregen?

Raoul Hedebouw:

Premier, het uitstellen van al uw antisociale maatregelen is een grote overwinning voor de sociale beweging. Het uitstellen van een indexsprong, het uitstellen van opnieuw maatregelen tegen langdurig zieken en het uitstellen van alle andere plannen die op tafel lagen, zoals de btw-verhoging, zijn een overwinning voor de sociale beweging. Zo'n 140.000 mensen hebben betoogd. De regering bereikt geen akkoord omdat ze die druk voelt.

U moet niet enkel terugkomen op het toekomstige akkoord, maar ook op het zomerakkoord. Door de pensioenmalus uit dat zomerakkoord zouden tienduizenden mensen 200 à 300 euro minder pensioen krijgen omdat ze niet tot 67 jaar konden werken. Het uitstel van dat akkoord is een overwinning voor duizenden mensen. Mijnheer de eerste minister, mijnheer Jambon, ik verzoek u om de website mypension.be aan te passen zodat duidelijk wordt dat die duizenden mensen niet getroffen zullen worden door uw pensioenmalus. Dat is vandaag immers beslist en dat is goed nieuws.

Het is ook goed nieuws voor de mensen die ’s nachts werken in de logistiek en hun nachtpremies dreigden te verliezen. Ook dat plan is van tafel geveegd en uitgesteld. Dat is een overwinning voor de sociale beweging. De reden daarvoor, beste arizonapartijen, is dat er geen maatschappelijk draagvlak bestaat voor uw maatregelen. Er is geen draagvlak. U hebt gezegd dat werken meer zou lonen. Le travail allait plus rapporter . Echter, niets daarvan is waar. De mensen vragen om betere werkomstandigheden. De mensen vragen om een eerlijke fiscaliteit, maar niets daarvan lag op de tafel van Arizona.

Mijnheer de minister, u denkt dat het over 50 dagen gemakkelijker zal zijn, maar er komen drie stakingsdagen; om niet enkel uitstel te bekomen, maar om al uw plannen te doen stopzetten. Daar gaat het om.

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le président, monsieur le premier ministre, huit mois pour s’installer, dix mois pour plomber le pays.

Pourtant, on allait voir ce qu’on allait voir. La droite allait tout réformer. Dix mois plus tard, votre bilan, le bilan de votre gouvernement, monsieur le premier ministre, est une véritable catastrophe. Déficit doublé, baisse du pouvoir d'achat pour les travailleurs – qui ne verront jamais les 500 euros promis lors de la campagne –, des taxes déguisées, des médicaments qui coûtent plus cher, des faillites à la pelle, une augmentation du chômage et une sécurité défaillante.

Votre bilan, monsieur le premier ministre, mesdames et messieurs les ministres, c'est l'inefficacité et l'injustice. Le bâton pour les travailleurs, les cadeaux pour les plus fortunés.

Cette crise illustre aussi l'échec de votre méthode, monsieur le premier ministre; votre incapacité à tenir les délais et à boucler les projets. Toujours pas de taxe sur les plus-values boursières. Rien en vue pour faire contribuer les grandes fortunes et les épaules les plus larges. Rien de sérieux pour lutter efficacement contre la grande fraude fiscale.

Ce gouvernement, monsieur le premier ministre, n'a pas de projet, pas de cap. Rien pour améliorer la vie des gens, la vie des travailleurs, des travailleuses. Le brouillard total.

Aujourd'hui, vous nous demandez 50 jours de plus pour faire ce que vous n'êtes pas parvenu à faire pendant 10 mois.

On nous avait promis des ingénieurs. Nous avons droit à des amateurs; parce qu'aujourd'hui, une chose est sûre: les comptes n'y sont pas. Les comptes ne sont pas bons. Les travailleurs continueront à être pressés comme des citrons. Il n'y aura pas, pour eux, de cadeau sous votre sapin de Noël.

Catastrophe budgétaire, pouvoir d'achat en ruine, chaos sécuritaire. Voilà le vrai visage de vos politiques. On appelle ça la faillite, pas la réforme. Monsieur le premier ministre, vous vous rêviez Winston Churchill; nous nous sommes réveillés avec Boris Johnson.

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, croyez-le ou non, je ressens une vraie empathie pour vous. Jamais, même dans vos pires cauchemars, vous ne vous êtes dit qu'un jour vous devriez défendre la stabilité du gouvernement fédéral du royaume de Belgique face, en plus, à des forces du désordre et du chaos bizarrement représentées aujourd'hui par le MR.

Jamais vous n'auriez cru un jour être dépassé par votre droite par un parti francophone qui, pendant que vous vous échinez à prendre des mesures que vous n'avez fondamentalement – je le sais – pas envie de prendre, va faire la leçon au patronat flamand. Comme si d'ailleurs, chers collègues, il n'y avait qu'un seul parti dans ce pays qui n'aime pas les impôts, comme si tous les autres, même la N-VA, étaient des partis pro-taxes. J'y reviendrai tout à l'heure dans l'interpellation sur le fond.

Mais le MR n'est pas le seul responsable. Vous avez une grande part de responsabilité parce que c'est votre gouvernement. C'est vous qui avez choisi vos partenaires. C'est vous aussi qui avez choisi votre méthode. Quand vous vous êtes installé, tout le monde vous a dit, par exemple, que votre trajectoire budgétaire était bâtie sur du sable et qu'on n'arriverait jamais aux 7,5 milliards d'effets retours. Les efforts à faire en dépenses, la dégradation du contexte budgétaire ne sont pas des excuses suffisantes. Au mieux, vous allez être le premier gouvernement de l'histoire à être contraint de faire passer des douzièmes provisoires tout en étant de plein exercice. Au pire, vous serez un gouvernement de passage, qui n'aura accompli aucune grande réforme et qui n'aura qu'un seul bilan: des intentions, des gesticulations et des divisions.

Nous avons entendu votre nouvel ultimatum: un budget sous le sapin ou le sapin tout court.

J'ai une seule question. Quel est, selon vous, le prix de cette crise? Vous l'avez dit, les réformes vont être suspendues. Combien les citoyens, les entreprises et les associations vont-ils devoir payer pour l'absence de budget, pour l'absence de réformes et de résultats de ce gouvernement?

Voorzitter:

Ook de heer Dedecker zal over dit thema nog een vraag stellen.

Jean-Marie Dedecker:

Premier, collega’s, mocht ik vandaag partijvoorzitter zijn, lid van de uitvoerende macht of minister, dan zou ik ontzettend veel last hebben van plaatsvervangende schaamte. Het gat in de begroting is zo groot dat men er met een drone moet over vliegen. We worden bedreigd door een natie, maar we kunnen die drones zelfs niet uit de lucht halen, en straks moeten we beslissen over de Euroclearmiljarden.

We zitten te discussiëren over de kleur van het bluswater terwijl het huis in brand staat. De toestand is hopeloos, maar blijkbaar nog altijd niet ernstig.

Ik hoor het hier van iedereen, ook van de oppositie en weet ik veel. Jullie zijn bijna allemaal aan de macht geweest – behalve de communisten, gelukkig, anders was het hier Venezuela; dat geluk hebben we wel gehad. Allemaal! Mijnheer Van Quickenborne, ik zag 25 jaar lang ononderbroken liberalen in de regering. Toch zijn we kampioen in alle belastingen die er bestaan.

Mijnheer Bouchez, u hebt gelijk dat u de belastingen niet wilt verhogen. U hebt gelijk, maar jullie zijn mee verantwoordelijk. Er is geen ministerpost die jullie niet bezet hebben. Die van Financiën bijvoorbeeld, al heeft Reynders meer op de lotto gespeeld dan voor de financiën gezorgd.

Het gaat niet alleen over die kant, want ik zie jullie wel lachen ter linkerzijde. Ik zie minister Vandenbroucke zitten. Dat doet mij eens plezier. 70 miljard hebben we nodig voor de pensioenen. Maar jullie hebben de pensioenkassen geplunderd, mijnheer Vandenbroucke, uitvinder van het Zilverfonds. 15 miljard is in rook opgegaan. Jullie hebben de pensioenkassen van Proximus en dergelijke meer geplunderd. Dat jullie dan vandaag jullie verantwoordelijkheid ontvluchten, vind ik beschamend.

Ik vind beschamend wat hier aan het gebeuren is. Ik zetel hier lang genoeg. Ik heb ze allemaal de revue zien passeren. Maar dit heb ik nog niet meegemaakt.

Als jullie nu niet beseffen dat het kwart over twaalf is, wel, neem dan collectief ontslag. Ga naar de kiezer en vraag eens (…)

Voorzitter:

Dank u wel, mijnheer Dedecker.

Mijnheer de eerste minister, u hebt vijf minuten antwoordtijd.

Bart De Wever:

Geachte vraagstellers van de oppositie en Jean-Marie – een beetje hybride –, de ontgoocheling dat de begroting nog niet in orde is, is normaal. Die begrijp ik. Geloof mij, niemand is meer ontgoocheld dan ikzelf. Het verwijt dat we er niet aan gewerkt zouden hebben, mevrouw Bertrand, is onterecht. Dat kan ik u verzekeren. Vooral omdat we voor het jaar 2026 eigenlijk geen problemen hadden. We moesten geen enkele bijkomende maatregel nemen met hetgeen we al gerealiseerd hadden. Als we dat werkstuk hadden ingediend bij Europa, zouden we sowieso groen licht krijgen. We hadden het ons dus heel gemakkelijk kunnen maken. Ik had hier in oktober zonder problemen een State of the Union kunnen afleggen, sans problème , maar ook sans gêne .

Dat hebben we niet gedaan, bewust niet. Als ik hier vandaag met lege handen sta – en met grote kopzorgen, dat geef ik toe –, dan is het omdat we samen hebben besloten om de problemen onder ogen te zien. Oppositiepartijen die onder Vivaldi verantwoordelijkheid hebben gedragen, bijvoorbeeld in de 16 of op de post van Begroting, zijn bijzonder slecht geplaatst om nu commentaar te geven.

De radicale partijen in de oppositie kunnen zich vandaag vrolijk maken, maar dat is eerlijk gezegd meestal het enige wat ze kunnen. Dat draagt niet veel bij. (Protest op de banken van het Vlaams Belang) U kunt zich vrolijk maken, wat roepen, maar dat is alles wat u kunt, wat u ooit gekund hebt en wat u ooit zult kunnen. Dat draagt niets bij.

Inhoudelijk blijf ik bij wat ik in mijn verklaring heb gesteld. Ex malis eligere minima , zegt men in het Latijn. Wie de keuze heeft tussen slechte opties, moet altijd het minste kwaad kiezen.

C'est le choix qui s'offre à nous aujourd'hui pour trouver une réponse à nos défis budgétaires. Et ce choix est devenu inévitable. Les mesures qui doivent être prises ne sont agréables pour personne, mais elles doivent être prises pour assurer l'avenir de tous les citoyens de ce pays. Ce gouvernement est donc confronté à une tâche extrêmement difficile, une tâche que de nombreux politiciens ont négligée par le passé.

Wij zullen in de komende weken verder werken om tot een oplossing te komen voor de grote uitdaging waarvoor wij staan. Ik kan alleen maar alle partijen van de meerderheid oproepen om dat met de nodige sérieux te doen, anders zal de burger ons dat nooit vergeven – en terecht.

Barbara Pas:

Premier, terwijl uw coalitiepartijen elkaar met stoere verklaringen, veto’s en zelfs scheldpartijen bestoken, trippelt uw kat Maximus door de ambtswoning. U zegt dat die rust brengt. Dat klopt. Het is nog nooit zo rustig geweest. Er is geen begroting, geen hervorming, geen State of the Union en geen beleid, tenzij wanbeleid. U bent nu mee verantwoordelijk voor het Belgische wanbeleid dat u altijd zelf aanklaagde.

U had gelijk toen u toen zei dat men de Titanic op Belgisch niveau niet meer kan repareren. Toch maakt u nu de fout om dat toch te proberen in de plaats van te vervangen. Maak eindelijk werk van wat u de kiezer hebt beloofd. Maak eindelijk werk van meer autonomie voor Vlaanderen.

U zegt dat niemand meer ontgoocheld is dan uzelf. Dat klopt niet. Heel veel van uw kiezers zijn veel meer ontgoocheld dan u.

Alexia Bertrand:

Mijnheer de premier, de heer Dedecker heeft gelijk: het huis staat in brand. Maar de brandweer is nog niet in zicht. Integendeel, men blijft afwachten. U hebt ons vandaag gezegd dat er de komende 140 dagen totale stilstand is: vijftig dagen plus nog drie maanden zonder een volwaardige begroting. Na meer dan een jaar zult u slechts één realisatie kunnen voorleggen.

De tijd tikt en de factuur groeit, beste collega’s. De situatie wordt steeds erger en de inspanning wordt groter met de dag. Wie zal de factuur betalen? Dat zijn altijd dezelfde mensen: de mensen die werken, sparen en ondernemen. De middenklasse zal de factuur betalen.

Sarah Schlitz:

Monsieur le premier ministre, peut-être votre appel sera-t-il entendu et aurez-vous un accord pour Noël. Mais, monsieur le premier ministre, les citoyens n'attendent pas que vous mettiez sous le sapin de nouveaux cadeaux pour les plus riches. Les citoyens n'ont pas voté pour travailler plus avec une pension moindre. Les citoyens n'ont pas voté pour que les infirmières, qui sont déjà 83 % à dire qu'elles se sentent en mauvaise santé, soient encore plus acculées dans leur travail.

Aujourd'hui, écoutez ce que les citoyens vous disent. Soyez à l'écoute des problèmes, des difficultés, des défis à relever et, surtout, arrêtez de répéter sans cesse que la situation est difficile. Cela, je pense que tout le monde l'a compris. Par contre, mettre en place des mesures qui ne touchent que la majorité de la population, en préservant les plus riches, cela ne va pas. Aujourd'hui, les citoyens sont d'accord de faire des efforts si tout le monde fait des efforts et de façon proportionnelle. Voilà le message que les gens souhaitent vous envoyer, monsieur le premier ministre.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de premier, u verklaarde in Gent dat ons land boven de afgrond hangt, maar dat klopt niet. Het is uw regering die boven de afgrond hangt.

U hebt nu extra tijd gekregen, namelijk vijftig dagen. Collega's, de klok tikt ongenadig. Echter, vijftig dagen is voldoende tijd om het over een andere boeg te gooien. De keuzes die de regering tot nu toe heeft gemaakt, zijn immers hard en onrechtvaardig voor de gewone mens.

Ik wil nogmaals beklemtonen dat er alternatieven bestaan. De heer Van Peteghem weet dat. Er lekt geld uit de begroting, bij de managementvennootschappen, in de auteursrechten, in de fiscale fraude, die gigantisch is en waar miljarden te vinden zijn. De regering kan fossiele subsidies afbouwen en een miljonairsbelasting invoeren. De alternatieven die niet raken aan de gewone mens, liggen voor het grijpen.

Mijnheer de premier, over vijftig dagen is het 26 december 2025. In Engeland is het die dag Boxing Day, zijnde de dag waarop cadeautjes worden gegeven. De burgers zijn nu al bezorgd over wat zij zullen aantreffen onder uw kerstboom. Denk daar maar eens goed over na.

Raoul Hedebouw:

Monsieur le premier ministre, les mesures ne seront agréables pour personne. C'est cela, le problème de votre table de négociations: cette vérité-là n'a pas été dite pendant la campagne électorale. Pendant celle-ci, vous avez dit que les gens allaient être mieux payés, que le travail allait être valorisé, qu'il allait y avoir beaucoup de positif pour le monde du travail. Or, ici, la vérité a été dite: tout le monde va payer, tout le monde va douiller! Ce ne sera agréable pour personne. Votre problème est là: qui allez-vous faire payer?

Des alternatives existent. Non, tout le monde ne doit pas payer. Allez chercher l'argent chez les super-riches, allez rechercher tous les cadeaux que vous avez offerts pour définancer la sécurité sociale. Huit milliards en moins dans la sécu avec votre tax shift à l'époque! Arrêtez de dire que tout le monde doit payer! Ce n'est pas vrai, car ce n'est pas la crise pour tout le monde. Pourquoi ne vous en sortez-vous pas lorsque vous vous retrouvez à table? Parce qu'il vous est impossible d'avouer publiquement que vous avez menti pendant la campagne électorale. Donc, vous êtes bloqué (…)

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le premier ministre, vous nous racontez systématiquement la même fable mais les travailleurs, eux, ont bien compris qu'ils ont été trompés par les partis de cette majorité lors de la campagne électorale.

Vous êtes aussi le roi de la métaphore et de la comparaison mais, aujourd'hui, vous êtes nu, les mains vides: pas de budget, rien pour les travailleuses et les travailleurs, aucune perspective d'amélioration. Rien sous le sapin – ou, comme l'a dit François De Smet, le sapin tout court. La seule perspective pour celles et ceux qui travaillent, c'est de travailler plus pour gagner moins. Ces gens-là savent que ce sont eux qui vont continuer à payer les politiques injustes et inefficaces portées par votre gouvernement: les travailleuses et les travailleurs de la classe moyenne, à qui nous devons le respect, monsieur le premier ministre.

François De Smet:

Merci monsieur le premier ministre. Je n'ai pas reçu de réponse, pourtant ma question était intéressante. L'information du report à Noël, nous la connaissions avant que vous arriviez. Mais la nouvelle, c'est que toutes vos réformes sont concentrées dans les 50 jours de désert de l'Arizona, que vous venez d'expliquer.

Que va-t-il se passer? Combien cela va-t-il réellement coûter aux citoyens? Je trouve cela assez léger.

Je comprends que vous vouliez absolument éviter d'être un nouveau De Croo. On vous dépeint parfois comme – peut-être – le nouveau Dehaene. Permettez-moi de vous dire que, pour l'instant, cela ressemble surtout à du Leterme.

Jean-Marie Dedecker:

Premier, ik heb twee oplossingen voor uw probleem. Ten eerste belt u naar uw collega in Taiwan. Tijdens de Aziatische crisis eind jaren 90, een grote crisis, zat er een gat in hun begroting van 8 %. Alle departementen moesten besparen, met uitzondering van Defensie. Dat is uitstekend gelukt, want vandaag is het een Aziatische tijger. Ten tweede, wat uw deadline betreft, u gaat naar de Koning en vraagt hem om de Muziekkapel Koningin Elisabeth. Daar brengt u al die onderhandelaars in onder en zet hen op water en brood. Desnoods haalt u het dak eraf, zodat het binnen regent, en u komt pas naar buiten wanneer u een beslissing hebt genomen. Tot genoegen. Ik dank u.

economie en werk

Het uitblijven van de begroting en de daaruit voortvloeiende regeringscrisis
De begroting
De begroting
De begrotingscrisis
De aanslepende regeringscrisis en het uitblijven van een begroting
De begroting 2026 en het begrotingstekort
Het uitstel van de State of the Union en de begrotingsbesprekingen
Begrotingscrisis, uitblijvende begroting 2026 en aanslepende regeringsinstabiliteit

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister), Vincent Van Peteghem (Minister van Begroting)

op 23 oktober 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De fiscale hervorming en begrotingscrisis in België dompelt de regering in chaos: ondanks de Europese eis van minimaal 10 miljard euro aan besparingen/inkomsten, zakken de ambities van 20 naar mogelijk niets, door blokkades, ideologische tegenstellingen (links vs. rechts) en gebrek aan structurele maatregelen. Alternatieven zoals belasten van superrijken, aanpakken van fiscale fraude of stoppen met fossiele subsidies (potentieel miljarden opbrengst) worden genegeerd ten voordele van besparingen op pensioenen, gezondheidszorg en sociale uitkeringen, wat massaal protest uitlokt (140.000 betogers) en de welvaartsstaat bedreigt. De regering-Van Peteghem benadrukt “doen wat nodig is”, maar concrete plannen ontbreken, terwijl de oppositie (Groen, PVDA, N-VA) onrechtvaardige lastenverdeling en gebrek aan visie aanklaagt—met als risico voorlopige twaalfden en verdere schuldopbouw. Italië wordt als voorbeeld gesteld (tekort teruggedrongen van 9% naar 3% BBP), maar België’s politieke versnippering en kortetermijndenken maken herstel onwaarschijnlijk.

Barbara Pas:

Mijnheer de minister, u moet toch een déjà-vugevoel hebben bij uw vele pogingen tot fiscale hervorming onder Vivaldi met de lekken, de veto’s, de niet-gehaalde deadlines en de steeds kleiner wordende bedragen? Van vele miljarden euro’s ging het toen naar 6 miljard euro, vervolgens naar 2 miljard euro, daarna naar 1,6 miljard euro en 1 miljard euro, om uiteindelijk op helemaal niets te eindigen. Mijnheer Ronse, Vivaldi had dan tenminste nog de State of the Union tijdig klaar. Het is inderdaad historisch dat wij daarop nu zo lang moeten wachten.

Ook nu lijkt het wel op een limbodans waarbij de stok steeds lager wordt gelegd. Eerst was er sprake van een inspanning van meer dan 20 miljard euro, vervolgens 20 miljard euro, daarna de volgens u noodzakelijke 16 à 16,5 miljard euro en nu is het nog 10 miljard euro. Zelfs dat lijkt niet te lukken.

Echter, 10 miljard euro is het minimum dat Europa oplegt. Dat is geen oplossing. Dat zorgt niet voor orde op zaken. Met dat bedrag blijft de overheidsschuld gewoon oplopen. In dat geval zullen wij de volgende jaren opnieuw geen tijdige State of the Union krijgen en zal de miljardenoefening telkens opnieuw moeten gebeuren. U kunt dan telkens opnieuw een btw-verhoging op tafel leggen.

Nochtans zijn er landen die er wél in slagen. Neem nu bijvoorbeeld Italië, dat altijd het zieke broertje van Europa is geweest. Dat land is nu echter op weg naar herstel. Het begrotingstekort werd op enkele jaren tijd teruggebracht van 9 % naar 3 % van het bruto binnenlands product. In 2026 zal het tekort onder die 3 % dalen. Meloni heeft natuurlijk niet voor de socialisten gekozen, maar voor een stabiele rechtse regering. Dat maakt wel een verschil.

De huidige regering is aan het surplacen om nog over de steile col te geraken. Binnen de tijdslimiet aankomen, lukt niet meer. Mijn vraag aan u is dan ook de volgende.

Is er een bezemwagen in aantocht? Bent u intussen bezig met het voorbereiden van voorlopige twaalfden?

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, de leider van uw regering, Bart De Wever, schetst een doembeeld voor de toekomst. We staan aan de rand van de afgrond. De welvaartsstaat zal volledig instorten en ons land zal collectief verzeilen in armoede. Hij zegt echter: geen paniek, er is een oplossing, mijn oplossing. We gaan de pensioenen verlagen, we besparen op de gezondheidszorg, we viseren de vrouwen, de werkzoekenden en de zieken. Als we dat doen, dan kunnen we ons land redden. Dat is niet leuk, maar er is geen alternatief. There is no alternative.

Wel, daarmee ben ik het fundamenteel oneens. Er zijn wél alternatieven en we hebben die hier al geformuleerd. Maak werk van een degelijke bijdrage van de extreemrijken. Stop met de overdreven subsidiëring van fossiele brandstoffen. Zorg ervoor dat misbruik van managementvennootschappen wordt aangepakt. Dat zal miljarden opleveren. Mil-jar-den!

Mijnheer de minister, wij zijn niet de enigen die dat zeggen. Het ACV zegt net hetzelfde. Beweging.net zegt net hetzelfde. Net als wij stellen zij dat er wél alternatieven zijn. Zij smeken u, minister van de christendemocraten, zij zijn bastions van de christendemocratie, om die alternatieven op te pakken en te verdedigen.

Mijnheer de minister, stel dat er binnenkort nieuwe verkiezingen plaatsvinden en u gaat campagne voeren in De Pinte. Wat zult u dan zeggen aan uw kiezers? Zult u de boodschap van uw eerste minister verdedigen? Zult u zeggen dat er geen alternatief is en dat u een mandaat vraagt om opnieuw hetzelfde te proberen of zult u zeggen dat er wél alternatieven zijn en dat u op zoek zult gaan naar partners met wie u die alternatieven kunt uitwerken?

Mijnheer de minister, zijn er alternatieven, ja of nee? Dank u wel.

Alexia Bertrand:

Mijnheer de minister, dit zijn de bedragen die genoemd worden: 20 miljard euro, 16,6 miljard, 10 miljard, 6 miljard en dan opnieuw 10 miljard, of uiteindelijk niets. De regering goochelt met cijfers, wellicht omdat men niet kan toveren met resultaten.

Alle gekheid op een stokje, wat een chaos. U krijgt de begroting voor 2026 niet rond, u krijgt de meerjarenbegroting niet rond en, nog erger, u krijgt de hervormingen van het lente-, paas- en zomerakkoord niet rond. Ondertussen zijn we midden in de herfst.

Wat is het gevolg hiervan? We dreigen naar voorlopige twaalfden te moeten gaan, waarschijnlijk voor drie maanden, alsof we in lopende zaken zouden zitten. Mevrouw Pas zei dat dat een déjà vu is, maar het is du jamais vu . De zaken zijn niet lopend, ze zijn struikelend.

Ondertussen, mijnheer de minister, horen we u niet. Er is een radiostilte, terwijl de onzekerheid bij de mensen blijft groeien, over hun pensioenen, hun koopkracht, hun loon en de extra belastingen. Zonder akkoord, mijnheer de minister, geen hervorming en zonder hervorming, geen toekomst.

Onze fractie wil geen geld, mijnheer de minister. Wij willen duidelijkheid en vooral perspectief. Wie betaalt immers de factuur? Dat zijn altijd dezelfden: de mensen die werken, sparen en ondernemen, de middenklasse. Vandaag weten zij het niet meer. Komt er een btw-verhoging? Wordt het leven duurder? Welke belastingen zult u nog allemaal uitvinden? Komt de pensioenhervorming er nog of volgt er opnieuw uitstel of, nog erger, mijnheer de minister, afstel?

François De Smet:

Monsieur le ministre, je crois qu'il faut être honnête. Cela fera plaisir à M. Ronse: le constat de départ du premier ministre est juste. On ne peut pas continuer avec de tels niveaux de dette et de déficit. On ne peut pas continuer, que ce soit pour nous ou pour les générations ultérieures.

Le fond du problème, malheureusement, c'est que pour faire passer des mesures difficiles, il faut deux choses. Il faut que les mesures puissent être ressenties comme justes, et il faut un cap. L’Arizona n'a ni l'un, ni l'autre.

Il y avait un chemin, pourtant, pour ce gouvernement. Vous auriez pu la jouer à la Churchill. Vous auriez pu dire: "Ce sera dur. Il y aura du sang, de la sueur et des larmes, mais nous allons y arriver."

Mais ce n'est pas du tout le chemin que vous avez choisi. Vous avez préféré faire du Margaret Thatcher. Vous avez préféré nous dire: "Debout, bande de feignasses. Vous, les chômeurs qui, certainement, chômez tous depuis 20 ans sans aucun contrôle, réveillez-vous. Allez prendre cet emploi, même si cet emploi n'existe pas, même si vous n'êtes pas formés pour. Debout, les 520 000 malades de longue durée qui, certainement, faites tous semblant grâce à des médecins de complaisance. Levez-vous et allez travailler également."

Le message, c'est: "Regardez, nous avons trouvé le moyen d'exonérer de cotisations patronales les revenus au-delà de 240 000 euros et de faire un cadeau de 75 millions d'euros par an, mais nous allons quand même couper dans vos pensions, dans le plan Grand froid ou dans d'autres aides sociales".

Autrement dit, votre message jusqu'ici est tout sauf juste. Résultat: à ce stade, vous avez zéro cap budgétaire, vous avez une crise et vous avez quand même 120 000 personnes dans la rue. Bravo, les ingénieurs!

Monsieur le ministre, j’ai une seule question. Vous êtes supposé y répondre ici pour tout le gouvernement – et donc bonne chance. L'Arizona va-t-elle enfin réussir à se mettre à la hauteur des enjeux?

Il est temps pour ce gouvernement d'être clair, mais plus encore, il est temps pour lui d'être juste.

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de minister, dit land is ziek, langdurig ziek, vooreerst letterlijk. Het was net nog aan de orde. Er zijn 526.000 langdurig zieken. Daarvan is slechts één op zes tot zijn pensioen ziek verklaard, gerechtvaardigd ziek. De dag dat men daar iets aan wil doen, staan de mutualiteiten echter op hun achterste poten en staken de vakbonden. De vakbonden zijn tegenwoordig immers meer geïnteresseerd in het profitariaat dan in het proletariaat.

Wat ik ook zie, mijnheer de minister, is dat de toestand hopeloos is, maar voor sommige politieke partijen nog altijd niet ernstig. Ook voor politieke partijen die vandaag deel uitmaken van de meerderheid.

Ik zal nog een ziekte noemen. De pensioenkassen zijn leeg, ze zijn in palliatieve zorg. En waarom zijn ze vandaag in palliatieve zorg? Omdat we de pensioenen opgesoupeerd hebben.

Ik vind het jammer dat de heer Vandenbroucke al weg is. Ik wou hem nog eens herinneren aan zijn Zilverfonds. Er is 15 miljard in de zee gegooid in Oostende en men heeft gewacht tot het er in Nieuwpoort weer uitkwam, maar het is er niet uitgekomen. De pensioenkassen zijn leeggeroofd. Maar wie zet vandaag zijn voet dwars tegen de pensioenhervorming? De linkse kant.

Het gaat niet alleen over de pensioenhervorming. 25 jaar waren de liberalen aan de macht. Mijnheer Van Quickenborne, ik hoor u graag bezig, maar u bent er mee een oorzaak van. De heer De Croo is vijf jaar minister van Pensioenen geweest. 25 jaar aan de macht, maar er is geen enkele belastingdiscipline waarin België geen kampioen is.

We zitten nu in dat conclaaf. We horen dat er iets moet worden gedaan aan de belastingen. Maar dan zet iedereen zijn voet dwars. Wat zijn eerlijke belastingen, mevrouw Bertrand? Wel, dat zijn belastingen op het verbruik.

Mijnheer de minister, doe voort. Doe voort. Ik vraag u voort te doen. Ik vraag eigenlijk om minimaal 10 miljard te besparen. Het gaat om de toekomst van onze kinderen. Want al die mensen die hier zitten met boter op (…)

Voorzitter:

Dank u, mijnheer Dedecker.

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de minister, u raakt er niet uit. De onderhandelingen blijven maar duren. Het was de bedoeling dat het anders zou verlopen dan in het verleden, maar op de radio wordt gezegd dat er een crisis is in de regering en dat u er niet uit raakt.

Wat is er aan de hand? Het eerste punt, dat zwaar moet wegen aan de onderhandelingstafel, is de druk van 140.000 betogers. U durft gewoon geen beslissingen te nemen, omdat u de druk van buitenaf voelt. Dat is ook normaal, want niemand heeft gestemd voor een btw-verhoging, een nieuwe pensioendiefstal en een pensioenleeftijd op 67 met een pensioenmalus. U voelt dus de druk.

Wat ik niet begrijp, mijnheer de minister, is dat er alleen maar wordt gezegd dat er geen alternatief is. There is no alternative. Tina, Tina, Tina, there is no alternative . Waarvoor dienen ministers dan? Als er geen alternatief is en u kunt niets anders beslissen, waarvoor wordt u dan betaald?

C'est toujours la même chose: il n'y a pas d'alternative. On ne sait rien faire d'autre. Mais pourquoi paie-t-on les ministres, alors, s'il n'y a pas d'alternative? C'est la question.

De heer De Wever zegt: Tina, there is no alternative, en heeft het over Margaret Thatcher . Onder Thatcher waren er echter twee recessies in Groot-Brittannië, er was een stijgende ongelijkheid, de werkloosheid steeg, er was de-de-industrialisatie in het land. Dat is het bilan van Margaret Thatcher. En u wilt dat gewoon toepassen in België. Komaan, waarmee bent u bezig?

Er zijn alternatieven. Laten we het even hebben over de taxshift, met 8 miljard minder voor de sociale zekerheid. Wie heeft dat goedgekeurd? De N-VA. Rechts graaft gewoon een gat. Ga het geld halen bij de superrijken. Dat is nog een alternatief. Stop echter geld te halen bij de gepensioneerden en de werkende klasse. Dat mag niet meer. Het volk is boos.

Mijnheer de minister, daarom vraag ik u wanneer u eindelijk met een deftig sociaal budget naar hier zult komen.

Sarah Schlitz:

Monsieur le ministre, ce n'est pas qu'on est déçu de vous voir, mais on aurait préféré pouvoir poser toutes nos questions au premier ministre.

Soit. Ici, tout ce qu'on sait au Parlement, ce sont des choses qu'on lit dans la presse ou qu'on sent, à travers notamment les annulations de commissions ou certaines choses qu'on entend dans les couloirs.

Tout d'abord, pouvez-vous nous dire combien de milliards vous voulez trouver? On entend parfois 20, parfois 10, parfois 6 milliards. Pouvez-vous nous dire quels sont les objectifs que vous vous êtes fixés au niveau budgétaire?

Nous savons aussi qu'il y a des tensions, je pense que c'est assez évident. Quand on entend que ça va être la "mère des batailles", jusqu'au finish, et que la réunion se termine à 18 h 00, on imagine qu'il y a dû y avoir quelques prises de bec, on ne sait pas entre qui et qui. Pouvez-vous nous dire, sur une échelle de 1 à 10, à quel niveau de tension se trouve le gouvernement?

On voit beaucoup d'idées passer. Il y a eu l'idée d'un saut d'index. On parlait d'abord d'un saut d'index pour tout le monde. Et puis, juste pour les allocataires sociaux. Pour rappel, dans les allocataires sociaux, il y a aussi les pensionnés. Allez-vous aussi faire un saut d'index pour les pensions? Est-ce que c'est ça l'idée? Et pour les fonctionnaires? Je pense qu'ils ont quand même déjà fait leur part.

Est-ce que ce sont de nouveau les mêmes qui vont être mis à contribution? Ou allez-vous enfin aller chercher l'argent là où il se trouve? Un malus pension plus rapide, pour les pensionnés? Ou une taxe sur les millionnaires? Ça, c'est une bonne idée, mais c'est directement hors de question.

Certains sont plus discrets. Pourriez-vous nous dire s'ils sont aussi discrets dans les négociations qu'ils le sont dans la presse? Comment cela se passe-t-il concrètement?

Par ailleurs, on n'entend jamais parler de la crise climatique, alors qu'on sait qu'elle va nous coûter bonbon! Pouvez-vous me dire si cette thématique apparaît quand même sur la table du gouvernement?

Vincent Van Peteghem:

Mijnheer de voorzitter, collega’s, de regering heeft een gezamenlijke doelstelling: de welvaart van de huidige generatie en van de toekomstige generaties beschermen. Dat is wat onze burgers en onze ondernemingen, terecht, van ons verwachten.

De toekomst van onze welvaart, van onze economie, van onze veiligheid hangt af van de keuzes die we de komende dagen zullen maken. De oefening die voor ons ligt, is dan ook complex en uitdagend, want het is ook een erfenis waarvoor ieder van ons verantwoordelijkheid draagt, een erfenis uit tijden waar men gemakzuchtig één begrotingsjaar, één begrotingsoefening vooruitkeek. Door die aanpak zitten we vandaag in een context waar de rentelasten als een loden ketting rond de federale hals hangen.

Nous risquons en effet de consacrer près de 40 % de notre déficit aux intérêts dans quelques années.

De huidige regering wil het anders doen en neemt haar verantwoordelijkheid om di uitdaging structureel en met de blik op de langere termijn aan te pakken. De doelstelling is dan ook helder en staat in de regering ook niet ter discussie. Wat Europa van ons vraagt, zal het minimum zijn, maar de weg daarnaartoe vraagt tijd.

Nous avons besoin de mesures structurelles, qui tendent à renforcer le marché du travail, l'économie et notre sécurité, à maîtriser les coûts du vieillissement, à garantir des revenus équitables dans notre État-providence, et à lutter contre le gaspillage. Personne ne nie qu'un tel exercice comporte une dimension idéologique. Cependant, l'idéologie doit inspirer et non paralyser.

We moeten doen wat nodig is, niet wat gemakkelijk is. Wie vandaag niet doorpakt, zet onze economische groei en de ruimte om te investeren, op een zijspoor.

Nous devons faire ce qui est nécessaire, et non ce qui est facile. Si, aujourd’hui, nous reportons des choix difficiles, nous le paierons bientôt cash en termes de pouvoir d’achat, de compétitivité et de prospérité. Protéger notre État-providence est la mission la plus importante de notre génération.

De bescherming van onze welvaartsstaat is de belangrijkste opdracht van onze generatie. Als we vandaag geen geloofwaardige koers uitzetten, riskeren we een samenleving waarin het ieder voor zich is, veel sneller dan men zou denken. Dat kan en zal ik nooit aanvaarden. Daarom roep ik iedereen op om de komende dagen de juiste stappen te zetten: eerst over de eigen schaduw en vervolgens samen naar een begroting die geloofwaardig, sociaal rechtvaardig en economisch duurzaam is.

Barbara Pas:

De regering zou dit land financieel op orde zetten. Zelfs als er een akkoord van 10 miljard aan extra belastingen en besparingen op kap van de Vlamingen zou komen, dan slaagt u daar nog niet in. Veel van zijn eigen programma opofferen om aan een akkoord te geraken, kan Bart De Wever niet meer. Er zat immers al niet veel in. Toch staan er een groot aantal oplossingen in het N-VA-verkiezingsprogramma, oplossingen die ook in ons programma terug te vinden zijn, zoals de responsabilisering door een splitsing van de sociale zekerheid en door fiscale autonomie.

Mijnheer de minister, vorige week zei uw partijgenoot en voormalig minister Koen Geens het letterlijk in een interview: “Fiscale autonomie is een must.” U zegt dat er gedaan moet worden wat nodig is. Welnu, doe wat nodig is. Leg dat eens op tafel en stop met uw geknoei.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, u zegt: we moeten doen wat nodig is. Daarmee suggereert u dat er alternatieven bestaan, maar vervolgens komt daar niets van in huis bij de onderhandelingen over de maatregelen.

Vorige week zei Bart De Wever hier in het halfrond: “Als we geen moeilijke beslissingen kunnen nemen, dan zijn we niet capabel om te besturen.” Dat is echter niet wat hij bedoelde. Hij bedoelde: als jullie niet in staat zijn om mijn wil als wet te aanvaarden, dan zijn we niet capabel om te besturen.

Mijnheer de minister, verlos u van dat juk. Spreek u duidelijk uit over die alternatieven: bijdragen van de extreem rijken, stoppen met het misbruik van managementgenootschappen en stoppen met fossiele subsidies. Vecht daarvoor, want dat is wat ik hoor op straat en dat is waar Groen voor staat.

Alexia Bertrand:

Mijnheer de minister, wat blijft er over van uw beloftes? U zou het tekort terugdringen naar minder dan 3 %. Uw recepten zijn echter linkse recepten! U wilt de flexi-jobs onmogelijk maken, de studentenjobs zwaarder belasten en de ondernemers harder aanpakken. Dat zijn recepten om de groei kapot te maken!

U moet snoeien in de uitgaven, want het probleem van de begroting zit aan de uitgavenkant. Kijk naar de groeinorm en de gezondheidszorg. Kijk naar de langdurig zieken, de grootste fraude van de laatste jaren in ons land. Moeten de vakbonden de werkloosheidspremies nog uitbetalen? Focus op de kerntaken van de overheid. Voer de energienorm uit. Schrap de onnodige regels voor de kmo’s. Daarvoor zult u in ons een partner vinden. We steunen alles wat de groei kan aanzwengelen en de productiviteit kan stimuleren. Belasten is echter geen (...)

François De Smet:

Monsieur le ministre, je vous remercie. On n'a rien appris, sauf qu'il y a toujours un ministre du Budget Arizona. C'est déjà ça!

La question classique en politique est de savoir s'il faut gouverner selon son électorat ou en fonction de l'intérêt général. Et le problème de votre gouvernement, ce sont ceux qui font entendre leur voix. Ceux qui sont le plus audibles sont ceux qui s'adressent toujours à leur seul électorat et ne veulent pas prendre de responsabilités pour toute la population. Et c'est ce qui vous pose problème. C'est le moment pour chacun de s'élever et de prendre toutes ses responsabilités. Celui qui refusera tout accord en se disant "je m'en fiche, tant que j'ai 30 % des électeurs qui votent pour moi", celui-là sera responsable de la crise.

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de minister, u gaf een mooi sermoen. Ik begrijp echter dat u niets kunt vertellen. Het conclaaf moet eerst worden beëindigd.

Ik hoor u heel graag opmerken dat iedereen over zijn schaduw moet springen. Ik heb echter een oplossing voor als dat niet gebeurt. In feite was deze speech voor de eerste minister bedoeld. Ik zal de oplossing evenwel geven.

Ik weet dat u een katholiek mens bent. U komt alleszins uit de katholieke zuil, hoewel ik weet dat uw partijvoorzitter de Heilige Drievuldigheid niet meer kent, maar hij kan er wel uitleg over geven.

Wat is er gebeurd in het Vaticaan in de dertiende eeuw? Toen kwam men ook niet uit het conclaaf. Na twee jaar en negen maanden werden de deelnemers eerst op water en brood gezet, maar het lukte nog niet. Vervolgens is het dak weggenomen van de Sixtijnse kapel. Wat gebeurde er? De deelnemers bevielen van de oplossing.

Laten we desnoods dus het dak wegnemen van de Wetstraat 16, dan krijgen we een oplossing.

Voorzitter:

Collega Dedecker, mij wordt verteld dat het daar binnenregent. U bent dus al gedeeltelijk op uw wenken bediend.

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de minister, u zegt dat het probleem is dat de regeringen in het verleden steeds slechts één begrotingsoefening vooruit dachten, maar in 2015 was er iemand die daar anders over dacht en dat was Bart De Wever. Op de vraag in een interview in 2015 waarom de taxshift ondergefinancierd is, antwoordt hij: “Het klopt dat de taxshift niet voldoende gefinancierd is. Men heeft doelbewust gekozen om niet alles mee te rekenen. Dat dringt op termijn een infernale besparingslogica op en dus komt men terecht bij de overheidsuitgaven waar ze nog zitten: de sociale zekerheid.”

Beste collega's, dat betekent dat rechts een strategie bedacht heeft om een put van 8 miljard euro te graven, met als doel een besparingslogica in de sociale zekerheid. Dat heeft Bart De Wever gezegd. Over twee begrotingsronden zal de sociale zekerheid voor langdurig zieken en gepensioneerde worden aangevallen. Dat noemt men strategisch nadenken. Dat is een slechte, antisociale strategie.

Sarah Schlitz:

Merci monsieur le ministre pour votre réponse. Je ne m'attendais pas à cela, mais je vous entends lancer un véritable cri du cœur à vos partenaires de majorité. Nos questions ne portaient pas vraiment sur cela, mais c'est tout de même assez intéressant à entendre. Vous leur faites un appel à la responsabilité, vous les appelez à prendre des décisions difficiles. J'espère que ce message a été entendu. J'imagine bien que ces discussions doivent être un véritable enfer, rempli de guerres d' ego . Franchement, je ne voudrais pas être à votre place. Par contre, je voudrais vous dire que responsabilité et décisions difficiles ne riment pas forcément avec le fait de faire mal à l'ensemble de la population, surtout à ceux qui ont bossé toute leur vie et à ceux qui contribuent déjà énormément au budget de l'État et à l'effort national. Il y a des alternatives, monsieur le ministre. On peut aller chercher 13 milliards dans les énergies fossiles, on peut aller chercher 30 milliards dans la lutte contre la fraude fiscale et ainsi de suite. Allez-y, monsieur le ministre!

economie en werk

De indexsprong, de btw-verhoging en de andere slechte plannen van de arizonacoalitie
De indexsprong, de btw-verhoging en andere lekken uit het begrotingsoverleg
Het begrotingsoverleg
De kakofonie in de regering over de begroting
Het begrotingsvoorstel van de premier
De begrotingsopmaak en het rapport van het Monitoringcomité
Bezuinigingsplannen, begrotingsconflicten en lekken uit het overleg van de arizonacoalitie

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 9 oktober 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De oppositie valt de regering hard aan voor koopkrachtverlagende maatregelen (indexsprong, hogere BTW op voeding, zorgbezuinigingen, pensioenkortingen) die kwetsbaren treffen, terwijl superrijken en fiscale fraude gespaard blijven. Premier De Wever verdedigt de noodzaak van bezuinigingen (43 miljard tekort in 2029) om een rentecrisis te vermijden, maar ontkent niet dat pijnlijke maatregelen (zoals de indexsprong) nog op tafel liggen—wat het wantrouwen versterkt. Critici wijzen op structurele inkomstenlekken (flexi-jobs, vennootschapsconstructies) en oneerlijke lastenverdeling, terwijl de regering geen alternatieven biedt buiten besparen op gezondheid, pensioenen en middenklasse. De woede groeit (grote betoging aangekondigd), met beschuldigingen van “klassenpolitiek” en “verraad” op verkiezingsbeloftes.

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le premier ministre, alors que les partis de votre majorité ont fait campagne, il y a un peu moins d'un an, sur des promesses d'augmentation des salaires et du pouvoir d'achat de la population, sur le nécessaire réinvestissement dans la médecine et nos soins de santé, ces mêmes partis, quelques mois seulement après les élections, ont décidé de bloquer les salaires, de supprimer les primes de nuit pour les travailleurs nocturnes, de raboter les pensions, d'augmenter les prix des médicaments et des visites chez le médecin ou encore, très récemment, de supprimer les budgets visant à la lutte contre la pauvreté.

Aujourd'hui, monsieur le premier ministre, ce n'est pas un col hors catégorie que vous venez de franchir. C'est un sommet! Un sommet de provocation et de déconnexion par rapport aux réalités vécues par une grande partie de notre population. Alors que le prix du caddie explose, alors que de nombreuses familles ont du mal à joindre les deux bouts, alors que de nombreuses mamans solos peinent à garder la tête hors de l'eau, vous, le premier ministre de ce gouvernement MR-N-VA-Les Engagés, proposez un saut d'index. Un saut d'index et une augmentation de la TVA sur les aliments!

Provocation et déconnexion! Provocation, car vous vous attaquez une nouvelle fois au meilleur rempart contre la vie chère: l'indexation automatique des salaires et des allocations sociales. Déconnexion, en proposant d'augmenter le prix de certains aliments alors que le prix du caddie ne cesse de flamber, monsieur le premier ministre. Et, au même moment, nous apprenons que la richesse des milliardaires européens a bondi de 400 milliards d'euros en moins de six mois!

Provocation, déconnexion et injustice, monsieur le premier ministre. Il est temps d'entendre les préoccupations de la population. Il est temps d'enfin prendre (…)

Barbara Pas:

Mijnheer de premier, u wilt de welvaartsstaat redden. Wel, wij delen die ambitie. U zegt dat u een werkzaamheidsgraad van 80 % wilt. Wel, dat is een goede ambitie. Dat willen wij ook.

U negeert echter iets compleet. Vlaanderen heeft al een werkzaamheidsgraad van nagenoeg 80 %. Uit studies van de UGent — u was deze week nog in de stad van licht en liefde — blijkt dat meer dan 44 % van de niet-Europese vreemdelingen in dit land inactief is: ze werken niet en zoeken geen werk. De autochtone Vlaming behaalt dus los die werkzaamheidsgraad van 80 %, mijnheer de premier. Die Vlaming, die al bij de hoogste belastingen ter wereld betaalt, vraagt u nog eens extra inspanningen.

Dankzij doelgerichte lekken weten we dat u eraan denkt de Vlaming te treffen met een indexsprong. Dat zou zorgen voor een lager nettoloon en minder koopkracht. Zeven op de tien Vlamingen geven nu al aan dat hun koopkracht is verslechterd sinds het aantreden van uw regering en toch denkt u eraan dezelfde Vlaming te treffen met btw-verhogingen. Is de winkelkar nog niet duur genoeg? Is de energiefactuur nog niet hoog genoeg? Is de renovatie die u aan de overkant verplicht stelt, nog niet duur genoeg?

U zult wellicht antwoorden dat het nog te vroeg is en dat alles nog beslist moet worden, maar u legt het wel op tafel, mijnheer de premier. Ik vraag u te stoppen met het vragen van extra inspanningen aan de Vlaming, omdat hij al meer dan genoeg heeft bijgedragen. Ik vraag u andere besparingen op tafel te leggen. Wilt u beknibbelen op ontwikkelingssamenwerking, op klimaatfinanciering, op de migratiefactuur of op het politiek systeem? Ik (…)

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de eerste minister, u wilt opnieuw geld halen uit de zakken van de werknemers van dit land. Waarom haalt u het niet rechtstreeks uit uw eigen zakken, bij de politiek of bij de superrijken? Doe dat toch! Waarom haalt u het altijd bij de mensen?

De mensen zeggen dat ze een groot probleem hebben met hun koopkracht en de eerste minister stelt een indexsprong voor. De mensen zeggen dat ze hun winkelkar niet meer kunnen betalen en de eerste minister wil de btw verhogen. De mensen zeggen dat ze hun geneesmiddelen niet meer kunnen betalen en de eerste minister wil in de zorg snoeien. Mijnheer de eerste minister, waarmee bent u bezig?

Onder ons gezegd – hier luistert toch niemand mee – die indexsprong is toch een van de truken van de foor, mijnheer de eerste minister? U weet zelf ook dat die er niet zal komen. Vooruit zal kunnen zeggen dat het tegen de indexsprong is, maar de rest van uw maatregelen zal er wel komen. Die 150 tot 200 euro minder voor gepensioneerden, dat gaat door. Langdurig zieken aanpakken, dat gaat door. De openbare diensten aanvallen, dat gaat door. Alles gaat door.

U luistert niet, mijnheer de eerste minister.

Ik zeg u duidelijk: uw truken van de foor zullen niet werken. Wij zeggen duidelijk, mijnheer de eerste minister, dat wat u nu doet, betekent dat de mensen opnieuw de rekening zullen moeten betalen. Dat kan niet. De gepensioneerden vragen om tot 67 jaar te werken met een malus, dat kan niet en dat mag niet doorgaan.

Uw probleem, mijnheer de minister, is dat er dinsdag een keigrote betoging zal plaatsvinden. Daarom lukt het u niet een akkoord te sluiten. U voelt dat de woede bij de mensen groot is, omdat u hen opnieuw wilt doen betalen. U zegt dat er geen alternatief is, maar dat is er duidelijk wel. Waarom haalt u het geld niet bij de superrijken? Waarom haalt u het altijd bij de werkende mensen? Dat is de vraag waarop ik nu een antwoord wil, mijnheer de eerste minister.

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, à ce stade, il n’y a qu’une seule quasi-certitude, c'est que, mardi prochain, vous vous présenterez ici très probablement sans budget. Dans un sens, c'est peut-être une bonne nouvelle, vu ce qu'on entend et ce qui circule.

D'abord, vous n'êtes toujours pas d'accord entre vous sur l'ampleur de l'effort à fournir. Est-ce que ce sera 20 milliards d’euros sur la législature? Est-ce que ce sera 16 milliards d’euros, comme le demande votre ministre du Budget, ou 8 ou 10 milliards d’euros tout de suite, comme le demandent d'autres? On ne connaît pas le réel objectif budgétaire de cet exercice.

Ensuite, sans doute afin de créer un climat de confiance avec vos partenaires et de rassurer la population, vous avez choisi de mettre sur la table deux mesures extrêmement "rassembleuses" et "rassurantes", que sont le saut d'index et l'augmentation de la TVA sur les biens de première nécessité. On connaît tous la technique consistant à lancer des ballons d'essai, à attendre qu'ils retombent et à voir comment réagissent les partenaires.

On a appris des choses. Pour ce qui est du saut d'index, on a vu que le MR est d'accord, tant que cela ne touche que les allocataires sociaux. Chez Les Engagés, c'est encore mieux. Ils ne sont pas contre, ils ne sont pas pour non plus. On verra. Cela dépendra sans doute du résultat des négociations. Mais personne ne peut nier, monsieur le premier ministre, que tout le monde devra faire des efforts.

Mais, pour que ces efforts soient compris comme justes, il faut qu'ils ne touchent pas seulement les plus démunis. Or c'est malheureusement le chemin que vous empruntez. D'autant plus que, pendant ce temps-là, on apprend aussi via votre ministre du Budget, que votre gouvernement n'est pas fichu de faire rentrer correctement les recettes fiscales. C'est ce qui fait l'objet de ma deuxième question.

Monsieur le premier ministre, avant d'aller chercher l'argent dans les poches des plus précarisés, ne feriez-vous pas en sorte que les recettes fiscales qui ne rentrent pas suffisamment, à cause d'une lutte insuffisante contre la fraude et d'une ingénierie fiscale que vous favorisez, rentrent davantage? Voilà ce qui serait beaucoup plus juste.

Alexia Bertrand:

Mijnheer de premier, de Belg wordt geboren met een baksteen in de maag. Dat weet u ook. Dat is altijd zo geweest. Voor velen is het een droom om een huis te bouwen of te kopen en daarna te renoveren. Mensen werken en sparen daarvoor.

Die droom verandert in een nachtmerrie, mijnheer de premier. Eerst moet men maandenlang op een vergunning wachten. Men krijgt in dit land geen twee stenen op elkaar. Als men dan toch aan de slag kan, veranderen de regels in het midden van het traject. Dat is pure contractbreuk, mijnheer de premier. Het is een arizonagewoonte. Verbouwpremies worden door uw Vlaamse collega's afgeschaft.

Mijnheer de premier, u viseert de kleine zelfstandige die investeert in een appartementje voor later en die daarvoor leent. Hij krijgt een extra factuur. Wat horen al die mensen vandaag? Dat de btw gaat stijgen, dat u de btw wil verhogen.

Ik ga u zeggen wat dat concreet betekent. Iemand die een starterswoning koopt en die voor 300.000 euro verbouwt, gaat een extra factuur van 10.000 euro krijgen. Gaat u zo bouwen en verbouwen stimuleren in ons land? Hoeveel keer zult u die mensen nog in het vizier nemen? Dat is mijn vraag, mijnheer de premier.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de premier, het is weer de tijd van de ballonnetjes. De laatste dagen zijn er veel opgelaten en u laat die voorzitters maar doen, maar ondertussen legt u uw voorstellen op tafel: indexsprong, verhoging btw en verlaging van de groeinorm in de gezondheidszorg.

Dat zijn allemaal voorstellen waarbij de gewone mens betaalt. Die staat voor een duurdere winkelkar, het brood wordt duurder, terwijl op restaurant gaan goedkoper wordt. De indexsprong zorgt voor minder loon en minder pensioen, terwijl de winkelkar duurder wordt. Besparen op de gezondheidszorg betekent meer betalen bij de dokter. U wilt het geld halen bij de mensen die het vaak al niet breed hebben. U zit weer in de verkeerde zakken.

Mijnheer de premier, ik ben er zeker van dat u het laatste rapport van het Monitoringcomité hebt gelezen. Bent u dan niets vergeten in de voorstellen die u op tafel legt? Er zit een enorm gat in de begroting en het probleem is dat er ook een groot lek is aan de inkomstenzijde. Flexi-jobs zorgen immers voor minder inkomsten voor de sociale zekerheid en voor de fiscus en door het misbruik van managementvennootschappen ontsnappen rijke mensen aan het betalen van een eerlijke bijdrage. Zo wordt het gat in de begroting nog groter.

Dat zal ook het geval zijn door misbruik van het fiscaal voordeel van auteursrechten dat uw regering nog wil uitbreiden, maar daarover zwijgt u. Om het gat in de begroting te dichten, ziet u maar een oplossing en dat is niet op zoek gaan naar de oorzaken van het lek, maar wel besparen op de kap van de gewone mensen. De laagste inkomens mogen betalen. Zij moeten betalen, betalen, betalen. Zult u ook voorstellen formuleren om de lekken aan de inkomstenzijde te dichten?

Bart De Wever:

Merci, chers collègues, pour les questions.

Notre gouvernement a débuté avec un budget qui, à politique inchangée, aurait évolué vers un déficit fédéral de 6 % du PIB en 2029, soit 43 milliards d'euros de déficit. Selon le Comité de monitoring, les réformes de ce gouvernement ont déjà amélioré cette prévision structurellement de 0,5 % du PIB d'ici 2029, soit environ 4 milliards d'euros par an.

Sur l'ensemble de la législature, l'accumulation de la dette diminue déjà de 15 milliards d'euros grâce aux réformes décidées. C'est de l'argent que nous n'aurons plus à rembourser plus tard. Et cela, malgré les investissements supplémentaires nécessaires dans la défense qu'on n'avait pas prévus; malgré la réduction d'impôts prévue pour les personnes qui travaillent; malgré les tensions géopolitiques qui pèsent sur la croissance économique; malgré la hausse des charges d'intérêts, tout en tenant peu compte des effets de retour que généreront ces réformes.

Op lange termijn werken die hervormingen nog een hele tijd forser door en realiseren we een structurele verbetering van meerdere procenten van het bbp, wat tientallen miljarden euro’s per jaar betekent. Daar is geen twijfel over. Sociale hervormingen vergen tijd om te renderen. De rit bergop is volgens mij ingezet. Dat was ook hoog tijd, al moeten we nu op korte termijn stevig op de pedalen duwen om ons uit het vizier van de internationale markten te houden en om zeker uit de slipstream van Frankrijk te blijven.

Je sais, monsieur Dermagne, que vous êtes un peu rattachiste dans votre cœur mais, pour l'instant, je pense que nous ferions mieux de nous éloigner de la situation française. Pour l'instant, du moins.

Daarom zoek ik nu als eerste minister naar een consensus over maatregelen om het kortetermijnsaldo fors te verbeteren. Dat is echt noodzakelijk, als we het zuurverdiende belastinggeld van de bevolking op korte termijn of op iets langere termijn – al vrees ik dat het snel zal gaan – niet willen zien verdwijnen naar rente op onze schuld.

Dat is een reëel gevaar. De rentekoers van onze staatsobligaties is in het voorbije jaar al met een zevende gestegen. Morgen komt het ratingbureau Moody’s met een rapport. Ik hoop dat we dankzij de hervormingen die we al in gang hebben gezet, geloofwaardigheid en respijt krijgen, in afwachting van de nieuwe maatregelen, die we nog zullen moeten nemen. Het signaal dat we morgen zeker zullen krijgen, zal alleszins zijn dat we niet mogen afwachten.

Nu geen extra inspanningen leveren zou dus schuldig verzuim zijn. Het zou ons ook niets opleveren. Het zou ons alleen dieper in de problemen brengen. We zouden het bedrag dat we nu moeten saneren, morgen in rente moeten weggeven, in omstandigheden die nog veel slechter zijn dan dewelke waarmee we vandaag al worden geconfronteerd. Er is dus geen keuze. Er is geen alternatief. Wat we nu niet besparen, zullen we aan de financiële markten moeten betalen. En dan nog zullen we op dat moment een inspanning moeten doen in omstandigheden die veel moeilijker zijn. Dat is hoe rentesneeuwballen nu eenmaal werken. Wie iets ouder is en de jaren 80 nog actief beleefd heeft, weet wat dat is. L’effet boule de neige, dat is verschrikkelijk; daar wil men niet onder terechtkomen.

De onderhandelingen, die we nu voeren, zijn dus cruciaal. Ze zijn noodzakelijk. Om ze alle kansen te geven - dit wist u al op voorhand -, zal ik naar de buitenwereld – daar behoort de oppositie ook toe – en naar de pers die hier buiten staat, de discretie handhaven.

Het is belangrijk dat de onderhandelende partijen weten dat ze mij voorstellen kunnen doen en dat ik die hier niet kenbaar zal maken. Ik zal dan ook geen commentaar geven over de lopende onderhandelingen. Ik geef prioriteit aan het halen van een resultaat op een zo kort mogelijke termijn.

J'en appelle aux partis de la majorité à accorder la même priorité. Je comprends que ce n'est pas facile, que cela demande du courage, mais c'est pour cela que nous avons été élus: pour assumer nos responsabilités et réaliser l'assainissement le plus difficile de ce siècle.

Montrons donc aussi vite que possible aux marchés internationaux que notre pays fait ce qu'il faut pour retrouver une santé financière solide. L'accord que nous conclurons à cet effet, je viendrai le défendre ici, en toute transparence et avec plaisir. Je vous remercie.

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le premier ministre, la doctrine de votre gouvernement se résume en deux mots: mensonges et trahisons.

Cinq cents euros de plus pour les travailleurs: mensonge. Amélioration du pouvoir d'achat: mensonge. Réduction de l'écart de pension entre les hommes et les femmes: mensonge. Faire de la santé une priorité: mensonge. Améliorer la vie des familles: mensonge. Ne pas toucher à l'index: mensonge. Parce que bidouiller, c'est tromper.

À la place, monsieur le premier ministre, ce sont des trahisons. Des trahisons pour les travailleurs qui travaillent la nuit et qui vont perdre leurs primes; pour les militaires, les cheminots et les enseignants qui travailleront plus longtemps; pour les pensionnés qui voient leur pension diminuer; pour les travailleurs qui vont travailler plus pour gagner moins; et trahison pour les femmes qui sont les premières victimes de vos politiques de régression sociale, monsieur le premier ministre.

Barbara Pas:

De regering ging budgettair orde op zaken stellen. Dat is boerenbedrog, want zelfs uw streefdoel nu blijft een tekort. Daarvoor hebt u al uw communautaire en andere beloftes ingeslikt. U belooft tegen 2029 100 euro meer netto. Dat is boerenbedrog. Met alle maatregelen die nu op tafel liggen, neemt u koopkracht nu al af en niet in 2029.

Mijnheer de premier, bespaar op de politiek. Bespaar op de migratiefactuur. Bespaar op de miljardenbijdrage aan de Europese Unie, op ontwikkelingssamenwerking, op klimaatfinanciering, in de plaats van te besparen op diezelfde Vlamingen, die alweer de hoogste belastingen betalen. U lacht ermee, maar u blijft hen laten betalen om de Waalse en Brusselse putten te blijven vullen. Als u dat doet, rijdt u helemaal niet naar omhoog, maar gaat u heel snel de dieperik in.

Raoul Hedebouw:

Monsieur le premier ministre, non, ce ne sont pas de bonnes idées! Quelles idées! Aujourd'hui les gens ont un tel problème de pouvoir d’achat, et vous proposez un saut d’index. Les gens rencontrent des problèmes pour aller faire les courses, et que proposez-vous? Augmenter la TVA. Mais dans quelle bulle vivez-vous, monsieur le ministre? C’est fou.

Dat is gewoon crazy.

Mijnheer de eerste minister, hier in de plenaire vergadering moet worden gezegd wie die putten heeft gegraven in het verleden. U hebt dat gedaan. U hebt een ongefinancierde taxshift van 8 miljard euro ingevoerd. Waarom hebt u dat gedaan? Op die vraag hebt u een paar jaar geleden geantwoord. U verklaarde toen dat u die taxshift niet zou financieren omdat het een infernale besparingslogica op gang zou brengen. Dat is de strategie van rechts, putten graven met een graafmachine en vervolgens de gepensioneerden doen betalen. Dat is de bewuste strategie van de N-VA. Daarom zijn de mensen zo kwaad. Ga het geld halen bij de superrijken en niet bij de gewone mensen.

Aan Vooruit vraag ik duidelijk om zich niet op de borst te kloppen dat de partij de index alweer heeft gered. Zij moet gewoon de (…)

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, je vous remercie de vos réponses.

L'aspect essentiel me semble la fin de votre intervention. Dans votre appel à vos partenaires, vous avez dit qu'il fallait fournir des efforts pour les marchés – non pour les citoyens, mais pour les marchés. Nous voyons que votre priorité se situe là.

Bien évidemment, nous ne vous demandons pas d'abattre toutes vos cartes de négociation, mais vous n'avez pas démenti que le saut d'index était envisagé. Il faut donc considérer qu'il est toujours sur la table. Vous n'avez pas démenti non plus qu'une hausse de la TVA sur les biens de première nécessité et de consommation était possible. Il faut donc considérer qu'elle est toujours sur la table. Nous pouvons donc nous attendre absolument à tout avec votre budget. Nous resterons évidemment très vigilants.

Alexia Bertrand:

Mijnheer de premier, tot nu toe waren het uw ministers, die proefballonnen oplieten. Nu stelt u zelf voor om de btw te verhogen. Dat is precies het probleem. Telkens opnieuw is het de middenklasse die de arizonafactuur moet betalen. We moeten onze burgers net aanmoedigen om te bouwen en te verbouwen. U doet net het tegenovergestelde. Waar hebben die mensen dat eigenlijk aan verdiend? Mijnheer de premier, het is duidelijk: BDW is vandaag btw.

Stefaan Van Hecke:

Dank u wel, mijnheer de premier, voor de samenvatting van uw lezing in Gent. Uw nietszeggende antwoord heeft ons allerminst gerustgesteld. Ondanks dat u daarnet een bril kreeg, blijft u blind voor het jongste rapport van het monitoringcomité, dat stelt dat het probleem zich aan de inkomstenzijde bevindt. U blijft blind voor het feit dat flexi-jobs vandaag niet worden gebruikt waarvoor ze oorspronkelijk waren bedoeld. U blijft blind voor het misbruik van managementvennootschappen en auteursrechten. Dat is geen verrassing, want daarvan profiteren de hoogste inkomens. U blijft blind voor de duurdere winkelkar, die het gevolg zal zijn van de maatregelen die u voorstelt. U blijft blind voor de oproep van zoveel mensen tot een rechtvaardigere bijdrage van de sterkste schouders. De sterkste schouders worden, opnieuw, volledig ontzien. Mijnheer de premier, volgende week vindt en grote betoging plaats. Duizenden mensen zullen de straat opgaan. Ik stel voor dat u en uw regering eens goed naar hen luisteren. U hebt nog tijd, want dinsdag zult u nog niet klaar zijn.

klimaat, energie en landbouw

De reactie van de regering op de roep om een doortastender klimaatbeleid
De klimaatmars en het Nationaal Energie- en Klimaatplan
Maatschappelijke druk, overheidsbeleid en actieplannen voor versnelde klimaatdoelstellingen

Gesteld aan

Jean-Luc Crucke (Minister van Mobiliteit, Klimaat en Ecologische Transitie)

op 9 oktober 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Tijdens een scherpe klimaatdebat kaarten Almaci en Ribaudo de falende klimaatambitie van de regering aan: doelen voor hernieuwbare energie, uitstootreductie en renovatie worden afgebouwd, fossiele subsidies (€18 mjd) blijven ongemoeid, terwijl 30.000 betogers eisen dat de overheid haar verantwoordelijkheid neemt—terwijl defensie-uitgaven (€34 mjd) wel prioriteit krijgen. Minister Crucke verdedigt zich met het eindelijk bereikte (maar matige) Nationaal Energie-Klimaatplan en de afbouw van *sommige* fossiele subsidies, maar benadrukt economische haalbaarheid en interbestuurlijke samenwerking als beperkende factoren. Kernpunt: Daden ontbreken—de regering blokkeert structurele vergroening (bv. éolien, waterstof, renovatie), terwijl tijd, geld (Planbureau: €8,5 mjd/jaar verlies bij nietsdoen) en maatschappelijke druk weggesmeten worden, aldus de oppositie.

Meyrem Almaci:

Mijnheer de minister, kent u het boek Collapse van Jared Diamond? Het is een schitterend boek, dat beschrijft hoe beschavingen door foute politieke keuzes ondergaan. In veel van die beschavingen bleek klimaatverandering een van de drijvende factoren achter die ondergang.

Ik heb iets bij dat sinds 2020 op mijn kantoor hangt, namelijk de cover van Time Magazine , dat toen titelde One Last Chance, waarmee het bedoelde to save the planet . Men zou denken dat met alle zaken van de voorbije jaren, met alle rapporten en met de tienduizenden mensen die vorige zondag op straat kwamen, onze regeringen, álle regeringen, de hand aan de ploeg zouden slaan en een ambitieus beleid zouden voeren.

Toch zien we iets anders. Onze regering is vol op de rem gaan staan. De Vlaamse regering evenzeer, die heeft zelfs haar laatste schaamlapje, namelijk het renovatiebeleid, gewoon in de vuilnisbak gekieperd. Al onze doelen zijn naar beneden bijgesteld, of het nu gaat om hernieuwbare energie, de reductie van de uitstoot, internationale solidariteit of klimaatrechtvaardigheid.

Die tienduizenden mensen zijn niet zomaar op straat gekomen. Ze zijn op straat gekomen omdat ze iets vinden wat ik als politicus logisch vind, maar wat blijkbaar in deze tijden niet meer zo evident is, namelijk dat bij grote macht ook grote verantwoordelijkheid hoort. Zij vragen dat onze regeringen die verantwoordelijkheid opnemen, om te doen wat ook de VN zegt, namelijk die race van de klimaatcrisis winnen. It’s a race we can win .

Mijnheer de minister, wat zult u doen? In de ballonnetjes rond de begroting valt immers heel hard op dat al die fossiele subsidies ongemoeid blijven. Er is niet veel sprake van vergroening. Het rapport van het Planbureau is blijkbaar niet aangekomen. Blijft de regering toondoof? Wat zult u zeggen aan de mensen die op straat kwamen?

Julien Ribaudo:

Monsieur le ministre, dimanche, nous étions 30 000 dans les rues – des étudiants, des retraités, des familles –, pour rappeler que le changement climatique est une réalité avec des conséquences humaines, sociales et économiques bien concrètes. Monsieur le ministre, ce que j'adore dans les marches pour le climat, à part l'ambiance, ce sont les slogans, ces petites phrases courtes mais puissantes que l'on scande. Celle qui m'a le plus marqué ce dimanche était: "La mer monte, notre colère aussi". En effet, c'est bien de cela qu'il s'agit. Nous étions 30 000 à dénoncer l'inaction et le manque d'ambition de nos gouvernements, et de votre gouvernement. Même votre parti, Les Engagés, était là, dans la rue, monsieur le ministre, pour dénoncer la politique de son propre gouvernement. C'est dire l'ampleur du problème.

Les gens étaient là pour réclamer un vrai changement de cap, un basculement, des investissements publics, de meilleurs transports publics, des logements rénovés, de l'énergie verte et abordable, et une industrie durable tournée vers l'avenir. Mais votre gouvernement fait l'inverse. Les éoliennes sont reportées. L'île énergétique est rabotée. On fait des économies sur le réseau hydrogène. Le Plan national é nergie-Climat arrive avec plus d'un an de retard et, finalement, n'est même pas à la hauteur des enjeux.

Vous n'êtes pas seulement le gouvernement de la casse sociale, vous êtes aussi le gouvernement de la casse écologique. Pendant que vous essayez de voler nos pensions, vous expliquez qu'il n'y a pas d'argent pour le climat. Mais pour le militaire, l'armement, la guerre, là, 34 milliards apparaissent en un claquement de doigts.

Monsieur le ministre, comment justifiez-vous à ces 30 000 personnes qui étaient dans la rue ce manque d'ambition? Quelles garanties pouvez-vous donner sur la mise en œuvre d'un plan qui était déjà insuffisant, maintenant que votre gouvernement prépare de nouvelles coupes budgétaires?

Jean-Luc Crucke:

Geachte Kamerleden, mevrouw Almaci, ik kan u verzekeren dat ik het boek Collapse heb gelezen en ik raad het iedereen aan. Afgelopen zondag stapten 20.000 tot 30.000 mensen mee in de klimaatmars in Brussel. Deze keer stond het thema financiën centraal. Burgers merken terecht op dat België in 2023 ongeveer 18 miljard euro aan steun voor fossiele brandstoffen heeft uitgekeerd. Dat is een stijging van 1,5 miljard euro ten opzichte van 2021. Onder de vivaldiregering zijn die subsidies helaas toegenomen in plaats van afgebouwd. Wij willen het nu anders en beter doen.

In het regeerakkoord is vastgelegd dat de regering zal onderzoeken welke subsidies binnen welke realistische termijnen kunnen worden afgebouwd. Daarbij wordt aandacht besteed aan de economische impact, zonder negatieve gevolgen voor de koopkracht en de ondernemingskosten.

Dat werd verder uitgewerkt in onze federale energie- en klimaatplannen, waarbij ik zal waken over de implementatie van onder andere de vermindering van de subsidies voor professionele diesel en het verschuiven van de accijnzen van elektriciteit naar fossiele brandstoffen.

Monsieur Ribaudo, vous me dites que dans une marche, ce qui vous intéresse, ce sont les slogans. Vous le dites d'ailleurs avec un certain sourire, et je peux comprendre que cela fasse parfois sourire. Un beau mot n'est jamais en soi un mauvais mot. Mais moi, ce qui m'intéresse, au-delà des slogans, c'est l'action.

Vous avez signalé que certains partis politiques de la majorité comme de l'opposition étaient présents à la marche de dimanche. Si je n'y étais pas, c'est parce que je pense que le rôle d'un ministre, c'est d'abord d'agir, mais aussi de respecter ceux qui manifestent – et vous savez que je partage un certain nombre de slogans. Notre action, monsieur Ribaudo, a été d'obtenir un accord sur le Plan national é nergie-Climat entre les trois Régions et le fédéral et, dans la même foulée, d'avoir un accord sur le Plan social climat. Ça, ce sont des actes. Et ça, aucun gouvernement ne l'avait fait auparavant.

On peut me dire que des tensions existent parfois entre les entités fédérées et le fédéral. Mais moi, je veux d'abord avoir du respect pour mes collègues des entités fédérées et, en particulier, pour ma collègue Melissa Depraetere, qui a eu, je trouve, l’élégance, le talent et le dash pour trouver un accord au sein d'un gouvernement et avec les autres gouvernements. C'est cet équilibre-là, le fait de travailler ensemble, qui m'importe pour que demain on puisse aussi être plus forts.

Certains cherchent la division, moi c'est plutôt l'union. Il paraît que l'union fait la force, c'est encore quelque chose qui vaut pour moi.

Meyrem Almaci:

Mijnheer de minister, over Vlaanderen zal ik niet veel zeggen, behalve dat uw vrienden van Vooruit u compleet in de steek hebben gelaten en, vooral, het klimaatbeleid in de vuilbak hebben gekieperd. Dat is wat er is gebeurd. Er is geen klimaatbeleid meer in Vlaanderen. De meest welvarende regio in ons land laat u gewoonweg in de steek.

Het is heel duidelijk. De reden waarom ik die cover heb meegebracht, is omdat de tijd in ons nadeel speelt. Elke tiende van een graad telt, elke euro telt. Niets doen zal ons letterlijk en figuurlijk heel veel geld kosten, volgens het Planbureau maar liefst 8,5 miljard euro per jaar. Slechts 1 % op deze wereld is verantwoordelijk voor het gros van de vervuiling, maar die 1 % wordt in alle begrotingsballonnetjes ongemoeid gelaten. Dat stel ik vandaag vast. Na jaren het voortouw te hebben genomen, hinkt ons land plots achterop. Er is geen coherent plan, geen strategie en de huidige koers is onaanvaardbaar. Ik reken op u om die aan te pakken. Ik zal u daarop afrekenen.

Julien Ribaudo:

Monsieur le ministre, il ne manquerait plus que cela que l’on n’ait pas d’accord! L’Europe l’attend depuis un an. Mais avoir un accord n’est pas une fête en soi, il faut regarder ce qu’il contient. Et cet accord est plus que décevant.

La société civile a dit que c'était encore moins bon que précédemment, avec les autres gouvernements. Nous n’en sommes nulle part en termes de politique climatique. La seule réponse que vous apportez, c’est de dire que vous avez fait un choix. Ce choix, c’est acheter des F-35 plutôt que des trains qui roulent; des F-35 plutôt qu’un plan ambitieux national de rénovation à grande échelle.

En plus, votre gouvernement est d’accord pour nous faire payer des factures encore plus chères. Et votre gouvernement a pour projet de criminaliser les gens qui sortent dans la rue pour dire: "On en veut plus. On veut plus que cela." Vous allez criminaliser le mouvement écologique.

Vous tournez le dos au climat. Nous ne pouvons l’accepter, et nous serons nombreux dans la rue pour vous le rappeler.

Voorzitter:

Daarmee sluit ik deze vragensessie af.

economie en werk

De noodkreet van organisaties m.b.t. het voorontwerp van wet die radicale groeperingen verbiedt
De snelle tenuitvoerlegging van het regeerakkoord over het verbod op extremistische organisaties
Het verbieden van extremistische organisaties
De nieuwe illegale acties van Code Rood en consorten die de belastingbetaler geld kosten
Maatschappelijke en politieke discussies over verbod op extremistische groeperingen en hun financiële, juridische impact

Gesteld aan

Bernard Quintin (Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken)

op 2 oktober 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om een omstreden wetsvoorstel om extremistische organisaties te verbieden, waarbij veiligheid versus grondrechten (vrijheid van vereniging, meningsuiting) centraal staat. Voorstanders (minister Quintin, Ducarme/N-VA) benadrukken het noodzakelijke juridische kader (geïnspireerd op Frankrijk/Duitsland) om groepen die de rechtsstaat bedreigen – zoals Sharia4Belgium of Code Rood – snel en preventief aan te pakken, met waarborgen via veiligheidsdiensten, regeringstoetsing en rechtsmiddelen. Tegenstanders (Lutgen/cdH, Vandemaele/LD, Van Rooy/VB) waarschuwen voor misbruik, vage definities ("radicaal") en aantasting van democratische vrijheden, pleiten voor gerichte vervolging van individuen in plaats van organisatieverboden, en wijzen op bestaande juridische middelen die volgens hen volstaan. Kernpunt: de spanning tussen effectieve veiligheidsmaatregelen en het risico op willekeur en erosie van de rechtsstaat.

Benoît Lutgen:

Monsieur le ministre, je me permets de vous interpeller concernant l'interdiction des groupements extrémistes. Certes, nous avons, sans aucun doute dans cette Assemblée, tous la même volonté de mettre hors d'état de nuire des groupements extrémistes, qui incitent à la haine, qui tiennent des propos racistes, xénophobes ou discriminants. Cela fait plus de 10 ans que ce débat existe dans notre pays. Souvenons-nous de Sharia4Belgium ou d'autres associations pour lesquelles nous n'avions pas l'arsenal juridique adéquat pour pouvoir intervenir avec la force nécessaire afin de les mettre hors d'état de nuire.

Cependant, on touche ici à des libertés fondamentales, à la liberté d'association. Nous devons rester extrêmement attentifs à ce que cette liberté d'association puisse exister. Si on regarde l'ensemble des avis des procureurs généraux, mais aussi ceux des constitutionalistes et autres, le moins que l'on puisse dire est qu'on doit être prudent quant à ce type de volonté.

La volonté doit être présente. Il serait intéressant de creuser ce qui a été exprimé dans différents avis, à savoir incriminer les personnes qui font partie de ces associations pour les mettre hors d'état de nuire. Quand on produit une loi, on doit la voir par-delà sa seule personne. Je n'ai aucun doute, monsieur le ministre, sur vos qualités, sur votre volonté de défendre les libertés fondamentales ou l'État de droit. Mais, demain, il pourrait y avoir un ministre de l'Intérieur qui ne soit pas pourvu de ces qualités-là, et je pense que votre loi doit être pensée par-delà votre seule personne.

Il faudrait avoir la raison de s'en remettre à ces différents avis et de s'attaquer aux personnes qui font partie de ces associations.

Denis Ducarme:

Monsieur le ministre, notre pays enregistre en effet près de 15 ans de retard dans la lutte contre les organisations extrémistes radicales. À l'époque de Sharia4Belgium, la ministre de l'Intérieur Joëlle Milquet n'avait pas pu déployer un dispositif qui nous aurait permis d'interdire cette organisation. Après les débats parlementaires, nous avions dû constater que c'était ce même groupe qui envoyait des Belges en Syrie. Plusieurs pays européens, qui sont de grandes démocraties telles que la France ou l'Allemagne, ont appliqué ce dispositif qui leur permet de sauvegarder le socle commun des valeurs et notre démocratie face à ces ennemis. L'autorité publique dans notre pays n'a pas été à la hauteur, depuis des années, par passivité, laxisme, naïveté.

L'accord de gouvernement est clair. Vous l'avez lu, monsieur Lutgen, puisque nous l'avons négocié ensemble. J'ai eu le privilège d'être délégué par mon parti à la table des négociations gouvernementales pour le volet "sécurité". Que dit cet accord de gouvernement? Je le cite: "Il faut interdire les groupes radicaux dans notre pays."

Nous vous invitons, monsieur le ministre, à élaborer le plus rapidement possible un dispositif équilibré – parce que vous êtes un libéral pur jus, comme tout le monde le sait –, offrant, certes, la possibilité à qui que ce soit d'introduire un recours. Plus vite il sera installé, mieux cela vaudra, monsieur le ministre, car nous avons 15 ans de retard.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, dat vandaag in het halfrond vrouwen zitting hebben, is te danken aan personen en organisaties die decennia geleden meningen hebben geuit die toen als extreem werden ervaren. Dat onze assemblee niet alleen uit industriëlen is samengesteld, is omdat decennia geleden personen hun nek uitstaken en organisaties het risico namen om standpunten te brengen die op dat moment als radicaal werden ervaren. In een democratie moeten straffe uitspraken kunnen. In een democratie kunnen meningen schuren. Dat is essentieel in een democratie.

Dat neemt niet weg dat we nultolerantie betonen voor personen en organisaties die hun toevlucht nemen tot geweld. Daar moeten we keihard tegen optreden. Daar is geen enkele discussie over. Vandaag bestaan de wettelijke mogelijkheden daarvoor al. Rechtbanken, hoven en magistraten kunnen personen die daden die niet in overeenstemming zijn met de wet, aanpakken.

Mijnheer de minister, afgelopen week kwam er een vernietigend advies van het Federaal Instituut voor de Rechten van de Mens (FIRM). Eerlijk gezegd, ik had dat vernietigende advies niet nodig om te weten dat uw voorstel van wet een slecht idee is en een bedreiging voor de scheiding der machten en voor onze rechtsstaat is.

Sommige collega’s hier zijn in hun vrije tijd lid van verenigingen met verwerpelijke standpunten, verenigingen die ik veracht. Maar ik ben er geen voorstander van die verenigingen te verbieden. In een democratie moeten we elkaar tolereren en moeten we verenigingen toestaan, tenzij ze de wet overtreden. Als de wet overtreden wordt, moet er worden ingegrepen.

Zal elke nieuwe regering opnieuw bepalen welke standpunten, ideeën of verenigingen moeten worden vernietigd, aangezien ze er niet mee eens is? Ik mag hopen van niet, mijnheer de minister.

Mijn vraag aan u is eenvoudig. Wat wil u met het voorstel doen dat u vandaag (…)

Voorzitter:

De vraag van de heer Vandemaele en die van de heer Van Rooy waren in de commissie ingediend, maar werden aan de agenda van de plenaire vergadering toegevoegd.

Sam Van Rooy:

Mijnheer de minister, van 10 tot en met 12 oktober zal België, net zoals onze buurlanden, te maken krijgen met ingrijpende illegale acties van Code Rood en co. Dat zal voor frustraties bij de burgers zorgen en het zal de belastingbetaler in dit land wellicht opnieuw veel geld kosten.

Het gaat een samenwerking van Les Soulèvements de la Terre uit Frankrijk, Disrupt Germany uit Duitsland, Geef Tegengas uit Nederland en uit België Code Rood, Stop Arming Israel en Les Soulèvements de la Terre Bruxelles. U merkt het: België is helaas oververtegenwoordigd.

De drijvende ideologie behelst een zeer giftige, totalitaire cocktail van antikapitalisme, antisemitisme, woke en klimaathysterie. Het betreft overigens dezelfde soort narcistische tirannen als die van de Hamas- flotilla , die op dit moment gelukkig door de helden van de IDF wordt ontmanteld.

Code Rood en co kondigen aan dat ze van 10 tot en met 12 oktober, maar ook daarna, langdurig ons land zullen proberen plat te leggen. Hun doelwitten zijn luchthavens, havens, verbindingswegen en grote bedrijven. Voor België wordt op de website van Stop Arming Israel melding gemaakt van meerdere mogelijke doelwitten, waaronder Maersk, MSC, OIP, Elbit Systems, TripleW, FedEx enzovoort.

Minister, mijn vraag is heel duidelijk: wat gaat u doen om ervoor te zorgen dat deze groenlinkse tirannen ons land niet kunnen platleggen? Hoe gaat u ervoor zorgen dat ze stoppen met onze samenleving te terroriseren?

Bernard Quintin:

Mijnheer de voorzitter, collega's, conform het regeerakkoord heb ik een voorontwerp van wet ingediend bij de regering om een juridisch kader te voorzien dat het mogelijk maakt organisaties te verbieden die door middel van concrete, gecoördineerde en volgehouden activiteiten een ernstige en actuele bedreiging vormen voor onze nationale veiligheid of voor de rechtsstaat. Onze buurlanden Frankrijk, Nederland en Duitsland beschikken over gelijkaardige instrumenten, die ze ook effectief inzetten.

Si nous n'avançons pas rapidement dans le même sens, le risque est bel et bien réel que ces associations développent des activités potentiellement criminelles dans notre pays. Et cela, nous en conviendrons tous, personne ne le souhaite – en tout cas, je l'espère.

Je pense notamment – et M. Ducarme ne le démentira pas – au CIIB, qui fut dissous en France par le ministre de l'Intérieur lorsqu'il portait encore le nom de CCIF, en raison d'une proximité avec la confrérie des Frères musulmans.

Ik zei het al, ik herhaal het nu en indien nodig zal ik het blijven herhalen, dit ontwerp heeft juist tot doel onze grondwettelijke vrijheden te beschermen, onder andere de vrijheid van meningsuiting, vereniging, vergadering en betoging, om er maar een paar te noemen. Die zijn van essentieel belang, niet alleen voor mij als liberaal maar voor iedereen. Voor alle duidelijkheid, vakbonden, erkende erediensten en politieke partijen vallen buiten het toepassingsgebied van dit ontwerp. Ik wil hier iedereen van de oppositie en zelfs van de meerderheid geruststellen.

Ces piliers – dans tous les sens du terme – de la démocratie libérale sont garantis par notre Constitution et nombre de conventions internationales, lesquelles précisent que toute exception à ces principes doit être prévue par la loi. Dont acte.

Alors même que le Conseil d' É tat ne s'est pas encore prononcé, je ne voudrais pas préempter sur ce que cette noble institution va dire, et dont je tiendrai évidemment compte.

Je vous entends, monsieur Lutgen, relayer certaines inquiétudes concernant le champ d'application de cette loi. J'en profite donc pour recentrer le débat et éviter les raccourcis. Ce n'est pas ce que vous avez fait mais c'est ce que j'entends ou lis parfois çà et là.

L'objectif de ce texte est clair: il vise à mettre hors d'état de nuire les associations qui portent atteinte aux droits fondamentaux de nos concitoyens.

De procedure tot verbod of ontbinding zal worden geactiveerd op basis van grondige rapporten van onze veiligheidsdiensten, zoals het OCAD en de Veiligheid van de Staat. Ik kan u verzekeren dat de medewerkers van die diensten, heel bekwaam zijn en hun werk met grote ernst en professionaliteit verrichten.

C'est, en tout cas, ma conviction et j'espère qu'elle est partagée ici.

Op basis van die rapporten zal ik dan een voorstel tot verbod van een organisatie of feitelijke vereniging kunnen voorleggen aan de voltallige regering. Het is dus geen beslissing van de minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken alleen in mijn wetsontwerp, maar van de voltallige regering. De benadeelden behouden uiteraard steeds de toegang tot de rechtsmiddelen bij de Raad van State en voor de hoven en rechtbanken, die in elk geval het laatste juridische woord zullen hebben.

Nous n'excluons donc pas le pouvoir judiciaire du champ. Au contraire, nous le renforçons puisque, par une mesure administrative – même si je ne suis pas juriste –, nous donnons au Conseil d' É tat la possibilité d'agir ainsi qu'aux tribunaux de la justice ordinaire. Nous renforçons donc le pouvoir judiciaire.

De instrumenten die wij vandaag ter beschikking hebben, mijnheer Vandemaele, hebben geen enkel effect.

De plus, je vous rassure, monsieur Lutgen, pour autant que de besoin, le système que nous voulons mettre en place, comme on dit dans certains endroits de notre pays, c'est "ceinture et bretelles". Son but est de protéger nos concitoyens, protéger notre Constitution, justement contre ceux qui veulent les attaquer, ceux qui prônent le séparatisme.

Ce gouvernement entend protéger notre pays contre ceux qui cherchent à nous diviser. Si je peux naturellement entendre qu'il puisse y avoir des questions sur le comment, j'espère que chacun ici partage le pourquoi. Le pourquoi, c'est pour protéger notre démocratie et nos concitoyens.

Benoît Lutgen:

Je vous remercie monsieur le ministre.

Henri Bosco disait ceci: "Je n'ai aucune confiance en un homme qui porte à la fois une ceinture et des bretelles, puisqu'il n'a aucune confiance en son pantalon." Ceci pour faire référence à ce que vous venez de dire.

Plus sérieusement, il faudrait s'attaquer d'abord aux personnes qui font partie de ces associations. Nous aurons l'occasion d'en reparler en commission. C'est là qu'il faut pouvoir agir! Dans le cas contraire, si vous dissolvez une association demain, elle se recréera sous un nom légèrement différent trois jours plus tard. Je pense qu'il est vraiment important d'agir de la sorte, à la fois pour respecter la liberté d’association et pour être efficaces, afin de mettre hors d’état de nuire – nous serons tous d'accord à ce sujet – de façon rapide et efficace, en séparant cette incrimination qui pourrait intervenir.

Je déposerai une proposition de loi en ce sens, pour faire en sorte que ces personnes soient mises hors d'état de nuit au lieu de toucher à la liberté d'association. Nous pourrons joindre nos textes, le cas échéant.

Denis Ducarme:

Monsieur le ministre, l’accord de gouvernement disait ceci: "Il faut interdire et dissoudre les organisations radicales et extrémistes dans notre pays." Nous attendons naturellement de l’ensemble des partenaires de la majorité qu’ils suivent cette feuille de route.

L’autorité publique a été complice, a été faible, en particulier depuis Sharia4Belgium. Nous devons tourner la page sur cette complicité fondamentale que nous avons eue avec les extrémismes qui ont pu s’installer, croître, agir, détruire.

Il faut suivre l’injonction donnée par l’accord de gouvernement. Nous savons, tout en portant les principes chers à la démocratie libérale, que votre main ne tremblera pas pour tourner la page sur la faiblesse de l’État belge.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, ik ben vooral ontgoocheld. U was tot nu toe mijn favoriete minister, maar dat uitgerekend een liberaal onze liberale vrijheden bedreigt en zijn eigen kernwaarden aanvalt, gaat er bij mij niet in. U stelt mij dus teleur.

De essentie van het probleem is natuurlijk de omschrijving van radicale organisaties. Dat is een hellend vlak, een soort flou artistique. Het begint met een vingerkootje, het eindigt met een vinger, misschien een hand of een hele arm. Dat is een hellend vlak waarop we niet willen terechtkomen.

Er ontstaat een soort coalitie van Vlaams Belang, MR en N-VA samen die onze liberale vrijheden willen beperken. Ik kan alleen maar vaststellen dat wat u doet onnodig, gevaarlijk en ondemocratisch is. Ik zou het niet doen.

Er bestaan reeds middelen en methodes om het probleem aan te pakken. Versterk justitie. Maak justitie slagkrachtig genoeg om het probleem echt aan te pakken in de plaats van dergelijke schijnmaatregelen te nemen.

Sam Van Rooy:

Mijnheer de minister, dank u om niet te antwoorden op mijn vragen. Ik begrijp dat wel, want al decennialang faciliteren en subsidiëren de traditionele partijen zowel islamiserende als andere gifgroene organisaties en extreemlinkse organisaties. Ondertussen zetten ze mijn partij weg als het grote gevaar. Of het nu gaat over Samidoun, de Moslimbroederschap, Antifa of Code Rood, allemaal zijn ze antiwesters, allemaal willen ze onze cultuur, onze beschaving en onze vrije samenleving kapotmaken. België, Belgistan, is niet alleen steeds meer een draaischijf van de radicale islam, maar ook van de groenlinkse tirannie en radicalisering. Ik roep u dus op om te stoppen met het importeren, het faciliteren en het subsidiëren van de islam. Stop met het faciliteren en subsidiëren van al die groenlinkse tirannen. Als ze de wet overtreden, pak ze dan op en pak ze keihard aan. (…)

economie en werk

De voorstellen van de minister om de 'lekken aan de inkomstenzijde' van de begroting te dichten
De gevolgen voor de begroting van het toenemende gebruik van managementvennootschappen
Maatregelen tegen belastingontwijking, managementvennootschappen en inkomstenlekken in de begroting

Gesteld aan

Vincent Van Peteghem (Minister van Begroting)

op 2 oktober 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de onrechtvaardige fiscale constructies (managementvennootschappen, flexi-jobs, misbruik auteursrechten) die de staatsinkomsten ondermijnen, terwijl gewone werknemers zwaarder belast worden. Minister Van Peteghem erkent het probleem en belooft hervormingen voor een rechtvaardiger systeem, maar concrete maatregelen ontbreken nog, terwijl het huidige regeerakkoord juist uitbreiding voorstaat. Vanbesien (Ecolo-Groen) en Tas (Vooruit) dringen aan op snelle actie en bieden zelfs een wisselmeerderheid aan, maar kritiseren de blokkering door liberale partijen. De spanning ligt tussen fiscale rechtvaardigheid en politieke haalbaarheid binnen de huidige regering.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, het voorbije weekend hebt u een waar mediaoffensief gelanceerd waarin u aan de alarmbel trok over onze budgettaire situatie. U hebt daarbij de vinger gelegd op een pijnlijke wonde, namelijk dat er een probleem is met onze inkomsten. De overheid heeft zelf te veel mechanismen gecreëerd die ervoor zorgen dat de inkomsten van onze Staat worden uitgehold. U hebt daarvan drie voorbeelden gegeven.

Ten eerste, managementvennootschappen. Mensen met een hoog loon betalen op die manier minder belastingen dan een gewone werknemer, met als gevolg minder inkomsten voor de Staat.

Ten tweede, flexi-jobs. Mensen kunnen gedeeltelijk belastingvrij werken, wat opnieuw leidt tot minder inkomsten voor de Staat.

Ten derde, misbruik van het systeem van auteursrechten, dat deze regering zelfs wil uitbreiden naar beroepsgroepen waarvoor het niet bedoeld is, met opnieuw als gevolg minder inkomsten voor de Staat.

Uw analyse is heel pertinent en u stelt terecht dat we die systemen moeten inperken om het lekken van inkomsten te stoppen. Alleen staat het regeerakkoord niet aan uw kant. Dat regeerakkoord zal die systemen alleen maar uitbreiden en niet inperken. Daarvoor ligt misschien wel een oplossing in het verschiet. Collega Bouchez wil het regeerakkoord immers openbreken en een nieuw regeerakkoord schrijven, le nouveau testament . Mijnheer de minister, dat is uw kans. Ga daarop in en zorg ervoor dat uw voorstellen in dat nieuwe regeerakkoord terechtkomen.

Ik heb enkele vragen voor u, mijnheer de minister. Welke concrete maatregelen hebt u voor ogen om de explosie aan managementvennootschappen terug te dringen? Welke concrete voorstellen hebt u om de negatieve effecten van flexi-jobs en van het misbruik van auteursrechten terug te dringen en hoeveel miljarden zal dat opleveren voor onze schatkist?

Niels Tas:

(…) huishoudhulpen die zich elke dag kromwerken om uw huis te poetsen, fabrieksarbeiders die nachtshiften draaien om onze pakjes op tijd te kunnen leveren. Al die mensen die elke dag in de file staan op weg naar hun werk en die keihard hun best doen, dragen meer dan 50 % van hun loon af aan de fiscus. En dan zijn er anderen, anderen die met gemak een boekhouder kunnen aanstellen om een fiscale optimalisatie te laten doen door het oprichten van een managementvennootschap. Die anderen keren zichzelf dan een minimumloon uit en dragen zo minder bij tot onze sociale welvaartstaat, ten koste van wie het echt nodig heeft.

Daarom strijden wij van Vooruit in deze regering voor eerlijke belastingen, want als we van iedereen in dit land zijn inspanning vragen, moet iedereen ook zijn eerlijke bijdrage leveren. Gedaan met ingewikkelde fiscale constructies om belastingen te ontwijken! Iedereen moet bijdragen aan onze samenleving, aan onze sociale zekerheid, aan waar we in ons land zeer fier op mogen zijn. Mijnheer de minister, elk zijn deel is niets te veel.

Gelukkig beginnen de geesten te rijpen. Ook hier in het Parlement. Met Vooruit in deze regering zullen we ervoor zorgen dat de lasten op arbeid dalen, zodat de gewone mensen die werken netto meer zullen overhouden. Want wie elke dag keihard werkt en zijn best doet, moet daarvoor worden beloond. Dat is toch normaal?

Mijnheer de minister, ik heb eigenlijk maar één vraag voor u. Welke initiatieven zal deze regering nemen om ook de managementvennootschappen hun eerlijk deel te doen betalen?

Vincent Van Peteghem:

Collega's, ik meen dat we allemaal beseffen dat we in de komende weken voor een ongeziene uitdaging staan om onze begroting en onze staatsschuld opnieuw op de juiste koers te krijgen.

Dat is nodig voor onze welvaart, vandaag maar ook in de toekomst. Om daarin te slagen, zullen we het debat dat we voeren breed moeten voeren. Er zullen maatregelen nodig zijn in onze uitgaven. Er zullen maatregelen nodig zijn in onze schuld. Denk aan mensen die langdurig ziek zijn en die we beter naar werk zullen moeten begeleiden. Denk aan ons overheidsbeslag, dat we naar beneden zullen moeten halen. En ja, we zullen ook moeten kijken naar onze inkomsten.

Het Monitoringcomité heeft in zijn rapport gewaarschuwd dat met ongewijzigd beleid er een inkomstendaling van 1,1 % van het bbp komt tegen 2029. Dat is meer dan 8 miljard euro. Is de oplossing hiervoor het invoeren van nieuwe belastingen? Helemaal niet. Wel moet het fiscaal systeem rechtvaardiger gemaakt worden, opdat mensen minder verleid worden tot fiscale optimalisatie. Dat zal gebeuren door een verlaging van de loonkosten via de fiscale hervorming, waardoor collega's die hetzelfde werk verrichten, ook dezelfde fiscale loonlasten dragen en dezelfde sociale rechten opbouwen.

Ik erken dat er vandaag een juridische noodzaak is voor sommige constructies of stelsels. Toch moeten we durven benoemen dat zuiver fiscale motieven het fiscaal evenwicht in onze sociale zekerheid ondermijnen. Collega's, de uitdaging waar we voor staan, is bijzonder groot en de antwoorden daarop zijn complex. Het mag echter geen taboe zijn om ervoor te zorgen dat werken meer oplevert en dat iedereen zonder uitzondering zijn eerlijke bijdrage levert. De daarvoor nodige voorstellen worden momenteel doorgerekend. Zodra dat gebeurd is, zullen deze ernstig en zorgvuldig aan de regeringstafel worden besproken.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, u hebt mijn vraag niet beantwoord. U laat uitschijnen maatregelen te willen nemen tegen managementvennootschappen, terwijl dit in tegenspraak is met het regeerakkoord. Zo gaat het hier altijd. Cd&v lanceert enkele eerder linkse ideeën, waarna Vooruit zich in snelheid gepakt voelt en erover sprint en aan het einde van de rit blokkeert de heer Bouchez alles. Het resultaat is een koud, asociaal en rechts beleid dat de gewone mensen keihard raakt en de extreem rijke en grote vervuilers buiten schot laat.

Er is echter ook goed nieuws. Uw analyse is correct, mijnheer de minister. Kom met uw voorstellen naar het Parlement. We zullen u steunen. De Ecolo-Groenfractie biedt u met plezier een wisselmeerderheid aan. Samen kunnen we die wildgroei tegengaan. Mijnheer Ronse, Vivaldi is terug!

'

Niels Tas:

Mijnheer de minister, Vooruit klopt al jaren op die nagel. We zullen dat met Vooruit in de regering blijven doen, zodat de sterkste schouders ook eerlijk bijdragen aan onze welvaartsstaat. Iedereen weet hier dat er grote inspanningen zullen moeten worden geleverd. Om ons land weer op orde te zetten, zullen we binnen de arizonaregering grote hervormingen doorvoeren. Dat is voor niemand aangenaam, collega’s. Onze koopkracht, onze zorg en onze pensioenen willen we echter beschermen voor de komende generatie. Daartoe zal iedereen moeten bijdragen, ook de allerrijksten met een miljonairsbijdrage, wat ons betreft.

Voorzitter:

Ik dank de vicepremier, de heer Van Peteghem. We respecteren de volgorde van de ministers. Minister Jan Jambon komt nu aan het woord. Hij zal evenwel twee vragen beantwoorden die gericht zijn aan eerste minister De Wever.

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le président, notre groupe, par l'entremise de Mme Dedonder, a déposé une question adressée au ministre des Pensions, M. Jambon. Celle-ci a été renvoyée vers la ministre des Indépendants, Mme Simonet. Or l'objet de la question de la députée Dedonder, comme je l'ai évoqué avec vous ce midi, est bien plus large que les éléments évoqués dans la presse et qui concernent plus particulièrement la ministre Simonet.

Je regrette la décision que vous avez prise, qui relève de l'exercice de la fonction présidentielle. Je le regrette d'autant plus que nous avons, en la personne du ministre Jambon, un des membres du gouvernement qui témoigne du plus de respect vis-à-vis de l'institution parlementaire et vis-à-vis de l'opposition. Je regrette donc que le ministre Jambon n'ait pas souhaité, peut-être conjointement avec la ministre Simonet, répondre à la question de notre collègue Dedonder. J'espère qu'il pourra changer d'avis dans quelques minutes puisqu'il est là, que Mme Dedonder est là et qu'une série de questions lui sont adressées.

Monsieur le ministre, ayez le courage de vos prises de position. Allez jusqu'au bout tel qu'on vous connaît et acceptez de répondre aux questions légitimes de Mme Dedonder!

Voorzitter:

Zoals ik het begrepen heb – ik was niet aanwezig; het is mij verteld -, werd het deel van de vraag voor minister Jambon uitgebreid in commissie besproken het onderwerp van uw vragen aan minister Jambon gisteren uitgebreid besproken in de commissie. Het deel van uw vraag voor minister Simonet is echter nieuw en daar zal zij dus ook op antwoorden.

veiligheid, justitie en defensie

De bescherming van de Belgische staatsburgers aan boord van de hulpvloten naar Gaza
Gaza
Het VN-rapport waarin de situatie in Gaza als genocide gekwalificeerd wordt
De Global Sumud Flotilla
Humanitaire hulpvloten naar Gaza, bescherming burgers, VN-genociderapport, Global Sumud Flotilla

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 18 september 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Parlementsleden beschuldigen de Belgische regering van passiviteit en medeplichtigheid aan het Israëlische geweld in Gaza, dat door een VN-rapport als genocide wordt bestempeld, met systematische moorden, martelingen en honger als wapen. Ze eisen erkenning van de genocide, concrete sancties tegen Israël en diplomatieke bescherming voor Belgische activisten in de flottille naar Gaza—die Israël als "terroristen" bestempelt—maar premier De Wever ontwijkt het woord "genocide", wijst op humanitaire hulp via officiële kanalen en biedt geen extra consulaire garanties, beperkt tot standaardprocedures. Kritiek spitst zich toe op dubbele standaarden (vs. erkenning andere genocides) en gebrek aan moreel leiderschap, terwijl activisten—gedreven door falend internationaal optreden—hun leven riskeren om het beleg te breken. De Wever’s afwezigheid van urgente maatregelen en minimalisering van burgerinitiatieven worden als "schandalig" en "compliciteit" afgedaan.

Rajae Maouane:

Monsieur le premier ministre, vous le savez ou pas, le génocide continue en direct. À Gaza City, il ne reste plus rien. Des familles entières disparaissent sous les gravats. Des bébés meurent quelques heures après être nés.

L'armée israélienne a déclenché la solution finale contre les Gazaouis: une opération terrestre massive, avec comme seul objectif anéantir et effacer Gaza. Et face à l'action largement insuffisante, voire inexistante de notre gouvernement, des courageux militants et militantes qui viennent du monde entier, dégoûtés du manque d'action de nos gouvernements, sont obligés de prendre la mer, obligés de risquer leur vie pour essayer de casser le blocus imposé par Israël à Gaza.

Le ministre israélien de la Sécurité, Itamar Ben-Gvir, a qualifié de terroristes les activistes de la flottille pour Gaza, parmi lesquels il y a des ressortissants belges, monsieur le premier ministre. Il a annoncé que ces activistes seraient traités comme des terroristes à leur arrivée. Mais qui sont les terroristes? Qui tire sur la foule de civils affamés? Qui tue à bout pourtant des mères, des pères, des enfants? Qui viole le droit international? Les menaces du gouvernement israélien sont explicites et ce sont des vies belges qui sont en danger.

Et pourtant, monsieur le premier ministre, je ne vous ai pas entendu défendre nos compatriotes. Alors monsieur le premier ministre, voici deux questions simples. Quelles mesures immédiates allez-vous prendre pour protéger nos ressortissants et leur garantir un soutien diplomatique face à ces menaces qui sont claires, directes et explicites? Quelles dispositions concrètes votre gouvernement va prendre pour soutenir la flottille – les flottilles – et assurer la protection de nos compatriotes qui sont à bord?

Merci pour vos réponses.

Nabil Boukili:

Le 16 septembre: une date, deux événements.

Le premier événement est l'offensive meurtrière de l'armée israélienne à Gaza City. Comme s’il n’y avait pas eu assez de morts, pas assez de massacres, pas assez de génocides… on s’enfonce, et on continue. Face à cela, pas de réaction, pas de mesure ou de sanction concrète.

Le deuxième événement est le rapport de la commission d’enquête de l’ONU, qui s’est clairement positionnée: il y a aujourd’hui un génocide perpétré par le gouvernement israélien contre le peuple palestinien. Là non plus, aucune prise de position, aucune sanction claire, concrète, contre l’État d’Israël.

Pourtant, hier, en commission des affaires étrangères, des résolutions ont été proposées pour reconnaître le génocide et pour prendre des sanctions contre l'État d'Israël. Votre majorité, sous votre direction, monsieur le premier ministre, a refusé de les voter.

Face à la lâcheté des gouvernements occidentaux, les peuples, eux, se réveillent et s’élèvent. Ils veulent mettre fin à la famine et au blocus. Aujourd’hui, une flottille est en route vers Gaza pour briser ce blocus. Là non plus, monsieur le premier ministre nous ne constatons pas de prise de position ni de déclaration pour protéger les ressortissants, notamment belges, qui participent à cette flottille.

Monsieur le premier ministre, dans le rapport ou dans l’accord de gouvernement, vous avez évoqué les ministres extrémistes israéliens. Considérez-vous aujourd'hui que ce n'est pas l'ensemble du gouvernement (…)

Staf Aerts:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de eerste minister, collega's, ons land, elke burger van ons land is verplicht genocide te voorkomen en te stoppen, aangezien wij het genocideverdrag ondertekend hebben en dat verdrag precies dat engagement inhoudt.

Afgelopen week verscheen het rapport van de uit topexperten wereldwijd samengestelde onderzoekscommissie en haar conclusies zijn overduidelijk: de Israëlische regering pleegt genocide op de Palestijnse bevolking. De feiten in dat rapport zijn huiveringwekkend: vrouwen worden seksueel misbruikt; gevangenen in de gevangenissen worden misbruikt en gefolterd; dagelijks zijn kinderen slachtoffer; kleuters worden doodgeschoten door sluipschutters en kinderen met witte vlaggen worden doelbewust neergeschoten. Ik hoor verontwaardiging in de zaal, maar dat is precies wat in het rapport staat en wat zich op het terrein afspeelt, elke dag opnieuw. Het zou zinvol zijn als iedereen minstens de samenvatting van dat rapport bij zich neemt.

Ondertussen heeft de Kamer gisteren tegen de erkenning van die genocide gestemd. Mijnheer de premier, u hebt tot nu toe het woord genocide nog niet in de mond genomen. Dat men dat woord niet gebruikt, is niet neutraal. Het betekent dat men partij kiest en de feiten ontkent. U gaat als eerste minister naar New York om ons land daar te vertegenwoordigen. We beschikken over verschrikkelijke beelden en omvangrijke rapporten. Ik wil van u weten of Israël volgens u een genocide op de Palestijnse bevolking uitvoert.

Christophe Lacroix:

Monsieur le président, monsieur le premier ministre, aujourd'hui, je parle avec gravité, avec même une forme de profonde émotion. Pendant que nous débattons ici en effet, en toute sécurité, des citoyennes et des citoyens, dont des Belges, sont en mer à bord de la flottille Global Sumud, en route vers Gaza pour briser le blocus, pour forcer le passage et apporter de l’aide humanitaire, des aliments, des boissons, des médicaments. C’est la plus grande mission humanitaire civile jamais organisée.

Ce ne sont pas des aventuriers; ce ne sont pas des provocateurs; et ce sont encore moins des terroristes, comme le ministre israélien les a qualifiés. Ils viennent de 40 pays. Ce sont des filles, ce sont des garçons, d’à peine 20 ans parfois, des militants et des militantes de la paix, des âmes révoltées qui ont décidé d’agir là où la communauté internationale a échoué et échoue encore.

Je pense notamment à Maya, que j’ai rencontrée avant son départ. Elle m’a expliqué qu’elle ne pouvait plus rester chez elle à ne rien faire, à regarder l’horreur devenir plus d’horreur d’heure en heure, impressionnante d’énergie et de volonté, de détermination. En quelques mois, quelle mobilisation!

Ce n’est pas sans dangers. La flottille a déjà été attaquée à Tunis. Israël annonce un dispositif antiterroriste pour intercepter la flottille. L’Espagne, elle, a pris ses responsabilités. Elle a mis en place une protection diplomatique et consulaire pour ses ressortissants. Elle a dit qu’elle est aux côtés de la flottille.

Je vous pose ces questions, monsieur le premier ministre, et j’attends des réponses claires. La Belgique est-elle aux côtés de la flottille? La Belgique a-t-elle dit urbi et orbi qu’elle soutenait la flottille? A-t-elle dit à Israël qu’elle protégeait ses ressortissants et leurs bateaux? A-t-elle plaidé auprès de l’Union européenne pour que celle-ci se réveille et affirme qu’elle est aussi aux côtés de la flottille? Allez-vous accorder une protection diplomatique et consulaire à ces citoyens? Surtout, monsieur le premier ministre, quand la Belgique va-t-elle prendre ses responsabilités et reconnaître le génocide à Gaza?

Bart De Wever:

Chers collègues, avant de répondre, je souhaiterais dire un mot à propos de la profanation de la tombe familiale du ministre d' É tat Jean Gol.

Il n'y a rien de plus ignoble et abject que de profaner une tombe. J'ai personnellement et directement exprimé mon indignation et mon soutien à la fille et à la dernière compagne de Jean Gol.

Beste collega's, eergisteren was er in de commissie voor Binnenlandse Zaken een actualiteitsdebat over het Midden-Oosten van ruim een uur. Sta mij toe niet alles wat ik daar heb gezegd, te herhalen. Misschien is dit een teleurstellende boodschap, maar de regering is sinds dinsdag niet samengekomen en ik kan u dus geen verdere toelichting geven. Ik verwijs naar het verslag van de commissievergadering.

Par contre, quelques questions, notamment de Mme Maouane et de M. Lacroix, n'ont en effet pas été traitées. Je vais donc y répondre maintenant.

L'action à laquelle vous faites référence n'est pas sans risque. Si – et c'est un grand si – l'objectif est effectivement d'apporter une aide concrète à la population locale, ce n'est certainement pas la meilleure manière d'y arriver. En juin dernier, une action similaire s'est soldée par un échec, et aujourd'hui encore, nous recevons des informations selon lesquelles cette traversée n'est pas sans danger.

Comme vous le savez, nous en avons longuement parlé en commission ce mardi, le gouvernement concentre son aide sur l'amélioration de la situation humanitaire, et en fait beaucoup. C'est peut-être moins visible, mais c'est certainement plus efficace pour améliorer la situation sur le terrain, ce qui devrait tout de même être l'objectif – je pense. La Belgique est le pays qui a le plus contribué en termes d'acheminement de l'aide à la population et d'exfiltration des blessés. Au prorata, nous devons être le premier pays dans le monde, et cela est très concret pour les gens sur le terrain, contrairement à la profusion quotidienne de déclarations symboliques.

Concernant l'assistance consulaire d'urgence à nos ressortissants à l'étranger, nous agissons conformément à ce qui est prescrit dans le Code consulaire. Je renvoie évidemment aux "Conseils aux voyageurs" en vigueur qui déconseillent de se rendre dans la région.

Je cite également le passage de l'accord de gouvernement qui vise à affiner le cadre d'assistance consulaire: "Nous clarifions le cadre de l'assistance consulaire pour les Belges en dehors du territoire européen. Il y aura des instructions claires pour les évacuations/extractions des zones à risque ou des zones de guerre, avec une responsabilisation de nos citoyens". Concrètement, si un citoyen belge se trouve en difficulté ou demande une assistance consulaire, celle-ci lui sera accordée conformément au Code consulaire et aux cadres diplomatique et juridique d'usage.

Cela comprend la communication avec les autorités locales et le soutien, conformément aux obligations internationales, mais pas une protection exceptionnelle ou préventive. Pour l'heure, la Belgique n'a pas prévu d'intervention diplomatique ou consulaire relativement à cette initiative. Cela dit, chaque situation sera évaluée au cas par cas. Je vous remercie de votre attention.

Rajae Maouane:

Monsieur le premier ministre, je suis atterrée par la nonchalance avec laquelle vous nous répondez. Se rend-on compte de ce qu'il se passe sur place? C'est un génocide. Je sais que ce mot vous met mal à l'aise. C'est un génocide qui est en train de se dérouler. Je vous remercie de vous référer à la commission de mardi! Vous avez parlé de longues minutes sans prononcer un seul mot pour les civils palestiniens, pour les enfants, les femmes et les hommes qui sont tués.

Bart De Wever:

( … )

Rajae Maouane:

Ce n'est pas un mensonge. Je pourrai consulter le compte rendu. Cette nonchalance est scandaleuse et m'estomaque. On ne peut pas empêcher les gens d'être estomaqués. Ne me traitez pas de menteuse, monsieur le premier ministre, s'il vous plaît! Je ne mens pas.

Bart De Wever:

( … )

Rajae Maouane:

Oui, il faut agir! Les citoyens agissent puisque votre gouvernement ne le fait pas assez. Du reste, les membres de la flottille vous ont écrit. J'ai les courriers ici et je vais vous les transmettre. Ils vous ont écrit, mais n'ont pas reçu de réponse satisfaisante. Nous ne pouvons qu'être (…)

Voorzitter:

Merci, madame Maouane. Une minute est une minute pour tous. Vous avez eu droit à une minute. La parole est à M. Boukili.

(…) : (…)

Voorzitter:

Une minute est une minute pour tous. Vous avez réagi, ce qui n'est pas obligatoire. Vous avez eu la possibilité de répliquer pendant une minute.

(…) : (…)

Voorzitter:

Je n'ai pas entendu la réaction du premier ministre. Vous n'êtes pas obligée de répondre, car cela ne figurera pas dans le compte rendu. Vous avez réagi à ce qui a été dit, mais cela ne figurera pas dans le compte rendu. C'est un peu étrange! Vous avez utilisé votre minute comme vous l'entendez, et c'est votre liberté.

À présent, la parole est à M. Boukili.

Monsieur Boukili, pour être clair, vous avez également droit à une minute.

Nabil Boukili:

Monsieur le premier ministre, vous dites que la Belgique fait beaucoup. Elle fait beaucoup pour soutenir et être complice du génocide actuel en Palestine. C'est cela que fait la Belgique aujourd'hui. Et là-dessus, vous n'avez pas dit un mot!

Quel est ce gouvernement qui n'est même pas d'accord sur l'accord qu'il a lui-même négocié? M. Bouchez dit "A", M. Prévot dit "B" et, vous, vous vous en fichez complètement. C'est ça la position de la Belgique aujourd'hui! Il y a un génocide en cours et vous ne prenez aucune mesure concrète contre ce génocide et contre l'État génocidaire.

Monsieur le premier ministre, votre réponse est une honte pour la Belgique. Elle n'est pas à la hauteur de la situation. Et si, vous, vous détournez le regard de ce qu'il se passe aujourd'hui contre le peuple palestinien, l'Histoire vous regarde et elle retiendra que vous êtes du côté des bourreaux.

Staf Aerts:

Mijnheer de eerste minister, ik dacht, ik houd het simpel en stel één enkele vraag: voert Israël volgens u een genocide uit op de Palestijnse bevolking. U hebt die vraag niet beantwoord. U hebt ze ook afgelopen dinsdag niet beantwoord. U krijgt het wederom niet over uw lippen dat Israël een genocide begaat op de Palestijnse bevolking. De bewijzen zijn er, rapport na rapport, beeld na beeld.

Het is niet onschuldig. U kiest daarmee de zijde van de Israëlische regering. Die genocide wil N-VA niet erkennen. De Holodomor op Oekraïners is voor de N-VA genocide. De N-VA wil eveneens de genocide op de jezidi's erkennen. Wat er nu gebeurt, dat is blijkbaar iets anders dan een genocide. U gebruikt twee maten en twee gewichten en beschermt opnieuw Israël met fluwelen handschoenen. Stop ermee. Zeg wat er te zeggen is: het is een genocide, punt uit.

Christophe Lacroix:

Monsieur le ministre, votre réponse est choquante parce que vous parlez de conseils de voyage, comme si ces jeunes pacifistes partaient en vacances sur la bande de Gaza. Non, ils partent parce que vous ne faites rien. Ils partent parce que les démocraties européennes laissent faire, parce que vous êtes un lâche, que vous laissez agir et que vous ne protégez pas ces citoyens qui vont risquer leur vie.

Vous ne me menacerez pas de me taire. Je me lèverai toujours contre des gens comme vous parce que vous les raillez, vous les méprisez, ces gens qui risquent totalement leur vie. Et il y a des Belges parmi eux. Ce sont des jeunes qui sont convaincus, qui viennent avec tout ce qu'ils peuvent – d'abord leur cœur et ensuite des aliments, pour aller là où les démocraties européennes ont failli, hormis l'Espagne et quelques autres. Vous êtes la honte de ce gouvernement et de ce pays!

Voorzitter:

Merci, monsieur Lacroix.

Mijnheer Van Hecke vraagt het woord voor een technische opmerking.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de voorzitter, u was bijzonder snel om de microfoon van collega Maouane uit te zetten …

Voorzitter:

Na één minuut.

Stefaan Van Hecke:

… Ondanks constante onderbrekingen door de eerste minister, niet in de microfoon, maar iedereen heeft ze gehoord, behalve die kant van de zaal. Bovendien heeft de eerste minister – hij ontkent het trouwens niet, want hij heeft het daarna nog bevestigd – parlementslid Maouane beschuldigd van leugens. Ze was aan het spreken en de eerste minister zei dat ze een leugenaar is.

Dat is uw stijl, mijnheer de eerste minister, maar dat is niet de stijl van dit Huis. Dat is ongezien.

Het is minstens een persoonlijk feit, mijnheer de voorzitter. Als dat geen persoonlijk feit is, wat is het dan wel nog in dit halfrond? Ik vraag u dus, bij toepassing van het Reglement, om mijn collega de mogelijkheid te geven om te antwoorden op het persoonlijk feit.

Voorzitter:

Mijnheer Van Hecke, u bent een handig man, maar in het verslag zal geen enkel persoonlijk feit geregistreerd staan en dus is er ook geen persoonlijk feit. Anders zou iedereen in de zaal kunnen reageren op wat dan ook en kan daarop worden voortgeborduurd om die minuut te verlengen. Ik ga daar niet op in, want dan openen we de doos van Pandora en kan iedereen zichzelf het recht toe-eigenen om die minuut uit te melken. Mevrouw Maouane heeft een minuut reactietijd gehad. Niemand heeft de collega verplicht te reageren op niet-geregistreerde opmerkingen. Zij had haar volledige exposé kunnen brengen indien ze dat had gewild. Ze heeft er echter voor gekozen te reageren op iets waarover wie later het verslag zal lezen zich zal afvragen waarop dat een reactie is. Er zal namelijk helemaal niets staan. Dat is de keuze en de vrijheid die ik voor alle duidelijkheid respecteer en verdedig. U kunt echter niet van mij verwachten dat ik geval per geval zal nakijken wie in het halfrond aanleiding heeft gegeven om die minuut te verlengen. Het spijt me, maar ik kan hier geen persoonlijk feit vaststellen. Een persoonlijk feit wordt geregistreerd via de microfoon en opgenomen in het verslag. Als we daarvan afstand nemen, collega Van Hecke, weet ik niet waar het einde nog kan worden gevonden. Als u mij toestaat, wil ik nu voortgaan met de vragen. U zult mogelijk nog andere opmerkingen hebben, maar ik denk niet dat ze mijn mening zullen doen veranderen.

gezondheid en welzijn

De aanpak van de schietpartijen en de geldstromen in het kader van de war on drugs
Het drugsgeweld in Brussel
Het drugsgeweld, de straffeloosheid en de draaideurcriminaliteit in Brussel
De inzet van gemengde patrouilles van militairen en politieagenten in Brussel
Het ‘Plan Grote Steden’
Maatschappelijke en veiligheidsmaatregelen tegen drugsgerelateerd geweld, straffeloosheid en criminaliteit in Brussel

Gesteld aan

Bernard Quintin (Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken)

op 18 september 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De recordaantal schietincidenten en druggerelateerd geweld in Brussel en Antwerpen domineert de discussie, met kritiek op het falend federale beleid dat te eenzijdig inzet op zichtbare repressie (meer politie/militairen) zonder de financiële en logistieke kern van de drugscriminaliteit aan te pakken. Minister Quintin verdedigt zijn Plan Grote Steden (extra onderzoekers, camera’s, ANPR-koppeling, BELFI-acties) en belooft snelle inzet van militairen in hotspots, maar oppositie en magistratuur wijzen op gebrek aan concrete resultaten, coördinatiechaos (ontbrekende taskforce, trage justitiehervormingen) en structurele tekorten (vacatures, gebrek aan gespecialiseerde eenheden). De roep om een integrale aanpak—van witwassen en drugsgeld tot gevangenisnetwerken—blijft onbeantwoord, terwijl de symbolische inzet van militairen als zwaktebod wordt afgedaan.

François De Smet:

Monsieur le ministre, cet été fut sans doute le pire été de fusillades de notre histoire récente; avec des victimes, des quartiers dans la peur, des balles perdues qui, un jour ou l'autre, vont aussi toucher des innocents.

À tel point que Julien Moinil, notre procureur du Roi de Bruxelles, a convoqué en urgence une conférence de presse pour réveiller et fustiger le monde politique, tous niveaux confondus – soyons honnêtes – mais en pointant d'abord du doigt le fédéral, et en soulignant à quel point le fédéral ne lui donne pas assez de moyens pour agir.

Le message de ce gouvernement en la matière est connu. Il est exclusivement et surtout sécuritaire, karcher, binaire, un peu MR. Il consiste surtout à essayer de mettre du bleu ou du kaki dans les rues.

Faisons pourtant le constat ensemble, un constat que j'invite à faire: oui, on arrête de plus en plus de personnes. On a arrêté plus de 7 000 personnes dans les rues récemment. Pourtant, les fusillades continuent. Pourquoi? Parce que les petits dealers que nous arrêtons sont de la chair à canon. Parfois nous n'avons pas la place pour les contenir et nous devons les relâcher; parfois nous les gardons. Dans tous les cas, ils sont remplacés extrêmement rapidement, parce que la machine qui se trouve derrière eux a une puissance financière et corruptive extraordinaire et les remplace du jour au lendemain.

Tant que vous ne frapperez pas les têtes, tant qu'on ne frappera pas les portefeuilles, nous allons remplir simplement le tonneau des Danaïdes. Je n'ai aucun plaisir à le dire. Vous avez de l'ambition pour nettoyer les rues, mais je ne vois pas l'ambition dans votre gouvernement pour s'attaquer réellement à la criminalité financière et au blanchiment d'argent.

Nous avons proposé un parquet national financier. On nous a dit non, alors qu'en France cela marche et ça rapporte des milliards. Nous avons proposé un secrétariat d'État à la lutte contre la criminalité financière. Cela marche ailleurs, mais on nous a dit non également.

Je ne dis pas que vous ne faites rien, mais nous ne gagnerons pas cette guerre avec juste du bleu ou du kaki dans les rues. Nous la gagnerons quand les gains de la cocaïne seront anéantis, et là-dessus nous ne voyons rien. Je vous remercie.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, 63 schietpartijen, 7 doden en 28 gewonden. Brussel staat momenteel in de top drie van hoofdsteden met de meeste schietincidenten. Dan heb ik het nog niet over de granaten in Antwerpen.

Het gaat echter over wijken waar mensen wonen, pleinen waar zelfstandigen winkels uitbaten en parken waar kinderen spelen. Het gaat over straten waar mensen wonen, leven en werken. Het lijkt alsof we het geweld in onze hoofdstad en in Antwerpen allemaal normaal zijn beginnen te vinden.

Mijnheer de minister, ik stel vast dat u regelmatig op het terrein gaat en dat is uiteraard goed. Ik hoor en zie evenwel vooral veel aankondigingen van u, van uw collega's Francken en Verlinden en ook van de premier. Dagelijks lees ik nieuwe aankondigingen in de pers. Tezelfdertijd zegt de procureur van Brussel echter dat er naar hem geluisterd wordt, maar dat hij niets krijgt. Dat vind ik hemeltergend.

Daarom vraag ik u vandaag geen nieuwe aankondigingen. Ik vraag u vandaag alleen een engagement en een concrete timing. Wanneer zult u uitvoeren wat u hebt beloofd? Wanneer komen de extra handen en ogen er? Wanneer wordt het camerasysteem in Brussel op punt gesteld? Wanneer zult u samen met uw collega Verlinden actie ondernemen, zodat drugsnetwerken niet langer vanuit de gevangenis aangestuurd worden? Wanneer komen de drugsbehandelingskamers er? Er wordt ook veel gesproken over samenwerking, maar wanneer komt die taskforce er? De premier heeft met veel bombarie aangekondigd dat er een taskforce zou komen die alles zou oplossen, maar sindsdien heb ik niets meer van die taskforce gehoord. Kortom, wanneer krijgen de mensen hun straten, pleinen en parken terug? Dank u wel.

Ortwin Depoortere:

Mijnheer de minister, ik verwijs naar de uitlatingen van de korpschef van de zone Brussel HOOFDSTAD Elsene, Michel Goovaerts, die bij u goed bekend is en die aan de alarmbel heeft getrokken omwille van de situatie in Brussel: een toenemende drugsplaag, gepaard met drugsgeweld. Ik citeer hem, mijnheer de minister: "Een dosis coke vind je al voor vijf euro. Vijf euro, dan is het geen product meer voor de happy few. Dat is de Colruytmethode: massaal en goedkoop". Een volgend citaat: "Het is vandaag veel makkelijker om via sociale media een wapen te kopen. Vroeger moest je iemand kennen in het milieu. Nu volstaat een berichtje."

Het zijn citaten, mijnheer de minister, die wij niet zomaar naast ons neer kunnen leggen. We moeten vaststellen dat steeds meer jongeren, soms al van 12, 13 jaar oud, in de criminaliteit belanden. Ook de feiten van geweld spreken voor zich. Op 12 augustus stond de teller al op 57 schietincidenten in 2025, waarvan meer dan 60 % gelinkt is aan de criminaliteit. Illegalen die misdrijven plegen, komen steevast vrij. Die groep maakt een steeds groter deel uit van de gevangenispopulatie. Op die manier is het dweilen met de kraan open voor onze politiediensten.

Mijnheer de minister, hoe zit het met die taskforce van de premier? Waar zijn de resultaten? Waar zijn de oplossingen? Is deze regering eigenlijk nog geïnteresseerd in de binnenlandse veiligheid, in plaats van nu al maandenlang te palaveren over buitenlandse veiligheid?

Maaike De Vreese:

Minister, het is geen goed teken als men militairen moet inzetten op straat. Het doet mij terugdenken aan de periode na de verschrikkelijke aanslagen. Het wil zeggen dat de situatie ernstig is, dat ze niet onder controle is. Men doet dit immers niet voor zijn plezier, omdat men het leuk vindt, maar wel omdat de noodzaak er is in een zeer kritieke situatie.

De rampzalige veiligheidssituatie in Brussel is het gevolg van jarenlang malgoverno door de PS. Die burgemeesters steken nu nog altijd de kop in het zand. De sense of urgency om een Brusselse regering te vormen is er nog altijd niet. We need to take back control. Daarvoor zijn hervormingen zeer belangrijk, waaronder vooreerst de eenmaking van de Brusselse politiezones, extra cameranetwerken, de activering van het Kanaalplan en uw Plan Grote Steden en de inzet van specifieke politieteams. De federale politie moet hervormen. Blauw moet meer op straat.

Defensie staat klaar met een juridisch kader dat ervoor zorgt dat militairen op straat effectief kunnen optreden. Wat veel te vaak ontbreekt – ik wil dat nogmaals aanhalen – is de verantwoordelijkheid van de drugsgebruiker. Aan elk lijntje en aan elke pil kleeft bloed. Er zijn al veel te veel doden gevallen. Minister, ik hoop dat u blijft wijzen op die verantwoordelijkheid. U hebt onze volledige steun in de strijd tegen de drugscriminaliteit.

Hoever staat u met de uitwerking van uw grote plan?

Paul Van Tigchelt:

De problemen zijn u bekend, mijnheer de minister, want u gaat regelmatig op het terrein en dat siert u. U toont zo uw betrokkenheid. U weet ook dat het geen gemakkelijke strijd is. Een mirakeloplossing bestaat niet. Ik weet wel en u weet ook dat we een overheid nodig hebben die kort op de bal speelt. De drugsmaffia past zich aan, de overheid moet zich ook constant aanpassen. Op dat vlak is het inderdaad zo, mijnheer de minister, dat we wachten op concrete maatregelen. Daarvan is hier al melding gemaakt.

Ik kan u geruststellen, collega Vandemaele, de taskforce georganiseerde criminaliteit bestaat en komt samen, maar heeft nog geen resultaten, geen concrete maatregelen opgeleverd. Ik zeg dat niet, maar de procureur van Brussel en andere actoren op het terrein.

Een tweede voorbeeld. In het regeerakkoord is er sprake van een structurele versterking op korte termijn van de federale gerechtelijke politie van Brussel en Antwerpen. Ik heb daar de voorbije maanden regelmatig vragen over gesteld, maar daar is geen sprake meer van.

Een derde voorbeeld. De minister van Justitie – want u staat er niet alleen voor, mijnheer de minister – heeft deze zomer tweemaal verklaringen afgelegd in de pers. De eerste verklaring was dat zij een taskforce strafuitvoering heeft opgericht, die met aanbevelingen zal komen in 2028. Dat was de eerste aankondiging. De tweede aankondiging van de minister was dat zij 1 miljard euro extra nodig heeft.

Er zijn dus geen concrete hervormingen, geen concrete maatregelen. Daar wachten we nog op. Misschien moet u ook eens spreken met de premier. Hij was de burgemeester van Antwerpen. In Antwerpen zijn snelleresponsteams, quick response forces , opgericht. Dat zijn teams van hypergespecialiseerde politieagenten. Die agenten zijn zinvoller dan militairen, want die militairen zijn volgens mij een zwaktebod, een teken van onmacht, los van de discussie wanneer en met welk mandaat ze zouden worden ingezet.

Welke concrete maatregelen zult u nemen? Wat is er afgesproken binnen de Nationale Veiligheidsraad?

Bernard Quintin:

Mesdames et messieurs les députés, l'été à Bruxelles, mais pas seulement à Bruxelles, a été difficile. Plus de 20 fusillades ont été à déplorer, dont certaines en plein jour, ce qui est une évolution remarquable, au sens premier du terme. J'ai tenu à me rendre auprès des habitants des quartiers concernés, pour les écouter, d'abord; pour leur garantir le plein soutien et l'engagement de ce gouvernement aussi. Car oui, ce gouvernement agit – we werken – pour les Bruxellois, les Bruxelloises et pour l'ensemble des Belges.

C'est la raison pour laquelle j'ai, depuis sept mois, déployé un large arsenal de mesures destinées à lutter contre le narcotrafic dans notre pays. Je pense tout d'abord au renforcement constant de la police judiciaire fédérale (PJF), singulièrement à Bruxelles, qui se poursuit en deux temps. Au travers d'abord d'un renforcement temporaire direct de 31 enquêteurs pour parer à l'urgence de la situation et répondre directement aux demandes légitimes du procureur du Roi, auquel on fait dire beaucoup de choses, mais avec lequel je suis en contact permanent. Mais aussi via un renforcement structurel, puisqu'aux 720 membres du personnel actuel de la PJF Bruxelles s'ajouteront 40 nouveaux enquêteurs d'ici fin novembre.

Il y a actuellement encore 30 postes vacants. Le recrutement des forces de police n'est pas une difficulté qu'à Bruxelles. Celle-ci se pose dans tout le pays et, non, ça n'est pas une question de moyens financiers, c'est une question de choix politiques. Et je pense avoir démontré ces sept derniers mois que mes choix politiques en la matière sont clairs. Comme j'ai déjà eu l'occasion de le dire, j'aimerais bien avoir une imprimante 3D et, chaque fois qu'on me demande des policiers, appuyer pour en avoir 50 par-ci, 100 par-là, 60 par-là. Si quelqu'un a cette machine, de grâce, prêtez-la moi!

Mais, en attendant qu'elle soit créée, nous devons renforcer l'attractivité du métier. C'est la raison pour laquelle je tiendrai un conclave dédié à la question en novembre, qui débouchera sur des décisions à court, moyen et long termes pour pouvoir recruter plus rapidement.

Mijnheer Vandemaele, mijnheer Depoortere, ik maak ook 20 miljoen euro vrij voor de installatie van camera's. Hiermee zullen we de lokale en de gerechtelijke overheden ondersteunen om nieuwe camera's te plaatsen op alle plekken waar dat nodig is.

Zoals u weet, zijn we al gestart met de koppeling van alle ANPR-camera's in het hele land aan één enkel systeem, zelfs in West-Vlaanderen. We hebben ook de 8.000 camera's van de NMBS toegankelijk gemaakt voor alle ordediensten, federaal en lokaal.

Ik denk ook aan de grootschalige controleacties die door de federale overheid worden uitgevoerd in samenwerking met de lokale politie, de zogenaamde FIPA-acties, en tot slot aan de zogenaamde BELFI-acties in de strijd tegen louche handelszaken die dienen als dekmantel voor witwaspraktijken, le blanchissement .

Met deze maatregelen van mijn Plan Grote Steden willen we de strijd tegen drugscriminelen en georganiseerde criminaliteit in onze steden opvoeren. Het zijn geen ballonnetjes, zoals gezegd wordt, maar concrete maatregelen waar we met de verschillende niveaus samen aan zullen werken. Dat is de enige manier om de oorlog tegen de drugshandel te winnen, du producteur au consommateur .

Mevrouw De Vreese, mijnheer Van Tigchelt, jullie vragen me naar de inzet van militairen in onze straten. Samen met de minister van Defensie werken we aan de inzet van politie en militairen samen in bepaalde hotspotzones van Brussel en elders in het land indien dat nodig zou zijn. Mijn bedoeling is dat dit zo snel mogelijk kan gebeuren, want de situatie in onze hoofdstad laat geen uitstel toe.

Ik heb gisteren nog overlegd met collega Francken om de modaliteiten van deze gemengde patrouilles vast te leggen.

Enfin, monsieur De Smet, d'abord vous ne m’aurez jamais entendu prononcer le nom d'une quelconque marque de machine à eau sous pression, mais vous m'interrogez sur la lutte contre le blanchiment d'argent et la nécessité d'attaquer les trafiquants au niveau du portefeuille.

L'intention du gouvernement est claire. À travers l'approche Follow the Value , nous voulons réinvestir les produits financiers captés dans la lutte contre le trafic de drogue au service de la sécurité de nos concitoyens. Ce travail avance à un rythme soutenu, en étroite collaboration avec le Commissariat national "drogues". Nous aurons donc l'occasion d'évoquer cela à nouveau en commission dans les prochaines semaines.

Il existe deux éléments supplémentaires. Concernant le parquet financier, je voudrais quand même signaler qu'il n'y a pas d'unanimité au sein du pouvoir judiciaire, entre autres chez les procureurs généraux, pour penser que c'est une bonne idée. Je ne dis pas qu'il ne faut pas renforcer la lutte contre cela, mais il ne faut pas non plus faire dire aux magistrats ce qu'ils ne disent pas forcément.

Et le deuxième élément dont je voulais parler, je pense que je l'ai oublié, mais je profite des dix dernières secondes pour dire que chaque mesure se trouve dans un ensemble. Je dis souvent qu'on prend une mesure, on la sort du contexte et on l’analyse pour dire que ce n'est pas suffisant. Je peux faire la même chose, mais moi je travaille à l'ensemble des mesures pour lutter contre le crime organisé.

Voorzitter:

Wie witwast, wast wit. Het is inderdaad geen evidentie.

François De Smet:

Monsieur le ministre, je vous remercie de vos réponses.

Vous annoncez beaucoup de mesures, même si toutes ne dépendent pas de vous. Plusieurs collègues vous ont interrogé au sujet de la fameuse task force annoncée par le premier ministre. Vous n’avez rien dit à ce sujet. Pour éviter que des efforts ne soient gaspillés de part et d'autre, il serait judicieux que le gouvernement agisse en ce domaine.

Je me réjouis de l'annonce relative aux 31 enquêteurs, mais vous savez comme moi que cela ne suffira pas à remplir le cadre. C'est pourquoi M. Moinil s'en émeut. En tout cas, c'est un début. J'insiste pour que ces policiers soient spécialisés.

À défaut de parquet financier, j'insiste aussi sur la nécessité de renforcer des services qui se trouvent déjà à votre disposition. Je pense ainsi à l'Office central de lutte contre la délinquance économique et financière (OCDEFO), qui réclame notamment de l'aide dans son expertise numérique afin de suivre l'argent là où il se trouve.

Enfin, s'agissant de l'armée dans les rues, nous voyons bien que cela relève d'une communication en mode "football panique". Vous allez déployer du kaki, alors que ces gens vont être obligés d'appeler la police. Cette disposition vise à rassurer la population et à produire de la communication, mais ce n'est pas cela qui empêchera certains de se tirer dessus à coup de Kalachnikov.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. U bent gaan luisteren, ook in de buurten. Dat wordt erg geapprecieerd. Dat was een belangrijk signaal van uw kant.

U merkt zelf op dat bij de maatregelen alles aan elkaar vasthangt. Wij mogen er niet één maatregel uithalen. Dat klopt.

Onze minister van Justitie zal echt wel een tandje moeten bijsteken om samen met u tot oplossingen te komen. Ik had gehoopt dat de taskforce dé plaats zou zijn waar de premier dergelijke zaken zou coördineren. Daarover heb ik in uw antwoord echter weinig gehoord.

Ik haal een aantal elementen uit uw antwoord, onder meer de inzet van militairen. Als de minister van Binnenlandse Zaken militairen op straat inzet, betekent dat het failliet van uw beleid. Er bestaat geen mooier signaal om duidelijk te maken dat u het opgeeft.

Binnenlandse veiligheid behoort altijd te worden verzekerd door politiemensen. Daarom moeten wij vermijden dat onopgeleide personen zonder kader op straat worden ingezet. Zij hebben daar trouwens ook niet voor gekozen. Dat is de foute weg.

Geef de straten en pleinen terug aan de Brusselaars en aan de Antwerpenaren.

Ortwin Depoortere:

Mijnheer de minister, collega's, gelooft nog iemand de huidige regering?

Ik zal u een aantal maatregelen van het Vlaams Belang meegeven waardoor de regering wat geloofwaardigheid kan winnen. Ten eerste, richt gespecialiseerde eenheden op binnen de politie en richt een drugsagentschap op. Ten tweede, benut het crimineel drugsgeld en herinvesteer dat in handhaving. Richt daarvoor een drugsfonds op. Ten derde, voer de razzia's tegen drugsbendes op. Jaag die bendes op en maak hen het dealen onmogelijk. Ten vierde, zet de criminele illegalen uit ons land. De enige draaideur die zij zouden moeten kennen, is de draaideur op de luchthaven van Zaventem.

Mijnheer de minister, met andere woorden, het is tijd om recht en orde te herstellen.

Maaike De Vreese:

Mijnheer de minister, dit zal inderdaad met een algemeen plan moeten gebeuren, met mensen die ter plaatse actief zijn om de drugsproblematiek aan te pakken. Ik bedoel voornamelijk meer blauw op straat en u weet dat u daarvoor ook heel wat capaciteit moet vrijmaken. Ik weet dat dit enorme inspanningen vergt van de federale politie, maar zij moeten daar zelf toe in staat zijn. Als we militairen inzetten op het terrein en als zij een meerwaarde moeten betekenen, moeten zij ook een juridisch kader hebben waarbinnen zij kunnen optreden. We zeggen van de politie dat zij geen sitting ducks mogen zijn, maar dat geldt zeker ook voor onze militairen.

Mijnheer de minister, u komt vaak op het terrein. U verwees even naar West-Vlaanderen alsof het de Far West was. Ook daar kampen we echter met drugscriminaliteit. Ik nodig u uit om op bezoek te komen. Ik ben er zeker van dat onze sheriff, gouverneur Decaluwé, u met veel plezier zal ontvangen.

Voorzitter: Eric Thiébaut.

Président: Eric Thiébaut.

Paul Van Tigchelt:

Dank u, mijnheer de minister, voor uw concrete antwoorden. De vraag die hier vandaag rijst, is of we genoeg doen. Kan het beter, kan er meer? Ja, dat kan. We moeten een tandje bijsteken. We kunnen beter. Ik wil u alleen nog waarschuwen: wees voorzichtig met het uitbesteden van veiligheid. Veiligheid is immers een kerntaak van de overheid. Besteed die niet uit aan het leger en ook zeker niet aan de vrouwen zelf. Collega Beenders, ik heb uw voorstel gehoord om vrouwen uit te rusten met pepperspray. Het is echter de overheid die zorgt voor de veiligheid. Pas tot slot ook alstublieft op met uw wetsontwerp waarmee u het mogelijk wil maken dat de regering groeperingen buiten de wet stelt. Ik vraag u dat als liberalen onder elkaar. Gooi de Grondwet niet in de vuilbak. Artikel 27 van de Grondwet, de vrijheid van vereniging, is heilig. Het is niet aan de regering om zulke maatregelen te nemen. Alstublieft, stop daarmee en trek dat wetsontwerp in.

internationale politiek en migratie

Het uitblijven van Belgische steun voor sancties tegen Israël
De onenigheid in de regering over eventuele sancties tegen Israël
Belgische regeringsverdeeldheid over Israëlische sancties

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 17 juli 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Tijdens een felle debat over Israëls acties in Gaza beschuldigen oppositieleden (Aerts, Merckx) de Belgische regering van medeplichtigheid aan genocide door gebrek aan sancties, ondanks brede parlementaire en burgersteun (70% van de Belgen) voor economische maatregelen. De Wever benadrukt dat België via de EU humanitaire druk uitoefent en toekomstige sancties niet uitsluit, maar weigert nu te handelen—wat door oppositie als onvoldoende en schandalig wordt bestempeld. Merckx wijst op een rechtbankbeslissing die wapenexport blokkeerde als teken van burgerlijk verzet, terwijl Aerts het Parlement oproept zelf sancties af te dwingen. De kern: dringende eis tot actie vs. regeringsafwachten op EU-beslissingen.

Staf Aerts:

Mijnheer de eerste minister, elke dag sterven in Gaza 100 Palestijnen door Israëlisch geweld. Daarbovenop sterven elke dag opnieuw nog eens 300 Palestijnen door gebrek aan water, voedsel en medicijnen. Kinderen lijden honger, slapen in tenten, en zelfs die tenten worden gebombardeerd. Wie naar een voedselbedeling gaat, riskeert zijn leven. Er zijn al verschillende mensen doodgeschoten op weg naar een voedselbedeling. De Israëlische ministers zijn dan weer heel duidelijk over hun bedoelingen: zij zeggen letterlijk dat de Palestijnen moeten verdwijnen.

Collega’s, het is overduidelijk dat daar een genocide aan de gang is. Handel blijven drijven met een land dat een genocide pleegt, maakt België medeplichtig. De Europese Unie kwam een paar dagen geleden bijeen, maar geraakte niet verder dan een toezegging om Israël in het oog te houden. Terwijl er dagelijks 100 mensen sterven door Israëlisch geweld, geraken wij niet verder dan Israël in het oog houden, geen sancties, geen actie.

Mijnheer de eerste minister De Wever, dat is mede uw verantwoordelijkheid. Gisteren vernamen we van minister Prévot dat er binnen de Belgische regering geen akkoord was om te pleiten voor een opschorting van het handelsakkoord. De Belgische regering gaf geen steun voor acties, oefende geen druk uit, trok geen rode lijnen.

Nochtans zegt 70 % van de Belgen achter economische sancties tegen Israël te staan. Er bestaat zelfs een parlementaire meerderheid voor die sancties. Luister dus alstublieft naar dit Parlement. Luister naar de heer Seuntjens en mevrouw Lambrecht. Luister naar mijnheer Mahdi en mevrouw Van Hoof. Luister naar de heer Lutgen. Luister ook naar mevrouw Van Peel, uw eigen voorzitter, die in Humo verklaarde dat de N-VA geen sancties blokkeert en dat ze desnoods ontslag neemt. .

Mijnheer de eerste minister, uw daden spreken haar tegen. Minister Prévot mocht van de regering immers niet pleiten voor sancties.

Sofie Merckx:

Quelle honte! Quelle complicité! Et vous en souriez? Vous en rigolez? Je parle de ce qu'il se passe à Gaza. Cela fait 21 mois qu'on regarde un génocide en direct, et cela vous fait rire! Vous devriez avoir honte. Cela fait des mois que nous demandons des mesures contre Israël et que vous nous répondez qu'il faut voir au niveau européen.

Avant-hier, les ministres européens des Affaires étrangères étaient ensemble, et ils devaient parler de la suspension de l'accord commercial d'association entre Israël et l'Union européenne. Le ministre belge n'a même pas demandé de suspendre cet accord! Vous m'entendez bien. Il ne s'agit même pas de sanctions, mais de ne plus donner un accès privilégié aux produits israéliens ici en Europe. Vous devriez tous avoir honte de cette complicité.

Mais heureusement, dans ce pays, il n'y a pas que ce gouvernement de la honte, il y a aussi des citoyens et des associations. Ils ont été voir un juge pour demander que l'embargo s'applique concernant un container avec du matériel militaire qui devait aller en Israël, et le juge leur a donné raison. C'est une victoire.

Vous êtes le camp de la honte, et eux le camp de la fierté. Nous sommes le camp de la fierté. Cette victoire nous donne de l'espoir. Elle donne de l'espoir au peuple palestinien.

Monsieur le premier ministre, allez-vous appliquer un embargo contre le transit du matériel militaire vers Israël? Allez-vous enfin prendre des sanctions et des mesures contre Israël ou bien assumez-vous aujourd'hui votre complicité?

Bart De Wever:

Als regering leggen we de focus op de humanitaire situatie op het terrein. De regering vindt eensgezind dat het menselijk lijden op zo kort mogelijke termijn moet stoppen. Het geweld heeft al veel te lang geduurd. Daarover zijn we het allen eens.

Sinds het aantreden van de regering dragen we dat standpunt ook uit op het Europese toneel. De voortrekkersrol vanuit het Europese niveau staat in het regeerakkoord beschreven. Europa is de enige weg om een duidelijk signaal te kunnen laten weerklinken en ervoor te zorgen dat er op het terrein verandering kan komen. In die zin hebben we voorzichtig hoopgevende signalen ontvangen over de dialoog die de Europese Hoge Vertegenwoordiger voor Buitenlandse Zaken, Kaja Kallas, is aangegaan met de Israëlische regering om die humanitaire situatie effectief te verbeteren.

Onze regering pleit er wel voor om de druk Europees hoog te houden opdat die humanitaire hulp toegankelijk en veilig kan worden georganiseerd. Dat zullen we van nabij opvolgen. Als het tegenovergestelde zou blijken, dan sluit de regering verdere maatregelen of sancties niet uit. Dat zijn we overeengekomen, in tegenstelling tot wat hier wordt beweerd. Voor ons moet het humanitaire leed onmiddellijk stoppen.

Staf Aerts:

Mijnheer de premier, u sluit toekomstige sancties niet uit. Intussen zijn er al 65.000 mensen gestorven, maar nog neemt de regering geen sancties. Ongelooflijk, het is een schande! Al had ik het wel verwacht, collega’s.

Het is aan ons als Parlement om te beslissen wat de regering moet uitvoeren. Wij nemen die beslissing. In eer en geweten kunnen wij die beslissing nemen. Ik heb de afgelopen dagen en weken goed geluisterd naar mensen van Vooruit, Les Engagés en cd&v en het lijkt me dat een meerderheid in dit Parlement sancties tegen Israël wil. Zelfs binnen de N-VA bestaat er twijfel. Ik kan echt oprecht niet geloven dat de collega’s van de N-VA werkelijk allemaal net als collega Freilich geloven dat het om een rechtvaardige oorlog gaat. Ik kan niet geloven dat u dat allemaal denkt. Ik kan evenmin geloven dat iedereen van de MR de pro-Israëllijn van de heer Bouchez volgt.

Collega’s, denk goed na, want binnen vijf jaar zult u hierop worden aangesproken en niemand zal dan kunnen zeggen: "We wisten het niet." Die genocide voltrekt zich onder onze ogen.

Sofie Merckx:

"Wij sluiten eventuele verdere sancties niet uit als het nog erger wordt." Mijnheer de premier, meent u nu echt wat u zegt? Wat een schande! Wat denken jullie daar allemaal van? Gaan jullie daarmee akkoord? Gaan jullie akkoord met wat minister Prévot heeft gedaan op Europees niveau? Hij heeft niet eens gevraagd om de opschorting van het associatieverdrag. Wordt artikel 2 dan niet geschonden misschien? U bent allemaal medeplichtig als u niets doet. Gelukkig hebben vier verenigingen een klacht ingediend en hebben ze ervoor gezorgd dat het schip dat in Antwerpen geblokkeerd is niet naar Israël mag vertrekken. Er mogen geen wapens uitgevoerd worden. Ook daarover heeft de premier zich niet uitgesproken. Wij zullen blijven pleiten voor een embargo. Als u nog in de spiegel wilt kunnen kijken, neem dan maatregelen.

internationale politiek en migratie

De opschorting van de associatieovereenkomst met Israël
De EU-top over de associatieovereenkomst met Israël
De opschorting van de associatieovereenkomst met Israël
De associatieovereenkomst tussen de EU en Israël
De bijeenkomst van de Raad Buitenlandse Zaken van 15 juli
EU-Israël associatieovereenkomst discussies.

Gesteld aan

Maxime Prévot (Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking)

op 10 juli 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

België staat onder zware druk om het EU-associatieakkoord met Israël op te schorten wegens beschuldigingen van genocide in Gaza, massale hongersnood (2 miljoen risico’s), en systematische schendingen van mensenrechten—inclusief gedwongen verplaatsingen naar "gesloten kampen" en blokkade van hulp. 70% van de Belgen en 100.000 betogers eisen sancties, terwijl de regering weifelt: minister Prévot erkent schendingen maar wacht op EU-voorstellen (15 juli), zonder garantie op opschorting, ondanks CIJ-adviezen over illegale bezetting en Belgische initiatieven voor strengere controles op Israëlische producten. Kritiek spitst zich toe op Belgiës dubbele rol: enerzijds morele veroordeling (o.a. "genocide"), anderzijds gebrek aan daadkracht—zoals een wapenembargo (via Antwerpen transiteren munitie voor Israël) of eenzijdige opschorting van het akkoord, mogelijk met gekwalificeerde EU-meerderheid. Compliciteit door inactiviteit is het centrale verwijt, met Ierland en Spanje als voorbeeld van proactief EU-leiderschap. De regering benadrukt humanitaire prioriteiten (toegang hulp, staakt-het-vuren) en wacht op Kallas’ voorstellen, maar parlementariërs en activisten eisen onmiddellijke economische/politieke druk—zoals handhaving artikel 2 (mensenrechtenclausule) en stopzetting van militaire/wetenschappelijke samenwerking. Symbolische stappen volstaan niet terwijl "alle rode lijnen" zijn overschreden. Kernvraag: Zal België op 15 juli in de EU-Raad leiderschap tonen (opschorting eisen) of zich verschansen achter procedures, terwijl de crisis escaleert?

Rajae Maouane:

Monsieur le ministre, la situation est apocalyptique. Israël est responsable d'un des génocides les plus cruels de l'histoire moderne. Ces mots terribles sont ceux de Francesca Albanese, la rapporteuse spéciale de l'ONU et c'est la réalité insupportable du génocide en cours à Gaza.

Des bébés tués, brûlés vifs par les bombes, des corps mutilés, des hôpitaux débordés, sans médicaments, sans électricité. Des secouristes, des médecins abattus. Quasiment plus une seule goutte d'eau potable. Pendant qu'au MR, on raconte qu'on peut encore aller au resto pépouze à Gaza, un rapport de l'ONU dit pourtant que la quasi-totalité de la population est à haut risque de famine. Si la Belgique et l'Europe ne font rien, d'ici septembre, ce sont deux millions de personnes qui risquent de crever de faim. Et pendant ce temps-là, l'Union européenne continue de coopérer avec Israël comme si de rien n'était. Pour notre premier ministre, l'accord d'association entre Israël et l'Union européenne n'a rien à voir avec le génocide.

Mais si, il faut suspendre immédiatement cet accord! Face à un génocide en cours, c'est le minimum! Ce n'est même pas des sanctions, c'est juste le minimum. Et apparemment, c'est déjà trop pour notre premier ministre. Les Belges n'en peuvent plus de la lâcheté de leur gouvernement. Les Belges n'acceptent plus qu'on salisse l'image de notre pays. Ils étaient plus de 100 000 dans les rues de Bruxelles. 69 % des Belges demandent des sanctions contre l'État d'Israël et contre sa folie meurtrière. On ne peut pas être ferme contre la Russie et lâche avec Israël.

M. le ministre Prévot a une responsabilité. Pas seulement quand il s'exprime à titre personnel, en interview, mais surtout quand il parle au nom de la Belgique. Alors je vous pose la question, monsieur Quintin – vous n'êtes pas monsieur Prévot: est-ce que la Belgique sera, oui ou non, du bon côté de l'histoire le 15 juillet prochain, au Conseil des Affaires étrangères, en exigeant, et en obtenant, la fin de l'accord d'association entre l'Union européenne et Israël?

Annick Lambrecht:

Mijnheer de minister, de gruwel in Gaza gaat gewoon door. Eerst waren er de bombardementen, waarbij ook ziekenhuizen en scholen onder vuur kwamen te liggen. Ook de toegang tot voedsel, water en medicijnen werd ingezet als wapen.

Nu is er echter een volgende stap. Israël kondigde maandag aan dat het 2 miljoen Palestijnen wil onderbrengen in een gesloten kamp. U hoort het goed, in een gesloten kamp. Het is duidelijk dat alle rode lijnen zijn overschreden. Mensenrechten worden continu geschonden. Elke dag zijn er nieuwe oorlogsmisdaden.

Als we associatieakkoorden sluiten met mensenrechten als voorwaarde, dan moeten we ook een rode lijn trekken als die mensenrechten geschonden worden. Dat krachtige signaal, mijnheer de minister, gaf het Parlement al met onze resolutie, maar het is nu onze plicht om alles te doen om dit drama te stoppen en om Israël op zijn verantwoordelijkheid te wijzen.

Op de top van 20 mei steunde België het initiatief van Nederland om een formeel onderzoek in te stellen om na te gaan of er oorlogsmisdaden worden gepleegd. Het rapport is inmiddels gepubliceerd en is vernietigend, maar toch zijn er geen maatregelen genomen tegen Israël.

Mijnheer de minister, Europa zal volgende week een duidelijk standpunt moeten innemen in de Raad Buitenlandse Zaken. Niet u, maar minister Prévot zal daar aanwezig zijn. Ik vraag u dus uitdrukkelijk: zal België daar pleiten voor maatregelen tegen Israël? Ik dank u.

Staf Aerts:

Collega's, een stad bouwen om honderdduizenden Palestijnen in onder te brengen, dat is het nieuwe plan van Israël. Als een gesloten zone, wat betekent dat wie binnen is, er niet meer uit geraakt. Ik vind het heel pijnlijk om te zeggen, maar dat lijkt toch op een concentratiekamp.

Ondertussen laten de Europese regeringsleiders Israël maar begaan. Gisteren verstopte premier De Wever zich in de commissie achter procedures en achter mevrouw Kallas. Hij zei dat het nu aan haar is om een stap te zetten, maar zelf nam hij geen standpunt in.

Er zijn ondertussen al 57.000 doden. Israël bombardeert ziekenhuizen, blokkeert alle noodhulp en gebruikt honger als een wapen. Er sterven daar kinderen van de honger. De Belgen vragen een heel duidelijk signaal. Met 100.000 kwamen ze naar Brussel om een rode lijn te trekken tegen dat Israëlisch geweld. Zeventig procent van de Belgen steunt economische sancties tegen Israël. Zal de Belgische regering luisteren naar dat signaal?

Volgende week staat het associatieakkoord op de agenda. Dat akkoord opschorten betekent zoveel als een boycot van Israël en dat is wat nodig is. De handelsrelaties moeten worden stopgezet. De universiteiten smeken daar ook om, want op die manier kunnen zij hun samenwerking met Israëlische universiteiten stopzetten. Ierland en Spanje hebben al het goede voorbeeld gegeven en trekken de Europese kar. Zal België dat ook doen? Het is hoog tijd dat we mee aan die Europese kar trekken, want alle rode lijnen zijn overschreden.

Nabil Boukili:

Monsieur le ministre, 110 000 personnes ont manifesté voici un mois pour dire: "Stop au génocide!" Elles ont manifesté pour signifier au gouvernement belge, le vôtre, que sa complicité et son inaction étaient inacceptables. Quelques jours plus tard s'est tenu un Sommet européen visant à se demander s'il fallait suspendre l'Accord d'association entre l'Union européenne et Israël. Il ne s'agit pas simplement d'un accord économique comme on en conclurait avec n'importe quel pays; c'est un accord qui offre à Israël un accès privilégié au marché européen. Ce texte comprend un article 2 qui impose que "les pays contractants doivent respecter les droits humains et le droit international". On s'est donc demandé si Israël les respectait, alors qu'un génocide est en cours… Une réunion est prévue le 15 juillet.

Entre-temps, le ministre israélien de la Défense a déclaré envoyer 600 000 Gazaouis dans un camp de concentration. Cela nous rappelle les pires heures de notre Histoire. Je m'attendais à un sursaut d'indignation… au lieu de rire, monsieur le ministre! Pourtant, il n'y eut aucune réaction!

Ma question est très simple, monsieur le ministre. À l'occasion de la réunion du 15 juillet, quelle position le gouvernement Arizona défendra-t-il? Ne dissimulez pas votre complicité derrière l'Union européenne en prétendant qu'un accord à l'unanimité est nécessaire. Non! Pour suspendre une relation économique, il suffit d'une majorité qualifiée. Allez-vous suspendre cet accord d'association?

Voorzitter:

Merci, monsieur Boukili.

Kathleen Depoorter:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega’s, de crisis in Gaza is tragisch en onmenselijk. Mensen die naar een hulppost gaan om eten te krijgen, worden doodgeschoten. Kinderen ontberen onderwijs en psychologische begeleiding, zo bevestigt UNICEF. Zij hebben daar nochtans nood aan. Vrouwen hebben geen toegang tot contraceptie en moeten bevallen in erbarmelijke omstandigheden, zonder hygiënische voorzieningen. De situatie is onmenselijk.

Met collectieve verontwaardiging alleen komen wij er niet. Wij hebben nood aan acties. Wij hebben geen nood aan symbolische maatregelen, maar aan initiatieven die een daadwerkelijke impact hebben. Een staakt-het-vuren is hoogst noodzakelijk. Het is ook hoogst noodzakelijk dat de gijzelaars naar huis worden teruggebracht, naar hun geliefden in Israël. Het is eveneens absoluut noodzakelijk dat meer humanitaire hulp tot in Gaza geraakt, zodat daar opnieuw een menswaardige situatie kan worden gecreëerd.

Mijnheer de minister, hier in het Parlement hebben wij een resolutie goedgekeurd. De minister van Buitenlandse Zaken heeft het duidelijke mandaat gekregen, niet alleen van het Parlement, maar ook van de regering, om samen met de Europese collega's van de andere lidstaten te pleiten voor acties die impact hebben op het terrein, die maken dat humanitaire hulp effectief tot bij de Gazanen geraakt en die bijdragen aan een diplomatieke uitweg voor de uitzichtloze situatie. Mevrouw Kallas heeft zojuist verklaard dat zij een goed constructief gesprek heeft gehad met de Israëlische autoriteiten en dat de humanitaire hulp effectief zal worden opgeschaald.

Ik heb één vraag voor u. Welk mandaat heeft de minister van Buitenlandse Zaken in de Europese Raad? Wat is de positie van ons land?

Voorzitter:

De vragen werden gericht aan de minister van Buitenlandse Zaken, maar minister Quintin zal namens de minister antwoorden.

Bernard Quintin:

Mijnheer de voorzitter, dames en heren volksvertegenwoordigers, namens de minister van Buitenlandse Zaken meld ik u het volgende. Samen met 16 lidstaten heeft België tijdens de bijeenkomst van de Raad van ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie op 20 mei opgeroepen tot een onderzoek naar de naleving door Israël van artikel 2 van het Associatieverdrag tussen de EU en Israël. Dat artikel bepaalt dat de overeenkomst gebaseerd is op het respect door beide partijen van de mensenrechten en de democratische beginselen.

Lors de la réunion du Conseil du 23 juin, la Haute représentante de l'Union européenne, Mme Kallas, a présenté le résultat de cet examen. Ce dernier révèle qu'il y a bel et bien eu des violations graves sur le terrain.

Suite à cela, comme le prévoit la procédure fixée dans l'accord, Mme Kallas a été chargée de "proposer des mesures appropriées" pour utiliser les termes de l'accord. La Haute représentante va présenter, aujourd'hui même, toutes les options possibles. Elles seront discutées à la réunion du Conseil du mardi 15 juillet.

Mme Kallas s'est, par ailleurs, entretenue, ces dernières semaines, avec les autorités israéliennes, - comme cela a été indiqué - pour les inciter notamment à permettre un accès complet et sans obstacle de l'aide humanitaire. Selon une communication de la Haute représentante intervenue en ce début d'après-midi, un accord semble avoir été conclu, dont nous nous réservons le droit d'analyser les contours.

Nos objectifs prioritaires doivent rester d'obtenir un accès humanitaire sans aucune restriction et un cessez-le-feu. Les blocages actuels ainsi que le système mis en place via le Gaza Humanitarian Foundation (GHF) doivent cesser.

Au-delà de l'aide humanitaire, le droit international, y compris le droit international des droits humains, exclut les déplacements forcés de population, l'occupation illégale d'un territoire, les attaques contre des civils et protège spécifiquement les enfants.

Toutes ces violations doivent donc cesser. Il ne pourra pas y avoir de place pour l'impunité.

De regering zal zich buigen over de verschillende opties die door Kaja Kallas op tafel zijn gelegd. Onze positie op dinsdag zal afhangen van deze voorstellen en van de evolutie van de situatie. België zal nooit afwijken van de volledige naleving van het internationaal humanitair recht door alle partijen.

Permettez-moi d’ailleurs de rappeler que la Belgique a, avec huit autres États membres et à son initiative, envoyé une lettre à Mme Kallas appelant à mettre le droit européen en conformité avec l’avis rendu par la Cour internationale de Justice il y a un an.

Dat advies erkende op zeer duidelijke wijze dat de bezetting door Israël van de Palestijnse gebieden illegaal is en dat er actie moet worden ondernomen, ook met betrekking tot de invoer van producten uit die gebieden. Minister Prévot heeft gisteren persoonlijk met mevrouw Kallas gesproken en heeft vandaag onze ambassadeur bij de EU, net als verschillende andere lidstaten, de opdracht gegeven om stappen te ondernemen bij de Europese Commissie om te verzekeren dat er opvolging aan wordt gegeven.

La Belgique est déjà pionnière dans la mise en œuvre effective de la politique de différenciation entre le territoire d'Israël tel que reconnu et les colonies illégales. Nous effectuons notamment des contrôles renforcés sur certains produits en provenance d'Israël. Il est, néanmoins, probable que l'avis de la Cour internationale de Justice (CIJ) nous oblige à aller plus loin.

C'est une analyse qui doit avoir lieu au niveau européen pour des questions de compétences et d'efficacité. "J'ai bien pris note des déclarations de l'Irlande", dit le ministre. Une interdiction par un seul pays n'aurait, ceci dit, que peu d'impact et risquerait de détourner le problème.

Rajae Maouane:

Monsieur le ministre, je vous remercie de vous faire le porte-voix de de M. Prévot, mais je dois avouer avoir du mal à suivre la position du gouvernement. M. Prévot évoque le terme de génocide, mais uniquement à titre personnel. M. De Wever, de son côté, s’oppose à toute sanction contre Israël. Et pendant ce temps, le MR bloque systématiquement chaque initiative visant à sanctionner le gouvernement israélien.

Nous n'en pouvons plus de ce mauvais sketch de Good Cop/Bad Cop . C'est d'une indécence totale. Il ne doit y avoir qu'une seule ligne: briser le blocus, arrêter le génocide et sanctionner l'État d'Israël. Toute autre ligne, tout autre positionnement nous rend complices de ce génocide qui se vit en direct. Je vois le malaise de certains quand je dis génocide mais je le dis et le redis: génocide, messieurs!

Annick Lambrecht:

Mijnheer de minister, laat het duidelijk zijn dat de gruwel en de waanzin in Gaza moeten stoppen. Er zijn tienduizenden doden, 2 miljoen mensen lijden honger en kinderen sterven de hongerdood. Handel drijven met een land dat mensenrechten schendt aan de lopende band, is onaanvaardbaar. België moet volgende week op de top een duidelijke voortrekkersrol opnemen en op zoek gaan naar een meerderheid voor maatregelen tegen Israël. Vooruit rekent daarop, en wij niet alleen, ook 70 % van de Belgen wil dat er maatregelen worden genomen.

Mijnheer de minister, de rode lijnen waarover men spreekt, zijn al lang niet meer te tellen.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, ofwel is het standpunt sinds gisteren geëvolueerd, ofwel was er sprake van een botsing tussen persoonlijke meningen. Het is in dit debat moeilijk om dat onderscheid te maken.

Ik ben in elk geval tevreden dat er wordt aangedrongen op meer actie en op een sterker Europees optreden. Tegelijkertijd zal dat niet volstaan. We moeten daadwerkelijk mee het voortouw nemen. We moeten mee bekendstaan als pionier. Dat betekent dat we met andere lidstaten mee de kar moeten trekken, om ervoor te zorgen dat Israël niet langer met fluwelen handschoenen wordt aangepakt. Intussen kunnen we ook in België het een en ander doen.

De heer Francken vindt het nog steeds aanvaardbaar dat de Israëlische defensie-industrie een voorkeurspartner is van het Belgisch leger. Ik begrijp dat niet. Er is hier in België nog altijd geen ban op producten uit de bezette gebieden. We kunnen dat hier zelf al aanpakken. Eén land is niet genoeg, twee is beter, drie is beter, vier is beter. Stap voor stap moeten we de druk op Israël opvoeren. Alle rode lijnen zijn immers al overschreden.

Nabil Boukili:

Monsieur le ministre, votre réponse aurait été audible il y a un an. Aujourd'hui, c’est beaucoup trop tard pour ce genre de réponse molle.

Ce que vous cachez, ce que vous ne dites pas, c’est que vous êtes complice de ce qui se passe à Gaza. Le gouvernement belge et l’Union européenne sont complices, aujourd'hui, du génocide à Gaza. 30 % des importations d’armes par Israël viennent de l’Allemagne, de l’Union européenne, du port d’Anvers. Des conteneurs qui contiennent des munitions pour les chars, du matériel pour les chars utilisés pour génocider les Palestiniens en Palestine, transitent par le port d’Anvers.

En fait, nous sommes complices! Nous laissons le génocide se dérouler devant nos yeux, et nous ne prenons aucune mesure. Pour un embargo militaire, il n’y a pas besoin d’une unanimité de l’Europe. Nous pouvons le décider ici, en Belgique. Pourquoi ne le faites-vous pas? Non, vous laissez les armes passer pour tuer les Palestiniens, parce qu’Israël est votre allié. Vous êtes complice du génocide.

Kathleen Depoorter:

Het gaat over mensen, over de mensenrechten, over het humanitair recht, over de families van gijzelaars, die nog altijd geen nieuws hebben, over de moeders in Gaza, die geen eten hebben voor hun kinderen. Daar gaat het over. Het is onze verantwoordelijkheid om de vrede, de vrijlating van de gijzelaars en een betere humanitaire hulp te bewerkstelligen. Dit is, mijnheer de minister, het mandaat dat wij als Parlement aan de minister van Buitenlandse Zaken hebben gegeven: samen met Europese collega’s op zoek gaan naar maatregelen die impact hebben, naar een weg naar vrede, naar een weg naar humanitaire hulp. Het is positief dat uit het gesprek dat intussen plaats heeft gevonden, blijkt dat de grenzen opengaan en dat er meer vrachtwagens met hulpgoederen de Gazanen zullen bereiken. Wij zullen de minister absoluut steunen in alle stappen naar vrede en naar respect voor het humanitair recht.

economie en werk

Het akkoord over de meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting
Het akkoord over de meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting en een hoger netto-inkomen
De meerwaardebelasting
De akkoorden in het kernkabinet over de meerwaardebelasting
Het akkoord over de meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting
Meerwaardebelasting en kabinetsakkoorden

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 3 juli 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De meerwaardebelasting (10% op beurswinst) wordt fel bekritiseerd omdat ze niet de superrijken (top 1%) raakt—door slimme constructies en vrijstellingen—maar wel de middenklasse, spaarders en familiebedrijven, terwijl de opbrengst (500 miljoen) onzeker is en de administratieve lasten hoog. Premier De Wever verdedigt de maatregel als onderdeel van een breder pakket (fiscale hervorming, lagere lasten op arbeid, pensioenhervorming) met vrijstellingen (10.000–30.000 euro/jaar) om "kleine spaarders" te ontzien, maar critici noemen het een symbolische trofee voor Vooruit, zonder echte herverdeling. De oppositie hamert op oneerlijke belastingdruk (België is al kampioen in lasten op arbeid *en* kapitaal) en waarschuwt dat de werkende klasse opnieuw de rekening betaalt—zonder zicht op de beloofde netto-loonstijging (tot 1.900 euro/jaar). CD&V benadrukt dat de hervorming enkel acceptabel is *als* die loonstijging erkomt, maar sceptici zien geen concreet plan om de sterkste schouders écht te laten bijdragen.

Lode Vereeck:

Mijnheer de eerste minister, maandenlang hebt u Conner Rousseau het hof gemaakt om in de regering te stappen, maar wie smost met een sos, is de klos. Na een ezelsdracht van dertien maanden heeft de bromance een ongewenst en lelijk gedrocht opgeleverd, de meerwaardebelasting. Uw maten zeggen dat het een lelijk gedrocht is, maar dat het geld zal opleveren. Nee, het gat in uw begroting wordt zelfs groter dan onder Vivaldi. Uw maten sussen dan: ah, maar wacht, Bart en Conner hebben ook een schoon kindje, de beperking van de werkloosheid in de tijd. Maar nee, dat is een pestkopje dat vooral oudere mensen en mantelzorgers treft. Uw maten zeggen dan: Bart en Conner plannen nog een schoon kindje in 2029, het staat vandaag al in de krant, meer netto uit bruto. Maar is daar geld voor?

Uw meerwaardebelasting discrimineert tussen kleine spaarders en grote beleggers, laat de sterkste schouders ongemoeid, maakt waardevolle dingen zoals familiebedrijven kapot en belast mensen die na vijf jaar en één dag met verlies verkopen, oftewel minwaarde. Dat is compleet absurd. U wilde de goede huisvaders redden, maar u ligt onder de sloef van Conner. U bent geplooid voor de postjes. Bart, Jan, Theo en Anneleen mogen fijn Belgische ministers blijven spelen op de kap van de Vlamingen, die werken, sparen of een familiebedrijf uit de grond stampen.

Mijn vraag aan u is wat SPQA echt betekent. Is dat a) syndicaat voor politieke quatsch en absurde belastingen of b) sossenknechtjes en postjespakkers voor fiscale quasi-afpersing?

Ik kijk uit naar uw antwoord.

Alexia Bertrand:

De meerwaardetaks: er werd acht maanden over onderhandeld en daarna waren er nog vijf maanden en een ganse nacht nodig om de modaliteiten vast te leggen. De kogel is nu echter door de kerk. De meerwaardetaks treft de middenklasse, niet de 1 % rijksten. Daarover is iedereen het eens. Ik zeg dat niet, alle experts zeggen dat. Doe de krant maar open: Ellen Vermorgen van De Tijd , Michel Maus, Herman De Knijf van de Fiscale Hogeschool, Bruno Colmant, Stijn Fockedey, Mark Delanote, Ive Rosseel van het ACV en Jürgen Ingels.

Ouders die sparen voor hun kinderen gaan betalen. Mijnheer De Wever, u had toch beloofd dat wie langer dan tien jaar spaart vrijgesteld was? U hebt uw belofte ingeslikt onder druk van de socialisten!

De opbrengst is ook totaal onzeker. Uw vicepremier, de heer Jambon, heeft echter al een plan B klaar: meer van hetzelfde. Ik heb deze ochtend gelezen in Het Laatste Nieuws dat als het niet voldoende opbrengt, er opnieuw naar dezelfde doelgroep zal worden gekeken om na te gaan hoe dat kan worden opgelost. In dezelfde doelgroep, serieus? De middenklasse, de hardwerkende middenklasse? De mensen die elke dag vroeg opstaan, die een spaarpotje opbouwen? Volgens minister Jambon is dat logisch, want, zo luidt zijn verklaring, die mensen hoeven niet na te gaan of ze op het einde van de maand kunnen rondkomen. Gewone werkende mensen mogen dus gerust worden gepluimd. Is uw minister socialist geworden, mijnheer de premier?

Mijnheer de premier, u zou het huis op orde zetten, maar u bouwt gewoon een zoveelste fiscale koterij en zorgt voor administratieve rompslomp op de kap van wie werkt, spaart en onderneemt. Zijn dat de grote hervormingen? Mijn vraag is dan ook eenvoudig: treft deze taks de juiste doelgroep, ja of nee?

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de premier, u hebt de Belgen in de luren gelegd. U hebt ze gefopt. Maandag was er een akkoord over de meerwaardebelasting. Eindelijk was er een manier om de sterkste schouders een grotere bijdrage te laten leveren. Ik zeg bewust, een grotere bijdrage en niet een grote bijdrage. Het gaat over, ocharme, 500 miljoen euro, tegenover een bijdrage van 8 miljard euro van de gepensioneerden en de werklozen, maar goed, het zou gebeuren.

Wat blijkt nu? Het is niet waar. Het klopt niet. Het akkoord was nog niet droog of het regende commentaren van experts en specialisten. Die commentaar is redelijk eenduidig: de echte rijken, de multimiljonairs en de miljardairs, zullen geen cent betalen.

Mijnheer de premier, ik heb het hier ooit gehad over twee fictieve vrienden, Fernand Muts en Marc Toecke. Wel, ik heb hen deze week fictief gebeld. Wat blijkt? Ze zijn tevreden. Het is niet voor ons, zeggen ze. Well done , dikke duim.

Ive Marx vat het scherp samen: “Het is een solidariteitsbijdrage voor de sterkste schouders, behalve dan voor de allersterkste.” De meerwaardebelasting treft niet de top 1 %, zegt ook professor Maus. Volgens Maus zou Marc Coucke – dat is geen fictief persoon – ook met deze wet niet getroffen worden bij de verkoop van Omega Pharma met een meerwaarde van anderhalf miljard euro en dat moest toch de bedoeling zijn.

Dat is onaanvaardbaar, mijnheer de premier. Hoe gaat uw regering ervoor zorgen dat de 1 % grootste vermogens toch zullen bijdragen?

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, savez-vous quel est le problème avec votre taxe sur les plus-values? Vous ne taxez pas les riches, vous taxez ceux qui essayent de le devenir. Vous ne taxez pas le patrimoine, vous taxez l'investissement et l'effort.

On savait déjà que ce gouvernement Arizona n'était pas social. Voilà qu'on découvre qu'il n'est pas non plus libéral, parce que jamais un gouvernement libéral ne taxerait ainsi le risque, l'investissement et l'effort. Vous n'allez pas toucher les grandes fortunes pour une raison simple, c'est que les grandes fortunes, les grandes familles en général, elles gardent leurs actions, elles les transfèrent à leurs héritiers. Ce que vous allez toucher, c'est la classe moyenne, dont on a besoin, qui investit, qui crée de l'emploi.

Pour ma part, je n'ai pas de problème à ce qu'on taxe davantage les revenus du patrimoine et du capital. Mais il y avait d'autres moyens de le faire. Vous auriez pu, par exemple, simplement majorer votre taxation sur les comptes-titres, augmenter sa base fiscale jusqu'aux actions nominatives. C'est ce que proposait, par exemple, Bruno Colmant. Mais non, au lieu de ça, au lieu de choisir la simplicité, vous ajoutez un étage entier à la tour de Babel qu'est déjà la fiscalité belge, en y ajoutant une complexité et en enrichissant les seuls qui se frottent vraiment les mains, à savoir les fiscalistes. Et vous le faites pourquoi? Parce qu'il fallait un trophée à Vooruit.

Votre gouvernement n'est ni libéral ni social, c'est une étagère avec des trophées symboliques et idéologiques. Un trophée pour le MR, la limitation du chômage à deux ans; un trophée pour la N-VA, le milliard pour les avions de chasse; et un trophée pour Vooruit, la taxe sur les plus-values. On n'a pas encore le trophée centriste, c'est peut-être parce que c'est vous l'étagère. On verra.

J'ai trois questions très simples, monsieur le premier ministre. Où allez-vous chercher votre rendement de 500 millions que, pour l'instant, personne ne trouve? A-t-il été calculé de la même manière que vos 8 milliards d'effets retour? Que répondez-vous aux banques qui vous disent qu'il est absolument impossible d'être prêt au 1 er janvier prochain? Et, surtout, quand allez-vous vous attaquer au vrai problème fiscal de ce pays, à savoir les charges assommantes sur le travail pour les salariés et pour les indépendants?

Steven Matheï:

Mijnheer de eerste minister, met het akkoord over de meerwaardebelasting is er een belangrijke stap gezet. Het is een evenwicht akkoord, waarin de sterke schouders een eerlijke bijdrage leveren en de hardwerkende middenklasse die elke maand wat geld opzijzet; wordt gespaard dankzij de verhoogde vrijstelling, waarvoor cd&v verantwoordelijk is. De meerwaardebelasting draagt, ten slotte, ook nog bij aan de begroting.

Collega’s, waar het voor de mensen echt om draait, is meer nettoloon op het einde van de maand. Dat betekent een lastenverlaging. Dat is exact de reden waarom cd&v deel uitmaakt van de huidige regering, namelijk voor een fatsoenlijke fiscale hervorming.

Die hervorming ligt ook op tafel. De plannen zijn er om ervoor te zorgen dat een alleenstaande tot 1.200 euro netto meer krijgt en een gezin tot 1.900 euro meer. Dat komt neer op meer dan 100 euro extra per maand.

Dat verschil zullen de gezinnen echt voelen, bijvoorbeeld wanneer ze hun maandelijkse energiefactuur moeten betalen of een uitstapje met de kinderen organiseren en betalen. Die bedragen kunnen het verschil maken. De lastenverlaging moet er dan ook snel komen.

Voor cd&v is het heel duidelijk. De meerwaardebelasting is onlosmakelijk verbonden met een lastenverlaging. Wij vragen een eerlijke bijdrage van de sterkste schouders. Tegelijkertijd moet de werkende middenklasse de extra centen op het einde van de maand kunnen zien.

Mijnheer de eerste minister, alles ligt op tafel. De regering heeft zich geëngageerd om voor 21 juli aanstaande een fiscale hervorming te lanceren. Er is met andere woorden een momentum.

Bent u van plan om dat momentum te grijpen, zodat er ook zekerheid is voor de hardwerkende middenklasse onder de vorm van een extraatje op het einde van de maand?

Jean-Marie Dedecker:

We zijn gejost en gesost, mijnheer de premier. In het labyrint van onze belastingkoterij heeft men na lang zoeken een nieuw soort belasting ontdekt: de meerwaardebelasting op aandelen. In feite is het een chantagebelasting. Naar verluidt zou er immers geen regering gevormd zijn als de socialistische tollenaars van Vooruit deze nieuwe belasting niet mochten invoeren. Socialisten staan traditioneel dicht bij de mensen – vooral om in hun zakken te kunnen zitten. Voor u, mijnheer de premier, was het dus kiezen tussen de pest en de cholera.

Louter uit ideologische motieven slaat men nu het spaarvarken van de middenklasse stuk met een linkse trofeemaatregel. Het was een ware zoektocht om nog een belastingdiscipline te vinden waarin we niet op het podium staan. Met 52,6 % zijn we sinds de regering-Verhofstadt, al 25 jaar, lang kampioen in de lasten op arbeid. Met 39 % belasting op kapitaal zijn we ook vice-Europees kampioen. Met een overheidsbeslag van 56 % – een van de hoogste ter wereld – roomt de overheid al meer dan de helft van onze welvaart af. Het is echter nooit genoeg. Het zijn zotten die werken, maar blijkbaar ook zotten die sparen en beleggen.

In de jaren '80 werd de aankoop van Belgische aandelen, via de wet Cooreman-De Clercq, fiscaal aftrekbaar gemaakt. Dat werd een groot succes. Heel wat geld vond toen zijn weg naar ondernemingen, wat leidde tot de creatie van 90.000 nieuwe jobs. Het dwaallicht Verhofstadt schafte deze regeling af. De heer Cooreman was een CVP’er. Het is dus hypocriet dat de christelijke arbeidersbeweging vandaag nog durft pleiten voor een meerwaardebelasting.

Het ACW – of het huidige Beweging.net – moet nog altijd 1,4 miljard euro vergoeden aan haar 800.000 Arcospaarders, aan wie ze ten onrechte aandelen verkochten als waren het spaarboekjes. Van die boeren lust ik geen eieren. Als men een werkzaamheidsgraad van 80 % wil behalen, mijnheer de premier, voert u beter een nieuwe wet Cooreman-De Clercq in.

Ludivine Dedonder:

Monsieur le premier ministre, vous tenez donc votre deal plus-value. J'aurais sincèrement pu vous féliciter. Pourtant, ce n'est pas l'euphorie, car votre taxe loupe complètement sa cible. Même votre rendement de 500 millions est remis en question.

La question n'est pas "qui va payer?", mais plutôt "qui ne va pas payer?". Un entrepreneur qui fait 2 millions de plus-value ne paiera que 12 500 euros. Les vraies grosses fortunes, comme d'habitude avec l'Arizona, les milliardaires ne paieront pas. Pour eux, on trouve des exceptions et des exemptions. Pendant ce temps-là, tous les citoyens de ce pays remplissent leur déclaration fiscale ces jours-ci. Ils sont loin de posséder 2 millions, mais, eux, ils paient des impôts: 40 % Et pourtant, ils bossent tous les jours. Or, pour eux, rien n'est prévu pour augmenter leur pouvoir d'achat! Au contraire, ils devront travailler plus longtemps pour gagner encore moins.

Et ce n'est pas tout, parce que vous avez conclu un marché. Et, dans ce marché, il y a en contrepartie l'achat de 11 F-35 pour un coût de 2 milliards. Il faudra bien que quelqu'un paie ce super deal. Nous avons entendu Maxime Prévot parler d'une nouvelle taxe et votre ministre du Budget annoncer qu'il faudrait encore faire des économies. C'est la classe moyenne, encore et toujours elle, qui va devoir passer à la caisse. C'est déjà elle qui porte le poids des réformes de l'Arizona. Ce ne sont ni les grandes fortunes ni les multinationales. Non! Avec vous, ce sont les familles, les travailleurs et les retraités qui passent à la caisse.

Monsieur le premier ministre, pourquoi tant d'exceptions? Pourquoi des taux si faibles? Pourquoi une taxe aussi ridicule pour les gros actionnaires? Qui va la payer? En reverrez-vous le rendement à la lumière des déclarations des économistes, fiscalistes et institutions de ce pays?

Oskar Seuntjens:

Mijnheer de eerste minister, als historicus bent u volgens mij stiekem heel trots, want de voorbije week gaat de geschiedenisboeken in met een historisch akkoord over de meerwaardetaks op aandelen. Ik had er mijn hemd voor moeten strijken!

Ik hoor de mensen hier spottend lachen. Maar ze zijn jaloers, want het is een historisch akkoord. De FOD Financiën was heel duidelijk.

Er is vandaag een kleine groep mensen die van geld nog meer geld maken. Als er in de wettekst geen achterpoortjes werden gecreëerd, konden we de superrijken effectief eindelijk doen bijdragen. Met Vooruit hebben we dus superhard gevochten om alle achterpoortjes dicht te metselen, opdat mensen met een goede boekhouder of rijke families de dans niet konden ontspringen.

U mag ermee lachen, maar leg het maar eens uit aan de werknemers in de zorg, die nachtshiften draaien of aan de werknemers in de bouw, die hun rug kapotwerken, dat ze bijna de helft van hun loon moeten afstaan, terwijl tegelijk een klein groepje miljoenen winst maakt op aandelen, maar niets bijdraagt.

Ik schrik er natuurlijk niet van dat partijen als Open Vld hun rijke vriendjes willen beschermen. Daar schrik ik niet van. Waar mensen wel van schrikken, is dat het Vlaams Belang als een wolf in schaapsvacht opkomt voor de elite en het gewone volk negeert. Het contrast met de regering kan niet groter zijn.

Uw regering, mijnheer de eerste minister, zal hervormen om onze toekomst te beschermen en om in de zorg van onze burgers en in hun koopkracht te kunnen investeren.

Mijnheer de eerste minister, mijn vraag is eenvoudig: wanneer komt dat schitterende ontwerp naar de Kamer?

Sofie Merckx:

Nous venons encore de l'entendre, l'accord de l'Arizona n'aurait jamais vu le jour sans une contribution des super riches, parce que tout le monde doit faire un effort.

Mais depuis le début, nous avions vu clair. Nous avions vu que les super riches allaient échapper à cet impôt; et maintenant que nous avons vraiment l'accord et les détails, monsieur De Wever, nous voyons clairement, comme les autres collègues l'ont déjà dit, que les super riches, justement, sont épargnés.

N'avez-vous pas lu Michel Maus de la VUB qui dit que les riches ne paient pas beaucoup d'impôts sur le revenu des personnes physiques? Leur richesse est structurée en sociétés. Isabel Albers: " De realiteit is dat de one percent toch ontsnapt ". Et Bruno Colmant: "Cette taxe ne touchera pas les plus fortunés".

Monsieur le premier ministre, comment réagissez-vous à ce qui est dit par des experts, par des fiscalistes, par des opinion makers selon lesquels, justement, le 1 % arrivera encore à éluder cet impôt?

Ce qui est clair aujourd'hui, c'est que cette taxe sur les plus-values n'est rien d'autre qu'un symbole. M. Jambon l'a clairement mis sur Twitter. Ce n'est rien d'autre qu'un symbole pour faire passer l'ensemble des mesures antisociales de ce gouvernement. Un symbole qui ne touche donc pas les super riches.

Monsieur le premier ministre, pouvez-vous me confirmer que suite à cet accord sur la taxe des plus-values, les partis comme Vooruit, Les Engagés et le cd&v vous donnent le feu vert pour acheter 11 F-35; qu'ils vous donnent le feu vert pour la réforme des pensions avec le malus pension; qu'ils vous donnent le feu vert, de manière générale, pour faire de ce gouvernement un gouvernement de la casse sociale?

Voorzitter:

Heel wat vragen, mijnheer de eerste minister. Dat geeft u recht op vijf minuten om er antwoord op te geven.

Bart De Wever:

Collega's, voor een wetgever is het maken van schone kindjes niet gemakkelijk, behalve dan voor de voorzitter van dit Huis. Dat spreekt voor zich.

Ik ben zelf geen one percenter . Ik ben de zoon van een spoorwegarbeider. Ik ben niet thuis in die leefwereld. Ik heb thuis wel geleerd hoe men een hemd moet strijken en dat men dat ook in zijn broek kan steken, mijnheer Seuntjens.

(Gelach en applaus)

Van de wereld van de zeer rijken ken ik echter weinig. Ik noteer de collectieve ambitie van de hele oppositie. Het is mij opgevallen dat het vooral zij zijn die voor het rendement moeten zorgen. Ik begrijp dat en heb uw raadgevingen ter zake, mevrouw Bertrand, goed aangehoord en kijk er ook verder naar uit.

Chers collègues, j'ai compris qu'une première discussion a eu lieu mardi en commission des Finances et que celle-ci se poursuivra lors des prochaines séances.

Je ne peux que vous donner les grandes lignes de cet accord qui, comme vous le savez, doit encore passer en première lecture au Conseil des ministres. S'ensuivront un avis du Conseil d'État et une seconde lecture. Les plus impatients d'entre vous devront encore prendre leur mal en patience pour voir arriver le texte final au Parlement.

L'accord sur la taxation des plus-values fait partie de l'accord de gouvernement, mais aussi et surtout d'un vaste ensemble de réformes sur lesquelles les cinq partis de la coalition se sont mis d'accord. Ce sont des réformes dont ce pays a cruellement besoin si on veut le remettre sur les rails, arrêter le pourrissement budgétaire et protéger notre prospérité.

Wij hervormen de arbeidsmarkt om zoveel mogelijk mensen aan de slag te krijgen. Wij hervormen de pensioenen om deze in de toekomst betaalbaar te houden. En wij voeren ook een fiscale hervorming door om de brutoloonlast te verlagen en het netto-inkomen van werknemers te verhogen, in het bijzonder voor de lage en middeninkomens. Werken moet lonen. Het verschil tussen werken en niet werken moet 500 euro of meer bedragen. Mijnheer Matheï, die ambitie zullen wij gestalte geven. Meer mensen aan het werk voor een beter loon, dat betekent meer welvaart en een financieel gezonder land.

Om de koopkracht van de werkenden te versterken, voorziet het regeerakkoord inderdaad in een belasting van 10 % op de meerwaarde. Dames en heren, in een land waar de fiscale druk al bijzonder hoog is, heeft de regering een duidelijke keuze gemaakt. De gewone spaarder en de hardwerkende kleine zelfstandige mogen niet het slachtoffer worden van bijkomende lasten. Zij verdienen respect en bescherming, geen bestraffing. Zoals vastgelegd in het regeerakkoord, voeren we vanaf 1 januari 2026 een evenwichtige meerwaardebelasting in. Het algemene principe daarvan is helder: een tarief van 10 % op effectief gerealiseerde meerwaarde, met de mogelijkheid om minwaarde in hetzelfde jaar af te trekken.

We voorzien bovendien een jaarlijkse vrijstelling van 10.000 euro per persoon. Na vijf jaar zonder gebruik van deze vrijstelling loopt dat bedrag op tot 15.000 euro. Voor een koppel betekent dat dus een vrijstelling van 30.000 euro.

Bovendien wordt dat bedrag geïndexeerd. Dus stellen dat deze belasting de middenklasse zeer zwaar zal treffen, lijkt mij zeer zwaar overdreven.

Voor wie minstens 20 % van een onderneming bezit, voorzien we een vrijstelling tot 1 miljoen euro. Zo zorgen we ervoor dat de kleine zelfstandige, die zijn of haar levenswerk, of het levenswerk van een koppel, wil overdragen of verkopen aan het einde van de carrière, fiscaal niet zal worden bestraft. Laat het ook duidelijk zijn, deze belasting geldt niet voor pensioenspaarproducten, zoals pensioensparen of groepsverzekeringen.

De opbrengst van deze maatregel, zoals ingeschreven in onze begrotingstabel, werd bevestigd. Het gaat om 250 miljoen euro in 2026, oplopend tot 500 miljoen euro in 2030. Die middelen zullen we inzetten om de lasten te verlagen, met name de lasten op arbeid, in het bijzonder voor mensen die werken voor een laag of gemiddeld inkomen. Dat lijkt mij zeer rechtvaardig, want wie elke ochtend vroeg opstaat en bijdraagt aan onze samenleving, verdient meer waardering. Dat is inderdaad de belofte van deze regering en die belofte zullen we houden. Voor het parlementair reces zal de minister van Financiën deze belastingverlaging nog in eerste lezing voorleggen aan de ministerraad.

Lode Vereeck:

Mijnheer de eerste minister, altijd als we vragen stellen over de meerwaardebelasting, krijgen we antwoorden over de personenbelasting. Ik begrijp dat niet.

Het blijft een feit dat u in het zwaarst belaste land de enige belasting zult invoeren die we nog niet hadden, de ultieme trofee voor socialisten en communisten, een meerwaardebelasting op kap van de Vlaamse spaarders en familiebedrijven en niet van de superrijken.

Men zegt weleens dat het gemakkelijker is een hond voorbij een hotdogkraam te krijgen dan een socialist voorbij een zak geld, maar vandaag is het gemakkelijker om een hond voorbij een hotdogkraam te krijgen dan een N-VA'er voorbij een postje als minister, burgemeester of schepen. U hebt dan ook de ruggengraat van een hotdog.

Er is echter ook goed nieuws. Ook u hebt een trofee gewonnen, die ik u mag overhandigen. U bent de winnaar, na Guy Verhofstadt en Alexander De Croo, van de wisseltrofee belgicistische-socialistische schoothondjes. Proficiat.

( De heer Vereeck overhandigt een trofee aan de eerste minister )

Voorzitter:

Er volgt nog een reeks replieken. Als iedereen een geschenk voor u heeft, mijnheer de premier, zult u langs de deontologische commissie moeten.

Alexia Bertrand:

Mijnheer de premier, een land kan alleen goed functioneren met een sterke middenklasse. U hebt ook ondernemers en bedrijven nodig. Ze zijn de motor van onze economie en tewerkstelling; dat ziet u trouwens ook in uw stad. Laat ons fier op hen zijn.

De heer Dedecker had het over 25 jaar. Open Vld heeft die taks inderdaad 25 jaar lang tegengehouden omdat ze altijd de middenklasse treft. Het zijn altijd dezelfden die betalen, mijnheer Dedecker. Wat de PS nooit gelukt is in de regering, krijgt ze cadeau van u, mijnheer De Wever, en waarom? Omdat u gezwicht bent voor een trofee van Vooruit.

Mijnheer Seuntjes, u zult uw debatfiches moeten aanpassen, want de heer Bouchez zegt het zelf: als men rendement wilt, dan moet men een brede belastingbasis aanspreken, dus de middenklasse.

Ik eindig met Willy De Clercq. Dat was een liberaal, mijnheer Dedecker. Wat u doet (…)

Voorzitter:

Mevrouw Bertrand, iedereen zal die woorden van Willy De Clercq op Google kunnen opzoeken.

Dieter Vanbesien:

Collega's, de rijkste 10 % van ons land bezit samen 1.632 miljard euro. Van dat gigantisch vermogen vraagt deze regering een bijdrage van 500 miljoen euro. Het is een schande hoe de regering de sterkste schouders keer op keer beschermt. Het is een schande dat de gewone mensen, die onze samenleving draaiende houden, telkens opnieuw het gelag betalen. Deze regering zit in de verkeerde zakken.

Wat blijkt vandaag? Zelfs die beperkte bijdrage raakt de rijkste 1 % niet eens. Opnieuw zit de regering in de verkeerde zakken. Als de fiscale experts gelijk krijgen dat die maatregel niet opgaat voor de allergrootsten, dan blijft er maar één conclusie over: het is tijd voor een echte vermogensbelasting: eenvoudig, eerlijk, zonder achterpoortjes. Alleen op die manier kan deze regering de belofte aan de Belgen nakomen.

Voorzitter:

Collega Vanbesien, bedankt voor die suggestie.

François De Smet:

Merci pour vos réponses, monsieur le premier ministre.

Pourquoi cet impôt n'existait-il pas jusqu'ici en Belgique alors qu'il existe dans un grand nombre de pays? Il n'existait pas parce qu'en Belgique, il y avait – et il y a toujours – une immense taxation des charges sur le travail.

Donc, dès le moment où vous choisissez d'ajouter cet impôt, la moindre des choses aurait été de faire un vrai tax shift et de diminuer les charges sur le travail. Ce n'est pas ce que vous faites; vous le ferez peut-être, si tout va bien, dans deux ou trois ans, où chaque Belge aura peut-être 100 euros environ par mois.

Votre réforme de l'emploi est d'abord une réforme du chômage, vous en êtes très fier, vous l'avez à nouveau rappelé. L'une des faiblesses de cette réforme, outre le fait que vous sanctionnez évidemment les chômeurs beaucoup plus tôt, est que vous ne créez pas l'emploi, vous n'avez pas de stratégie industrielle. Là encore, vous sanctionnez les entrepreneurs, ceux qui doivent créer, ceux qui doivent investir, et vous rendez encore plus difficile, demain, la possibilité d'atteindre vos objectifs en termes de taux d'emploi.

Steven Matheï:

Dank u wel, mijnheer de eerste minister, voor uw antwoorden. Meer nettoloon op het einde van de maand, dat houdt de mensen bezig. Dat is op zich logisch, want veel werknemers uit de hardwerkende middenklasse geven de helft van hun loon af. Meer nettoloon is ook een absolute prioriteit van cd&v. Het staat in het regeerakkoord en ik ben blij dat u dat daarnet opnieuw hebt onderschreven en ook een timing hebt opgegeven, die aantoont dat u er snel werk van zult maken.

Als we op 1 januari 2026 een lastenverlaging willen doorvoeren, dan moet er voor 21 juli een akkoord zijn. Wij zullen daarvoor strijden, want dat zijn we verschuldigd aan de hardwerkende middenklasse.

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de eerste minister, u had zich er gemakkelijker van af kunnen maken met een verdubbeling van de hoogste beurstaks ter wereld, die al van toepassing is, namelijk 1,32%. Dan had de brol van de heer Bouchez niet hoeven te worden ingevoerd. Op dividenden betalen we al 30 % roerende voorheffing. We hebben een Reynderstaks van 30 %, een kaaimantaks van 30 %, een uitzonderlijke meerwaardebelasting op aandelen van 33 % en nu nog eens 10 % meerwaardebelasting.

Ik heb het lastig met de hypocrisie hier. Zo is het dankzij uw partij, mevrouw Dedonder, dat we de hoogste kapitaalbelasting van Europa hebben. Ik heb ook al gewezen op de strapatsen van cd&v. Over sommigen spreek ik niet meer, want die verkiezen gelijke armoede boven ongelijke rijkdom. Dat is voor mij niet het probleem. En wat verkondigde het Vlaams Belang vóór de verkiezingen in een interview in De Tijd ? Weet u het nog? Ik zal niet kijken naar collega Vereeck, want hij komt ook van LDD, waar hij is weggelopen - het was te goed bij ons. In zijn verkiezingsprogramma voor de verkiezingen pleitte die partij voor 25 % meerwaardebelasting. ( Tumult )

Ludivine Dedonder:

(…)

Voorzitter:

Collega's, mag ik u vragen om te luisteren naar mevrouw Dedonder?

Ludivine Dedonder:

Monsieur le premier ministre, en n'en disant mot, vous confirmez que la taxe ne touchera pas les plus fortunés. C'était certainement votre intention. Cette taxe ne touchera pas les milliardaires. Vous confirmez ainsi que les factures seront bien émises sur le dos de tous les Belges, sauf celui des plus riches.

Vous dites que cela fait partie d'un ensemble de réformes comprenant notamment celles du chômage, du marché du travail et des pensions. Cela confirme bien que tout se fait sur le dos de la classe moyenne, des travailleurs, des pensionnés et des malades. Quand je vous pose la question relative aux 11 F-35, qui font partie, comme vous l'avez dit vous-même, de ce deal sur les plus-values, je n'ai pas de réponse. Il faudra encore trouver deux milliards sur le dos des travailleurs.

Cela caractérise bien ce gouvernement. Depuis le début, vous vous acharnez sur les travailleurs alors que vous prétendez vouloir les récompenser. Ils n'auront pas 500 euros supplémentaires, mais devront en payer 500!

Oskar Seuntjens:

Mijnheer de voorzitter, andere landen doen het allang. Hier wordt er ook allang om geschreeuwd. De huidige regering met Vooruit doet het ook effectief. Wij zorgen ervoor dat in de moeilijke tijden die het vandaag zijn ook de superrijken een eerlijke bijdrage zullen leveren.

Er wordt hier veel gelachen met belachelijke trofeetjes, maar daar gaat het niet om. Het gaat niet om trofeeën, het gaat om rechtvaardigheid. Op een moment waarop de wereld in brand staat, vragen wij van iedereen een eerlijke bijdrage.

Daarom is, zoals andere leden al opmerkten, de volgende stap dat mensen die elke dag werken op het einde van de maand netto meer kunnen overhouden. Mijnheer de eerste minister, daarvoor hebt u onze steun. Wij zullen verder hervormen om onze toekomst te beschermen en werkende mensen erop vooruit te laten gaan.

Sofie Merckx:

Mijnheer de premier, wij hebben u met minstens vijf parlementsleden gevraagd wat uw antwoord is op de analyses die de afgelopen dagen overal werden gemaakt en die stelden dat de superrijken niet zullen betalen. U mag trouwens ook naar mij luisteren. Ik zie namelijk dat u gezellig keuvelt met de heer Vereeck. Ik had echter van u ook geen antwoord verwacht. Mijnheer Seuntjes, hoe kan uw partij daarin meegaan? Cd&v, hoe kunt u dat? De sterkste schouders zullen de dans ontspringen! Met uw riedeltje dat de superrijken zullen bijdragen en dat alles eerlijk is, maakt u misbruik van dat symbool om mee te stappen op die asociale hervormingstrein. U helpt de werkende mensen immers niet! Wat u doet is (…)

klimaat, energie en landbouw

De door het Grondwettelijk Hof onder de fiscale uitzonderingen gelegde bom
De terugvordering van bedrijfsvoorheffing in de tuinbouw na de vernietigde vrijstellingsregeling
Fiscale uitzonderingen en terugvorderingen in de tuinbouw.

Gesteld aan

Jan Jambon (Minister van Financiën en Pensioenen)

op 26 juni 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Het Grondwettelijk Hof vernietigde een covid-steunmaatregel voor fruittelers als illegale staatssteun, waardoor sectoren mogelijk 5 miljard euro aan niet-aangemelde fiscale voordelen (flexi-jobs, voetbalclubs, expats, etc.) moeten terugbetalen, met risico’s voor rechtse koteriepolitiek en systeemstabiliteit. Minister Jambon blokkeerde nieuwe aanvragen en zoekt sectorgerichte oplossingen, maar benadrukt dat flexi-jobs en expatregelingen veilig zijn omdat ze breed toepasbaar zijn. Vanbesien (Vooruit) pleit voor een radicale fiscale hervorming (gelijke belasting op arbeid/vermogen) om koterijen af te schaffen, terwijl Verkeyn (N-VA) de schuld legt bij de vorige regering die de maatregel niet bij Europa aanmeldde. Structurele onzekerheid blijft, met dreigende claims en lobby-invloed als kernprobleem.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, u hebt ongetwijfeld vernomen dat het Grondwettelijk Hof enkele weken geleden een specifieke steunmaatregel ten voordele van fruittelers heeft vernietigd. Het betreft een maatregel die werd genomen in het kader van de covidcrisis, om ervoor te zorgen dat het fruit geplukt kon worden, aangezien men destijds geen beroep kon doen op reguliere plukkers.

Het Hof oordeelt dat het gaat om illegale staatssteun. In Europa geldt dat de overheid geen gunstmaatregelen mag verlenen aan een specifieke sector. Het gevolg is dat de fruittelers dat geld nu moeten terugbetalen aan de overheid.

Die uitspraak legt mogelijk een zware bom onder ons belastingsysteem, aangezien in de voorbije decennia tal van gelijkaardige maatregelen zijn ingevoerd die mogelijk hetzelfde lot beschoren zijn.

Ons belastingsysteem hangt aan elkaar van fiscale koterijen. Het is duidelijk dat dat niet duurzaam is en dat het ons in de problemen zal brengen. De lobby weegt te zwaar door in ons land. Ik geef een voorbeeld. De professionele voetbalclubs krijgen al heel lang dergelijke voorkeursbehandelingen. Voor RSC Anderlecht kan men dat nog enigszins begrijpen, maar niet voor clubs als Club Brugge en Standard Luik. De flexi-jobs vormen een ander voorbeeld. Ook dat systeem houdt een voorkeursbehandeling in voor specifieke sectoren. Wat gebeurt er indien de horeca-uitbaters morgen al dat geld moeten terugbetalen?

Mijnheer de minister, hebt u een plan om al die bestaande maatregelen in kaart te brengen, teneinde een oplossing te zoeken zodat er geen rampen gebeuren?

Deze regering zal nog een aantal fiscale koterijen bijbouwen, met hetzelfde risico. Zult u de uitvoering daarvan stopzetten en een alternatief zoeken dat wel rechtszekerheid biedt?

Charlotte Verkeyn:

Mijnheer de minister, ik zou niet graag in uw schoenen staan, want er zijn heel wat fiscale kopzorgen. Met de vernietiging van een regeling in de tuinbouwsector werd er een fiscale splinterbom gedropt. Wat is er aan de hand? Tuinbouwwerkgevers mochten een deel van de bedrijfsvoorheffing voor zich houden in plaats van die door te storten. Helaas werd die regeling door de toenmalige regering, de vivaldiregering , niet als staatssteun aangemeld. Nu zitten we met de gebakken peren, want de gevolgen kunnen aanzienlijk zijn. Onder meer de uitbreiding van de flexi-jobs komt daardoor in het gedrang, evenals de investeringsaftrek, de expatregeling, de regeling voor het voetbal, waarnaar collega Vanbesien al verwees, en ook de regeling voor studentenjobs. Wat gaan we daarmee doen? Ik weet het alvast niet.

Het wordt echter nog erger, want in het verleden zijn meerdere gelijkaardige systemen ingevoerd. Denk maar aan de maatregelen voor onderzoek en ontwikkeling, nachtarbeid, ploegenarbeid en de baggerscheepvaart. Men heeft de factuur daarvan berekend en die komt – collega’s, houd u vast – neer op 5 miljard euro aan fiscale kopzorgen, te wijten aan een vergetelheid van Vivaldi.

Mijnheer de minister, zijn die kopzorgen terecht? Is er een oplossing?

Jan Jambon:

Beste Kamerleden, voorafgaand wil ik verduidelijken dat de vernietigde maatregel een reeds bestaande maatregel was. De maatregel voor de fruit- en groenteteelt dateerde namelijk van 2023, tamelijk recentelijk dus. U herinnert zich dat zeker en vast, mijnheer Vanbesien, want uw partij heeft die maatregel mee goedgekeurd in het Parlement.

Wij hebben inderdaad kennisgenomen van het arrest van het Grondwettelijk Hof, op 12 juni. Daaropvolgend heb ik meteen actie ondernomen. Sindsdien is het niet meer mogelijk om nieuwe aangiftes in te dienen voor de groente- en fruitsector.

Voor het jaar 2024 gaat het over 21,4 miljoen euro en voor het jaar 2025 is het tot dusver 5,2 miljoen euro. Dat is zeker niet niets.

Voor de getroffen sectoren is mijn administratie nu op zoek naar een oplossing. We zullen de betrokken bedrijven contacteren, zodat ze zeer snel duidelijkheid krijgen. Binnen de FOD Financiën werd een speciaal team opgericht om alles goed op te volgen. Daarnaast nodigen we morgen ook de sectorfederaties en andere betrokken organisaties uit, om te luisteren naar hun vragen en hun zorgen. Op basis van die insteken willen we zo snel mogelijk zorgen voor heldere communicatie ten aanzien van die bedrijven.

Tot slot, we analyseren uiteraard of dat arrest gevolgen kan hebben voor andere fiscale regelingen. Ik kan daar het volgende al over zeggen. Voor de flexi-jobs is er vooralsnog geen probleem. Dat systeem bestaat al lang en het staat volgens ons stevig. Ook voor de expats is er weinig kans op plots wegvallen. In beide gevallen gaat het om algemene, brede maatregelen, die niet gericht zijn op één sector.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, u spreekt vooral over de actie die u al hebt ondernomen in het kader van de fruitteelt, wat uiteraard heel goed is, maar het gaat mogelijk om een veel groter probleem, zoals collega Verkeyn ook zei. Zij spreekt over een grootteorde van 5 miljard. Dat is iets helemaal anders. U stelt dat er geen probleem is met de flexi-jobs, maar ik ben daar niet zo zeker van. Het gaat om staatssteun aan een sector en als die niet goedgekeurd werd door Europa, kan dat tot een gelijkaardig probleem leiden.

We weten dat rechtse partijen graag belastingen uithollen. Dat is geen verrassing. Daarom bouwen ze koterij op koterij. Vooruit gaat daarin mee.

De enige oplossing voor dat probleem is een grondige fiscale hervorming. Wij stellen voor om inkomsten uit arbeid en vermogen op dezelfde manier te belasten. Een euro is een euro. Dan houden mensen netto meer over en kunnen al die koterijen worden afgeschaft. Mijnheer de minister, als u zo’n plan zou voorleggen, zou ik het zelfs steunen.

Voorzitter:

Ik voel iets groeien tussen de heer Vanbesien en de heer Jambon, maar de toekomst zal dat uitwijzen.

Charlotte Verkeyn:

Collega Vanbesien, met alle respect, maar die maatregel, trouwens een goede maatregel, werd ingevoerd onder de vorige regering, met uw partij in de regering. Uw regering vergat die maatregel echter aan te melden, waardoor wij nu met de gebakken peren zitten en opnieuw met ons gat op de blaren moeten zitten.

Mijnheer de minister, ik hoop echt dat u dat opgelost krijgt, want het is bijzonder spijtig. Heel wat zuurstof voor ondernemers en voor mensen die willen werken, dreigt daarmee in het gedrang te komen. Ik zou niet graag in uw schoenen staan en dat allemaal hele dagen moeten meemaken. Ik wens u veel succes.

Voorzitter:

Mijnheer de minister, er staat vandaag een vijftiental vragen aan u geagendeerd, misschien is dat de reden waarom collega Verkeyn niet in uw schoenen zou willen staan.

veiligheid, justitie en defensie

De NAVO-top in Den Haag
De NAVO-top in Den Haag
De resultaten van de NAVO-top
Het standpunt van België bij de NAVO
De NAVO-top en het defensiebudget
De NAVO-top in Den Haag
De nieuwe NAVO-uitgavennorm en de top van 24 juni
De NAVO-top
De NAVO-top in Den Haag
De op de NAVO-top van 24 en 25 juni genomen beslissingen
NAVO-top Den Haag, beslissingen en defensiebudget

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister), Theo Francken (Minister van Defensie)

op 26 juni 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De NAVO-top leidde tot een 5%-norm (3,5% defensie + 1,5% veiligheid/cyber/infrastructuur) tegen 2035, met 2% in 2029 als eerste mijlpaal, maar België ontwijkt concrete financiering en schuift de last door naar toekomstige regeringen. Kritiek focust op onrealistische budgetten (34 miljard nodig, onduidelijke dekking), gebrek aan Europese defensiesamenwerking (versnipperde aankopen, geen strategie) en sociale gevolgen (besparingen op zorg/pensioenen, belastingverhogingen). Partijen zijn verdeeld: rechts en centrum willen realistisch investeren in personeel/cyberveiligheid, links noemt het onderworpenheid aan de VS en een wapenwedloop, terwijl Europa’s strategische autonomie onderbelicht blijft.

Voorzitter:

Collega's, verschillende vragen werden ingediend ter attentie van de premier, maar het is u bekend dat hij momenteel niet aanwezig kan zijn wegens Europese verplichtingen.

Axel Weydts:

Mijnheer de minister, gisteren was het eindelijk zover: de langverwachte NAVO-top vond plaats. Alle lidstaten zijn eensgezind naar buiten gekomen. Dat was ook nodig, want als dat niet was gebeurd, had maar één iemand champagne ontkurkt: Poetin in het Kremlin.

De NAVO-top heeft geleid tot realistische doelstellingen. Voor Vooruit was het vanaf het begin erg duidelijk: we willen absoluut investeren in onze veiligheid en defensie, maar wel op een realistische manier. 5 % was en is voor ons land immers onhaalbaar.

Laten we de focus daarom verleggen van de percentages naar wat eerder is afgesproken, namelijk dat ons land opnieuw een betrouwbare partner kan worden binnen de NAVO door verstandig te investeren in onze defensie. Ik heb zelf deelgenomen aan twee buitenlandse NAVO-missies, dus ik weet hoe belangrijk het is om te investeren in goed en veilig materieel voor onze mensen, in degelijke infrastructuur om mee te werken en in waardering voor de opofferingen die ons personeel brengt.

Vooruit roept ook al maanden op om te investeren in onze cyberveiligheid. Onze banken, overheidsinstellingen en ziekenhuizen worden nu immers al maandenlang geteisterd door cyberaanvallen uit Rusland. Die moeten we echt prioritair aanpakken.

Het allerbelangrijkste voor Vooruit is echter dat we investeren in ons personeel. Wat is men namelijk met het beste materieel en met al die nieuwe capaciteiten voor onze defensie als men geen personeel heeft om dat materieel te bedienen? We weten dus wat nodig is qua investeringen in onze veiligheid.

Mijnheer de minister, zult u, net als Vooruit, de focus leggen op de hybride dreiging vanuit Rusland en op ons personeel, dat we broodnodig hebben?

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de minister, al een halve eeuw lang financieren we onze welvaart ook met middelen die oorspronkelijk bestemd waren voor onze veiligheid. Het gevolg daarvan is een doorgeschoven – een doorgesnoven – verzorgingsstaat en een krakkemikkig leger. Onze kazernes zijn ruïnes. Het cliëntelisme heeft geleid tot een tewerkstellingsproject van de politieke partijen, waardoor zelfs de personeelsbezetting van het leger niet op punt staat. Er staan momenteel 127 pantservoertuigen te roesten omdat een minister de verkeerde munitie heeft besteld. We zijn zelfs nooit onze NAVO-verplichtingen nagekomen, terwijl het NAVO-hoofdkwartier zich in Brussel bevindt.

Plots komt er dan een bullebak overgevlogen uit New York, een narcistische bully met, cru gesteld, de mentaliteit van een maffiabaas. Wat zegt die man bij aankomst? “ I can make you an offer you can’t refuse. ” Kent u The Godfather? Die zei dat ook. Vervolgens kust onze slijmjurk, de voorzitter van de NAVO, de ring van die man. Ook onze 32 regeringsleiders slaan de hielen tegen elkaar en likken de kont van die narcistische Amerikaan, uit vrees dat die capo hen zal bestraffen.

Ik heb op zich niets tegen het principe van de 5 %-norm, daar gaat het mij niet om. Zeg me wel hoe u die zult bereiken en om hoeveel geld het gaat. Ik hoor alle partijen daarover al ruziën nog vooraleer hij is teruggevlogen. Moeten er meer F-35's worden gekocht? Nog ander materieel? Over welk bedrag gaat het?

Mijnheer de minister, over hoeveel geld gaat het? Hoe zult u dat realiseren? Zal men daarvoor met een creatieve boekhouding moeten werken?

Mathieu Michel:

Monsieur le ministre, malgré une situation budgétaire qui rend les réformes indispensables, la Belgique a réaffirmé que l'OTAN constitue un socle fondamental pour la sécurité de notre pays. Nous devons être un partenaire loyal, fiable et pleinement engagé au sein de l'Alliance. Dire non à l'OTAN, ce serait faire preuve d'un oubli historique inquiétant mais, plus que tout, ce serait faire preuve d'une naïveté coupable car, aujourd'hui, il ne s'agit pas d'opposer sécurité et solidarité. En voici la preuve par les chiffres: 120 milliards d'euros pour notre sécurité d'ici 2034, 1 200 milliards d'euros pour la solidarité (soins de santé, pensions et aides sociales).

Oui, n'en déplaise à certains, ce gouvernement renforce notre modèle social en lui donnant les moyens de fonctionner mais aussi les moyens de survivre. Nous faisons aujourd'hui ce que tout pays responsable doit faire: protéger ses citoyens sans renoncer à ses valeurs fondamentales et à son modèle social

Protéger ses citoyens est évidemment essentiel. Aussi, je salue la décision historique d'intégrer jusqu'à 1,5 % du PIB en dépenses de sécurité élargies. Vous savez que c'est une grande attention pour ce qui me concerne. Les guerres de demain seront différentes de celles d'hier. Et, aujourd'hui, ce ne sont plus uniquement les dépenses militaires qui comptent. C'est un élément fondamental. Cette évolution appelle à une gouvernance renforcée, au-delà du seul ministère de la Défense, et qui intègre les entités fédérées.

Selon nous, le ministre de la Sécurité devrait être chargé de développer et soumettre une vision stratégique de la sécurité intérieure en lien avec ce 1,5 % de sécurité transversale. Monsieur le ministre, comment voyez-vous concrètement l'évolution de cette coordination intergouvernementale avec, à côté de cette vision stratégique de défense, une véritable vision stratégique de sécurité transversale?

Philippe Courard:

Monsieur le président, monsieur le ministre, cela va coûter 6 000 euros par ménage aux Belges. Deux jours d’escapade à La Haye, et voilà qu’il faut trouver 34,2 milliards d’euros.

Comment les trouver? J’y reviendrai dans un instant. Soyons clairs, je ne suis pas stupide et me rends compte que des moyens supplémentaires sont nécessaires. Il faut bien entendu se défendre. L’Europe et la Belgique doivent répondre aux menaces qui nous entourent. Nous ne devons pas nier la situation géopolitique, mais pas à n’importe quel prix et n'importe comment, monsieur le ministre. Nous ne devons pas dépenser pour dépenser, et certainement pas en faisant porter la charge à nos concitoyens de manière anormale.

Votre politique est paradoxale. Vous préconisez des économies. Il n'y a pas assez d'argent pour la sécurité sociale. Les malades et les pensionnés doivent faire des efforts. Les services publics doivent se serrer la ceinture. Le pouvoir d’achat recule. Les personnes malades et en situation de handicap sont oubliées. Cependant, lorsqu’il s’agit de trouver des milliards, cela se fait en quelques heures. Nous verrons comment, mais ils sont jugés nécessaires.

Pourquoi n'avez-vous pas adopté la position plus raisonnable du premier ministre espagnol? Comment allez-vous financer ces milliards? Le ministre Prévot évoque une nouvelle taxe, le président du MR évite soigneusement le sujet. Allez-vous vendre nos entreprises publiques? Allez-vous faire comme votre prédécesseur, M. Steven Vandeput, avec qui les estimations de montants sont passées de 1,5 milliard à 15 milliards? Je m’interroge et j'aimerais des réponses à ces questions. Comment allez-vous financer ces milliards? Quelles sont vos recettes? Quelles sont vos solutions? Une véritable inquiétude règne au sein de la population. Oui, un effort est envisageable, mais pas au détriment de notre population.

Staf Aerts:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega's, ik vond het afgelopen week vooral gênant om te zien hoe de Europese leiders achter president Trump aanliepen om hem toch maar zo veel mogelijk te pleasen, met als top of the bill natuurlijk de uitspraak van secretaris-generaal Rutte: proficiat, mijnheer de president, u hebt Europa doen betalen en het is maar goed ook." Gênant, gênant.

Het was echter ook hier gênant en dat was het daarnet nog. De 5 %-norm is immers belachelijk, krankzinnig, het is collectieve hysterie. Mijnheer de minister, dat verklaarden uw coalitiepartners. Cd&v, Vooruit en de MR, u bent gerold, want de 5 %-norm is wel degelijk beslist afgelopen week.

Dan hoor ik in de wandelgangen dat dat niet erg is, want dat percentage moet pas tegen 2035 worden gehaald. Het is dus niet aan ons, maar aan de volgende generatie om dat te betalen. Het is aan de volgende regering om het probleem op te lossen, terwijl men vandaag zelfs nog niet weet hoe men volgend jaar de 2 % zal financieren.

Wat zien we ondertussen wel? Wie draait op voor de besparingen? De 55-plusser, de pendelaar, wie zorgkrediet opneemt, zij zullen de rekening moeten betalen en daar zullen alleen maar nog mensen bij komen.

5 % defensie-uitgaven blijft echter waanzinnig veel. In 2035 komt dat nog steeds overeen met het volledige budget van Justitie, de politie, de NMBS, Energie en Klimaat samen, maar dat is niet alles. Als de NAVO 5 % uitgeeft, dan geeft ze meer uit dan wat vandaag de hele wereld, dus inclusief Israël, Rusland en India, uitgeeft aan defensie. Ik vind dat onbetaalbaar en dom. Dat is geen investering in meer veiligheid, dat is een investering in een wapenwedloop waarin u ons allemaal meesleurt.

Mijn vraag is en blijft dus: wie zal dat in godsnaam betalen.

Kjell Vander Elst:

Mijnheer de minister, er heerst bij de coalitiepartners een soort kumbayastemming. Iedereen is tevreden. U bent tevreden, want u hebt een NAVO-akkoord over de 5 %-norm. Belgium is back on track . Dat ik dat uitgerekend van u moet horen, vind ik bijzonder. Ook Vooruit en cd&v zijn tevreden, want er is een akkoord bij de NAVO, terwijl men daar eigenlijk niets mee zal doen. 2% defensie-uitgaven is het plafond, 5% blijft stupide, belachelijk en onzinnig. Ook de eerste minister is tevreden, want hij heeft de uitvoering van de norm over tien jaar kunnen uitsmeren; men kan dat dus voor zich uitschuiven. Après nous le déluge .

Mijnheer de minister, wat is er nu echt afgesproken in de regering? Is er een groeipad richting 3,5% militaire uitgaven in de komende jaren of gaat het, zoals collega Dedecker heeft gezegd, over een creatieve boekhouding? Hoe zult u dat betalen?

Terwijl alle ogen gericht waren op de NAVO-top, bent u naar buiten gekomen met uw investeringsplan van 34 miljard euro, 34 miljard euro aan belastinggeld. De krijtlijnen daarvan hebben we voor het eerst moeten zien op X, op sociale media. Een debat in het Parlement is voorlopig niet nodig. Democratische controle is voorlopig ook niet nodig. Mijnheer de minister, u was tot voor kort zelf nog oppositielid. U zou tegen die werkwijze gefulmineerd hebben. Ik hoop dan ook dat u zeer snel naar het Parlement komt om daar uitleg over te geven.

Mijnheer de minister, wanneer komt u naar het Parlement om uw investeringsplan in de commissie en in de plenaire vergadering te bespreken?

Tot slot, maar zeker niet minder belangrijk, iedereen heeft hier opnieuw de mond vol van Europese samenwerking, maar wat hebt u al ondernomen om de Europese pijler bij de NAVO uit te bouwen?

Annick Ponthier:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, de kogel is door de kerk. Alea iacta est , zou uw premier declameren. De NAVO-top in Den Haag resulteerde in een akkoord om de 5 %-norm te bereiken tegen uiterlijk 2035. Het gaat daarbij om 3,5 % harde defensie-uitgaven en 1,5 % ruimere veiligheidsuitgaven. Spanje, dat protest aantekende tegen die waanzinnige 5 %-norm, is erin geslaagd de tekst te laten versoepelen: niet meer wij, maar de bondgenoten zullen 5 % uitgeven.

Collega’s, mijnheer de minister, dat kan worden gelezen als een vrijstelling. Blijkbaar moesten de lidstaten zich dus niet allemaal gedwee neerleggen bij de ijzeren NAVO-wetten. De vrijstelling geldt echter niet enkel voor Spanje. De tekst is immers van toepassing op alle lidstaten. Echter, zelfs als het bij die 2 % zou blijven, staan wij in dit land alvast voor gigantische problemen. De financiële rampspoed zal immers nog drastisch toenemen, indien de huidige regering haar belofte van 5 % op de NAVO-top wil nakomen.

Ik kom bij mijn vragen.

U maakt zich sterk dat u in 2025 de 2 % kunt bekostigen. Wij weten echter allemaal dat daar Verhofstadtgewijs veel kunst- en vliegwerk voor nodig was. De hamvraag blijft natuurlijk de volgende. Ten eerste, hoe wilt u de 2 %-norm structureel financieren tijdens de huidige legislatuur? Hoe staat u tegenover de nieuwe defensietaks die uw minister Prévot voorstelde?

Ten tweede, het blijft bij 2 % tijdens de huidige legislatuur. Hoe zal het groeipad er vanaf 2029 echter uitzien om naar 2,5 % te gaan tegen 2034? Hoe plant u die enorm steile klim naar 3,5 %?

Nu volgt de vraag van 1 miljard euro. Zal u bijkomende F-35’s (…)

Koen Van den Heuvel:

Mijnheer de minister, de NAVO-Top is inderdaad achter de rug. De teerling is geworpen. Wij van cd&v zijn toch blij. We hebben een aantal pleidooien gehouden voor meer realisme in dit debat en achteraf moeten we toch toegeven dat dit er was. Er zit voldoende flexibiliteit in het pad naar de toekomst. Wat voor ons een prioriteit is en wat we enkele weken geleden al heel duidelijk hadden gesteld, was dat er niet meer dan 2 % gevraagd zou worden in deze legislatuur. Dat is binnengehaald en daar zijn we blij om.

Heel belangrijk ook is hoe we dat pak geld, dat toch nog altijd meer is dan in de vorige jaren, zullen besteden. Voor ons moet dat op een efficiënte en slimme manier. Dat wil zeggen dat niet elk land apart, maar samen investeren in een sterke Europese pijler. Recente studies tonen immers aan dat een gedeelde standaardisatie binnen Europa en gezamenlijke aankopen ons tientallen miljarden zou besparen. In deze budgettaire tijden moeten we daar toch rekening mee houden.

Voor ons is het heel duidelijk. We houden al wekenlang een sterk pleidooi voor minder versnippering en meer standaardisatie. Minder naast elkaar werken, maar echt durven investeren in een sterke Europese pijler. We vinden dat een constante opdracht. Nu mag het in Den Haag wel allemaal koek en ei geweest zijn, met een sterk Atlantisch geloof, maar de basistrend is dat Europa toch meer in eigen sterkte moet investeren. Vandaar dat we geloven in een sterke Europese defensie-unie. We moeten daar niet morgen, maar vandaag werk van maken.

Mijnheer de minister, dat is dan ook onze vraag. Kunnen we rekenen op u en op deze regering om volop te investeren in de versterking van die Europese pijler, in een sterke Europese defensie-unie? Die is immers absoluut nodig voor de toekomst.

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de minister, wat een vernedering! Hoe is het mogelijk? Komaan, die 34 Europese eerste ministers luisterden allemaal naar Trump. Onze woordvoerder Mark Rutte stuurde dan een mooi berichtje over hoe die Europese elite vernederd werd door Trump. Hij zegt in zijn berichtje dat het werkelijk buitengewoon was wat Trump deed, iets wat niemand van hen durfde doen, dat hij vliegt naar een volgende succes. Donald, je hebt ons op een heel erg belangrijk moment gebracht. Je zult iets bereiken dat geen enkele andere Amerikaanse president in decennia heeft kunnen verwezenlijken. Donald, Donald, Donald, Europa gaat zwaar betalen, zoals het hoort Donald, en het zal jouw overwinning zijn. Oh, fantastisch.

Magnifique! Regardez ça, cette soumission de l'élite européenne à l'impérialisme américain! C'est du cirage de chaussures industriel. Donald, ne t'inquiète pas, au karcher on nettoie le bazar. C'est incroyable! Et quelle est la prochaine étape, chers amis? La prochaine étape, Donald Trump nous l'a annoncée.

Wat zei Donald Trump? Kiss my ass, dat is de volgende etappe.

Mais comment peut-on accepter cela?

Zoals Rutte zegt, Europa zal zwaar betalen.

L'Europe va payer! Et qui va payer? Ce sont les travailleurs!

De mensen moeten werken tot 67 jaar om hier 2 % van het bbp aan te kunnen besteden. Nu komt er 3,7 % bij en niemand zegt iets. Dat is hypocriet.

Mijn vraag is heel duidelijk, mijnheer de minister. Spanje heeft gezegd geen 5 % te zullen bijdragen. Wat is uw standpunt? Besteden we hier 5 % aan of niet?

Darya Safai:

Mijnheer de minister, beste collega’s, al jaren hebben veel Europese landen, waaronder België, nagelaten om deftig in defensie te investeren. Vanuit het idee dat vrede vanzelfsprekend is, deden die landen aan free riding binnen het NAVO-bondgenootschap. Ze rekenden op de Verenigde Staten om hun eigen veiligheid te garanderen. Nu de VS zich meer op de Indo-Pacific richt, moet Europa zelf meer inspanningen leveren.

Nog voor de aanvang van de NAVO-top bereikten de verschillende lidstaten een principeakkoord over de nieuwe NAVO-norm van 5 % van het bbp. Die geldt voor elke bondgenoot. Concreet gaat het om 3,5 % voor strikt militaire uitgaven en 1,5 % voor defensiegerelateerde domeinen, waaronder infrastructuur en cyberveiligheid. Onze regering verklaarde te mikken op een stapsgewijze opbouw: 2 % tegen 2029, 2,5 % tegen 2034 en 3,5 % tegen 2035.

Mijnheer de minister, op de jongste NAVO-top in Den Haag besprak u de uiteindelijke maatregelen die nodig zijn. Kunt u bevestigen dat de NAVO-norm van 5 % werd vastgelegd? Wat is het tijdsperspectief? In welke modaliteiten wordt voorzien? Welke mijlpalen moeten worden behaald? Welk standpunt hebt u in naam van de regering verdedigd?

Theo Francken:

Vooreerst, de uitspraak op X was redelijk pijnlijk.

Mijnheer de voorzitter, geachte collega’s, de eerste minister heeft gisteren op de NAVO-top duidelijke taal gesproken. Als founding father van de NAVO zal België zich solidair tonen met onze bondgenoten. Dat doen we niet voor de mooie ogen van mister Trump, noch uit angst voor zijn grillen. We doen het om een heldere reden, namelijk om als Europese democratieën zelf te kunnen instaan voor onze eigen veiligheid.

In tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd, klopt het niet dat de lat voor defensie-uitgaven wordt opgetrokken naar 5 % van het bbp. Het gaat om 3,5 %, de resterende anderhalve procent betreffen uitgaven in onder meer infrastructuur en brede veiligheid, die vandaag al grotendeels worden gedaan, onder andere ook door de regio’s.

De nieuwe norm komt niet uit de lucht gevallen. Veel bondgenoten behalen die nu al, van de Verenigde Staten over Polen tot Scandinavische en Baltische staten. Dat ook wij die norm nu onderschrijven, is een kwestie van solidariteit en verantwoordelijkheid.

Mesdames et messieurs, la nouvelle norme ne signifie pas que nous devrons atteindre cet objectif demain. Il y a des objections budgétaires à cela, mais aussi des objections pratiques. Si tous les États membres de l'Union européenne dépensaient soudainement 3,5 % de leur PIB pour la défense, il serait impossible pour l'industrie de suivre le rythme des commandes. Le résultat en serait des délais de livraison d'armes et de munitions de 10 ans ou plus, et des prix inacceptables.

Nous avons soulevé tous ces points lors de la concertation diplomatique qui a précédé le sommet de l'OTAN, avec succès. Les États membres disposeront d'un délai de 10 ans (non pas 7 ans) pour atteindre la nouvelle norme, sans augmentation annuelle obligatoire de 0,2 %. L'objectif sera également réévalué en 2029.

Ik beklemtoon dat dat niet de verdienste van Spanje was, maar wel van onze diplomatie. Dat land koos voor de fanfare, wij kozen voor discretie. Hulde aan onze NAVO-ambassadrice, mevrouw Petridis, en haar hele team.

Dames en heren, als politici hebben wij de verantwoordelijkheid om op een serene manier aan de burger uit te leggen waarom de versterking van onze krijgsmacht noodzakelijk is. Sommigen onder ons doen uitschijnen dat er helemaal geen dreiging bestaat. Dat gebeurt dan met lacherige clichés als: er zullen toch nooit Russische tanks door Brussel denderen. Dat is onverantwoord, want daarover gaat het uiteraard totaal niet.

Waarover gaat het dan wel? Ons land komt automatisch in een staat van oorlog met Rusland, als Poetin ook maar één vierkante kilometer van een andere NAVO-lidstaat zou bezetten. Dat vloeit voort uit onze verplichtingen onder het NAVO- en EU-Verdrag. Dat scenario is helaas niet ondenkbaar. Het Poetinregime maakt geen geheim van zijn langetermijnambitie om de Baltische staten, waar omvangrijke Russische minderheden wonen, opnieuw in zijn machtssfeer op te nemen. Onze Baltische provincies, zo noemt Dmitry Medvedev, de voorzitter van de Russische Veiligheidsraad, die EU-lidstaten steevast.

Degenen die volhouden dat Rusland die ambitie niet koestert, beweerden drie jaar geleden ook dat Rusland Oekraïne nooit binnen zou vallen. Bovendien negeren zij volledig dat Rusland vandaag al volop een hybride oorlog tegen Europa voert, ook tegen ons land, dagelijks. Hoe kan men dan nog volharden in de stelling dat er van Rusland geen bedreiging uitgaat?

Tegelijkertijd moeten we nu al rekening houden met de heroriëntering van de Amerikaanse aanwezigheid in Europa naar de Stille Oceaan en Oost-Azië. Meer dan ooit moet Europa klaarstaan om het stuur van de veiligheidsarchitectuur van ons continent zelf in handen te nemen.

Dames en heren, alleen krachtige Europese legers kunnen de veiligheid en onafhankelijkheid van Europa verzekeren. Die hebben we vandaag niet, na decennia van bezuinigingen en afbouw. We moeten ze heropbouwen. Dat is onze verantwoordelijkheid en daar zijn we volop mee bezig.

De nieuwe strategische visie voorziet in een investering van 34 miljard euro, waarvan 27 miljard euro in nieuwe militaire capaciteiten in de komende tien jaar. Ook in het personeel zullen we fors investeren, want zij zijn het kloppende hart van elke defensie, van elke krijgsmacht. Er komt 50 miljard euro op tafel over die tien jaar.

Die inspanningen leveren we niet om oorlog te voeren, maar precies om oorlog te vermijden, want de vrede bewaren zal ons niet lukken door zwakheid te tonen. Daarin zullen we alleen slagen als we samen kracht uitstralen.

Ten slotte, het klopt dat er nog geen officiële beslissing in de Ministerraad is, maar ik heb afgesproken met voorzitter Buysrogge om (…)

Axel Weydts:

Mijnheer de minister, vandaag is opnieuw het verschil duidelijk geworden tussen de communisten van de PVDA en Vooruit. De communisten van de PVDA zijn niet bezig met de veiligheid van de mensen. Wij willen wel investeren in de veiligheid van onze mensen en ook in de veiligheid van mensen die hun eigen veiligheid niet kunnen kopen, zoals de superrijken dat wel kunnen.

Als de wereld in brand staat, dan mag men niet aan de kant blijven staan, dan moet men blussen en zijn verantwoordelijkheid nemen. Dat is wat Vooruit doet. De PVDA wil aan de kant blijven staan. De PVDA wil Poetin bestrijden met een boeket bloemen. De PVDA wil uit de NAVO stappen. Beste vrienden, dat is niet alleen naïef, dat is ook gevaarlijk. Vooruit zal wel investeren in onze veiligheid.

Jean-Marie Dedecker:

Collega’s, ik ben het een beetje beu om de les gespeld te worden door links en door de communisten. Ik lik de schoenen van Trump niet, dat is een maffioso, hij likt die van Poetin.

Wij hebben ons vergist. Laten wij het even hebben over de ideologie van uw regime, namelijk het communistische regime. Honderd miljoen doden in de wereld. Nu is er het regime van de heer Poetin, het neocommunisme. Dat gevaar staat terug voor de deur. In 1989 hebben wij ons vergist. We dachten dat de vrede gekomen was, maar neen. Extreemrechts kwam op, dat roept om een grote leider, net als u.

Wat moeten wij nu doen? Opnieuw betalen voor onze veiligheid. Omdat psychopaat Poetin nu voor de deur staat, moeten wij nu opnieuw inleveren op onze welvaart. Denk daar eens over na, mijnheer Hedebouw. Het is de schuld van uw regimes dat we ons vandaag opnieuw moeten bewapenen.

Mathieu Michel:

Merci monsieur le ministre pour vos réponses. Quoi qu'en pensent certains, nous ne sommes plus dans une ère d'insouciance. Nous sommes entrés dans un temps de bascule où la sécurité n'est plus une donnée implicite de nos sociétés et est redevenue un combat. Cette sécurité a toujours été la première des libertés. C'est elle qui conditionne tout le reste: la démocratie, l'économie, la solidarité, l'éducation, la culture. Sans sécurité, rien ne tient et nous le découvrons avec brutalité une fois encore, après des années où nous avons cru que notre mode de vie était définitivement protégé, presque éternel même. Certains aujourd'hui affichent de façon lancinante cette naïveté coupable.

Ce que nous sommes en train de défendre aujourd'hui, c'est notre façon de vivre, notre humanité, nos libertés et ce fragile équilibre que des générations ont bâti avant nous. Alors oui, c'est un moment historique et nous avons le devoir, au-delà des discours politiques, d'être au rendez-vous.

Philippe Courard:

Monsieur le ministre, je ne suis pas rassuré par vos réponses. Pourquoi céder à l'instable M. Trump? Où est le projet européen dans ce que vous proposez? Et l'armée européenne intégrée? On n'en parle pas du tout.

Quid du retour pour nos entreprises? C'est aussi un sujet que nous n'avons pas traité et qui est important. On ne va pas reproduire les erreurs du passé – je l'espère en tous cas. Comment allez-vous financer cela? Pas de réponse, sinon qu'on va le faire sur dix ans et que la charge sera donc reportée sur les générations futures. C'est exactement la technique que vous avez critiquée ces dernières années. Il reste donc beaucoup de questions, à moins peut-être que la fusion avec les Pays-Bas proposée par M. De Wever soit une réponse.

Concernant la taxe proposée par M. Prévot, pas de réponse non plus. Où allez-vous chercher l'argent? Nous sommes terriblement inquiets. Votre gouvernement d'ingénieurs nous fait très peur, monsieur le ministre.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, ik had maar één vraag gesteld, namelijk wie dat zal betalen, maar u hebt er weer niet op geantwoord, net als in de commissie. Ik had mijn vraag gericht aan de premier, in de hoop nu wel een antwoord te krijgen op de vraag wie die rekening zal betalen. Ik weet immers dat u dat niet interesseert. U wilt gewoon zoveel mogelijk geld kunnen uitgeven aan wapens en u ligt niet echt wakker van wie dat zal betalen.

U zegt dat die 5 % of 3,5 %, welk percentage u ook neemt, niet zomaar uit de lucht komt vallen. Ik wil toch even de geschiedenis schetsen. Het is ondertussen drie jaar geleden dat Rusland Oekraïne binnenviel. In december zegt secretaris-generaal Rutte dat 3 % een mooie ambitie zou zijn. In februari zegt deze regering dat 2 % tegen 2029 wel voldoende zou zijn. Trump schudt iets uit zijn mouw en opeens is het 3,5 % of 5 %.

Ik hoor cd&v en Vooruit zich hier opnieuw verzetten, maar die partijen hebben zich niet verzet, België is akkoord gegaan met die 5 % en we hebben het aan ons been.

Kjell Vander Elst:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw toelichting. Over de NAVO-norm blijft het alle kanten opschieten. Ik hoor hier weer verzet tegen die 5 % en hoor dat 2 % het plafond wordt genoemd. Over die NAVO-norm van 5 % is momenteel niets duidelijk. De enige zekerheid is dat de rekening betaald zal worden door de volgende regeringen en de volgende generaties.

Ook over de Europese defensie heb ik heel weinig gehoord, behalve dat we het stuur moeten vastnemen, maar als men het stuur vastneemt, moet men wel weten welke richting het met die Europese defensie uit moet. In Europa worden vandaag 19 soorten tanks, 27 soorten fregatten en torpedojagers en 20 soorten gevechtsvliegtuigen geproduceerd. Een kat vindt er haar jongen niet in terug. Maak werk van een Europese strategie en zorg ervoor dat die markten op elkaar zijn afgestemd, zodat we een Europees blok kunnen vormen en strategisch en onafhankelijk kunnen handelen.

Annick Ponthier:

Mijnheer de minister, de 2 % voor deze legislatuur is enkel begroot voor dit jaar. Wat met de structurele financiering voor de komende jaren? Geen antwoord. Defensietaks? Geen antwoord. Er zijn wel historische plannen om geld uit te geven, maar vooralsnog geen idee waar dat geld vandaan moet komen.

Toch hebt u in Den Haag 5 % beloofd tegen 2035. Operatie schone schijn, zo noem ik die NAVO-top, want zelfs met uw maximale flexibiliteit dreigt u ons verder in de schulden te steken en die schulden zullen natuurlijk vooral door de Vlaming worden betaald.

Haal dus het geld voor die 2 % waar u het moet halen. Bespaar op ontwikkelingshulp, op de asielfactuur, op het politieke systeem en op onze bijdrage aan de EU. Ik dank u.

Koen Van den Heuvel:

Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. Laat ons duidelijk zijn, de dreiging is er. Niets doen is absoluut geen optie, maar het is ook belangrijk dat we het draagvlak bij onze mensen behouden, vandaar ons pleidooi sinds weken voor een realistisch en flexibel tijdspad. Dat is er nu, waarvoor dank aan de regering en aan onze diplomatie.

Op die manier kunnen we ook de lagere schoolmaniertjes van mensen als collega Hedebouw gemakkelijker weerleggen. Sketches geven om dat draagvlak te ondermijnen, wij doen daar niet aan mee. Stop alstublieft met die vijfdecolonnemanieren.

Nu is het echter ook absoluut nodig om verder te gaan. Naast het budget moet er ook worden geïnvesteerd in een echte Europese pijler, zodat Europa strategisch kan zijn en op eigen benen kan staan. Ik moedig u aan, samen met de regering, om echt werk te maken van een Europese defensie-unie en van een sterke Europese defensie-industrie.

Raoul Hedebouw:

Chers collègues, on a visiblement fait mal en pointant du doigt la soumission de l'élite européenne à l'impérialisme américain – les Macron, les Bart De Wever, tous ces gouvernements européens qui étaient effectivement à la remorque complète de Trump. C'est bien cela le problème. Votre problème, ce n'est pas le contenu du SMS. C'est qu'il a été révélé au monde. Voilà ce qui pose problème avec ce SMS.

Cette soumission est réelle et ne va pas nous apporter de la sécurité – pour ceux qui se poseraient la question de notre structure de sécurité. L'impérialisme américain est là pour déstabiliser le monde. Qu'est-ce que vous croyez? Que se passe-t-il aujourd'hui avec le génocide du peuple palestinien? On laisse faire. On laisse même transiter les armes. Cela va-t-il nous apporter de la sécurité? Vous êtes contents dans votre coin mais, les bombardements illégaux contre l'Iran, savez-vous ce que cela veut dire? No rules ! La loi du plus fort. C'est l'ouverture vers une troisième guerre mondiale.

Et vous croyez qu'on va y arriver? On entend aujourd'hui que les troupes américaines iront dans le Pacifique. Que va-t-il se passer? Une guerre Chine-Amérique? Allez l'Europe!

Darya Safai:

In de huidige geopolitieke toestand hebben we geen andere keuze dan te investeren in onze veiligheid en defensie. De verhoging van het budget zal gradueel verlopen en over 10 jaar gespreid zijn. We creëren bovendien opportuniteiten voor de Belgische industrie. Als founding father van het sterkste defensiebondgenootschap ooit herstellen wij daarmee ook onze betrouwbaarheid als bondgenoot.

We doen dat niet voor president Trump, collega’s. We doen dat voor de vrede, voor onze veiligheid en die van ons nageslacht. We mogen de veiligheid van Europa niet langer verwaarlozen door gewoon verder te gaan als freeriders. Het zal veel inspanningen vergen, maar we zijn blij dat deze regering er werk van maakt.

Persoonlijk feit

Fait personnel

Voorzitter:

Collega Vandeput liet mij weten gebelgd te zijn, en wel door de uitspraken van de heer Courard, die hem bepaalde zaken voor de voeten heeft geworpen.

Steven Vandeput:

Mijnheer de voorzitter, als 'gebelgd zijn' betekent dat iemand verontwaardigd is, dan moet ik bekennen dat ik dat deels wel ben. Het is immers de zoveelste keer dat de PS uit het rapport van het Rekenhof over de landcapaciteit fout citeert en echte beschuldigingen uit.

Dat doet mij denken aan vroeger. Toen wij met vriendjes speelden en iemand iets kapotgemaakt had, werd gevraagd wie dat had gedaan. De eerste die ontkende, was meestal de dader. Op die manier gaat het ook bij de PS.

Ik heb gezien wat de PS voor defensie kan betekenen. Het kan betekenen dat defensie wagens heeft waar een gewone mens niet in kan. Nog een mogelijkheid is dat aangekochte helikopters ondertussen aan de grond staan, omdat ze gewoon onbetaalbaar zijn. Ook kunnen obussen worden aangekocht die niemand kan gebruiken, zelfs het Belgische leger zelf niet. Dat is de houding van de PS.

Opnieuw kan ik u melden dat het Rekenhof in zijn rapport duidelijk stelt dat de government-to-governmentafspraak die met Frankrijk werd gemaakt, opportuun was. Ter zake was er volledige transparantie over het bedrag van 1,5 miljard euro aan materieelaankopen. Destijds zijn zowel de mensen als de onderhoudskosten opgenomen in de langetermijnbudgetten.

Feit is wel dat na mij opnieuw iemand van PS-signatuur werd aangesteld, die de zaak kennelijk helemaal in het honderd heeft laten lopen. De PS die wij kennen, draagt meestal geen zorgen voor wat zij overgedragen krijgt en al zeker niet voor wat ze moet overdragen. Daarnaast wijst de PS telkens opnieuw naar Vandeput, die nochtans niets anders gedaan heeft dan een government-to-governmentcontract te sluiten. Ik vraag mij daarom af wat de PS in dezen te verbergen heeft.

Voorzitter:

Je voudrais demander à M. Courard de réagir, mais il n'est plus ici.

Er werd ook verwezen naar mevrouw Dedonder. Ik geef haar één minuut om te reageren.

Ludivine Dedonder:

Monsieur le président, je ne comprends pas pourquoi je ne dispose que d'une minute.

Monsieur Vandeput, vous dites que vous n'avez rien fait d'autre. Je dirais plutôt que vous n'avez rien fait du tout! Vous avez laissé les factures au gouvernement précédent. Vous avez acheté les F-35 sans prévoir le personnel nécessaire ni les infrastructures pour les abriter. Vous avez sous-budgété le quartier de l'état-major. Concernant la frégate, rien n’a été prévu: un milliard de déficit.

Vous n'avez rien fait du tout et aujourd’hui vous répétez les mêmes erreurs. Vous allez acheter américain. Vous n'allez absolument pas investir dans le développement économique de notre pays et de l'Europe. Vous n'allez pas soutenir les industries. Vous allez faire travailler le personnel jusqu'à 67 ans. Dans vos 34 milliards, il n'y a même pas un euro pour s'occuper du personnel!

À votre place, je ne donnerais pas de leçons, monsieur "qui n'a même pas atteint 1 % de PIB".

Steven Vandeput:

Dat was mooi ingestudeerd. Ik zal niet reageren op die klinkklare nonsens. Wij erfden Defensie destijds in een staat waarin ze niet capabel was te doen wat moest. We hebben het tij proberen te keren door in mensen en materieel te investeren. Ik vertrouw erop dat deze regering opnieuw zal doen wat nodig is om Defensie slagkrachtig te maken en om de verwachte bijdrage te leveren. Mevrouw Dedonder, u hebt veel gezegd, maar nog altijd niet geantwoord op mijn vraag: wat hebt u te verbergen? Mijnheer de minister, ik wens u heel veel succes met uw strategisch plan.

De mate waarin het vroegere kabinet van de minister op de hoogte was van de situatie in Aalter
De vraag naar algehele transparantie over de situatie in Aalter
Kennis en transparantie over Aalter bij vorige kabinet

Gesteld aan

Annelies Verlinden (Minister van Justitie)

op 19 juni 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De oppositie beschuldigt minister Annelies Verlinden (cd&v) en haar kabinet van verborgen houden van systematische discriminatie in Aalter, waar burgemeester De Crem (cd&v) mensen met vreemde namen jarenlang onrechtmatig liet wachten op een adres—toegespitst op racisme en doofpotpolitiek. Ondanks bewijs dat haar adjunct-kabinetschef en topambtenaren op de hoogte waren, ontkent Verlinden kennis te hebben gehad, wijst ze verantwoordelijkheid af (bevoegdheid lag bij lokale overheden/FOD) en blokkeert ze hoorzittingen, wat de oppositie ziet als verregaande onwil tot transparantie. De kern: cd&v weigert openheid over betrokkenheid bij structurele discriminatie, terwijl de oppositie eist dat Verlinden verantwoordelijkheid neemt—ofwel voor actieve verdoezeling, ofwel voor grove nalatigheid in haar eigen kabinet.

Matti Vandemaele:

Mevrouw de minister, hier staan we weer. Het is intussen de vierde keer en het verhaal is genoegzaam bekend. Als u een vreemde familienaam hebt in Aalter, laat cd&v-burgemeester De Crem u tot negen keer langer wachten alvorens hij u een adres toekent.

Gisteren ontvingen we documenten waaruit blijkt dat uw kabinet minstens vier keer op de hoogte werd gebracht van het probleem. Eerder had u het in de plenaire vergadering over een klein administratief dossier dat aan het onthaal was blijven liggen of iets dergelijks, maar dat is niet wat wij lezen in die mails. Ik lees dat uw administratie spreekt over een toevloed aan dossiers. Er is sprake van een urgentie van de situatie en van systematische weigeringen. In die mails wordt gesproken over een liability , wat wil zeggen dat u verantwoordelijk bent, mevrouw de minister, en dat soort mails blijft niet liggen aan het onthaal. Dat soort mails wordt altijd onmiddellijk geëscaleerd naar de minister.

We weten ondertussen ook dat de mails zijn toegekomen bij uw adjunct-kabinetschef. U zei dat ze ergens in de lage regionen waren beland, maar dat klopt niet. Ze zijn toegekomen bij uw adjunct-kabinetschef en bij de kabinetschef van uw collega de Moor. Tot op het hoogste niveau binnen uw kabinet was men dus op de hoogte.

Gisteren ontvingen we documenten, niet van u, niet van uw kabinet, maar van de administratie Binnenlandse Zaken. Blijkbaar wil cd&v ons de informatie waar we om vragen, niet geven.

Mevrouw de minister, daarom vraag ik u nogmaals of u bereid bent om mee te gaan en een hoorzitting toe te staan. Uw partij, cd&v, weigert dat immers op dit moment. U maakt het ons onmogelijk om ons werk te doen. Wij willen een hoorzitting. Wij willen dat u eindelijk openheid schept over de situatie. Daarom vraag ik het u nogmaals, voor de vierde keer, en u kunt antwoorden met ja of nee. Wist u het? Wist u het? Heeft uw adjunct-kabinetschef het u gezegd en bent u bereid om ons de informatie te geven (…)

Paul Van Tigchelt:

Mevrouw de minister, ik sta hier echt niet graag, maar u laat mij weinig keuze. U hebt parlementsleden, waaronder mezelf, verweten een intentieproces te voeren tegen u. Ik vind dat een heel straffe bewering, want het volstaat om te kijken naar de feiten in het dossier, zoals we enkele weken geleden ook al hebben gedaan tijdens de interpellatie.

U zei hier dat de omvang van het dossier voor uw kabinet niet duidelijk was en dat de voorzitster van de FOD u daarover niet heeft aangesproken and that's it.

Mevrouw de minister, ik kan u verzekeren dat dit geen intentieproces tegen u is. Ik vraag u welk normaal denkend mens tot een andere conclusie zou komen dan dat er ofwel sprake is van een doofpotoperatie ofwel van verregaand amateurisme op uw kabinet en van een kabinetscultuur van 'wat niet weet, niet deert'. Ik wil een rondvraag organiseren in het Parlement, misschien best anoniem, want anders zouden de leden van de meerderheid zich wat geremd voelen. Ik weet zeker dat het merendeel het eens zal zijn met die redenering.

Die hoorzittingen worden wellicht ook geweigerd omdat men weet dat die u in verlegenheid kunnen brengen. U krijgt de gelegenheid om voor transparantie te zorgen via die hoorzittingen, maar die worden geweigerd onder het valse voorwendsel van de forensische audit in Vlaanderen.

Daarom kunnen wij niet anders dan u vandaag opnieuw vragen te stellen en geven wij u vandaag opnieuw de kans om te antwoorden.

Mevrouw de minister, ik heb een heel punctuele vraag. Hebt u, zoals ik veronderstel, ondertussen gesproken met uw voormalige adjunct-kabinetschef? Wat heeft hij wel en wat niet gedaan? Was uw kabinetschef op de hoogte? Met wie werd er over dat dossier gesproken? Vooral, wat vindt u van het feit dat de adjunct-kabinetschef het dossier in een kast gelegd blijkt te hebben?

Annelies Verlinden:

(…) me opnieuw over Aalter naar aanleiding van de brief van de Kamervoorzitter van 5 juni 2025 aan minister Quintin en mezelf. Omdat ik zelf geen minister van Binnenlandse Zaken meer ben, nam ik contact op met minister Quintin om de administratie te verzoeken alle beschikbare informatie te bezorgen. Ik kan als minister immers geen instructie geven aan een administratie die niet langer onder mijn bevoegdheid valt. Bovendien garandeert die aanpak de objectiviteit van de informatiegaring. Onmiddellijk na de ontvangst van de informatie hebben minister Quintin en ikzelf, samen met de gezamenlijke brief, alle beschikbare informatie meegedeeld.

De insinuaties over een gebrek aan transparantie zijn dus ongegrond, mijnheer Vandemaele. Alle informatie die de FOD Binnenlandse Zaken beschikbaar heeft gesteld, werd immers op een digitale drager aan het Parlement bezorgd.

Uit die informatie blijkt dat er niets is veranderd ten opzichte van mijn antwoord drie weken geleden: niet mijn waardekader, niet mijn wereldbeeld, niet mijn intenties om verantwoordelijkheid te nemen, niet mijn medewerking aan het Parlement, niet de informatie die mij bekend was en waarover ik herhaaldelijk het Parlement heb ingelicht en niet de transparantie die ik heb geboden van bij aanvang over mijn rol in dat dossier.

Ik veroordeel nog steeds ten zeerste elke vorm van racisme en discriminatie. Eenieder die zich daaraan schuldig maakt, moet terechtgewezen worden. Dat is precies wat gebeurt met de audit door het Vlaams Agentschap Binnenlands Bestuur en met het strafrechtelijk onderzoek door het parket in Oost-Vlaanderen. Het is voor mij als minister van Justitie wezenlijk dat de voogdij en gerechtelijke diensten op een adequate en onafhankelijke wijze hun rol kunnen spelen. Ik heb daarin het volste vertrouwen – u ook, veronderstel ik.

Daarnaast herhaal ik dat beslissingen over de toekenning van een hoofdverblijfplaats toekomen aan de lokale overheden en dat de federale administraties enkel de opdracht hebben om de beroepen te behandelen tegen individuele beslissingen. Op geen enkel moment is daarin de interventie van een kabinet of van een minister voorzien.

Overigens stelt de FOD Binnenlandse Zaken in een schrijven van 8 april 2025 aan de Vlaamse administratie dat als ze zou vaststellen dat een gemeente de regels discriminatoir toepast, de FOD Binnenlandse Zaken het dossier aan de Vlaamse administratie zou kunnen overmaken.

Welnu, dat is in dezen niet gebeurd. In die omstandigheden is het dan ook logisch dat de e-mails alleen tussen medewerkers circuleerden en dat er geen verdere berichten werden verstuurd van de FOD Binnenlandse Zaken aan het kabinet.

Het is evenmin onlogisch dat ik, aangezien ook de voorzitter van de FOD pas na de Pano -reportage werd ingelicht, evenmin op de hoogte was. De omvang, zoals voorgesteld in die reportage, is nooit op dezelfde manier meegedeeld.

Collega Vandemaele, ik heb u gehoord, ook vanochtend, en u vindt het klaarblijkelijk betamelijk om de strafste bewoordingen te gebruiken ten aanzien van mijn persoon.

Collega Van Tigchelt, u leek mij tijdens een vorige vergadering van het Parlement te beschuldigen van een misdrijf. Ik ga daar niet licht over.

Gezien de uitdagingen bij Justitie kan ik mij echter niet veroorloven om mij te laten afleiden door theatrale uiteenzettingen. Ik doe aan politiek vanuit een oprechte overtuiging. Ik doe aan politiek met respect voor elke mens, ongeacht afkomst of overtuiging, en met respect voor de afspraken die we in de samenleving en het Parlement hebben gemaakt, zonder ook maar enige toegeving te doen aan onze fundamentele waarden. Dat is mijn opdracht, dat is de verantwoordelijkheid die ik draag, en daarin zal ik op geen enkel ogenblik enige toegeving doen.

Matti Vandemaele:

Mevrouw de minister, met alle respect, uw antwoord is echt hallucinant. Wij hebben informatie gevraagd aan Binnenlandse Zaken en aan uw kabinet. Van de eerste hebben wij de informatie gekregen, van de tweede niet.

Voor de cd&v is het allerbelangrijkste dat de zaak de doofpot ingaat. Mocht de cd&v discriminatie belangrijk vinden, zou ze handelen. Pieter De Crem mag echter op zijn burgemeestersstoel blijven zitten van jullie. Jullie willen geen hoorzitting en wij mogen geen informatie krijgen. Jullie doen alles om de doofpot dicht te houden.

Met alle respect, dat is gewoon niet ernstig. Uw adjunct-kabinetschef wist het. Het bestaat niet dat u het niet wist. Mevrouw de minister, niemand hier in de zaal gelooft u. Het kan niet wat u hier verklaart.

Ik vraag het u dus nogmaals. Indien u absoluut overtuigd bent van uw eigen gelijk, wat mag – ik ben ook overtuigd van mijn eigen gelijk –, laat ons dan een hoorzitting organiseren (…)

Paul Van Tigchelt:

Mevrouw de minister, het is aan collega Quintin om de documenten van de administratie over te maken en het is aan u om intern mailverkeer van uw kabinet over te maken. Ofwel wist u het en dan hebt u gelogen en dan hebt u een groot probleem. Ofwel wist u het niet en dan heeft het hoogste niveau op uw kabinet deze informatie voor u achtergehouden. Bovendien blijkt dan ook dat u niet spreekt met uw voormalige collega van Asiel en Migratie, want die was wel op de hoogte. Ook dan hebt u dus een groot probleem. De essentie is dat als u het echt meent dat u structureel racisme nooit onder de mat zou vegen, u geen hoorzittingen zou weigeren. Dan nodigt u zichzelf immers uit voor die hoorzittingen. Als u het echt meent met de bewering dat u geen structureel racisme accepteert, neemt u de verantwoordelijkheid voor wat uw kabinet heeft gedaan – of in dit geval niet heeft gedaan. Dit dossier gaat niet over u. Dit dossier gaat niet over mij. Dit dossier gaat over tientallen mensen van wie de rechten systematisch zijn geschonden. En daar moeten we iets aan doen.

veiligheid, justitie en defensie

De NAVO-top en de defensie-uitgaven
Het regeringsstandpunt over de nieuwe NAVO-norm
De NAVO-norm van 5 %
De onenigheid in de regering over de NAVO-norm van 5 %
Het defensiebudget en de NAVO-norm
NAVO-norm en defensiebudget

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 12 juni 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De regering beslist plots en zonder structurele financiering om de defensie-uitgaven naar 5% van het BBP (24 miljard extra) op te trekken—een besluit dat zonder parlementair debat of duidelijke planning lijkt genomen, ondanks eerdere weerstand (inclusief premier De Wever die 3% nog een "horrorscenario" noemde). Critici (oppositie en zelfs coalitiepartners) wijzen op de hypocrisie (geen geld voor zorg/pensioenen, maar wel voor defensie), onhaalbaarheid (2% is al niet structureel gefinancierd) en gebrek aan transparantie, terwijl de premier ontwijkend antwoordt dat de definitieve beslissing na de NAVO-top valt. De drijvende kracht lijkt NAVO-druk (met name de VS en Europese landen die 3,5%+ al halen) en de vrees voor een Amerikaanse terugtrekking, maar concrete plannen en financiering ontbreken. De oppositie noemt het "krijgsbudgetten zonder vredesdividend" en eist een realistisch, langetermijnplan in plaats van politiek opportunisme.

Raoul Hedebouw:

Premier, de ministerraad heeft eergisterenavond een historische beslissing genomen: 5 % van het bruto binnenlands product zal naar defensie gaan. Collega's, ik dacht echt dat dat op een heel groot debat zou uitdraaien vanmiddag, maar dat is helemaal niet het geval. De consensus is zeer groot. Er komt 24 miljard euro extra aan defensie-uitgaven, maar dat leidt hier niet eens tot een groot debat, 24 miljard euro extra voor defensie, maar geen stemming in deze regering. De komende generaties zullen vastgebonden zijn aan een besparingspolitiek.

Het gaat om 24 miljard. Jarenlang werd gezegd dat er geen geld was voor pensioenen. Jarenlang werd gezegd dat er geen geld was voor de gezondheidszorg. Jarenlang werd gezegd dat er geen geld was voor de mensen. Nu is er plots 24 miljard euro. Beste collega's, de vergrijzingskwestie, het afschaffen van het brugpensioen, het moeilijker maken om vervroegd met pensioen te gaan, moeten werken tot 67 jaar, dat alles gebeurt in naam van een verhoging met 2 % van het budget voor de vergrijzing. Nu wordt beslist om het budget met 3 % te verhogen.

Collega's, het is zorgwekkend dat daarover zo’n brede consensus bestaat, dat daarover geen debat plaatsvindt. Twee weken geleden hoorde ik de eerste minister nog zeggen dat het crazy zou zijn om dat te doen. Ik hoorde de heer Sammy Mahdi verklaren dat een militair opbod tot meer oorlog zou leiden. Ik hoorde twee dagen geleden zeggen dat het geld niet aan de bomen groeit. Ik hoorde Conner Rousseau zeggen dat 2 % het maximum was. En eergisteren is iedereen plots overgegaan naar 5 %.

Chers collègues, monsieur le premier ministre, la question est très claire: y aura-t-il un vote sur ces 5 % dans ce Parlement? Pouvez-vous confirmer l'accord de tous les (…)?

Kjell Vander Elst:

Mijnheer de premier, kent u de televisiequiz Hoger, lager ? Ik vermoed van wel. Het programma stamt immers eerder uit uw tijd dan uit de mijne. Het concept is eenvoudig: deelnemers raden of een budget hoger of lager zal zijn. Zelf kende ik het programma niet, maar het is vandaag bijzonder actueel. Uw regering en uw regeringsleden spelen het immers al maanden.

De minister van Defensie, de heer Theo Francken, stelde dat 5 % een logische keuze is. Hij zei dus "hoger". Vervolgens zei de voorzitter van cd&v dat het militair opbod moet stoppen. Hij zei dus "lager". De heer Prévot trok diezelfde avond nog naar de VN om een coalition of the unwilling op de been te brengen, opnieuw "lager". Minister Vandenbroucke was iets genuanceerder. Hij zei dat er nog niets is beslist. We kennen minister Vandenbroucke intussen echter een beetje. Hij zal dus ook wel "lager" zeggen.

Mijnheer de premier, de voorrondes zijn achter de rug. Het spel is intussen gespeeld en nu volgt de finale. U moet die finale spelen, want u vertrekt over twee weken naar de NAVO-top.

Mijnheer de premier, heel concreet vraag ik u wat het wordt, hoger of lager? Volgt u uw collega Francken of volgt u uw andere coalitiepartners?

Darya Safai:

Mijnheer de eerste minister, in het regeerakkoord staat dat de geloofwaardigheid van België binnen de NAVO hersteld moet worden door in versneld tempo de doelstelling van 2 % te behalen. Zoals het er nu uitziet, wordt die standaard niet alleen behaald, maar komen we zelfs iets hoger uit.

Desalniettemin zien de huidige geopolitieke ontwikkelingen er niet goed uit. Eerder werd al in NAVO-middens verklaard dat er een aanzienlijke verhoging zit aan te komen. Een kleine drie weken geleden werd de goedkeuring gegeven voor nieuwe capaciteitsdoelstellingen. Op donderdag 5 juni gaven, in navolging daarvan, de lidstaten hun fiat aan die doelstellingen, die bepalen waarin eenieder moet investeren in de nabije toekomst.

De contouren van de concrete gevolgen zijn vandaag duidelijk. De secretaris-generaal zal voorstellen dat de respectieve NAVO-leden hun defensiegerelateerde uitgaven optrekken tot 5 % van hun bbp. Daarvan zou 3,5 % bestemd zijn voor directe defensie-uitgaven en 1,5 % voor ondersteunende posten als infrastructuur en cyberveiligheid.

De aanhoudende moordende oorlog in Europa maakt dat we geen andere optie hebben dan onze weerbaarheid te verhogen, om zo onze collectieve defensie opnieuw scherp te krijgen.

Mijnheer de premier, kunt u ons uitleggen hoe men ertoe gekomen is om die doelstelling op 5 % vast te leggen? Hoe wilt u het concreet aanpakken?

Annick Ponthier:

Mijnheer de premier, we weten nog niet hoe we voor dit jaar de extra vier miljard euro om de NAVO-norm van 2 % te halen, zullen financieren. Dat is geen uitspraak van een oppositielid of een journalist, maar van uw eigen vicepremier Maxime Prévot, de minister van Buitenlandse Zaken. Hij staat niet alleen met zijn bedenkingen. 'Dromen mag, maar het moet realistisch blijven". "Men goochelt met schattige percentages, maar daarachter gaan gigantische bedragen schuil". "Aan welke boom groeien die miljarden?" Het zijn maar enkele citaten, maar ze maken duidelijk dat niet iedereen in uw regering op dezelfde golflengte zit, en dat ging nog maar over 2 of 2,5 %.

Het weerhield uw minister van Defensie er alvast niet van om vorige week met veel tromgeroffel aan te kondigen dat België zomaar naar 5 % defensie-uitgaven zal gaan. De regering blijkt kritiekloos mee te stappen in het eindeloze opbod dat de NAVO ons oplegt, terwijl er niet eens een plan is om jaarlijks de 2 %-uitgavennorm structureel te realiseren.

Voor 2025 hangt alles al met haken en ogen aan elkaar. U haalt de budgettaire goocheldoos boven: de verkoop van overheidsaandelen en het opbouwen van de schuld ten koste van de komende generaties. Vanaf volgend jaar kunt u kiezen uit nog meer schulden, nieuwe belastingen, nieuwe besparingen, wie zal het zeggen? Er zijn dus veel vragen en veel onduidelijkheden, ook in uw eigen regering, mijnheer de premier.

Kunt u dus voor eens en voor altijd de ruis op de lijn wegwerken en ons duidelijk maken wat nu eigenlijk het officiële regeringsstandpunt is?

Als de regering effectief 5% van het bbp aan defensie wil uitgeven, hoe wilt u dat in godsnaam structureel financieren?

Staf Aerts:

Mijnheer de premier, wat een chaos in de defensie-uitgaven van ons land. Al vier maanden lang bent u aan het goochelen met miljarden voor defensie, alsof het niets is. Vorige week, op de NAVO-bijeenkomst, vond minister Francken 5 %-defensie-uitgaven voor België helemaal oké. Trump roept, Theo volgt. Maar 5 % is echt te zot om los te lopen. 5 % procent voor defensie is het volledige budget van de federale regering, zonder de sociale zekerheid. Dat omvat dus de uitgaven voor onder andere Justitie, politie, NMBS, energie en klimaat.

Dan blijkt echter dat er helemaal geen akkoord was over die 5 %. Integendeel, verschillende ministers en partijvoorzitters hebben zich daar onmiddellijk tegen verzet, gelukkig maar. Had minister Francken wel een mandaat om op die NAVO-bijeenkomst voor de 5 % te pleiten? Of was dat een soloritje, in de hoop nog eens applaus te krijgen van Trump?

Mijnheer de premier, er is ook nog de lichtzinnige manier waarop de regering omgaat met al die percentages en miljarden. Een maand geleden stuurde u minister Prévot naar een NAVO-bijeenkomst om tegen een verhoging van het defensiebudget te pleiten. U noemde die 3 % zelf een horrorscenario. Wat mij betreft, hebt u daarmee gelijk. Hoe zullen we dat immers betalen? U weet vandaag zelfs nog niet waar u de miljarden zult vinden om volgend jaar 2 % te halen. Zelfs daar hebt u nog geen zicht op. Bij elke toekomstige stijging zal opnieuw geld moeten worden gezocht. Wie zal dat betalen? Wie zult u daarvoor nog verder uitpersen? Zijn dat de politieagenten? Gaat Justitie op de schop? Zullen de pendelaars de rekening moeten betalen? Zijn het de 55-plussers? Vandaag zien al heel wat Belgen de arizonaplannen op zich afkomen en zij weten dat zij de rekening moeten betalen.

Zult u zich op de NAVO-bijeenkomst verzetten tegen die absurde 5 %?

Bart De Wever:

Dank u wel, geachte leden, voor de vragen.

Ik zet graag eerst de feiten op een rijtje. We voorzien dit jaar 2 % van het bbp aan uitgaven voor Defensie. Daarmee komen we een verbintenis na die al in 2014 formeel is aangegaan tijdens de NAVO-top in Wales. Dat was nog onder de regering-Di Rupo. We moeten dus al een aanzienlijke inspanning leveren om te realiseren wat men toen heeft nagelaten en dat is inderdaad al niet evident.

Wat de bestedingen voor de komende jaren betreft, zal de minister van Defensie een strategisch plan voorleggen. Voor alle duidelijkheid, dat plan is in essentie een doorvertaling van beslissingen die al tijdens de vorige legislatuur zijn genomen en die binnen de NAVO al zijn afgeklopt. Het plan omvat capabilities die ons worden opgelegd als gevolg van de eigen beslissingen van de vorige en de huidige regering en de NAVO-verplichtingen. Daarover is dus geen enkele discussie meer mogelijk. De optelsom van die capabilities leidt uiteraard tot budgettaire consequenties. Die capabilities worden nodig geacht als onze bijdrage aan de veiligheid van ons continent.

Met andere woorden, zo'n NAVO-norm komt niet uit de lucht vallen. Het gaat over de kerntaak van overheden, namelijk het veilig houden van hun burgers. Een van de bijdragen die zeker van ons land wordt verwacht – ook daarover is geen discussie meer mogelijk – is het versterken van onze nu al sterke rol in de beveiliging van het Europese luchtruim. Dat zijn zekerheden. Het strategisch plan van de minister van Defensie ligt momenteel ter bespreking voor in de schoot van de regering en zal vervolgens uiteraard zijn weg vinden naar het Parlement voor toelichting en beslissing.

Ik heb al vaak kritiek gekregen op de begrotingssituatie. Ik ben mij er terdege van bewust dat er weinig ruimte is voor nieuwe uitgaven. Die ruimte is er vandaag niet. Wij wilden de 2 %-norm bereiken tegen 2029, maar we moeten dat dit jaar al doen. Dat is een van de factoren die bijdragen tot het slechte rapport dat we krijgen.

Het is dus logisch dat iedereen met een beetje realiteitszin pleit voor voorzichtigheid. Dat hebben wij ook op het internationale toneel consequent gedaan. We hebben onze collega's aangesproken met de boodschap dat dit voor ons heel moeilijk is, niet alleen wat de norm betreft, maar ook inzake de timing. Wanneer moeten we de norm bereiken en volgens welk traject?

Daarover is er momenteel nog geen zekerheid. De komende dagen, tot aan de NAVO-top, zal het diplomatieke verkeer heel druk blijven. De vraag is waar we gaan landen. Waar kunnen we landen? Waarover er valt nog te discussiëren? Over de norm zelf lijkt mij dat heel twijfelachtig, over de modaliteiten hoop ik dat het nog mogelijk is.

Hier werd door sprekers gezegd dat die verhoogde norm ons door Trump wordt gevraagd en dat wij als een knipmes zouden moeten plooien. Dat is uiteraard onjuist. Het grootste probleem lijkt mij op dit moment te zijn dat heel wat Europese landen nu al voorbij de 3,5 % zitten. U weet dat het 3,5 % en 1,5 % is. De tijd ontbreekt om dat toe te lichten, maar u kent het wel. De Scandinavische landen, Denemarken, Polen, steeds meer landen, zitten al voorbij die 3,5 %. Ook Duitsland zal dat zeer zeker doen. Het gevolg is dat die kloof binnen Europa zelf onhoudbaar dreigt te worden. Het zijn precies die landen die ons uitdrukkelijk vragen om bij te benen, zeker de landen die vrezen dat de Verenigde Staten ons als continent de rug lijkt toe te keren. Dat is iets wat ik als Atlantist betreur.

U zult dat wellicht minder betreuren. U roept al de hele tijd dat de VS geen bondgenoot is. Ze zijn dat voor u wellicht nooit geweest of zijn dat niet meer. Laat die illusie varen, zegt u. Stel dat we van dat uitgangspunt vertrekken, dan moet men daar ook consequent in zijn, want dan zal Europa zelf in zijn eigen veiligheid moeten voorzien. In de hypothese dat we morgen niet meer op de Amerikanen kunnen rekenen, is 3,5 % zelfs niet voldoende om de capabilities te ontwikkelen die nodig zijn en waarover we vandaag niet beschikken. Wees dus consequent. Als u het ene zegt, zult u ook het andere moeten zeggen, tenzij u heel andere plannen hebt met de veiligheid van Europa.

Na de NAVO-top in juni, hebben we met de regering afgesproken dat we eerst zullen nagaan wat haalbaar is. Dat is nog niet zeker, dus we moeten voorzichtig zijn. U moet van mij geen definitieve uitspraak verwachten, maar dan zullen we het weten. Dan zullen we samenkomen om te bekijken hoe we een antwoord kunnen bieden op de gevraagde engagementen. Dat zal een antwoord moeten zijn dat oog heeft voor twee zaken die moeilijk te verenigen zijn, enerzijds onze geloofwaardigheid binnen de NAVO als partner, die we pas herwonnen hebben, en anderzijds de geloofwaardigheid van ons begrotingstraject.

Dat wordt een bijzonder moeilijke oefening. Ik verheel dat niet. In tegenstelling tot sommige oppositiefracties beseft deze meerderheid wel degelijk het belang van een gezonde begroting, maar tegelijk ook het belang van veiligheid voor onze burgers en dus ook van een versterkte defensie en van ons lidmaatschap van de NAVO.

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de minister, is er eergisteren een vergadering geweest van de vicepremiers? U antwoordt niet op die vraag. U blijft er omheen fietsen, u zegt dat u het nog moet zien en dat de norm nog twijfelachtig is. Die 5 % is toch beslist?

Vous avez topé ainsi, vous avez conclu l'accord pour les 5 %.

U fietst rond de vraag, maar natuurlijk is er een akkoord over die 5 %.

Et cela veut dire en effet beaucoup de choses pour les travailleurs. Pendant des années, le MR nous a dit qu'il n'y avait pas d'argent pour les pensions et que les gens devraient travailler jusqu'à 67 ans! Pendant des années, le MR a dit qu'il n'y avait pas d'argent pour le social! Pendant des années, Les Engagés nous ont fait des promesses pour les soins de santé! Il n'y a rien! Et M. Prévot nous dit même: "Ah! Moi, je ne suis pas favorable à 5 % de la norme". Et puis, quoi? En deux jours, on change d'avis, monsieur Prévot? On opte pour les 5 %, à savoir 24 milliards en plus pour la Défense! Mais à quoi rime ce deux poids deux mesures? Qu'est-ce qui se passe au sein de partis comme le MR et Les Engagés?

Vandaag hebben wij een eerste minister gehoord die beschaamd is over de beslissing inzake de 5 % die hier 48 uur geleden is genomen.

Le vote de ces crédits de guerre ne va pas amener la paix mais va amener (…)

Kjell Vander Elst:

Mijnheer de premier, ik dank u voor uw antwoord. Bijna niemand in dit halfrond stelt de ernst van de veiligheidssituatie in vraag. Ik heb niet veel plezier om met u het spel hoger, lager te spelen. Maar uw regering en uw regeringsleden spelen dat spel al maandenlang. Terwijl de wereld in brand staat en de veiligheidssituatie onder druk staat, moet u beslissingen nemen en knopen doorhakken. Dat moeten bovendien structurele beslissingen op lange termijn zijn. Die 2 % defensie-uitgaven zijn slechts voor dit jaar gefinancierd en niet eens voor volgend jaar, terwijl de minister van Defensie nu al met veel bombarie verkondigt dat 5 % een logische keuze is.

Mijnheer de premier, het belangrijkste is dat u zowel structurele keuzes maakt als een structurele financiering voorziet. Dat verwacht het Parlement van u en dat verdienen zowel Defensie als de burgers van u.

Darya Safai:

Mijnheer de premier, we moeten ons klaarstomen voor de komende uitdagingen. Dat zal effectief veel moed en inzet vergen van ons allemaal, maar het is broodnodig en dringend. Neen, mijnheer Aerts, we moeten het niet doen voor de Verenigde Staten, maar voor onze eigen veiligheid. Het is voor ons eigen continent en ons nageslacht.

Collega’s, tijdens de Koude Oorlog gaf België ook 3,5 % uit aan defensie. We zitten opnieuw in een koude oorlogssituatie, maar met het grote verschil dat de Amerikanen hun militaire aanwezigheid in Europa zullen afbouwen om ze in te zetten in de Indo-Pacific. Het is nu aan ons om daarvoor een oplossing te vinden. Mijnheer Hedebouw, wij wilden het debat aangaan in de commissie, maar u hebt het simpelweg geblokkeerd. U was er toen eigenlijk tegen.

Annick Ponthier:

Mijnheer de eerste minister, u hebt eigenlijk geen nieuwe antwoorden gegeven, alleen dat voorzichtigheid is geboden. Die mening die delen we alvast.

U verwees ook naar een aantal modaliteiten, zoals de 1,5 % die u wilt halen bij de deelstaten, lees Vlaanderen, en een mogelijke verlenging van de termijn van 7 naar 10 jaar. Momenteel staan wij op 1,3 %. Intussen kleurt de begroting van uw regering bloedrood en toetert uw minister dat het een lieve lust is. Collega's, die 5 % betekent een luttele 30 miljard per jaar.

Mijnheer de eerste minister, u zei hierover zelf onlangs nog dat wat Trump vraagt, compleet crazy is. En nu gaat u het gewoon doen, bij monde van uw minister van Defensie. Dat noem ik pas crazy. Wees alstublieft realistisch, zorg eerst eens voor een structurele financiering van die 2 % en focus op wat echt telt.

Staf Aerts:

Mijnheer de eerste minister, u pleit hier voor voorzichtigheid en realiteitszin. Misschien moet u toch eens uitleggen aan minister Francken wat dat juist wil zeggen. Op het moment dat er in de regering blijkbaar nog debat aan de gang is, niet lang nadat minister Prévot naar de NAVO-bijeenkomst werd gestuurd om voor niet te veel te gaan, zegt minister Francken dat 5 % voor België helemaal oké is. Dat is geen voorzichtigheid en dat is geen realiteitszin. Dat is blind varen, gewoon blind volgen wat Trump ons dicteert.

Als de NAVO-landen 5 % aan defensie gaan besteden, dan is dat meer dan wat vandaag de hele wereld aan defensie besteedt. Ook dat is geen voorzichtigheid, ook dat is geen realiteitszin.

Dus stop met op de NAVO-top alleen maar mee te doen aan het wedstrijdje wie het stoerst met percentages kan gooien. Neen, we moeten het hebben over hoe we samen onze veiligheid strategisch kunnen versterken. Daarbij hoort ook diplomatie, ook ontwikkelingssamenwerking … ( zonder micro )

Voorzitter:

Collega's, ik heb zelf niet gehoord of er aanleiding voor een persoonlijk feit was, de diensten evenmin. Ik zal dus geen persoonlijk feit toekennen.

economie en werk

Werkloze 55-plussers die deeltijds hebben gewerkt en toch hun uitkering verliezen
De werkloosheidsuitkeringen van de 55-plussers
De beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd
55-plussers verlies werkloosheidsuitkeringen door deeltijd werk, beperkingen

Gesteld aan

David Clarinval (Minister van Werk, Economie en Landbouw), Bart De Wever (Eerste minister)

op 12 juni 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de controversiële hervorming van werkloosheidsuitkeringen voor 55-plussers, waarbij slechts 18% aan de uitzonderingsvoorwaarde van 30 gewerkte jaren voldoet—tegen de verwachtingen in. Minister Clarinval (MR) bevestigt dat halftijds werk niet volwaardig meetelt (tenzij gelijkgesteld met voltijds), wat in strijd is met het regeerakkoord en volgens oppositie (Groen, Vooruit) leidt tot "kil, asociaal beleid" dat duizenden in de armoede duwt. N-VA verdedigt de hervorming als noodzakelijk voor activatie en budgettaire duurzaamheid, terwijl kritiek luidt op gebrek aan voorbereiding, impactanalyse en sociale begeleiding. De spanning situeert zich tussen besparingsdrang (regering) en sociale rechtvaardigheid (oppositie), met name voor mantelzorgers en deeltijdwerkers.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de minister, vorige week bleek dat acht op de tien 55-plussers die vandaag werkloos zijn, op termijn hun werkloosheidsuitkering zouden verliezen. Zelfs bij de meerderheid was de verrassing heel groot.

Dat cijfer werd ’s nachts rond drie uur in de commissie gedropt als een dief in de nacht. Slechts 18 % zou onder de uitzondering vallen. Tegelijkertijd werd ook gesust: wie dertig jaar had gewerkt, zou zijn werkloosheidsuitkering niet verliezen. Dat leek een heel goede toegift van Arizona. Ook zouden de jaren van halftijds werk meetellen. Wanneer wij de tekst van de programmawet analyseren, wat blijkt? Het halftijds werk zal niet volwaardig meetellen om aan die dertig gewerkte jaren te komen. Dat betekent in een concreet voorbeeld dat wie twintig jaar voltijds en vervolgens tien jaar halftijds heeft gewerkt, niet aan dertig gewerkte jaren, komt, maar slechts aan vijfentwintig jaar.

Mijnheer de minister, dat is in strijd met het regeerakkoord. Daarin is immers heel letterlijk vermeld dat dertig jaar halftijds werken zou volstaan. Zo staat het alvast niet in de programmawet. Daarover is nu heel veel discussie.

Wat is er aan de hand? Kunt u dat toelichten? Zal iemand die dertig jaar halftijds heeft gewerkt, voldoen aan de voorwaarde van dertig gewerkte jaren? Voldoet wie twintig jaar voltijds en tien jaar halftijds heeft gewerkt, aan de vereiste?

Collega’s, 55-plussers liggen echt wakker van de maatregelen die op hen afkomen. Sommigen hebben zevenentwintig, achtentwintig of negenentwintig jaar gewerkt; anderen hebben werk gecombineerd met zorg, met mantelzorg. Vooral vrouwen hebben een zorgtaak opgenomen en komen net niet aan die dertig jaar. Is dat fair? Voor ons is dat niet fair. Dat is kil, koud, asociaal rechts beleid.

Mijnheer de minister, ik wil van u één duidelijk antwoord op de vraag: telt halftijds werk al dan niet volwaardig mee.

Kurt Moons:

Mijnheer de minister, uw sociale correctie op de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd, de zogenaamde uitzondering voor 55-plussers met minstens 30 jaar beroepsverleden, blijkt een maat voor niets, 55-plussers, een doelgroep die mij na aan het hart ligt. Volgens de cijfers, die u pas zaterdagmorgen ter beschikking stelde, zou slechts 18 % ervoor in aanmerking komen. 50.000 personen verliezen hun uitkering, belanden bij het OCMW of blijven hangen in een arbeidsmarkt die hen al jaren afwijst.

Raar maar waar, ook uw coalitiepartners waren verbaasd dat maar zo weinig mensen zullen kunnen genieten van die uitzondering. U was dan weer verbaasd over hun verbazing. U voert immers enkel het regeerakkoord uit?

Dat getuigt toch van een ronduit amateuristische aanpak. De maatregel wordt erdoor gejaagd zonder grondige doorrekening, zonder transparantie voor uw coalitiepartners en zonder veel overleg met het terrein. Alle betrokken diensten, de RVA, de VDAB, Actiris, Forem, de OCMW's, slaken alarmkreten. Ze zijn gewoon niet klaar. Geen voorbereiding, geen draaiboek, geen begeleiding, geen structurele financiering. Het belangenconflict dat de GGC in Brussel heeft ingeroepen, bevestigt dat zelfs.

Vooruit en cd&v zeggen intussen dat het allemaal wel zal meevallen. Maar hoe sociaal blind kan men zijn? Duizenden mensen in een precaire situatie verliezen straks hun uitkering. Dat gaat fout.

Ten eerste, sinds wanneer wist u dat slechts 18 % van de 55-plussers onder de uitzondering zouden vallen? Hebt u dat bewust verzwegen?

Ten tweede, waarom is er geen voorafgaande sociale en financiële doorrekening gemaakt?

Ten derde, hoe reageert u op het belangenconflict van de GGC, dat wijst op een gebrek aan voorbereiding en middelen?

Ten vierde en tot slot, komt er misschien een bijsturing van de wet, zoals Voorruit suggereert, als blijkt dat duizenden mensen echt in de problemen komen?

Eva Demesmaeker:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega's, de beperking van de werkloosheid in de tijd is er bijna door. We zijn er bijna. De spanning neemt toe en in de pers wordt om alsmaar meer uitzonderingen gevraagd. Ik lees in de krant dat heel veel mensen schrikken van het aantal werklozen waarop de maatregel een impact heeft. Ik schrik daar eigenlijk niet van. De cijfers tonen mijns inziens maar één zaak aan, namelijk dat we veel te lang getalmd hebben en veel te laks zijn geweest gedurende een lange periode.

De cijfers vertellen ons dat we zeker veel te laks zijn geweest in Brussel en Wallonië, waar het om nog meer werklozen gaat. Die werklozen zijn daar in de vergeetput geduwd. Wij proberen hen daar nu uit te halen. We zullen hen opnieuw een toekomst geven. Uiteraard zal een groep werklozen zich tot het OCMW richten om een leefloon aan te vragen. Daar zullen zij begeleiding en ondersteuning krijgen.

Wat absoluut belangrijk is, is de reden waarom we op die manier hervormen. De hervorming is absoluut noodzakelijk. Eigenlijk vragen we niet zo veel. Wij vragen dat onze bijdragen dienen om degenen die het meest nodig hebben, te beschermen. Dat is niet abnormaal: gigantisch veel mensen zijn werkloos, maar gigantisch veel mensen hebben ook kans op werk, want de vacatures zijn er, in alle landsdelen, voor verschillende functies en voor verschillende niveaus.

Mijn collega zou de hervorming historisch noemen, maar in het buitenland kijkt men met grote ogen naar ons land dat het werkloosheidsstelsel pas nu wordt hervormd en vraagt men zich af hoe men in dit land zo lang steun kan genieten, zonder te moeten bijdragen.

Mijnheer de minister, ik vraag u dus om door te zetten. Ga verder met de hervorming.

David Clarinval:

Ik heb goed nieuws. Volgens een studie van Statbel van deze week zijn voor het eerst meer dan zes op de tien 55-plussers aan het werk. Dat vertegenwoordigt een toename van 7,6 % sinds 2020. Ter herinnering, in 2000 ging het om slechts één op vier 55-plussers. De werkzaamheidsgraad van mensen tussen 20 en 54 jaar bedraagt voortaan 76,2 %. De oorzaken van het verschil tussen de 55-plussers en de rest van de beroepsbevolking zijn complex. Wel is duidelijk dat als we een werkzaamheidsgraad van 80 % willen bereiken, we zoveel mogelijk van die mensen opnieuw aan de slag moeten krijgen. Binnen de Europese Unie bedraagt het gemiddelde al 65 %. In buurlanden zoals Nederland en Duitsland wordt zelfs 75 % gehaald. Het is dus geen utopie, maar daar al realiteit.

Voor 55-plussers die werkloosheidsuitkeringen ontvangen, eisen wij een loopbaan van 30 jaar om de beperking in de tijd niet toe te passen. Voor de berekening van die loopbaan houden we rekening met gewerkte periodes, maar ook met verschillende gelijkgestelde periodes zonder beperking. Het gaat om ziekte, invaliditeit, arbeidsongevallen, beroepsziekten, moederschaps- en beschermingsverlof, geboorte- en adoptieverlof, pleegouderverlof en pleegzorgverlof, tijdelijke werkloosheid enzovoort.

Werknemers die een voltijdse uitkering aanvragen, moeten dus 30 jaar voltijdse arbeid aantonen, berekend over hun hele loopbaan. Voor werknemers die als deeltijdse werknemer een uitkering aanvragen, zijn er verschillende scenario’s mogelijk. Ofwel heeft de persoon geen gelijkstelling met een voltijdse werknemer aangevraagd om zijn rechten te behouden, waardoor hij een loopbaan van 30 jaar halftijds moet aantonen, of de helft van de normale voorwaarden. Ook daarbij houden we rekening met alle gelijkgestelde periodes die ik daarnet heb vermeld. Ofwel heeft de persoon wél gevraagd te worden gelijkgesteld met een voltijdse werknemer, waardoor ook dan een loopbaan van 30 jaar voltijds moet worden aangetoond. Personen die dat statuut verkrijgen, kunnen dan tijdens hun deeltijdse job een inkomensgarantie-uitkering ontvangen.

Ze kunnen ondanks hun deeltijdse job een werkloosheidsuitkering krijgen zoals een voltijdse werknemer. Ze worden tijden hun deeltijdse job ook als voltijdse werknemer beschouwd voor de opbouw van andere sociale rechten.

In tegenstelling tot wat u zegt, mijnheer Van Hecke, hebben we wel degelijk rekening gehouden met de situatie van de deeltijdse werknemers van 55 jaar en ouder. Onze ambitie is duidelijk: de band versterken tussen sociale bijdragen en sociale rechten. Mijnheer Van Hecke, de pensioenleeftijd ligt niet op 55 jaar. We moeten elke persoon activeren naar een job en dat is vooral een kwestie van gelijkheid, waardigheid en collectieve verantwoordelijkheid.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de minister, ik dank u. Heeft iemand de uitleg van de minister goed begrepen over de 55-plussers die 30 jaar halftijds hebben gewerkt? Voldoen ze nu aan de voorwaarden van 30 jaar gewerkte jaren? Welk bedrag zullen ze dan ontvangen? Het was een zeer warrige uitleg, maar het regeerakkoord is heel duidelijk. De voorwaarde was namelijk 30 jaar halftijdse arbeid om in aanmerking te komen voor 30 jaar gewerkte jaren. Uw antwoord stelt absoluut niet gerust. Ik stelde u een concrete vraag. Zal iemand die 30 jaar halftijds heeft gewerkt, recht hebben op die uitzondering? Is het antwoord ja of neen? Het antwoord is duidelijk neen. Ze zullen er niet aan voldoen.

Kurt Moons:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Het was inderdaad heel onduidelijk, maar ik ga enkel voort op de 18 % die u zelf hebt aangegeven. Onze partij pleit al jaren voor een beperking in de tijd van de werkloosheidsuitkering, maar dan wel op een sociaal verantwoorde manier, met aandacht voor specifieke doelgroepen met specifieke behoeften, zoals 55-plussers, mantelzorgers en mensen die zich omscholen naar knelpuntberoepen. Deze regering doet echter iets helemaal anders. Deze maatregel wordt ingevoerd zonder veel overleg, zonder voorbereiding, zonder voorafgaande impactanalyse, zonder een realistisch plan van aanpak. Prutswerk of, zoals mijn collega zou zeggen, brol.

Een maatregel die 50.000 mensen zonder uitkering zet omdat ze net geen 30 jaar loopbaan kunnen aantonen is geen sociale correctie, maar wel een blinde besparing, zonder begeleiding, zonder kansen, zonder realiteitszin. Dit is besparingsdrang op kap van de zwaksten. Dit is een feitelijke ramp.

Eva Demesmaeker:

Collega Van Hecke, u verspreidt hier fake news. Mocht u aanwezig geweest zijn in de commissie, dan had u het antwoord gehoord. De collega heeft hier duidelijk op geantwoord: iemand die gedurende 30 jaar minstens 156 dagen per jaar heeft gewerkt, zal een halftijdse werkloosheidsuitkering krijgen. Dat is het antwoord dat u daar zou hebben gekregen.

De komende maanden zullen we nog heel veel uitzonderingen horen, nog heel veel casussen die onrechtvaardig blijken te zijn, maar we mogen niet blijven hangen in dat fake news. Wie werkt, draagt bij en verdient onze steun. We zitten met scheefgegroeide financiën. We kennen het verhaal en we moeten die tanker keren. Dat doen we niet door de werkende mensen nog meer uit te persen, maar wel door te hervormen. Die hervormingen liggen nu voor en wat u doet, is fake news verspreiden. U bent een pyromaan en wij moeten de brandjes blussen.

Persoonlijk feit

Fait personnel

Voorzitter:

Collega's, wij hebben de video bekeken van de tussenkomst van collega Safai en we hebben inderdaad vastgesteld dat de heer Hedebouw recht heeft op een persoonlijk feit. Ik zal dan ook correct zijn en hem daarvoor 2,5 minuten spreektijd toekennen.

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de voorzitter, ik wil eerst en vooral zeggen dat ik het heel erg vind dat het Vlaams Belang – u zit nog geen uur op de stoel van de voorzitter – nu al beslist om het woord af te nemen van de PVDA, de echte sociale oppositiepartij die de dingen duidelijk durft te zeggen. Ik vind dat democratisch gezien heel erg. En toch gaan wij door, want censuur accepteren we niet. Wij gaan door, zeker en vast. De stem van het volk zal blijven klinken.

Dan wil ik natuurlijk ook reageren op mevrouw Safai, die beweert dat wij geen vergadering van de commissie zouden willen. Ten eerste, de vraag voor een commissievergadering over de 5 %-norm op maandag komt van de PVDA-fractie. Wij hebben dat verzoek ingediend. Ten tweede, u hebt een debat voorzien van anderhalf uur met drie ministers over een bedrag van 24 miljard euro. We stellen vandaag echter vast dat de ministers zelf niet goed weten of er nu een akkoord is of niet.

Un accord à 24 milliards. C'est oui, c’est non, 5 %?

Daarom vraagt mijn fractie of we een langer debat kunnen voeren. Kunnen we eventueel, voor een bedrag van 24 miljard euro, een debat houden van 3 uur?

En nu komt de N-VA zeggen dat zo’n debat niet mogelijk is. Dát is pas fake news. U hebt zelf gezien hoe uw eerste minister het niet kon uitleggen. Hij twijfelde; 5 %, ja of nee.

Wij gaan echter door met onze strijd. Die miljarden komen immers uit de zakken van de werkende klasse en daar gaan wij niet mee akkoord. Dat is duidelijk!

Voorzitter:

Mijnheer Hedebouw, de censuur gaat zodanig ver dat ik u volledig netjes laat uitspreken en zelfs de moeite doe om u extra het woord te geven.

Mevrouw Safai, ik denk dat u graag nog wenst te antwoorden.

Darya Safai:

Mijnheer Hedebouw, u bent nooit geïnteresseerd in wat er binnen de NAVO gebeurt. U wilt zelfs niet gewoon meekomen om te luisteren om te vernemen waarom dat geld nodig is. Dat is geen geheim. U wilt zelfs geen deel uitmaken van het NAVO-parlement. Dat is toch vreemd, niet? Ik wil ook nog iets zeggen over de debatten. U zegt voortdurend dat er niet zoveel geld moet worden uitgegeven, want dat dat allemaal voor niets nodig is. Ik zeg u echter: als u gewoon meekomt luisteren, dan hoort u waarom dit geld broodnodig is. Het gaat om onze veiligheid. Harde veiligheid is niet minder belangrijk dan zachte veiligheid of sociale zekerheid. Wij willen trouwens de sociale zekerheid nu helemaal niet aantasten. U komt echter gewoon nooit luisteren naar wat wij vertellen. Wij wilden namelijk wel degelijk een debat organiseren. Ook de voorzitter van de commissie voor Landsverdediging, de heer Buysrogge, wilde dat formeel regelen. Wij hebben dat ook gedaan. Het gaat echter over 16 juni en het debat gaat door op de 18 juni. Uiteraard kunnen wij dat niet urenlang organiseren. De heer Buysrogge zoekt echter een ander moment om dat debat toch te laten doorgaan. We zullen dat blijven proberen, want het is nodig; niet als gevolg van Amerikaanse opdrachten of wat dan ook, maar voor onze veiligheid.

economie en werk

De uitspraken van de kabinetschef van de minister van Financiën
De lezing van de kabinetschef van de minister van Financiën
De uitspraken van de kabinetschef van de minister van Financiën
De lezing van de kabinetschef van de minister van Financiën
De uitspraken van de kabinetschef van de minister van Financiën
Communicatie van kabinetschef van minister van Financiën

Gesteld aan

Jan Jambon (Minister van Financiën en Pensioenen)

op 28 mei 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De kabinetschef van Jambon wordt beschuldigd van fiscale voorkennis en minachtende uitspraken tijdens een lezing in Brugge, waar hij gedetailleerde, niet-publieke informatie over de programmawet (o.a. meerwaardebelasting, DBI-aftrek) prijsgaf—veel meer dan het regeerakkoord dekte—en coalitiepartners en belastingbetalers belachelijk maakte. De oppositie eist zijn ontslag, wijst op deontologische schendingen en leugens tegen het Parlement, terwijl N-VA het afdoet als politieke heksenjacht en het "voluntarisme" verdedigt. Jambon handhaaft zijn vertrouwen in de kabinetschef, verwijst naar de Deontologische Commissie, maar ontkent niet dat gevoelige regeringsdetails werden gelekt. De kloof in de coalitie diept zich uit, met wantrouwen over wie de fiscale hervorming eigenlijk dient: burgers of elites.

Jan Jambon:

Oei!

(…) : (…)

Voorzitter:

Ik hoop het niet, mijnheer Ronse. Ik hoop dat het water niet gebroken is. Ik controleer even mijn gsm … Nee, het water is niet gebroken. (Hilariteit)

(…) : (…)

Voorzitter:

Nee, het is ook niet onbevlekt ontvangen.

Vincent Van Quickenborne:

Mijnheer de minister, gisteren heeft uw kabinetschef een toelichting gegeven in de commissie voor Financiën over de beruchte lezing in Brugge. Hij verklaarde daarbij dat hij zich in Brugge enkel had gebaseerd op het regeerakkoord en op publiek beschikbare teksten. Intussen hebben wij de opname van de lezing ontvangen en volledig beluisterd – ruim twee uur lang. Daaruit blijkt duidelijk dat uw kabinetschef veel meer details heeft vermeld dan wat in het regeerakkoord staat. Hij heeft dus eigenlijk gelogen. Hij heeft niet de waarheid verteld. Zo sprak hij over de meerwaardebelasting en zaken die beslist zijn, zoals de werklozen die 200 euro meer belasting zullen moeten betalen, carried interest , debit en andere details die in de programmawet zijn opgenomen.

Ik stelde u daarover vragen in de commissie voor Financiën op 25 februari en 29 april. Telkens antwoordde u dat ik geduld moest hebben en dat de programmawet naar het Parlement zou komen, waar hij dan besproken kon worden. Mijnheer de minister, wij hebben de programmawet nog altijd niet ontvangen. Intussen worden alle details gelekt door die man in Brugge.

Er is echter meer aan de hand. Mijnheer de minister, hebt u de opname al beluisterd? Hebt u gehoord hoe uw kabinetschef spreekt over de belastingbetalers? Hij zegt namelijk om hen eens te jossen, om in de zakken te zitten van de belastingbetaler. De toon waarmee hij spreekt over collega-ministers is al even opmerkelijk. Minister Van Peteghem wordt beschuldigd van hypocrisie. Over minister Vandenbroucke wordt gezegd dat hij geen plezier heeft in het leven en dat hij daarom de hervorming van de accijnzen op alcohol zou blokkeren.

Collega’s, hij verklaart ook dat de belastinghervorming van Arizona nonsens is. Die belastingvrije som optrekken, is nonsens. Dat zegt uw kabinetschef, mijnheer de minister.

Collega’s, ik heb maar twee vragen. Ten eerste, heeft uw kabinetschef gisteren de waarheid gesproken, of heeft hij gelogen? Ten tweede, wat vindt u van zijn uitspraken dat de belastinghervorming van Arizona nonsens is?

Lode Vereeck:

Mijnheer de minister, toen gisteren bekend raakte dat uw kabinetschef een lezing had gegeven over de programmawet kreeg ik een heel sterk déjà-vugevoel. Tien jaar geleden moest de kabinetschef van uw voorganger, Johan Van Overtveldt, immers na amper acht maanden opstappen omdat hij lezingen en advies had gegeven over fiscale wetgeving die er zat aan te komen.

Gisteren beweerde u bij hoog en bij laag dat dit nu niet het geval was. Uw kabinetschef zou alleen een spreekbeurt hebben gegeven over het regeerakkoord dat publiek beschikbaar was. Dat klopt dus niet. Na amper negen minuten begon uw kabinetschef twee uur lang te praten over de programmawet, waarbij hij heel veel informatie deelde die niet bekend was, zelfs niet in het Parlement.

Dat toont weinig respect voor het Parlement en voor de democratische besluitvorming, maar geeft de deelnemers tegen betaling ook fiscale voorkennis. Ik vind dat gortig. Ik geef twee voorbeelden. De vrijstelling van 10.000 euro in de meerwaardetaks blijkt overdraagbaar. Wie 5.000 euro meerwaarde heeft, betaalt geen meerwaardetaks en is het jaar daarop vrijgesteld voor 15.000 euro. Ik wist dat niet. Wie 1 euro meerwaarde heeft, is het jaar daarop vrijgesteld voor 19.999 euro. Dat is allemaal handig om op voorhand te weten. De participatievoorwaarde voor de DBI-aftrek, waarover ik u gisteren nog ondervroeg, wordt niet opgetrokken van 2,5 naar 4 miljoen. Handig om dat op voorhand te weten.

Mijnheer de minister, ik heb drie vragen voor u. Kunt u bevestigen dat de vrijstelling op de meerwaardetaks overdraagbaar is? Is dat jaarlijks of cumuleerbaar? Beseft u na een nachtje slapen ondertussen dat er een ernstig deontologisch probleem is op uw kabinet? Wat zult u daaraan doen? Het VBO heeft ondertussen al een persbericht uitgegeven over de programmawet. Wie is daar gaan spreken?

Sofie Merckx:

Mijnheer de minister, we hebben het gisteren gehad over de conferentie, de lezing, die uw kabinetschef tegen betaling gaf aan een club van fiscalisten. Eerlijk gezegd, gisteren is daarover gelogen. Ten eerste hebt u gezegd dat er geen fiscaal advies werd gegeven. Welnu, ik heb gisterenavond ook geluisterd naar de conferentie van de heer De Visscher. Wat heeft hij gezegd over de meerwaardebelasting? Die 20 % procent moet volgens de wettekst in familieverband beschouwd worden. Als twee zussen elk 15 % bezitten, is dat samen meer dan 20 % en hebben ze recht op een vrijstelling van niet één maar twee miljoen euro. Als dat geen fiscaal advies is, dan weet ik het niet meer.

U hebt ook aangegeven dat er niets is gezegd dat niet in het Parlement is aangehaald. De collega’s hebben al verschillende elementen vermeld, maar ik heb er zelf ook nog één gevonden. Er is veel gezegd over de onderhandelingen over de meerwaardebelasting. Er is gezegd: ʺ Ja, dat was een heel theater, en uiteindelijk zijn ze er uitgeraakt en hebben ze iets op papier gezet. Ik heb de foto trouwens nog op mijn WhatsApp staan ʺ . Dat papiertje waarover de heer Bouchez het had, bestaat dus wel. Kunnen wij ook die foto krijgen, mijnheer Jambon?

Tot slot vraag ik me af of wij gisteren wel de correcte powerpointpresentatie hebben gekregen. Op een bepaald moment sprak de heer De Visscher over de verschillende tarieven en zei hij over de meerwaardebelasting dat 2,25 %, geen tikfout was enzovoort. In de powerpointpresentatie die wij hebben ontvangen, zit helemaal geen slide over die 2,25 %. Mijnheer Jambon, kunt u vandaag eindelijk naar waarheid antwoorden op die vragen?

Axel Ronse:

De kloof tussen de bubbel van de Wetstraat en de dorpsstraat is nog nooit zo groot geweest. Wat een kneuterigheid. Een kabinetschef krijgt een uitnodiging om aan een groep cursisten en zelfstandige ondernemers, dus geen select publiek maar zelfstandige, noeste West-Vlaamse werkers, gratis en onbezoldigd enige uitleg te geven over fiscaliteit en de fiscale hervorming. Hij doet dat met heel veel plezier en laat het achterste van zijn tong zien.

Collega’s, als er twee waarden zijn die ik hoog in het vaandel draag, dan is het wel ‘wees voluntaristisch’ en ‘wees authentiek’. Voluntaristisch zijn wij. Tegenover iedereen die wil connecteren met het arizonaverhaal, zullen wij dat verhaal te land, ter zee en in de lucht verdedigen en aan hen vertellen.

Hoe kan ik hier uitleggen aan mijn vrienden, mijn ouders en om het even wie dat wij hier in het Parlement al twee dagen staan te leuteren, dat een ex-vicepremier en een ex-partijvoorzitster twee uur lang naar een audiofragment luisteren, intens luisteren naar wat er allemaal wordt verteld, waarna ze glunderen dat zij de betrokkene kunnen pakken?

Dat is werkelijk te belachelijk en te ridicuul voor woorden. Het is een Parlement totaal onwaardig dat een integere kabinetschef die ingaat op de vraag om voor een vormingsinstituut te spreken, daarvoor geen eurocent vraagt en bij die gelegenheid vrijuit spreekt, twee dagen lang aan de schandpaal wordt genageld. Collega’s, schaam u. Schaam u diep.

Mijnheer de minister, aan u heb ik maar één oproep. Ik doe die oproep trouwens aan de hele arizonaploeg. Blijf voluntaristisch en authentiek ons arizonaverhaal te land, ter zee en in de lucht verdedigen, want het is een ijzersterk verhaal.

Meyrem Almaci:

Massaal voluntaristisch applaus. Tout va bien, madame la marquise . 160 euro betalen om exclusief te kunnen horen dat werklozen 200 euro minder zullen krijgen. De spreker verkneukelend horen zeggen dat het uitpersen van al die mensen veel geld zal opbrengen voor de begroting.

Collega's, u hebt de opname van de kabinetschef zelf kunnen beluisteren of u hebt in de krant de letterlijke uitspraken kunnen nalezen. Hij sprak over marginalen, dat zei hij effectief. Hij sprak over te rade gaan bij VOKA en zei dat VOKA zijn baas is. Hij stelde niet te veel te willen doen met betrekking tot de ‘vervennootschappelijking’. Hij sprak over de fetisjen van anderen aan tafel.

Wie dit beluisterd of nagelezen heeft, kan één ding vaststellen. Wie nu nog volhoudt dat deze lezing gewoon ging over het regeerakkoord, houdt de bevolking voor idioten, houdt de andere regeringspartijen voor idioten, houdt de journalisten en experts voor idioten, houdt heel dit halfrond voor idioten.

Een kabinetschef spreekt namens de minister. Hij sprak minachtend over ontelbare mensen van vlees en bloed, mensen die ziek zijn, mensen met een handicap, mensen die scheiden en het stopte niet. Hij sprak laatdunkend over coalitiepartners, maakte parlementsleden, journalisten en burgers belachelijk. En dat allemaal met de onvoorwaardelijke steun van de vice-eersteminister.

Wie dacht dat de MR de saboteur in deze regering was, kan die illusie nu wel opbergen. Het rot zit in het departement dat de portemonnee vasthoudt van al onze burgers, in het hart van het kabinet Financiën. Dat kabinet rijdt voor de sterksten en zoekt manieren om maatregelen tegen fraude uit te hollen, om de DBI-aftrek te milderen en de meerwaardebelasting te saboteren. Terwijl de heer De Wever hier een show opvoert over alcohol in de cafetaria, wil men via een achterpoortje sterke drank goedkoper maken. Uw kabinetschef rijdt voor de sterksten. Wat zijn het regeerakkoord en dit Parlement eigenlijk nog waard?

Mijnheer de minister van Financiën, blijft u achter de woorden van uw kabinetschef staan? (…)

Jan Jambon:

We gaan verder waar we gebleven waren in de commissievergadering, gisteren. Daar hebben ikzelf en mijn kabinetschef uitleg gegeven over de lezing die hij eerder deze week gehouden heeft. We hebben heel wat onwaarheden kunnen rechtzetten, meen ik. Onwaarheden zoals dat hij zou betaald zijn voor die lezing. Fake news! Dat is absoluut niet waar. Toch is dat beweerd, gisteren in de commissie.

Er werd ook beweerd dat we informatie zouden achterhouden op die lezing. Mevrouw Merckx, met de hand op het hart, de PowerPointpresentatie die gisteren verdeeld is, is de PowerPointpresentatie die daar gebruikt is. We hebben én die PowerPointpresentatie én de e-mail én de audiotape van de lezing gegeven. Volledige transparantie! Ik wist natuurlijk goed dat op het moment dat we die vrijgaven de oppositie als schriftgeleerden aan tekstexegese zou doen en zou zoeken naar iets negatiefs om het dan uit te vergroten en tot ongelooflijke vormen op te pompen. Daarom heb ik gisteren gezegd, en herhaal ik hier vandaag, dat we geen enkel probleem hebben met de vraag wat de Federale Deontologische Commissie erover denkt. Ik meen dat die vraag daarnet gesteld is.

Daarom zal ik nu niet op de inhoud ingaan. Dat is voor de Federale Deontologische Commissie en het advies van die Federale Deontologische Commissie zullen we ter harte nemen en implementeren. Voor de rest zeg ik u, tot slot, dat ik nog 100 % vertrouwen heb in mijn kabinetschef en in al mijn medewerkers. Ik ben niet het soort baas dat problemen uit de weg gaat en zijn medewerkers onder de trein gooit. Ze hebben mijn vertrouwen.

Vincent Van Quickenborne:

Mijnheer de minister, het probleem is dat uw kabinetschef gisteren de waarheid niet heeft verteld. Hij heeft het Parlement voorgelogen. Hij verklaarde dat hij daar alleen over het regeerakkoord heeft gesproken, maar dat klopt niet. Dat is het probleem.

Over een tweede punt hebt u niets gezegd en de heer Ronse evenmin, met reden. Hij heeft coalitiepartners beledigd, waaronder cd&v'ers, zoals minister Van Peteghem, oud-minister van Financiën, die voor de verhoging van de belastingvrije som streed. Uw kabinetschef noemde dat echter nonsens. Minister Vandenbroucke kreeg gelijkaardige opmerkingen. Dat zijn net de coalitiepartners met wie u de komende dagen rond de tafel moet gaan zitten om het belangrijkste dossier, dat over de meerwaardebelasting, af te ronden.

Collega's, het wantrouwen zit in de ploeg. Weet u wie de prijs daarvoor zal betalen? Niet de kabinetschef, zelfs niet de minister, maar de middenklasse. De middenklasse zal de factuur betalen voor het geklooi en geklungel van u en uw kabinet.

Lode Vereeck:

Mijnheer de minister, mijnheer Ronse, een kabinetschef is geen consultant. Hij vertegenwoordigt de minister en spreekt namens hem. Een betalende lezing door een kabinetschef over aanstaande wetgeving is geen storm in een glas water maar een ernstig probleem, zowel deontologisch als op het vlak van fiscale voorkennis. Gisteren noemde mevrouw Verkeyn het nog een storm in een glas water en u sprak van een shitshow en een sketch. Wij hebben onmiddellijk gevraagd om de deontologische commissie in te schakelen. Gelukkig volgt u ons daarin.

Mijnheer de minister, uw kabinetschef sprak bijzonder neerbuigend over de ministers Vandenbroucke en Van Peteghem, over journalisten die er niets van begrijpen en over een professor fiscale blauwdruk. Ik herinner mij een minister die andere ministers uitmaakte voor uit teflon en beton opgetrokken gevoelloze karikaturen. Zij verloor haar gezag en bakte er niets meer van. Ik vrees dat ook uw kabinetschef niet langer kan functioneren. Neem uw verantwoordelijkheid.

Sofie Merckx:

Mijnheer de minister, u antwoordt natuurlijk niet op de concrete feiten omdat u gisteren niet de waarheid hebt gesproken. Het is toch normaal dat wij ons werk doen en dat wij concrete antwoorden op concrete vragen willen. Ik blijf dus bij mijn vraag om die foto te krijgen.

Wat mij het meest choqueert, is hoe mijnheer Ronse en de N-VA hiermee omgaan. In Vlaanderen zijn er mensen die investeren op de beurs, die miljoenen bezitten, die veel aandelen hebben of bedrijfsleiders zijn. Zij vinden het normaal dat ze op hun wenken bediend worden, niet alleen door fiscalisten, maar ook rechtstreeks door de mensen van de kabinetten van de N-VA. Zij vinden dat normaal, maar de gewone mensen die weer zo veel moeten betalen als ze hun belastingbrief krijgen, die vinden dat niet normaal, mijnheer Ronse.

Axel Ronse:

Toen mijn stadsgenoot Vincent Van Quickenborne zei dat er wantrouwen in de ploeg heerst, dacht ik even dat hij het over Open Vld had. Hij begint hier druk te doen over kleine opmerkingen die ministers over elkaar maken, maar dan zou ik toch eens in eigen boezem kijken. Collega's, laat ons stoppen met deze platitudes en deze platte politieke show, dat goedkoop drama. Wij hebben het hier over een voluntaristische kabinetschef, een integer man die al zijn hele carrière voor de res publica werkt, die zich daaraan wijdt, dag en nacht, maar u blijft nastampen en goedkope slogans, onwaarheden en platitudes verkondigen. Ik zeg het nogmaals: schaam u diep, oppositie.

Meyrem Almaci:

Ik zou graag hebben dat de kabinetschef zich excuseert voor zijn schaamteloze uitspraak tegenover alle burgers in dit land. Ik zou vooral willen dat de minister dit voluntarisme dat hij heeft tentoongespreid, meebrengt naar de commissie of in het Parlement, waar het hoort. Voor alle duidelijkheid, we zitten hier vandaag niet samen om over koetjes en kalfjes te praten, maar over essentiële informatie. Minister Jambon, het gaat er niet om of u nog vertrouwen hebt, het gaat erom of alle partijen van uw meerderheid, die niet applaudisseren, nog vertrouwen hebben in uw kabinet en in uw kabinetschef. Er zijn vandaag veel dingen geciteerd, maar de woestijn van Arizona vol fata morgana’s en luchtspiegelingen wordt gebruikt om gewone mensen te doen geloven dat het goed voor hen is, om vervolgens in achterkamers met viptickets anderen iets anders te gaan vertellen en hun een voorkeursbehandeling te geven. Voor 160 euro, exclusief btw, een vipticket naar de achterkamers van Arizona, ik vind daar wat van, mijnheer Ronse. Het zegt alles over waar u voor staat.

internationale politiek en migratie

De opmerkingen van het Rekenhof over de kostprijs van het regeringsbeleid
Het verslag van het Rekenhof en de Europese Commissie
Beoordeling door het Rekenhof van regeringsuitgaven en Europese beleidsverslagen

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 22 mei 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Het Rekenhof vernietigt de begroting van premier De Wever, noemt de 7,9 miljard aan terugverdieneffecten "drijfzand" en beveelt aan ze volledig te schrappen, terwijl het structurele gaten bij defensie, politie en justitie blootlegt, plus onrealistische fraude-inkomsten en een recordasielbudget in 2025. De Wever erkent de onzekerheid van de effecten maar blijft vertrouwen op Europese goedkeuring en hervormingen (werkloosheid, pensioenen, langdurige ziekte), terwijl oppositie hem beschuldigt van kiezersbedrog, Vlaamse beloftes breken en toekomstige besparingen op middenklasse en sociale zekerheid in plaats van superrijken. Kern: Begrotingscrisis door onrealistische cijfers, schuldenberg groeit met 100+ miljard, en geen concreet plan om gaten te dichten.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de premier, het zou me verwonderen mocht u champagne drinken, aangezien het Rekenhof brandhout heeft gemaakt van uw begroting. Het Rekenhof was maandag snoeihard tijdens de hoorzitting in de commissie voor Financiën en Begroting. Onze vermoedens werden bevestigd: de terugverdieneffecten zijn volledig op drijfzand gebouwd. Ik citeer de uitspraken van de raadsheren van het Rekenhof van afgelopen maandag letterlijk – het stond niet in hun rapport: "De terugverdieneffecten zouden beter niet in de begroting worden ingeschreven." Mijnheer de premier, 7,9 miljard euro mag u meteen al schrappen volgens het Rekenhof.

Dat is niet alles. Het Rekenhof heeft nog veel andere grote gaten gevonden en onduidelijkheden rond de financiering van de defensie-uitgaven vastgesteld. Er is een structurele onderfinanciering van verschillende posten bij de politie en Justitie ten bedrage van honderden miljoenen euro's. U rekent zich rijk met de inkomsten van de strijd tegen fiscale en sociale fraude. Wat een zootje.

Collega's, mocht Bart De Wever in de oppositie zitten, hij zou de begroting van premier De Wever met de grond gelijkmaken. Hij zou ze afbranden.

Bart De Wever:

(…)

Stefaan Van Hecke:

U was er nooit, dat klopt.

De vraag is dus hoe u deze gaten zult dichtrijden. Ik maak me eerlijk gezegd grote zorgen. Zal de regering het geld opnieuw gaan halen in de sociale zekerheid, bij de pensioenen, bij de zieken, bij de werklozen, bij de middenklasse en opnieuw niet bij de superrijken, die vandaag ocharme een zestiende van de inspanningen moeten leveren?

Waar zult u het geld halen, mijnheer de premier? Show me the money!

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de premier, het lijkt wel alsof er azijn in uw glas zit in plaats van water. Maandag kwam het Rekenhof zijn vernietigende rapport over uw eerste begroting toelichten. Normaal brengen dergelijke hoorzittingen wat nuance, maar deze keer was dat niet het geval. De mondelinge analyse was zelfs nog scherper. De terugverdieneffecten moeten niet worden teruggebracht van 8 naar 7 miljard, volgens het Rekenhof worden er beter helemaal geen terugverdieneffecten in de begroting opgenomen. Dat betekent dus 0 miljard. Er is sprake van een achteruitgang van de kwaliteit van de begroting. Essentiële informatie ontbreekt, er rijzen grote vragen bij de betrouwbaarheid van de cijfers, er is ronduit sprake van amateurisme, tabellen zijn achterhaald en berekeningen werden niet aangepast.

Belangrijker nog is dat we vier stellingen aftoetsten bij het Rekenhof en dat die alle vier bevestigd werden.

Stelling 1 is dat deze regering-De Wever meer dan 100 miljard euro aan staatsschuld zal toevoegen. Die stelling werd bevestigd. U zult het rotten dus niet stoppen en u zult de begroting niet op orde stellen. Net als de vorige regeringen, die u bestreed, zult u de Belgische schuldenberg verder doen aangroeien.

Stelling 2 is dat de begroting te optimistisch is opgesteld. Ook die stelling werd bevestigd. U rekent zich rijk. De terugverdieneffecten zijn ongezien. Ze zijn extreem.

Stelling 3 is dat deze regering-De Wever ook in 2025 het hoogste asielbudget ooit zal kennen. Die stelling werd eveneens bevestigd. Van het strengste asielbeleid is in de cijfers helemaal geen sprake, wel integendeel.

Tot slot is stelling 4, dat het meerjarenplan dat aan Europa werd voorgelegd niet strookt met de begroting. Die laatste stelling werd ook bevestigd. U beloofde Europa een tekort voor heel België van 3 % in 2029, maar het tekort van het federale niveau alleen al zal in 2029 3,7 % bedragen, of 3,5 % zonder de bijkomende kosten voor defensie. Denkt u werkelijk dat Wallonië of godbetert Brussel plots mirakels zullen verrichten? (…)

Voorzitter:

Ik ben streng voor u omdat ik ook streng zal zijn voor de eerste minister, die vier minuten spreektijd krijgt.

Bart De Wever:

Collega's, in mijn glas zit geen azijn maar heerlijk water, weliswaar met een schijfje citroen – om in de beeldspraak te blijven –, want het Rekenhof heeft natuurlijk de opdracht om op vraag van de Kamer erg kritisch te kijken naar de beslissingen van de regering. Zo hoort het ook. Het Rekenhof vervult die opdracht grondig. Dat is een goede zaak. We moeten scherp blijven.

De opmerkingen van het Rekenhof hebben betrekking op een materie die niet nieuw is en die hier al uitgebreid en bij herhaling is besproken vanaf de allereerste dag van deze regering en zelfs voordien al. In de bevoegde commissies is het debat over het rapport van het Rekenhof met de ministers van Begroting en Financiën momenteel aan de gang. Het heeft geen zin om binnen het heel korte tijdsbestek dat mij is toebedeeld te trachten hun gedetailleerde antwoorden hier volledig te herhalen. Ik zal me dan ook beperken tot enkele algemene opmerkingen.

Zoals reeds bij de aanvang van de regering werd gesteld, zijn de terugverdieneffecten inderdaad een onzekere factor. We hebben daar nooit iets anders over gezegd, ze zijn afhankelijk van heel wat parameters die buiten onze controle liggen. Mijnheer Van Hecke, dat is volgens mij nooit anders geweest. Het geheugen is soms kort.

De regering is zich zeker bewust van die onzekerheid en heeft dan ook gezegd dat ze voortdurend moet monitoren of de prognoses overeenstemmen met de werkelijkheid. Ook de minister van Begroting heeft het al aangegeven: als dat niet het geval blijkt te zijn, zal er inderdaad moeten worden bijgestuurd. Op dat moment zullen we dan bekijken hoe dat wordt aangepakt.

De terugverdieneffecten of opbrengsten stijgen in onze projecties gestaag. Dat lijkt me logisch, aangezien hervormingen tijd nodig hebben om effect te sorteren. Het gaat hier immers om ingrijpende hervormingen. Dat heeft iedereen erkend. We zullen zien hoe die hervormingen tegen 2029 de beoogde veranderingen op de arbeidsmarkt teweegbrengen.

Dat er terugverdieneffecten zullen zijn, lijkt me alvast zeker. Alle hervormingen gaan immers in dezelfde richting, namelijk de richting van het activeren van mensen en het belonen van wie werkt. Denk daarbij aan de beperking van de werkloosheid in de tijd, die heel binnenkort van kracht wordt, of aan het aanpakken van de problematiek van de langdurig zieken, iets wat volgend jaar van start gaat. Ook is er het afstemmen van de pensioenen op de geleverde arbeidsprestaties en het aanmoedigen van mensen om langer te werken en hen daarvoor te belonen.

U stelt vandaag echter geen vragen over iets wat nochtans cruciaal is, namelijk: de Europese Commissie heeft onze hervormingen beoordeeld en heeft ons deze week groen licht gegeven. Dankzij dat groen licht mogen we onze begroting op zeven jaar tijd op orde brengen, volgens de geldende Europese normen. De Europese Commissie toont dus wel vertrouwen in deze regering en haar programma.

De weg is uiteraard nog lang – dat geef ik toe –, maar de tocht is begonnen. Als we volharden, dan ben ik er rotsvast van overtuigd dat we heel ver kunnen geraken op weg naar het herstel van onze economie en sociale zekerheid.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de premier, u geeft uiteindelijk wel toe dat die terugverdieneffecten onzekere factoren zijn. Het Rekenhof was echter wel straffer in zijn uitspraken. Het Rekenhof heeft het niet over onzekere factoren, het beveelt eigenlijk aan om die terugverdieneffecten volledig uit de begroting te schrappen.

Mijnheer de premier, het is duidelijk dat u nog niet zo vaak in uw leven een slecht rapport hebt gekregen. U kunt daar niet zo goed mee om. Een glaasje water met citroen smaakt natuurlijk heel zuur. Vandaag en deze week hebt u eigenlijk een stevige buis gekregen. U verwijst voor die terugverdieneffecten naar vroeger. Vroeger was dat ook zo. Ja, volgens mij hebben alle regeringen rekening gehouden met terugverdieneffecten van enkele honderden miljoenen, maar niet met terugverdieneffecten voor 7,9 miljard euro.

Als er vandaag mensen boos zijn en op straat komen, dan is dat omdat zij het onevenwichtige maatregelen vinden, aangezien er te veel wordt gekeken naar dezelfde mensen en niet (…)

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de premier, u gaf een bijzonder oppervlakkig antwoord, even oppervlakkig als uw glaasje water. U hebt Europa, dit Parlement en uw kiezers al in de eerste 100 dagen van uw Belgisch premierschap een rad voor de ogen gedraaid. U zet daarmee de toekomst van Vlaanderen en de Vlamingen op het spel, want u weet maar al te goed dat als er moet worden bijgestuurd, zoals u zei, als er bijkomende en pijnlijke maatregelen moeten worden genomen om uw valse beloftes aan Europa te halen, er in de eerste plaats wordt gekeken naar de hardwerkende Vlamingen. Waar Verhofstadt jaren voor nodig had, doet u in slechts 100 dagen. U hebt uw Vlaamse beloftes gebroken, de geloofwaardigheid van uzelf en uw regering te grabbel gegooid en u laat zelfs de begroting verder ontsporen. Wat u beloofde aan de kiezer was Vlaanderen, maar wat u hun geeft is meer Belgisch malgoverno. Dat is geen beleid, dat is kiezersbedrog, mijnheer de premier.

internationale politiek en migratie

Het regeringsstandpunt over Palestina
De prangende situatie in Gaza
De genocide in Gaza
De situatie in Gaza
De prangende situatie in Gaza
De situatie in Gaza
De situatie in Gaza
De situatie in Gaza
Het regeringsstandpunt over de situatie in Gaza.

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 15 mei 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

België’s politieke partijen eisen dringend concrete actie tegen Israël’s genocide en hongersnood in Gaza (50.000 doden, massale uithongering, geblokkeerde hulp), maar de regering ontwijkt sancties en schuilt achter vage resoluties en het VN-vredesproces van Macron. Kernpunten: oppositie en meerderheidspartijen (behalve N-VA/MR) dringen aan op onmiddellijke blokkadebreking, sancties, ambassadeurterugtrekking en erkenning Palestina—zonder voorwaarden—terwijl premier De Wever geen bindende stappen aankondigt, slechts "optimisme" toont voor diplomatieke initiatieven. Scherpe kritiek: regeringspassiviteit wordt gelinkt aan medeplichtigheid, met verwijten over dubbele standaarden (vs. Rusland-sancties) en neokoloniale tweestatenretoriek die Gaza’s vernietiging negeert. Noodkreten: "Acte nu, of de geschiedenis zal u veroordelen."

Peter Mertens:

Mijnheer de eerste minister, vandaag stuurde iemand mij een foto door van Rafaet uit Gaza. Ik kan dergelijke foto's eigenlijk niet meer aanzien. Rafaet is een jong meisje, compleet ondervoed. Haar botten steken bijna door haar fragiele huid. Ze is de helft van haar gewicht verloren. Ze is compleet uitgehongerd en ze overleeft op tijmblaadjes en water. Die hongermoord op Rafaet is bewust gepland en uitgevoerd. Men blokkeert sinds een aantal maanden elk transport naar Gaza. Elke vorm van voedsel wordt aan de grens tegengehouden. Er is niets meer.

Vandaag leven meer dan een half miljoen mensen in Gaza in acute hongersnood, volgens de VN. Dat betekent dat wij ver voorbij de fase van veroordeling zijn. Wij zitten in de fase van sancties, want met sancties zet men Israël onder druk, niet met woorden.

Na 19 maanden komt de regering met een vage resolutie. Ten eerste, in die resolutie durft men niet eens het woord genocide te gebruiken. Ten tweede, de resolutie legt zoveel voorwaarden op aan de erkenning van Palestina, dat er tegen dan wellicht geen Gaza meer zal bestaan. Ten derde, de regering maakt de erkenning van Palestina, het zelfbeschikkingsrecht van de Palestijnen, voorwaardelijk. Dat is compleet onwettelijk, zegt elke professor in internationaal recht. Het is een onvoorwaardelijk recht. Ten vierde, de resolutie ademt neokolonialisme uit, waarin Brussel en Parijs komen vertellen wat goed is voor de Palestijnen, terwijl het aan de Palestijnen is om te bepalen wat goed voor hun toekomst is.

Er zijn 50.000 dodelijke slachtoffers. Wanneer komen er eindelijk sancties van de regering, mijnheer de premier?

Kjell Vander Elst:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de eerste minister, collega's, duizenden kinderen sterven in Gaza door honger of bombardementen van Israël, ze kunnen geen kant meer op en het blijft maar doorgaan. We kunnen dat niet tolereren en we moeten actie ondernemen.

Afgelopen week was er witte rook. De arizonameerderheidspartijen in het Parlement hebben een akkoord over een voorstel van resolutie rond Gaza. De persberichten en socialmediaposts vlogen de deur uit. Veel tromgeroffel. Veel borstgeklop. Alleen kan ik de collega's van de meerderheid nog niet feliciteren, want ik heb hier in het Parlement nog geen letter tekst gezien.

Zoals dat gaat in de arizonaregering, de inkt is nog niet droog of er is al heel veel discussie over de inhoud en de modaliteiten van de tekst. Blijkbaar zal België, u dus, mijnheer de eerste minister, het aanhoudingsbevel voor Netanyahu moeten respecteren. Dat is terecht. Zult u dat doen, ja of neen?

Blijkbaar zal België optreden in de genocidezaak bij het Internationaal Gerechtshof. Dat is terecht. Zult u dat doen, ja of neen?

Ook de minister van Buitenlandse Zaken is ineens wakker geworden. Eigenlijk is het voorstel van resolutie dus al achterhaald. Hij zal met een pakket sancties komen tegen Israël. Dat is opnieuw terecht. Zult u dat doen, ja of neen?

Collega's, laten wij immers eerlijk zijn, elke rode lijn wordt overschreden door Israël. We moeten stappen zetten richting erkenning van de staat Palestina en dat moet snel gebeuren, want anders is er binnen de kortste keren geen sprake meer van Palestina.

Mijnheer de eerste minister, wat zult u doen? Staat u aan de zijde van de duizenden onschuldige burgerslachtoffers?

Paul Magnette:

Hier, j'ai rencontré des médecins israéliens, juifs et palestiniens, des bénévoles qui, depuis plus de 30 ans, soignent des Palestiniens en Cisjordanie et à Gaza. Ils dénoncent les violations des droits humains dont ils sont l'objet. Ils m'ont décrit ce qu'ils vivent aujourd'hui. Aujourd'hui, à Gaza, 25 000 personnes sont dans un état de santé critique et doivent être évacuées de toute urgence vers un hôpital, mais le gouvernement israélien les empêche de sortir. Dans les heures et les jours qui viennent, si rien ne change, ces 25 000 personnes vont mourir. Elles s'ajouteront aux 52 000 personnes qui sont déjà mortes sous les bombes de Netanyahu.

Aujourd'hui à Gaza, deux millions de personnes sont au bord de la famine. Depuis plus de 10 semaines, Israël impose un blocus total. Plus rien ne rentre: plus d'eau, plus de nourriture, plus de médicaments. Des centaines de milliers de femmes, d'hommes et d'enfants vont mourir, si rien ne change, dans les semaines et les mois qui viennent.

Le blocus est un instrument du génocide et il faut casser le blocus pour arrêter le génocide en cours. Nous l'avons fait il y a un an, avec nos avions militaires. Nous avons largué des vivres et des médicaments à Gaza. Nous devons le refaire de toute urgence. Il faut casser le blocus de Gaza, envoyer nos avions militaires, larguer des vivres et des médicaments pour éviter une tragédie absolue. Ce n'est plus une question politique. Ce n'est plus une question de gauche ou de droite. Ce n'est même plus une question de droit international. C'est une question de vie ou de mort pour des centaines de milliers de femmes, d'hommes et d'enfants.

Et face au génocide en cours, ne rien faire, c'est être complice. L'histoire vous jugera, monsieur le premier ministre. L'histoire nous jugera. Cassez ce blocus et sauvez ces centaines de milliers de femmes et d'hommes!

Rajae Maouane:

Monsieur le premier ministre, je ne sais pas comment commencer mon intervention tant j'ai l'impression de répéter sans cesse les mêmes choses et de parler dans le vide.

Depuis des semaines, pas un seul camion d'aide n'est entré à Gaza. Pas une goutte d'eau, pas un sachet de farine, pas un médicament. Rien. Des mères mélangent de la nourriture pour bétail avec de l'eau bouillie pour tenter de se nourrir. Des enfants meurent littéralement de faim.

L'ONU évoque une famine délibérée. Médecins Sans Frontières (MSF) parle de charnier. Amnesty International parle de génocide. Monsieur le premier ministre, comme vous aimez les faits, regardons-les!

Plus de 50 000 personnes ont été assassinées, dont une majorité de femmes et d'enfants. Des journalistes sont visés, des hôpitaux bombardés, des quartiers rasés. Des enfants sont enterrés sous les décombres de leur maison. La Cour internationale de Justice, la plus haute juridiction de l'ONU, parle d'un risque plausible de génocide. Ce ne sont pas mes mots mais bien ceux du droit.

Et pourtant, le silence. Le vôtre, celui du monde. Ce qui est grave, ce n'est pas seulement ce silence mais bien le cynisme froid avec lequel vous avez annoncé pouvoir désobéir à un mandat d'arrêt international contre Netanyahu. Nous ne l'oublierons pas!

Un crime de masse est en cours et des gens filment en direct leur propre mort. Ce n'est pas une guerre mais bien l'écrasement d'un peuple. Ce n'est pas une tragédie mais bien un plan délibéré de nettoyage ethnique.

La Belgique, ce pays de droit qui a souvent été du bon côté de l'histoire, se tait aujourd'hui, attend, tergiverse et envisage des mesurettes.

C'est une honte. C'est une rupture historique. C'est un reniement.

Monsieur le premier ministre, au nom de toutes celles et ceux qui n’en peuvent plus d’assister impuissants à ce carnage, quand allez-vous briser le blocus humanitaire par tous les moyens?

Quand allez-vous suspendre les accords économiques avec Israël?

Quand allez-vous rappeler l'ambassadeur belge à Tel Aviv, comme cela a été fait pour la Russie, le Venezuela ou la Birmanie?

Vous parlez de cohérence, alors agissez avec cohérence. Aujourd'hui, il n'y a eu ni embargo, ni gel d'avoirs, ni parole forte. Nous ne constatons que des paroles creuses, des formules vides et des mains qui tremblent.

Pendant que vous tergiversez (...)

Oskar Seuntjens:

Een platgebombardeerde stad, tienduizenden doden en uitgehongerde kinderen terwijl er aan de grens vrachtwagens met voedsel, medicijnen en zelfs babysupplementen staan te wachten, bewust tegengehouden door Israël. Men hoeft maar zijn gsm vast te nemen en men ziet dag na dag de pure horror en het ondraaglijke menselijk lijden. Dit is geen oorlog meer. Dit is een genocide die we live, vanop onze gsm, dag na dag kunnen volgen. Niemand hier zal ooit kunnen zeggen dat we het niet geweten hebben. Hopelijk zullen we wel kunnen zeggen dat we er alles aan gedaan hebben om op te komen voor al die onschuldige slachtoffers, want men krijgt het niet meer uitgelegd.

Collega’s, het valt niet meer uit te leggen dat als Poetin Oekraïne binnenvalt, we vanaf de eerste dag allemaal samen zeggen hoe schandalig dat is en dat er sancties moeten komen – daar was iedereen het over eens, behalve de communisten van de PVDA –, terwijl we wegkijken wanneer een extreemrechtse zot als Netanyahu een volk platbombardeert. Dat gaat niet en dat is voor Vooruit onaanvaardbaar. Daarom zijn we vanaf de eerste dag opgekomen voor alle onschuldige slachtoffers, ook in de vorige regering, met Frank en Caroline. Er werden toen voedsel en medicijnen gestuurd. Toen Israël de grens sloot, deden ze het via de lucht, met de moed der wanhoop. Het is die moed die we vandaag opnieuw nodig hebben, die zoveel jongeren hebben getoond door afgelopen zondag mee te gaan betogen voor Palestina.

Het is daarom dat we dagenlang onderhandeld hebben voor een sterke resolutie, die pleit voor een onmiddellijk staakt-het-vuren, die pleit voor humanitaire hulp nu, die pleit voor economische sancties tegen het Israël van Netanyahu. Die spreekt immers maar één taal, hij luistert niet naar mensenrechten en spreekt enkel de taal van het geld.

Dus, mijnheer de premier, het Parlement heeft zijn werk gedaan en het is aan u. We vragen u om niet langer te wachten, want elke seconde telt.

Nawal Farih:

Mijnheer de premier, 50.000 burgerslachtoffers, waarvan 70 % vrouwen en kinderen zijn, en de teller tikt verder. Gisteren 60 extra dodelijke slachtoffers, vandaag 74 extra dodelijke slachtoffers. Collega's, het is nog maar drie uur. Al tweeënhalve maand is er geen toevoer van medicijnen, voedsel noch elektriciteit in de Gazastrook. U zult cd&v vandaag dus niet euforisch horen zijn. Het geweld en het leed duren vandaag nog voort. Al jaren pleit cd&v voor het Palestijnse volk. Al maanden vraagt cd&v actie van de regering.

Vandaag zijn we tot een akkoord gekomen, en ja, we hebben ons moeten kwaad maken, en ja, dat was niet makkelijk. We sluiten ons aan bij het initiatief van Macron, we sluiten ons aan bij het vredesproces in New York en we steunen de erkenning van de staat Palestina in een proces van een tweestatenoplossing.

Wat het internationaal recht betreft, collega's, is cd&v helder en duidelijk. Wij scharen ons als cd&v voor 100 % achter het internationaal recht. Dat betekent dat mensen die oorlogsmisdaden plegen, in ons land zullen worden opgepakt, ook wanneer ze Netanyahu heten.

Premier, wij hebben het werk verricht. Hoe snel zult u met de regering verdere actie ondernemen?

Staf Aerts:

Collega's, ik wil u vragen om even stil te staan en na te denken, want wat gaan we later aan de toekomstige generaties vertellen? Wat hebben wij gedaan om deze gruwel, die elke dag onze huiskamers binnenstroomt, te veroordelen, om die te stoppen? Het is dé gruweldaad van de eenentwintigste eeuw, want de verschrikkelijke beelden blijven maar komen. Meer dan 50.000 burgers zijn vermoord. Kinderen sterven elke dag van de honger. Ziekenhuizen worden gebombardeerd. Er zijn massale volksverhuizingen, want burgers zijn een doelwit op het overgrote deel van de Gazastrook. Er is geen water, er is geen voedsel, er is geen medicatie, want die worden al 10 weken lang door Israël geblokkeerd aan de grenzen.

Wat zullen we onze kleinkinderen later vertellen? Dat we alles gedaan hebben wat we konden? Collega's van de meerderheid, jullie resolutie bevat een lichte communicatieve koerswijziging. Mijnheer de premier, u wordt op de vingers getikt. België moet voortaan uitvoeren wat het Internationaal Strafhof beslist. Wauw! Bravo! Is dat geen evidentie meer? Is dat geen evidentie meer? In de gehele tekst wordt Israël met de fluwelen handschoenen aangepakt. Geen woord over apartheid. Geen woord over genocide. Geen woord over... ja, wel een woord over de erkenning van Palestina, maar er worden zoveel voorwaarden aan gekoppeld dat ze op de lange baan geschoven wordt. We zullen het waarschijnlijk niet meer meemaken. Geen Belgische sancties, geen actie.

Mijnheer de premier, dinsdag komt de Raad Buitenlandse Zaken samen. Daar stelt Nederland voor om maatregelen te nemen en handelsrelaties te blokkeren. Zal België zich daarbij aansluiten?

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de voorzitter, collega's, ik bedank iedereen voor de steun die ik heb mogen genieten naar aanleiding van de ziekte die ik heb meegemaakt. Ik hoop dat die steun overeind blijft, ook na mijn eerste tussenkomst hier. ( Hilariteit en applaus )

Voorzitter:

Mijnheer Dedecker, misschien zal niet iedereen ervoor pleiten, maar ik zet de spreekklok voor u opnieuw op twee minuten.

Jean-Marie Dedecker:

Bedankt, mijnheer de voorzitter.

Mijnheer de premier, ik zal u een kattebelletje voorlezen van een onbekend persoon, al weet ik wie het schreef. Het is een prachtig kort verhaal dat weerspiegelt wat ik denk. Ik ben altijd zenuwachtig als het over Gaza gaat.

"Weerzinwekkend zijn de beelden van Gaza. De Israëlische premier Netanyahu is van Gaza het nieuwe Dachau aan het maken. Uithongering en dagdagelijkse bommentapijten zijn de nieuwe verbrandingsovens. Hoe kan de wereld blijven wegkijken van wat daar gebeurt, goed wetende dat het de Joden zijn die het staakt-het-vuren eenzijdig hebben opgezegd om van hun moordrazzia's opnieuw hun dagelijkse bezigheid te maken? En deze keer kan de wereld niet zeggen: wir haben es nicht gewußt ."

Beste collega's wij vieren vandaag 80 jaar bevrijding. Vandaag vieren de Palestijnen – al is "vieren" geen goede woordkeuze – 80 jaar bezetting. De Palestijnen betalen het gelag voor wat de Europeanen de Joodse bevolking aangedaan hebben in de Tweede Wereldoorlog. We hebben de exodus van de Joodse slachtoffers, slachtoffers van de Holocaust, naar Israël georganiseerd. Dat ging ten koste van de Palestijnen, want onmiddellijk werden er 750.000 verdreven met de eerste Nakba in 1948. Sedertdien is er een apartheidsstaat ontstaan, waarvoor we als Europeanen nooit onze verantwoordelijkheid hebben genomen. We hebben mensen opgesloten in de grootste openluchtgevangenis van de wereld. Mensen kunnen er niet uit ontsnappen, kinderen worden er gebombardeerd.

Hoeveel oorlogsmisdaden moeten er nog begaan worden vooraleer we durven zeggen: verdomme, we gaan er iets aan doen, in plaats van nutteloze resoluties?

Voorzitter:

De premier heeft maximaal vijf minuten spreektijd voor zijn antwoord.

Bart De Wever:

Bedankt, collega'sn het is uiteraard niet de eerste keer dat mij in dit halfrond wordt gevraagd naar het standpunt van de regering over het bewuste conflict in het Midden-Oosten. Wat de fundamentele oplossing voor dat conflict betreft, hebben wij een duidelijk regeerakkoord geschreven. Mijn antwoord wat dat betreft, zal alleszins consequent zijn. Ik heb die bewuste tekst hier al een paar keer letterlijk voorgelezen en ga dat niet opnieuw doen. Wat dat betreft verwijs ik naar het verslag voor die antwoorden. Ik zal wel iets zeggen over de nieuwe, recente ontwikkelingen.

Er is binnen dit halfrond een meerderheid die heeft aangekondigd volgende week een resolutie te zullen indienen in de commissie voor Buitenlandse Betrekkingen. Ongetwijfeld zal die bediscussieerd worden en ook naar de plenaire vergadering komen ter stemming. Van mijn kant denk ik alvast dat die resolutie het juiste kader schetst en dat de regering die resolutie ter harte moet nemen. We zullen daarover dan uiteraard opnieuw spreken in deze vergadering, maar er zijn momenteel nog geen regeringsbeslissingen die ik ter zake kan toelichten.

De komende weken verwachten we ook teksten in het kader van een vredesinitiatief in de aanloop naar de conferentie van de Verenigde Naties van juni, waarnaar door verschillende sprekers is verwezen en waar deze kwestie en het conflict in het Midden-Oosten op de agenda staan. Bovendien staat vooral Frankrijk in contact met verschillende Arabische landen om een oplossing uit te werken in het kader van die VN-conferentie, die dan hopelijk zou moeten kunnen leiden tot een duurzame vrede.

Ik heb de gelegenheid gehad om daarover uitgebreid te spreken met president Macron. Mijn indruk is dat de contouren van zijn vredesinitiatief lijken te stroken met zowel het regeerakkoord als de resolutie die hier uiteindelijk ter stemming zal worden voorgelegd. Ik hoop dat ik dus namens de regering mag zeggen dat wij dit initiatief met enig optimisme tegemoetzien. We zullen zien hoe we dat kunnen ondersteunen en op welke manier we daaraan eventueel kunnen deelnemen. We zullen dat doen op het moment waarop we de teksten daarover hebben gekregen en kunnen doornemen en bespreken in de schoot van de regering.

En ce qui concerne la qualification de la situation, c'est à la Cour internationale de se prononcer, mais cette qualification juridique n'est pas l'essentiel en ce moment car cela ne changera pas la situation instantanément.

L'urgence maintenant, c'est de nous concentrer sur la situation humanitaire et de voir comment y remédier le plus vite possible. Permettez-moi, au nom du gouvernement, de réaffirmer l'horreur largement partagée par chacun d'entre nous face aux images des victimes innocentes touchées par ce conflit. Ces images horribles, notamment celles concernant des enfants, ne peuvent laisser personne dans l'indifférence. Cela me touche évidemment en tant qu'homme politique mais aussi en tant qu'être humain. Elles appellent une solution fortement et largement soutenue par la communauté internationale, une solution qui mette fin le plus rapidement et durablement possible à la souffrance des innocents. Notre gouvernement souhaite contribuer à une telle solution durable. Je vous remercie.

Peter Mertens:

Mijnheer de eerste minister, er zijn twee verschillende zaken. Er is, ten eerste, de erkenning van Palestina. Ik geloof niet in het initiatief van Macron, dat neokolonialisme uitademt en dat tot niets zal leiden.

De andere zaak, net voor onze ogen, is de genocide. Dat is de dringende zaak. Dat is de acute zaak. Een genocide stopt men niet met flauwe resoluties waarin opgewarmde kost wordt geserveerd aan het Parlement. Al 19 maanden lang vragen wij concrete sancties, al 19 maanden lang weigert men dat.

De heren van Vooruit zeggen: "Je krijgt het niet meer uitgelegd." Wel, wat ik niet meer uitgelegd krijg, is dat Vooruit 19 maanden in de regering zit en dat op die 19 maanden niet de minste sanctie is getroffen tegenover Israël, niet de minste, terwijl er 18 pakketten tegenover Rusland werden getroffen. Shame on you . Israël zal enkel buigen onder druk van economische en militaire sancties en niet onder druk van flauwe resoluties van deze regering.

Kjell Vander Elst:

Dank u, mijnheer de eerste minister, voor uw antwoord. U maakt wel één denkfout. Als hier een resolutie, of die nu onbelangrijk is of niet, wordt goedgekeurd, dan moet u die niet ter harte nemen, maar uitvoeren. Als het Parlement een resolutie goedkeurt, dan moet u die uitvoeren, niet ter harte nemen en zomaar à la tête du client kijken wat u daar wel of niet van kunt uitvoeren.

Ik denk dat we het over één zaak wel eens zijn, namelijk dat het overlijden van onschuldige kinderen in Gaza zo snel mogelijk moet stoppen. Ik hoop trouwens dat we het daar allemaal over eens zijn in dit halfrond, al betwijfel ik dat. Als ik statements en verklaringen lees van een van uw partijgenoten waarin staat – ik citeer – "Het overlijden van een kind is tragisch, maar daarom nog niet moreel onverdedigbaar.", dan keert mijn maag om. Dat is walgelijk. We mogen hier in dit Huis over veel zaken van mening verschillen, maar laten we alstublieft overeenkomen dat we (…)

Paul Magnette:

Monsieur le premier ministre, une fois de plus, vous vous contentez de lire votre texte sans apporter aucun élément de réponse. Vous brandissez cette résolution, ce petit bout de papier plein de mots creux, qui n'est que le reflet visible, ici-même, des contradictions de votre coalition. Mais ce que nous attendons de vous, ce sont des actes!

Demain, le 16 mai 2025, l'armée israélienne va envoyer des dizaines de milliers de militaires supplémentaires pour chasser les Palestiniens de la bande de Gaza et leur voler leurs terres. Il y aura encore des milliers et des dizaines de milliers de victimes.

Alors agissez! Agissez maintenant! Rappelez votre ambassadeur! Imposez des sanctions! Brisez le blocus! Faites quelque chose, bon Dieu!

Rajae Maouane:

Monsieur Dedecker, merci pour vos mots. Vous avez un privilège que je n'ai pas, c'est celui de dire les choses de la manière la plus crue et la plus plate sans créer de scandale.

Aujourd'hui, les accusations d'antisémitisme dès lors qu'on dénonce les exactions d'un gouvernement d'extrême droite ne tiennent plus. Aujourd'hui, les condamnations se succèdent, du CCLJ à Jean-Marie Dedecker. Il n'y a aujourd'hui plus que le MR et le Belang, comme par hasard, pour ne pas être du bon côté de l'Histoire.

Monsieur le premier ministre, je ne vous dis pas merci pour vos réponses. Elles sont honteuses. Je ne sais pas ce que nous dirons aux générations suivantes. Je ne sais pas ce que nous pouvons dire. Moi, je n'ai plus que de la honte, et j'ai envie de pleurer aujourd'hui.

Oskar Seuntjens:

Waarvan mijn maag zich omdraait, is dat partijen onder andere de heer El Yakhloufi Achraf van onze partij en mevrouw Farih Nawal, die elke dag keihard voor de Palestijnen opkomen, medeplichtig noemen. Dat partijen zoals de PVDA Rusland en China niet veroordelen voor bijvoorbeeld de genocide op de Oeigoeren, wat dat laatste land betreft, is voor mij verachtelijk, maar ik zal hen nooit medeplichtig noemen, noch hun ideeën als verachtelijk bestempelen.

Hoe moeilijk kan het zijn? Wij komen hier allen op voor de Palestijnen en maken daarvan geen politieke spelletjes ten koste van alle leed dat vandaag in Gaza gebeurt.

Nawal Farih:

Mijnheer de eerste minister, ik heb goed geluisterd naar uw antwoord. De cd&v zal de lat niet laag leggen: het gaat niet alleen om participeren, maar om effectief uit te voeren. Het conflict met enorm veel burgerslachtoffers is onder onze huid gekropen. Fractieleden van ons hebben dag en nacht aan het dossier gewerkt. Cd&v zal dus niet zomaar toekijken. Wij zullen vragen blijven stellen en zullen blijven wachten tot er actie komt. Indien ze er niet komt, zullen wij wetsvoorstellen over de nodige sancties blijven indienen.

Staf Aerts:

Mijnheer de voorzitter, collega's, toen ik de afgelopen uren de tekst van het voorstel van resolutie kon inkijken, na alle grote verklaringen in de pers, voelde ik al schaamte, maar nu ik hier het makke antwoord van de eerste minister hoor, dan voel ik nog meer schaamte.

Ik ben blijkbaar niet de enige, want ik heb op de meerderheidsbanken meer applaus gezien voor de uiteenzettingen van de oppositie dan voor de uwe, mijnheer de premier. Dat doet mij nog veel meer vrezen. Waar gaat de regering naartoe? Hoeveel zal het voorstel van resolutie waard zijn, terwijl het nu al niet veel waard is? Staan daar sancties in die België zal opleggen? Neen, die staan er niet in. Wordt daarin gerept over de genocide? Neen, daarover wordt niet gerept. Zal België Palestina erkennen? Neen.

We moeten vandaag echte sancties nemen, Israël en de gruwel moeten gestopt worden. Ga er verdorie mee aan de slag.

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de voorzitter, collega's, 25 jaar geleden werd in het Parlement een wet goedgekeurd, zodat wij in dit land oorlogsmisdadigers konden aanhouden en berechten. Herinner u de bloedbaden van Sabra en Shatila en Ariel Sharon. Die wet is dode letter gebleven. Al wie vandaag een grote mond opzet en elkaar de zwartepiet toespeelt, moet weten dat er hier de voorbije 25 jaar niets is gebeurd met betrekking tot Israël. Bij de Verenigde Naties werden meer dan 1.600 resoluties goedgekeurd, maar geen enkele ervan werd uitgevoerd. Wij komen nu opnieuw met een voorstel van resolutie. Ik ga ermee akkoord dat het een stap is in de goede richting, maar denken we eens goed na. Een tweestatenoplossing is onmogelijk geworden. Vandaag wonen er 700.000 Israëlische kolonisten, joodse kolonisten, extremistische kolonisten op Palestijns grondgebied op de Westelijke Jordaanoever en de Knesset, het Israëlisch parlement, (…)

economie en werk

Het advies van de inspecteur van Financiën over het voorontwerp rond de meerwaardebelasting
Het advies van de inspecteur van Financiën over het voorontwerp rond de meerwaardebelasting
Het werkdocument inzake de meerwaardebelasting
Advies inspecteur Financiën over meerwaardebelastingwetgeving

Gesteld aan

Jan Jambon (Minister van Financiën en Pensioenen)

op 30 april 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De meerwaardebelasting wordt door de oppositie afgedaan als een uitgeholde, ondoordachte maatregel die de sterkste schouders spaart, terwijl gewone burgers en werklozen wel worden aangesproken. Critici (Vanbesien, Merckx) wijzen op onrealistische opbrengstramingen (500 miljoen euro), een negatief advies van de Inspectie van Financiën (opbrengst onhaalbaar, grondwettelijk risico) en politieke tegenwerking, terwijl minister Jambon belooft het advies te delen maar stelt dat de wet nog in ontwikkeling is en de opbrengst een "voorzichtige raming" blijft. Vooruit wordt verweten mee te werken aan een regering die koopkracht ondergeschikt maakt aan bedrijfsbelangen, en Vereeck hekelt de absurde administratieve complexiteit (familiebanden tot in de vierde graad) als bewuste sabotage. Kernpunt: de taks dreigt symbolisch en ineffectief te worden, met werkende klasse als enige netbetaler.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, acht maanden heeft de formatie van de arizonaregering geduurd en van de eerste tot de laatste dag werd er gebikkeld over de meerwaardebelasting. Drie maanden is de regering ondertussen bezig en er is nog altijd geen stap voorwaarts geboekt. Waarom? Het gaat over de bijdrage van de sterkste schouders en enkele partijen in de regering willen de sterkste schouders sparen.

Als het gaat over besparingen op de pensioenen van de mensen, is alles heel duidelijk. Daarover is er geen discussie, de gewone mensen zullen hun bijdrage leveren. Als het gaat over de langdurig werklozen, is er eveneens geen discussie. Die mensen zullen worden aangepakt en ze zullen bij het OCMW belanden. Maar als het gaat over de sterkste schouders, dan is alles plots vaag. Er wordt gegoocheld met uitzonderingen en uithollingen, er wordt gegoocheld met de opbrengsten, en vooral, er wordt zodanig gegoocheld met de modaliteiten dat er uiteindelijk niets overblijft. Eerlijk gezegd is dat ook wat u eigenlijk wilt. U wilt die taks niet en u zit aan de knoppen.

Gisteren hebben we in de commissie voor Financiën gedebatteerd over de meerwaardebelasting, waarbij collega's u expliciet gevraagd hebben naar het advies van de Inspectie van Financiën. U hebt gezegd dat u het advies hebt ontvangen, maar dat u niet zou meedelen wat erin staat. Gênant is dan wel dat dat advies vandaag in de krant staat. Wat blijkt? Ten eerste, de opbrengst van 500 miljoen is een absurde gok, die op geen enkele manier onderbouwd is. Ten tweede, de uitholling gaat zo ver dat de wet vernietigd zal worden door het Grondwettelijk Hof.

De heer Bouchez heeft over die wet ooit gezegd: cela sera du brol . Het lijkt erop dat hij gelijk krijgt, want het is blijkbaar brol.

Mijnheer de minister, zult u het advies van de Inspectie van Financiën alsnog delen met het Parlement, ja of neen?

Sofie Merckx:

Monsieur le ministre, au fil des semaines, il est de plus en plus clair que la taxe sur les plus-values risque d'être un vrai coup dans l'eau.

Nous savons depuis le début que les super-riches ne vont pas y contribuer, cela a encore été répété ce week-end dans De Morgen par l'économiste Gert Peersman – qui n'est pas du PTB. Ce matin, nous avons tous lu dans le même journal un avis négatif de l'Inspection des finances sur la plus-value telle que vous l'avez conçue aujourd'hui. Et l'Inspection des finances dit, comme nous l'avons dit et répété au fil des semaines, qu'avec toutes les exceptions que vous avez prévues, cette taxe ne rapportera pas 500 millions d'euros d'ici 2029.

Ce qui est de plus en plus clair, c'est que ce gouvernement envoie la facture à la classe travailleuse. Et la classe travailleuse n'est pas d'accord. Hier, nous étions dans la rue et demain, nous y serons encore. Nous ne sommes pas d'accord de payer la facture. Nous refusons de travailler plus longtemps pour moins de pension.

Monsieur le ministre, depuis des semaines, nous vous posons la même question. Encore hier, on vous a posé la question en commission des Finances. Il est temps que vous nous donniez non seulement le rapport mais également que vous nous expliquiez vos calculs.

Comment parvenez-vous à 500 millions d'euros? À un moment donné, il faut répondre aux questions. Il faut qu'on puisse avoir le débat ici. Quelles seront les modalités et comment allez-vous les appliquer? Quel chemin allez-vous prendre maintenant? Avec un avis négatif de l'Inspection des finances, vous devez repasser chez le ministre du Budget qui, pour sa part, a déjà admis que cela ne rapporterait pas 500 millions d'euros. Bref, où sont les 500 millions?

Lode Vereeck:

Mijnheer de minister, als het van u afhangt, wordt wie aandelen langer dan tien jaar in zijn of haar bezit heeft, vrijgesteld van een meerwaardebelasting. Voor alle duidelijkheid, ik ben tegen de voorgestelde meerwaardetaks, maar als ze er toch komt, is dat alvast een excellent idee tegen het casinokapitalisme en voor de goede huisvader-belegger.

Vooruitvoorzitter Conner Rousseau houdt niet van goede huisvaders en dreigt de regering te laten vallen, als u met uw idee doorgaat. Vooruit wil daarover zelfs elke dag ambras maken, zoals we in een krant lezen. Ten eerste, blijft u achter uw voorstel staan of zult u het inslikken door de chantage van Vooruit?

Een gewone mens die aandelen verkoopt, is vrijgesteld tot 10.000 euro. Wie een groot deel van een bedrijf bezit, minstens 20 %, is vrijgesteld tot 1 miljoen euro. Voor de bepaling van de 20 % wilt u naar de hele familie kijken tot in de vierde graad, van ouders tot betovergrootouders, van kinderen tot achterachterkleinkinderen, broers, zussen, neven, achterneven. Veronderstel dat ik mijn aandelen in de plaatselijke worstenfabriek wil verkopen en ik geraak niet aan die 20 %. Ik begin dus wat rond te bellen. Ik zeg tegen mijn mama dat ik mijn aandelen wil verkopen en vraag haar of ze wil meedoen. In dat geval betalen wij immers geen belastingen. Ik vraag aan mijn grootvader of hij nog aandelen van de worstenfabriek heeft. Hij heeft er nog, dus dat is schitterend. Ik roep tegen tante Lou dat het Lode is. Ik roep, want ze hoort niet zo goed. (Gelach.) Ik vraag haar of haar nieuwe vriend aandelen heeft van de worstenfabriek. Ze antwoordt bevestigend, dus dat is schitterend. We beginnen er te komen. Ik vraag het ook aan een onbekende wiens grootvader de neef van mijn moeder is. U weet waar ik naartoe wil.

Ten tweede, zal dergelijk fiscaal stamboekonderzoek geen onwerkbare, buitensporige administratieve lasten veroorzaken voor de burgers en de fiscale ambtenaren?

Voorzitter:

Mijnheer Vereeck, ik dank u voor uw vraag en voor de ruime kennismaking met uw familie.

Jan Jambon:

Mijnheer de voorzitter, collega's, het is niet de eerste keer dat we het over het topic van de meerwaardebelasting hebben. Ik had ook de heer Van Quickenborne verwacht, maar wat niet is, kan nog komen. Ik kan u geruststellen. Het zal ook niet de laatste keer zijn dat we het over het thema zullen hebben.

Het advies van de Inspectie van Financiën steunt zich op een stevig onderbouwde studie van de FOD Financiën en ligt in lijn met wat de Hoge Raad van Financiën en het Planbureau eerder hebben berekend. Volgens het koninklijk besluit van 20 mei 2022 brengen de inspecteurs van Financiën hun niet-bindend advies uit, in volle onafhankelijkheid. Dat zou er nog aan mankeren.

We bekijken hoe we kunnen tegemoetkomen aan een aantal opmerkingen die de inspectie heeft geformuleerd. De opbrengst van de meerwaardebelasting is een raming met de best mogelijke inschattingen die men op dat moment heeft, net zoals elke andere post in een begroting. Daarom hebben wij steeds een voorzichtige inschatting gemaakt van de opbrengsten. We leven in geopolitiek zeer onzekere tijden en in een onzekere economische markt, in het bijzonder voor ondernemers die zich geconfronteerd zien met dreigende handelstarieven.

Laten we echter niet vergeten dat het hier gaat om werkdocumenten. De wettekst is nog niet af en wordt nu technisch besproken. Wie ooit deel uitmaakte van een regering, weet dat, als men met een ontwerp van wet naar de regering komt, er niet meteen vanaf dag één een akkoord is; er zijn nog discussiepunten. Er wordt meestal gebikkeld en gepraat om de wettekst zo goed mogelijk te maken. Het is niet meer dan normaal dat die tekst dus nog evolueert. De wettekst is in constructie. Dat heb ik gisteren in de commissie voor Financiën gezegd en dat heeft ook de eerste minister vorige week in plenaire vergadering onderstreept.

Ik heb gisteren in de commissie de vraag gekregen of het advies bestond. Ik heb daar bevestigend op geantwoord. Ik heb niet de vraag gekregen of ik het advies wil delen. Vandaag kan ik antwoorden dat ik het advies van de Inspectie van Financiën zonder enig probleem met de Kamer deel.

Wat het debat ten gronde betreft, voor elk debat is er een tijd en een plaats. Het is niet de bedoeling dat wij tijdens het opstellen van wetsontwerpen in debat gaan met het Parlement. Wij zullen daarvoor uitgebreid de tijd hebben, op het moment dat het wetsontwerp hier wordt ingediend. Dat zal niet zo lang meer duren. Dan zullen we het in al zijn details kunnen bespreken en u ervan overtuigen dat het een goede wettekst is en dat er een goede opbrengst tegenover zal staan.

Voorzitter:

We luisteren naar de drie vragenstellers om te vernemen in welke mate zij gerustgesteld zijn.

Dieter Vanbesien:

Beste vrienden van Vooruit, het spijt me maar ik kan niet anders dan me opnieuw tot u te richten. Wat doet u nog in de arizonaregering? U maakt er deel van uit om de koopkracht te beschermen en om de sterkste schouders te laten bijdragen. Maar wat zien we? De meerwaardetaks wordt uitgehold: 500 miljoen euro was al veel te weinig en het wordt nog veel minder. Wat met de DBI-aftrek? Uitgehold. Wat met de automatische indexering? Uitgehold. Wat met de pensioenen? Uitgehold.

Weet u wat minister Jambon gisteren in de commissie gezegd heeft? Hij heeft gezegd dat het een politieke keuze is om eerst voor de concurrentiekracht van de bedrijven te gaan en pas daarna voor de koopkracht. Dat is de hiërarchie voor de man die aan de knoppen zit.

Collega’s, misschien moet het Parlement vandaag bij hoogdringendheid beslissen om dit jaar 1 mei af te schaffen. We gaan rechtstreeks over van 30 april naar 2 mei. Het zou de socialisten vanavond en morgen een aantal gênante momenten kunnen besparen.

Sofie Merckx:

Monsieur le ministre, je vous remercie de dire que vous voulez partager le document de l'Inspection des finances avec le Parlement. Nous prendrons connaissance de ce document avec beaucoup d'intérêt. Mais comment arrivez-vous aux 500 millions? Nous n'avons toujours pas eu la réponse. Il va falloir encore attendre apparemment.

Mais une chose est claire, monsieur Jambon, vous ne voulez pas repasser chez M. Van Peteghem car il a déjà dit que la mouture actuelle ne rapporterait jamais 500 millions d'euros. C'est clair.

Si nous voulons vraiment arriver à un équilibre budgétaire, nous avons besoin de taxer réellement les super-riches. Nous avons besoin d'une vraie taxe des millionnaires. C'est l'une des revendications que demain, le 1 er mai, nous mettrons en avant. Nous nous battrons pour cela.

Lode Vereeck:

Mijnheer de minister, u en uw kabinet hebben een nieuwe rechtstak in het leven geroepen, namelijk die van de fiscale genealogie of belastingstamboekkunde. Collega's, voor alle duidelijkheid, het was een fictief voorbeeld. Ik heb geen aandelen, tante Lou bestaat niet en de worstenfabriek ook niet. Mijnheer de minister, ik en velen met mij zitten met volgende vraag: is dat nu gespeelde onkunde van uw kabinet of een bewuste sabotage van een taks, die u eigenlijk niet ziet zitten? De heer Theo Francken heeft de taks immers al onethisch genoemd. Uit het advies van de Inspectie van Financiën leren we niets dat we nog niet wisten. De opbrengsten zijn nattevingerwerk en de uitzonderingen zijn op niets gebaseerd. Bijgevolg zijn ze discriminerend en dus ongrondwettelijk. Er zal dus niets van in huis komen. Eat that, Oskar.

economie en werk

De meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting van de regering-De Wever
Belastingbeleid regering-De Wever

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 24 april 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draaide om twee hoofdthema’s: (1) een politieke strijd over wie (Clarinval of Vandenbroucke) een parlementaire vraag over de algemene indexatiebedreiging en concertatie sociale moest beantwoorden, waarbij de oppositie de regering beschuldigde van ontwijkend gedrag door de vraag te verschuiven naar Vandenbroucke (soortelijk zorgsector) in plaats van Clarinval (breder sociaal overleg). (2) Een felle kritiek op de geplande meerwaardebelasting, waarbij oppositiepartijen (Open Vld, PVDA, Vlaams Belang) de regering (met name Vooruit) verweten de belasting zodanig uit te hollen (bv. vrijstelling na 10 jaar) dat alleen de middenklasse – niet de superrijken – ze zal betalen, terwijl de regering benadrukte dat de technisch-juridische uitwerking nog lopende is en het regeerakkoord gerespecteerd zal worden.

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le président, ainsi que je l'ai évoqué avec vous avant le début de cette séance, notre groupe, par l'intermédiaire de Patrick Prévot, avait déposé une question à l'adresse du ministre de l'Emploi et de l'Économie, M. Clarinval, qui est parmi nous cet après-midi. Cette question a été réorientée par le gouvernement vers le ministre Frank Vandenbroucke alors que l'objet de la question de M. Prévot est bien plus large que l'impact d'une non-indexation pour les travailleurs du secteur des soins santé, bien que cela reste un point d'attention particulier pour le groupe socialiste. Mais au-delà de cela, sa question porte davantage sur la concertation sociale et en tant que ministre de l'Emploi, M. Clarinval est aussi ministre de la concertation sociale. Nous souhaiterions, d'autant plus que M. Clarinval est présent parmi nous cet après-midi, que la question de M. Prévot lui soit posée. Si M. Clarinval a besoin d'un temps de préparation pour affiner sa réponse avec le ministre Vandenbroucke, M. Prévot est disposé à attendre, à passer son tour et à intervenir plus tard.

Voorzitter:

Mijnheer Dermagne, ik weet niet of de regering daar iets aan toe te voegen heeft. In ieder geval is mij meegedeeld dat minister Vandenbroucke namens de regering antwoordt. Over meer gegevens beschik ik niet.

Het klopt inderdaad dat die vraag van uw fractie gericht was aan minister Clarinval. Het komt de regering toe te bepalen wie een vraag beantwoordt. Uit uw eigen ministeriële periode weet u dat vragen soms worden doorgeschoven. Ik kan alleen aan de regering vragen om in de mate van het mogelijke, zonder erover te kunnen oordelen of het mogelijk is, respect op te brengen voor de wensen van de Kamer en van de fracties die een vraag willen stellen. Daar eindigt mijn bevoegdheid.

Pierre-Yves Dermagne:

J'entends vos remarques, mais donnons la parole au ministre Clarinval, qui est présent. Son expression non verbale indiquait qu'il était disposé à répondre à la question de M. Prévot. Pétri des certitudes qui sont les siennes, il ne devrait pas avoir de difficulté ou de peur à répondre à une question de M. Prévot.

Voorzitter:

Mijnheer Dermagne, het probleem met de interpretaties van lichaamstaal is dat die interpretaties een redelijke breedte hebben. Ik sluit niet uit dat uw interpretatie de juiste is, al meende ik de lichaamstaal anders te lezen. Ik stel in ieder geval vast dat minister Clarinval slechts beperkte inspanningen levert om het woord te vragen.

David Clarinval:

Je veux bien répondre à cette question, mais elle porte spécifiquement sur les soins de santé. C'est mon collègue Frank Vandenbroucke qui est en charge de cette matière. Il a accepté d'y répondre. Si l'intitulé de la question avait été plus large, englobant par exemple la concertation sociale, j'y aurais sans doute répondu. Cependant, dans ce cas précis, mon collègue Vandenbroucke y répondra.

Si M. Prévot veut m'interroger la semaine prochaine ou plus tard, je n'aurai aucun problème à lui répondre. Il faut tâcher d'être plus précis dans les titres des questions car, dans ce cas-ci, Frank Vandenbroucke et moi-même avions compris que la question concernait les soins de santé.

Pierre-Yves Dermagne:

Je vais mettre ça sur le compte d'une mauvaise information du ministre Clarinval. Le texte et le titre précis de la question portent sur les menaces sur l'indexation de manière générale, pas uniquement dans les soins de santé, et visent notamment la concertation sociale.

Par ailleurs, comme vous le savez, les questions d'actualité se font aussi de manière spontanée et ne nécessitent pas de document écrit. Un champ plus ou moins large peut donc exister entre le moment où le titre de la question a été déposé et le moment où la question est posée.

Dans ce cas précis, les questions de M. Prévot sont adressées au ministre Clarinval et visent ses compétences. Il vient en outre de dire qu'il était disposé à y répondre.

N'allongeons pas le délai! Vous n'avez quand même pas peur de répondre à cette question-là, monsieur Clarinval?

David Clarinval:

Le ministre Vandenbroucke a prévu une réponse.

Pierre-Yves Dermagne:

(…)

Voorzitter:

Ik denk dat u uw punt hebt gemaakt. De vraag was inderdaad aan de heer Clarinval gericht. De formulering van de vraag is wat ze is. Dat heeft een zekere beperking. Laat het nogmaals een argument zijn om de vraag zo gedetailleerd mogelijk in de titel op te nemen. Dan is het wellicht duidelijker.

Sofie Merckx:

Je voudrais appuyer le propos de M. Dermagne. Il est fréquent que des questions soient renvoyées vers un autre membre du gouvernement quand le ministre est indisponible, mais aussi que des questions soient jointes. La proposition de M. Dermagne vise à ce que les ministres répondent ensemble. Si un groupe pose une question à un ministre précis, c'est pour une raison précise. Ici, le débat ne porte pas seulement sur l'indexation des salaires du personnel soignant, mais aussi de l'ensemble des travailleurs. Que devient ce mécanisme d'indexation, qui relève de la compétence de M. Clarinval? Le bon compromis serait donc que les deux ministres répondent ensemble aux deux questions.

Patrick Prévot:

Monsieur le président, je ne dirais pas qu'il s'agit d'un grave précédent, parce que, malheureusement, nous vivons des précédents chaque semaine. Mais, en matière de contrôle de l'action gouvernementale, cela pose vraiment un problème.

Ma question, comme l'a dit mon chef de groupe, est beaucoup plus large que celle des soins de santé. Si j'ai adressé cette question à M. Clarinval, c'est parce que nous avons été contactés par d'autres secteurs, notamment les universités, et qu'il est chargé de la concertation sociale. Je souhaiterais dès lors qu'il puisse répondre personnellement à cette question. Son cabinet n'est pas loin, et il a une équipe de collaboratrices et de collaborateurs de haut niveau. Il n'est pas sot de penser qu'un ministre, qui est à disposition du Parlement, comme tous les membres du gouvernement, puisse répondre à une question de contrôle de l'action gouvernementale. Son cabinet est le plus proche du Parlement, et M. Clarinval est ici présent.

Essayons de joindre les questions; M. Vandenbroucke répondra sur la partie soins de santé, s'il le souhaite, et M. Clarinval sur le reste de ses compétences. Sinon, ce n'est pas M. Clarinval qui va chagriner M. Vandenbroucke, mais ce sont les secteurs qui nous ont contactés qui vont être chagrinés de ne pas avoir, encore une fois, une réponse complète à leur question.

Pierre-Yves Dermagne:

Je voudrais apporter un dernier élément de précision. Entre le moment du dépôt de la question, un peu avant 11 h, et le moment où nous nous sommes parlé en début de séance, il y a aussi eu des contacts entre le groupe PS, les services et le cabinet du ministre Clarinval pour préciser que le périmètre de la question allait au-delà de l’indexation des salaires dans le secteur des soins de santé.

L’information a été transmise. Des e-mails ont été échangés. Je ne vais pas les lire. Nous avons déjà eu un précédent il y a quelques jours. Mais je vous indique que ces échanges ont bien eu lieu et que ces précisions ont bien été transmises au cabinet du ministre.

Mais faisons bref procès. Le ministre est là. Il a dit qu’il était disposé à répondre à la partie qui le concernait, et qu’on joigne donc la réponse du ministre Clarinval à celle du ministre Vandenbroucke.

Voorzitter:

Ik denk niet gehoord te hebben heb dat hij bereid zou zijn er hier vandaag op te antwoorden. Dat is mijns inziens niet gezegd.

Georges-Louis Bouchez:

Monsieur le président, je voudrais simplement rappeler aux collègues que toutes les réponses qui sont apportées ici, quel qu'en soit l'auteur, engagent le gouvernement dans son ensemble et que celui-ci reste maître d'envoyer le représentant qu'il souhaite pour répondre aux questions. Donc, nous pourrions clore le débat et maintenir l'ordre du jour.

Chers collègues, quand M. Vandenbroucke répond – rassurez-vous –, c'est moins bon pour vos vidéos Facebook, mais cela engage tout autant le gouvernement que si c'était David Clarinval ou n'importe quel autre ministre qui répondait.

Par conséquent, je vous demanderai, monsieur le président, de mettre un terme à ce débat qui nous fait perdre du temps inutilement. Je vous remercie.

Voorzitter:

Collega’s, de diverse standpunten zijn meegedeeld. Ik heb daar alle begrip voor. Elk antwoord van de regeringsleden komt evenwel van de regering en vertegenwoordigt de volledige regering.

Dan nodig ik nu de premier en de heer Van Quickenborne uit om naar hier te komen, voor een eerste reeks vragen, over de meerwaardebelasting.

Mevrouw De Knop, u wilt terugkomen op het vorige punt? Het debat is eigenlijk gesloten. Ik kan niet terugkomen op de vaststelling die ik geformuleerd heb.

Irina De Knop:

Mijnheer de voorzitter, ik had u graag het woord gevraagd, maar u ging te snel over naar het volgende agendapunt.

Als liberaal en vrijzinnige ben ik verbouwereerd over de minuut stilte die wij hier namens de Kamer van volksvertegenwoordigers hebben gehouden voor een kerkelijke vorst. Het gaat om een conservatieve kerkelijke vorst die absoluut geen respect had voor vrouwenrechten en holebi’s en die met name mensen die abortus plegen, moordenaars heeft genoemd.

Voor hem hebben wij hier daarnet een minuut stilte gehouden. Ik wens mij daar persoonlijk van te distantiëren. (Applaus bij sommige leden)

Voorzitter:

Dat hebt u dan bij deze gedaan.

Het is redelijk ongebruikelijk dat rouwhuldes op die manier worden aangevuld. Het is echter uw vrijheid om uw mening daarover te ventileren.

Vincent Van Quickenborne:

Mijnheer de eerste minister, ik heb een vraag over de meerwaardebelasting. De teksten zijn intussen bekend. Het zijn geen vijgen na Pasen, het zijn belastingen na Pasen.

Waarvoor wij gewaarschuwd hebben, wordt nu duidelijk, mijnheer de eerste minister. Eerst was er sprake van een solidariteitsbijdrage, een tijdelijke crisisbijdrage, maar dat blijkt nu een platte belasting te zijn. Er was ook sprake van om dat door de sterkste schouders te laten betalen, maar nu blijkt dat de gewone middenklasse die belasting zal moeten betalen. Mensen die een verzekeringscontract afsluiten, zullen die belastingen moeten betalen. Mensen met een tak 21-spaarregeling zullen die belastingen moeten betalen. Mensen die actief zijn in beleggingsfondsen, dat zijn honderdduizenden Belgen, zullen die belastingen moeten betalen. Jonge mensen, studenten die hun spaarcenten meer willen laten renderen met ETF's, trackers die de beurs volgen, zullen die belastingen moeten betalen. Het zijn dus niet de sterkste schouders, maar de gewone schouders die de belastingen zullen moeten betalen, mijnheer de eerste minister.

Wat ook duidelijk is, is dat de vrijstellingen die door verschillende partijen werden gevraagd er niet komen. De vrijstelling van 20.000 euro, die door de heer Mahdi werd gevraagd, staat er niet in. De vrijstelling onder de 20 %, gevraagd door de heer Bouchez, staat er niet in. Eén vrijstelling staat er wel in en dat is de vrijstelling die u hebt gevraagd, mijnheer de eerste minister. U hebt daar zelf over gezegd: het staat niet in het regeerakkoord, maar we gaan het toch doen. Dat is de vrijstelling voor mensen die hun producten langer dan 10 jaar aanhouden. Dat is een goede vrijstelling, want dat beschermt mensen die goede huisvaders zijn. Daarover heeft de heer Seuntjens al gezegd: dat staat niet in het regeerakkoord, dat gaan we niet doen.

Mijnheer de eerste minister, ik heb één eenvoudige vraag voor u. Die vrijstelling van 10 jaar, komt die er of komt die er niet?

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de eerste minister, u bent ondertussen geland met uw paasakkoord. Het wordt dus tijd het eens te hebben over de vijgen na Pasen die het akkoord niet gehaald hebben.

Een meerwaardebelasting die als doel heeft de rijken ook iets te doen bijdragen, is zo'n vijg. Die staat niet in uw paasakkoord. De rijken kunnen nog even op hun twee oren slapen. Maar die vijg gaat niet weg, natuurlijk. Uw minister van Financiën heeft vandaag in de pers laten weten dat hij die belasting verder zal uithollen. Wie tien jaar lang zijn aandelen bijhoudt, wordt vrijgesteld. U noemde die mensen enkele weken geleden "de brave huisvaders."

Maar wie zijn die brave huisvaders die zulke grote bedragen meer dan tien jaar kunnen missen? Laat ik als voorbeeld twee fictieve vrienden nemen, Fernand Muts en Marc Toucke. Beiden hebben ze heel veel geld. Ze beleggen een deel ervan in aandelen, maar ze hebben genoeg ander geld, zodat ze er tien jaar lang kunnen afblijven. Na die tien jaar verkopen ze hun aandelen met een winst van 1 miljard euro. Hoeveel moeten deze brave huisvaders daar dan op bijdragen? Niets! Nul! Vrijgesteld!

De echte brave huisvader die zijn spaargeld even parkeert in aandelen, om het daarna weer op te nemen omdat hij een huis wil kopen of een trouwfeest wil organiseren, die moet die taks wel betalen. Het effect van uw uitholling is dus dat de sterkste schouders hun bijdrage kunnen ontlopen maar dat de gewone man in de straat moet betalen. Nog maar eens.

Mijnheer de eerste minister, enkele weken geleden hebt u voor de camera's verklaard dat deze uitholling er zou komen. Daarna hebt u moeten toegeven dat u voor uw beurt had gesproken. Vandaag doet uw minister van Financiën dezelfde uitspraken. Mijn vraag aan u is of u kunt bevestigen dat ook uw minister van Financiën voor zijn beurt heeft gesproken.

Achraf El Yakhloufi:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de premier, collega's, gewone werkende mensen betalen tot wel 50 % belastingen. Wie het zich daarentegen kan veroorloven om heel veel aandelen te kopen en daar een enorme winst opmaakt en meerwaarde int, betaalt daar vandaag nul euro belasting op. Dat is toch niet normaal, zeker in deze tijden. Daar moeten we eerlijk over zijn. In deze tijden is het niet aanvaardbaar dat er niet wordt belast. Men vraagt aan iedereen een bijdrage, maar aan die grote vermogens niet. Dat kan niet.

Voor Vooruit is het al langer duidelijk: iedereen moet een bijdrage leveren, ook de grote vermogens, degenen die een grote meerwaarde op aandelen boeken, de sterkste schouders dus, zeker wanneer de regering moeilijke beslissingen moet nemen om het land op orde te stellen en een inspanning vraagt van de gewone mensen. Dan moeten de sterkste schouders absoluut bijdragen.

De beslissing om een meerwaardebelasting in te voeren, is historisch. Na jaren gezever legt de arizonaregering met Vooruit eindelijk een meerwaardebelasting op. Een dergelijke belasting bestaat trouwens al in onze buurlanden, voor alle duidelijkheid. Voor ons is het de logica zelve dat als gewone werkende mensen een inspanning moeten leveren, ook de allerrijksten een bijdrage moeten doen.

Mijnheer de premier, het is goed dat er een concreet voorstel ter uitwerking van de laatste modaliteiten op tafel ligt. Laat het duidelijk zijn, in Vooruit zult u altijd een partner vinden om de modaliteiten volgens de afspraak in het regeerakkoord concreet uit te werken. Dat regeerakkoord, dat ik hier bij mij heb, is heel duidelijk: het enige onderscheid in ons regeerakkoord is gebaseerd op het aanmerkelijk belang.

Mijnheer de premier, een gelijke verdeling van de inspanningen is voor onze fractie, voor Vooruit essentieel. Wij staan te popelen om het wetsonderwerp rond de meerwaardebelasting te bespreken in het Parlement. Wanneer mogen we die bespreking verwachten?

Sofie Merckx:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de premier, collega's, de meerwaardebelasting was het symbooldossier dat moest aantonen dat niet alleen van de bevolking een inspanning werd gevraagd, maar van iedereen, ook van de superrijken. Van bij het begin was het echter duidelijk dat de superrijken niet zouden moeten bijdragen en dat ze de dans zouden ontspringen, want zij bezitten aandelen in vennootschappen en moeten daarvoor niet betalen via de personenbelasting. Van bij het begin was het ook duidelijk dat er heel veel ruzie was in de regering over de uitvoeringsmodaliteiten. Op basis van wat er gelekt is, kunnen we toch wel stellen dat hetgeen er op tafel lag, nog verder wordt uitgehold en rijst de vraag wat er van het oorspronkelijk voornemen nog overblijft.

Ik vat even samen wat de regering doet. Als het erop aankomt om de mensen langer te doen werken en een pensioenmalus op te leggen, dan gaat iedereen akkoord. Als het erop aankomt om te sjoemelen met de indexering, onder andere van de pensioenen, dan gaat iedereen akkoord. Als het erop aankomt om te jagen op de langdurig zieken en de dokters, dan gaat iedereen akkoord, ook Vooruit. Maar als het erop aankomt om een kleine bijdrage te vragen van de superrijken, dan is het kot te klein.

Mijnheer de premier, het is duidelijk dat hetgeen er op tafel ligt, steeds meer uitholt wat er eigenlijk moet gebeuren en het ziet er helemaal niet naar uit dat de superrijken een bijdrage zullen moeten leveren. Van bij het begin was het al duidelijk: 23 miljard voor de gewone mensen, 500 miljoen voor de superrijken. Kunt u mij garanderen dat de meerwaardebelasting (…)

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de premier, doet u het nog graag, dit land redden? Uw minister heeft dat goed bekeken: een Jambonnetje lossen en dan naar het buitenland vertrekken.

Wat we vandaag op tafel zien liggen, is niet zomaar een wetsontwerp. Neen, het is het zoveelste bewijs van een regering die bij het minste vervalt in openlijke discussie. Het zogenaamd paasakkoord is nog niet koud of het gekibbel binnen uw regering begint opnieuw. Dit wetsontwerp is niets anders dan knip- en plakwerk om de ideologische brokken binnen deze meerderheid te lijmen. Vooruit blijft tot vandaag op dit spreekgestoelte luid roepen dat het regeerakkoord glashelder is, maar blijkbaar was dat akkoord zo vaag dat nu elke partij haar eigen waarheid in de teksten van Jambon leest.

Ondertussen zitten de hardwerkende en sparende Vlamingen met de dreiging van een nieuwe belasting die de ene dag wordt opgepookt en de andere dag weer wordt geminimaliseerd. Neem nu cd&v, dat enkele weken geleden nog terecht verwees naar de onderwijzer, de goede huisvader, die voor zijn dochtertje elke maand iets opzijzette en pleitte voor een vrijstelling tot 20.000 euro, maar nu in het kader van de defensie-uitgaven weer komt pleiten voor meer inkomsten uit diezelfde meerwaardebelasting. Wat is het nu? Of neem nu uw N-VA, mijnheer de premier. Het papiertje van Bouchez is blijkbaar teruggevonden. U zei voor de camera's dat er een vrijstelling komt voor wie zijn aandelen tien jaar bijhoudt. Dat is een goede zaak, maar een vergissing volgens sommigen binnen uw regering, een bewuste toegeving volgens anderen.

Alleen al de toelichting bij dit wetsontwerp bestaat uit ruim 50 pagina's. Ze staat vol met ingewikkelde bijsturingen, uitzonderingen en ronduit lachwekkende berekeningen, tot in de vierde graad bij familie. Hopeloos complex! Zijn dat de eerlijke belastingen, is dat de rechtvaardige fiscaliteit die u de kiezer hebt beloofd?

Bart De Wever:

Geachte leden, sommige leden hebben gesproken over fictieve vrienden. Misschien hebben ze geen andere vrienden. Ik weet het niet, dus het is mogelijk. Alleszins is het hier vooralsnog wel een fictief debat, want, zoals u allen weet, er is nog geen wetsontwerp over het onderwerp in de Kamer ingediend.

De collega van Vooruit verklaart te popelen, samen met alle andere vooral Nederlandstalige collega's. Ik snap dat. De arizonacoalitie heeft veel enthousiasme voor het debat in het huis hier gebracht. Dat is goed, maar de waarheid is dat het overleg over de modaliteiten van de meerwaardebelasting nog lopende is in de regering en zich op het moment nog maar op het technische niveau afspeelt.

Behoudens wat de minister van Financiën enkele weken geleden hier is komen duiden aan het Parlement op basis van de tekst van het regeerakkoord, is er dus namens de regering vandaag geen extra commentaar te geven over dit onderwerp, want men kan hier alleen namens de regering spreken – u hebt dat in het inleidende debat samen vastgesteld – en er is nog geen standpunt van de regering over het onderwerp. Er is nog geen wetsontwerp dat als vrucht van die consensus in het huis hier is ingediend.

Het gaat hier over werkdocumenten, die hun weg hebben gevonden naar de pers. Dat is altijd jammer, want dan krijgt men allerlei premature bespiegelingen en die bespiegelingen zijn politiek uiteraard nuttig. Ik heb er ook. Als u mijn persoonlijke mening over het onderwerp wilt kennen, geef ik u die graag in de koffiekamer. Dan kunnen wij spreken van mens tot mens, maar hier kan ik alleen als eerste minister spreken. U kunt daar met mij, zoals u weet, enkel koffie drinken of, als ik zeer goed geluimd ben, misschien een cola zero, maar niks anders. Laat dat duidelijk zijn. Ik wens u allen trouwens ook toe dat het binnenkort alleen nog maar dat zal zijn.

Zodra het wetsontwerp ingediend is – we zullen daarmee komen dans les meilleurs délais –, dan zullen in eerste instantie de minister van Financiën en ook ik ter beschikking staan voor alle vragen, die u daarover kunt stellen, maar dat is op het moment nog te vroeg.

Voorzitter:

Mijnheer de eerste minister, ik heb hier ooit Montesquieu geciteerd, de vader van de scheiding der machten. Ik wil u dat nog even in herinnering brengen.

Vincent Van Quickenborne:

Mijnheer de eerste minister, ik merk toch enige schroom in uw antwoord. U hebt ook zelf gezegd dat indien u hiermee uw ding mocht doen, u waarschijnlijk andere dingen zou doen dan wat in het regeerakkoord staat. U hebt natuurlijk wel een punt.

Wie zal die meerwaardebelasting namelijk betalen, mijnheer El Yakhloufi? Alle mensen die keihard werken. Het zijn niet de werklozen en de uitkeringstrekkers die de meerwaardebelasting zullen betalen. Het zijn de mensen die werken, die die meerwaardebelasting zullen betalen en dat is de essentie.

Mijnheer de eerste minister, we hebben met de Vlaamse liberalen 25 jaar die belasting tegengehouden en u weet waarom. We hebben die belasting in de Zweedse regering ook samen bestreden. Dat weet u ook nog zeer goed. Nu we uit de regering zijn, zult u die gewoon invoeren.

Ik weet waarom u niet graag persconferenties organiseert. U voelt namelijk een zekere schaamte voor deze maatregelen en ik begrijp u.

Dieter Vanbesien:

Collega's, de vrienden van Vooruit roepen hier al maanden dat ze ervoor gekozen hebben om in deze regering te stappen, omdat ze een aantal belangrijke linkse trofeeën hebben kunnen binnenhalen. Er komt een meerwaardebelasting, zodat de sterkste schouders een eerlijke bijdrage zullen leveren, en de koopkracht zal worden beschermd, want er wordt niet geraakt aan de automatische indexering.

Wat is echter het bilan na drie maanden? De meerwaardetaks heeft het paasakkoord niet gehaald en ze zal fel worden uitgehold, zodat de echt sterke schouders de dans kunnen ontlopen. Ook de automatische indexering wordt uitgehold en onder andere het zorgpersoneel is daarvan de dupe.

Enkele maanden geleden zei Conner Rousseau dat we moesten stoppen met Arizona een centrumrechtse regering te noemen. Mijnheer El Yakhloufi, uw voorzitter heeft gelijk, dit is geen centrumrechtse regering, maar een pure rechtse regering.

Achraf El Yakhloufi:

Mijnheer Van Quickenborne, ik hoor het u graag zeggen, want na 25 jaar liberalen aan de macht zijn de belastingen voor gewone mensen inderdaad te hoog. Dat is omdat u geen bijdrage van die sterkste schouders durfde en wilde vragen. Het is een schande. Deze regering zal daarin verandering brengen.

Mijnheer de eerste minister, hetgeen u zegt, is juist. Ik vind het wel jammer dat we het via de pers moesten vernemen, maar er ligt nog geen wetsontwerp klaar.

Wel stel ik het volgende vast als het gaat over de oppositie. Ik vind het zelfs amusant en bijzonder. Er is Open Vld, die na 25 jaar nu klaagt over te veel belastingen, maar men mag zeker niet raken aan die rijke vriendjes. Mijnheer Van Quickenborne, ik geloof dat uw vrienden meer dan 10.000 euro winst maken.

Dan is er de PVDA, heel bijzonder, die zegt geen belastingen op kapitaal, want blijkbaar hebben de kiezers van de PVDA meer dan 10.000 euro winst op meerwaarde. U zou Karl Marx nog eens moeten lezen, dat moet u zeker nog eens doen.

En dan is er het Vlaams Belang. (…)

Voorzitter:

Ik dank u voor deze literatuurtip. Het was gisteren boekendag.

Sofie Merckx:

Mijnheer de eerste minister, het idee dat iedereen zal moeten bijdragen, is een ballonnetje dat meer en meer doorprikt wordt. Dat geldt ook voor het riedeltje dat het geld op is en dat we daarom moeten besparen. In uw paasakkoord hebt u 4 miljard gevonden voor Defensie, dat is dan weer geen probleem. En dan is er het riedeltje dat de werkende mensen zouden beloond worden. Waar is de 500 euro die beloofd werd aan de werkende mensen? Waar is die? U wilt zelfs chipoteren aan de index. Dat is wat u wilt doen.

En ik heb Marx goed gelezen. Wij hebben Marx goed gelezen. Weet u wat wij weten? Meer en meer mensen zien in dat dit een afbraakregering is. Meer en meer mensen zijn kwaad op deze regering. Meer en meer mensen komen op straat tegen de regering. Dat is hetgeen wij komende zondag ook gaan doen. We komen op straat tegen deze afbraakregering en voor vrede.

Voorzitter:

Mijnheer Vermeersch, gaat u ook uw weekendplannen uit de doeken doen? Wij wachten in spanning.

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de eerste minister, uw regering heeft duidelijk last van incontinentie. Lekken alom. De politieke discussie binnen uw regering, vandaag opnieuw, zorgt voor fiscale onzekerheid, een onzekerheid die verstikkend is voor het vertrouwen van diegenen die werken, ondernemen, sparen en beleggen in dit land. Dat zijn vooral de Vlamingen. De teksten die nu uitlekken zijn geen eerlijke, rechtvaardige, of coherente fiscaliteit. Dit is politiek kladwerk. De vraag is dus of die Jambontaks zal falen bij de juridische toets dan wel een economische en begrotingsflop zal worden. Wij van Vlaams Belang verdedigen de belangen van die hardwerkende, ondernemende, sparende en beleggende Vlamingen. Wij zullen ons tegen deze zoveelste nieuwe belasting op de kap van die Vlamingen verzetten.

gezondheid en welzijn

De impact van het federale beleid op het tekort aan verpleegkundigen
Het tekort aan verpleegkundigen
Federale beleidsimpact op verpleegkundigentaltekort

Gesteld aan

Frank Vandenbroucke (Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid)

op 10 april 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Petra De Sutter en Nawal Farih kritiseren de beperking van werkloosheidsuitkeringen tot 2 jaar in het regeerakkoord, die zij-instromers in zorgberoepen (vooral vrouwen) en kunstenaars hard raakt, terwijl het tekort aan verpleegkundigen (10.000 vacatures, 40% minder afgestudeerden) juist om oplossingen vraagt. Minister Vandenbroucke belooft het "bekwaam is bevoegd"-principe te versnellen, de opleidingsroute via werkloosheid te behouden en alternatieven te zoeken, maar erkent dat de huidige maatregelen contraproductief zijn voor de zorgsector. Beide oppositieleiders dringen aan op concrete uitzonderingen en financiële steun (zoals de €1.000-stagiairsvergoeding) om instroom te garanderen, met Farih die samenwerking belooft als Vandenbroucke zijn toezeggingen nakomt. De vrouwonvriendelijke impact van de maatregelen en de dreigende verzorgingscrisis staan centraal in het debat.

Petra De Sutter:

Mijnheer de minister, in uw regeerakkoord staan nogal wat kleine lettertjes die niet altijd even duidelijk waren, ook niet op toetredingscongressen of in regeerverklaringen, maar ze zijn wel relevant, want ze raken mensen. Ik geef een paar voorbeelden. De pensioenmalus, waarvan deeltijds werkenden het slachtoffer zijn. Het beperken van de werkloosheidsuitkering in de tijd, die veel groepen raakt. We hoorden daarnet nog over de 55-plussers die omwille van hun leeftijd moeilijk een nieuwe job vinden en aan strenge criteria moeten voldoen om in de werkloosheid te kunnen blijven. Ook het kunstenaarsstatuut, we hebben er recent over gesproken, is cruciaal voor de sector om te overleven.

De volgende groep die het slachtoffer wordt van de kleine lettertjes in uw regeerakkoord zijn de mensen die zich in een knelpuntberoep herscholen, zij- instromers, mensen die verpleegkunde willen studeren. We kampen al heel lang met een tekort aan verpleegkundigen, zoals u weet. We kampen ook met vergrijzing en toenemende zorgnoden. Mensen krijgen niet meer de nodige zorg. De werkdruk voor verpleegkundigen neemt toe, met nog meer uitval en uitstroom tot gevolg. Het is een vicieuze cirkel. De cijfers kennen we ook. De laatste zes jaar is het aantal afgestudeerde bachelors verpleegkunde met 40 % gedaald. De voorstellen van uw regering zullen het tekort aan zorgpersoneel nog verergeren, want de geplande beperking van de werkloosheidsuitkering tot twee jaar zal ertoe leiden dat zij-instromers afhaken.

Mijnheer de minister, ik wil dit toch nog eens benoemen, alweer zijn vooral vrouwen hiervan de dupe. Eind 2022 was 83,5 % van de nieuwe zij-instromers in de zorgsector een vrouw. We hebben vandaag ook gehoord dat de echtscheidingspensioenen zullen worden geschrapt. Met al deze maatregelen vragen wij ons af hoe vrouwonvriendelijk een regering kan zijn. Mijnheer de minister, welke impact verwacht u van de beperkingen in de werkloosheidsuitkeringen op het tekort aan verpleegkundigen? Kunnen die definitief (...)

Voorzitter:

Ik herhaal nog even dat de spreektijd voor het stellen van een vraag twee minuten bedraagt.

Nawal Farih:

Mijnheer de minister, voor verpleegkundig personeel komen er per dag 27 vacatures bij. In totaal zoeken we op dit moment maar liefst 10.000 extra verpleegkundigen. U weet dat we met cd&v heel duidelijk stellen dat zorg een basisrecht is, zeker geen luxe. Mensen die oud worden, ziek zijn of bijstand nodig hebben, moeten in elk geval altijd kunnen rekenen op kwaliteitsvolle zorgverlening. Met cd&v hebben we al heel vaak gepleit om het principe 'bekwaam is bevoegd' te hanteren. Dat is niet enkel een taakverschuiving, het betekent dat we moeten investeren in ons zorgpersoneel, investeren in opleiding, maar ook dat we de verpleegkundigen zuurstof geven op de werkvloer om zichzelf verder te kunnen ontwikkelen. Met dat principe willen we tevens jonge talenten aantrekken naar een zorgberoep.

Al eerder is gezegd dat minstens 40 % minder studenten afstudeert in een zorgberoep. Nochtans zullen we die werkkrachten nodig hebben. In de vorige legislatuur hebben we daartoe met cd&v verantwoordelijkheid genomen door ervoor te zorgen dat studenten verpleegkunde in hun laatste jaar een onkostenvergoeding van 1.000 euro verkrijgen. Mijnheer de minister, in dat verband heb ik twee heel belangrijke vragen voor u.

Hoe snel zult u klaar zijn met het plan om het bekwaam-is-bevoegdprincipe effectief te laten hanteren op de werkvloer? Zult u uw Vlaamse collega-minister Gennez aanspreken op het feit dat ook studenten aangetrokken moeten worden tot het zorgberoep en dat zij die 1.000 euro, die we met cd&v hebben geïnvesteerd per verpleegkundig stagiair, ook implementeert?

Frank Vandenbroucke:

Collega’s, tienduizenden mensen staan dag en nacht klaar om voor ons te zorgen. Wij moeten inderdaad investeren in die mensen. Wij doen dat en zullen dat ook blijven doen. De huidige regering heeft dan ook niet zomaar afgesproken dat er geld zal zijn voor een sociaal akkoord waarin de werkvoorwaarden voor het personeel moeten worden verbeterd. Wij moeten ook inzetten op het perspectief dat mensen hebben die in de zorg aan het werk gaan. Daarom gaan wij door met een heel grondige hervorming van het verpleegkundig beroep, effectief vertrekkende van de idee dat mensen moeten worden ingezet op basis van hun talenten, op basis van wat ze kunnen. Dat is de filosofie van ‘bekwaam is bevoegd’.

Mevrouw Nawal Farih, ik zal bijvoorbeeld inderdaad de hervorming die wij op gang hebben gebracht zo snel mogelijk doorzetten, namelijk toelaten dat mensen in teams taken verdelen op een soepele manier, waarbij niet te veel rekening wordt gehouden met allerlei strenge regeltjes die het werk moeilijk maken. Ik zal dat doen naast andere hervormingen die het mogelijk maken dat mensen zich concentreren op datgene waarvoor zij echt zijn opgeleid, dat mensen worden ondersteund door ondersteuners, dat mensen gemakkelijk afspraken kunnen maken met elkaar om taken te verdelen en ook dat mensen kunnen doorgroeien in hun werk. Wij moeten het mogelijk maken dat een zorgkundige kan doorgroeien naar een basisverpleegkundige, naar een verpleegkundige die verantwoordelijk is voor de algemene zorg, naar een verpleegkundig specialist of naar een klinisch verpleegkundig onderzoeker. Op die manier kunnen echt perspectieven worden geboden aan mensen met talent en ambitie om het waar te maken in de zorg. Dat willen wij.

Tegelijkertijd moeten wij er ook voor zorgen dat mensen kiezen voor die beroepen en opleidingen en ervoor zorgen dat daarvoor vele wegen open zijn. Mevrouw De Sutter, mevrouw Farih, ik wil heel duidelijk zijn. Het belangrijkste probleem waarvoor wij vandaag staan, is een ongewenst neveneffect van het beperken van de werkloosheid in de tijd voor mensen die dankzij werkloosheidsuitkeringen opleidingen volgen die tot het beroep van zorgkundige of verpleegkundige leiden. Mevrouw Farih, ik zie dat u het met mij eens bent. Dat is uitstekend. Ik beken eerlijk dat dat nu het belangrijkste probleem is dat voorligt in de federale Kamer en in de federale regering.

Collega’s, ik wil er duidelijk over zijn dat ik niet wens dat de beperking van de werkloosheid in de tijd tot gevolg heeft dat een heel mooi kanaal voor opleidingen die tot verpleegkundigen en zorgkundigen leiden, opdroogt, stilvalt en helemaal wordt geblokkeerd.

Dat moeten we absoluut vermijden. Daarom zal ik morgen in het kernkabinet ook zeggen dat we dat kanaal laten werken zoals het goed werkt om ervoor te zorgen dat mensen inderdaad die diploma's kunnen verwerven, ook vanuit een situatie van werkloosheid, of dat we een alternatieve oplossing moeten zoeken.

Mevrouw Farih, ik hoop van u dadelijk te horen dat cd&v mij morgen enthousiast zal ondersteunen in het kernkabinet, wanneer ik die vraag stel en daar ook het nodige geld voor op tafel zal helpen leggen.

Petra De Sutter:

U zult begrijpen dat, en ik verwijs naar wat mijn collega net heeft gezegd, de publieke uitspraken van Theo Francken gisteren ons heel erg verontrusten. Ik hoor van u dat u voor de uitzondering op de werkloosheid voor mensen die verpleegkunde willen studeren, zult blijven ijveren. Ik hoop dat u dat ook zult doen voor de kunstenaars. Dat debat hebben we al gevoerd. Ik hoop ook dat u morgen inderdaad in de kern op tafel zult kloppen als Vooruit om de sociale rechten van mensen te vrijwaren. Het gaat om uitzonderingen op wat jullie in het regeerakkoord hebben beslist, maar zij doen die mensen echt wel pijn. Het gaat vaak om kwetsbaren en als het over zorgberoepen gaat het heel vaak om vrouwen. Dus alstublieft, doe morgen uw werk.

Ik heb ook in het regeerakkoord gelezen dat u een statuut, dat nog verder gaat dan wat mevrouw Farih heeft aangegeven, voor verpleegkundigen in opleiding met garanties op… (…)

Nawal Farih:

Minister, wij zullen nog vrienden worden. Als u er morgen voor zorgt dat het cd&v-standpunt dat stelt dat verpleegkundigen in opleiding nooit uitkeringsverlies kunnen hebben in orde komt, vraag ik u om mevrouw Gennez te bellen om de onkostenvergoeding van 1.000 euro voor de studenten, de jonge werkkrachten die in opleiding zijn, die cd&v steeds heeft voorzien, in orde te maken. Als u dat regelt, kunnen wij zeer goede vrienden worden.

Voorzitter:

Bedankt, mevrouw Farih. Mag ik trouwens, wellicht namens vele collega's, de heer Mahdi en mevrouw Farih gelukwensen met hun huwelijk dat ze deze week hebben gesloten. (Applaus) (Applaudissements)

economie en werk

De door de VS opgelegde importheffingen
De verhoging van de Amerikaanse importheffingen
De Amerikaanse importheffingen
De door Trump gevoerde handelsoorlog
De reactie van België op het agressieve handelsbeleid van de VS
De Amerikaanse importheffingen
De door de importheffingen van Trump geboden opportuniteiten
De Amerikaanse douanerechten
Amerikaans handelsbeleid en -heffingen

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 3 april 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om Trumps importheffingen (20% op EU-producten), die de Belgische economie, koopkracht en jobs bedreigen, met name in exportgerichte sectoren zoals staal en farma. Kernstandpunten: Europa moet onderhandelen met tegenmaatregelen (proportionele tarieven, versterkte interne markt) maar conflict vermijden, terwijl kritiek klinkt op Trumps protectionisme als wapen voor superrijken (tech-oligarchen) en de afhankelijkheid van de VS. Sommigen pleiten voor strategische autonomie (relocalisatie, "Made in Europe", defensie-investeringen), anderen voor globale samenwerking met slachtoffers van Amerikaans imperialisme. Eindpunt: Europa’s eenheid en economische soevereiniteit zijn cruciaal, maar concrete actie ontbreekt.

Annick Lambrecht:

Mijnheer de eerste minister, extremen bedreigen onze welvaart, dat wordt vandaag nog eens goed duidelijk. De energiecrisis die Poetin ontketende toen hij Oekraïne binnenviel, staat nog vers in ons geheugen. We voelden de effecten onmiddellijk met torenhoge energiefacturen. In veel huizen ging de verwarming lager of zelfs uit.

Ook vandaag zien we tot wat extreme denkbeelden leiden: een ware handelsoorlog, die onze koopkracht bedreigt en onze prijzen zal doen stijgen. Onze staalindustrie kreeg al klappen en nu valt Trump heel Europa en ook de rest van de wereld aan met hoge importtarieven, voor de EU maar liefst 20 % op alle producten.

Dit raakt ons allemaal direct. Voor Vooruit is het dan ook heel duidelijk: we moeten onze mensen en bedrijven zo goed mogelijk helpen, net zoals we dat deden tijdens de energiecrisis. Ook toen namen we maatregelen om de koopkracht van de mensen te beschermen.

De Europese Commissie staat klaar met tegenmaatregelen, maar benadrukt ook het belang van blijven onderhandelen. Mijnheer de eerste minister, deze handelsoorlog zal een direct effect hebben op de koopkracht van iedereen. Mensen rekenen op een sterke overheid.

Zult u met Europa in gesprek gaan om te kijken hoe we onze koopkracht en onze jobs kunnen beschermen?

Koen Van den Heuvel:

Mijnheer de premier, het is niet langer wachten op het spelletje Hoger, lager van Trump: het is hoger geworden. Vanaf nu is Liberation Day het symbool van de ware America first -politiek, die de portefeuille van onze ondernemers en onze mensen doet bloeden.

De effecten daarvan zijn dramatisch voor Europa en voor de hele wereld. Collega's, ze zijn echter ook dramatisch voor Amerika en de Amerikanen zelf. Dat is voor ons nog eens heel duidelijk het bewijs van hoe nefast populistische extremisten kunnen zijn voor de gewone man en vrouw in de straat eens ze aan de macht zijn.

In ons land zijn er heel wat sectoren, zoals de farmasector, waarvoor Amerika heel erg belangrijk is. Elke dag werken mensen en bedrijven samen met Amerikaanse bedrijven en die Amerikaanse bedrijven werken ook heel graag samen met ons. Zij doen hun best en het is dan ook onbegrijpelijk dat een Amerikaanse president dit allemaal op het spel durft te zetten.

De vraag is echter welke reactie wij hebben. Speak softly and carry a big stick , dat moet het devies zijn. We moeten onderhandelen, maar als Trump niet luistert moeten we ook tegenmaatregelen durven nemen. Een goede trans-Atlantische samenwerking is in het belang van Europa. Het moet niet zozeer een anti-Amerikaans verhaal worden, het moet een pro-Europees verhaal worden om onze Europese interne markt te versterken en komaf te maken met de belemmeringen en onnodige regeltjes die de Europese handelsroute belemmeren. Ook onze extra 17 miljard euro aan defensie-uitgaven moeten in Europa worden besteed. Meer made in Europe is voor cd&v the way to go .

Beste premier, ik ga er vanuit dat u deze lijn mee zult bewaken en dat u ook een taskforce zult oprichten (...)

Katrijn van Riet:

Mijnheer de eerste minister, toen ik gisteravond naar het livebetoog van president Trump luisterde over de importheffingen die de Verenigde Staten zullen heffen, overviel mij een ongemakkelijk gevoel. De supersonische snelheid waarmee de regering-Trump de heffingen wil laten ingaan, maar ook het gebrek aan logica bij de berekening ervan tarten alle verbeelding.

Wij staan dus voor enorme uitdagingen. De Verenigde Staten zijn een van de belangrijkste handelspartners van België. Na de Europese Unie zijn zij zelfs de belangrijkste partner. België, maar zeker ook Vlaanderen, is een heel exportgerichte regio. De heffingen zullen onze regio en ons land dus veel geld kosten. Minder export betekent minder omzet, minder winst, een lagere tewerkstelling en minder groei. Met andere woorden, minder export betekent lagere inkomsten uit belastingen op arbeid en op winst van de bedrijven voor de overheid en veel hoge kosten voor onze eigen bevolking. Volgens VOKA zouden de maatregelen de Belgische economie ongeveer 12 miljard euro kosten.

Moeten wij de demarche van de regering-Trump beschouwen als een onderhandelingspoging van die regering of is het haar werkelijk menens?

Wordt er een spiegelbeeld aan maatregelen getroffen door de Europese Unie? Er was reeds een pakket tegenmaatregelen voorzien op 13 april 2025. Dat pakket lijkt echter nu al achterhaald. Zo snel gaat het tegenwoordig. Wat komt er nu? Wat kunnen wij nu doen in eigen land?

Wij willen geen inflatoire handelsoorlog starten. Zo'n oorlog kent immers enkel verliezers. Wij zijn anderzijds wel van mening dat Europa ook eens de rug mag rechten.

Ik kijk uit naar uw antwoord.

Robin Tonniau:

Mijnheer de premier van België, de VS hebben geen bondgenoten, ze hebben alleen belangen. Al jaren waarschuwen wij met de PVDA tegen het imperialisme van de VS, maar niemand luisterde naar ons. Wij werden hier in een hoekje als anti-Amerikaans weggezet.

‘De VS zijn de belangrijkste partners voor het verdedigen van gedeelde fundamentele waarden en wereldwijde veiligheid.’ Zo staat het in uw regeerakkoord. Het moet dus een pijnlijk ontwaken voor u geweest zijn, mijnheer de premier, als Atlantist in hart en nieren, maar het zal een nog pijnlijker ontwaken voor de gewone hardwerkende mensen zijn geweest, want de werkende mensen in Europa zullen zwaar worden getroffen. Onze industrie kreunde al onder de peperdure energie uit de VS en dat zal nu alleen maar verergeren.

De werkende klasse gaat de rekening twee keer betalen. Niet alleen verliezen zij mogelijk hun werk, als Europa meegaat in de sanctieoorlog zullen ook alle producten hier duurder worden. Trump bedreigt ook alle andere en opkomende economieën. Uiteindelijk blijft niemand gespaard, want ook voor de Amerikanen zelf is dit geen goed nieuws. Ook voor hen zullen de prijzen stijgen. Het is duidelijk wie de prijs betaalt.

Sinds de Tweede Wereldoorlog is heel onze economie op die van de Amerikanen afgestemd. Nu laten ze Europa vallen, maar laat ons het hoofd koel houden, mijnheer de premier. Laat ons de hand reiken naar de rest van de wereld, naar alle slachtoffers van het Amerikaans imperialisme, maar wel op gelijke voet.

Mijnheer De Wever, hoe zult u de werkende klasse tegen deze handelsoorlog beschermen? Reikt u de hand uit naar het globale zuiden?

Mathieu Michel:

Monsieur le premier ministre, chers collègues, depuis quelques mois, nous voguons de sidération en sidération. Il est effectivement parfois difficile de reconnaître les États-Unis, il est même permis de se demander si le libéralisme a encore cours dans ce pays. En se repliant sur eux-mêmes et en voulant imposer une vision unilatérale des relations mondiales, ils s'éloignent des fondements qui en ont fait le pays de la liberté, de l'ouverture sur le monde et aussi de la diversité culturelle.

Ce repli semble terriblement en contradiction avec les valeurs de tolérance et de progrès qui ont historiquement fait la force des États-Unis. Pire, il induit une relation d'adversité et de méfiance, qui prend de plus en plus des allures d'une nouvelle forme de guerre dont nous sortirons tous perdants, et certainement en Belgique.

Monsieur le premier ministre, disposez-vous déjà d'une première estimation de l'impact direct et indirect des mesures sur l'économie belge, nos entreprises et notre emploi, des secteurs d'activité les plus affectés, mais aussi de la manière dont nous pouvons davantage soutenir nos entreprises en matière de compétitivité?

Il est essentiel que nous travaillions avec l'Europe pour apporter des réponses efficaces et pertinentes, à la fois en termes de négociations avec les États-Unis, de contre-mesures, aussi non tarifaires; mais également via de nouveaux accords à réaliser. On ne répétera jamais assez à quel point les traités de libre-échange sont ce qui nous protège le mieux de ce genre de dynamique.

Enfin, notre unité est indispensable en la matière. Comment allons-nous négocier ensemble pour peser collectivement, au-delà même des 27, sur les discussions à avoir avec les États-Unis?

Meyrem Almaci:

We horen hier iedereen over elkaar buitelen, moord en brand schreeuwend over hoe dom deze handelsoorlog is, maar het zou wel eens kunnen dat er een methode zit in de waanzin. Miskijk u niet in de retoriek in de Rozentuin, maar kijk naar wie belang bij dat alles heeft. Follow the money .

Trumps focus op het opleggen van heffingen aan de wereld is veel minder gedreven door handelsoverwegingen, maar vooral vanuit het eigenbelang van een zeer select clubje superrijken. De invoerheffingen worden daarbij gebruikt als een onderhandelingstactiek om staten rond de tafel te dwingen. Die superrijken rond Trump hebben namelijk knarsetandend gezien hoe 38 OESO landen een minimumbelasting voor multinationals hebben beslist. De techboys hebben gezien dat er een AI-act van kracht is in Europa. Ze zien en ze voelen aan hun water dat de digitaks eraan komt. Daar zijn ze niet van gediend en dus gaat Trump all-in. Hij weet zeer goed dat die handelsoorlog overal ter wereld onder de bevolking slachtoffers zal maken, maar hij is bereid dat te doen, louter om zijn clubje te helpen.

Mijnheer de premier, voor mij is het eenvoudig. Achter die handelsoorlog staat een losgeslagen 1 % die geen enkele democratische belemmering wil. Het is de walgelijke wetteloosheid van een groepje gigarijke mannen, de tech-oligarchen die vinden dat de wereld naar hun pijpen moet dansen en die de rest van de wereld als hun digitale lijfeigenen zien. Het is die groep die de belastingen ontwijkt. Het is die groep die verkiezingen manipuleert, AfD in Duitsland. Het is die groep die op hun platformen vrijelijk haat laat verspreiden tegen vrouwen, tegen minderheden, om voor hun eigen gewin mensen tegen elkaar op te zetten.

Europa heeft nu de kans om voor haar democratische waarden op te staan en duidelijk te maken dat die agenda niet zal passeren. Mijn vraag is dus heel simpel. Zult u in de onderhandelingen namens ons land eisen dat Europa elke uitholling van de OESO-minimumbelasting en de digitaks zal blokkeren? Want we tolereren geen race to the bottom, niet op vlak van democratische rechten en niet op vlak van rechtvaardige belastingen.

Simon Dethier:

Monsieur le premier ministre, à chaque crise son opportunité! L'augmentation des droits de douane et la guerre commerciale lancées par les États-Unis remettent en question les principes de fonctionnement du commerce international. Cela aura un coût économique important pour les entreprises et pour les citoyens, des deux côtés de l'Atlantique. Bien avant ces taxes, la majorité a décidé de prendre ses responsabilités, d'agir pour améliorer le quotidien et d'avoir le courage de changer notre société. Nous pouvons et nous devons développer notre pays et l'Europe sur la base de nos propres forces, en affrontant les nombreuses menaces.

Parmi ces menaces, la guerre commerciale nous force à nous détacher de nos pratiques du passé. Par ailleurs, nos pratiques sont également bousculées par la nécessaire lutte contre le changement climatique, et les enjeux peuvent se rejoindre. Les menaces sont là, mais c'est une opportunité pour encourager le développement des circuits courts, du commerce local, de la souveraineté de nos territoires, et le développement d'une industrie européenne forte qui crée de la valeur. Nous devons défendre une Europe cohérente, simplifiée mais ambitieuse, qui favorise la consommation durable, locale et souveraine, notamment en taxant les biens importés qui détruisent notre santé, notre cadre de vie et notre environnement.

Monsieur le premier ministre, je vous invite à agir avec conviction en ce sens. Dans cette guerre commerciale, comment comptez-vous agir avec cohérence pour la souveraineté de nos territoires, en lien avec nos engagements climatiques? Si la transition est une opportunité économique pour de nombreux acteurs, comment le gouvernement va-t-il développer notre territoire, soutenir les entreprises, le pouvoir d'achat, le commerce et les industries dans ce contexte économique?

Patrick Prévot:

Monsieur le premier ministre, Moi, le reste du monde et les 15 salopards , c'est le titre qu'on pourrait donner à la guerre commerciale menée par Trump. Dans ce mauvais film, en tant que membre de l'Union européenne, nous faisons malheureusement également partie de ces 15 salopards. Mais nous ne sommes évidemment plus à une insulte près.

Après s'être retiré de l'OMS, après avoir trahi ses alliés en Ukraine, après avoir menacé le Groenland, le président Trump lance aujourd'hui une nouvelle offensive en imposant 10 % de droits de douane sur toutes les importations et 20 % sur celles venant de l'Union européenne.

Ce n'est donc pas un jour de libération, mais un jour de plus où Trump joue aux dés sur le dos des travailleurs.

Face à cela, monsieur le premier ministre, pas de panique, mais de la fermeté. Je ne veux évidemment pas vous entendre vous lamenter sur l'impact pour nos entreprises du secteur pharmaceutique ou de la chimie, mais plutôt y voir une opportunité. Une opportunité de relancer notre industrie. Une opportunité de relocaliser notre économie, et peut-être même également de renforcer notre souveraineté industrielle.

Le 27 février, dans cette même assemblée, j'ai interrogé le ministre Clarinval. Qu'avez-vous mis en place, lui demandais-je, depuis? Pour l'instant, malheureusement, monsieur le premier ministre, je ne vois que des mauvaises réponses. Vous limitez les investissements publics de 4 à 3 %. Vous vous apprêtez à vendre des parts de Proximus et bpost. À qui?  Peut-être, demain, à des fonds européens. Et vous persistez, comme un âne qui chute systématiquement sur la même pierre, à vouloir acheter des F-35, renforçant par ailleurs notre dépendance militaire.

Monsieur le premier ministre, on connaît votre admiration sans faille pour les États-Unis. Mais aujourd'hui, quelle est votre analyse de la décision de Trump? Quel sera l'impact pour notre économie? Quelle sera la riposte européenne? Et surtout, quelle sera la réponse concrète de notre gouvernement fédéral?

Bart De Wever:

Chers collègues, nous avons appris hier soir que les États-Unis allaient augmenter leurs droits de douane sur les produits en provenance de l'Union européenne mais aussi du reste du monde.

J'ai regardé une bonne partie de l'annonce du président Trump en direct et je dois reconnaître que c'était plutôt inédit. Les États-Unis relèvent leurs tarifs d'importation à un niveau qui pourrait devenir le plus élevé depuis un siècle. Pour les produits européens en particulier, un tarif général de 20 % est instauré à partir du 9 avril. Cela représente une énorme augmentation du tarif moyen actuel.

En 2024, les États-Unis étaient le principal marché d'exportation de la Belgique après nos pays limitrophes. Nous avons exporté pour environ 33 milliards d'euros vers les États-Unis, soit 5 % de notre PIB. L'impact sera donc considérable pour notre pays. Monsieur Michel, il est encore trop tôt pour le chiffrer précisément. Il est toutefois important de noter qu'à l'heure actuelle, un certain nombre d'exceptions s'appliquent au tarif général; cela concerne entre autres les produits pharmaceutiques, les semi-conducteurs et les métaux précieux. L'exception pour le secteur pharmaceutique est particulièrement pertinente pour notre pays, compte tenu de l'importance de ce secteur dans nos exportations vers les États-Unis.

Donc Koen, pas de souci pour Puurs, tu peux encore exporter ton Viagra! (Rires) .

Men kan niet alles zelf consumeren.

Contrairement à ce que nous avions craint, les nouveaux tarifs ne s'additionnent heureusement pas à ceux qui avaient déjà été introduits ou annoncés sur l'acier et les automobiles. Ce ne sont toutefois que quelques minces rayons de soleil à travers de sombres nuages car, soyons clairs, au final, c'est une véritable catastrophe pour l'économie mondiale!

Ik denk dat het ook voor de Verenigde Staten geen Liberation Day zal blijken, maar een Inflation Day, want de facto gaat het om de grootste belastingverhoging voor de Amerikaanse consumenten in de recente geschiedenis. Volgens economische waarnemers zouden de nieuwe tarieven Joe Sixpack jaarlijks duizenden dollars kunnen kosten. Ik zal hier niet opnieuw Ronald Reagan citeren, ik zou het graag doen, maar deze keer het Amerikaans adagium over handelsoorlogen dat opnieuw waarheid dreigt te worden: ‘ No one ever wins, and consumers always get screwed .’ Het valt te hopen dat de Verenigde Staten dat snel opnieuw zullen inzien en dat de ratio kan wederkeren.

Om die reden ondersteun ik de houding van Commissievoorzitter Ursula von der Leyen, die deze week gecommuniceerd heeft en die ik vooraf bilateraal heb kunnen spreken. Logischerwijze zal er een proportioneel Europees pakket aan tegenmaatregelen worden voorzien. Maar evenzeer ondersteun ik voor de volle honderd procent haar doelstelling om zo snel mogelijk toe te werken naar een negotiated solution . Want beste collega's, het atlantisme is ouder en het is groter dan Trump en een oplossing in plaats van een conflict is in ieders belang.

Als ik sommigen hier aanhoor, kunnen ze blijkbaar niet wachten om de strijd aan te gaan. Dan denk ik dat de huidige situatie voor hen maar een aanleiding is. Répondre à la stupidité avec de la stupidité , dat is niet verstandig, collega's, maar sommigen zitten hier blijkbaar te popelen.

Ik zal dat niet doen. Dat is de boodschap die ik morgen zal overbrengen aan secretary of state Marco Rubio ter gelegenheid van zijn bezoek aan Wetstraat 16.

Ik ben natuurlijk niet naïef. Op korte termijn zal dit in dovemansoren vallen. We zullen eerst de realiteit van die tarieven moeten ondergaan, aan de twee kanten, voor men het belang van vrijhandel opnieuw zal weten te waarderen. Ik kan alleen maar hopen, samen met velen onder u, zij het niet allen, dat de Westerse wereld zal afzien van welvaartsvernietigende protectionistische waanzin.

In de tussentijd zullen we er op Europees niveau voor pleiten zo snel mogelijk werk te maken van een versterking van de interne markt. Europe is in this together, meer dan ooit. Laten we daarnaar handelen, elkaar steunen, en onze eigen competitiviteit versterken.

Het lijkt me het uitgelezen moment om als Europa assertief vrijhandelsakkoorden af te sluiten met nieuwe partners over de hele wereld, met landen die vandaag meer dan ooit naar ons kijken. Want als een grootmacht de wereld de rug toekeert, moet Europa meer dan ooit aangeven dat het open for business is .

Ik ben van nature geen optimist, maar: in the midst of every crisis lies great opportunity . Dat is hier door velen ook gezegd. Die crisis zullen we krijgen door de huidige Amerikaanse attitude. Laten we als Europeanen dus de opportuniteiten in die crisis zien en ze trachten te grijpen.

Annick Lambrecht:

Mijnheer de eerste minister, ik dank u voor uw antwoord.

Inderdaad, geen zonnestralen. Europa was van meet af aan bereid te onderhandelen. Maar het moet tegelijkertijd al klaarstaan om te reageren. Gaan we in dialoog of gaan we in tegenzet? Oplossingen, in plaats van conflicten, zegt u. En ik zeg: oef! Die keuze zal essentieel zijn om onze koopkracht te blijven beschermen. De Verenigde Staten zijn onze vierde handelspartner. We moeten er dus alles voor doen, voor onze jobs en voor onze gezinnen.

In Vooruit, mijnheer de eerste minister, zult u altijd een partner vinden om de koopkracht van de mensen te beschermen. Daar kunt u op rekenen. Laat de ratio terugkeren.

Koen Van den Heuvel:

Mijnheer de eerste minister, het is inderdaad duidelijk dat we werk moeten maken van een assertief Europees verhaal. We mogen niet vervallen in een goedkoop en contraproductief anti-Amerikanisme, maar moeten een sterk pro-Europees verhaal schrijven. Wij moeten de belemmeringen tussen de Europese landen afbouwen om die importtarieven te compenseren. Ook moeten we werk maken van strategische autonomie binnen Europa, zeker ook op defensievlak.

Het gaat hier niet alleen over de farma-industrie. U gaf mij daarnet een hint, als u ook nog een beetje van dat geneesmiddel nodig hebt, kunt u mij steeds een appje sturen. Het zal direct geleverd worden, Puurs ligt niet ver van Antwerpen. Geef een belletje en het komt er snel aan.

Voor ons is het heel duidelijk, meer made in Europe is the way to go voor cd&v. Ik hoop dat u daarvan mee werk zult maken.

Voorzitter:

Hij heeft mij meegedeeld dat het aanbod geldt voor iedereen. Hij is steeds beschikbaar om zijn voorraad te delen met de collega's.

Katrijn van Riet:

Mijnheer de eerste minister, we moeten inderdaad de Europese kaart trekken, maar als ik u goed begrijp, is het ook hoog tijd om extra door te pakken met Arizona. We moeten zo snel mogelijk door middel van arizonamaatregelen de arbeidsmarkt in België hervormen. De loonkost moet dalen voor bedrijven. De nettolonen voor de werknemers moeten stijgen. We moeten mensen aan het werk houden en ze moeten langer werken.

Collega's van dit Parlement, ik roep u op om deze maatregelen later mee te steunen. Mijnheer de eerste minister, Ik wens u heel veel succes met het uitvoeren ervan.

Robin Tonniau:

Mijnheer de premier van België, het is goed dat u de deur naar internationale samenwerking openzet, maar u bent eigenlijk wel super naïef als u denkt dat de VS na Trump van positie zal veranderen. De VS is geen bondgenoot meer en zal dat na Trump ook niet meer worden. Daarom moeten we de banden met de rest van de wereld nu versterken. We moeten inzetten op die internationale relaties met de slachtoffers van het Amerikaans economisch imperialisme.

U blijft de VS gewoon volgen, terwijl we vandaag zien hoe onbetrouwbaar ze zijn. Ze dienen alleen hun eigen belang en ook de belangen van hun wapenindustrie. Arizona wil nog altijd miljarden spenderen aan hun oorlogseconomie. Die F-35's zullen met onze pensioenen worden betaald. Stop daar alstublieft mee, mijnheer de premier.

Mathieu Michel:

Merci pour votre réponse, monsieur le premier ministre.

Il n'est évidemment plus besoin de rappeler à quel point l'Europe doit compter davantage sur elle-même et sur son marché intérieur. Mais surtout, nous ne devons pas répondre à l'isolement par l'isolement. Nous devons dès aujourd'hui renforcer – vous l'avez mentionné – nos coopérations internationales avec celles et ceux qui sont convaincus que le libre-échange est un vecteur de prospérité et de paix qui est essentiel pour soutenir les démocraties dans le monde. Si les é tats-Unis veulent être seuls, eh bien qu'ils le soient!

L'histoire nous a démontré que l'économie de marché et le libre-échange restent à ce jour la meilleure façon de stabiliser les relations internationales et de réduire les risques de conflits. Mais nous ne devons absolument pas oublier que dans un contexte géopolitique déjà compliqué, une guerre commerciale est excessivement tendue pour notre compétitivité. Dès lors, ce marathon qui s'est accéléré très clairement aujourd'hui ne doit pas se faire avec des morceaux de pierre en plus dans le sac à dos de nos entreprises, parce que préserver la compétitivité de nos entreprises, c'est aussi préserver le pouvoir d'achat de nos concitoyens. Alors surtout qu'elles ne soient pas les victimes collatérales de (…)

Meyrem Almaci:

Collega's, weet u wat triest is? Dat het enige wat u, en wellicht alle mensen die nu aan het kijken zijn, zullen onthouden van dit debat het grapje over een blauw pilletje is, terwijl de situatie wel wat meer ernst verdient dan dat.

Mijnheer de premier, ik heb leiderschap gemist, ook in het antwoord. Ik mis daadkracht. U kunt ontwijkend antwoorden en zeggen dat het erg zal worden, maar ik mis een premier die rechtstaat en die niet zal toelaten dat een losgeslagen autocraat onze bedrijven aanvalt en onze bevolking verarmt. Waar is die vechtlust waarmee u zult zeggen dat we de digitaks niet zullen loslaten, dat we de minimumbelasting van de OESO niet zullen loslaten? Waar is de vechtlust waarmee u zult zeggen dat we zullen opkomen voor onze democratische waarden, of het nu Rubio of een andere Amerikaan is die komt. Die daadkracht, waarmee u pal staat voor uw waarden, heb ik daarnet niet gehoord, maar grapjes, die heb ik genoeg gehoord.

Er ontspint zich een debat zonder micro tussen mevrouw Almaci en de heer Bouchez.

Voorzitter:

Mag ik mevrouw Almaci, de heer Bouchez en alle anderen vragen om aandacht te besteden aan de repliek van de heer Dethier?

Simon Dethier:

Monsieur le premier ministre, je vous remercie pour vos éléments de réponse.

La majorité demande un redéploiement de l'économie avec une attention particulière pour notre tissu économique local. Il y a une opportunité claire à utiliser la réplique en droits de douane pour avancer sur nos objectifs climatiques, locaux, d'emploi et surtout de souveraineté.

Notre réponse doit être de continuer à défendre le multilatéralisme et la collaboration. L'Europe doit montrer son unité en restant ferme sur sa souveraineté, ses principes et ses engagements.

Patrick Prévot:

Monsieur le premier ministre, la décision de Trump est un tournant. Il veut assurément extorquer des concessions à ses alliés qu'il voit désormais comme ses adversaires et votre réponse, malheureusement, n'a pas été à la hauteur. Je m'y attendais. Vous avez parlé d'accords commerciaux débridés. C'est un modèle que nous ne défendons pas. Et puis, vous avez beaucoup ironisé sur le Viagra avec le collègue du cd&v. Si cela pouvait seulement faire durcir votre discours à l'égard de Trump, ce serait déjà une belle avancée, monsieur le premier ministre. Votre fascination pour les États-Unis vous aveugle complètement. Dans ma question, je vous ai dit qu'il fallait faire de cette crise une opportunité, que l'Europe avait le talent nécessaire mais également les moyens pour répondre à cette attaque. Malheureusement, votre réponse a été faiblarde et sans ambition. Malheureusement, sur ce sujet comme pour d'autres, vous n'êtes pas à la hauteur de l'enjeu.

gezondheid en welzijn

De vrijwillige zwangerschapsafbreking
Het 35-jarige bestaan van de wet Lallemand-Michielsen
De 35ste verjaardag van de abortuswet
De abortuswet
Het recht op abortus
De toegang tot vrijwillige zwangerschapsafbreking
Recht op zwangerschapsafbreking

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister), Annelies Verlinden (Minister van Justitie)

op 3 april 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de dringende modernisering van de Belgische abortuswet, 35 jaar na de originele depenalisering, waar wetenschappers unaniem pleiten voor 18 weken termijn (ipv 12 of 14), afschaffing van de vernederende wachttijd van 6 dagen en volledige decriminalisering—maar de regering-Arizona blokkeert dit door politieke koehandel (cd&v eist 14 weken als "maximale concessie") en weigert een vrij parlementair debat. Critici hekelen de hypocrisie van het uitbesteden van late abortussen aan Nederland (400 vrouwen/jaar) en het negeren van wetenschappelijk en maatschappelijk consensus, terwijl premier De Croo en minister Verlinden consensus en "serene dialoog" als voorwaarde stellen—wat tegenstanders zien als gijzeling door conservatieven en een achteruitgang ten opzichte van 1990, toen het parlement nog vrij kon stemmen. De kernvraag: zal de regering het wetenschappelijk onderbouwde voorstel (18 weken, geen wachttijd) doorvoeren, of blijft het bij een minimaal compromis (14 weken) dat slechts 20% van de vrouwen in Nederland helpt? Oppositie eist vrij stemrecht in het parlement; de meerderheid houdt vast aan partijdiscipline en "maatschappelijke rust", ondanks de urgentie en ethische plicht om vrouwenautonomie te waarborgen.

Irina De Knop:

Mijnheer de premier, dag op dag 35 jaar geleden keurde dit Huis eindelijk de abortuswet goed. Dat was een verdienste van een liberale senator, mevrouw Lucienne Herman-Michielsens, die voor dat dossier keihard heeft gevochten. De Koning zette er zelfs een stap voor opzij. Historisch.

Het werk is jammer genoeg niet af. Dat zeggen ook de experts in hun wetenschappelijk rapport unaniem: schaf de wachttijd van zes dagen af en verleng de abortustermijn tot 18 weken. Maar niets van dat alles. Arizona schuift het duidelijk op de lange baan. Dat is heel erg opmerkelijk, want nog voor de regeringsvorming heeft Vooruit zelfs een voorstel van de PS weggestemd om de regeringsvorming alle kans op slagen te geven. Wij gingen er dus ook van uit dat dit verankerd zou worden in jullie regeerakkoord. Maar nee, niets van dat.

Erger nog, wat krijgen we nu in de plaats? Een tapijtenmarkt, alles wat Vooruit niet wilde. Cd&v sprak onmiddellijk een ultimatum uit: 14 weken en geen dag langer. Nietwaar, mevrouw Farih? Vooruit heeft zo stilaan haar bocht ingezet, door te stellen dat elke vooruitgang een vooruitgang is. Laten we ernstig blijven, mijnheer de premier, mevrouw de minister, die 14 weken, dat is geen oplossing, dat is geen vooruitgang. Hoogstens is het een tjevenoplossing. Tegenwoordig moeten namelijk ruim 400 vrouwen naar Nederland en met die oplossing kunnen we slechts 20 % van hen helpen.

Mijnheer de premier, hoe zult u ervoor zorgen dat die angel eruit geraakt? Hoe zorgen we voor een oplossing (…)

Caroline Désir:

Monsieur le premier ministre, madame la ministre, il y a 35 ans jour pour jour, le 3 avril 1990, était promulguée la loi dépénalisant partiellement l'avortement en Belgique. Même si des sanctions pénales demeuraient encore pour les femmes et les médecins, même si les femmes devaient encore attester d'un état de détresse, même si on leur imposait encore un délai de réflexion bien trop long, la loi Lallemand-Michielsen a été une grande avancée dans l'histoire de notre pays pour le droit des femmes à disposer de leur corps. C'était une grande avancée aussi dans ce Parlement, qui avait pu travailler librement sur ce sujet.

Votre parti, madame la ministre, avait combattu cette proposition de loi, mais à la loyale. Car, souvenez-vous, monsieur le premier ministre, votre prédécesseur Wilfried Martens avait laissé ce Parlement travailler.

Sous la précédente législature, le cd&v a voulu que des scientifiques se penchent sur la question. Très bien! Et pourtant, quand ce rapport académique adopté à l'unanimité a été présenté au Parlement en 2023, vous l'avez simplement balayé d'un revers de la main, alors qu'il était le fruit d'un travail mené par 35 expertes et experts, francophones et néerlandophones, médecins, juristes, psychologues, spécialistes de la philosophie et des sciences sociales, issus de toutes les universités du pays.

Ce rapport recommande notamment l'allongement du délai à 18 semaines – pas 14 semaines, 18 semaines! –, la suppression du délai de réflexion, l'inscription de l'IVG dans les législations relatives à la santé, l'amélioration de l'accès à la contraception également. Et ce rapport est la réponse à toutes les femmes qui doivent aujourd'hui se rendre aux Pays-Bas pour avorter, parce qu'elles sont encore considérées comme des criminelles dans notre pays.

Monsieur le premier ministre, madame la ministre, mon groupe vient de redéposer une proposition de loi pour transposer l'intégralité des recommandations formulées par les experts, parce que nous ne pouvons pas aller en dessous de ce compromis scientifique. Ma question est donc simple. Allez-vous enfin laisser ce Parlement travailler à la modernisation de la loi relative à l'IVG, comme cela a été possible il y a 35 ans?

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, madame la ministre, il y a 35 ans, ce Parlement accomplissait un geste historique en considérant une fois pour toutes que le droit des femmes à disposer de leur corps pouvait l'emporter sur d'autres valeurs de conception de la vie, aussi respectables soient-elles. Pourtant – on le voit aux États-Unis –, le droit à l'avortement peut très facilement et très rapidement être remis en cause.

Il existe une demande forte ici en Belgique depuis des années pour clôturer le travail de dépénalisation. Une demande forte pour faire en sorte que l'IVG soit sortie du Code pénal, pour ôter cette épée de Damoclès qui plane toujours sur les femmes et sur les soignants. Une demande forte pour porter le délai légal de 12 à 18 semaines – 18 semaines, cela ne vient pas de nulle part mais d'un consensus scientifique établi par des universités, non seulement au-delà des disciplines mais aussi des obédiences connues dans ce pays. Une demande forte pour supprimer ce délai de six jours de réflexion obligatoire et infantilisant pour les femmes. En fait, une demande forte pour aider les centaines de femmes qui, chaque année, sont contraintes de franchir une frontière, d'aller aux Pays-Bas et de subir un avortement tardif.

Voilà des années que ce dossier est bloqué. On a d'abord eu, en 2019-2020, la saga des renvois au Conseil d'État et de la flibuste par certains partis – N-VA, cd&v, Les Engagés. On a ensuite eu le gel de la Vivaldi parce que le cd&v en faisait une condition de participation. On a maintenant cet accord Arizona où on trouve deux lignes: une ligne qui indique qu'il faudra poursuivre le débat sociétal – débat qui me semble déjà terminé depuis longtemps – et une ligne qui explique qu'il faudra un consensus au sein des partenaires de la majorité.

Quel sera ce débat sociétal? Quel est le délai dans lequel vous comptez avancer? Est-il vrai que vous avez l'intention de faire un compromis à la petite semaine sur le nombre de semaines autorisé pour avorter? Ce serait à mon avis un recul bien difficile à accepter.

Sofie Merckx:

Monsieur le premier ministre, madame la ministre, elle avait 40 ans et était enceinte de 16 semaines. Elle se trouvait dans mon cabinet de consultation en face de moi, m'a regardée dans les yeux et m'a dit: "Sophie, j'ai une fille de 18 ans. Je l'ai élevée toute seule. Je ne peux pas, je ne veux pas." J'ai dû lui répondre qu'il était interdit en Belgique de pratiquer une IVG. Nous avons contacté le planning familial. Elle a rassemblé 1 000 euros et, comme 400 femmes chaque année en Belgique, elle est partie aux Pays-Bas pour faire une IVG. Voilà la réalité.

Aujourd'hui, cela fait exactement 35 ans que la Chambre votait la loi qui autorisait l'IVG. C'aurait dû être normalement un jour de fête. Après des années de combat, après des années d'IVG clandestines, après que des médecins avaient été emprisonnés, le droit des femmes et le mouvement féministe récoltaient enfin une victoire! Cependant, ce n'est pas un jour de fête pour moi, parce que 400 femmes se rendent encore aux Pays-Bas et qu'on impose encore aujourd'hui six jours de délai d'attente aux femmes avant de pouvoir recourir à une IVG. Et des sanctions pénales sont toujours prévues dans la loi.

Pourtant, il existe un rapport d'experts de plus de 152 pages – ce n'est donc pas un petit avis! – émanant de huit universités différentes qu'ont signé des gynécologues et des philosophes de toute obédience. Ils disent clairement qu'il faut allonger le délai à 18 semaines et supprimer le délai d'attente. Puis, l'accord du gouvernement Arizona a été conclu. Malgré les promesses faites pendant les élections, comme celles de Vooruit qui en avait fait un thème de campagne, celles du MR qui avait indiqué que le vote serait libre et celles des Engagés qui en ont aussi parlé, on refuse de laisser le Parlement s'exprimer. De nouveau, on a créé dans l'accord de gouvernement un blocage qui empêche toute avancée.

Ma question est: de quoi avez-vous peur et pourquoi (…)

Petra De Sutter:

Mijnheer de eerste minister, mevrouw de minister, vrouwen die voor een vrijwillige zwangerschapsafbreking kiezen, komen uit alle lagen van de samenleving. Ze zijn jaarlijks met bijna 20.000 in ons land. Een vrouw op vijf laat ooit in haar leven een abortus uitvoeren.

Vandaag is de Belgische abortuswet exact 35 jaar oud. De pijnpunten van die wet zijn reeds lang bekend. Elk jaar moeten meer dan 400 vrouwen naar Nederland om de abortuszorg te krijgen die ons land hen weigert omdat ze meer dan 12 weken zwanger zijn. Ze doen dat op eigen kosten, vaak met een hoge emotionele belasting en veel stress. Die wettelijke termijn moet naar omhoog.

Daarnaast is er de bedenktijd van zes dagen die door zowat iedereen als betuttelend en vernederend wordt ervaren. Een studie van Anna Wallays van de UA toont aan dat dit in de praktijk vaak langer is om praktische redenen. De meeste vrouwen zijn overtuigd als ze zich aanbieden en hebben die paternalistische bedenktijd niet nodig.

Ondanks de sterke argumenten voor de wetswijziging blijft er significante politieke tegenstand bestaan, met name van uw beide partijen. Cd&v heeft de wetswijziging om ideologische redenen in de vorige regeerperiode tegengehouden. Het compromis dat uw regering naar verluidt voorbereidt komt niet tegemoet aan de aanbevelingen van de expertencommissie, met name de termijn optrekken tot 18 weken, de bedenktijd schrappen, de verplichte informatie over adoptie en strafrechtelijke sancties, de toegankelijkheid verbeteren voor vrouwen zonder toegang tot de reguliere gezondheidszorg.

Mijnheer de eerste minister, mevrouw de minister, daarom vind ik dat dit een belangrijk ethisch thema is dat het Parlement toebehoort, waar parlementsleden zich in eer en geweten over dit onderwerp, dat alle vrouwen aanbelangt, kunnen uitspreken.

Mijn vraag is heel eenvoudig. Zal de arizonaregering, waarvan het kernkabinet en alle voorzitters van de partijen mannen zijn, doen wat nodig is voor deze bijzondere vorm van zorg voor vrouwen?

Bart De Wever:

Chers collègues, je vous remercie pour vos questions.

Le principe de l'interruption volontaire de grossesse est un principe que personne au sein du gouvernement ne remet en cause. Il s'agit cependant d'une question délicate sur laquelle nombre d'entre vous au sein de cette Assemblée se sont sans doute forgé leur propre opinion, chacun selon son cadre éthique et/ou son expérience de vie personnelle.

Historiquement, l'introduction ou la modification de la législation sur l'avortement n'a jamais été une tâche facile. De nombreux collègues ont d'ailleurs évoqué l'année 1990, lorsque cette question a profondément secoué le pays. Il me semble que ce n'est pas un chemin que nous souhaitons emprunter à nouveau. Il serait plus sain pour notre société d'adopter une législation sur ce type de questions éthiques relatives à la vie et à la mort avec le consensus le plus large possible.

Respect voor elkaars visie lijkt mij in dat opzicht cruciaal. Het zal ons immers nergens brengen als beide zijden van dit debat elkaar voortdurend culpabiliseren met opzwepende en morele termen. Hier is geen juist of fout. De wettelijke omkadering van een ethisch dilemma voorstellen als een zwart-witdiscussie is niet ernstig. Dat gezegd zijnde ben ik ervan overtuigd dat in dit dossier een opening kan worden gevonden voor een wetswijziging, die hopelijk een brede consensus rond zich zal verzamelen. Om resultaten te boeken, is het aan ons allemaal om dit debat vooral zo sereen mogelijk te voeren.

Tijdens de formatie voelde ik als toenmalig formateur alvast de bereidheid daartoe met de meerderheidspartijen. Ik heb sindsdien geen enkele aanwijzing gekregen dat die bereidheid er niet meer zou zijn. Mijn verwachting is dus dat de meerderheidspartijen binnen afzienbare tijd met een voorstel naar de Kamer zullen komen en dat er ook op andere ethische thema's concrete vooruitgang zal worden geboekt, zoals voorzien in het regeerakkoord.

Het komt me echter voor dat niet dit vragenuurtje op donderdag, maar wel de bevoegde commissie het geschikte platform is om al die voorstellen ten gronde te bespreken, op zoek te gaan naar de grootst mogelijke consensus en stappen vooruit te zetten die bijdragen tot maatschappelijke rust, in plaats van politieke exploitatie en maatschappelijke onrust. Ik dank u.

Annelies Verlinden:

Collega's, abortus is zonder twijfel een van de thema's die de diepste emoties oproept. Het raakt immers aan de meest fundamentele persoonlijke overtuigingen over leven, zelfbeschikking, gezondheid en ethiek. Precies daarom is het belangrijk dat we dit debat over leven in de meest kwetsbare vorm onderbouwd voeren met respect voor eenieder en voor elkaars inzichten en met de gepaste omzichtigheid en sereniteit.

Je tiens à être claire quant à la vision de ce gouvernement. Comme l'a déjà dit le premier ministre, l'accord de gouvernement ne laisse planer aucun doute. Le gouvernement poursuivra le débat de société sur l'IVG, et ce, sur la base du rapport du comité d'experts indépendants désigné à cet effet. Cela signifie que dans la période à venir, avec les partis de la majorité et dans le respect des sensibilités et des convictions de chacun, nous prendrons le temps d'écouter, de réfléchir et, si possible, d'aboutir à des conceptions soutenues. La sensibilité de ce sujet ne permet pas qu'il fasse l'objet d'une simple discussion pour savoir qui a raison et qui a tort.

Je ne peux donc pas anticiper aujourd'hui l'issue de ces débats. Mais il est essentiel pour moi que nous continuions à rechercher l'équilibre délicat entre le droit à l'autodétermination et la protection de l'enfant à naître, dans toute sa vulnérabilité. Il s'agit avant tout d'une question politique et idéologique à laquelle doivent répondre les partis de cet hémicycle et qui ne peut être résolue simplement en soumettant automatiquement un rapport d'experts – et je le dis avec le plus grand respect pour tous les experts. J'attends donc avec impatience un débat réfléchi à ce sujet au Parlement.

Een maatschappelijk debat over abortus dringt zich op. Daartoe roepen ook verschillende onderzoekers van de KU Leuven op in hun positiepaper, een oproep die ik samen met mijn collega's in de federale regering ter harte neem en ten volle ondersteun.

In het verlengde van het debat rijst ook de vraag over de rol van bepaalde anti-abortusgroeperingen. Hieromtrent wil ik opnieuw aangeven dat abortus een recht is. We hebben in ons land al afspraken en regels gemaakt, die overigens in lijn zijn met deze van vele andere Europese landen. Vrouwen die van het recht op abortus willen gebruikmaken, moeten dat kunnen doen binnen het bestaand kader, zonder angst of stigmatisering. Elke vorm van intimidatie of poging om dat recht in de praktijk te verhinderen, is zowel in feiten als in rechte onaanvaardbaar.

Tegelijk leven we in een rechtsstaat waarin vrijheid van meningsuiting een fundamenteel en te vrijwaren beginsel is. Ook wie tegenstander is van abortus of mogelijke wijzigingen aan het geldende afsprakenkader heeft het recht om zijn of haar mening te uiten, zelfs wanneer dat op plastische wijze gebeurt. Zolang iemand bij het uiten van een mening binnen de grenzen van de wet blijft, ben ik als minister van Justitie de laatste om het recht op vrije meningsuiting te bestrijden, ook al ben ik het fundamenteel oneens met de inhoud van de mening.

Cette liberté d'expression s'accompagne aussi d'une responsabilité. Lorsque des opinions fortes sont exprimées, il est important que tous les citoyens aient accès à des informations fiables de la part des pouvoirs publics afin de pouvoir faire des choix éclairés.

En ce qui concerne la diffusion d'informations, je voudrais ajouter que des informations pertinentes portant sur la réglementation sont disponibles sur le site du SPF Santé publique.

U vroeg ook naar de verlenging van de duur van de bedenktijd, een onderdeel van de huidige wetgeving dat ook aanleiding geeft tot debat. Wetenschappelijke inzichten kunnen daarbij mijns inziens een rol spelen. We zullen dan ook het nodige doen om wetenschappers te bevragen, zodat hun bevindingen ter zake hier in aanmerking genomen kunnen worden.

Ik wil tot slot onderstrepen dat ik hier spreek als minister van Justitie en als vertegenwoordiger van de voltallige regering. De gesprekken over dit ethische thema zullen worden gevoerd zoals afgesproken, met respect voor de rol van het Parlement en met het nodige en gepaste evenwicht tussen de overtuigingen van eenieder. Rechtszekerheid, wetenschappelijke expertise en maatschappelijke dialoog.

Irina De Knop:

Mevrouw Verlinden, ik heb die studie van de KUL ook gelezen. Voor u me van iets verdenkt, ik heb daar gestudeerd. Maar die studie had evengoed in 1965 geschreven kunnen zijn.

Mijnheer De Wever, u zei dat we niet moeten polariseren in dit dossier. U hebt dat natuurlijk nooit gedaan in uw politieke carrière… Maar u hebt gelijk, dit dossier heeft dat niet nodig. Ik ga volledig mee in uw voorstel. Laten we dit in de commissie ernstig aanpakken.

Er moeten wel een paar dingen van mijn hart. Het maatschappelijk debat is al gevoerd. De conclusies zijn al duidelijk. Ons wetsvoorstel ligt klaar in de Kamercommissie om daar goedgekeurd te worden. Laten we de politieke moed hebben opnieuw geschiedenis te schrijven. Laten we dat voorstel goedkeuren!

Caroline Désir:

Madame la ministre, j'entends dans votre réponse un immense mépris envers tous ces experts qui ont mené un travail scientifique remarquable, étayé et consensuel ainsi qu'envers toutes ces femmes que vous continuez à culpabiliser.

Pour le PS, le corps des femmes ne peut pas continuer à faire l'objet de marchandages politiques cyniques. C'est une véritable honte! Assumez vos choix et continuez à vous opposer, comme vous l'avez toujours fait dans ce débat, mais laissez le Parlement travailler!

Monsieur le premier ministre, vous disiez que chacun de nous s'était sans doute forgé sa propre conviction. Certainement! Dès lors, arrêtez de prendre vos collègues en otage! Je pense évidemment à vos collègues de Vooruit, mais aussi à vos collègues du MR et des Engagés. Ces derniers avaient, pendant la campagne, annoncé une liberté de vote totale sur l'IVG, mais nous ne les entendons pas aujourd'hui.

Laissez-les au moins voter l'urgence sur notre texte tout à l'heure!

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, madame la ministre, il y a un an, j'ai participé à un débat avec le président du MR. Il disait: "Ne vous en faites pas, nous profiterons des affaires courantes car, à ce moment-là, le Parlement sera libre et cette législation sera votée en octobre 2024". Tout le monde sait ce qu'il en est advenu.

Vous voulez le consensus le plus large possible. J'ai une super idée pour vous: laissez ce Parlement décider et voter librement! Vous obtiendrez ainsi le consensus le plus large possible!

C'est tout de même incroyable de constater que ce Parlement est aujourd'hui moins libre qu'il ne l'était en 1990, sous Wilfried Martens. À cette époque-là, les partis pouvaient voter en toute liberté.

Ce n'est pas l'accord de gouvernement qui nous sépare de la résolution de ce dossier, mais bien la particratie que vous avez réinstallée et ressuscitée. C'est très triste!

Sofie Merckx:

Mijnheer de premier, u zegt dat u niet gepolariseerd hebt rond dat thema. Nee, u hebt geblokkeerd. Nog voordat er een regering was gevormd, hebt u iedereen gezegd dat ze dat niet mochten goedkeuren. Mijnheer de premier, u hebt het graag over de waarheid, wel, de waarheid is dat het wetenschappelijk rapport er is. Het maatschappelijk debat is afgerond. Het is niet zomaar een adviesje, het is een wetenschappelijk rapport waarover consensus bestaat.

De waarheid is dat vrouwen abortus plegen, ondanks de wet. De hypocrisie bestaat erin die vrouwen naar Nederland te laten gaan en de ogen daarvoor te sluiten. Respect betekent niet in de plaats van vrouwen beslissen wanneer zij al dan niet abortus mogen plegen. Respect is de vrouwen zelf laten beslissen. Respect is in plaats van over aantal weken een koehandel te beginnen, het Parlement en iedereen hier in eer en geweten vrij te laten stemmen.

Petra De Sutter:

Ik hoor voortdurend dat er enerzijds wetenschappers zullen geraadpleegd worden en anderzijds dat het om een ethisch debat zou gaan. Men moet toch eens beslissen waarover het gaat. Ik wil u echt wel laten nadenken en ook advies laten vragen aan wetenschappers over wat nu exact de verschillen zijn op ethisch en op medisch-technisch vlak tussen 14 en 18 weken, waarbij 14 uw compromisvoorstel is. Er circuleert daarover zoveel foute informatie dat die vraag echt gesteld moet worden. Wat we nu doen, is uw ethische ongemak exporteren naar Nederland, dat is wat wij doen, niet onze verantwoordelijkheid nemen, niet vrouwen hun eigen beslissingen laten nemen. De gijzeling in dit dossier die we binnen Vivaldi hebben gekend, wordt gewoon voortgezet. Dat is bijzonder jammer. Wij creëren geen onrust. Wij vragen in dit dossier gewoon om de meerderheid in dit Parlement te laten beslissen en om niet gegijzeld te worden door een minderheid die in de regering zit.

economie en werk

De mogelijke hervorming van het kunstenaarsstatuut
De mogelijke uitholling van het kunstenaarsstatuut
De mogelijke uitholling van het kunstenaarsstatuut
De impact van de hervorming van de werkloosheid op het kunstenaarsstatuut
De uitholling van het kunstenaarsstatuut als gevolg van de hervorming van de werkloosheid
Het kunstenaarsstatuut
De impact van de hervorming van de werkloosheid op het kunstenaarsstatuut
Impact van hervormingen op kunstenaarsstatuut.

Gesteld aan

David Clarinval (Minister van Werk, Economie en Landbouw)

op 27 maart 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de dreigende afbouw van het kunstenaarsstatuut binnen de hervorming van de werkloosheidsuitkeringen, ondanks de belofte in het regeerakkoord om de uitzonderingsregeling voor kunstenaars te behouden. Minister Clarinval (MR) bevestigt dat het statuut *niet wordt afgeschaft*, maar stelt wel dat de tijdsbeperking op werkloosheidsuitkeringen (max. 2 jaar) ook voor kunstenaars zou gelden – wat hun precaire positie verergert. Hij suggereert een toekomstig losstaand statuut (geïnspireerd op het Franse model), maar concreet biedt hij geen garanties, wat grote onrust zaait in de sector. Oppositie (o.a. Groen, PS, PVDA) en delen van de meerderheid (Les Engagés, Vooruit) wijzen op het belang van kunst als democratische pijler en het risico op massale precarisering van 8.000 kunstenaars, terwijl MR/N-VA het statuut als "misbruik" framet en pleit voor marktgerichte autonomie. De kernspanning: budgettaire strenge vs. culturele waarde – met als inzet of kunstenaars als *werkers met een uniek statuut* of als *potentiële "langdurig werklozen"* worden behandeld.

Petra De Sutter:

Mijnheer de minister, ik wil eerst Churchill citeren, die heeft gesteld dat kunst essentieel is voor een bloeiende samenleving en dat de staat de plicht heeft om kunst te ondersteunen en te bevorderen.

De kunstensector is van groot belang voor ons land. Tienduizenden mensen werken in die sector, waar creativiteit centraal staat. Omdat kunstenaars echter afhankelijk zijn van producties en opdrachten, hebben ze vaak geen stabiel inkomen. Gelukkig is er het kunstenaarsstatuut, dat hun toegang geeft tot een werkloosheidsregeling die rekening houdt met de specifieke aard van hun werk.

In de vorige legislatuur hebben we dat statuut trouwens samen hervormd en hebben we het kunstwerkattest ingevoerd. Dat was een belangrijke verbetering. Kunstenaars die de kunstwerkcommissie kunnen overtuigen van hun artistieke meerwaarde, krijgen dat attest. Zo krijgen ze toegang tot sociale voordelen die hen helpen om hun werk voort te zetten. Die hervorming kwam er in overleg met de sector, werd positief onthaald en vormt de basis van de manier waarop het vandaag verloopt.

In het regeerakkoord van uw regering staat duidelijk vermeld dat de hervorming van het kunstenaarsstatuut door de vorige regering behouden blijft. Toch hoorden we mevrouw Degryse onlangs in het Waals Parlement verklaren dat de regering plannen zou hebben om het statuut opnieuw te hervormen. Uzelf hebt aangegeven dat er geen uitzonderingen zouden zijn op de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd voor min 55-jarigen. In het Vlaams Parlement hebben we daarentegen mevrouw Gennez het systeem horen verdedigen. Deze ochtend zaaide de heer Ronse in De Standaard opnieuw twijfel over het onderwerp. U begrijpt dat de situatie voor heel wat ongerustheid zorgt in de sector.

Mijnheer de minister, kunt u bevestigen dat, zoals in het regeerakkoord staat, de uitzonderingsregeling voor kunstenaars in de werkloosheid behouden blijft en dat het statuut dat we hebben hervormd, niet opnieuw ter discussie staat? Ik dank u.

De voorzitter : Mevrouw De Sutter, op mijn beurt dank ik u om alweer keurig binnen de tijd te blijven.

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le vice-premier ministre, depuis la réélection de Donald Trump aux États-Unis, pas un jour ne passe sans une attaque envers la culture et tout ce qui s'apparente à un contre-pouvoir: les journalistes, les magistrats, les chercheurs et, bien entendu, les artistes. Et, comme trop souvent, certains jugent bon d'importer ces délires ici, maintenant, en Belgique. Nous avons eu droit à la mise en opposition stérile des ingénieurs et des poètes, à la prétendue inutilité du soutien public à la culture et à l'audiovisuel et, aujourd'hui, on apprend qu'en catimini, via votre réforme du chômage, vous vous apprêtez à saborder le statut des travailleuses et des travailleurs des arts.

Ce statut, mieux connu sous le nom de "statut d'artiste", nous l'avons pourtant réformé sous la précédente législature, sur mon initiative et celle du ministre Vandenbroucke. Vous y avez contribué, monsieur le ministre, s'agissant des indépendants. Nous l'avons réformé afin d'assurer une meilleure protection sociale pour celles et ceux qui font vivre la culture dans et de notre pays.

Aujourd'hui, après s'en être pris aux femmes, aux pensionnés, aux enseignants, aux pompiers, aux malades, votre gouvernement s'attaque violemment à un secteur culturel qui, à contre-courant des clichés, est économiquement porteur, humainement émancipateur et, surtout, participe d'un contre-pouvoir indispensable et essentiel en démocratie.

J'ai deux questions simples, monsieur le ministre, à vous poser, et vous me répondrez, je l'espère, par oui ou par non. Confirmez-vous les éléments révélés dans la presse et leurs conséquences pour les artistes? Figurent-ils oui ou non dans votre projet? Ces éléments ont-ils été soumis à vos partenaires de gouvernement, puisque l'accord de gouvernement nous a été présenté comme étant ficelé jusqu'au dernier carat? Monsieur le ministre, oui ou non, deux fois, s'il vous plaît!

Sofie Merckx:

Monsieur le ministre, chers collègues, on savait déjà que l'Arizona visait énormément de gens. Et, depuis deux jours, on sait aussi que les artistes et le statut d'artiste sont dans son viseur. Contrairement à certains qui sont peut-être étonnés, moi, je le ne suis pas. En effet, déjà au moment du covid, on a vu la manière dont les artistes ont été traités, la manière dont ils ont dû se battre pour avoir la réouverture et le mépris à leur égard. En outre, depuis quelques mois, votre président de parti nous dit qu'il sait faire des films avec une GoPro. Pas besoin d'être artiste pour cela puisque lui-même pourrait le faire. À quoi bon d'avoir un ministère de la Culture! On n'a pas besoin d'un ministère de la Culture ni de la culture subventionnée. Non seulement quelle méconnaissance du métier mais aussi quel mépris pour la culture!

La culture, c'est quoi? La culture, ce n'est pas seulement des hommes et des femmes qui nous font rêver. Ce sont aussi des personnes qui nous font réfléchir, qui nous mettent en mouvement et nous émancipent. Et je pense que c'est cela aussi qui dérange aujourd'hui peut-être dans le secteur de la culture.

Notre pays compte plus de 8 000 personnes bénéficiant du statut d'artiste. Qui sont-elles? Ce sont des techniciens, des maquilleuses, des créateurs, des ingénieurs du son qui font un travail souvent invisible et qui, par nature, est intermittent. Et donc, oui, les jours où ceux-ci n'ont pas de prestations à faire, ils bénéficient des allocations de chômage.

Monsieur le ministre, que va devenir le statut d'artiste dans le cadre de la réforme des allocations de chômage? Ces 8 000 personnes vivent déjà parfois dans des situations très précaires. Comptez-vous les faire tomber davantage dans la précarité?

Aurore Tourneur:

Monsieur le ministre, l'accord de gouvernement prévoit une réforme ambitieuse du marché du travail avec pour objectif d'atteindre un taux d'emploi de 80 % et d'accroître la prospérité de notre pays. Plusieurs éléments de cette réforme appellent toutefois des précisions et des apaisements afin de rappeler à tout le monde les principes directeurs qui doivent guider notre action: la solidarité, la responsabilité et le respect de l'accord de gouvernement.

Concernant le statut d'artiste, la réforme des allocations de chômage actuellement en préparation doit impérativement tenir compte des spécificités de certains statuts. L'accord de gouvernement mentionne explicitement que les exceptions concernant le statut d'artiste seront conservées. Il est donc crucial de rappeler que ces mots ne sont pas le fruit du hasard, qu'ils constituent un point fondamental pour Les Engagés. Remettre en cause ce statut, reviendrait à fragiliser davantage la production artistique et la vitalité de notre secteur culturel.

Enfin, nous avons pris connaissance par voie de presse d'une piste consistant à exclure les périodes de congés de maternité et de paternité ainsi que les incapacités de travail des périodes assimilées pour l'ouverture du droit aux allocations de chômage. Si nous comprenons la nécessité de réformer le lien entre périodes effectivement travaillées, cotisations versées et constitution de droits sociaux, cette proposition, si elle était avérée, nous semble excessive.

Nous n'avons aucun doute quant à votre capacité à porter cette réforme qui est d'une importance majeur pour l'avenir de notre pays. Dans ce contexte, monsieur le ministre, pouvez-vous nous en préciser les contours? Êtes-vous sensible aux inquiétudes légitimes qui s'expriment en particulier dans le secteur culturel? Quelles mesures envisagez-vous pour y répondre de la manière la plus adéquate? Merci déjà pour vos réponses.

François De Smet:

Monsieur le ministre, le débat auquel nous assistons est tout de même un peu surréaliste puisque l'accord de gouvernement est très clair: la réforme mise en œuvre par le précédent gouvernement concernant les exceptions pour les artistes est conservée.

Donc, soit le MR a l'intention de ne pas respecter la parole qu'il a donnée, soit nous assistons à une séquence de communication orchestrée par le MR et Les Engagés, visant à se répartir les rôles de pompiers et de pyromanes – une stratégie bien connue. Et tout cela au détriment des artistes, que vous plongez depuis plusieurs jours dans une véritable angoisse.

Nous avons, tout d'abord, le MR et sa guerre culturelle. Tiens, si on supprimait le ministère de la Culture? Tiens, si on supprimait tout ou partie de la dotation de la RTBF? Et aujourd'hui, je suppose, tiens, si on limitait à deux ans dans le temps le chômage pour les artistes? Il s'agit d'une panoplie de propositions qui ne se concrétisent généralement pas, mais permettent d'occuper l'espace médiatique. En effet, tant que les commentateurs, la presse et l'opposition les commentent, nous ne nous intéressons pas à ce qui est fait réellement, c'est-à-dire parfois pas grand-chose.

Viennent ensuite Les Engagés, qui ont sans doute compris qu'ils se retrouvent coincés dans un gouvernement qui est le plus à droite et le plus conservateur que nous ayons connu depuis longtemps. Cependant, ils doivent absolument nous prouver qu'ils sont toujours gentils et qu'ils ne se sont pas fait avoir. La balle est donc un petit peu dans leur camp.

Enfin, il y a vous, monsieur le ministre, qui devez quand même respecter cet accord de gouvernement. Cela serait risible si cela ne se faisait pas sur le dos des artistes, que vous plongez véritablement dans l'angoisse.

À mon avis, les artistes méritent mieux que d’être relégués au rang d’alibi ou d’otages dans une lutte de positionnement entre les pompiers et les pyromanes. Ils méritent également mieux que de n’être considérés qu’au travers d’une mesure dérogatoire dans un régime de chômage. Saisissons donc cette occasion pour agir.

Monsieur le ministre, pouvez-vous simplement confirmer les termes de l'accord de gouvernement?

Ne serait-ce pas l'occasion, au-delà des divergences idéologiques, de créer enfin un véritable statut d'artiste, d'intermittent, à l'image de ce qui existe en France? Ce statut ne devrait pas être lié au régime de chômage et devrait refléter pleinement la valeur ajoutée des artistes dans notre société.

Rajae Maouane:

Monsieur le ministre, vous savez que j'aime bien cela: j'ai une petite devinette pour vous. Qui a dit le 7 février, ici même: "Nous n'avons pas décidé de modifier la législation en lien avec le statut d'artiste que j'avais portée avec les collègues Dermagne et Vandenbroucke sous la précédente législature. Donc on ne touche pas au statut d'artiste"? Je vous le donne en mille: c'est un certain David Clarinval.

Depuis que la presse a révélé que votre réforme du chômage pourrait signifier la fin pure et simple du statut d'artiste, un vent de panique souffle sur le secteur culturel. On parle ici de milliers de personnes qui risquent de perdre leur protection sociale adaptée à leur réalité professionnelle. Car oui, la culture, ce n'est pas un job comme les autres, ce n'est pas de 9 h à 17 h, ce n'est pas cinq jours par semaine. Une musicienne ne sort pas un album tous les jours. Un auteur ne publie pas un livre tous les trimestres. Il en va de même pour les plasticiens et les plasticiennes, les techniciens son et lumière, les porteurs et les porteuses de câbles. Et je ne parle même pas ici des artistes ou des travailleurs et travailleuses en situation de handicap. C'est justement pour reconnaître cette particularité et protéger celles et ceux qui font vivre notre culture que le statut d'artiste existe. Il existe pour permettre à celles et ceux qui font vivre notre culture d'avoir un minimum de sécurité. Et vous, aujourd'hui, vous envisagez de tout faire péter.

Mes questions sont claires, monsieur le ministre. La dégressivité des allocations s'appliquera-t-elle aux artistes, oui ou non? Seront-elles limitées à deux ans? Leur statut spécifique survivra-t-il à votre réforme? Confirmez-vous que vous faites le choix de fragiliser encore un peu plus celles et ceux qui créent, et qui font vibrer notre société? Parce que, si votre projet passe, c'est très simple: des milliers d'artistes risquent de basculer dans la précarité. Moins de création, moins de diversité culturelle, c'est une Belgique qui s'appauvrit culturellement et socialement, même si on sait que c'est peut-être cela qui va plaire à la personne qui va intervenir juste après moi. Je crois que certains au MR ont confondu "guerre culturelle" avec "faire la guerre aux artistes".

Mes questions sont simples, monsieur le ministre, j'attends donc des réponses claires. Je ne veux pas de flibuste, pas d'enrobage technocratique et pas d'enfumage.

Georges-Louis Bouchez:

Monsieur le ministre, il vous revient de mener une réforme historique dans notre pays, celle de limiter à deux ans les allocations de chômage en vue de contribuer, avec les 200 autres mesures de cet accord de gouvernement, à atteindre un taux d'emploi de 80 %.

Parmi les différents publics concernés, il y a bien évidemment un public spécifique qui est celui des artistes. Je voudrais quand même rappeler à cette Assemblée que c'est le Mouvement Réformateur, en 2020, qui a lancé la réforme du statut des artistes, et que c'est vous, monsieur le ministre, qui avez la copaternité de cette réforme.

C'est la raison pour laquelle je ne suis pas inquiet par rapport à votre volonté. Mais je sais aussi qu'aujourd'hui, on ne peut pas faire comme si de rien n'était. Ce n'est pas aimer la culture que de considérer qu'il n'y a pas de réflexion à mener, qu'il n'y a pas un travail et des réformes à effectuer pour faire en sorte que les artistes, qui ne veulent pas vivre d'argent public mais qui veulent vivre grâce à leur public, puissent devenir plus autonomes, puissent avoir un accès plus facile, par exemple, au statut d'indépendant.

C'est la raison pour laquelle, monsieur le ministre, la question de déconnecter le statut d'artiste de celui du chômage doit nous préoccuper. Car les artistes ne sont pas des chômeurs de longue durée. Ce sont des travailleurs à statut spécifique. J’espère que via cette réforme, monsieur le ministre, vous pourrez donner aux artistes la reconnaissance et l'autonomie qu'ils méritent.

Parmi les différents débats de la semaine, il y a eu la question des artistes, mais une autre question semble peu intéresser mes collègues: c'est la situation des femmes enceintes, des malades. Là aussi, de vilaines fuites, durant la semaine, ont essayé de faire croire qu'on allait s'en prendre aux plus faibles.

Je pense, monsieur le ministre, que cette tribune vous donne une parfaite occasion de clarifier notre ambition, qui est de renforcer l'activité sans porter atteinte aux plus faibles d'entre nous. Je vous remercie.

David Clarinval:

Mesdames et messieurs les députés, je vous remercie pour vos différentes questions. Je regrette en effet les fuites qui ont été faites dans la presse et qui sèment la confusion dans un dossier très important, à un moment où nos citoyens ont besoin d'être bien informés et rassurés.

Je déplore tout autant que certaines informations contenues dans l'article de presse n'aient pas été recoupées par ses auteurs.

Uw talrijke vragen laten me echter toe te antwoorden op de aangehaalde bezorgdheden. Als federaal minister van Werk, werk ik momenteel een grondige hervorming van het werkloosheidsstelsel uit. Dat past in het kader dat werd vastgelegd door het regeerakkoord. De teksten worden momenteel besproken.

De hervorming heeft een duidelijk doel, namelijk meer mensen opnieuw aan de slag krijgen en strijden tegen misbruik. In een veeleisende budgettaire context is het gewoonweg ondenkbaar om inactiviteit te financieren. Wie de weg naar werk opgaat, moet gesteund, gewaardeerd en beter beloond worden. We willen garanderen dat het verschil tussen werken en niet werken aanzienlijk blijft. Dat principe staat centraal in ons beleid.

Dat impliceert ook een herziening van de duur van het recht op werkloosheidsuitkeringen in een kader dat eerlijk en meer stimulerend is. Wees echter gerust, wij zullen niemand aan zijn lot overlaten. Wij nemen niets weg van wie behoeftig is. Onze hervorming biedt de middelen om uit de werkloosheid te geraken en zich te emanciperen. Ze stigmatiseert niemand, maar responsabiliseert iedereen.

En réponse aux différentes questions qui ont été posées, s'agissant d'abord du congé de maternité, monsieur Bouchez, je vous confirme que notre volonté est claire: ces périodes seront bel et bien assimilées à des périodes de travail, comme cela a été clairement exposé aux membres du groupe de travail inter-cabinets qui s'est penché cette semaine sur cette réforme. Il en va de même pour les congés d'adoption et les congés de paternité, qui sont également concernés. Donc, les informations contenues dans l'articles étaient fausses.

Madame Tourneur, en ce qui concerne les périodes de maladie, la réforme prévoit en effet qu'elles ne seront pas assimilées à des jours de travail. Toutefois, cela ne signifie pas qu'elles ne comptent pas, puisqu'elles prolongeront celle qui est prise en compte pour l'admissibilité. Nous intégrons bien la période de maladie dans le calcul du chômage. Cela fait écho à la demande contenue dans l'accord de gouvernement de renforcer les liens entre les périodes effectivement travaillées et le chômage. Dans le cas contraire, quelqu'un qui n'a pas travaillé pendant deux ans, qui travaille deux semaines, puis retourne en maladie, pourrait ouvrir des droits au chômage. Cela ne traduirait évidemment pas du tout la volonté de ce gouvernement.

Enfin, s'agissant du statut des artistes, comme le prévoit l'accord de gouvernement, la réforme de son prédécesseur relative aux exceptions à la disponibilité active, passive et adaptée pour les artistes est conservée. Cela dit, l'accord de gouvernement est clair: il prévoit, par ailleurs, une limitation du chômage dans le temps. Certains artistes bénéficient du chômage avec un statut spécifique, tandis que d'autres travaillent sous le régime des indépendants. La législation sur le chômage s'applique donc à certains d'entre eux. Compte tenu de la spécificité de ce statut, il est donc logique que nous débattions au sein du gouvernement des modalités d'application de la réforme du chômage dans ce secteur.

Plus généralement, il faut se demander si ce statut doit encore être lié au chômage. En effet, il n'est ni valorisant pour les artistes ni équitable pour les autres catégories de travailleurs de considérer que les premiers seraient des chômeurs sans dégressivité ni limite de temps. Ce sont des travailleurs dont le statut particulier sera examiné à la lumière de l'équité entre les Belges et des objectifs poursuivis par la réforme du chômage et, évidemment, par l'accord de gouvernement.

Mesdames et messieurs les députés, à chaque nouvelle réforme son lot d'inquiétudes, et je peux le comprendre. J'ai souhaité informer et rassurer, car ce n'est pas dans le chaos et la confusion qu'on élabore une réforme aussi essentielle que celle du chômage. Notre objectif est clair: remettre les gens au travail, c'est leur offrir la possibilité de s'émanciper et de contribuer à une société plus juste, plus équitable et plus performante. Je reste pleinement engagé à porter pour toutes et tous une réforme nécessaire, juste et ambitieuse. Je vous remercie de votre attention.

Petra De Sutter:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, wat is dat toch met sommige politici, die blijven denken dat kunstenaars onvoldoende bijdragen en subsidieslurpers zijn? Is dat omdat kunst vaak kritisch is en machtsstructuren in vraag stelt? Of is het omdat kunst ontsnapt aan controle en censuur, of zelfs kan aanzetten tot verzet?

Collega's van cd&v, Les Engagés en Vooruit, zult u toelaten dat de huidige regering de rechten van kunstwerkers op die manier probeert af te bouwen? Zult u medeplichtig zijn aan de culturele revolutie die Arizona wil doorvoeren?

Mijnheer de minister, ik eindig met nog een citaat van Churchill en ik hoop dat u daarover eens zult nadenken. Toen in de Tweede Wereldoorlog in het Verenigd Koninkrijk de kunstbudgetten onder druk stonden en de overheid ze wilde schrappen, verklaarde Churchill naar verluidt: " Then what are we fighting for ?" Dat is een doordenkertje.

Ik hoop dat u de juiste beslissing zult nemen.

Pierre-Yves Dermagne:

Monsieur le ministre, nous l'avons bien compris, la culture qui gratte vous dérange, celle qui bouscule, qui interroge, qui échappe aux logiques marchandes; le MR n'en veut plus. Mais la culture, monsieur le ministre, ce n'est pas du fast-food, ce n'est pas non plus un luxe, c'est un pilier de notre démocratie, comme la presse critique et indépendante. Mais, vous, vous préférez critiquer la presse. (Protestations de M. Bouchez)

La presse, qui a dit vrai et écrit juste. Vous l'avez reconnu: vous allez effectivement détricoter la réforme du statut d'artiste portée par le précédent gouvernement. C'est un mépris pour celles et ceux qui font vivre la culture dans notre pays au quotidien. C'est un mépris aussi pour les femmes qui luttent contre une maladie, contre un cancer du sein, qui seront touchées au niveau de leur régime de chômage. C'est à nouveau un gouvernement brutal, fort avec les faibles, faible avec les forts!

Sofie Merckx:

Apparemment, ce qui est dans l'accord de gouvernement ne compte pas parce que si je vous écoute bien, vous voulez bel et bien attaquer et vous en prendre au statut d'artiste qui permet aujourd'hui à ces gens de vivre dignement.

Ce que je dirais aujourd'hui aux gens, c'est que c'est clair: ce gouvernement attaque les pensionnés, en voulant nous faire travailler plus longtemps pour moins de pension; il attaque les travailleurs en supprimant par exemple les primes de nuit; il s'en prend aux malades de longue durée; il s'en prend aux gens qui sont sans emploi; il s'en prend aux réfugiés, aux enseignants, aux policiers et il s'en prend aussi à la culture.

Par conséquent nous devrons être nombreux, très nombreux ce lundi, et nous serons très nombreux en grève générale, parce que nous ne voulons pas de ce gouvernement qui veut nous renvoyer au 19 e siècle. On n'en veut pas, on vaut mieux que ça!

Aurore Tourneur:

Merci monsieur le ministre pour votre réponse. Le statut actuel ne sera pas remis en cause comme le prévoit l'accord de gouvernement mais vous allez travailler, par souci d'équité, à la constitution d'un véritable statut distinct du chômage. Si telle est bien votre intention, nous pourrons la soutenir, mais pas toute marche en arrière.

Monsieur le ministre, j'ai aussi entendu parler d'un congé de maternité, de paternité et de congé d'adoption. J'ai été rassurée sur ce point. J'ai également entendu une belle phrase: "Nous n'allons abandonner personne". Et bien nous comptons sur vous, monsieur le ministre, pour allier financement durable de notre sécurité sociale et lutte efficace contre toute forme de précarité. Et là, vous retrouverez Les Engagés.

François De Smet:

Merci monsieur le ministre pour votre réponse. Je crains qu'à part ma collègue des Engagés, vous n'ayez pas rassuré grand monde. Très objectivement, bien sûr il y a l'accord de gouvernement, mais néanmoins vous assumez que vous avez une marge – que vous semblez croire ouverte – de négociation sur la limitation dans le temps des allocations de chômage, en ce compris pour les artistes.

Je voudrais rappeler que les artistes qui relèvent du statut d'artiste, ce sont des travailleurs, en ce compris lorsqu'ils sont dans des périodes de non-travail qui sont inhérentes à la nature de leurs activités. C'est un débat que nous avons déjà eu, et je suis vraiment étonné parce qu'en 2020, vous et le reste du MR n'aviez pas ce discours-là. Donc, ne lâchez pas ce statut d'artiste, protégez-le!

Si vous voulez ouvrir la question sur un vrai statut d'intermittent, allons-y, mais cela ne figure pas dans l'accord de gouvernement. C'est quelque chose que vous inventez maintenant pour donner quelque chose à vos partenaires Engagés, pour vous permettre d'avancer sur la limitation du droit de chômage, et c'est dommage parce que les artistes méritent beaucoup mieux.

Rajae Maouane:

Monsieur Clarinval, je vous remercie d'avoir pris cinq minutes pour nous lire votre texte que vous aviez préparé pour répondre à votre président et à Mme Tourneur mais pas pour répondre aux inquiétudes et aux questions qu'on vous posait. Les artistes qui sont déjà inquiets ne sont absolument pas rassurés.

Personnellement, j'ai une pensée pour Élisabeth Degryse, la ministre de la Culture dont certains espèrent qu'elle sera la dernière ministre de la Culture. Élisabeth, si tu nous regardes… Mais j'ai surtout une pensée pour Claire qui écrit des livres, pour Sihem qui écrit des spectacles, pour Mathéo qui fait des dessins dans sa chambre. J'ai une pensée pour Mathieu qui porte des câbles. Ce sont elles et eux que vous mettez dans la précarité. Ce sont elles et eux qui seront la cible du Mouvement Réformateur, de votre président et de ce gouvernement Arizona qui est brutal, qui est d'une brutalité sans nom.

Sur ce sujet, pas plus que sur d'autres sujets, j'attends une réaction du MR et de la N-VA mais je me tourne aussi vers Les Engagés, Vooruit et le cd&v . On vous voit et on attend de vous un sursaut, s'il reste encore quelque chose.

Georges-Louis Bouchez:

Figurez-vous, madame De Sutter, que, d'après les historiens, Churchill n'a jamais dit cette phrase. C'est un peu comme la presse qui a dit, monsieur le ministre , des choses sur votre projet qui sont totalement inexactes et que vous avez pu corriger aujourd'hui. Franchement, le PS n'a aucune leçon à donner sur les critiques qu'il fait régulièrement sur la presse, puisqu'il remet sa défaite électorale sur le dos de la presse. Mais le problème, quand on rédige sa réplique avant la réponse du ministre, c'est qu'on tape souvent à côté. Le ministre a été très clair; il veut, contrairement à vous, sortir les artistes du chômage. Il veut qu'ils aient un statut de travailleurs spécifiques sans retour en arrière sur leurs droits. Mais vous préférez maintenir des artistes dans la précarité de manière à ce qu'ils soient obligés de demander des subsides. Ce n'est pas ce que nous voulons! Nous voulons l'émancipation. Nous voulons que les artistes puissent vivre de leur travail dignement. C'est une différence entre vous et moi!

mobiliteit en transport

Een oproep tot responsabilisering van de vakbonden naar aanleiding van de treinstaking
De treinstakingen
Het syndicaal overleg met betrekking tot de spoorstakingen
De aanhoudende spoorstakingen
De spoorstakingen
De spoorstakingen
Stakingen in spoorsector

Gesteld aan

Jean-Luc Crucke (Minister van Mobiliteit, Klimaat en Ecologische Transitie)

op 27 maart 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De herhaalde, gecoördineerde stakingen bij de NMBS (65+ dagen aangekondigd) leggen het spoorvervoer plat, met overvolle treinen, geannuleerde ritten en gegijzelde reizigers als gevolg, terwijl vakbonden protesteren tegen regeringsplannen (pensioenhervorming 55→67 jaar, opheffing HR Rail, besparingen). Minister Crucke benadrukt constructieve gesprekken met drie matige vakbonden en dreigt juridische stappen tegen misbruik van stakingsrecht, maar concrete oplossingen (zoals automatische opening eerste klasse of compensatie zoals een *Sorrypas*) blijven uit, ondanks oproepen tot uitgebreidere minimale dienstverlening en herstel van vertrouwen. Kritiek richt zich op het falend overlegklimaat en het ontbreken van tastbare resultaten, terwijl reizigers en oppositie eisen dat de regering verantwoordelijkheid neemt voor de chaos die voortvloeit uit haar eigen beleid.

Julien Matagne:

Monsieur le ministre, reconnaissons que depuis quelques semaines, le tableau de la SNCB n'est pas très réjouissant: trains supprimés, trains retardés, trains bondés, horaires limités, réseau perturbé, service dégradé, collaborateurs non-grévistes débordés et navetteurs fatigués. Prendre le train est devenu un véritable parcours du combattant. En tant que navetteur presque quotidien, vous en savez quelque chose!

Bien sûr, défendre ses droits est légitime, mais assumer ses devoirs l'est tout autant, surtout lorsqu'il s'agit d'assurer un rôle de service public de qualité. Ces grèves à répétition non coordonnées donnent une impression de surenchère, une surenchère inutile qui ne tient pas compte de la concertation sociale qui vous est chère, qui nous est chère et que vous avez souhaité initier dès le début de votre mandat de ministre.

Monsieur le ministre, quel est l'état d'avancement du dialogue social que vous menez? Je suis d'ailleurs persuadé que vous le menez avec soin. Avez-vous pu rencontrer l'ensemble des organisations sociales concernées?

Il me revient que lors des grèves, la première classe n'est pas systématiquement ouverte à toutes et à tous pour améliorer le confort dans les trains. Pouvez-vous garantir qu'à l'avenir, cette première classe sera ouverte à l'ensemble des voyageurs pour leur confort au quotidien dans nos trains?

Je vous remercie d'avance pour l'ensemble de vos précisions.

Tine Gielis:

Mijnheer de minister, weet u hoeveel stakingen er voor de komende maanden aangekondigd zijn en over hoeveel stakingsdagen het gaat? Omdat ik vermoed dat u het niet weet, heb ik dat even voor u uitgeteld: 65 dagen staking zijn aangekondigd. Enkele weken geleden stond ik hier al om dat opbod aan stakingen aan te kaarten, maar samen stellen we vast dat de situatie alleen maar escaleert. Ik heb voor mezelf even in kaart gebracht hoe de planning er de volgende maanden zou uitzien. Ik heb een stakingsplanner gemaakt, waarop ik in een roze kleur die 65 stakingsdagen heb aangeduid. Ik geef u dat mee als geheugensteuntje, want ik begrijp dat u ook een actief gebruiker bent van het spoor.

De reizigers zijn het kotsbeu. Ze zien hun vakantie in het water vallen, bijvoorbeeld omdat het vliegtuig gewoonweg niet opstijgt, of ze zijn te laat in de les, omdat ze een verbinding hebben gemist, of ze zien hun kinderen niet meer, omdat ze 's avonds gewoonweg niet tijdig thuis geraken.

Mijnheer de minister, ik bezorg u zo dadelijk de stakingsplanner en ik doe ook drie oproepen. Mijn eerste oproep is gericht tot de vakbonden. Ik moedig de vakbonden aan om verstandig om te springen met het stakingsrecht, want zij dreigen door de gecreëerde chaos het draagvlak te verliezen.

Mijn tweede oproep is gericht tot de NMBS, die ik vraag om de dienstverlening te verbeteren en overleg met de bonden te faciliteren.

Mijnheer de minister, u roep ik op om samen met collega-minister Jambon met de vakbonden te overleggen om duidelijkheid te creëren voor de toekomst. Ik hoop dat u dat ter harte neemt.

Voorzitter:

De volgende vier leden stellen hier een vraag die in de commissie hangende was.

Irina De Knop:

Mijnheer de minister, ik heb een déjà-vugevoel en ik denk u ondertussen ook. Ik sta hier namelijk weer en u zit hier weer.

On pourrait dire que vous le regardez comme les vaches regardent passer le train.

De situatie is echter niet grappig. Ze is heel ernstig, vooral voor de treinreiziger, die elke keer weer het slachtoffer is van de talloze stakingen. Gelukkig is er op initiatief van de liberalen de gegarandeerde dienstverlening, die ervoor zorgt dat er toch enige dienstverlening is, hoewel dat lang niet genoeg is.

We zijn er nog niet van af. We staan nog voor weken van zwaar verstoord spoorverkeer. Het Laatste Nieuws berichtte dat de vakbonden van plan zijn de krachten te bundelen en er nog eens stevig tegenaan te gaan.

Mijnheer de minister, ere wie ere toekomt: u was vorige week echt streng voor de vakbonden en dat was goed. Uw geduld was op en u hebt dat duidelijk getoond. Alle grenzen van de redelijkheid worden dan ook overschreden. Wij kopen daar echter jammer genoeg weinig mee.

Vorige week gaf u aan dat u de juridische mogelijkheden om dat trauma te stoppen laat onderzoeken.

Daarom is mijn vraag ook heel logisch.

Hebt u daar al nieuws over?

Voorbije vrijdag, 21 maart 2025, hebt u meer dan twee uur samengezeten met de vakbonden.

Wat is uit dat overleg gekomen? Dat is een logische vraag.

Hoe evalueert u de gegarandeerde dienstverlening? Wilt u ter zake nog nieuwe initiatieven nemen?

Wij zouden ze toejuichen.

Dorien Cuylaerts:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, de ene staking was nog niet eens afgelopen of de andere schoot al bijna uit de startblokken. Deze week wordt opnieuw gestaakt door een kleine vakbond. Diens actie loopt zondagavond af.

Eindelijk, zouden we denken. Het einde is in zicht, maar helaas is niets minder waar: een nieuwe week, een nieuwe staking en zo gaan we nog een tijdje door, zoals de vorige vraagstelster al is aangehaald. Het stopt niet.

De gevolgen zijn genoegzaam gekend en zijn hier al regelmatig aangehaald. Studenten, werknemers en pendelaars geraken niet tijdig of zelfs niet op hun bestemming.

Ik vraag mij af of de vakbonden ook wel eens denken aan de mensen die niet over een auto beschikken of aan de studenten die niet over een kot beschikken of aan wie die geen familie of kennissen heeft om op terug te vallen. Zij geraken nergens; zij zijn geïsoleerd.

Het spoor is er voor iedere reiziger, maar het lijkt er steeds meer op dat de bonden en hun eigen belang centraal staan en niet langer de treinreiziger.

Wij stellen hier elke week opnieuw vragen.

Mijnheer de minister, u doet uw best. U zit met de vakbonden rond te tafel, maar wat haalt het uit? Er verandert helemaal niets. Ze blijven verder doen, zonder gevolg.

Mijn geduld, het geduld van mijn collega's maar ook van vele pendelaars is op. Bij u is dat net hetzelfde. Wij hebben dat vorige week gehoord. U hebt de spoormaatschappijen opgeroepen om juridisch uit te zoeken op welke manier het misbruik van het stakingsrecht kan worden aangepakt.

Mijn vraag is dan ook heel simpel.

Is die oefening intussen gebeurd? Welke stappen zult u nemen om de treinen weer aan het rijden te krijgen?

Frank Troosters:

Mijnheer de minister, ik feliciteer u. Ik wil u feliciteren, maar bedoel dat wel sarcastisch. U bent nu al de kampioen. U hebt het record van het aantal spoorstakingen tijdens een ambtstermijn overgenomen van uw voorganger. Bovendien loopt de teller van het aantal stakingsdagen nog op. U loopt dus nog uit en lijkt wel de Eddy Merckx van de spoorstakingen.

Dat record kan nog veel hoger worden. Een collega van mij heeft een telling gemaakt. Indien alle aangekondigde spoorstakingen waren uitgevoerd zoals voorzien, zouden we eind augustus 88 spoorstakingsdagen hebben bereikt. Dat zou hebben betekend dat op dat moment een kwart van het jaar zou zijn gestaakt binnen eenzelfde overheidsbedrijf. Dat is ongezien.

Gelukkig is er ook goed nieuws. Sinds deze ochtend is bekend dat vijf spoorbonden de koppen hebben bijeengestoken. Zij hebben beslist hun acties te coördineren en samen actie te voeren. Dat heeft twee gevolgen, een goed en een slecht gevolg. Het goede is dat het aantal stakingsdagen wat minder zal zijn. Het slechte is dat de impact groter zal zijn wanneer actie wordt gevoerd. De impact zal dan over het hele net worden gevoeld. Vanaf 8 april zullen die bonden elke dinsdag een staking organiseren en om beurt op een bepaalde regio focussen. Op zich is dat dus goed nieuws, maar dat minder zal worden gestaakt, is voor alle duidelijkheid niet uw verdienste.

Mijnheer de minister, die stakingen komen voort uit onvrede bij de spoormensen. We hebben het al gehad over de plannen voor het spoor van de arizonaregering waarvan u deel uitmaakt en over de hervormingen die zij wil doorvoeren. Daarom voeren de bonden actie. Ik benadruk echter dat de acties zich ditmaal niet tegen de NMBS richten maar wel tegen de arizonaregering en tegen u. Daarom worden de treinreizigers gebruikt. Ze worden bijna gegijzeld om bepaalde zaken af te dwingen. Dat kan echt niet langer duren.

Daarom stel ik vandaag opnieuw de vraag die ik al zo vaak heb gesteld.

Hoe zult u het probleem oplossen? Hoe zult u verdere stakingen voorkomen?

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, collega's, vanochtend viel iemand bijna flauw op de trein van Kortrijk naar Brussel, omdat de trein overvol zat. Hij werd letterlijk en figuurlijk rechtgehouden door alerte treinreizigers. Onze collega, de heer Matti Vandemaele, heeft dat vanochtend vastgesteld.

Zelf zat ik ook op een overvolle trein. Ik moest gedurende drie kwartier rechtstaan van Duffel tot Brussel.

Bovendien zijn wij nog de gelukzakken, want heel veel mensen geraakten niet op hun werk en misten belangrijke afspraken. Scholieren die vandaag examens hadden, geraakten niet op school.

De reden zijn de treinstakingen. De treinreiziger is daarvan altijd het grootste slachtoffer. Dat is overduidelijk. De reden van die stakingen is echter de door uw regering gecreëerde onzekerheid bij het personeel over hun statuut. De tweede reden zijn de besparingen en de efficiëntiewinsten die op hen afkomen. Het is nog steeds heel onduidelijk of ze er zullen komen op de kap van het personeel. Wij vermoeden van wel.

De vakbonden reageren daartegen. Ik begrijp dat ze ongerust zijn en reageren. Het is ook goed dat de vakbonden vandaag samenzaten om de acties op elkaar af te stemmen in de hoop dat er dan ook minder hinder is voor de vele treinreizigers. Zij hebben hun portie immers gehad. Het zijn en blijven echter acties tegen de arizonaregering, tegen uw beleid en niet tegen dat van de NMBS.

Voor Groen is de maat vol. Er moet minstens een compensatie worden geboden.

Mijnheer de minister, zult u zorgen voor compensaties?

Wij denken bijvoorbeeld aan een Sorrypas en dus een dag genieten van de trein, om opnieuw het vertrouwen in de trein te herstellen. Het verlengen van de abonnementsduur is ook een optie. Wij verwachten dergelijke zaken van de regering. Er wordt immers gestaakt tegen uw beleid en niet tegen het beleid van de NMBS.

Mijnheer de minister, welke compensaties voor de treinreizigers zult u uitwerken?

Jean-Luc Crucke:

Chers collègues, depuis la prise de fonctions de notre gouvernement, le secteur ferroviaire est, comme vous l'avez signalé, secoué par une série de grèves. Ces mouvements perturbent lourdement le réseau et pénalisent des milliers de citoyens, souvent les plus fragiles. Ces grèves trouvent leur origine en toute grande majorité dans des mesures prises sur la base de l'accord de gouvernement, fruit d'une négociation démocratique et reflétant la volonté d'une majorité politique claire.

De vakbondseisen, ongeacht om welke vakbond het gaat, hebben voornamelijk betrekking op de geleidelijke verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd voor spoorwegpersoneel van 55 jaar naar 67 jaar, de hervorming van de berekening van de pensioenen op basis van de gehele loopbaan in de plaats van de laatste paar jaren en het geplande einde van HR Rail als werkgever van het spoorwegpersoneel.

Si certaines préoccupations sont compréhensibles, elles doivent être traitées dans le cadre d'un dialogue social respectueux et constructif. Je tiens à réaffirmer ici mon attachement indéfectible à la concertation sociale, mais avec des partenaires responsables et représentatifs. C'est pourquoi j'ai entamé d'initiative un dialogue avec la CGSP Cheminots, la CSC-Transcom et la CGSLB, qui ont certes privilégié le dialogue plutôt que la confrontation et qui sont les seules à siéger à la commission nationale paritaire.

Onze gesprekken verlopen goed, in een klimaat van wederzijds respect, dialoog en constructiviteit. We hebben al afspraken gemaakt over belangrijke punten, zoals de geleidelijke overgang van de taken van HR Rail aan overheidsbedrijven en het garanderen van een grotere verantwoordingsplicht. Ik geef er echter de voorkeur aan om in dit stadium discreet te blijven over de details, in overeenstemming met onze toezegging om niet te communiceren totdat de onderhandelingen zijn afgerond.

Met betrekking tot de pensioenen steun ik mijn collega die verantwoordelijk is voor dit dossier. Ik ben bereid om hem te steunen bij het faciliteren van de dialoog met de vakbond, zoals ik hem heb gezegd. Ik heb hem vanmorgen opnieuw aan de telefoon gesproken en hij was heel duidelijk. Hij zal het regeerakkoord toepassen, het gehele akkoord, maar niets meer dan het akkoord. Minister Jambon blijft echter openstaan voor overgangsregelingen. Zijn hand is dan ook uitgestoken naar de vakbond.

Sur le plan financier, il est primordial de souligner les conséquences financières dramatiques que ces grèves entraînent pour la SNCB: pertes de recettes, indemnisation des voyageurs, déviations vers d'autres modes de transport. Ce sont autant d'efforts supplémentaires qui s'imposeront au secteur du rail ultérieurement.

Enfin, pour répondre à la question de M. Matagne, sachez que pour l'heure, les accompagnateurs ont la possibilité de déclasser la première classe en fonction de leur ressenti. Toutefois ce déclassement n'est pas automatique, c'est pourquoi je vais demander à la SNCB d'examiner la possibilité d'un déclassement automatique de la première classe en période de grève, pour autant, bien évidemment, que le besoin s'en fasse sentir. Nos citoyens ne doivent en effet pas être les seuls à subir les effets des actions syndicales.

De regering zal standvastig blijven tegenover de blokkades en gijzelingen op ons spoorwegnet. We zullen blijven opkomen voor een verantwoordelijke en evenwichtige visie op de openbare dienstverlening, waarbij dialoog boven confrontatie gaat. Daarom heb ik, zoals ik vorige week al heb aangekondigd, HR Rail, het juridische HR-instrument voor de spoorwegsector, de opdracht gegeven om voor alle nieuwe stakingsaanvragen alle mogelijkheden te bestuderen om misbruik van stakingsaanzeggingen te weigeren met behulp van de juridische instrumenten die het tot zijn beschikking heeft. Als de vakbonden deze uitspraak weigeren, is het aan hen om naar de rechter te stappen en de genomen beslissing aan te vechten.

Les grèves préalablement programmées, donc celles qui sont prévues au moins jusqu'au 31 mars, ne seront pas requalifiées. Mais gare à la suite! Je ne lâcherai rien. Je reste ouvert à la concertation avec ceux qui souhaitent négocier de manière responsable, mais je n'accepterai jamais que la continuité des services stratégiques soit sacrifiée pour des motifs idéologiques. Les trains doivent avancer, pas les égos.

Julien Matagne:

Monsieur le ministre, je vous remercie pour votre réponse.

Ces grèves affectent en effet des dizaines de milliers d'usagers chaque jour. Nous appelons les syndicats à agir avec responsabilité en évitant les actions désordonnées. Il en va de la crédibilité du transport ferroviaire. Aussi, dans un contexte économique morose – et vous avez cité des mesures qui font grincer des dents, mais qui sont certainement des mesures nécessaires –, dans un contexte climatique inquiétant, dans un contexte d'immobilité autour des grandes villes, j'espère que vous réussirez à ramener la sérénité au cœur de notre entreprise ferroviaire.

La concertation sociale est lancée. J'entends que les échanges sont constructifs. Vous êtes sur la bonne voie. Je vous remercie, en tout cas, pour votre investissement.

Tine Gielis:

Mijnheer de minister, wij zijn ons ervan bewust dat er een zware taak op uw schouders rust, maar u hebt al zeer kordate taal gesproken. U hebt constructief en in alle sereniteit opgeroepen om daarover te overleggen. Wij kunnen u alleen maar het vertrouwen geven en hopen dat u spoedig enig resultaat kan boeken door in dialoog te blijven gaan met de NMBS, met de vakbonden en met uw collega-ministers om iedereen op dezelfde lijn te brengen en weer naar een goed werkend spoorverkeer te evolueren. Dank u voor uw inzet daarvoor.

Irina De Knop:

Mijnheer de minister, dank voor uw antwoord, al vind ik wel dat we er niet zo erg veel mee kunnen. Wat u hebt gezegd, is een beetje meer van hetzelfde. Het is zeer duidelijk dat wat we vandaag zien, eigenlijk de beste reclame is voor een echte liberalisering van het spoor. Week na week krijgen we daarvan de bevestiging. Het is echt tijd dat we de reiziger opnieuw centraal stellen en dat we die niet als een soort van vervelende bijkomstigheid zien.

Daarnaast is het toch wel echt nodig om eens grondig te onderzoeken wat we kunnen doen om de minimale dienstverlening uit te breiden om ervoor te zorgen dat meer treinen rijden, ook in het geval van stakingen. Want inderdaad, de komende weken zal de impact nog groter zijn. Ik raad u dus aan om daarvoor en voor de sociale dialoog echt actie te ondernemen. U moet echt op tempo komen opdat de treinreiziger erop kan rekenen dat zijn trein rijdt en niet overvol zit.

Dorien Cuylaerts:

Mijnheer de minister, u verwees in uw antwoord naar een constructieve dialoog en naar wederzijds respect. Ik hoop dat de vakbonden ook respect hebben voor de treinreizigers. Wanneer er bijna meer stakingsdagen dan gewone werkdagen bij het spoor zijn, kunnen we immers niet meer spreken over een recht op staken. Dan gaat het duidelijk om misbruik van het stakingsrecht. De treinreizigers moeten daar steeds de prijs voor betalen. Het is nu tijd om daar iets aan te doen. Het land platleggen omdat men zijn goesting niet krijgt, is totaal onverantwoord. Staken mag, daar gaat het eigenlijk niet over, maar wat hier gebeurt, is allesbehalve normaal.

De reizigers zijn elke keer de dupe zijn en sporen noodgedwongen verder. De vakbonden sporen helaas niet meer. Ik kijk uit naar uw overleg met hen en hoop op een goed resultaat.

Frank Troosters:

Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. Ik heb ook een beetje een déjà-vugevoel. Wij vragen al heel lang naar concrete oplossingen en ik stel vast dat uw antwoorden evolueren. In het begin was u vrij laks, daarna was u verontwaardigd, dan werd u boos, een paar weken daarna was uw geduld bijna op – intussen is het volledig op -, een week gelezen zou u bestuderen hoe u aan de stakingen een eind kon maken en nu hoor ik weer nieuwe aankondigingen, maar ik zie geen concrete oplossingen. Dat is nochtans wat de treinreizigers willen. Ze willen niet langer gegijzeld zijn in een dispuut tussen de arizonaregering en het spoorpersoneel.

Treinreizigers willen dat het niet over spoorstakingen, maar over treinbeleid gaat, dat er werk gemaakt wordt van een betrouwbaar openbaar vervoer, betere dienstverlening, minder afgeschafte treinen, grotere stiptheid en meer veiligheid. Dat is ook waar ze recht op hebben. Doe dat alstublieft.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, collega Matagne sust dat u op de goede weg bent, maar ik betwijfel of de treinreiziger daar dezelfde mening over heeft. Ik vind die opmerking zelfs wat cynisch, aangezien u eigenlijk nu al recordhouder bent in aantal stakingsdagen. Ik snap de mindswitch niet helemaal. Laten we immers niet vergeten – ik blijf het herhalen – dat de stakingen niet gericht zijn tegen de NMBS, maar wel tegen de beslissingen van de arizonaregering, tegen de maatregelen die u zult nemen. Daarom komt het u toe om het vertrouwen te herstellen. Ook al restte u nog twintig seconden spreektijd, u nam niet de moeite om te reageren op mijn vraag welke compensatie u zult voorzien voor de treinreizigers. Met Ecolo-Groen denken we duidelijk aan een sorrypas en een verlenging van de treinabonnementen. Zulke compensaties zijn cruciaal om het vertrouwen van de treinreizigers te herstellen. Op die manier kunnen we ervoor zorgen dat de treinreiziger zich niet afkeert, want ik denk dat we er allemaal van overtuigd zijn dat de trein nog altijd een heel fijne manier van reizen is, als de treinen rijden, uiteraard.

gezondheid en welzijn

De discriminatie bij domicilieaanvragen in Aalter
De inschrijving in een gemeente
Discriminatie en inschrijving Gemeentelijke Dienstverlening

Gesteld aan

Bernard Quintin (Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken)

op 20 maart 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie onthult systematische discriminatie in Aalter, waar mensen met niet-Belgische namen tot 9x langer (gemiddeld 300 vs. 15 dagen) wachten op domiciliëring door selectieve woonstcontroles (73/77 gevallen betroffen niet-Belgische namen) en illegale praktijken zoals opstellen eisen of ongeoorloofde informatieopvraging door de burgemeester. Minister Quintin bevestigt procedurele schendingen (geen voorlopige inschrijving, vertraging door schepencollege-goedkeuring) en 110 klachten (90% van Dienst Vreemdelingenzaken), maar wijst sancties af wegens bevoegdheidsversnippering (FOD vs. Vlaams ABB), terwijl geen van beide instanties ingrijpt. Van Hoecke framet het als migratieprobleem: gemeenten, overbelast door "ongecontroleerde migratie" (44% niet-EU’ers werkloos, 40% leeflonen naar hen), eisen herinvoering van vestigingsstops voor niet-EU’ers—een afgeschaft instrument uit de Verhofstadt-era—maar de minister ontwijkt steun. Vandemaele eist daadkracht tegen de "rechtsstaatundermijerende" praktijken en wijst op partijpolitieke verantwoordelijkheid (burgemeester is CD&V-lid), terwijl beide partijen elkaar de schuld geven zonder concrete oplossing.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, voor Bert Janssens 15 dagen, voor Mieke Vandenbroucke 16 dagen. Dat is de tijd die men nodig heeft in Aalter om met een Vlaamse naam gedomicilieerd te geraken. Voor Youssef El Yakhloufi 307 dagen en voor Mayada El Kaddouri 299 dagen. Opvallend toch dat mensen die geen Belgisch klinkende naam hebben, negen keer langer moeten wachten voor ze gedomicilieerd geraken in Aalter. Is dat toeval? De steekproef die Pano en De Morgen gedaan hebben, maakt alvast duidelijk dat er een patroon is. Het heeft er alle schijn van dat in Aalter gediscrimineerd wordt op basis van afkomst bij het toekennen van domicilie.

Voor mensen met een niet-Belgische naam wordt er consequent een woonstkwaliteitscontrole gekoppeld aan het verkrijgen van die domicilie. Vier van de 77 controles vorig jaar waren voor mensen met een Belgische naam. Alle andere waren voor mensen met een naam die niet-Belgisch klinkt.

Is het toeval? Zoveel toeval dat er 110 klachten binnengekomen zijn bij de FOD Binnenlandse Zaken? Er was zelfs iemand die een opstel moest schrijven over waarom hij het verdiende om inwoner van Aalter te worden voor hij de nodige documenten kreeg. Collega's, daar is een woord voor: discriminatie.

We horen van medewerkers bij het OCMW ook dat er op een illegale manier informatie werd opgevraagd door de burgemeester, dat er sturing is bij het toekennen van sociale steun en dergelijke meer. Collega's, we waren vorig jaar allemaal verontwaardigd over wat er gebeurd is in een andere gemeente. Ik moet zeggen dat ik die verontwaardiging vandaag mis.

Mijnheer de minister, wat zult u daaraan doen? Ik hoor immers dat het Vlaamse ABB kijkt naar de FOD Binnenlandse Zaken (…)

Alexander Van Hoecke:

Mijnheer de minister, al jarenlang kampt onze samenleving met de verschrikkelijke gevolgen van massale en ongecontroleerde migratie. Ook onder de regering-De Wever blijft die voortduren. Weet u, mijnheer de minister, aan dit tempo zal tegen 2044 maar liefst de helft van de inwoners van dit land van niet-Belgische herkomst zijn. Onze samenleving kreunt daaronder. Onze burgemeesters kreunen daaronder. Onze lokale besturen kreunen daaronder.

Het zijn die lokale besturen, die in de praktijk vaak het eerst te maken krijgen met dat probleem, die daarmee geconfronteerd worden, die vandaag wanhopig op zoek zijn naar oplossingen om dat probleem het hoofd te bieden. Oplossingen die ze vandaag niet hebben. U weet het, mijnheer de minister, maar liefst 44,2 % van de niet-EU-vreemdelingen in dit land werkt niet. In dit land gaat meer dan 40 % van de leeflonen naar niet-EU-vreemdelingen. Beseft u wat voor impact dat heeft op de samenleving? Beseft u wat voor impact dat heeft op een kleine gemeente?

Mijnheer de minister, we hebben in de vorige legislatuur een wetsvoorstel ingediend, een wetsvoorstel dat we onmiddellijk opnieuw zullen indienen. Eigenlijk gaat het om een oude wet die is afgeschaft onder de regering-Verhofstadt. Die wet maakte het voor gemeenten mogelijk zelf te zeggen: genoeg is genoeg. Die wet reikte gemeenten de tools aan om ervoor te zorgen dat ze een vestigingstop konden invoeren voor niet-EU-vreemdelingen als zij die niet langer kunnen absorberen.

Mijn vraag aan u, mijnheer de minister, is eigenlijk heel eenvoudig. Bent u bereid ons daarin te steunen? Bent u bereid onze gemeenten daarin te steunen? Of maakt u deel uit van het probleem en laat u het probleem gewoon voort etteren?

Bernard Quintin:

Mijnheer Vandemaele, mijnheer Van Hoecke, ik heb kennisgenomen van de problemen met de inschrijvingen in het bevolkingsregister in Aalter. Ik licht eerst de procedure en de termijnen toe. Een burger moet binnen de acht dagen een nieuwe adreswijziging aan de gemeente melden. Binnen de vijftien dagen vindt dan een woonstcontrole plaats. Dat betekent dat een inschrijving in het bevolkingsregister ongeveer drie weken in beslag neemt.

Naar aanleiding van de vragen heb ik informatie bij mijn diensten opgevraagd. Ik kan u het volgende meedelen. Sinds eind 2023 werden er 110 klachten bij de Algemene Directie Identiteit en Burgerzaken ingediend, waarvan 90 % afkomstig is van de Dienst Vreemdelingenzaken. Hoewel het merendeel van de dossier inmiddels is afgehandeld, blijven er nog vier openstaande dossiers van augustus 2024 en een van juli 2024 over.

Wanneer de FOD Binnenlandse Zaken een klacht via de Dienst Vreemdelingenzaken of rechtstreeks van een burger ontvangt, wordt de gemeente Aalter onmiddellijk gevraagd om een onderzoek in te stellen. Uit analyse blijkt dat de procedure voor adreswijziging en registratie in het Rijksregister in Aalter lang duurt. Dat komt vooral omdat elke aanvraag voor een adreswijziging eerst door het schepencollege moet worden goedgekeurd voordat een controle van de woonkwaliteit en domiciliecontrole kan plaatsvinden. Daarnaast past de gemeente Aalter het systeem van de voorlopige inschrijving in het bevolkingsregister niet toe, zoals voorgeschreven door de FOD Binnenlandse Zaken. De FOD Binnenlandse Zaken heeft de problematiek al bij de gemeente Aalter aangekaart.

Op 13 mei 2024 vond hierover een overleg plaats tussen de bevoegde schepen en de directeur Bevolking van Aalter en de Algemene Directie Identiteit en Burgerzaken van de FOD Binnenlandse Zaken. De FOD Binnenlandse Zaken heeft echter geen bevoegdheid om sancties aan gemeenten op te leggen, dat behoort tot de verantwoordelijkheid van de regionale overheden, in dit geval het Vlaams Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB). Het sanctioneren van een lokaal bestuur behoort tot de bevoegdheid van de regio's. De FOD kan alleen een dossier opstarten wanneer een gemeente een negatieve beslissing neemt.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, men wijst mekaar met de vinger. Het ABB zegt dat de FOD Binnenlandse Zaken verantwoordelijk is. De FOD Binnenlandse Zaken zegt dat het de verantwoordelijkheid van het ABB is. Mijnheer de minister, het is uw verantwoordelijkheid om echte oplossingen te bieden.

U wees er gisteren in de commissie op dat u te veel regimes had gezien die de principes van de rechtsstaat niet ernstig nemen om niet als eerste op de barricades te staan. Welnu, u hebt hier de kans om niet alleen in woorden – paroles, paroles, paroles –, maar ook in daden te tonen dat u de rechtsstaat ernstig neemt, en om, eventueel samen met uw collega's van de Vlaamse overheid, in te grijpen. Hetgeen hier gebeurt, begrijp ik immers niet.

Mijnheer Mahdi, u kunt ook ingrijpen. U zou bijvoorbeeld de betrokken burgemeester, die lid is van uw partij, kunnen herinneren aan het principe van christelijke barmhartigheid.

Alexander Van Hoecke:

Mijnheer de minister, ik had er een beetje voor gevreesd, maar u behandelt een enorm samenlevingsprobleem als een juridisch probleem. De gevolgen van migratie op onze gemeenten zijn geen juridisch probleem. De regering blijft gewoon het licht van de zon ontkennen. Ik ben heel benieuwd wat de Vlaamse regering zal doen. Zal zij bijvoorbeeld boetes uitschrijven, omdat burgemeesters initiatieven nemen? Het probleem is niet dat die inschrijvingsprocedures te lang duren. Dat is het symptoom. Het probleem is dat onze gemeenten overspoeld worden en dat onze burgemeesters wanhopig op zoek zijn naar een oplossing. Het probleem is dat onze gemeenten het slachtoffer zijn van uw wanbeleid. Ik wil iedereen in het halfrond nogmaals oproepen om ons wetsvoorstel te steunen. Schrijf het desnoods klakkeloos over, u hebt mijn toestemming. Dien het in onder uw eigen naam als u wilt, maar steun het en zorg ervoor dat onze gemeenten, onze burgemeesters het hoofd kunnen bieden aan die problemen.

mobiliteit en transport

De aanhoudende stakingen bij de NMBS
De nieuwe stakingen bij de NMBS, de staking te veel?
De stakingen bij de NMBS
De stakingen bij de spoorwegen
NMBS stakingen en hun impact

Gesteld aan

Jean-Luc Crucke (Minister van Mobiliteit, Klimaat en Ecologische Transitie)

op 20 maart 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De recordaantal spoorstakingen (19 dagen in 3 maanden, met 88 geplande stakingsdagen tot augustus) verlamt het openbaar vervoer, waarbij minoritaire vakbonden (met radicale eisen zoals pensioen op 55) reizigers gijzelen als politiek pressiemiddel tegen de bezuinigingsplannen van de regering (700 miljoen euro efficiëntiewinst, minder personeel, afbouw pensioenen). Minister Crucke belooft juridische stappen tegen misbruik van stakingsrecht en versterking van het minimale dienstverleningsgarantie, maar weigert structureel in te grijpen in het sociaal overleg, ondanks draagvlakverlies voor vakbonden en strategische risico’s (bv. logistieke verdedigingscapaciteit). Kernconflict: regeringsplannen (minder kosten, meer flexibiliteit) botsen met vakbondseisen (behoud statuut, pensioenen), terwijl reizigers en bedrijven de hoofddupe zijn—zonder concrete oplossing op korte termijn.

Irina De Knop:

Mijnheer de minister, laten we eerlijk zijn, de stakingen waarmee de vele tienduizenden reizigers de voorbije weken en maanden af te rekenen hebben, zijn echt een schande. Sommigen spreken zelfs over pestgedrag en ik kan hun geen ongelijk geven. De ene vakbond wil nog straffer doen dan de andere als het gaat over syndicale acties.

Ik vraag me trouwens af hoe het eraan toegaat bij de vakbonden. Vraagt de ene bij de bespreking van de te voeren acties of twee dagen volstaan om de regering te treffen, waarna de andere er een schep bovenop doet door zes dagen te willen staken en een derde ten slotte oproept om twee weken te staken, zodat men wel zal moeten luisteren. Zou het er zo aan toegaan?

Mijnheer de minister, ondertussen is er natuurlijk de harde realiteit: de acties volgen elkaar in snel tempo op. In het regeerakkoord lezen we dat de arizonaregering er alles aan wil doen om de vakbonden hun historische rol te laten spelen. Dat nemen ze bij de vakbonden natuurlijk heel serieus. Verder staat in het regeerakkoord dat het stakingsrecht gegarandeerd moet blijven. Ook dat nemen ze heel serieus. Maar wat met de rechten van de treinreiziger? Waar is het respect voor hen?

Mijnheer de minister, hoelang zult u het sociaal overleg nog kansen geven? Hoelang zult u het nog aanzien? Wanneer zult u eindelijk ingrijpen?

Gilles Foret:

Monsieur le ministre, quelle belle cravate! Dommage pour la couleur…

"Quand la grève devient la norme et les trains qui roulent l'exception…" Voilà le titre de l'édito de Sudinfo ce matin. Il faut malheureusement bien reconnaître, monsieur le ministre, que la formule employée résume parfaitement la situation que doivent endurer des milliers de travailleurs, des étudiants, des touristes et d'autres usagers du rail depuis plusieurs semaines. Et les perspectives des cinq prochains mois ne sont guère plus réjouissantes quand on fait le compte des grèves annoncées: une grève du 23 au 30 mars, une grève générale le 31 mars, six autres journées en avril, deux semaines supplémentaires en mai et puis un peu en juin, évidemment. Et pourquoi ne pas aller plus loin en juillet et en août et proposer des grèves estivales les vendredis et samedis pour bien plomber les vacances de ceux qui en auront bien besoin?

Je ne peux que rejoindre les directions de la SNCB et d'Infrabel, qui condamnent fermement ces grèves. Ces actions sont inacceptables, irresponsables et disproportionnées. Elles pénalisent les 900 000 voyageurs transportés chaque jour ainsi que, ne l'oublions pas, les entreprises qui font le pari du fret ferroviaire pour transporter leurs marchandises. Si l'on voulait plomber le shift modal, on ne s'y prendrait pas autrement! Les raisons de ces grèves préventives, punitives, restent les mêmes: les pensions, alors même qu'aucune mesure gouvernementale n'a encore été prise ni même discutée!

Je n'ose pas non plus imaginer quelle serait la situation, monsieur le ministre, si votre prédécesseur n'avait pas mis en place le service garanti. Je tiens aussi à saluer le personnel de la SNCB et d'Infrabel qui se rendent disponibles durant ces jours de grève afin d'assurer une certaine continuité du service de transport ferroviaire de personnes.

Monsieur le ministre, où en sont les consultations avec les syndicats? Avez-vous encore prise sur le dialogue social, qui semble hors de contrôle? Comment comptez-vous limiter l'impact de ces grèves à répétition pour les usagers? Allez-vous renforcer rapidement la législation sur le service garanti?

Dimitri Legasse:

Monsieur le ministre, les grèves continueront, parce que vous n'avez pas pu rassurer les travailleurs. Vous n'avez d'ailleurs pas vraiment répondu à leurs questions. Non, aujourd'hui, ce n'est pas le 1 er mai, c'est théoriquement la Journée mondiale du bonheur. Mais, pour les gens qui travaillent sur le rail, ce ne l'est vraiment pas. Les travailleurs s'inquiètent de vos projets de restructuration du rail. Thierry, un accompagnateur de ma commune, m'en parlait encore il y a quelques jours; Gérald, mon cousin qui travaille chez Infrabel, m'en parlait également.

Votre gouvernement a confirmé sa volonté d'économiser 700 millions sur les entreprises du rail. Et, hier, vous avez confirmé en commission ces économies, tout en reprenant les termes du contrat de votre prédécesseur, c'est-à-dire renforcer le réseau, élargir l'offre, améliorer la ponctualité. Mais, pour cela, vous demandez aux travailleurs d'en faire plus, en leur garantissant moins de moyens. Ce n'est pas crédible. La recette proposée aux 28 000 travailleurs, c'est plus de flexibilité, plus de productivité, moins de droits. Monsieur le ministre, on parle de métiers qui fonctionnent 365 jours sur 365, par tous les temps, pour préparer les trains et accompagner les usagers. Être disponible la nuit et le jour, travailler à pauses, et ce, en subissant près de 2 000 agressions par an selon les derniers chiffres.

Vos réformes, monsieur le ministre, c'est moins de trains, moins de services en gare, moins d'arrêts et une dégradation de la qualité du service ferroviaire. Vous avez encore la possibilité d'inverser les choses. Un calendrier de négociations avait été fixé. Quand allez-vous défendre vraiment les travailleurs et les usagers du rail? Les deux sont indissociables. Que comptez-vous faire pour sortir de cette situation de crise?

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, de arizonaregering en uw ministerschap zijn nog geen drie maanden ver. Op die drie maanden telden we al 19 dagen spoorstaking. Dat is nu al een record. Is dat veel? Ja, dat is veel. 2025 is nu al een recordjaar in vergelijking met de voorgaande tien jaren en het is nog geen drie maanden ver! Als we alle aangekondigde stakingsdagen in het overzicht opnemen, dan komen we tegen eind augustus aan 88 stakingsdagen, gedurende dewelke de treinreiziger in de kou blijft staan. Protesteert het personeel vandaag tegen de NMBS, zoals meestal het geval is? Nee, die mensen protesteren tegen uw beleid, tegen uw ingrijpen in hun sociaal statuut, tegen uw ingrijpen in hun pensioen.

Wat zullen we zeggen tegen al wie vandaag in de kou blijft staan? Ik ken werknemers die door de staking niet op hun werk geraken. Wat moeten zij doen? Moeten zij verlof nemen? Wie heeft er 88 vakantiedagen? Wat zegt u aan de studenten die niet in de les geraken? Wat zegt u tegen de families die een uitstap naar zee willen maken?

Men heeft het over 675 miljoen euro efficiëntiewinsten, maar het is geen geheim op wiens kap die worden gemaakt, namelijk op die van het personeel.

We moeten net kunnen rekenen op een sterker openbaar vervoer, een groter aanbod, betere dienstverlening en meer stiptheid. Hoe zult u dat verwezenlijken? Uw beleid is daarvoor alvast geen optie.

Mijnheer de minister, u mag de treinreiziger niet langer meer in de kou laten staan. U moet erover waken dat de besparingen het NMBS-personeel en de treinreizigers via de stakingen niet treffen. Mijnheer de minister, hoe gaat u met mijn oproep aan de slag?

Jean-Luc Crucke:

Depuis l'entrée en fonction du gouvernement, notre pays a été effectivement confronté à une série de mouvements de grève dans le secteur ferroviaire, totalisant à ce jour, contrairement à ce qui a été dit, 11 jours d'arrêt de travail, avec une projection de 18 jours d'ici la fin du mois de mars. Ces actions, principalement initiées par les syndicats minoritaires, ont fortement perturbé le réseau ferroviaire, suscitant un mécontentement croissant parmi les usagers et l'ensemble de la population.

Je tiens à rappeler que les grèves qui surviennent actuellement dans le secteur ferroviaire sont exclusivement motivées par des mesures prises sur la base d'un accord de gouvernement. Cet accord a été négocié dans le cadre d'un exercice démocratique. Il a été adopté après les élections qui ont dégagé des majorités politiques claires et qui ont été suivies d'une négociation gouvernementale rigoureuse. Dès lors, il n'appartient pas à de petits syndicats, représentant une minorité de travailleurs du rail, de bloquer aujourd'hui tout un pays et de prendre en otage la majorité de nos concitoyens. J'entends que l'on dit "Ça, c'est vrai". Quand on dit ça, c'est que ce qu'on dit normalement n'est pas vrai. Mais cela, c'est vrai aussi: je rencontre des travailleurs du matin au soir qui me disent qu'ils veulent travailler.

Niettemin wil ik opnieuw mijn onwrikbaar engagement bevestigen voor het sociaal overleg, de hoeksteen van onze democratie en de arbeidsverhoudingen. Het is essentieel een onderscheid te maken tussen de representatieve vakbonden, die de stem van de meerderheid van het spoorwegpersoneel vertegenwoordigen, en de kleine vakbonden, die slechts een kleine fractie van het personeel vertegenwoordigen en niet geïntegreerd zijn in de officiële structuur van het sociaal overleg. Laatstgenoemde vakbonden nemen een radicale houding aan die erop is gericht de regering te destabiliseren en dat is onaanvaardbaar. Eén beweging voert geen traditionele sociale staking, maar een politieke staking. Ze weigert te erkennen dat een pensioen op 55 jaar in de huidige sociaal-economische context niet langer houdbaar is.

Het is zorgwekkend vast te stellen dat er momenteel meer stakingsdagen dan werkelijk gewerkte dagen zijn. De situatie is dat degenen die hun beroep willen uitoefenen, dat niet kunnen doen, waardoor de continuïteit van de openbare dienst wordt belemmerd. In een tijd waarin de spoorwegmaatschappijen voor grote uitdagingen staan, zoals de voorbereiding van de liberalisering van de sector en het garanderen van een efficiënte dienstverlening, ondermijnen die verstorende acties de fundamenten van ons spoorwegsysteem en de sociale dialoog die daaraan ten grondslag ligt. Dergelijk gedrag is suïcidaal voor het bedrijf.

Mijn geduld heeft net als het geduld van de pendelaars zijn grenzen. Het stakingsrecht is niet absoluut. Een staking op een dergelijke schaal is een onredelijke en onrechtmatige inmenging in de goede werking van de openbare dienst van de Belgische spoorwegen. De nationale en de Europese rechtspraak erkennen dat grenzen kunnen worden gesteld aan het stakingsrecht om de rechten en vrijheden van anderen te vrijwaren, in het bijzonder het recht op vrij verkeer en de vrijheid van ondernemerschap. Daarom heb ik de juridische afdeling van HR Rail de opdracht gegeven om alle mogelijkheden te bestuderen om misbruik van stakingsattesten te weigeren met behulp van de juridische instrumenten waarover de dienst beschikt.

Enfin, le contexte géopolitique actuel est marqué par des tensions accrues en Europe, ravivant les préoccupations concernant la sécurité sur notre continent. Des voix s'élèvent pour alerter sur la possibilité d'un conflit majeur en Europe, incitant les nations à renforcer leur préparation militaire.

La Belgique, en tant que membre de l'Union européenne et de l'OTAN, se doit de prendre ces avertissements au sérieux et d'adapter ses infrastructures en conséquence.

Le secteur ferroviaire joue un rôle crucial dans la logistique militaire, notamment pour le transport des troupes et du matériel. Il est donc impératif que notre réseau ferroviaire demeure opérationnel et fiable, surtout en période de tensions internationales. Les grèves répétées compromettent cette capacité stratégique et mettent en péril notre aptitude à répondre efficacement à d'éventuelles crises.

Le gouvernement reste fermement engagé en faveur de la concertation sociale et de l'équilibre budgétaire. Mais notre priorité est aussi de garantir un service ferroviaire efficace et fiable pour tous les citoyens, tout en assurant une gestion responsable des finances publiques et en préservant les droits fondamentaux. Le monde syndical doit le comprendre, et nous persisterons.

Irina De Knop:

Mijnheer de minister, het is hartverwarmend om te merken dat u dezelfde analyse maakt, maar het is natuurlijk wel uw verantwoordelijkheid en die van uw regering om ervoor te zorgen dat deze gijzeling stopt. Dat is wat onze reizigers verdienen.

Collega's, waarvoor strijden die vakbonden nu eigenlijk? In onze buurlanden is de pensioenleeftijd veel hoger dan in ons land. Is dat beroep daar dan zoveel minder zwaar dan hier?

Mijnheer de minister, het zal u misschien verrassen, maar ook wij vinden dat de vakbonden een rol te spelen hebben. Vandaag spelen ze echter een verkeerde rol. Hetgeen sommige vakbonden vandaag doen is syndicaal fundamentalisme en dat haalt het draagvlak voor het sociaal overleg volledig onderuit. Reizigers gijzelen om het onverdedigbare te verdedigen, dat is wat zij doen.

Gilles Foret:

Monsieur le ministre, je vous remercie pour vos réponses et les différents éléments que vous avancez.

Les annonces des prochains jours de grève nous inquiètent tous, qu'on soit travailleur, parent, étudiant. Il faut absolument trouver des solutions. Il faut reprendre un véritable dialogue social. Il faut mettre fin à l'exercice du droit de grève qui est utilisé abusivement. Il faut restaurer la liberté de pouvoir se déplacer et de se rendre rapidement sur son lieu de travail ou d'apprentissage. Il faut aussi permettre qu'en cas de grève, le service garanti soit plus efficace. Nous comptons sur vous pour renforcer ce dispositif qui a été mis en place par votre prédécesseur, M. Bellot.

Monsieur le ministre, vous pouvez compter sur le groupe MR pour avancer avec vous et avec tous les utilisateurs du rail pour faire en sorte que ce soit un mauvais souvenir et que le rail redevienne attractif, comme on le souhaite.

Dimitri Legasse:

Monsieur le ministre, votre seule réponse, c'est d'opposer les syndicats et les travailleurs aux usagers. Vous laissez les 28 000 travailleurs inquiets sans réponse et vous attaquez les prérogatives des syndicats. Ce n'est pas en envisageant les choses comme cela que vous arriverez à rétablir le dialogue. Ce n'est pas non plus en envisageant de fermer des points d'arrêt et des gares dans les zones rurales que vous augmenterez l'attractivité du rail.

Nous avons entendu vos ambitions, mais je crains qu'il ne reste que des slogans, que ce ne soit que des slogans. Monsieur le ministre, je vous appelle vraiment à rétablir le dialogue avec les syndicats, autrement que vous le faites aujourd'hui, et à ne pas les opposer les uns aux autres. Il y a encore effectivement de nombreux jours de grève devant nous. Il ne tient qu'à vous d'entrer en contact avec eux différemment qu'en les insultant parfois littéralement, me semble-t-il. Je vous remercie.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, u verwijst naar het aantal vakbonden en naar het feit dat er grote en kleine vakbonden zijn. Zou het handig zijn mochten die acties meer op elkaar afgestemd zijn? Ja. Maar die verschillende vakbonden waren er de afgelopen jaren ook al. Toen was er ook al die tendens waarbij ieder zijn eigen boodschap wil uitdragen. Nu zien we echter dat er veel stakingen uitbreken omdat er nu heel veel onrust is door uw plannen. Het is dus van groot belang om met al die mensen aan tafel te gaan zitten en te zorgen voor een veel sterker openbaar vervoer, met een betere en stiptere treinbediening. Ik ben ervan overtuigd dat het personeel en de treinreizigers dat willen. Het zal aan u zijn om dat voor de treinreizigers waar te maken, zodat zij niet langer in de kou blijven staan, want zij zijn het allergrootste slachtoffer.

veiligheid, justitie en defensie

De EU-top van 6 maart over defensie en de steun aan Oekraïne
De Belgische positie in het internationale veiligheidsbeleid
De Europese defensietop na de recente wijzigingen van het Amerikaanse beleid ten aanzien van Oekraïne
Het ReArm Europe-plan, de defensietop van 6 maart en de steun aan Oekraïne
De besluiten en de uitwerking van de EU-top van 6 maart te Brussel
EU-top 6 maart: defensie, Oekraïne-steun, internationaal veiligheidsbeleid

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 13 maart 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om Europese defensieautonomie en financiering na Trumps onbetrouwbare VS-beleid en Poetins agressie, met België onder druk om 4 miljard extra te investeren. Magnette (PS) eist dat Poetin (niet burgers) betaalt en waarschuwt voor dure, inefficiënte Amerikaanse wapenaankopen (bv. F-35’s), terwijl De Wever (N-VA) en Van den Heuvel (CD&V) pleiten voor Europese samenwerking, industriële integratie en strategische autonomie—zonder versnippering of paniek. Critici (Aerts, Ponthier) vrezen ongedekte cheques en escalatie, terwijl Safai (N-VA) het EU-plan *"ReArm Europe"* (800 mjd) als historisch scharniermoment omarmt.

Paul Magnette:

Monsieur le premier ministre, l'heure est grave! Depuis son retour à la tête des États-Unis, Donald Trump sème le désordre partout. Il sème le désordre autour des États-Unis avec ses projets d'annexion du Groenland et du Canada. Il sème le désordre au Proche-Orient avec ses projets délirants pour la bande de Gaza et son soutien inconditionnel au gouvernement Netanyahou. Il sème le désordre chez nous avec ses mesures douanières qui menacent notre économie et nos emplois. Et il sème le désordre à nos frontières avec son alliance à peine cachée avec le dictateur Poutine et le lâchage en rase campagne de Zelensky et du peuple ukrainien. Trump met le feu au monde! Il est aujourd'hui la première menace pour notre sécurité.

Les Européens doivent prendre leur sort en main. Ils commencent à le faire timidement. Après l'invasion de l'Ukraine par Poutine, en quelques mois, nous nous sommes débarrassés du gaz russe. Nous devons désormais nous passer des armes américaines. Cela impose, c'est vrai, un investissement massif en matière de sécurité, mais pas à n'importe quelle condition. Il faut d'abord tirer les leçons du passé.

Voici 10 ans, le premier gouvernement MR/N-VA a acheté des avions américains, fasciné par le soutien américain.

Ces F-35 nous ont coûté une fortune, 5 milliards, et peut-être ne décolleront jamais. Et votre ministre de la Défense veut à nouveau investir massivement dans de l'armement américain. Il ne faut pas refaire cette erreur. Les investissements doivent profiter à notre économie et à nos emplois.

Et puis, il y a bien sûr la question que tous les Belges se posent. Qui va payer? Qui va payer? Pour nous, la réponse est très claire. Ce ne doit pas être les travailleurs, ce ne doit pas être les pensionnés. Le responsable de la guerre, c'est Poutine et c'est Poutine qui doit payer.

Ma question est donc claire, monsieur le premier ministre. Êtes-vous prêt à vous rallier aux Européens qui veulent saisir les avoirs (…)

Koen Van den Heuvel:

Beste collega's, vandaag is er grote onzekerheid op wereldvlak, zoals we ook hier al gehoord hebben. Een wispelturige Amerikaanse president, die blijkbaar heel goed bevriend is met de Russische beer, dwingt ons in Europa tot keuzes om de veiligheid van onze gezinnen te waarborgen en de democratie van morgen veilig te stellen. Daarbij moeten we een gezonde ambitie tonen, want de tijd is rijp om als Europeanen onze verantwoordelijkheid op te nemen en onze strategische autonomie binnen Europa te versterken.

De extra veiligheidsinvesteringen in defensie zijn nodig. Daarbij telt niet alleen de kwantiteit, maar ook de kwaliteit. We moeten die middelen op de juiste, de meest efficiënte en strategische manier gebruiken. Het is niet de bedoeling dat we met onze goedgevulde portemonnee wereldwijd gaan shoppen. Ik denk dat we de juiste keuzes moeten maken. Dat wil zeggen dat we komaf moeten maken met de versnippering van de militaire investeringen binnen Europa. Gedaan met twaalf verschillende typen tanks, terwijl Amerika één tank heeft. Wij moeten kiezen voor meer Europese samenwerking, we moeten kiezen voor meer strategische autonomie binnen Europa en we moeten kiezen voor een sterke uitbouw van een goede innovatieve Europese defensie-industrie.

Mijnheer de premier, de voorbije weken nam u regelmatig deel aan Europees topoverleg, en dat zal in de toekomst nog meer gebeuren. Vandaar onze vraag welke boodschap u op Europees niveau zult brengen. Hoe ziet u de versterking van de militaire samenwerking binnen Europa? Hoe ziet u de uitbouw van een innovatieve, sterke Europese defensie-industrie? In welke mate speelt in uw ogen de Atlantische samenwerking daarin nog een versterkende rol?

Voorzitter:

Dan zijn er drie vragen die in de commissie werden ingediend en hier worden toegevoegd. De eerste vraag is van collega Aerts.

Staf Aerts:

Mijnheer de eerste minister, collega's, ik neem jullie even mee naar mijn keukentafel van afgelopen maandag. Ik heb drie kinderen van 11 jaar, 15 jaar en 17 jaar. De jongste, Kasper, vroeg, heel ongerust: "Zal mijn grote broer, die volgend jaar 18 wordt, naar het leger moeten gaan en moeten gaan vechten in Oekraïne?" Zo ongerust zijn onze kinderen dus aan het worden. Die ongerustheid is er niet alleen bij onze kinderen, maar in onze hele samenleving.

Ik begrijp dat grotendeels, want de vernederende manier waarop Trump Zelensky vorige week in de hoek heeft gezet, tart alle verbeelding. Poetin is al langer een agressor, maar de VS toont zich echt als een ongelooflijk grote onbetrouwbare speler.

Wat ondertussen niet helpt om die onrust te bedaren, zijn politici die opgaan in het opbod, waarbij ze komen met meer miljarden, met F-35's die men wil bijkopen, Amerikaanse dan ook nog, en met drones. Iedereen heeft noodpakketten nodig. Net nog hoorde ik: pas op, want straks staan de Russische troepen hier op de Grote Markt in Brussel.

Dat gaat de onrust niet wegnemen. Neen, wat wij nodig hebben, zijn politici die niet panikeren maar organiseren, die het hoofd koel houden en die doordacht en samen met Europese partners het gesprek aangaan. Dat betekent meer Europese samenwerking, meer samenwerking, want anders gaan we de fouten maken die we al tientallen jaren aan het maken zijn. Elk land investeert in zijn eigen kleine legertje en internationaal staan we nergens. Dat betekent niet alleen investeren in defensie, maar ook in eerlijke vrede en veiligheid. Dat doen we met meer diplomatie, met meer ontwikkelingssamenwerking. Dat is net hetgene waarop u wil gaan besparen.

Mijnheer de eerste minister, hoe gaat u ervoor zorgen dat we met België volop voor meer Europese samenwerking gaan op al die domeinen van veiligheid?

Darya Safai:

Mijnheer de premier, de 27 lidstaten van de Europese Unie zijn het op de speciale Europese top in Brussel eens geworden over een ambitieus plan voor het versterken van de Europese defensie. Het plan, 'ReArm Europe', is goed voor 800 miljard euro.

Deze top zal de geschiedenis ingaan als de dag waarop Europa eindelijk wakker werd, de dag waarop wij onze harde veiligheid eindelijk opnieuw ernstig namen en de dag waarop onze defensie ontwaakte. Het is een scharniermoment waarop toekomstige generaties zullen terugkijken.

Nu moeten we belangrijke beslissingen nemen. Wij kunnen Europees wegen, op voorwaarde dat we over onze eigen schaduw heen stappen en met een duidelijke visie naar buiten komen. Een juiste visie vergt ook investeringen in defensie.

Mijnheer de premier, zoals u al eerder hebt gezegd, moeten er miljarden euro worden gezocht. Dat is juist. Ik ben blij dat u zich inzet om zo snel mogelijk de minimumnorm van de NAVO te bereiken en de geloofwaardigheid van dit land te herstellen.

Mijnheer de premier, wat zijn de voornaamste conclusies die u trekt na afloop van de Europese top?

Hoe ziet u de verdere Europese samenwerking en de opbouw van de strategische autonomie?

Annick Ponthier:

Mijnheer de premier, de geopolitieke veranderingen komen in sneltempo voorbij. Eerst was er de aangekondigde terugtrekking van de VS-steun aan Oekraïne en aansluitend daarop vond vorige week de Defensietop plaats, waarop Ursula von der Leyen het ReArm Europe plan lanceerde ten belope van 800 miljard euro. Het merendeel daarvan, 650 miljard, zou moeten komen van extra uitgaven van de lidstaten en de rest van leningen.

Wat vaststaat, is dat de sense of urgency wat betreft de versterking van onze nationale en Europese defensiecapaciteit bij vrijwel iedereen begint te dagen. Intussen ligt er een voorstel tot staakt-het-vuren op tafel, met de steun van de VS en Oekraïne en vernemen we vandaag dat het Russische regime zijn eigen eisen ter zake stelt. In elk geval lijkt de diplomatie het op dit moment te halen van de oorlogsretoriek. Dat verhinderde uw minister van Defensie echter niet om tijdens het bilateraal overleg met president Zelensky maar liefst 1 miljard euro extra militaire steun te beloven.

Er blijven nog veel vragen onbeantwoord over de verdere afwikkeling van dit conflict en ik wil u dan ook graag de volgende vragen stellen. Wat betekent het ReArm Europe plan voor België en de inspanningen of het vlak van defensie? Wat betekent dit voor onze defensie-industrie? Wat als er effectief een staakt-het-vuren komt of op termijn een vredesakkoord? Welke rol zal België dan volgens u moeten spelen?

Bart De Wever:

Monsieur Magnette, je comprends votre manque d’enthousiasme à l’égard de M. Trump, mais dire, en tant que pays membre de l’OTAN, que les États-Unis sont la première menace pour notre sécurité est un non-sens dangereux. Tout comme l’est le fait de dire qu’il suffirait simplement de saisir les avoirs gelés, et je pense que vous le savez. J’appelle tout le monde au calme, à rester serein et à dire moins d’inepties.

Le 6 mars s’est tenu un Conseil européen extraordinaire. L’ordre du jour portait sur deux grands thèmes: l’Ukraine et la défense européenne. Cette réunion faisait suite à la réunion informelle en matière de défense de février, au cours de laquelle il fut question de renforcer la capacité de l’Union européenne à faire face aux menaces sécuritaires actuelles et futures.

Permettez-moi de commencer par les conclusions relatives à la défense. Il est clair que la capacité de défense européenne doit être renforcée. L’Union européenne prévoit dès lors des possibilités pour encourager les États membres à dépenser davantage en matière de défense. Elle présentera des décisions concrètes à ce propos au cours du Conseil européen du 20 mars. Comme je viens de l’exposer, nous devrons en tout cas accélérer l’augmentation de notre budget.

In de Raad hebben alle leiders unaniem de wil uitgesproken om onze strategische afhankelijkheden te verminderen en de kritieke capaciteitsgaten op te vullen. Sommigen menen blijkbaar dat dit heel eenvoudig is, maar het zal tijd vergen. We moeten in de toekomst maximaal op onszelf kunnen rekenen bij bedreigingen van onze veiligheid. Tot zolang zou ik alle anti-Amerikaanse statements eerlijk gezegd achterwege laten. Minstens tot zolang.

Om dat te realiseren, zal de Europese defensie-industrie zich dus maximaal moeten gaan ontplooien. Daarbij zullen inderdaad – mijnheer Van den Heuvel, u hebt dat aangeraakt – moeilijke maar levensnoodzakelijke keuzes gemaakt moeten worden inzake de integratie van die industrie op Europees niveau, en dus ook inzake de integratie van militaire capaciteiten. We weten dat allang. Het is een moeilijke weg, maar de dingen bewegen nu wel heel snel.

Voor de financiering van al die ambities wordt de Europese Investeringsbank vanaf nu niet langer ontmoedigd, maar gestimuleerd om te investeren in de defensiesector. Daarnaast zal er zeker mobilisatie nodig zijn van privékapitaal. Dit onderstreept eens te meer de noodzaak van een kapitaalmarktenunie om investeringen efficiënter en sneller te laten doorstromen. Ook hier, we weten dat allang, vergt dit moeilijke keuzes die vandaag echter snel noodzakelijk worden.

Commissievoorzitter Von der Leyen komt zeer binnenkort, normaal gezien volgende week, met een witboek over de toekomst van de Europese defensie, op basis waarvan de Raad naar ik hoop snel de nodige beslissingen zal kunnen nemen.

En ce qui concerne l'Ukraine, 26 É tats membres de l'Union, à l'exception de la Hongrie, ont réaffirmé leur soutien indéfectible à ce pays et à son intégrité territoriale.

Ik mag eigenlijk hopen dat we daar allemaal achter staan, dat we allemaal achter de steun voor Oekraïne staan; tenzij we tot de vijfde colonne van Poetin zouden behoren.

L'Union continuera de soutenir l'Ukraine par tous les moyens possibles: politiques, financiers, humanitaires et aussi militaires. Et j'en suis fier! En parallèle, l'Union maintiendra la pression sur la Russie grâce aux sanctions et à leur application renforcée. L'objectif reste qu'une Ukraine aussi forte que possible puisse s'asseoir à la table des négociations, parce que c'est clair pour nous et pour l'Union européenne: l'Ukraine doit être pleinement impliquée dans les négociations sur son propre avenir. Cela s'inscrit dans le principe plus large de la paix par la force, peace through strength . Ce n'est qu'en étant fortes qu'une Ukraine et une Europe résilientes pourront obtenir une paix durable et juste.

Al de rest lijkt mij ook naïeve onzin die we hier beter niet zouden vertellen. Op 15 maart zal ik deelnemen aan de virtual of leaders meeting on Ukraine op initiatief van de Britse eerste minister Keir Starmer. Op 20 maart zal ook de Europese Raad opnieuw samenkomen. Oekraïne en defensie zullen opnieuw op de agenda staan, samen met een aantal andere cruciale thema’s, zoals de versterking van de Europese competitiviteit, economische veerkracht, migratie, buitenlandse relaties, het beleid rond oceanen en milieu en de laatste ontwikkelingen in het Midden-Oosten. Daarnaast zal deze Europese Raad een eerste aanzet geven tot de opmaak van het volgend meerjarig financieel kader, waar ongetwijfeld ook meer ruimte voor defensie zal moeten worden voorzien. Dat is de stand van zaken.

Paul Magnette:

Monsieur le premier ministre, votre réponse – comme vous éludez l'essentiel des questions, je ne sais pas si c'en est vraiment une – ne nous rassure pas. Dans une interview récente, vous avez déclaré que vous alliez augmenter les dépenses de 4 milliards et que vous alliez essayer, je cite, de "ne pas faire trop mal aux Belges". Mais vous faites déjà très mal aux Belges!

Vous faites déjà mal aux travailleurs, qui ne toucheront que quelques dizaines d'euros en plus dans quatre ans, et qui devront travailler plus longtemps, pour une plus petite pension. Vous faites mal aux pensionnés qui, en moyenne, perdront 1 000 euros par an. Vous faites mal aux invalides, aux personnes en situation de handicap, qui eux aussi, en moyenne, perdront 1 000 euros par an. Vous faites mal aux patients, qui subiront les conséquences de 2 milliards d'économies dans les soins de santé.

Et, aujourd'hui, vous n'apportez aucune réponse à la question de savoir qui va payer. Vous vous cantonnez à des déclarations extrêmement vagues. En vous écoutant, on ne comprend pas qui payera cet effort de guerre. Les Belges ne sont pas responsables des délires de Trump et de Poutine. Ce n'est pas à eux de payer, c'est inacceptable, et nous continuerons à nous y opposer, avec toutes nos forces!

Koen Van den Heuvel:

Mijnheer de premier, bedankt voor uw antwoord. Het is heel duidelijk, er zal in de toekomst heel wat meer geld naar defensie gaan. Toch is niet enkel de kwantiteit belangrijk, maar ook de kwaliteit. Voor ons is het heel duidelijk: wij willen niet langer een versnippering van militaire investeringen in Europa, maar wel een grotere Europese samenwerking, een grotere strategische autonomie binnen Europa en een sterkere Europese defensie-industrie.

Mijnheer de premier, we kunnen daar misschien als klein land een heel constructieve rol in spelen om het Europese orkest harmonieuzer te laten klinken. Ik wens u daarmee veel succes!

Staf Aerts:

Mijnheer de premier, collega's, vrede en veiligheid moeten voorop staan. We zullen dus meer moeten investeren in defensie. We kunnen ons immers niet verdedigen tegen Poetin met mes en vork. We moeten wel slim, strategisch en effectief investeren, niet in het wilde weg of holderdebolder.

Premier, ik heb uw oproep goed gehoord. U roept iedereen op om sereen en kalm te blijven, maar ik hoop dat uw minister van Defensie die oproep ook gehoord heeft. Hij is immers ballonnetje na ballonnetje aan het lanceren om het defensiebudget hoger te krijgen.

Waar dat geld vandaan zal komen, is vandaag echter nog niet geweten. Dat is nog een grote ongedekte cheque. Daarover moet echter zeer goed nagedacht worden. Laat ons die cheque ook niet opblazen door alleen maar op een slechte manier te investeren. Volg dus de oproep van de cd&v-collega's om in te zetten op meer efficiëntie en meer samenwerking binnen de Europese Unie. Dat is wat we vandaag absoluut nodig hebben in deze ongeruste wereld.

Darya Safai:

Dank u wel, premier, voor uw antwoorden, voor uw inzet en voor alle maatregelen die u treft voor onze veiligheid en onze toekomst.

Collega’s, in de huidige geopolitieke toestand mogen we geen freerider meer zijn. Wij moeten extra inspanningen leveren voor onze eigen veiligheid als gevolg van het non-beleid van de vorige regering. Nu het nieuwe Amerikaanse bestuur andere beslissingen neemt, komt de beslissing van de Europese Unie op een cruciaal moment voor Oekraïne en de Europese veiligheid. Zoals u zei, is het belangrijk dat we Oekraïne blijven steunen. Dat is trouwens ook goed voor onze eigen vrede en voor de welvaart in Europa.

Collega’s, elke crisis brengt opportuniteiten met zich mee. De huidige moeilijke tijden kunnen ons in staat stellen om ons beter voor te bereiden op de komende uitdagingen. Samen kunnen we die uitdagingen aan.

Annick Ponthier:

Mijnheer de premier, de vredesonderhandelingen die momenteel plaatsvinden en die een sprankeltje hoop op vrede in Oekraïne en op veiligheid in Europa bieden, moeten volgens ons alle kansen krijgen. We moeten dan ook uiterst omzichtig omspringen met beslissingen die een escalatie kunnen uitlokken of die het vredesproces kunnen dwarsbomen. Wat ons betreft, hebben we alle miljarden nodig om eerst onze eigen defensiecapaciteit herop te bouwen en onze samenleving en onze mensen veilig te stellen. Dus versterking van onze eigen defensiecapaciteit, ja. Versterking van onze eigen defensie-industrie, ja. Toekomstige generaties opzadelen met een gigantische schuldenberg via dat ReArm Europe plan, neen. Daartoe zullen een aantal heilige huisjes moeten sneuvelen. De oplossing ligt voor de hand: bespaar snel op migratie, bespaar op de politieke factuur en bespaar op de miljardentransfers.

economie en werk

De meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting
De meerwaardebelasting
Belasting op toegevoegde waarde

Gesteld aan

Jan Jambon (Minister van Financiën en Pensioenen)

op 13 maart 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de omstreden meerwaardebelasting (Jambontaks), waar de regering na zeven versies en interne tegenstrijdigheden nog steeds geen duidelijke modaliteiten voor heeft. Cd&v stelt voor de belastingvrije som te verdubbelen (van 10.000 naar 20.000 euro) om de middenklasse te sparen, maar de coalitiepartners (met name Vooruit) blokkeren dit, terwijl de opbrengstdoelstelling van 500 miljoen euro (de helft van Planbureaucijfers) onrealistisch lijkt door uitzonderingen. Kritiek richt zich op rechtsonzekerheid, discriminatie tussen beleggers en het risico op vernietiging door het Grondwettelijk Hof, terwijl oppositiepartijen de belasting afschilderen als een aanslag op Vlaamse spaarders en een politiek compromis zonder visie. Minister Jambon blijft vaag, verwijzend naar lopende administratieve voorbereidingen en de noodzaak van meerderheidsakkoord.

Steven Coenegrachts:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, deze regering is ondertussen zeven weken aan de slag. Ondertussen zijn we ook al aan versie 7 van de meerwaardebelasting. Vandaag wil cd&v het plafond van 10.000 naar 20.000 euro brengen.

Ik weet wat u zult roepen, ik weet wat u zult antwoorden. U zult het over de modaliteiten hebben. U had het daarover toen de premier voor zijn beurt sprak en de Vlaamse spaarder wilde beschermen. U had het daarover toen de geheime afspraken van sommige partijvoorzitters met de premier bekend werden en u sprak daarover ook toen u zelf moest toegeven dat de middenklasse getroffen werd.

Cd&v heeft het vandaag echter niet over een modaliteit. Cd&v verandert vandaag een afspraak die in het regeerakkoord staat. De heer Rousseau zei daarnet voor de camera's van Villa Politica dat morrelen aan het regeerakkoord een groot probleem is. De heer Mahdi zei dat hij zich grote zorgen maakt, als dat voor de heer Rousseau niet kan.

Welnu, mijnheer de minister, ik maak mij grote zorgen in uw plaats. Ik vraag mij af of u al spijt hebt. Hebt u al berouw? Hebt u berouw voor dat moment van zwakte, die nacht in de Koninklijke Militaire School toen u de meerwaardebelasting geslikt hebt? Het is immers de heilige graal van uw regering geworden. Iedereen ziet er ongelooflijk veel geld in, tot spijt van Paul Magnette trouwens, want hij wilde dat tarief verdubbelen zodra de PS weer in de regering komt. De heer Nuino van Les Engagés stelde echter dat men niet moet wachten op Paul Magnette, en dat deze regering dat wel zelf zal doen. Deze regering zal het tarief zelf verdubbelen.

Mijnheer de minister, wat vindt u? Wat vindt u van dit zevende voorstel over die meerwaardebelasting? Wat is uw reactie?

Lode Vereeck:

Mijnheer de minister, we vernamen ondertussen dat de premier het regeerakkoord wil heronderhandelen, een regeerakkoord 2.0, om miljarden te vinden voor defensie en om enkele losse eindjes vast te knopen. Een van die losse eindjes is de meerwaardetaks. Een los eindje zou ik dat niet noemen, want er is gewoon geen touw aan vast te knopen.

Wat met de discriminatie tussen kleine en grote beleggers? Wat met de beleggers met een belang van 19 %? Wat met historische minwaarden? Wat met de aftrek van kosten voor de verwerving van aandelen? Wat met de waardering van een niet-beursgenoteerd bedrijf? Wat met gespreide aankopen van aandelen? Wat met de dubbele belasting, zoals de Reynderstaks? Wat met geherinvesteerde meerwaarden?

De regering weet het niet, de premier weet het niet, de minister van Financiën weet het niet en de coalitiepartners spreken elkaar gewoon tegen.

Vandaag kopt de krant: "Wat met de fiscale vrijstelling op meerwaarden tot 10.000 euro?" De voorzitter van cd&v wil die verdubbelen tot 20.000 euro om de gewone beleggers en spaarders te ontzien. Daarmee zegt hij wat wij en alle fiscale experts al weken zeggen: de Jambontaks is geen taks op de superrijken, maar op de hardwerkende en sparende middenklasse, die vooral in Vlaanderen leeft.

Mijnheer de minister, ik heb twee vragen voor u. Ten eerste, is er maandag in de regering overeenstemming bereikt om die belastingvrije som voor particulieren op te trekken tot 20.000 euro? Ten tweede, wat is het effect op de fiscale opbrengsten? Hoe denkt u die te compenseren?

De collega van de PVDA wees er al op, naar verluidt zou uw beleidsnota al gelekt zijn in de pers. Is er eigenlijk nog sprake van een meerwaardebelasting in de laatste versie van uw beleidsnota?

Voorzitter:

Dan hebben we nog een vraag van de heer Vanbesien, die in de commissie was ingediend en hier wordt toegevoegd.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, ik heb iets meegebracht waarover ik het vandaag met u wil hebben: een los eindje. Als ik de pers mag geloven, is uw eerste minister momenteel fulltime bezig met het aanpakken van losse eindjes.

Dit los eindje gaat over de meerwaardetaks. We hebben er al veel vragen over gesteld en er is al veel over gezegd, maar uw antwoord is altijd hetzelfde, namelijk dat de precieze modaliteiten nog besproken moeten worden. Dat is een andere formulering voor "het is een los eindje". Nochtans klopt dat niet helemaal. Niet alle modaliteiten moeten nog worden besproken. Er is één modaliteit waarover iedereen in uw meerderheid het blijkbaar eens is: de belasting moet 500 miljoen euro opbrengen. Wat en hoe weten we nog niet, maar de opbrengst ligt vast op 500 miljoen. U hebt dat al herhaaldelijk gezegd en als u dat niet doet, dan is er nog altijd de arizonaluitenant Axel Ronse, die het ook overal rondbazuint.

Mijnheer de minister, het Federaal Planbureau heeft berekeningen gemaakt over zo'n meerwaardetaks. Als u een tarief van 10 % hanteert, zoals in uw regeerakkoord staat, brengt die meerwaardetaks 1 miljard op, niet 500 miljoen. Dat verschil is niet zomaar een afronding na de komma. Uw 500 miljoen is de helft van wat het zou moeten opleveren.

Ik heb dan ook maar een vraag voor u, mijnheer de minister. Hoe komt u aan die modaliteit waarover iedereen het eens is? Hoe komt u aan het getal van 500 miljoen euro opbrengsten uit de meerwaardetaks?

Jan Jambon:

Mijnheer Coenegrachts, zeven is een heilig getal. Misschien kunnen we het daarbij houden.

(…) : (…)

Jan Jambon:

Na zeven vette jaren komen er inderdaad zeven magere jaren.

Collega's, zoals ik altijd al gezegd heb, staat het kader voor de meerwaardebelasting in het regeerakkoord. Zo werd het ook afgesproken. De opdracht voor de concrete uitvoering daarvan werd gegeven aan de administratie, die daarmee vanaf dag één bezig is. Vroeg of laat zal ik met een wetsvoorstel naar de Kamer komen en zullen we alle modaliteiten kunnen bespreken. Een meerwaardebelasting is echter niet zomaar een cijfertje in een wetboek veranderen. Dat is een grondige aanpassing en mijn administratie werkt daar hard aan.

Ik heb ook kennisgenomen van het feit dat een van de regeringspartijen een modaliteit heeft voorgesteld op de meerwaardebelasting. Dat kan, maar dan moeten de vijf partijen daarmee akkoord gaan. We zullen in de volgende dagen en weken zien of we daarover binnen de meerderheid een akkoord kunnen vinden. Zo gaat dat namelijk met een regeerakkoord.

Meneer Vereeck, ik weet ook niet hoe mijn beleidsnota in de pers is gekomen. Ze kwam alleszins niet van bij ons op het kabinet. Ze kwam niet van bij ons. Dat kan ik u met de hand op het hart zeggen. U zult daarin inderdaad niets vinden over de meerwaardebelasting. U moet echter eens op Google zoeken naar 'solidariteitsbijdrage'. Dan zult u dat vinden, mijnheer Vereeck.

Ten slotte, en een beetje ernstiger, mijnheer Vanbesien, de berekening van het Planbureau houdt geen rekening met de voetvrijstelling die voorzien is. Ze houdt ook geen rekening met de uitzondering voor het aanmerkelijk belang.

Dat verklaart het verschil in omvang.

Steven Coenegrachts:

Mijnheer de minister, u hebt uw tijd niet volledig opgebruikt. Dat is niet verwonderlijk, want u hebt opnieuw niet geantwoord op de vragen. Ik zag daarjuist de heer De Wever spreken met de heer Mahdi. Waarschijnlijk was dat om die modaliteiten uit te klaren. Hij sprak echter met de verkeerde partijvoorzitter.

Ik weet namelijk wat uw echte probleem is, mijnheer de minister. Als er gesproken wordt over mensen die tien jaar hun aandelen vasthouden, dan zegt de heer Rousseau: "Dat zullen we niet doen." Als hier gesproken wordt over 20.000 euro, dan zeggen de Vlaamse socialisten: "Dat zullen we niet doen." Als hier gesproken wordt over de bescherming van de kleine spaarder, dan zeggen de Vlaamse socialisten: "Njet, dat doen we niet!"

De heer De Wever sprak met de verkeerde partijvoorzitter. Hij moet spreken met Conner Rousseau! Dat is ook uw probleem, mijnheer de minister. U gaat keer op keer op keer door de knieën voor de Vlaamse socialisten. Ik vraag u om daarmee te stoppen! Ik dank u.

Lode Vereeck:

Collega's, er is eigenlijk geen reden waarom de winst uit aandelen wel belast moet worden en de winst op aandelen niet, maar in het zwaarst belaste land ter wereld is die belasting gewoon de belasting te veel. Bovendien leidt de chaos binnen de regeringscoalitie tot rechtsonzekerheid. De situatie in de Verenigde Staten illustreert wat daarvan de gevolgen kunnen zijn.

Mijnheer de minister, schrap de Jambontaks en kom terug met een serieuze fiscale hervorming en een forse verlaging van de belastingdruk, zoals in een duale inkomenstaks. Deze Jambontaks dient tot niets, behalve socialistische ego's strelen en Belgische begrotingskraters vullen. Het is een platte belasting op de Vlaamse welvaart. Dat uitgerekend u als N-VA'er en voormalig Vlaams minister-president daaraan meewerkt, is een regelrechte schande. Weg ermee!

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, collega's, wat er gebeurt met de meerwaardetaks roept slechte herinneringen op aan de enige andere keer dat de N-VA de federale minister van Financiën leverde. Volgens het toenmalige regeerakkoord moest minister Johan Van Overtveldt een effectentaks invoeren. Hij is toen zeer creatief te werk gegaan met modaliteiten. Er werden zoveel uitzonderingen ingevoerd dat het Grondwettelijk Hof de wet vernietigde. Vivaldi heeft dat later uiteindelijk gecorrigeerd. Hier gebeurt exact hetzelfde: modaliteiten en reducerende inkomsten. De heer Bouchez zal u wel helpen om te bepalen wie er bediend moet worden. Uiteindelijk zal het Grondwettelijk Hof ook uw wet vernietigen en zullen de middenklasse en de meest kwetsbaren het gat in de begroting mogen dichtrijden. Collega's, ik ben benieuwd welke volgende regering deze keer de tekst zal mogen corrigeren.

gezondheid en welzijn

De schietpartij in Vorst
Het drugsgeweld in Brussel
Geweldsmisdrijven in Brussel

Gesteld aan

Bernard Quintin (Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken)

op 13 maart 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de escalerende druggerelateerde fusillades in Brussel (11 in 2025, 90 in 2024) en de dringende oproep tot hardere, snellere actie tegen narcotraficanten, met focus op politiecapaciteit, strafuitvoering en structurele hervormingen. Minister Quintin benadrukt investeringen in politie (honderden miljoenen), fusie van Brusselese politiezones en betere samenwerking, maar erkent dat werving en aantrekkelijkheid van de job cruciale knelpunten zijn—naast de nood aan een verenigd Brussels bestuur en nationale/grensoverschrijdende aanpak. Kritiekpunten zijn onderbezetting bij politie/parket (43 openstaande vacatures), tekortschietende strafuitvoering (criminelen opereren vanuit gevangenissen) en gebrek aan daadkrachtig leiderschap, terwijl Nuino en Vandemaele eisen dat alle regeerakkoordmaatregelen versneld worden uitgevoerd om het "kanker van narcotrafic" te bestrijden voordat het escalatie zoals in Latijns-Amerika bereikt. De urgentie ligt bij concrete stappen nu: kaders invullen, salarissen/statuten verbeteren, trafieken ontmantelen via financiële en operationele druk.

Ismaël Nuino:

Monsieur le ministre, je vais vous poser une question aujourd'hui mais, malheureusement, j'aurais pu le faire toutes les semaines depuis le début de l'année.

Cette semaine, c'était la 11 e fusillade que connaissait Bruxelles et, l'année passée, il y en a eu 90. Alors, je ne fais évidemment pas ici le bilan de l'Arizona, et ce n'est pas ce qu'a dû faire le procureur du Roi en commission cette semaine. Évidemment que non. Mais je vous questionne aujourd'hui sur les mesures que vous comptez prendre et à quelle vitesse vous allez les prendre.

Je ne dois pas vous expliquer ce dont il s'agit. Chaque année, chaque semaine, chaque jour pratiquement maintenant, des gens se réveillent en ayant entendu des coups de feu. Il y a des balles dans des vitres d'appartements, dans des voitures, dans des commerces et, on l'espère, jamais perdues dans la chambre d'une personne qui dort.

La sécurité, monsieur le ministre – ce n'est pas à vous que je dois le dire –, est un droit fondamental. Personne ne doit sortir en rue en ayant peur. Personne! Et je vous ai entendu dire à raison que la peur devait changer de camp. Mais on doit aller plus loin que cela. Aujourd'hui, ce qu'on doit faire, c'est mener la guerre aux narcotrafiquants, mener la guerre au trafic, les traquer dans leur portefeuille et couper la tête à ces trafics. Pourquoi "couper la tête"? Cela peut paraître fort. Parce que le narcotrafic, c'est un cancer qui commence à un endroit, qui se métastase, qui lance de la corruption et qui mène à la violence partout, tout le temps. Nous ne pouvons le tolérer.

Alors, l'accord de gouvernement, je le salue, prévoit des dizaines de mesures contre le narcotrafic. L'Arizona est au rendez-vous. À quelle vitesse allez-vous mettre en place ces mesures? Où en êtes-vous dans la mise en place, même si je sais que cela ne fait qu'un mois que vous êtes là? Qu'avez-vous déjà pu faire? Et que comptez-vous faire dans les semaines et les mois à venir?

Le temps presse. Je ne vous apprends pas que les habitants de Bruxelles attendent des mesures concrètes.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, na een korte onderbreking van een week was het deze week opnieuw raak. Het lijkt wel of er elke week een nieuwe schietpartij is. Een nieuwe week, een nieuwe schietpartij.

Het straffe is dat dit nu net gebeurd is in Vorst in een wijk waar er korte tijd geleden grote politieacties zijn geweest. Ik moet u dat eigenlijk niet vertellen, want u was aanwezig op die politieactie. U zei daar dat wij de straat moeten teruggeven aan de mensen en de criminelen in de gevangenis moeten steken. Dat is een ambitie die wij met Ecolo-Groen alvast ondersteunen.

Deze week kwam de procureur des Konings van Brussel in de commissie voor Binnenlandse Zaken vertellen over het druggerelateerde geweld. Hij zei dat 43 van de 309 plaatsen niet zijn ingevuld. Bij de lokale politiezones zijn heel veel plaatsen niet ingevuld. U zou kunnen denken dat die man meer volk kwam vragen. Neen, het enige wat hij vroeg, was om de wettelijk voorziene kaders in te vullen. Dat is een logische, redelijke vraag, denk ik.

Het tweede element dat hij aanhaalde, was de flipflop in de strafuitvoering. Hij zei dat criminelen naar elkaar berichtjes sturen waarin staat dat men in België al heel veel moet doen om in de gevangenis te geraken, en als men erin geraakt, dan kan men gewoon de trafiek voortzetten.

Mijnheer de minister, wat zult u doen om voldoende handen en hoofden te leveren, zodat al het werk dat moet gebeuren, kan gebeuren? Ten tweede, zult u die kaders volledig invullen? Ten derde, wat zult u doen, samen met mevrouw Verlinden, om ervoor te zorgen dat men vanuit de gevangenis niet verder kan werken, maar dat men daar effectief zijn straf uitzit?

Beste collega's, dit moeten we allemaal weten. De mensen uit de wijken zijn de eerste slachtoffers van wat gebeurt in die wijken.

Bernard Quintin:

Mijnheer de voorzitter, collega’s, ik dank jullie voor de vragen die mij toelaten hier in dit forum terug te komen op de schietpartij van voorbije maandag, 10 maart 2025, in Vorst. Een man werd neergeschoten. Ik twijfel er niet aan dat het parket het dossier op de voet volgt.

De maatregelen die wij hebben getroffen, moeten worden behouden. Er is vooruitgang geboekt in het onderzoek. Er zijn arrestaties geweest door de politie. Wij mogen er echter niet van uitgaan dat wij een probleem van een dergelijke omvang op enkele weken tijd zullen oplossen. Al onze diensten blijven dus volledig gemobiliseerd.

De vraag over de gevangenissen is echter een vraag voor mijn collega-minister van Justitie.

J'aimerais revenir sur deux points.

Premièrement, je suis d'accord avec vous monsieur Nuino, il est important que nous investissions tant dans notre défense extérieure que dans notre défense intérieure. Comme le mentionne l'accord de gouvernement, l'Intérieur et la Justice seront bien refinancés. Pour la police, nous parlons de plusieurs centaines de millions d'euros sur l'ensemble de la législature. Il faudra en effet investir pour remplir le cadre, mais ce n'est pas quelque chose qui se décrète. Le cadre existe, mais il faut pouvoir recruter. Ce n'est pas, en l'occurrence, une question de moyens mais une question d'attractivité.

Wij moeten de aantrekkelijkheid van de job verhogen en dat is niet zo gemakkelijk.

Mais avec mes services, je m'y emploie à temps plein.

Deuxièmement, comme je l'ai exprimé publiquement à plusieurs reprises, ma volonté est de parvenir rapidement à la fusion des zones de police bruxelloises. Mon rôle est d'assurer que les services de sécurité soient organisés de la manière la plus efficace possible sur l'ensemble du territoire, dans le respect des compétences de chacun. Je rappelle que je suis directement responsable pour la police fédérale et que la police fédérale soutient les polices locales.

Je suis convaincu qu'à Bruxelles, un leadership unifié permettra d'améliorer de manière structurelle la sécurité des Bruxellois. En effet, les criminels doivent savoir qu'ils seront poursuivis, peu importe où ils se trouvent dans la capitale. Vous avez parlé de cancer. J'aime aussi évoquer une hydre à plusieurs têtes: il faut couper les têtes; on se rappellera que, pour qu'elles ne repoussent pas, il faut les brûler et que la dernière, qui est d'or, doit être enterrée.

J'espère, en parlant de leadership, pouvoir compter le plus rapidement possible sur un gouvernement bruxellois de plein exercice, essentiel pour répondre ensemble aux défis auxquels la capitale fait face. La sécurité des Bruxellois, dont je suis, doit passer avant d'autres calculs et intérêts. J'espère que d'aucuns en prendront enfin conscience et que nous pourrons travailler ensemble à justement améliorer la situation sécuritaire, non seulement des Bruxellois mais aussi de tous les Belges.

In fine , on doit travailler sur Bruxelles, bien entendu, mais nous serons tous d'accord pour dire que c'est quelque chose qui doit être attaqué au niveau de tout le Royaume, et même au-delà. J'ai eu l'occasion ce matin de participer à une conférence avec l'ambassade de France sur des questions de sécurité transfrontalière, que j'ai pu aussi aborder lors de ma visite à la zone de police Westkust, qui travaille beaucoup sur la question des transmigrants et d'autres crimes.

Ismaël Nuino:

Merci monsieur le ministre pour vos réponses.

Vous avez parlé d'autres pays. Je voudrais rappeler à chacun et chacune ici qu'il y a d'autres pays dans lesquels le narcotrafic s'est installé, et dans lesquels des citoyens, des magistrats, des journalistes, des responsables politiques qui ont les mêmes discussions que celles que nous avons ici se font tuer par les narcotrafiquants. Par pitié, n'en arrivons jamais là!

Nous devons agir vite et fort. Vous avez parlé de l'accord de gouvernement, dans lequel se trouve ce point sur la fusion des zones de police, mais d'autres également. Je vous invite, monsieur le ministre, à travailler sur les multiples mesures de l'accord de gouvernement, rapidement, pour les prendre toutes en charge le plus vite possible.

En attendant, soyez assuré de notre soutien plein et entier pour mener cette mission, pour apporter et ramener la sécurité à Bruxelles et pour s'assurer que chacun et chacune qui souhaite sortir dans la rue à Bruxelles puisse le faire en toute tranquillité.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. Ik hoop dat het voluntarisme dat hier vaak in de zaal aanwezig is wanneer het gaat over ons verdedigen tegen buitenlandse mogelijkheden, ook aanwezig zal zijn wanneer het gaat over de veiligheid in onze straten. Ik heb een beetje het gevoel, mijnheer Quintin, als ik lees wat de media schrijven of als ik hoor wat er gezegd wordt in hoorzittingen, dat de ideetjes alle richtingen uitgaan. Maar we hebben nood aan een kapitein, aan iemand die duidelijk de leiding neemt. Ik hoop dat u dat zult doen. Ik hoor, ook van de procureur bijvoorbeeld, dat er op dit moment gewoon niet genoeg mensen zijn om alle controles te doen die noodzakelijk zijn, dat er niet genoeg mensen zijn om de onderzoeken op een goede manier uit te voeren. Dan zult u natuurlijk meer mensen moeten aanleveren en de kaders vullen. U zult daarvoor de job aantrekkelijker moeten maken. Ik meen echter dat dit in tegenspraak is met de ambities van het regeerakkoord. U zult het statuut moeten verbeteren, niet verminderen. Het enige (…)

gezondheid en welzijn

Het schrappen van steun voor projecten rond mentaal welzijn voor jongeren in de grote steden

Gesteld door

Groen Dieter Vanbesien

Gesteld aan

Anneleen Van Bossuyt (Minister van Asiel en Migratie, en Maatschappelijke Integratie)

op 13 maart 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De 3 miljoen euro subsidie voor mentale ondersteuning van kwetsbare jongeren in vijf grote steden (een tijdelijke coronamaatregel 2022-2024) werd stopgezet door de regering-De Croo, ondanks dringende oproepen van steden, organisaties en oppositie, met als argument budgettaire beperkingen en bevoegdheidsvragen. Open Vld blokkeerde eerder de verlenging, maar nu weigert de N-VA-regering (met ex-burgemeester De Croo als premier) de herinvoering, ondanks eerdere beloftes, wat Vanbesien als prioriteitsgebrek aanwijst: *"miljarden voor wapens, maar geen cent voor jongerenwelzijn"*. Minister Van Bossuyt beaamt de noodzaak maar wijst op federale bevoegdheidsgrenzen en het ontbreken van een nieuw koninklijk besluit, terwijl lokale organisaties zoals TEJO nu zonder middelen vallen.

Dieter Vanbesien:

Mevrouw de minister, eergisteren zag ik op tv de documentaire Lockdown 2020, blijf in uw kot . Dat is ondertussen vijf jaar geleden, maar de schrijnende beelden brachten alles wel snel terug.

Zoals we allemaal weten, hebben de coronajaren er hard ingehakt, niet in het minst bij jongeren, die gedurende twee jaar verstoken zijn gebleven van sociale contacten en dus te lijden hebben gehad in hun sociale ontwikkeling. De vivaldiregering had daarom een project opgestart in samenwerking met de vijf grote steden in ons land, waaronder Gent, mevrouw de minister, met een jaarlijkse subsidie van 3 miljoen euro voor projecten met kwetsbare jongeren. Tot onze ontzetting werd die subsidie vanaf januari geschrapt in de voorlopige twaalfden. Het is Open Vld die erin geslaagd is om die subsidie alsnog tegen te houden, ondanks aandringen van Groen en onder andere ook Vooruit.

Vandaag moet men drie maanden wachten op een eerste afspraak bij een psycholoog en organisaties die daar een verschil in kunnen maken, werden op droog zaad gezet. Twee weken later was er echter licht aan het eind van de tunnel. De toenmalige burgemeester van Antwerpen ondertekende een brief waarin het terugkeren van die subsidie geëist werd, in het belang van het mentale welzijn van de jongeren.

De partij van die burgemeester is ondertussen de grootste partij van de regering, de burgemeester zelf is nu eerste minister en Open Vld zit in de oppositie. Bij de bespreking dinsdag hebben wij die subsidie dan ook opnieuw op tafel gelegd, maar wat blijkt? De partij van de burgemeester is van gedacht veranderd. Het bleken praatjes te zijn. Veel woorden, maar geen daden bij de N-VA.

Mevrouw de minister, het gaat hier om een heel klein bedrag. Open Vld is er niet meer om het tegen te houden. Waarom wordt de subsidie niet opnieuw geactiveerd? Hebt u die vraag op de ministerraad gebracht en wie heeft dat dan tegengehouden? Dank u wel.

Anneleen Van Bossuyt:

Mijnheer Vanbesien, bedankt voor uw vraag.

Ik onderschrijf absoluut uw bezorgdheid en het feit dat de uitdagingen op het vlak van mentaal welzijn bij jongeren groot zijn. Ik ben het er ook absoluut mee eens dat het noodzakelijk is om blijvend te investeren in preventieve en ondersteunende maatregelen. Het is evenwel essentieel om de kwestie waarover u het hier specifiek hebt, in de juiste context te plaatsen.

U hebt die context zelf ook al deels geschetst. In de nasleep van de COVID-19-crisis heeft de regering-De Croo, onder impuls van voormalig minister Lalieu, in een tijdelijke toelage van jaarlijks 3 miljoen euro voorzien voor de OCMW's van de vijf grote steden. Dat betrof een tijdelijke crisismaatregel. Het bedrag werd expliciet toegekend voor een periode van 3 jaar, van 2022 tot en met 2024, en diende om pilootprojecten te financieren ter bevordering van het psychologisch welzijn van jongeren onder de 25 jaar. Het is essentieel te vermelden dat de uitbetaling van die toelage afhing van de jaarlijkse goedkeuring van een koninklijk besluit. Voor het jaar 2024, dus subsidiejaar 2025, heeft de regering-De Croo echter beslist om geen nieuw KB uit te vaardigen, terwijl zoals gezegd, dat KB een noodzakelijke voorwaarde was. Dat betekent concreet dat er voor de toelage in kwestie geen middelen werden voorzien in de begroting en de uitbetaling dus niet mogelijk is.

Ik betreur dat. Het ging om een beslissing van de regering waarvan uw partij deel uitmaakte. Ik heb mij over het vraagstuk gebogen of de maatregel al dan niet kon worden voortgezet. Preventie valt onder de bevoegdheid van de deelstaten. Men kan zich de vraag stellen of de kwestie onder de bevoegdheid van de federale overheid valt. De nieuwe regeringsploeg wordt geconfronteerd met aanzienlijke budgettaire uitdagingen. In die context is het onmogelijk om crisismaatregelen die altijd van een tijdelijke (...)

Dieter Vanbesien:

Mevrouw de minister, het belangrijkste stuk van uw antwoord zat in de staart. De budgettaire uitdagingen doen u de keuze maken om het niet te verlengen. We hebben het amendement dinsdag op tafel gelegd en er werd gekozen om het niet goed te keuren. Verschillende van de organisaties die hier getroffen worden, hebben mij ook gecontacteerd. De echte slachtoffers zijn de mentaal kwetsbare jongeren. Een van die organisaties, ook actief in Gent, is Therapeuten voor Jongeren, afgekort TEJO. Bij TEJO werken professionele therapeuten die jongeren gratis begeleiden en zorgen voor mentaal welzijn. Deze werking hangt af van een paar tienduizend euro. Wanneer de vzw TEJO roept, wordt er echter niet geluisterd. Daarentegen, als minister Theo roept dat hij meer en meer miljarden nodig heeft om bommen te kopen en een oorlogsmachine in gang te zetten, dan springt Arizona in het gelid. Miljarden voor wapens is geen probleem, als het gaat over 3 miljoen voor het mentaal welzijn van onze jongeren, dan is er een budgettair probleem. Collega's, het is duidelijk, de ene Theo is de andere niet.

gezondheid en welzijn

Een vooruitblik op de volgende week geplande Europese Raad van Defensieministers
Steun aan de economie en de bedrijven gezien de mogelijke verhoging van de Amerikaanse douanerechten
De door Donald Trump gevoerde geopolitiek
De Europese reactie op de verhoging van de douanerechten door de Verenigde Staten
De handelsoorlog met de Verenigde Staten
De door Donald Trump aangekondigde invoerheffingen op Europese producten
De douanerechten en het Europese concurrentievermogen
De grote impact op de farmasector van de Amerikaanse invoertarieven op Europese producten
Oekraïne en de defensie-inspanningen van België
Europese reacties op Amerikaanse handelsbeleid en defensie-strategieën.

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister), David Clarinval (Minister van Werk, Economie en Landbouw), Maxime Prévot (Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking)

op 27 februari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om Europa’s strategische autonomie en reactie op de dubbele dreiging van Amerikaanse handelstarieven (25% op EU-producten) en de escalerende defensieverplichtingen (NAVO’s 2%-bbp-eis). De kernpunten: (1) Defensie: België moet dringend het 2%-doel halen (voor de zomer) en structurele financiering regelen, met nadruk op Europese samenwerking binnen de NAVO, maar *concrete plannen en timing ontbreken nog*. (2) Handelsoorlog: De VS bedreigen de EU met tarieven, wat de Belgische export (o.a. farmacie, auto) raakt—Europa moet *eengemaakt en proportioneel* reageren, zonder in een escalatiespiraal te belanden, maar met focus op industriële soevereiniteit (innovatie, herindustrialisering) en diversificatie van handelspartners. (3) Critici (o.a. PTB) waarschuwen voor *blind volgen van de VS* en pleiten voor een *niet-gebonden Europa* dat partnerschappen met het Globale Zuiden zoekt, terwijl anderen (N-VA, CD&V) benadrukken dat *veiligheid (via NAVO) voor welvaart gaat*. Actiepunten: België speelt een *verenigende rol* in de EU, maar *concrete maatregelen* (bv. taskforce, budgetten) blijven vaag—urgentie domineert.

Kjell Vander Elst:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de eerste minister, volgende week vindt er een extra EU-top plaats, over de situatie in Oekraïne en defensie. Dat is absoluut noodzakelijk. De geopolitieke situatie is immers zorgwekkend en verandert razendsnel. De wereld staat in brand en Europa heeft veel te lang aan de zijlijn gestaan, zonder de mond open te doen.

Het is dus hoog tijd om te blussen. Mijnheer de eerste minister, om te blussen heeft men echter blusmateriaal nodig. En laat net daarover, over die structurele middelen en financiering van defensie, bijzonder veel onzekerheid bestaan. Hoe zullen we het Defensiefonds structureel financieren? Nog geen idee. Extra uitgaven voor defensie binnen of buiten de begroting? Nog geen idee. Wat gaat de Europese Unie doen? Gaat zij dat toestaan of niet? Nog geen idee. Er moet duidelijkheid komen, want we verliezen tijd. NAVO-baas Mark Rutte heeft het heel duidelijk gezegd. Die absolute ondergrens van 2 % van het bbp moet er komen nog voor de zomer.

Mijnheer de eerste minister, u bent historicus en ik weet dat u graag over het verleden spreekt. Mea culpa, het is juist dat de voorbije decennia heel veel partijen hier aanwezig, ook die van de Zweedse regering, te weinig hebben geïnvesteerd in defensie. We leven vandaag echter in een andere wereld. De wereld is de voorbije jaren grondig door elkaar geschud en grondig gewijzigd. We moeten dus stoppen met achterom te kijken en moeten vooruitkijken en schakelen.

Ik wil van u weten wat de regering vandaag en in de toekomst zal doen. Wat zal het standpunt van uw regering zijn op de komende EU-top? Hoe en wanneer zult u de 2 % voor defensie halen?

Patrick Prévot:

Monsieur le premier ministre, messieurs les ministres, votre gouvernement n'a que quelques semaines et déjà, malheureusement, les promesses s'effritent.

Vous aviez promis un taux d'emploi de 80 %, mais, monsieur le premier ministre, vous avez dit cette semaine que ce ne sera pas pour cette législature. Il aurait peut-être fallu être honnête d'emblée, et non pas quelques semaines après le vote de confiance. Vous aviez évoqué les 8 milliards de recettes mais, là aussi, vous avez estimé que les effets retours semblaient incertains. Bref, on l'avait dit, vous ne nous avez pas cru, ces promesses, c'était du vent.

Pendant ce temps-là, monsieur le premier ministre, messieurs les ministres, de l'autre côté de l'Atlantique, le président américain, Donald Trump, lance une guerre économique et annonce que des droits de douane de 25 % sur nos produits pourraient être pratiqués. Face à cela, allez-vous rester passif ou allez-vous avoir une attitude proactive? L'accord de gouvernement parle d'un plan de relance industriel, mais avec moins d'investissements publics – ce que nous déplorons vivement, comme nous vous l'avons dit lors des débats – et peu de vision à long terme.

La Commission européenne, de son côté, propose un pacte pour une industrie propre mais son budget de 100 milliards semble largement insuffisant. Concrètement, avez-vous votre plan pour la relance industrielle? Quel est-il? Soutiendrez-vous nos secteurs stratégiques et nos entreprises? Allez-vous, oui ou non, garantir des emplois de qualité? Une task force a-t-elle été mise en place pour avoir cette vision proactive? Si oui, qui en fait partie? Si cette task force existe, comptez-vous associer les entreprises, les travailleurs, les syndicats, les ONG et la société civile à l'élaboration de cette politique industrielle?

Je vous remercie d'avance de vos réponses.

Raoul Hedebouw:

Monsieur le premier ministre, pendant des mois, on a mis en garde tous les partis politiques que suivre aveuglément l'impérialisme américain allait détruire l'Europe et notre économie. Pendant des mois, vous avez ri du PTB et de sa vision géopolitique!

Regardez ce qui se passe maintenant! Les Américains sont en train d'humilier l'Europe. Avez-vous vu le comportement de Macron quand il est allé chez Trump? Il était en train de lui cirer les chaussures en lui racontant des petites blagues. C'est pourtant la survie et la stratégie de l'Europe qui sont actuellement en jeu.

Monsieur le premier ministre, je vous avais prévenu que ça n'allait pas marcher.

De Amerikanen gaan altijd voor hun eigen business.

Il suffit d'analyser l'accord sur les minerais. Tout est clair maintenant!

De grondstoffen van Oekraïne gaan direct in de zakken van de Amerikaanse imperialisten!

La situation est similaire en ce qui concerne l'énergie. Les Américains nous ont vendu leur gaz de schiste trois ou quatre fois plus cher pour se faire de l'argent. Nous avons, bien entendu, dit dès le départ qu'il fallait condamner Poutine. C'était évident! Cependant, il fallait aussi défendre les intérêts de l'Union Européenne, ce que vous ne faites pas!

Monsieur le premier ministre, allons-nous continuer à suivre les Américains? La déclaration gouvernementale n'en a d'ailleurs que pour eux. Comment pouvez-vous continuer à être aussi naïfs? Comment pouvez-vous continuer à leur acheter pour des milliards d'armements? Ils ne pensent qu'à l'argent.

Chers collègues, Trump n'est pas un homme de paix. Pourquoi retire-t-il ses troupes aujourd'hui? Pourquoi retire-t-il ses intérêts d'Ukraine? Pour attaquer la Chine? Il le fait pour préparer la guerre de demain!

La question que l'Europe doit se poser est de savoir si nous devons suivre les Américains docilement comme des petits chiens, ou enfin développer une Europe indépendante et stratégique à l'échelle mondiale. C'est de cela dont nous avons besoin.

(…): (…)

Voorzitter:

Mijnheer Hedebouw, u zou het niet op prijs stellen indien uw tussenkomst op deze manier zou worden onderbroken. Ik neem aan dat u dat dan ook niet zult doen voor collega Deborsu.

Charlotte Deborsu:

Monsieur le premier ministre, l'Union européenne aurait été créée pour entuber les États-Unis. On en apprend tous les jours avec le professeur Trump. Monsieur le premier ministre, connaissant votre amour pour l'histoire, j'imagine que vous avez failli tomber de votre chaise en entendant cela comme nous tous.

Mais au-delà du grotesque, il y a une réalité. Les États-Unis annoncent vouloir taxer à hauteur de 25 % toute une série de produits européens. Cette mesure complètement anti-libérale risque d'avoir un impact direct sur nos entreprises et nos emplois en Belgique et en Europe. À l'heure actuelle, l'Union européenne a une balance commerciale positive avec les États-Unis de 150 milliards sur les biens.

Monsieur le premier ministre, mes questions sont dès lors les suivantes: avez-vous déjà la liste des produits européens qui seraient concernés?

Comment mesurez-vous l'impact de cette décision pour la Belgique? Allez-vous donner des instructions au ministre du Commerce extérieur afin qu'il prenne des mesures, en coopération avec toutes les Régions, pour contrer les effets de cette décision?

Jusqu'à présent, la Commission européenne a préparé des mesures "au cas où". Jugez-vous qu'elles sont suffisamment crédibles et dissuasives pour convaincre le président américain de revenir sur cette décision?

Comment jugez-vous l'unité politique des Européens et la proactivité de la Commission sur ce dossier?

Les États-Unis nous voient désormais comme un adversaire commercial. Nos relations ont changé, dont acte. Quelles sont dès lors vos stratégies pour diversifier notre commerce extérieur au bénéfice de nos entreprises et de notre taux d'emploi? C'est une véritable priorité pour notre groupe.

Je vous remercie déjà pour vos réponses.

François De Smet:

Monsieur le premier ministre, dans son style délicat habituel, M. Trump a annoncé des droits de douane de 25 % sur les produits européens. Nous savions déjà que nous vivions un tournant historique en géopolitique, du point de vue militaire, mais ce tournant est aussi commercial. Nous savons désormais aussi que nous devrons assumer notre défense seuls et sur ce plan-là, comme je l'ai déjà dit, et je n'ai pas de problème à le redire, votre accord de gouvernement va dans le bon sens.

Concernant l'énergie, nous vivons une hyper-dépendance. Nous serions aujourd'hui incapables de nous séparer à la fois du gaz russe et du gaz liquéfié américain. Et sur le plan économique, bien qu'étant le premier marché du monde, la présidence Trump nous confirme avec franchise ce que nous savons déjà: nous sommes des consommateurs de la mondialisation et non plus des acteurs de celle-ci.

Le point faible de l'Europe, chers collègues, a un nom: l'innovation. Nous fermons aujourd'hui notre avant-dernière usine automobile, ce qui nous rappelle que nous avons manqué le virage industriel. Nous, Européens, n'avons créé aucun des outils technologiques qui dirigent le monde aujourd'hui. Nous ne sommes pas les meilleurs en ce qui concerne l'esprit d'entreprise et l'initiative, et nous ne parvenons pas à favoriser l'innovation.

Même votre accord de gouvernement, je le crains, manque le cap. Votre programme est clair: forcer tout le monde à travailler plus sans vraiment gagner plus, que ce soient les demandeurs d'emploi, les malades, les jeunes ou les plus vieux, etc. Très bien, sauf que l'on n'a pas seulement besoin de davantage de travailleurs. On a aussi besoin de davantage d'entrepreneurs, de créateurs, de gens qui peuvent créer de la richesse, créer de l'emploi, prendre des risques en étant encouragés à l'innovation. Sur ce plan-là, votre accord de gouvernement est décevant.

La question qui est le sujet maintenant est de savoir comment faire pour affronter cet allié qui tend à devenir un adversaire, les États-Unis. Comment faire pour s'affirmer davantage comme marché européen, alors que nous sommes le premier marché du monde? Comment défendons-nous nos entreprises? Comment allons-nous faire de ce pays et de ce continent des acteurs clés de l'innovation? Comment faire pour qu'ils redeviennent un véritable poumon industriel, un acteur de l'économie mondiale et non un simple client? Dans l'immédiat comment allons-nous réagir à cette hausse douanière brutale de 25 %?

Meyrem Almaci:

" The European Union was formed in order to screw the United States. That’s the purpose of it. " Die uitspraak is grotesk, zoals we Trump kennen, de man van het recht van de sterkste, die alle regels aan zijn laars lapt.

Na Gaza en Oekraïne richt hij nu de pijlen op de economie van Europa met zijn aankondiging dat hij 25 % invoerheffingen overweegt op auto’s, halfgeleiders, chips en medicijnen. Op de vraag of hij geen schrik had van een forse tegenreactie, antwoordt hij het volgende: " They can try, but they won’t ." We weten al langer dat de huidige president in een alternatieve realiteit leeft. We weten ook dat hij in Europa zijn fans heeft, om onze minister van Defensie niet te noemen, die al meermaals lovend sprak over de man.

"They can try, but they won’t ." Voor ons is het eenvoudig: Yes, we can and we will . Dat is niet van harte, maar als het moet, moet het. Een bullebak als Trump begrijpt immers alleen maar de taal van geld en macht. Ik was tevreden de eerste reactie van Europa te lezen, namelijk dat Europa een partner was, indien de regels werden gevolgd.

De vraag is nu de volgende: wat is de positie van de huidige regering? Immers, handelsoorlogen produceren alleen maar verliezers. Dat is belangrijk om te onthouden met bedrijven als Volvo in ons land en de sterke farmasector. Waakzaamheid is echt geboden.

Hoe zorgen we er dus voor dat de verdeel-en-heersstrategie van Trump bij ons geen voet aan de grond krijgt? Hij heeft immers geprobeerd bij Oekraïne. Hoe zorgen we ervoor dat de expertise, efficiëntie en ontwikkeling hier blijft?

Mijnheer de eerste minister, hebt u al contacten gehad met de collega’s in Europa om één front te vormen? Hebt u al contact gehad met de Wereldhandelsorganisatie? Bent u bereid fors te reageren op de woorden van Trump en op welke manier wilt u dat dan doen in uw hoedanigheid van eerste minister van alle Belgen?

Simon Dethier:

Monsieur le premier ministre, messieurs les ministres, cette semaine, les États-Unis ont menacé l'Union européenne de droits de douane de 25 % sur les produits européens.

Au même moment, l'Union européenne a présenté un plan qui a pour ambition d'améliorer la compétitivité des entreprises européennes tout en préservant les objectifs climatiques. L'Europe et la Belgique se trouvent actuellement face à une situation complexe.

D'un côté, la transition vers la neutralité carbone est nécessaire. Nous avons vu les impacts du réchauffement climatique sur notre société. Il est indispensable d'agir. Nous ne sommes pas encore sur la trajectoire de cette neutralité. Il faudra donc redoubler de volontarisme et d'inventivité.

D'un autre côté, comme l'a dit le ministre du Climat, un État en faillite ne peut pas agir pour le climat. Les craintes d'une guerre commerciale et les difficultés d'approvisionnement en énergie plombent la compétitivité des entreprises belges. Il est du devoir de l'ensemble de veiller à préserver nos objectifs climatiques tout en maintenant la compétitivité.

J'aimerais dès lors vous poser deux questions. Comment veillez-vous à préserver les emplois et la compétitivité des entreprises? Comment veillez-vous à soutenir et à aider les entreprises à garder le cap de la neutralité carbone?

Koen Van den Heuvel:

Heren ministers, beste collega's, Trump steekt zijn middenvinger op naar Europa en naar ons en dat mogen we niet onbeantwoord laten. Trump kondigt aan dat hij 25 % invoertarieven op Europese producten zal heffen. Dat is nefast voor Europa en voor onze Belgische economie, want Amerika is nog altijd een heel belangrijke afzetmarkt, de vierde grootste, voor ons. Jaarlijks exporteren we voor meer dan 33 miljard euro goederen naar Amerika.

Vooral de farmasector speelt daarin een belangrijke rol en is verantwoordelijk voor meer dan de helft van die export. Deze sector is van strategisch belang voor de toekomst. Ze innoveert, ze is duurzaam en ze heeft, tegen de industriële trend in, de voorbije vijf jaar 6.000 extra arbeidsplaatsen in de industrie gecreëerd. Deze sector en al onze exportbedrijven mogen we niet in de steek laten, want we zijn in Europa en in België gevoelig voor invoertarieven. Trump probeert op deze manier Amerikaanse bedrijven te dwingen om hun productie vanuit Europa terug naar Amerika te verplaatsen, maar hij ontketent op die manier een wereldwijde handelsoorlog waar niemand bij wint.

We moeten in Europa stevig en onmiddellijk reageren, want we kunnen onze exportbedrijven en onze farmasector op dit moment niet in de steek laten. Collega's, de toekomst van Europa staat op het spel. Met deze Trumpiaanse manier van doen, met een spelletje duimen omhoog-duimen omlaag, probeert men ons lot te bepalen.

Collega's, we moeten sterk genoeg zijn. We moeten met Europa het heft in eigen handen houden. Het is niet Amerika dat de Europese toekomst zal bepalen. Mijnheer Hedebouw, het zijn ook niet uw Chinese vrienden die het lot van Amerika zullen bepalen!

Darya Safai:

Mijnheer de premier, in Saoedi-Arabië zijn gesprekken opgestart tussen de VS en de Russische Federatie over het conflict in Oekraïne. Dat de Europese landen zich gepasseerd voelen, is een understatement. Cruciaal voor het slagen van eender welke oplossing is de aanwezigheid van Oekraïne aan de onderhandelingstafel.

De Amerikaanse regering liet duidelijk verstaan dat Europa niet hoeft te rekenen op Amerikaanse steun en dat de Europese uitgaven voor defensie sterk moeten worden opgeschroefd. De Verenigde Staten dringen er ondertussen op aan dat elke NAVO-lidstaat ongeveer 5 % van het bruto binnenlands product aan defensie zou besteden. Mark Rutte, de secretaris-generaal van de NAVO, dringt erop aan om tegen de zomer 2 % te halen. In de regering wordt er gesproken over het bijsturen van het defensieplan. Afgelopen donderdag verklaarde u dat er miljarden gezocht moesten worden. Dat is een duidelijke boodschap.

Mijnheer de premier, binnen welke termijn moeten volgens u de inspanningen gebeuren? Wat is volgens u een realistische doelstelling? U verklaarde stappen te zetten naar een meer Europees geïntegreerde defensie in de NAVO, onder meer op het vlak van militaire aankopen. Graag krijg ik wat meer duiding over de plannen.

Bart De Wever:

Chers collègues, je vous remercie pour toutes ces questions. Je vais essayer d'y répondre en cinq minutes. Comme vous le savez, mes chers collègues Prévot et Clarinval complèteront ma réponse.

Depuis la séance de la semaine dernière, j'ai eu, comme vous pouvez l'imaginer, de très nombreux contacts internationaux concernant les derniers développements géopolitiques.

Lundi dernier, j'ai participé au sommet sur la sécurité organisé par l'Ukraine où j'ai confirmé la poursuite de notre soutien à l'Ukraine. Mardi après-midi, j'ai eu un entretien téléphonique avec le président Zelensky au cours duquel j'ai réaffirmé et concrétisé ce message. En outre, j'ai eu de nombreux contacts avec les dirigeants européens et le président du Conseil européen. Hier matin, un Conseil européen a eu lieu en vidéoconférence et le président Macron a fait un débriefing sur sa visite à Washington. Vous comprendrez, je l'espère, que je dois rester discret à ce sujet. Je comprends les nombreuses questions très détaillées mais il n'est pas réaliste de développer chaque élément ayant été discuté. Néanmoins, je peux vous dire que la position des partenaires européens reste inchangée.

Premièrement, l'Europe continuera à soutenir l'Ukraine et renforcera sa position dans les négociations de paix car " if you are not at the table you are on the menu " et cela est inacceptable. Deuxièmement, la participation de l'Ukraine et de l'Europe est nécessaire pour parvenir à une paix durable. Troisièmement, l'Europe doit intensifier ses investissements dans la défense. Le temps où notre continent pouvait se reposer sur un dividende de paix est malheureusement révolu. L'Europe doit pouvoir assurer entièrement sa propre sécurité le plus rapidement possible. La Belgique, en tant que membre fondateur de l'Union européenne et de l'OTAN, doit aussi apporter sa contribution. Cela est déjà prévu dans l'accord de gouvernement mais il ne faut pas exclure qu'à court terme, des efforts supplémentaires soient nécessaires.

Ik begrijp uw waarschuwing om niet achterom te kijken, mijnheer Vander Elst,. "Kijk vooral niet achterom" zal waarschijnlijk ook de slagzin worden van uw partij. Dan ziet u namelijk hoe u het hebt nagelaten: rampzalig. We zullen dus een spurtje moeten trekken en dat zal gebeuren.

L'Europe et ses partenaires doivent prendre rapidement des décisions pour renforcer les trois points cruciaux que je viens d'esquisser. Le 6 mars, le Conseil européen se réunira à ce sujet, mais je vous demande de rester très discrets sur cette date, car ma famille pense encore que nous serons ensemble en vacances. C'est la raison pour laquelle je l'ai dit en français. (Rires dans l'assemblée)

Op de bijeenkomst van de Europese Raad gisteren werd afgesproken om een constructieve dialoog met de Verenigde Staten te blijven voeren. Ik begrijp dat collega’s zich opwinden. Er zijn immers wel wat krasse dingen gezegd en hun hart mag koken, maar de consensus onder de Europese regeringsleiders was om het hoofd koel te houden. Vandaag is Keir Starmer in het Witte Huis, morgen is Zelensky aan de beurt. We zullen zien wat het wordt, maar het valt niet te ontkennen dat de verklaringen van de Amerikaanse regering ons zeer ongerust hebben gestemd. Dan gaat het niet alleen over onze Europese partners, maar ook over aantal andere internationale partners, niet het minst Canada.

Uiteraard stelt niemand – ik hoop ook hier niet – het NAVO-bondgenootschap ter discussie, want dat zou buitengewoon dom zijn. Waakzaamheid is zeker geboden. De dreigementen met nieuwe handelstarieven zouden ons als exportnatie ernstige zorgen moeten baren. De Verenigde Staten zijn een zeer belangrijk exportland voor ons. De farmasector, en niet alleen die in Puurs, is zeer afhankelijk van die export. Ik heb gisteren in de marge van de industrietop gesproken met mensen uit die sector en zij zijn bijzonder ongerust. Vooralsnog moeten we een handelsoorlog tussen de meest verweven handelsblokken ter wereld proberen te vermijden. Dat is onze kortetermijndoelstelling.

Madame Deborsu, vous avez de nombreuses questions détaillées sur ce que nous allons faire et comment nous allons réagir. J'en ai parlé hier avec Mme von der Leyen, mais il est encore trop tôt pour élaborer une réponse. Il est toutefois certain que l'Europe devra, le cas échéant, réagir très vite et très clairement.

Tot slot, u leest ongetwijfeld de berichten over een economisch akkoord tussen Oekraïne en de Verenigde Staten. Van die berichten wordt men niet blij. Europa zal in dat licht Oekraïne moeten blijven steunen om het in zijn positie te versterken, en de ontwikkelingen zeer goed moeten opvolgen. Zolang de definitieve modaliteiten van dat akkoord niet bekend zijn, is het evenwel moeilijk om daar precies op te reageren.

Mijnheer de voorzitter, als u mij nog vijf seconden gunt, dan rond ik mijn antwoord af.

Ik doe hier een oproep aan alle fracties in het halfrond om ondubbelzinnig de kant van Europa, de kant van het vrije Westen te kiezen en die te verdedigen.

On peut bien dire que Trump n'est pas un homme de paix, mais vous avez oublié de dire que Poutine est un homme de guerre!

Dat is wel heel belangrijk. ( Luid applaus )

Voorzitter:

Uw interpretatie van vijf seconden is wel bijzonder breed. Dat wordt afgetrokken van de spreektijd van de andere ministers.

Bart De Wever:

Voorzitter, ik kan het ook niet helpen dat er stormachtig applaus is wanneer ik spreek. Dat kost mij spreektijd.

Hoe dan ook moeten we ondubbelzinnig zijn: we moeten de kant van Europa en van het vrije Westen kiezen. We mogen niet naïef zijn. Als kleine en economisch sterke exportnatie is het onze taak vandaag maximaal aan die verbondenheid bij te dragen.

Voorzitter:

Het thema is natuurlijk bijzonder belangrijk. Dat blijkt ook uit de vele interventies erover, maar ik wil de regering toch aanmanen om de tijdslimieten te respecteren.

David Clarinval:

Mesdames et messieurs, chers députés, depuis l'investiture du président Trump, les relations transatlantiques sont mises en effet sous pression. Nos relations commerciales n'y échappent pas. Le président Trump a en effet annoncé son intention d'imposer des tarifs douaniers de 25 % aux importations en provenance de l'Union européenne.

Nous devons veiller à ce que l'on apporte une réponse commune et proportionnée aux décisions prises par l'administration Trump.

Het doel van de Amerikaanse president bestaat erin de vermeende ovenwichtigheden in de handelsbetrekkingen weg te werken. Hij verwijt de Europese Unie normen en regels op te leggen die de toegang tot de Europese markt moeilijker maken voor Amerikaanse producten, terwijl Europese producten genieten van een relatief vrije toegang tot de Amerikaanse markt.

De Verenigde Staten kondigden aan vanaf 12 maart 25 % douanerechten te zullen heffen op de import van staal en aluminium afkomstig uit de Europese Unie. Een volgende ronde maatregelen zou begin april worden aangekondigd.

La présidente de la Commission européenne a exprimé son profond regret face à cette décision et a réaffirmé que l'Union prendrait des contre-mesures fermes et proportionnées pour protéger ses intérêts économiques.

Au niveau belge, dans le cadre du processus de concertation DGE, nous avons initié depuis plusieurs semaines déjà une réflexion afin de définir une position commune, qui se veut assertive et qui tient compte des intérêts belges.

Il faut néanmoins savoir que toutes les mesures américaines ne sont pas encore précisément connues. Par ailleurs, nous attendons encore la proposition que la Commission pourrait faire pour répondre aux mesures américaines annoncées.

La Belgique entretient des relations commerciales fortes avec les États-Unis, tant du côté de l'offre que de la demande. En 2023, les exportations de biens belges vers les États-Unis ont représenté plus de 28 milliards d'euros alors que les importations de biens en provenance des États-Unis s'élevaient à près de 25,8 milliards d'euros.

Sur la base de plusieurs analyses, nos principaux secteurs sensibles ont été identifiés. Il s'agit de la chimie, du secteur pharmaceutique, du secteur métallurgique, de certaines matières critiques, du secteur automobile, des machines et des appareils électroniques.

Dans les semaines à venir, je veillerai, en tant que ministre de l'Économie, avec mon collègue des Affaires étrangères, à défendre au mieux les intérêts stratégiques de la Belgique. Notre position sera largement concertée avec les différentes Régions du pays. Nous veillerons à faire entendre les intérêts des plus petites économies comme la nôtre.

Sur le plan européen, nous plaiderons pour l'unité des États membres face à la politique commerciale menée par le président Trump. Face aux tentatives américaines d'approcher les États membres séparément, il sera en effet essentiel de rester sur la même ligne pour renforcer la cohérence de nos messages et notre position face à l'administration Trump.

Par ailleurs, il me semble aussi urgent de pouvoir développer au niveau européen et belge une stratégie de défense des industries et des entreprises confrontées à la concurrence internationale. Les annonces d'hier, en marge de la conférence d'Anvers sur le Clean Industrial Deal, semblent aller dans le bon sens. Nous devons les mettre en œuvre avec volontarisme et célérité, notamment au travers du plan interfédéral de développement des industries prévu dans notre accord de gouvernement. Je vous remercie pour votre attention.

Maxime Prévot:

Monsieur le président, c'est en ma qualité de ministre des Affaires étrangères et, à ce titre, compétent pour la diplomatie économique et la politique commerciale européenne que je vais compléter les propos du premier ministre et de mon collègue Clarinval.

Les États-Unis sont en train de faire fausse route. En annonçant imposer des droits de douane à tout-va, ils se mettent à dos une bonne partie du monde. Et nous ne voyons aucune justification à l'imposition de tels droits sur nos exportations. Comment peuvent-ils imaginer une seule seconde que cela va leur bénéficier? Comment peut-on penser que l'Union européenne constituerait une menace pour leur sécurité nationale?

De Amerikaanse tarieven zullen economisch contraproductief zijn, vooral gezien de diep geïntegreerde trans-Atlantische toeleveringsketens. Door tarieven op te leggen, zullen de Verenigde Staten hun eigen burgers belasten, de kosten voor hun eigen bedrijven verhogen en de inflatie aanwakkeren. Bovendien zullen de Amerikaanse tarieven waarschijnlijk ontwrichtende effecten hebben op het wereldwijde handelssysteem als geheel.

Die aankondigingen zullen niet onbeantwoord blijven. We moeten echter zeker niet proberen op elke provocatie te reageren. De bedoelingen van president Trump en zijn regering, of ze nu betrekking hebben op Europa, Groenland, Oekraïne of de Gazastrook, kunnen aanleiding geven tot veel berichten op X, die we kunnen betreuren. We moeten echter reageren op tastbare maatregelen, die op dit moment niet erg talrijk zijn.

J'ai demandé à mes services de travailler d'arrache-pied sur comment faire face et redéfinir notre relation avec les États-Unis, tous aspects confondus, le commerce, bien sûr, mais aussi le climat, l'énergie, la diversité, les droits sexuels et reproductifs, le digital, les migrations, l'éthique, la santé, et j'en passe. Ce travail est fait en coordination avec les autres membres du gouvernement et les autres gouvernements du pays. On ne peut pas réagir sur un coup de tête. Ne faisons pas nous-mêmes du Trump en réaction à Trump!

Nous ne devons pas nous arrêter à une posture ébahie, prendre note de chacune des annonces et décisions américaines. Le monde change très vite et nous devons nous montrer proactifs et ne pas seulement agir sur la défensive. Nous devons arrêter la naïveté. Quittons cette posture de victime pour reprendre notre place sur la scène internationale!

We moeten de Europeanen samenbrengen om dit antwoord te bepalen. België moet opnieuw zijn rol als vereniger spelen om een verenigd front te vormen tegenover de nieuwe geopolitieke omwentelingen. We hebben een sterk, veerkrachtig, autonoom en soeverein Europa nodig, dat in staat is de uitdagingen van vandaag en morgen aan te gaan. Dat vereist dat we beter, efficiënter en sneller samenwerken. Een verenigend maar ook assertiever beleid ter verdediging van onze belangen in een wereld waarin de machtsverhoudingen intens zijn, is dan ook precies wat ik sinds mijn aantreden heb gevoerd. We moeten onze verantwoordelijkheid nemen.

En matière de défense, comme cela a été précisé par le premier ministre, une paix juste, globale et durable en Ukraine ne fera bien sûr pas disparaître la menace russe. Nous devons donc renforcer d'urgence nos capacités industrielles de défense, et nous devons assurer la compétitivité de nos entreprises tous secteurs confondus. Le ministre Clarinval l'a rappelé, nous avons le devoir de protéger nos citoyens et nos entreprises contre ces décisions américaines. Non seulement les protéger, mais agir aussi pour augmenter leur compétitivité.

D atzelfde ambitieniveau moet ons drijven als het gaat om het aangaan van de uitdaging van de klimaattransitie. Ik zal u daaraan ook herinneren wanneer ik mijn beleidsverklaring presenteer, want dat zal een constante zijn in het beleid dat ik plan te voeren.

Dans le même temps, la recherche d'un agenda positif avec la nouvelle administration américaine doit rester notre objectif premier. Nous avons tout à gagner dans un partenariat transatlantique fort. Nous devons rester ouverts aux collaborations avec les autorités américaines sur nos priorités communes en matière de prospérité et de sécurité internationale, notamment. Pensons par exemple à la lutte contre le crime organisé, ou contre les drogues, ou contre les trafics d'êtres humains. J'entends poursuivre les discussions entamées par mon prédécesseur à ce sujet avec le secrétaire d'État Rubio.

La relation de la Belgique avec les États-Unis est la plus importante économiquement hors d'Europe, avec plus de 75 milliards d'échanges par an et des investissements soutenant 250 000 emplois.

Die omwentelingen moeten ons ook uitnodigen om nieuwe bondgenoten te vinden. We moeten partnerschappen op intelligente en consequente manier diversifiëren. Ik dank u.

Kjell Vander Elst:

Bedankt, mijnheer de premier. Ook wij staan aan de kant van Europa en van het vrije Westen. Daarop mag u rekenen.

We moeten dan wel ons deel doen. U hebt niet geantwoord op de vraag hoe we tegen de zomer de 2 % die de NAVO ons oplegt, zullen behalen. U noemt het een sprintje trekken. Ik vrees dat dat niet zal volstaan.

Premier, u hebt een zeer ambitieuze minister van Defensie. Er staan zeer goede zaken op papier, maar het budget moet dan ook wel volgen. We spreken elkaar dus in april tijdens de begrotingsbesprekingen en zullen dan zien of u die woorden zult omzetten in daden.

Patrick Prévot:

Malgré le fait que vous ayez envoyé une armée mexicaine pour me répondre, vous avez scrupuleusement répondu aux questions que je n'avais pas posées.

Monsieur le ministre de l'Économie, en rapport avec la question que j'avais posée concernant la task force , je vous signale qu'il y a eu une action symbolique devant votre SPF en marge d'une réunion sur la politique industrielle. J'espère que vous étiez au courant. Les syndicats et les ONG déploraient le fait qu'ils n'étaient pas invités et que vous aviez choisi quelques entreprises. Ma première demande formelle est que vous les invitiez autour de la table.

Monsieur le premier ministre, messieurs les ministres, il faudra évidemment être beaucoup plus offensifs. Quand on vise 80 % de taux d'emploi – même si personne n'y croit –, il va évidemment falloir mener une politique d'investissements publics beaucoup plus ambitieuse. Le pacte pour une industrie propre s'élève à 100 milliards alors que le rapport Draghi en préconisait 800. Plus que jamais, il faut viser un taux d'investissement public (…)

Voorzitter:

Collega’s, het noemen van een naam volstaat niet om er een persoonlijk feit van te maken.

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de premier, u hebt hier geantwoord en u gaat blijkbaar door. Wij zeggen al maanden dat blindelings de Amerikanen volgen Europa kapot zal maken en u gaat daar gewoon mee door. U verstaat niet wat er aan het gebeuren is.

Bien sûr que Poutine est à condamner! Évidemment, il est synonyme de guerre. Poutine, c'est la guerre. Mais le monde libre est-il synonyme de paix? Les bombardements américains au Vietnam, c'est la paix? Les bombardements américains en Libye, en Syrie, c'est la paix? Les bombardements américains en Irak: un million de morts! Un million de morts en Irak, est-ce la paix? Comment peut-on continuer à être aussi naïf?

Vous avez raison, monsieur Prévot. L'Europe doit chercher de nouveaux partenaires. Le Sud global est en train de se réveiller aujourd'hui. Pour la première fois depuis la Deuxième Guerre mondiale, une puissance économique mondiale est en train de se faire dépasser par d'autres puissances du Sud.

Si l'Europe veut survivre, il faut arrêter d'être naïf comme ici aujourd'hui et tendre la main. Une Europe non-alignée doit tendre la main aux pays du Sud pour arrêter d'être naïf et se faire détruire (…)

(De heer Hedebouw maakt zwembewegingen.)

Voorzitter:

Voor het verslag, de heer Hedebouw zwemt terug naar zijn plaats.

Charlotte Deborsu:

En tout cas, Trump est ce qu'il est, mais il aura réalisé un grand exploit aujourd'hui. Réussir à amener la gauche à promouvoir le libre marché et à s'opposer aux taxes douanières, chapeau à lui!

Monsieur le premier ministre, je vous pardonne de ne pas avoir répondu à toutes mes questions, qui étaient peut-être un peu trop précises. Face à cette offensive protectionniste, l'Europe ne peut pas trembler, la Belgique ne peut pas trembler. L'Union européenne a les moyens d'agir et la Belgique doit être à l'avant-garde de cette riposte. Nos entreprises doivent être protégées, nos travailleurs soutenus, notre souveraineté économique défendue et même déployée. Et le meilleur moyen d'y arriver est de mener une réelle stratégie de réindustrialisation de l'Europe, pour plus de souveraineté. L'enjeu est là. Profitons de l'occasion pour enfin nous réveiller. Wake up, Europe!

François De Smet:

Merci pour vos réponses.

Les comparatifs entre MM. Trump et Poutine sont intéressants, parce que je crois qu'ils ont beaucoup de points communs. Ils sont imprévisibles, ils sont dangereux, ils ne respectent que le rapport de force et ils font un pari immodéré sur la faiblesse des Européens. Or, M. Poutine a eu tort, au moins en partie. Les Européens ont été solidaires de l'Ukraine. Nous devons continuer à l'être et nous vous soutiendrons évidemment à ce sujet.

De la même manière, il faut que M. Trump ait tort lorsqu'il parie qu'il peut diviser les Européens, et éventuellement mener des négociations pays par pays. Cela veut dire qu'il ne faudra pas juste répliquer par des droits de douane aussi forts ou par une guerre commerciale. Il faudra surtout devenir aussi forts que les États-Unis et d'autres pays, en termes de recherche et d'innovation, parce qu'il n'y a que dans cette indépendance-là que nous arriverons à ne plus être de simples consommateurs de la mondialisation.

Meyrem Almaci:

Mijnheer de eerste minister, de samenvatting van uw antwoord was eigenlijk eendracht maakt macht, in België en in Europa. Ik heb u vroeger wel iets anders horen zeggen. Het kan verkeren.

Het klopt natuurlijk wel. Het is in ons aller belang dat we ons nu niet uit elkaar laten spelen en lijdzaam de agressie ondergaan van een man die leeft in zijn eigen realiteit. Het is het moment voor Europa om zelf maatregelen te nemen en te investeren in innovatie, verduurzaming en groene industriële transitie. De groenen geloven in een samenleving waar niet het recht van de sterkste regeert, maar waar iedereen meegetrokken wordt in een partnerschap met een duidelijke koers en humanistische waarden, met een koel hoofd en een warm hart, in Europa, maar ook in ons land.

Wat dat laatste betreft, verdient ook het project van de arizonaregering de nodige verbeteringen, zowel op het vlak van mensbeeld als van onderzoek en investeringen.

Simon Dethier:

Merci, monsieur le premier ministre, messieurs les ministres, pour ces éléments de réponse qui apportent des informations éclairantes quant à l'orientation du gouvernement pour l'avenir.

Préserver la compétitivité des entreprises, c'est permettre aux citoyens, aux commerçants, aux entrepreneurs et aux travailleurs d'exercer leur métier et maintenir l'emploi. Maintenir le cap climatique, c'est veiller à notre avenir aujourd'hui et pour les générations futures. Les changements ne sont jamais faciles à aborder et je tiens à exprimer tout mon soutien et mon respect aux entreprises et aux citoyens qui œuvrent pour développer notre économie, créer des emplois dans un contexte exigeant, instable, incertain et en profond changement. Ne faisons pas du Trump, saisissons les opportunités de la transition climatique pour une économie résiliente et prospère.

Voorzitter:

Je félicite M. Dethier pour sa première intervention.

(Applaus)

(Applaudissements)

Koen Van den Heuvel:

Mijnheer de eerste minister, heren ministers, dank u voor uw zeer stevige antwoorden. Die stemmen mij blij. U ziet volop de ernst van de situatie in. Als cd&v moedigen we u aan opdat België een duidelijke, constructieve rol in de Europese Unie opneemt om een stevig antwoord te formuleren.

Mijnheer de premier, het antwoord mag niet agressief zijn, maar evenmin naïef. Ga voor een slim en assertief Europees antwoord, want onze Belgische export, onze Belgische farmaceutische industrie verdienen dat. We rekenen dus echt op u.

Darya Safai:

Mijnheer de premier, ik ben blij met uw stelling dat wij als Europeanen de rug moeten rechten. Daarom moeten wij, zoals u hebt gezegd, meer investeren in onze defensie. De Europese landen zullen veel meer moeten samenwerken om hun rol in de NAVO te kunnen opnemen. Wij moeten inderdaad Oekraïne blijven steunen. Dat land is immers de poort van Europa. Capitulatie voor een vijand zoals Poetin mag nooit een optie zijn. Voor de N-VA luidt het motto: geen welvaart zonder veiligheid. Samen kunnen wij het aan.

mobiliteit en transport

De 9-daagse spoorstaking
De stakingen bij de spoorwegen
De stand van zaken met betrekking tot de 9-daagse spoorstaking
De spoorstakingen
Spoorstakingen van 9 dagen

Gesteld aan

Jean-Luc Crucke (Minister van Mobiliteit, Klimaat en Ecologische Transitie)

op 27 februari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De langdurige spoorstakingen (tot 29 dagen, mogelijk tot juli) van vakbonden—met name kleinere, radicale groepen—lamleggen het openbaar vervoer, met enorme gevolgen voor pendelaars, studenten en het spoorpersoneel dat *wel* wil werken, terwijl de NMBS en regering in gebreke blijven om de crisis op te lossen. De kern van het conflict ligt in onrust over pensioenhervormingen, het HR-statuut en arizonaplannen, waarbij vakbonden hun privileges verdedigen en de regering te traag of onvoldoende communiceert—ondanks tweewekelijks overleg met de grootste bonden (CSC, CGSP). Alternatieve diensten functioneren slecht: treinen vallen uit, reizigers staan uren in de kou, en regio’s raken geheel geïsoleerd. Critici (o.a. CD&V, N-VA) eisen dringend resultaat: concrete compensatie (bv. abonnementsverlenging), breder overleg (ook met kleine vakbonden) en duidelijke regeringstegenmaatregelen om de continuïteit van de spoordienst te garanderen, in plaats van louter symbolische dialoog. De sociale en economische schade dreigt tot diep in 2024 door te woeden zonder ingrijpen.

Tine Gielis:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, de ene vakbond staakt 9 dagen. De andere vakbond staakt 29 dagen. Dames en heren, wie biedt er meer? Het lijkt wel een stakingsopbod. De vraag die we ons hierbij moeten stellen, is hoever dit staat van de dagelijkse realiteit van de treinreiziger. De impact van al die acties op de treinreizigers, de pendelaars, de studenten en de senioren is gigantisch. De staking is volstrekt onverantwoord volgens de cd&v-fractie.

Mijnheer de minister, ik hoop dat uw collega in zijn overleg met de bonden heel duidelijk maakt dat die acties onaanvaardbaar zijn. Ze schaden niet alleen de reizigers, maar ook het vertrouwen in ons openbaar vervoer. Want wie is naast de reizigers ook de dupe? Laten we dat niet vergeten. Dat zijn de vele spoorwegmensen die wel willen werken, die elke dag met veel passie hun job doen, maar die ook aangeven dat het niet altijd evident is om langer te werken. Daarvoor moeten we ook begrip hebben. Sterker nog, we moeten hen daarbij helpen.

Iedereen weet dat er hervormingen nodig zijn. We moeten de mensen geen blaasjes wijs maken, we mogen dat niet ontkennen. Het is dus tijd om in gesprek te gaan en samen te zoeken hoe we kunnen zorgen voor een deftig pensioen enerzijds en tegelijkertijd het werk werkbaar kunnen houden anderzijds. Maar zorg er alstublieft voor dat de reizigers niet langer in de kou staan of het slachtoffer zijn.

Mijnheer de minister, hoe gaat u ervoor zorgen dat de mensen op hun werk geraken de komende dagen? Hoe gaat u ervoor zorgen dat onze spoormensen hun werk kunnen blijven doen?

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, elke dag worden honderdduizenden reizigers geraakt door de spoorstakingen: werknemers raken niet op tijd op hun werk, studenten missen lessen, een fijn weekenduitstapje blijkt ineens moeilijk te plannen. Dat is een drama voor de spoorwegen en voor de reizigers. De pendelaars zitten ook met de handen in het haar. Ik heb het zelf ook mogen ervaren. Het is niet zo praktisch om negen dagen lang maar een dag op voorhand zijn rit van een dag later te kunnen plannen.

Als die trein dan komt, dan heeft men geluk, want vaak wordt hij een kwartier voor aankomst toch nog geannuleerd. Eigenlijk valt dat dan nog mee, want er zijn ook delen van het land, zoals de Antwerpse Kempen, West-Vlaanderen en Limburg, van waaruit mensen er helemaal niet meer geraken met de trein.

We mogen echter niet vergeten dat er een reden is waarom er gestaakt wordt. Die stakingen komen niet uit de lucht vallen. Het spoorpersoneel is ongerust over uw plannen met hun pensioen en met hun personeelsstatuut. De onrust is groot, want er lijken de komende maanden nog verschillende stakingsdagen aan te komen. Mijn oproep is dan ook om de staking als een alarmsignaal te zien, want de NMBS moest haar vervoersplan al terugschroeven wegens te weinig personeel. Het is toch overduidelijk dat de stakingen ook duidelijk maken dat de huidige plannen het treinberoep nog minder aantrekkelijk maken, net op een moment dat we meer treinbestuurders nodig hebben.

Vorige week verweet de minister de kleine vakbonden actie te voeren zonder te overleggen. Zijn er ondertussen wel al gesprekken geweest of zijn die gepland? Hoe staat de regering tegenover compenserende maatregelen voor de treinreizigers? Kan het abonnement worden verlengd voor de periode van de stakingen? Tot slot, hoe gaat u ervoor zorgen dat de besparingen (…)

Voorzitter:

Dank u wel, mijnheer Aerts.

Dorien Cuylaerts:

Ik sta hier voor de zesde keer dit jaar met een vraag over het spoor. Toevallig is het vandaag de zesde dag van de fameuze negendaagse spoorstaking. U zou zich kunnen afvragen waar ik nog inspiratie haal voor een vraag. Wel, die kleine vakbonden inspireren mij. Ze hebben het toch mooi voor mekaar. Ze maken een compleet zootje van het spoorverkeer, omdat ze het niet eens zijn met de plannen van een democratisch verkozen regering. Ze willen vooral hun onverdedigbaar geworden privileges behouden.

Iedereen kent het resultaat: pendelaars, studenten en andere reizigers geraken niet op hun bestemming. Als zij toch een trein vinden, hebben ze geluk dat ze op die trein geraken, al zitten ze dan op elkaar gepakt als sardienen in een blik. Dat is onaanvaardbaar, we kunnen dat niet langer pikken.

Mijnheer de minister, naast de reizigers is er nog een andere groep die van die situatie de dupe is, met name het spoorwegpersoneel dat er wel voor kiest om te werken. Die personeelsleden krijgen deze dagen alle frustraties en alle klachten over zich heen, terwijl net zij de schade proberen te beperken.

Hoe lang kunnen de vakbonden nog staken zonder rekening te houden met de reizigers? Hoe lang kunnen ze dat volhouden zonder rekening te houden met hun collega’s die ook dupe zijn van de staking?

Frank Troosters:

Mijnheer de minister, dank u om uw collega Crucke, de minister van Mobiliteit, te vervangen. Ik twijfelde om deze vraag vandaag te stellen, want ik had ze heel graag aan minister Crucke zelf gesteld, maar gezien de spoorellende van de voorbije dagen stel ik ze toch aan u. Het is te belangrijk.

Vorige week ondervroeg ik minister Crucke over de spoorstaking aan de vooravond van de negendaagse spoorstaking. Vandaag is het de zesde dag en heeft de staking al voor veel ellende gezorgd. Er zijn nog veel meer acties door de grote spoorvakbonden aangekondigd, die zelfs tot juli zouden duren. We staan dus door een lange periode van sociale onrust. Er wordt nu zelfs gesproken over een zeer lange staking. Het is duidelijk dat de treinreiziger daarvan het slachtoffer zal worden.

De acties komen er uit onrust over wat men leest over het spoor in de arizonaplannen en het regeerakkoord. Er is dus niemand beter geschikt dan een minister van de arizonaregering om die onrust bij het spoorpersoneel weg te nemen. Ik heb minister Crucke verleden week gevraagd om alles uit de kast te halen om de onrust weg te nemen, zodat de lopende acties mogelijk zouden kunnen worden ingekort of andere aangekondigde acties worden opgeschort.

Mijn vraag is eenvoudig. Wat is er sinds vorige week gebeurd? Is er overleg geweest en met welk resultaat? Ik zie er tot op heden geen, maar is er resultaat? Wat is er gebeurd? Wat mogen we nog verwachten? Op welke manier gaat men ervoor zorgen dat de treinreiziger niet tot juli gegijzeld blijft?

Maxime Prévot:

Mijnheer de voorzitter, geachte Kamerleden, het stakingsrecht is een grondrecht in onze democratie, maar het moet worden uitgeoefend in het kader dat zowel de sociale dialoog als de continuïteit van de openbare diensten respecteert. De negendaagse staking die momenteel de spoorwegsector treft, heeft veel reacties en vragen opgeroepen, met name over de motivatie en de impact ervan op de gebruikers en de economie van het land.

Ik wil u eraan herinneren dat de NMBS en Infrabel autonome overheidsbedrijven zijn. De sociale dialoog binnen die bedrijven is hun verantwoordelijkheid en die van de representatieve vakbonden. Niettemin heeft Jean-Luc Crucke als federale minister van Mobiliteit het initiatief genomen om een regelmatige dialoog te onderhouden met de vertegenwoordigers van het spoorwegpersoneel. Sinds het begin van deze legislatuur heeft hij tweewekelijks vergaderingen georganiseerd met de twee belangrijkste vakbondsorganisaties in de sector, de CSC en de CGSP, om een constante en constructieve uitwisseling te garanderen. Die periodiciteit maakt het mogelijk om een doeltreffende opvolging van de bezorgdheden van het personeel te garanderen en te voorkomen dat spanningen escaleren door een gebrek aan dialoog.

Het is belangrijk op te merken dat die twee vakbonden de geldende procedures hebben gerespecteerd. Ze hebben kennisgevingen ingediend en deelgenomen aan de besprekingen waaruit de bereidheid tot overleg blijkt. Daartegenover hebben andere vakbondsorganisaties, van minderheden, gekozen voor een radicalere oppositiestrategie die zelfs zo ver gaat dat ze het hele spoorwegnet blokkeert. Een dergelijke houding is onaanvaardbaar. Het stakingsrecht mag geen instrument worden van totale blokkade van het land, vooral niet wanneer het wordt uitgeoefend door een minderheid die zeker niet alle spoorwegarbeiders vertegenwoordigt.

De eisen van de vakbond gaan veel verder dan het kader van mobiliteit. Ze hebben betrekking op bredere kwesties, zoals de hervorming van de pensioenen, de reorganisatie van HR Rail of de toekomst van de sociale dialoog in overheidsbedrijven. Die vragen zijn van belang voor de federale overheid in zijn geheel en er zijn besprekingen gaande om evenwichtige antwoorden te geven.

Het regeerakkoord voorziet in hervormingen die op een verantwoorde manier en in overleg worden doorgevoerd. De minister van Mobiliteit verbindt zich ertoe ervoor te zorgen dat de veranderingen worden doorgevoerd met respect voor de werknemers en de continuïteit van de openbare spoorwegdienst.

Om de impact van de staking op de gebruikers te beperken, werd een alternatieve spoordienst opgezet. De NMBS past haar reisplanner dagelijks aan in functie van de beschikbaarheid van het personeel. Passagiers worden uitgenodigd om die informatie te raadplegen om hun reizen zo goed mogelijk te organiseren.

De regering blijft openstaan voor dialoog en zal ervoor zorgen dat de genomen beslissingen zowel de toekomst van het spoor in België verzekeren als het begrotingsevenwicht van het land vrijwaren. Het is van essentieel belang dat alle belanghebbenden hun verantwoordelijkheid nemen en de voorkeur geven aan overleg in plaats van confrontatie. Het is in die geest dat we het werk dat we zijn begonnen, zullen voortzetten.

Tine Gielis:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoorden.

Ik ben blij te vernemen dat uw collega, minister Crucke, kiest voor de dialoog en niet voor de blokkade, en er effectief mee aan de slag gaat, in samenspraak met de NMBS, om zekerheid te bieden aan de pendelaars. Het kan echt niet langer dat werkende mensen op deze manier gegijzeld worden.

Ik hoop dat uw collega-minister het vertrouwen van de pendelaars kan terugwinnen en dat we dergelijke situaties de komende jaren kunnen vermijden. Het spoorpersoneel moet gewaardeerd worden, maar dat geldt ook voor de pendelaars.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, het spoor heeft stabiliteit nodig: zekerheid voor het personeel en voor de treinreizigers. Zonder die stabiliteit zullen stakingen en personeelstekorten hand in hand blijven gaan en elkaar blijven versterken.

In naam van uw collega verwijst u naar de structuur van de NMBS om te zeggen dat het eigenlijk niet aan u is om te overleggen, maar aan de NMBS. Collega’s, we mogen echter niet vergeten dat deze staking niet gericht is tegen de NMBS, maar tegen de beslissing van de arizonaregering. Het is normaal dat de minister zijn verantwoordelijkheid neemt. Wat mij betreft, mag hij die verantwoordelijkheid ruimer nemen, niet enkel met de twee grootste spoorwegvakbonden, maar ook met de andere spoorwegvakbonden. Enkel via overleg kunnen we ervoor zorgen dat die mensen misschien gerustgesteld kunnen worden. Dat zal cruciaal zijn.

Ik begrijp dat mensen ongerust zijn, want op dit moment gaan zowel het personeel als het budget van de NMBS erop achteruit. Voor de rest blijft het een groot vraagteken waar de huidige regering naartoe wil.

Dorien Cuylaerts:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik hoorde onlangs nog de woordvoerder van de OVS in een interview met ATV zeggen dat hij een bondgenoot is en bruggen wil bouwen, dus in dialoog wil gaan. De manier waarop deze asociale actie georganiseerd is, zorgt er echter voor dat de dienstverlening maximaal geïmpacteerd wordt, waardoor niet alleen de reizigers de dupe zijn, maar ook het spoorpersoneel dat wel wil werken en ervoor kiest om de reiziger niet in de steek te laten.

Zaterdag is het complimentendag en onze fractie wil het spoorpersoneel dat blijft doorwerken en zich elke dag inzet voor de treinreiziger een dikke pluim geven. Wij danken hen omdat zij de reiziger niet in de kou laten staan. Zij verdienen oprecht een compliment.

Frank Troosters:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik hoor u graag zeggen dat u tweewekelijks overleg pleegt met het spoorpersoneel, maar het is het resultaat dat mij interesseert. Ik stel vast dat er de afgelopen dagen, ondanks de minimale dienstverlening, heel veel problemen waren. Een aantal treinen rijdt niet en de reizigers wachten met velen op een andere trein. In Leuven bijvoorbeeld stonden mensen zes rijen dik op het perron te wachten op een trein die al overvol zat. Mensen geraken vanuit Limburg met de trein tot in Brussel, maar zien dan dat er geen enkele trein meer terugrijdt naar hun vertrekstation. Die mensen staan letterlijk in de kou. Dat zijn onaanvaardbare toestanden. De treinreiziger heeft niets aan al die discussies tussen de arizonaregering en het spoorpersoneel, maar wil zijn trein kunnen nemen. Ik herhaal mijn oproep van vorige week. Ga aan de slag, ga opnieuw in overleg en neem de onrust weg, zodat de treinreizigers geholpen worden.

economie en werk

De door de NBB uitgevoerde analyse van de begrotingsplannen van de regering-De Wever
De NBB en de begroting
De kritiek van de gouverneur van de Nationale Bank van België op het regeerakkoord
Analyse door NBB van regeringsbegroting en –akkoord

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 20 februari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De kritiek op de begroting van premier De Wever is vernietigend: experten (Peersman, De Grauwe, Wunsch) en de Nationale Bank noemen de terugverdieneffecten van 8 miljard "ongeloofwaardig" en waarschuwen dat de hervormingen onvoldoende zijn om het tekort (41 miljard in zicht) en de exploderende sociale uitgaven (55% BBP, hoogste ter wereld) te beteugelen. De Wever erkent de gigantische budgettaire uitdaging (vergrijzing, arbeidsongeschiktheid +60%) en belooft het "bloeden te stelpen", maar geeft toe dat één legislatuur niet volstaat—wat oppositie en N-VA-koalitiepartners als verraad aan Vlaamse belangen bestempelen, omdat Vlamingen opnieuw zouden opdraaien voor Waalse tekorten. De kernvraag—of De Wever’s hervormingen structureel volhoubaar zijn of enkel symptoombestrijding—blijft onbeantwoord, terwijl de druk om transparantie (rapporten Planbureau) en versnelde hervormingen toeneemt.

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de premier, eerder maakten begrotingsexperts brandhout van uw begrotingstabellen. Ik citeer professor Peersman: "Ik heb het nog nooit zo extreem gezien." Ook de Nationale Bank haalt de cijfers van uw regering stevig onderuit. De gouverneur van de Nationale Bank, Pierre Wunsch, is een aimabel man, maar zijn analyse van uw regeerkakkoord is snoeihard. De hervormingsplannen volstaan gewoonweg niet om de begroting op orde te krijgen. Het is verre van duidelijk of het begrotingstekort zal dalen. De miljarden aan terugverdieneffecten zijn volgens hem zeer onduidelijk. Dit land blijft veel te veel uitgeven, meer dan 55 % van het bbp. Door hoge schulden zullen ook de intrestbetalingen verder toenemen.

Kortom, ook na het aantreden van uw regering blijven de voorzichten heel slecht. De financiële situatie is en blijft onhoudbaar. Bij een nieuwe schok komt dit land mogelijks opnieuw in het vizier van de financiële markten. We waren al een slechte leerling en nu worden we de slechtste leerling van de klas. Landen als Spanje, Portugal en zelfs Griekenland hebben betere cijfers dan u en uw regering. De Bart De Wever van voor de verkiezingen zou vernietigend zijn geweest voor een dergelijke regering.

We kennen het standpunt van Bart De Wever, maar hoe reageert u, mijnheer de eerste minister De Wever?

Axel Ronse:

De Nationale Bank heeft ons vier medailles uitgereikt.

Eerste medaille, België is het gulzigste land van alle niet-communistische regimes ter wereld: 55 % van de waren die we creëren, gaan in de pocket van de overheid.

Tweede medaille, het grootste gat in de hand, schulden maken en op de poef leven.

Derde medaille, België vreet het meeste weg van wat werkgevers betalen aan lonen; weg competitiviteit!

Vierde medaille, medaille voor het land dat de uitkeringen het snelst heeft doen stijgen en dat er vooral ook voor heeft gezorgd dat werken onaantrekkelijk is.

Vier medailles. Wie kunnen we vinden die zo'n land wil leiden, hervormen en terug gezond wil maken? Wie is er zo zot om dat te doen? Ik heb er mijn hoofd over gebroken. Wie? Er is team la lutte sociale , bestaande uit de PS en de PTB. La lutte sociale. C'est scandaleux ce qu'on fait! Zij willen de uitkeringen verder verhogen, den dop onbeperkt in de tijd, niets doen aan activering. On va pour plusieurs médailles!

En dan is er team kookwekkertje. Dat wil nog vijf jaar applaudisseren voor team la lutte sociale . Nog dieper de dieperik in, nog meer medailles!

En dan is er team Arizona. Eindelijk, enfin la réforme , enfin on est là . Dat team heeft gelukkig iemand gevonden die zo zot is om dat land te leiden. En de Nationale Bank zegt tegen die leider dat hij niet genoeg zal hebben aan vijf jaar, dat hij tien of vijftien jaar nodig zal hebben. Eigenlijk zegt de Nationale Bank dat we twintig jaar eerste minister De Wever nodig hebben. (Hilariteit)

Mijnheer de eerste minister, mijn vraag aan u is heel simpel. Bent u bereid om de komende twintig jaar ons land te leiden?

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de eerste minister, met uw toestemming keer ik even terug naar het hier en nu. U zei zelf dat het succes van de regering De Wever I zal bepaald worden door de mate waarin u erin slaagt het gat in de begroting te dichten. Een belangrijk onderdeel daarvan zijn de terugverdieneffecten. U rekent op bijna 8 miljard, een waanzinnig bedrag dat door ons al weken in vraag wordt gesteld. Wij vinden dat totaal niet geloofwaardig.

Ik kan me inbeelden dat het u niet veel doet om kritiek op uw begroting te krijgen van mij en van mijn fractie. Integendeel, u vindt die waarschijnlijk voorspelbaar en u vindt het misschien zelfs een beetje amusant te kunnen sparren met de linkiewinkies die niet willen besparen en die – stel u voor – opkomen voor de zwakkeren in onze samenleving. Die kritiek van ons doet u hoegenaamd geen pijn.

Maar dan kijk ik naar de experts die wat meer onafhankelijk zijn. Professor Economie Gert Peersman: "De regering rekent zich rijk met terugverdieneffecten; ik heb het nog nooit zo extreem gezien." Professor Economie Paul De Grauwe: "Die terugverdieneffecten, dat is een akte van geloof." Professor Arbeidseconomie Stijn Baert: "De regering zal de beoogde doelstellingen niet halen." Nu zegt gouverneur Wunsch van de Nationale Bank dat hij absoluut niet gelooft in de begroting die u wil indienen. De laatste keer dat ik het nagekeken heb, was de heer Wunsch geen lid van een of andere linkse hobbyclub. Als de heer Wunsch die kritiek geeft, doet het dus wel pijn.

Mijnheer de eerste minister, vorige week hebben we u gevraagd om het regeerakkoord te laten doorrekenen door het Federaal Planbureau. U hebt dat geweigerd. U hebt erbij gezegd dat in de loop van de formatie alle scenario's reeds doorgerekend werden door verschillende instanties.

Vandaar mijn vraag aan u: bent u bereid om het rapport over de terugverdieneffecten dat u toen ontvangen hebt te delen met het Parlement, ja of neen?

Bart De Wever:

Wat de Nationale Bank in haar rapport schrijft, is niet nieuw. Dat verslag gaat voor alle duidelijkheid uit van ongewijzigd beleid. Het is een herhaling van wat ze al jaren zegt: er is in dit land een explosie van de sociale uitgaven door de veel te hoge inactiviteit en de vergrijzing en dat maakt ons sociaal systeem onhoudbaar. De vorige spreker zei dat wij de zwakken niet zouden beschermen. Het tegendeel is echter waar: niks doen, is wellicht het ergste wat de zwakken in onze samenleving zou kunnen overkomen.

Er komt nog bij dat de vorige regering, ondanks die realiteit de uitkeringsmassa gevoelig verhoogde. Ik wil toch ook nog eens de cijfers meegeven waarmee we nu van start moeten gaan. Het tekort in België in 2024 is -4,6 % van het bbp of 28 miljard, waarvan 20 miljard op entiteit 1, dat natuurlijk de bulk van de sociale uitgaven moet dragen. Als we het begrotingsbeleid van de vorige regering gewoon zouden voortzetten, zakken wij volgens de Nationale Bank naar een tekort van 41 miljard euro enkel voor entiteit 1. Een tekort van 41 miljard! Dat is een ongezien dieptepunt. Ik mag dus zeggen dat de budgettaire uitdaging waarvoor wij staan, gigantisch is.

Onze eerste doelstelling, die ik ook in mijn regeerverklaring heb vermeld, is het rot te stoppen en het bloeden stelpen. De hervormingen die we daarvoor vooropstellen, zijn naar Belgische normen zeer ambitieus en absoluut noodzakelijk. Recent heeft de Studiecommissie voor de Vergrijzing ingeschat dat de budgettaire kosten van de vergrijzing nog sneller zullen stijgen dan wat in haar vorig verslag vermeld stond. De leeftijdsgebonden uitgaven stijgen in België op lange termijn nog veel sterker dan in de andere Europese landen. Het aantal personen dat meer dan een jaar arbeidsongeschikt is, is de voorbije tien jaar toegenomen met 60 % en zou in 2024 de magische grens van een half miljoen personen hebben overschreden.

Wat de Nationale Bank vandaag zegt, is dat de plannen van Arizona goed zijn en dat ze het rampscenario waarop we afstevenen, zullen vermijden. Maar uiteraard zal er op dit elan nog lang moeten worden doorgegaan, al hoop ik geen twintig jaar, mijnheer Ronse, maar toch langer dan één legislatuur om het nominaal saldo te kunnen verbeteren, wat al een hele uitdaging wordt, en bovenal, het allerbelangrijkste, om dat saldo structureel gezond te krijgen. Dat strookt volgens mij helemaal met wat ik in de regeerverklaring heb gezegd en wat de ambitie van deze regering is. Wij zijn inderdaad vertrokken voor een sanering die we niet op vijf jaar zullen kunnen afronden, want dat is eerlijk gezegd onmogelijk, en dat weet u.

De regering zal de komende jaren bovendien heel strikt de evolutie van de uitgaven moeten opvolgen en de beoogde effecten inderdaad moeten monitoren en indien nodig bijkomende maatregelen nemen. Laten we eerlijk toegeven dat ook de geopolitieke situatie ons kan nopen om nog aanzienlijke bijsturingen te doen. Daarin kunnen we best heel realistisch zijn, want dat komt misschien wel eens heel snel op ons af.

De federale regering heeft in deze oefening uiteraard de grootste rol en zal met ambitieuze hervormingen die rol ook opnemen, maar ik roep uiteraard ook alle andere overheden op om hun verantwoordelijkheid op te nemen en hun financiën op orde te stellen. Daarbij richt ik mij in eerste instantie tot die regio die tot heden heeft nagelaten om een regering te vormen, maar niet heeft nagelaten om enorme tekorten op te stapelen.

Wouter Vermeersch:

Mijnheer de eerste minister, wanneer de rekeningen van België niet kloppen, gaat de rekening uiteindelijk naar de Vlamingen. Dat weet u. U en uw fractie hebben op dat vlak steeds de juiste analyse gemaakt. Wat heeft u en uw partij echter uiteindelijk gedaan? U hebt het Vlaams programma aan de kant geschoven om te kunnen deelnemen aan een Belgische regering. U noemde de Vlaming de meest gepluimde kip van allemaal. Nu staat u op het punt ze verder uit te benen tot op het bot.

U zult wat dat betreft het Vlaams Belang op uw pad treffen en samen met ons een steeds groter wordende groep Vlamingen die het Belgische, Waalse en Brusselse potverteren op de kap van de Vlaamse belastingbetaler beu zijn. Mijnheer de eerste minister, beste N-VA, het is tijd voor echte hervormingen en om Vlaanderen nu eindelijk te bevrijden uit het Belgische financiële moeras.

Axel Ronse:

De Vlaming heeft gestemd om de werkloosheidsuitkering te beperken in de tijd, om ervoor te zorgen dat onze pensioenen betaalbaar zijn en om een gezondheidszorg te hebben die betaalbaar is. De Vlaming heeft ervoor gestemd dat wij hier over vijf jaar, tien jaar of twintig jaar niet meer staan met de vreselijke medailles van een gulzige overheid met een gat in haar hand, maar dat wij hier staan met medailles omdat veel mensen aan het werk zijn, de gezondheidszorg nog altijd betaalbaar is en mensen toegang hebben tot deftig onderwijs.

Team la lutte sociale en team kookwekkertje, als het aan jullie ligt, gaan wij inderdaad nog vijf of tien jaar wachten en gaan wij hen hier weer hun ding laten doen. Dat leidt recht naar de afgrond.

(…) : (…).

Axel Ronse:

Ik kan niet focussen op twee sprekers terwijl ik zelf spreek. Ik zal uw naam niet noemen, want ik wil geen persoonlijk feit uitlokken.

Mijnheer de eerste minister, ik wil gewoon zeggen dat ik hoop dat u er voor de komende vijf, tien of twintig jaar voluit voor gaat. Wij hebben u nodig.

Dieter Vanbesien:

Meneer de premier, vragen over uw regering kunt u niet blijven beantwoorden door een sneer te geven naar een vorige regering. De vragen gaan over uw plannen. Ze gaan over uw bilan. U zegt dat u waarschijnlijk in de loop van de jaren zal moeten bijsturen op basis van veranderende realiteiten en geopolitieke uitdagingen. Maar de terugverdieneffecten die u nu hebt ingeschreven, zijn nu al ongeloofwaardig op basis van uw huidige cijfers en plannen. U start al verkeerd. U bent erin geslaagd een meerderheid te vinden die uw financiële plaatje verdedigt en gelooft. De heer Ronse is een uitstekende luitenant om dat de komende 20 jaar te doen. Maar het feit blijft dat de gouverneur van de Nationale Bank, de heer Wunsch, vandaag brandhout heeft gemaakt van uw begroting. Sta me toe af te ronden met een flauwe woordspeling. Uw financieel beleid is vooral gebaseerd op Wunschful thinking .

De gevolgen van het regeerakkoord voor de bevolking en de doorrekening door het Planbureau

Gesteld door

Groen Stefaan Van Hecke

Gesteld aan

Bart De Wever (Eerste minister)

op 13 februari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Stefaan Van Hecke kaart aan dat 100.000 betogers (zoals "Deborah") woedend zijn over het regeerakkoord, dat volgens hem kwetsbare groepen (vrouwen, zieken, gepensioneerden) onevenredig zwaar belast—16x meer besparingen dan op superrijken—en klimaatmaatregelen negeert, terwijl hij eist dat het Planbureau de sociale impact van het akkoord integraal doorrekent. Premier De Wever weigert dit, wijzend op eerdere simulaties tijdens de formatie en benadrukkend dat het akkoord budgettair rot herstelt, werk moet lonend houden (+€500 netto) en geleidelijke hervormingen met "sociale rechtvaardigheid" combineert, maar geen extra berekeningen nodig acht—"de realiteit zal het leren". Van Hecke betwist dit scherp: als de pensioenhervorming wel wordt doorgerekend, waarom de rest dan niet? Hij suggereert dat de regering de harde gevolgen (armoede, ongelijkheid) bewust vermijdt en kondigt verder protest aan. Kern: conflict over transparantie en rechtvaardigheid—bezuinigingen raken zwakkeren hard, terwijl de top ontziet, en de weigering om onafhankelijke impactanalyses te laten uitvoeren voedt wantrouwen.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de premier, ik kom van de betoging en hier lijkt bijna dezelfde sfeer te heersen. Ik ben in die betoging met 100.000 deelnemers ook Deborah uit Nieuwpoort tegengekomen. U kent haar duidelijk nog. Ze was boos en ze is zeer ongerust over haar toekomst en die van haar portemonnee. Als Deborah minder zou gaan werken om voor haar kinderen te zorgen of door problemen met de kinderopvang, dan zal ze minder pensioen krijgen. Ze maakt zich ook zorgen over haar zieke collega, die door deze harde regering een lagere uitkering en een lager pensioen zal krijgen. Ze maakt zich ook zorgen over de klimaatcrisis, een crisis die deze regering bewust links laat liggen en die de toekomst van haar kinderen bedreigt.

Mijnheer de premier, er waren vanmorgen veel mensen zoals Deborah op de betoging. Ze zijn boos en ongerust omdat ze zeer goed beseffen dat uw regering keihard is voor leerkrachten, vrouwen, gepensioneerden, langdurig zieken en mensen die zeer moeilijk rondkomen. U bespaart 8 miljard euro op al die mensen en dat is 16 keer meer dan de bijdragen van de superrijken. We zullen nog moeten afwachten of de meerwaardebelasting er uiteindelijk zal komen. Een ding is wel zeer duidelijk: u zit in de verkeerde zakken.

Beste premier, het Planbureau kan de exacte gevolgen berekenen van al die besparingsmaatregelen voor de armoedecijfers, de tewerkstelling en de portemonnee van de mensen. Dat heeft het ook gedaan voor de partijprogramma’s. De duizenden mensen die vandaag op straat kwamen, willen weten wat dit akkoord hun zal kosten. Ik heb daarom een zeer eenvoudige vraag voor u. Bent u bereid om het regeerakkoord te laten narekenen door het Federaal Planbureau?

Bart De Wever:

Collega, om de hervorming inzake arbeidsmarkt, pensioenen en fiscaliteit vorm te geven hebben we tijdens de formatie – die lang genoeg heeft geduurd – veelvuldig een beroep kunnen doen op verschillende federale overheidsdiensten, waaronder het Federaal Planbureau, maar niet uitsluitend. Zij hebben ons de voorbije maanden gevoed met cijfers en tal van simulaties die de budgettaire impact van mogelijke maatregelen helpen inschatten.

Ik vind uw inschatting van hoe de inspanningen verdeeld zijn trouwens nogal twijfelachtig. Ik wil ook in herinnering brengen dat wij leven in het land met het hoogste overheidsbeslag na Frankrijk. Men kan zeggen dat Frankrijk ons economisch voorbeeld is, maar ik denk dat dit toch niet de weg is die we moeten volgen.

Ik denk dat we realistische keuzes hebben gemaakt. Het was alleszins de centrale doelstelling van deze regering om het budgettaire rotten te stoppen en het saldo structureel gezond te maken. Dat is een enorme uitdaging, zeker na de regering waarvan uw partij deel heeft uitgemaakt.

Daarnaast is het voor ons belangrijk dat het verschil tussen werken en niet werken steeds 500 euro netto of meer – liefst veel meer – zal bedragen tegen het einde van deze legislatuur.

Anderzijds is het voor ons ook belangrijk om via lagere lasten, meer flexibiliteit en minder regels het ondernemerschap en de activering te stimuleren. Bij de hervormingen die daartoe aangenomen zijn, hebben we altijd geleidelijkheid vooropgezet en sociale rechtvaardigheid als richtsnoer genomen.

Nu een bijkomende theoretische berekening vragen aan het Planbureau zal ons niet veel wijzer maken. Het is bij mijn weten ook nooit gebeurd. Het is nu vooral belangrijk dat de kruik te water wordt gelaten. Het zal de realiteit zijn die ons wijzer zal maken. Het betreft een realiteit die uiteraard – dat moet ik u niet vertellen – voortdurend in beweging is. De periodieke economische vooruitzichten van met name het Planbureau geven in die zin (...)

Voorzitter:

Er is mij opgedragen voorzitter te zijn van alle leden. Ook bij u moet ik de tweeminutengrens strikt doen naleven, mijnheer de premier. Ik weet uit ervaring uit het partijbestuur dat u zich zelden aan uw spreektijd houdt, maar ik moet streng zijn.

Stefaan Van Hecke:

Collega's, u hebt het misschien niet gehoord, maar de eerste minister zei zonder microfoon dat ze het niet zullen laten berekenen. Ik ben daar een beetje ontgoocheld over. U zegt wel dat u heel wat berekeningen en simulaties hebt gemaakt, maar ook dat u het finale akkoord niet zult laten doorrekenen. Dat is heel jammer. Het akkoord stelt wel dat de pensioenhervorming zal worden voorgelegd aan het Federaal Planbureau om ze door te rekenen, maar dan is de eenvoudige vraag natuurlijk waarom dat niet ook voor alle andere maatregelen wordt gedaan, aangezien die ook een zeer grote impact zullen hebben op heel veel mensen. Hebt u schrik dat zo'n berekening zal aantonen dat het inderdaad een bloedrood akkoord is, dat heel veel mensen er heel zwaar zullen onder lijden en dat de sterkste schouders inderdaad maar een zestiende zullen bijdragen? Mijnheer de eerste minister, er is een tegenbeweging opgestaan. We waren deze ochtend met 100.000. Mensen zullen op straat blijven komen en wij zullen er elke (…)

veiligheid, justitie en defensie

De alcoholcontroles voor meer verkeersveiligheid

Gesteld door

Groen Matti Vandemaele

Gesteld aan

Bernard Quintin (Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken)

op 13 februari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om verstrengde alcohol- en drugcontroles in het verkeer na schokkende Pano-cijfers (40% nachtelijke weekendongelukken gerelateerd aan middelen). Minister Quintin belooft meer controles, een centrale databank voor uniformiteit en nultolerantie, terwijl Vandemaele (Groen) benadrukt dat gelijkmatige handhaving en hogere pakkans cruciaal zijn voor een cultuuromslag, met extra aandacht voor slechtpresterende politiezones. Beide partijen onderstrepen dat elk slachtoffer er één te veel is en pleiten voor gecoördineerde, datagestuurde actie. Nultolerantie is een nieuw, onverwacht regeerakkoordpunt.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, we herinneren ons allemaal de Pano -reportage van eind vorig jaar waaruit bleek dat 40 % van de ongevallen die 's nachts in het weekend gebeuren alcohol- of drugsgerelateerd zijn. Elke dag zijn elf mensen betrokken bij een ongeval waarin drugs of alcohol een rol speelt. Dat gaat natuurlijk over mensenlevens, over echte mensen.

Velen van ons zullen zich ook herinneren dat korpschef Nicholas Paelinck toen zei dat hij helemaal geen fan van cijfers en statistieken is, omdat men daarmee alles kan bewijzen. Hij lachte het eigenlijk gewoon weg. Het gaat nochtans niet over cijfers, mijnheer Paelinck. Het gaat over mensenlevens.

Ik lees in het regeerakkoord, mijnheer de minister, dat elk slachtoffer er een te veel is en dat dat een absolute prioriteit wordt van deze regering. Groen zal u volmondig ondersteunen in die meer dan terechte ambitie. Ik lees dat u datagestuurde controles zult doen op specifieke plaatsen en in specifieke tijdvorken en dat er ook een databank zal komen waarin alle alcoholcontroles voor eens en voor altijd verzameld worden, zodat er een overzicht is. Ook daar zijn we voorstander van.

Een databank zal echter niet volstaan, want er moet gewoon meer volk op het terrein. Alle experts en alle politierechters zijn het erover eens dat er meer moet worden gecontroleerd. De pakkans moet omhoog, want dat is de enige manier om een cultuuromslag te realiseren.

Ik heb in dat verband cijfers van de verschillende politiezones opgevraagd bij uw voorgangster. Blijkbaar bestaan er gigantische verschillen. In de ene politiezone wordt veel meer gecontroleerd dan in de andere.

Ik heb hierover dan ook een aantal vragen voor u.

Het staat niet in het regeerakkoord, maar komen er meer of minder alcoholcontroles onder uw bewind? Hoe zult u het verschil tussen de lokale politiezones aanpakken? Hoe zult u hen stimuleren?

Bernard Quintin:

Mijnheer Vandemaele, alcohol en rijden gaan niet samen. Ik heb de cijfers over het aantal alcoholcontroles in 2023 ook gezien. Ik ben het met u eens dat het over mensen gaat en niet louter over cijfers. De cijfers tonen aan dat de politie, zowel de lokale politie als de wegpolitie, in het kader van onder andere de bobcampagnes grote inspanningen levert.

Deze regering zal strenger optreden tegen alcohol- en drugsgebruik achter het stuur. Elk ongeval en elk verkeersslachtoffer is er een te veel. Daarom zal de politie het aantal alcoholcontroles opdrijven. In het regeerakkoord is ook een geïntegreerde databank opgenomen om een overzicht van alle alcoholcontroles in België te krijgen. Op die manier zullen we de inspanningen van alle politiezones in dit land op hetzelfde niveau kunnen brengen.

Als minister van Binnenlandse Zaken wil ik de pakkans voor alcohol achter het stuur verhogen. Mijnheer Vandemaele, zoals u weet, is het beeld genuanceerd. Er zijn ook zones die goed scoren op het vlak van alcoholcontroles, maar toch zijn er chauffeurs die door de mazen van het glippen.

La conduite sous influence représente la première cause d’accidents mortels sur nos routes.

Daarom gaan we met deze regering nultolerantie hanteren voor alcoholgebruik in het verkeer.

Nous ne relâcherons jamais nos efforts dans cette lutte. Chaque victime de la route est une victime de trop, plus que jamais... Drinken en rijden gaan niet samen. Boire ou conduire, il faut choisir.

Matti Vandemaele:

Dank u voor uw bevredigende antwoord. U zegt dat men de co ntroles zal opdrijven. Dat is een heel goede zaak. Mensen moeten om het even wanneer, op om het even welke plaats, op om het even welk moment van de dag gestopt kunnen worden om te blazen. Alleen op die manier kunnen we een cultuuromslag bewerkstelligen. De meeste politiezones doen inderdaad hun best, ze doen absoluut wat ze moeten doen. Toch zijn er enkele slechte leerlingen en die zou men een signaal moeten geven en overtuigen om meer te doen. Collega’s, ik hoop dat we daar samen aan kunnen werken. Veel mensen zeggen hier in het debat dat we moeten durven, dat we moeten doorpakken. Dat kan niet anders. We zijn het verplicht aan onze burgers. Als het over verkeersveiligheid gaat, zijn we het ook verplicht aan onze burgers. Ik dank u dus alvast. Ik heb u horen spreken over nultolerantie in het verkeer. Ik had dat nog niet gelezen. Dat is een nieuw element waarmee we heel blij zijn.

economie en werk

De fiscale aftrek van giften aan goede doelen

Gesteld door

Groen Dieter Vanbesien

Gesteld aan

Vincent Van Peteghem (Minister van Financiën)

op 30 januari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Dieter Vanbesien kritiseert het plan van de toekomstige regering (arizonacoalitie) om de belastingaftrek voor giften aan goede doelen te verlagen van 45% naar 30%—wat organisaties zoals Natuurpunt en Rode Kruis hard zou treffen—en pleit voor behoud van de coronaverhoging (60%). Minister Van Peteghem ontwijkt concrete toezeggingen, benadrukt dat maatregelen onderdeel zijn van bredere fiscale hervormingen en verwijst naar eerdere steun aan de non-profitsector. Vanbesien kaart aan dat de regering koopkracht en kwetsbare groepen (leraren, werklozen) verder onder druk zet, wat past in een patroon van verkeerde prioriteiten. De discussie draait om de morele en praktische gevolgen van bezuinigingen op solidair geven en sociale zekerheid.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, het spijt mij dat ik u eventjes moet wegslepen van uw onderhandelingsmarathon, maar ik weet dat u diep van binnen een man bent met het hart op de juiste plaats. Daarom wil ik het met u even hebben over de intentie van de regering die u probeert te vormen, om de belastingaftrek van giften aan een goed doel sterk af te bouwen.

Verenigingen als Natuurpunt, Amnesty International en Ouders van Verkeersslachtoffers zijn afhankelijk van die giften. Wij vinden allebei dat die organisaties belangrijk zijn en schenken daarom ook allebei een deel van ons inkomen aan die organisaties. Ik doe dat alleszins, maar ik kan niet in uw naam spreken.

Tijdens de coronapandemie konden die verenigingen moeilijk activiteiten organiseren om centen te verdienen. Azaleaplantjes of stickers verkopen op kruispunten kon tijdelijk niet. Wij hebben toen met de vivaldiregering de belastingaftrek verhoogd van 45 naar 60 % om de mensen te stimuleren om meer te geven. Dat is ook gelukt, in die mate zelfs dat de sector vraagt om die aftrek permanent op 60 % te laten. Hoe groter de aftrekbaarheid, hoe guller de giften.

Wat doen de arizonapartijen echter? Ze bestendigen de verhoogde aftrek van 60 % niet, maar verminderen die van 45 naar 30 %. Dat is een derde minder. We hebben hier daarnet de vragen gehad over de vreselijke situatie in Oost-Congo gehad, maar wie staat daar vandaag klaar om de mensen te helpen? Dat zijn het Rode Kruis en Artsen zonder Grenzen. Die organisaties zijn afhankelijk van giften.

Mijnheer de minister, wanneer u straks teruggaat naar de Koninklijke Militaire School om verder te onderhandelen, bent u dan bereid om aan de formateur te vragen om die maatregel alsnog te schrappen en, indien mogelijk, zelfs de aftrekbaarheid van 45 naar 60 % te brengen? Ik zou u daar heel dankbaar voor zijn.

Vincent Van Peteghem:

Mijnheer Vanbesien, zoals dat het geval is bij elke onderhandeling over een bredere fiscale hervorming of een breder regeerakkoord, vormen heel veel individuele maatregelen samen het grotere geheel. U mag van mij vandaag niet verwachten dat ik al een voorafname doe op deze of een andere maatregel. Wel bespreken we met zorg elke fiscale maatregel en wegen we de mogelijke gevolgen voor het werkveld af.

Ik hoef u niet te herhalen dat ik de afgelopen jaren, samen met u en met de collega's in de commissie voor Financiën, steeds oog voor het welzijn van de non-profitsector had. Denk maar aan de tijdelijke verhoging van de aftrek voor giften tijdens de bijzondere coronaperiode.

Wij blijven voortwerken om zo snel mogelijk te komen tot een goed en rechtvaardig regeerakkoord, dat helderheid en steun biedt voor wie werkt, voor wie onderneemt en voor wie jarenlang gewerkt heeft. Daartoe zal ik mijn steentje blijven bijdragen.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de minister, u zegt dat heel veel individuele maatregelen een groter geheel vormen, maar de rode draad die wij daarin zien, is dat de arizonapartijen in de verkeerde zakken zitten. Een leraar ziet zijn pensioen met honderden euro's verminderen en langdurig werklozen worden niet langer begeleid naar werk, maar op een leefloon gezet, dat vijf jaar lang niet zal worden geïndexeerd. Voor mensen in een heel kwetsbare positie met een kleine koopkracht zal de koopkracht nog kleiner worden. Tijdens de campagne was de vraag over de koopkracht of het nu vooruit of achteruit zou zijn. Het lijkt erop dat die achteruit zal gaan. Nu blijken ook de goede doelen in het vizier van de nieuwe regering te zitten. Het toont aan wie en wat er meer of minder belangrijk is voor die regering. Ik herhaal dus: de arizonapartijen zitten in de verkeerde zakken.

economie en werk

De mogelijke bezuinigingen op Ontwikkelingssamenwerking

Gesteld door

Groen Staf Aerts

Gesteld aan

Frank Vandenbroucke (Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid)

op 23 januari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Staf Aerts kritiseert de dreigende besparing van 25% op Belgische ontwikkelingssamenwerking (o.a. in Congo, Palestina) en de uitgestelde toezegging voor IDA-fondsen (Wereldbank, voor armste landen), wat hij kortzichtig en destabiliserend noemt, omdat het conflicten en migratie verergert in plaats van voorkomt. Minister Vandenbroucke beaamt het belang van ontwikkelingssamenwerking voor veiligheid en stabiliteit (bv. Gaza, Sahel), belooft verzet tegen bezuinigingen maar weigert nu IDA-gelden toe te wijzen omwille van lopende zaken en toekomstige "moeilijke keuzes", ondanks internationale nood. Aerts dringt aan op onmiddellijke toezegging IDA-budgetten en actie tegen de besparingen, benadrukkend dat preventie via ontwikkelingssamenwerking even cruciaal is als defensie om crises af te wenden. Kernconflict: urgentie van solidariteit vs. politiek-budgettaire terughoudendheid in onzekere regeeronderhandelingen.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, collega's, een miljardair met een regering vol miljardairs, om Trump niet te noemen, kondigt als een van zijn eerste maatregelen aan om ontwikkelingssamenwerking stop te zetten. Tegelijkertijd stapt hij ook nog eens uit het klimaatakkoord. Dat is kortzichtigheid op kortzichtigheid. Net op het moment dat er meer wereldcrisissen zijn dan ooit, is internationale samenwerking belangrijker dan ooit.

In België had ik op iets meer gezond verstand gerekend, maar ook hier dreigt het de verkeerde kant op te gaan. De arizonapartijen dreigen maar liefst een kwart van de budgetten voor ontwikkelingssamenwerking te schrappen. Dat verontrust mij ongelooflijk hard. Zo'n hakbijl brengt cruciale projecten in onze veertien partnerlanden, waaronder Congo, Rwanda en Palestina, ernstig in gevaar.

Collega's, ontwikkelingssamenwerking is niet alleen een kwestie van solidariteit, maar ook van strategisch belang. Ze zorgt voor de stabiliteit in de wereld, waardoor we migratie en conflicten kunnen voorkomen. Ontwikkeling ondersteunen elders in de wereld zorgt dus ook voor de eigen welvaart en veiligheid.

Mijnheer de minister, u kunt daaraan iets doen. Om te beginnen, kunt u zich tijdens de arizonaonderhandelingen verzetten tegen die besparingen op ontwikkelingssamenwerking. Maar ook als huidig bevoegd minister voor Ontwikkelingssamenwerking kunt u het verschil maken. Gisteren vertelde u in de commissie dat u de budgetten voor IDA, die het ontwikkelingsfonds van de Wereldbank beheert, nog niet wilt toezeggen. Als reden haalde u aan dat de regering in lopende zaken is. Ik heb wat opzoekingswerk gedaan en uw standpunt is vreemd, want toen de Zweedse regering in lopende zaken zat, is die bevestiging er wel gekomen.

IDA beheert een fonds voor de allerarmste landen, landen als Bangladesh, Malawi en Congo, landen in de vuurlinie van de klimaatopwarming, waar de nood onwaarschijnlijk hoog is.

Mijnheer de minister, hoe schat u de besparing van 25 % op ontwikkelingssamenwerking in? Gaat u akkoord met ons voorstel om de middelen voor IDA toch toe te wijzen?

Frank Vandenbroucke:

Mijnheer Aerts, u hoeft er mij absoluut niet van te overtuigen dat ontwikkelingssamenwerking cruciaal is. We kunnen niet veilig zijn in ons land als elders in de wereld conflicten woeden waar we ook niet proberen met een helpende hand op te treden. We kunnen denken aan Gaza, Oekraïne en de Sahel, talloze voorbeelden waar onze ontwikkelingssamenwerking en humanitaire hulp absoluut noodzakelijk zijn.

Ik zal me dus verzetten tegen het op zich terugplooien dat in de politiek op een aantal plaatsen, ook in het halfrond hier, leeft. Men denkt dat we ons op onszelf terug kunnen trekken. Men denkt dat ontwikkelingssamenwerking weggegooid geld is. Men denkt dat daar gemakkelijk op kan worden bespaard. Dat is niet onze mening. Het Vlaams Belang denkt dat, maar wij zullen het Vlaams Belang daar niet in volgen. Wij zullen vechten voor een ernstig budget voor ontwikkelingssamenwerking, ook wanneer dat moeilijk is in moeilijke budgettaire tijden.

Ik voeg daar wel meteen aan toe, mijnheer Aerts, dat het – we hadden gisteren daarover al in commissie – in de huidige budgettaire omstandigheden zeer lichtzinnig zou zijn om in een periode van lopende zaken een belangrijke plegde voor middelen te doen of middelen toe te kennen aan IDA, want – ik ben daar zeer duidelijk over – we zullen hoe dan ook op alle fronten moeilijke keuzes moeten maken in de volgende legislatuur.

Ik kan er niet op vooruitlopen – ik wil dat ook niet doen – hoe de komende regering samengesteld zal zijn, of mijn partij erbij is of niet en wat de inhoud wordt van het regeerakkoord. Dat zullen we nog wel zien, dat wordt onderhandeld. Een zaak is zeker: we zullen scherpe keuzes moeten maken. Wat ons betreft, wij gaan niet aan de kant staan. Wij zullen vechten en desnoods ook onze handen vuilmaken om zoveel mogelijk van de internationale solidariteit te redden, want die is essentieel.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, u noemt ontwikkelingssamenwerking cruciaal. Ik kan bijgevolg niet begrijpen dat u de aan de arizonatafel aangekondigde besparingen nu al uitvoert. Immers, door de IDA-beslissing uit te stellen, maakt u het zichzelf alleen maar moeilijker en maakt u het vooral de landen die in een erg penibele situatie zitten ook alleen maar moeilijk. Internationale solidariteit is inderdaad een investering in stabiliteit, in mensenrechten en in veiligheid. Op een moment waarop de wereld schreeuwt om meer investeringen in defensie wegens de instabiliteit, ook hier in het halfrond en aan de arizonaonderhandelingstafel, is het onverstandig te besparen op ontwikkelingssamenwerking. Defensie beschermt ons bij conflicten. Het is echter ontwikkelingssamenwerking waarmee men probeert conflicten te voorkomen. Indien u op ontwikkelingssamenwerking bespaart, verliezen wij veel meer dan alleen maar de lokale projecten. In dat geval verliezen wij ook stabiliteit. Wij doen dan ook een heel dringende oproep aan u: zeg de IDA-budgetten toe en zet alles op alles om de besparingsplannen voor ontwikkelingssamenwerking van tafel te vegen.

economie en werk

Het vredesproces in het Midden-Oosten
Het akkoord over een staakt-het-vuren in Gaza
Het staakt-het-vuren in Gaza
Het mogelijke staakt-het-vuren in Gaza
De onderhandelingen over een staakt-het-vuren in Gaza
Het staakt-het-vuren in Gaza
Het akkoord over een staakt-het-vuren tussen Israël en Hamas
Het mogelijke akkoord over een wapenstilstand in Gaza
Conflictontwikkelingen tussen Israël en Gaza.

Gesteld aan

Bernard Quintin

op 16 januari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Na 15 maanden bloedige oorlog tussen Israël en Hamas, met 46.000+ doden in Gaza en 1.200 Israëlische slachtoffers op 7 oktober, brengt een fragiel staakt-het-vuren hoop: 33 gijzelaars zouden vrijkomen, humanitaire hulp kan Gaza bereiken, en het geweld pauzeert—mits Israël het akkoord (nog niet officieel goedgekeurd) nakomt. Kernpunten: De humanitaire crisis (honger, verwoeste infrastructuur, 80% kinderslachtoffers) eist onmiddellijke hulp via UNRWA (waar Israël sancties tegen overweegt), terwijl politieke druk nodig is om een duurzame tweestatenoplossing af te dwingen—met erkenning van Palestina, sancties tegen Israël (om oorlogsmisdaden te bestraffen) en internationale rechtszaken (ICC/IGH) als sleutelvragen. België’s rol: Steun aan UNRWA, diplomatieke druk (o.a. via EU), maar geen concrete sancties of Palestijnse erkenning—wat kritiek uitlokt op dubbele standaarden (vs. Rusland/Oekraïne). Vrede blijft hypothetisch zonder politieke oplossing; het akkoord is een adempauze, geen eindpunt. Scherpe tegenstellingen: Sommigen eisen genocidestop en straf voor Netanyahu, anderen benadrukken Israëls veiligheidsrecht—maar alleen een tweestatenmodel biedt perspectief, mits extremisme aan beide kanten wordt ingetoomd.

Michel De Maegd:

Monsieur le ministre, enfin une lueur d'espoir après 15 mois d'horreur. Chers collègues, il y a 15 mois, les attaques barbares du Hamas et du Jihad islamique sur le territoire d'Israël semaient l'effroi dans le monde entier. Près de 1 200 personnes ont été sauvagement tuées, des femmes, des jeunes, des enfants; les terroristes se vantant face caméra de les avoir torturées, exécutées parce qu'elles étaient juives. Il y a 15 mois, les terroristes emmenaient dans la bande de Gaza 251 otages. Le Hamas et le Hezbollah libanais pilonnaient l'État hébreu. Ensuite, ce fut au tour des Houthis du Yémen. Tous les bras armés de l'Iran.

Les attaques du 7 octobre ont entraîné un embrasement régional et une riposte impitoyable de l'armée israélienne, soutenue par les États-Unis. Une riposte que le Hamas savait effroyable, vu le nombre de dommages collatéraux. Et c'est en cela que le groupe terroriste a enfermé la population de Gaza dans une impasse mortifère.

Il s'en est suivi une guerre effroyable, avec des tirs quotidiens de roquettes d'un côté et des bombardements de l'autre. Depuis, des dizaines de milliers de Palestiniens, dont là encore des femmes et des enfants innocents, ont péri dans la bande de Gaza. Avec cette question, jusqu'ici sans réponse: quand va s'arrêter cette folie meurtrière? Quand les otages seront-ils libérés?

Après 15 mois d'horreur, un accord de cessez-le-feu a donc été annoncé hier soir. Mon groupe s'en réjouit, bien entendu. Cet accord doit constituer un tournant, un espoir – avouons-le, à ce stade, hypothétique et précaire puisqu'il n'a pas encore été officialisé.

L'ensemble de la communauté internationale doit redoubler d'efforts en ce sens. Tout est à reconstruire, tout est à construire entre Israéliens et Palestiniens qui n'ont qu'un seul destin: vivre côte à côte, pour que la paix soit juste et durable.

Cela m'amène à mes questions, monsieur le ministre. Que pouvez-vous nous dire concrètement de cet accord et de cette garantie? Il est prévu que 33 otages soient libérés. Qu'en sera-t-il des autres?

Vu la situation complexe dans laquelle se trouve l'UNRWA, comment va s'organiser l'aide humanitaire cruciale dans la bande de Gaza?

Els Van Hoof:

Mijnheer de minister, “we wenen en we vieren”, dat zijn de gemengde gevoelens op het terrein, of beter gezegd het slagveld. Er is hoop en opluchting over een potentieel staakt-het-vuren tussen Israël en Hamas. Er is hoop op dagen van minimale menselijkheid na 15 maanden van bloedvergieten. Er is op hoop op een leven zonder honger, zonder bombardementen en zonder drones, hoop op basiszorg voor fysieke en mentale wonden, hoop voor de gijzelaars dat zij hun familie weer in de armen kunnen sluiten. De uitdagingen blijven echter immens. Israël moet het akkoord nog goedkeuren en het rommelt vandaag in de regering-Netanyahu.

Voor ons en voor de grote internationale gemeenschap is het duidelijk: het verwoesten van mensenlevens moet stoppen. Honderden vrachtwagens met humanitaire hulp moeten Gaza kunnen binnenrijden. Een heropbouw is nodig, zonder dat Gaza weer een openluchtgevangenis wordt. Dat is wat België vraagt en wat cd&v al jaren vraagt.

We moeten echter waakzaam blijven. Er is een potentieel akkoord, maar dit mag geen voorwendsel zijn om met de zegen van president-elect Trump extremisten in die regering te paaien met nieuwe nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever. Dat zou catastrofaal zijn voor een tweestatenoplossing en voor een duurzame vrede in de regio.

Komt er een adempauze? Komt er vrede? Komt er niets? We moeten alles in het werk stellen om dit akkoord in alle fasen ervan te ondersteunen. Hoe voorziet u dat? De Europese Unie heeft al 120 miljoen euro voorzien. Welke diplomatieke tussenkomsten voorziet u op de weg naar duurzame vrede?

Annick Lambrecht:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister en collega’s, we horen het gejuich in de straten van Gaza en we zien vreugde met tranen. Na maanden van horror en verdriet is er eindelijk zicht op het staakt-het-vuren, maar de vraag is of er hoop is op een duurzaam akkoord. De reactie van Netanyahu vandaag is geen goed teken.

Gewone mensen zijn altijd het eerste slachtoffer in een conflict, maar zullen zij ook de eersten zijn die profiteren van het beëindigen van dat conflict? Die vraag is heel moeilijk te beantwoorden. De krantenkoppen zijn positief, maar als we verder lezen maken we ons toch zorgen, want Israël klaagt vandaag al dat Hamas de eerste afspraken niet nakomt en bovendien is er nog heel veel onduidelijkheid over de status van Noord-Gaza, waar velen verdreven zijn.

De wederopbouw is een werk van zeer lange adem. Hoe bouwt men iets op als er niets meer is? Hoe werkt men aan vrede als er zoveel spanning is? Cruciale vragen die enkel beantwoord kunnen worden met voldoende druk van de internationale gemeenschap. Het conflict had al lang moeten stoppen, want er was geen enkele reden om te blijven bombarderen, maar dat is het effect van extremen aan de macht.

Mijnheer de minister, wat Vooruit betreft kunnen de mensen in Gaza niet wachten. Zij hebben vandaag hulp nodig en morgen moet die heropbouw kunnen beginnen. België kan in beide een cruciale rol spelen. UNRWA staat klaar om te starten en om aan de slag te gaan.

Mijnheer de minister, hoe kunnen we garanderen dat de humanitaire hulp heel snel bij de mensen in Gaza terechtkomt?

Nabil Boukili:

Monsieur le ministre, c’est un soulagement. Après 15 mois de génocide à Gaza, l’annonce d’un cessez-le-feu a été un soulagement pour les Gazaouis, parce qu’il y a déjà eu assez de morts. Plus de 46 000 morts, selon l’estimation la plus basse, sans parler des conséquences de la famine, du manque de médicaments et du blocage de l'aide humanitaire. Ce cessez-le-feu permettra de sauver ceux qui peuvent encore être sauvés. Par ailleurs, c'est également un soulagement car les otages israéliens et palestiniens seront libérés.

Cet accord a abouti avec l'arrivée de l'administration Trump aux États-Unis, ce qui démontre que les États-Unis peuvent arrêter le massacre en Palestine aujourd'hui, et qu’ils sont complices du génocide actuel, parce que quand ils décident que le massacre doit s'arrêter, ils l'arrêtent. Nous devons donc maintenir la pression sur les États-Unis et sur Israël.

Par ailleurs, cette trêve intervient aussi parce qu'Israël est de plus en plus isolé dans le monde. Il n'a jamais été aussi isolé qu'aujourd'hui, face à une mobilisation mondiale sans précédent. Ne soyons pas dupes: nous devons maintenir la pression, maintenir la mobilisation, parce qu'il y a toujours une occupation en Palestine, il y a toujours une colonisation. Ne faisons pas confiance au gouvernement d'extrême droite pour respecter un cessez-le-feu. S'il n'y a pas de pression, il ne le respectera pas. Nous maintiendrons la pression.

Monsieur le ministre, après 465 jours de génocide, la Belgique n'a toujours pas pris de sanctions contre Israël. Allez-vous mettre en place des sanctions pour maintenir la pression sur Israël, pour qu'il respecte le cessez-le-feu? Oui ou non, monsieur le ministre?

Rajae Maouane:

Monsieur le ministre, dimanche 19 janvier, normalement, si tout se passe bien, les enfants de Gaza vont se lever sans crainte de se prendre une bombe sur la tête, et ce pour la première fois depuis de trop longs mois. Un cessez-le-feu à Gaza semble imminent, même si ce n'est pas totalement clair. Cette trêve annonce la fin des bombardements, la libération d'otages et de prisonniers palestiniens. Nous n'y croyions presque plus et, pour la première fois depuis longtemps, une lueur d'espoir est apparue pour les populations civiles massacrées.

Cependant, la situation humanitaire à Gaza reste désastreuse, avec près de 60 000 morts selon certaines estimations, des infrastructures détruites à 80 %, un système de soins de santé à l'arrêt, des milliers d'enfants traumatisés et amputés, une population déplacée mourant de froid et de faim. Le territoire gazaoui est à genoux. L'un des enjeux actuels est de garantir un accès humanitaire immédiat et inconditionnel à Gaza, en soutenant notamment des organisations comme l'UNRWA.

Ce cessez-le-feu apporte un soulagement, mais il ne peut en aucun cas servir de totem d'impunité. Nous ne cesserons de demander justice pour les dizaines de milliers de Gazaouis massacrés sous les bombes, dans un déchaînement de violence aveugle orchestré par le gouvernement d'extrême droite de Benyamin Netanyahu. Cette barbarie ne peut rester sans réponse ni sans conséquences.

Monsieur le ministre, envisagez-vous de soutenir une enquête internationale sur les crimes de guerre et les crimes contre l'humanité, ainsi que sur les accusations de génocide contre le gouvernement israélien, afin que les responsables soient traduits devant la justice?

Quelles garanties demandez-vous à l' É tat d'Israël pour que cette trêve ne soit pas seulement une pause temporaire, mais un premier pas vers un processus durable de paix et de justice?

L'un des enjeux des prochains jours sera aussi de sortir de Gaza les milliers de blessés graves pour qu'ils puissent être soignés. La Belgique accueillera-t-elle des blessés, comme elle a pu le faire par le passé?

Comment comptez-vous agir aux côtés de vos partenaires européens et internationaux pour reconstruire Gaza dans les vingt à trente prochaines années – car c'est bien le temps qui sera nécessaire pour sa reconstruction – et permettre aux Palestiniennes et Palestiniens de vivre dans la dignité après ces destructions massives?

Et puis, la Belgique va-t-elle enfin reconnaître l' État palestinien, comme nous le demandons depuis longtemps?

Christophe Lacroix:

Monsieur le ministre, j'aimerais y croire. L'accord de cessez-le-feu signé hier entre Israël et le Hamas est peut-être un vrai signal d'espoir. On entrevoit, en tout cas, une lueur.

J'ai vraiment une pensée pour les plus de 47 000 victimes, dont plus de 13 000 enfants. Treize mille enfants ont été assassinés, tués. J'ai une pensée pour toutes ces femmes, qui doivent aussi aujourd'hui scruter les heures qui viennent pour voir si cet accord sera respecté car il reste fragile. On a dénombré 73 morts ce matin dont une vingtaine d'enfants encore.

Gaza est complètement détruite et 1,9 million d'habitants, soit 90 % de la population, ont été déplacés. Le cessez-le-feu doit permettre une aide humanitaire massive, une aide médicale d'urgence. Cette trêve est donc un premier pas vers une paix durable qui doit être l'objectif. Car oui, monsieur le ministre, les Palestiniens devraient avoir droit à s'alimenter. Oui, ils devraient avoir droit à boire de l'eau potable. Oui, ils ont des droits en matière de sécurité, de soins médicaux et d'éducation; 95 % des écoles ont été détruites à Gaza. Ils ont droit au logement. Ils devraient avoir le droit de se déplacer librement. Ils devraient avoir le droit, enfin, d'envisager une vie en paix et en sécurité.

Ce dont nous avons besoin, monsieur le ministre, et en particulier les Palestiniens, c'est d'un véritable accord de paix pour que deux É tats reconnus vivent en paix. Israël a le droit de vivre en paix, la Palestine également.

Monsieur le ministre, comment comptez-vous soutenir le retour à la table des négociations afin d'imposer le silence des armes, définitif et sans conditions? Quand la Belgique reconnaîtra-t-elle enfin la Palestine?

Jean-Luc Crucke:

Monsieur le ministre, c'est effectivement un moment de soulagement. C'est le soulagement de voir que des familles vont être recomposées, que des prisonniers vont être échangés, que des enfants et des adultes innocents vont cesser de mourir.

C'est aussi – vous ne m'empêcherez pas de le penser – un moment d'amertume, parce que le plan que l'on voit est en fait le plan Biden, qui, depuis huit ou neuf mois, aurait pu être concrétisé. Et il a fallu la main de Trump, celle qui menace plus vite qu'il ne parle, pour que même les plus extrémistes décident qu'il était temps de signer un accord.

Mais c'est un moment de prudence aussi. J'entends déjà certaines voix dire que c'est un accord provisoire. Et c'est ma première question. Quelles sont les garanties que vous, l'Europe, les États-Unis pouvez apporter pour que ce ne soit pas du provisoire? C'est de la prudence parce qu'on est au début du chemin. Or celui-ci sera très long et très compliqué. Comment la Belgique et l'Europe peuvent-elles faire entendre leur voix?

Et, en même temps, c'est une occasion. C'est une occasion qu'il faut saisir pour restabiliser ce Moyen-Orient qui est déstabilisé depuis trop longtemps, et pas depuis la guerre, pour qu'effectivement une solution à deux États – je vous le dis comme je le pense – puisse exister. Quelle sera la voix de la Belgique et de l'Europe, monsieur le ministre? Voilà les questions, en ce moment à la fois peut-être opportun mais toujours prudent, que je voulais vous poser.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, gisteren was er veel opluchting, want er zou eindelijk een staak-het-vuren komen tussen Israël en Hamas. Dat zal hopelijk een einde maken aan het gruwelijke geweld in Gaza. Er vielen al 46.000 doden, er zijn 110.000 gewonden en 100.000 Palestijnen zijn op de vlucht en dakloos. De kinderen lopen daar in de winter verweesd op hun blote voeten door het puin na een zoveelste bominslag.

De wereld wil dat dit ophoudt, maar minder dan 24 uur later staan er alweer grote vraagtekens bij dit akkoord. Opnieuw voerde Israël afgelopen nacht immers zware bombardementen uit. Opnieuw werden 70 mensen gedood, waaronder 20 kinderen. Netanyahu dreigt op dit moment al terug te krabbelen en dat moet ons zorgen baren. Israël heeft zich immers al 15 maanden lang niets aangetrokken van het internationaal en humanitair recht. Er waren aanvallen op burgers, op scholen en op ziekenhuizen. Daar is dus een genocide aan de gang en wie dat niet wil zien is stekeblind. Israëlische ministers zetten immers aan tot geweld, herleiden Palestijnen tot ongedierte en hongeren hen bewust uit. Er zijn veel te veel pijnlijke bewijzen. Zelfs het staak-het-vuren tussen Israël en Hamas kan nooit een reden zijn om dit onbestraft te laten. Daarvoor is Israël veel en veel te ver gegaan.

Ik heb dan ook een aantal vragen, mijnheer de minister.

Welke initiatieven zal onze regering nemen om de inwoners van Gaza te ondersteunen? Hoe zullen we helpen bij de heropbouw van huizen, ziekenhuizen en scholen?

Zal ons land ook pleiten voor onderzoek naar de mogelijke oorlogsmisdaden? De Belgische regering heeft al een hele tijd geleden beslist om tussen te komen in de genocidezaak bij het Internationaal Gerechtshof in Den Haag. Mijnheer de minister, waar blijft die tussenkomst?

Bernard Quintin:

Mesdames et messieurs les députés, comme vous l'avez tous dit, "enfin" – je crois c'est le mot qui convient – une lueur d'espoir au Moyen-Orient. Het werd tijd . L'annonce faite hier par le Qatar, l'Égypte et les États-Unis de la conclusion d'un accord entre le Hamas et Israël sur un cessez-le-feu est une étape cruciale. En effet, le gouvernement israélien doit certes encore l'approuver officiellement, mais il est difficile d'imaginer qu'il en soit autrement. Monsieur De Maegd, la première phase sur trois, celle du cessez-le-feu provisoire, doit commencer ce dimanche avec la libération d'un premier groupe d'otages. Nous nous réjouissons tous qu'ils puissent retrouver les leurs.

Dat er een einde komt aan een verwoestende oorlog die 15 maanden duurde, is geweldig nieuws voor Palestijnen en Israëli's die vrede willen. We kunnen ons wellicht niet voorstellen hoezeer Israëli's en Palestijnen snakken naar vrede, rust en perspectief.

Monsieur Boukili, cet accord reprend en effet la structure du plan Biden présenté en mai dernier. Il comprend trois étapes dont les détails doivent encore être négociés.

Comme je le disais, la première phase doit commencer ce dimanche pour une durée de six semaines. Cette première étape, attendue de longue date, permettra de faire taire les armes, de mettre fin à la violence et d'assurer une distribution sûre et effective d'une importante aide humanitaire. Je vous rejoins, monsieur Crucke, ce ne sera pas un long fleuve tranquille.

Madame Van Hoof, un travail diplomatique important reste encore à accomplir pour nous tous. J'en parlerai avec mon homologue égyptien – qui est d'ailleurs l'un des architectes de l'accord – quand je le recevrai à Bruxelles lundi prochain, le 20 janvier. Demain, je m'entretiendrai avec le premier ministre palestinien qui est à Bruxelles.

Nous le savons tous très bien, la situation humanitaire sur place est désastreuse et demande une réponse rapide et immédiate.

De VN-agentschappen en de ngo's bereiden zich voor om de humanitaire hulp op te schalen. Vannacht zouden al een aantal bijkomende trucks met humanitaire hulp toegelaten zijn. Het Wereldvoedselprogramma heeft hulp klaarstaan om drie maanden een miljoen mensen te voeden.

Un programme similaire de l'UNRWA est aussi en préparation. Madame Lambrecht, monsieur Aerts, cette organisation des Nations Unies est évidemment indispensable sur place pour venir en aide à la population locale, que ce soit pour l'aide humanitaire ou la scolarisation de plus d'un million d'enfants qui n'ont plus vu les bancs de l'école depuis deux ans.

Nous suivons d'ailleurs de près la prochaine entrée en vigueur des lois anti-UNRWA votées par la Knesset. Nous continuons à appeler le gouvernement israélien à ne pas les mettre en œuvre. Il n'y a pas d'alternative à l'UNRWA et aux Nations Unies! Les Nations Unies doivent être reconnues et respectées à tous les niveaux!

Madame Maouane, cette avancée positive annoncée hier ne doit pas éclipser la nécessité d'établir clairement les responsabilités pour tous les crimes commis. C'est d'ailleurs essentiel pour tracer un chemin vers une paix durable.

De verantwoordelijken voor de gruweldaden moeten worden gestraft. België heeft altijd gepleit voor de eerbiediging van het internationaal recht en het internationaal humanitair recht. België heeft altijd zijn volle steun betuigd aan het Internationaal Strafhof en het Internationaal Hof van Justitie.

Mijnheer Aerts, bij het Internationaal Hof van Justitie loopt een zaak van Zuid-Afrika tegen Israël. Zoals u weet zal België daaraan meewerken.

Chères députées, chers députés, vous l'avez compris, la Belgique appelle les parties à respecter cet accord et à le mettre en œuvre. C'est une chance unique, comme cela a été souligné par chacune et chacun d'entre vous, de mettre fin à 15 mois d'une guerre absolument terrible, avec un nombre incroyable de victimes innocentes.

Ce sera certes un défi. De nombreux points doivent encore être éclaircis afin de mettre fin de manière permanente aux hostilités et d'établir un horizon politique pour les Palestiniens, les Israéliens et cette région.

Monsieur Lacroix, notre pays soutiendra tous les efforts en vue d'une solution à deux États vivant côte à côte dans la sécurité et la paix, comme nous l'avons déjà fait. Vous vous rappellerez que ma prédécesseure a organisé, quelques jours avant la fin de son mandat, une deuxième conférence sur la solution à deux États, avec le Haut représentant de l’Union européenne pour les affaires étrangères et la politique de sécurité de l'époque, Josep Borrell. C'est en tout cas ce que nous souhaitons toutes et tous ici.

Michel De Maegd:

Monsieur le ministre, merci pour vos réponses. J'exprime ici, au nom de mon groupe, le vœu que cet accord de cessez-le-feu voie le jour très rapidement et soit durable; le vœu que les otages puissent enfin retourner chez eux pour tenter, tant bien que mal, de surmonter la terrible épreuve qu'ils ont subie, et que les familles des otages décédés puissent entamer un très difficile travail de deuil; le vœu que la population palestinienne de Gaza, après 15 mois de guerre, puisse également être épargnée, secourue par une aide humanitaire cruciale, panser ses plaies et tenter de se construire un avenir légitime. Cet accord de cessez-le-feu marque un espoir après plus de 15 mois d'une guerre effroyable, qui a fait des dizaines de milliers de victimes.

Cependant, nous devons rester très prudents, chers collègues, cet accord ne marquera pas la fin des tensions. Un cessez-le-feu sans perspective politique sérieuse est la porte ouverte à la répétition des horreurs auxquelles on assiste depuis maintenant 75 ans dans cette région. Cet accord, enfin, ne doit pas, monsieur le ministre, nous détourner de l'objectif à long terme de l'instauration d'une paix juste et durable à Gaza, en Cisjordanie et en Israël.

Els Van Hoof:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord.

Het akkoord is inderdaad een eerste stap om het leed in Gaza te verlichten. Het is een sprankel hoop in het nieuwe jaar. Euforie is nog niet aan de orde. We hebben wel een constructieve houding nodig. Die houding hebt u daarnet ook uitgesproken. We hebben diplomatieke contacten in de komende dagen. Er wordt ook ondersteuning gegeven aan UNRWA om ter plaatse humanitaire hulp te verschaffen. We geven steun aan het Internationaal Gerechtshof en aan het Internationaal Strafhof. Dat zijn belangrijke stappen die België en de Europese Unie kunnen zetten.

We mogen ons echter niet gedragen als een olifant in een porseleinwinkel. Dat is het vandaag immers nog. Wij moeten waakzaam blijven. Dat betekent dat er geen communicerende vaten zijn. Als er een verdere escalatie is op de Westelijke Jordaanoever, moeten we nieuwe stappen durven zetten.

Onze partij denkt in dat verband ook aan een handelsverbod vanuit de nederzettingen naar de Europese Unie en naar België.

De stappen naar een duurzame vrede en een tweestatenoplossing zijn cruciaal, met een erkenning van Palestina. Laten we echter eerst starten met de menselijkheid.

Annick Lambrecht:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. UNRWA is inderdaad onontbeerlijk en niet vervangbaar. Er zijn geen alternatieven.

De ellende voor de Palestijnen is nog lang niet voorbij. In Gaza en bij de familieleden van de gegijzelden heerst nu hoop. Op de Westelijke Jordaanoever is er echter niets veranderd. Er is daar geen enkel zicht op vooruitgang. Sterker nog, met de nieuwe president in de Verenigde Staten is het einde helemaal niet in zicht.

Iedereen in Europa moet een keuze maken. Voeren wij de druk verder op – die keuze meen ik uit uw antwoord te kunnen opmaken – of kijken we de andere kant uit?

Mijnheer de minister, voor Vooruit is het heel helder: er is nood aan duurzame vrede. Dat kan enkel, zoals u ook hebt aangegeven, door een tweestatenoplossing. Wij blijven daarvoor pleiten. Wij zullen daar hard voor blijven strijden.

Nabil Boukili:

Monsieur le ministre, vous avez répondu à plusieurs questions, sauf une: les sanctions. Pourquoi pas de sanctions? Vous dites que la Belgique tient au respect du droit international. Alors, il faut être cohérent: quand ce droit international est violé, il faut sanctionner ceux qui le violent sinon cela n'a pas de sens de dire que la Belgique respecte le droit international.

Vous avez parlé d'une guerre atroce. Je rappelle que ce n'est pas une guerre mais un génocide, monsieur le ministre. C'est un génocide et ce n'est pas moi ou le PTB qui le disons: la Cour internationale de Justice a prévenu du génocide; la Cour pénale internationale a émis un mandat d'arrêt contre Netanyahu; l'ONU a fait un rapport sur le génocide; Oxfam a fait un rapport sur le génocide. Même le monde académique belge s'est mobilisé: 6 700 signatures dans le monde académique belge pour dénoncer le génocide et le manque de sanctions. Ils appellent à sanctionner Israël. Quand allez-vous bouger sur ce sujet? Si vous voulez être cohérent avec votre respect du droit international, il faut le faire parce que pour l'instant, c'est seulement du bla-bla.

Rajae Maouane:

Merci, monsieur le ministre, pour vos réponses. Malheureusement, vous l'avez dit, à Gaza, le droit international a été réduit en poussière, emporté par les bombes. Netanyahu et ses complices doivent finir en prison comme les criminels de guerre qu'ils sont. Il ne faut pas oublier ce qui s'est passé. On n'oubliera pas les 300 journalistes tués, on n'oubliera pas la famine organisée, on n'oubliera pas les civils brûlés vifs, on n'oubliera pas le système hospitalier détruit, on n'oubliera pas les camps de réfugiés bombardés, on n'oubliera pas l'aide humanitaire bloquée, on n'oubliera pas le génocide perpétré. On continuera à se battre pour que justice soit rendue, que les criminels soient derrière les barreaux. On continuera à se battre pour que la colonisation s'arrête et pour que l'État de Palestine soit enfin reconnu.

Christophe Lacroix:

Monsieur le ministre, je vous remercie de votre réponse.

Je suis heureux, car je sens que notre pays est volontaire et qu'il soutiendra le processus des futures négociations. Je reste cependant inquiet quant au respect du droit international. Vous avez été clair. J'espère que le futur gouvernement Arizona le sera tout autant que vous et que vous resterez, le cas échéant, ministre des Affaires étrangères.

J'entends bien que la notion de crime de génocide à Gaza ne fait plus aucun doute. Six mille sept cents universitaires ont signé une lettre ouverte cette semaine, rappelant ce génocide et appelant à des sanctions. Vous avez été clair également sur le respect du droit international. Cela signifie que si on ne le respecte pas, on doit être sanctionné. Israël devra l'être. Il faudra par conséquent faire preuve d'une capacité de résister à toutes les pressions. Et j'espère qu'au sein de l'Arizona, vous parviendrez à vous mettre d'accord sur tout ce que vous avez dit aujourd'hui.

Jean-Luc Crucke:

Monsieur le ministre, je tiens à le souligner, vous attestez de votre connaissance et de votre maîtrise du dossier. Les contacts que vous nouerez dans les prochains jours prouvent aussi que Bruxelles, ce petit pays qu'est la Belgique, et l'Union européenne ont un rôle à jouer. Je veux soutenir les démarches qui sont les vôtres.

Je pense qu'il ne faut pas se tromper. L' État d'Israël a droit à la reconnaissance de sa souveraineté et à la paix, mais les Palestiniens ont aussi le droit de vivre en paix. Donc, ce que je voudrais tant voir en réalité, pour ces deux États, et seule la constance de l'Union européenne permettra de le montrer, c'est que c'est la nuance qui apporte des solutions. Nous, Les Engagés, c'est aussi en ce sens que nous entendons soutenir votre travail.

Staf Aerts:

Mijnheer de minister, een constructieve houding is belangrijk als wij de inwoners van Gaza willen helpen, als we ervoor willen zorgen dat zij opnieuw humanitaire hulp krijgen en als we willen bijdragen aan de heropbouw aldaar. Daarvoor is er alleszins een staakt-het-vuren nodig. Komt dat er niet omdat Israël zich terugtrekt van de tafel en er de stekker uit trekt, dan moeten we fors reageren, zoals tegen Rusland, toen Poetin Oekraïne is binnengevallen. Dan moeten we het hele gamma aan maatregelen om Israël onder druk te zetten, uit de kast halen. Dan moeten we het Europees handelsakkoord met Israël stopzetten, de import van producten uit de bezette gebieden verbieden, de genocide aldaar politiek erkennen en ook de Palestijnse staat erkennen – ik heb de instemming van velen genoteerd –, want dat laatste blijft meer dan ooit van belang voor een duurzame oplossing voor het geweld in de regio.

economie en werk

Het jaarloon van CEO's en een rechtvaardige fiscaliteit
Het loon van CEO's van beursgenoteerde bedrijven
Beloning van CEO's en fiscaal rechtvaardigheid

Gesteld aan

Vincent Van Peteghem (Minister van Financiën)

op 9 januari 2025

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de groeiende loonongelijkheid (CEO’s verdienen in een week wat een gemiddelde werknemer in een jaar krijgt) en oneerlijke fiscaliteit, waar topverdienders proportioneel minder belastingen betalen dan arbeiders. Vanbesien en Thémont benadrukken dat *rechtvaardige belastinghervorming* nodig is: zwaardere lasten voor grote vermogens en "sterkste schouders" (topinkomens), en verlichting voor lage/middelinkomens, terwijl ze kritiek hebben op rechtse partijen (o.a. MR/"Arizona") die de middenklasse en ambtenaren belasten maar CEO’s ontzien. Minister Van Peteghem beaamt dat fiscaliteit rechtvaardiger moet, maar wijst op de beperkte invloed van de overheid op private lonen; hij belooft door te werken aan hervormingen, zonder concrete maatregelen te noemen. Kernpunt: *systematische bevoordeling van topverdieners* moet stoppen, maar politieke weerstand (met name rechts) blokkeert daadkrachtige aanpassingen.

Dieter Vanbesien:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega’s, op een week tijd heeft de gemiddelde CEO van een groot bedrijf in ons land evenveel verdiend als de gemiddelde werknemer op een heel jaar tijd. Dat is een illustratie van de ongelijkheid in ons land. Telkens wij evenwel ongelijkheid ter sprake brengen, springen de rechtse partijen uit hun banken met de boodschap dat wij alweer daar zijn met onze jaloezie en dat wij succesvolle mensen hun succes niet gunnen.

Collega’s, het gaat niet over jaloezie of over het niet gunnen van succes. De mensen begrijpen wel dat de directeur van een groot bedrijf veel meer verdient dan de arbeider in datzelfde bedrijf. Het is niet dat wat zij erg vinden. Wat de mensen wel erg vinden, is dat op het einde van het jaar dezelfde arbeider meer belastingen moet betalen dan de directeur. Dat vinden zij terecht niet eerlijk. Dat is ook wat mijn goede collega’s van Vooruit bedoelen, wanneer zij stellen dat elk zijn deel niks te veel is. Dat is waar rechtvaardige fiscaliteit om draait: de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten.

De heer Bouchez vindt dat alles gezwets. Bouchez vraagt zich af wie de sterkste schouders zijn en oppert dat de betrokkenen sowieso al te veel belastingen betalen. Hij stelt ook dat, wanneer de sterkste schouders worden geviseerd, men uiteindelijk toch opnieuw terechtkomt bij de gewone middenklasse. Mijnheer Bouchez, hier zijn ze. Dat zijn uw sterkste schouders, namelijk de mensen die op een week tijd evenveel verdienen als de gemiddelde werknemer op een heel jaar tijd. Dat zijn de schouders die een eerlijke bijdrage moeten leveren.

Mijnheer de minister, mijn vraag aan u is dan ook de volgende. Bent u het met mij eens dat de volgende regering werk moet maken van een ambitieuze hervorming die de lasten op arbeid lichter maakt en een eerlijke bijdrage vraagt aan de grote vermogens en de sterke schouders?

Sophie Thémont:

Monsieur le ministre, dans cette Assemblée, certains ont du mal à comprendre de qui on parle quand on parle des épaules les plus larges. Je veux bien, mais imaginez-vous que hier, après huit jours, les patrons d'entreprises cotées en bourse ont gagné ce que gagne en un an un travailleur dans la moyenne belge. En huit jours, monsieur le ministre! Vous en rendez-vous compte? Ici, on ne parle même plus d'un Win for life, on dirait que c'est plutôt le jackpot pour les CEO.

Soyons concrets. Cette nuit, les ouvriers communaux étaient nombreux à répandre du sel sur nos routes en bravant le froid. Ce matin, les enseignants étaient là pour ouvrir les portes des écoles et accueillir vos enfants. Et pourtant, ce sont des fonctionnaires, ceux sur qui la future Arizona a décidé de taper. Dans les hôpitaux surchargés, les soignants sont sur le pied de guerre pour faire face à une épidémie de grippe. Tous ceux-là doivent trimer toute l'année et pas seulement huit jours. Je pense encore aux travailleuses des titres-services, aux travailleurs qui touchent des bas salaires, à tous ceux qui travaillent à temps partiel, et à ceux qui se tuent au travail, ce qui est encore pire.

J'imagine que vous savez ce que je vais dire. En un an un CEO gagne 120 fois le salaire minimum. Cela veut dire deux jours de travail d'un côté et un an de l'autre.

Monsieur le ministre, on ne va pas discuter des épaules les plus larges. On sait bien de qui on parle.

Ma question est très simple. Allez-vous convaincre vos partenaires de faire porter l'effort budgétaire sur les bonnes personnes, pas sur celles qui travaillent comme des dingues pour un salaire médian, mais sur celles qui, le 8 janvier, ont déjà empoché un an de ce salaire médian?

Vincent Van Peteghem:

Collega Vanbesien, mevrouw Thémont, gisteren was het Fat Cat Day. Een dag die zijn oorsprong vond in het Verenigd Koninkrijk enkele jaren geleden. Sindsdien heeft die dag vele vaders en er werden hier vandaag nieuwe namen naar voren geschoven.

Je comprends très bien votre souci d'une rémunération et d'une formation des salaires correctes mais vous réalisez que cela concerne les entreprises privées. Ce que les entreprises accordent en contrepartie des services rendus, qu'il s'agisse de leurs collaborateurs ou de leur CEO, est quelque chose sur laquelle notre fiscalité n'a que peu ou pas de contrôle.

U beiden grijpt deze dag echter terecht aan om te pleiten voor een rechtvaardigere fiscaliteit en om te pleiten voor een ambitieuze fiscale hervorming. We zijn het er volgens mij allemaal over eens dat ons fiscaal systeem inherent rechtvaardig moet zijn en dat ieder zijn of haar eerlijke bijdrage moet leveren naargelang zijn of haar draagkracht. Dat is essentieel omdat dat ook een onderdeel vormt van het vertrouwen in ons gehele fiscaal systeem.

La manière dont cela est mis en pratique relève de notre responsabilité à tous. L'équité est donc l'épine dorsale de l'épure d'une réforme fiscale que j'ai préparée au cours de la législature précédente.

Rechtvaardigheid is voor mij immers veel meer dan een ambitie in een grote fiscale hervorming, het is een noodzaak. Alleen zo zullen we iedereen kunnen blijven overtuigen dat het systeem werkt, ook voor wie gisteren nog geen gemiddeld jaarloon verdiende. Daarvoor had ik geen Fat Cat Day nodig. Ik zal daar in ieder geval de komende weken, maanden en jaren verder aan blijven werken.

Dieter Vanbesien:

Dank u, mijnheer de minister. Collega’s, een recente studie van professor André Decoster heeft aangetoond dat de ongelijkheid in ons land groter is dan tot nu toe werd aangenomen. Dat heeft onder andere te maken met het feit dat verschillende bronnen van inkomen en vermogen op een verschillende manier worden belast. Meestal is dat in het voordeel van zij die veel hebben, in het voordeel van diegenen met de sterkste schouders. In de vorige legislatuur hebben we veel voorbereidend werk geleverd om die situatie te verbeteren, onder leiding van minister Van Peteghem. We zijn er niet in geslaagd dat werk af te maken en de regels aan te passen. We have a job to finish .

Mijnheer Van Peteghem, daarom hoop ik, in tegenstelling tot sommige anderen, uit de grond van mijn hart dat u in een volgende regering nog steeds minister van Financiën zult zijn om dat werk af te maken.

(…) : (…)

Voorzitter:

Collega's, mag ik, na deze particuliere nieuwjaarswens, terug de aandacht vragen voor de repliek van mevrouw Thémont?

Sophie Thémont:

Monsieur le ministre, je vous remercie pour votre réponse.

Certains négociateurs de l'Arizona essaient de réduire cette réforme fiscale à une peau de chagrin. Ce sont eux finalement qui protègent les épaules les plus larges. Mais quand il s'agit de se mettre d'accord pour revoir l'indexation automatique des salaires, pas de problème! Pas de problème non plus pour saquer dans les pensions des fonctionnaires ou réduire l'accès à la pension minimum! Pas de problème non plus pour payer moins cher le travail de nuit! C'est une attaque en règle contre les travailleurs que nous prépare l'Arizona, sauf pour les gros patrons. Et vous savez que mon parti sera vraiment du côté du droit des travailleurs.

Voorzitter:

Goede collega's, binnen enkele ogenblikken sluiten de stembussen. Indien u uw stem nog wilt uitbrengen, dank ik u daarvoor. Dan kunnen we straks overgaan tot de telling.

economie en werk

Het beleid van Belfius

Gesteld door

Groen Meyrem Almaci

Gesteld aan

Vincent Van Peteghem (Minister van Financiën)

op 19 december 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Meyrem Almaci kritiseert Belfius als staatsbank voor achteruitgang in duurzaamheid, investeringen (€185M) in bezette Palestijnse gebieden en de aankoop (€20M+) van een luxepenthouse (Gheysens), wat onverantwoord is voor een publiek gefinancierde instelling. Minister Van Peteghem verdedigt het bestuurskader en belooft afbouw van omstreden financiering, maar Almaci noemt dit te traag en eist directe actie, transparantie en een bindend duurzaamheidstraject, met nadruk op ethische verantwoordelijkheid als maatschappelijk voorbeeld.

Meyrem Almaci:

Mijnheer de minister, we need to talk about Belfius . Dat is onze staatsbank, die gered werd met geld van alle belastingbetalers uit de ondergang van Dexia. We zijn sindsdien allemaal aandeelhouders en we mogen dan ook verwachten dat die bank de toon zet op het vlak van maatschappelijk verantwoord en deugdelijk bestuur.

Helaas, eerder dit jaar al bleek dat Belfius als Belgische grootbank een van de slechtste scores neerzet op het vlak van duurzaamheid. Meer nog, die scores gaan achteruit. Dat betekent dat investeringen in schadelijke mijnbouw, in bedrijven die ontbossing veroorzaken of vervuiling van grondwater, in principe namens ons gewoon kunnen plaatsvinden. Het geld van de 3,7 miljoen klanten die Belfius telt, wordt bovendien – dat heb ik vorige keer ook al aangehaald – ingezet in de Israëlische oorlogsmachine. In 2022, 2023 en 2024 gebeurden er namelijk investeringen in bedrijven die actief zijn in de Palestijnse bezette gebieden, ter waarde van 185 miljoen euro.

Als klap op de vuurpijl bleek de staatsbank vorige week het luxepenthouse van Paul Gheysens te hebben opgekocht voor meer dan 20 miljoen euro. Belfius is samen met Ethias de grootste schuldeiser van Ghelamco. Niemand heeft de precieze reden mogen vernemen, maar het is wel opmerkelijk dat onze staatsbank nu eigenaar is van het duurste penthouse ooit. Iets zegt me dat dit penthouse wellicht niet opengesteld zal worden voor het gewone publiek.

Mijnheer de minister, wat is de reden voor die aankoop? Hoe verklaart Belfius de achteruitgang op het vlak van maatschappelijk ondernemen? In navolging van mijn vragen van vorige keer wil ik ook nog weten welke actie er met Belfius is ondernomen naar aanleiding van de investeringen in de bezette gebieden? Kortom, ligt er een geloofwaardig traject voor?

Vincent Van Peteghem:

Mevrouw Almaci, het verheugt mij dat u het beleid van Belfius op de voet volgt. Uiteraard is het belangrijk om parlementaire controle uit te oefenen bij de opvolging van de maatschappelijke en ook financiële verantwoordelijkheid die de bank draagt.

Dat is echter niet de enige toepasselijke controle op alles wat de bank uitvoert. Elk beslissingsorgaan van Belfius opereert immers binnen een strikt kader, uiteengezet door de raad van bestuur. Verschillende leden van die raad van bestuur zijn onafhankelijken, aangeduid door de aandeelhouder, de Belgische Staat.

Elke beslissing die de bank neemt om een competitief beleid uit te stippelen, valt binnen dat uiteengezet kader. Ook de beslissingen waarnaar u verwijst, passen binnen dat beleid en dat strikt kader. Finaal komt het de raad van bestuur toe om over de wenselijkheid van beslissingen te oordelen en ook te controleren of ze een bijdrage leveren aan de strategie van de bank. Die werkwijze bouwt op gekwalificeerde bestuurders, heldere afspraken en vertrouwen. Dat betekent natuurlijk niet dat wij niet bijsturen wanneer nodig.

Ook heb ik al meermaals publiek gesteld dat de regering niet akkoord kan gaan met de financiering van bedrijven actief in de illegale nederzettingen. Daarover hebben we bij een vorige gelegenheid reeds gediscussieerd. Dat helder signaal werd gehoord en wordt ook gevolgd. U weet dat de financiering jaar na jaar wordt afgebouwd en daalt bij de bank. Op die manier blijven we verzekeren dat Belfius haar maatschappelijke en financiële rol op een correcte manier opneemt.

Meyrem Almaci:

Mijnheer de minister, ik zou iets kunnen zeggen over pek en veren en er een heel drama van maken, maar ik zal dat niet doen. Zoals het nu is, volstaat het absoluut niet. Het is te traag, te log en te laat. Belfius heeft een opdracht als maatschappelijk voorbeeld voor alle andere banken, maar vervult die niet, integendeel. Het is tijd dat die slappe, afwachtende houding wordt aangepakt door deze overheid, door u als minister, want de bank vertegenwoordigt ons allemaal. Als u vandaag de rapporten leest van Artsen zonder Grenzen en Human Rights Watch en als u ziet wat er zich voor onze ogen afspeelt in Gaza, dan kunnen wij, met de Belgische bevolking als aandeelhouder van Belfius, niet verantwoorden om medeplichtig te zijn aan financiële investeringen in dat soort oorlogsmisdaden. Er moet ook duidelijkheid komen over de zaak van Paul Gheysens. Ik verwacht daarover een antwoord. Dat mag schriftelijk of in de commissie, maar ik wil weten wat de beweegredenen zijn. Ik wil een traject op het vlak van duurzaamheid. De bank is immers verplicht om dat te doen. Ik wil op korte termijn antwoorden over de afbouw van wat er gebeurt in (…)

internationale politiek en migratie

Het standpunt van de regering over Syrië en het lot van de Syrische vluchtelingen in België
De toestand in Syrië
De toestand in Syrië
De toestand in Syrië
De voorwaarden voor een nieuwe samenwerking met Syrië
De toestand in Syrië
De evolutie van de toestand in Syrië
De toestand in Syrië
Syrische crisis en gevolgen voor België

Gesteld aan

Alexander De Croo (Eerste minister), Bernard Quintin

op 12 december 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

Na de val van Assad’s regime in Syrië heerst onzekerheid over de toekomst: terwijl sommigen (o.a. Vlaams Belang, N-VA) pleiten voor onmiddellijke terugkeer van Syrische vluchtelingen en strenge maatregelen (zoals in Oostenrijk), waarschuwen anderen (o.a. Groen, cd&v) voor premature terugzendingen gezien de instabiele veiligheidssituatie, bombardementen en opkomst van extremistische groepen (HTS, ex-Al Qaida). De regering bevestigt dat terugkeer nu niet aan de orde is, zetten asielaanvragen *on hold* en benadrukt gecoördineerde EU-actie voor stabiliteit, mensenrechten en straffeloosheidbestrijding, maar bereidt zich wel voor op toekomstige, veilige terugkeer bij stabilisatie. Kernpunten conflict: veiligheid (terreurdreiging, Syriëstrijders), moraal (vluchtelingenbescherming vs. politiek misbruik) en geopolitiek (vreemde inmenging, Israëlische bombardementen, rol EU). Critici vrezen dat haastige beslissingen (statuten intrekken, gezinshereniging stoppen) mensenrechten schenden en de fragiele transitie in Syrië ondermijnen.

Matti Vandemaele:

Geachte premier, mijnheer Quintin, welkom.

Het zijn bijzondere tijden in Syrië. Na meer dan een halve eeuw kan het Syrische volk eindelijk opnieuw dromen van vrijheid. Op het moment dat het zijn bevrijding viert, wordt het al getrakteerd op een serie aanvallen en bommen van andere landen. Als bevrijdingscadeau kan dat tellen.

In ons land hebben we dan het Vlaams Belang dat meteen moord en brand begint te schreeuwen over alle Syriërs die hier werden opgevangen en nu zo snel mogelijk moeten terugkeren. Ik moet u zeggen dat ik daardoor gedegouteerd ben. Op een moment dat er nog geen duidelijkheid is over hoe het land Syrië zich verder zal ontwikkelen, op een moment dat er nog dagelijks bombardementen zijn, is het choquerend dat men nu al mensen wil terugsturen. Het toont eens te meer aan dat het voor het Vlaams Belang alleen maar gaat over een antivluchtelingenagenda.

Ook mevrouw de Moor deed uitspraken. Het is de mening van onze fractie dat we op dit moment terughoudend moeten zijn en ons beter niet tot grote uitspraken laten verleiden, zeker als we in rekening brengen welke gruwel daar de afgelopen decennia heeft plaatsgevonden.

Mijnheer de eerste minister, ten eerste, bent u het met mij eens dat het vandaag niet aan de orde is om Syrische vluchtelingen terug te sturen? Ten tweede, kunt u bevestigen dat mensen die als vluchteling werden erkend en een bijdrage aan onze welvaartsstaat leveren ook niet moeten vrezen om te worden teruggestuurd? Ten derde, bent u van mening dat het CGVS de autoriteit is om te bepalen wie al dan niet bescherming moet krijgen, en niet de stem van een of andere politicus?

Barbara Pas:

Mijnheer de eerste minister, mijnheer de vicepremier, het regime van de Syrische tiran Al-Assad is verleden tijd en dat is maar goed ook.

Dat heeft onmiskenbaar gevolgen voor Europa, zeker op het vlak van asiel en migratie. In Nederland, mijnheer Vandemaele, werd gisteren in het Parlement een motie goedgekeurd om snel werk te maken van de terugkeer van Syrische vluchtelingen. Oostenrijk heeft ondertussen aangekondigd dat alle toegekende statuten zullen worden herbekeken. De gezinshereniging van erkende Syrische vluchtelingen wordt daar opgeschort en de diensten hebben daar nu al de opdracht gekregen om een terugkeerprogramma uit te werken. Waarom heeft de Belgische regering nog geen concrete initiatieven genomen? Mohammed al-Bashir, de nieuwe interimpremier van Syrië, heeft immers zelf al de Syriërs die gevlucht zijn, opgeroepen om terug te keren naar hun land.

Gisteren vernamen wij dat een achttal Belgen betrokken is bij HTS. Het gaat om landgenoten die jaren geleden al naar Syrië zijn getrokken. Ik hoorde minister Van Tigchelt vandaag op de radio zeggen dat het best mogelijk is dat een aantal van hen een jihadistische ideologie aanhangt, maar desondanks maakt hij zich niet ongerust, want "HTS heeft voorlopig geen internationale agenda”. HTS wordt door de Europese Unie nog altijd als een terroristische organisatie beschouwd en dat is toch niet niks. Mijnheer Quintin, u hebt daarover als nieuwe minister van Buitenlandse Zaken zelfs nog wereldvreemdere verklaringen gedaan. U weet niet of die personen nog zullen radicaliseren en terugkeren naar ons land.

Weet het OCAD om wie het precies gaat en wat zij daar al die jaren in Syrië hebben gedaan? Waren zij actief bij IS? Zijn er daarvan ondertussen veroordeeld? Zult u hen hier zomaar opnieuw binnenlaten?

Darya Safai:

Mijnheer de eerste minister, mijnheer de minister, de oorlog in Syrië heeft meer dan 600.000 doden geëist en miljoenen mensen ontheemd. Nu het regime van Al-Assad is gevallen, hopen sommigen dat aan dat verhaal een einde zal komen, maar in werkelijkheid is het slechts het begin van een nieuw en gevaarlijk hoofdstuk. Het land is nog even verdeeld als gisteren.

HTS mag Al Qaida en IS publiek hebben afgezworen, het is nog steeds de erfgenaam van de gevreesde Al-Nusrabrigade. Sommige naïeve media beweren dat de groep gematigd is. Niets is minder waar. Het gaat om islamisten, die de sharia willen implementeren. Minderheden, christenen, Koerden en vrouwen zijn weer kwetsbaarder dan ooit tevoren. Een machtsvacuüm opent de deur voor nieuwe migratiestromen en de heropleving van extremistische groeperingen.

Mijnheer de eerste minister, het conflict raakt ook ons in België. Syriëstrijders bevinden zich nog steeds in de regio. Sommigen blijven loyaal aan de jihadistische groepen, terwijl anderen zouden kunnen proberen terug te keren. Dat vormt een directe bedreiging voor onze nationale veiligheid, vandaar mijn vragen aan u.

Welke concrete maatregelen neemt u om terugkerende Syriëstrijders te identificeren en de dreiging voor België te beperken?

Hoe zal België actief bijdragen aan de stabiliteit van de regio, zowel politiek als humanitair?

Franky Demon:

Mijnheer de premier, na 54 jaar is de tirannie van de familie Assad in Syrië eindelijk voorbij. Ik vind dat natuurlijk een bijzonder goede zaak, maar laten wij vooral niet te snel euforisch worden. De vraag is welk regime er in de plaats komt. De internationale gemeenschap, met name ook de Europese Unie, moet nu haar verantwoordelijkheid nemen in de begeleiding van Syrië op de weg naar een veilig en democratisch land.

De afgelopen jaren vluchtten heel wat Syriërs naar Europa, ook naar ons land. Staatssecretaris de Moor heeft werkelijk kordaat gereageerd door de beoordeling van de lopende aanvragen van Syriërs on hold te zetten, tot er meer duidelijkheid is. De afgelopen tien jaar kregen 35.000 Syriërs bescherming in ons land, van wie ongeveer een derde de afgelopen vijf jaar. Een vluchtelingenstatus is niet noodzakelijk voor altijd. Als de situatie duurzaam verbetert en de stabiliteit weerkeert, kunnen voor cd&v de statussen opnieuw individueel beoordeeld worden. Daarvoor is het nu echter nog te vroeg.

Het is belangrijk dat ons land zich op internationaal niveau inspant om nu samenwerking en informatie-uitwisseling met Syrië te versterken. We moeten op Europees niveau pleiten voor een gemeenschappelijke aanpak.

Ik heb dan ook drie misschien wel gemakkelijke vragen voor u. Ten eerste, steunt u de door staatssecretaris uitgezette beleidslijn aangaande de manier waarop ons land met de Syrische vluchtelingen zal omgaan?

Ten tweede, welke rol ziet u voor ons land en de EU? (…)

Voorzitter:

Collega's, ik wens in herinnering te brengen dat de spreektijd om een vraag te stellen, twee minuten bedraagt.

Ismaël Nuino:

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, nous avons tous suivi avec attention les événements qui se sont passés ces derniers jours en Syrie.

Nous devons nous réjouir de la chute du régime de Bachar al-Assad. Ce fut une dictature qui, avec celle de son père, aura duré plus de cinq décennies. Depuis 2011, ce régime barbare a causé la mort de 500 000 personnes et provoqué le déplacement de plus de 10 millions de personnes. Ce régime a incarné l'une des pires violations des droits humains de notre époque.

Comme l'histoire nous l'a malheureusement montré, la chute d'un tel régime peut créer une profonde instabilité. Nous avons vu que les périodes de transition peuvent mener à une grande instabilité, notamment après la chute des régimes de Saddam Hussein et de Mouammar Kadhafi par exemple. Dans un contexte géopolitique très tendu, la Syrie ne fait pas exception.

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, quelle est la position officielle de la Belgique face aux récents et derniers événements qui se sont passés en Syrie?

Notre diplomatie a-t-elle eu ou prévoit-elle d'avoir des contacts avec les autorités de transition syriennes qui semblent se mettre en place?

La Belgique compte-t-elle demander à la nouvelle haute représentante de l'Union européenne, Kaja Kallas, d'engager l'Union dans un dialogue actif avec ces nouveaux dirigeants? Le Conseil des Affaires étrangères (CAE) de ce 16 décembre pourrait être une bonne opportunité pour mettre ce sujet à l'agenda.

La Belgique va-t-elle proposer, avec l'Union européenne, une feuille de route politique et diplomatique claire afin d'accompagner la Syrie vers la stabilité?

Enfin, comme vous l'avez également déjà exprimé, monsieur le ministre, l'intégrité territoriale de la Syrie doit être garantie. Nous observons cependant déjà des actions militaires, notamment israéliennes, sur le territoire syrien. Quel regard portez-vous sur ces actions en cours?

Nabil Boukili:

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, je tenais à vous interroger sur la situation en Syrie et au Moyen-Orient de manière générale. Nous avons vu ce qu'il s'est passé en Syrie: la chute du régime autoritaire de Bachar al-Assad, qui est une bonne nouvelle pour le peuple syrien. Mais nous sommes encore beaucoup à être inquiets de l'avenir de la Syrie et de la souveraineté du peuple syrien.

De nombreuses puissances sont impliquées en Syrie et on remarque une ingérence de plusieurs forces sur le terrain, avec les bombardements américains, la présence de puissances régionales comme le Qatar, l'Arabie saoudite, la Turquie et Israël, qui est responsable de plus de 500 bombardements en deux ou trois jours. Ce dernier pays profite de la situation pour étendre sa présence sur le sol syrien, notamment au niveau du plateau du Golan, qui est illégalement occupé. Il est fou qu'Israël puisse se permettre d'agir de manière meurtrière en étant complètement impuni, alors que ce pays est accusé de génocide et que son chef d'État est poursuivi pour crime de guerre.

Monsieur le premier ministre, pour sortir du chaos dans cette région, nous avons besoin de plusieurs choses. Tout d'abord, il faut mettre fin au génocide à Gaza, garantir l'aide humanitaire pour les Palestiniens et mettre en place un appareil de sanctions contre cet État impuni et source d'instabilité dans la région.

Deuxièmement, il faut garantir la protection et les droits du peuple syrien et de toutes les forces syriennes qui œuvrent à la construction d'une Syrie nouvelle et unifiée, dans le respect de la diversité culturelle et religieuse, et à un gouvernement fort et souverain. Pour cela, il faut aussi mettre fin à toute ingérence étrangère sur le sol syrien. Il faut que les forces américaines, israéliennes, turques et saoudiennes sortent de la Syrie.

(Brouhaha)

Voorzitter:

Collega's, ik stel voor dat wij de spreekster van MR de ruimte geven. Ik wil nog eens iedereen die zich niet kan inhouden erop wijzen dat hun interrupties niet in het verslag worden opgenomen en dus eigenlijk volkomen overbodig zijn. Deze interrupties zullen geen spoor nalaten in de geschiedenis.

Charlotte Deborsu:

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre des Affaires étrangères, depuis votre entrée en fonction dont je me félicite, vous vous êtes déjà exprimé sur la situation en Syrie, encore ce matin. Je note avec grande satisfaction la fin d'un régime dynastique et cruel.

Nous nous situons, pour moi, dans la continuité des "Printemps arabes" qui ont débuté en 2011. Ils avaient suscité énormément d'espoir en un avenir meilleur. Mais soyons honnêtes, certaines espérances sont loin d'avoir été exaucées. Ne répétons pas les erreurs du passé. Il me semble essentiel que la communauté internationale soit unie, malgré ses divergences. Nous devons soutenir une transition politique ambitieuse pour le bien des Syriens et la stabilité de la région. En outre, la Belgique a des intérêts de sécurité à faire valoir, notamment quant au suivi des combattants de Daech incarcérés en territoire contrôlé par les autorités kurdes.

Monsieur le ministre, j'ai quatre questions à vous poser.

Premièrement, comment surmonter les obstacles juridiques qui pèsent sur le groupe HTC qui, je le rappelle, est reconnu comme une organisation terroriste? Or nous nous devons d'établir un dialogue politique avec eux pour favoriser une transition pacifique.

Deuxièmement, comment trouver un équilibre subtil entre l'aide de la communauté internationale et la non-ingérence étatique des puissances voisines de la Syrie?

Troisièmement, comment contribuer à la lutte contre l'impunité des autorités de l'ancien régime, puisque les victimes méritent une reconnaissance de leurs souffrances ainsi qu'un procès équitable de leurs bourreaux?

Quatrièmement, la lutte contre Daech n'est malheureusement pas terminée. Les autorités kurdes se doivent d'être soutenues afin de maintenir incarcérés les combattants radicaux. Rappelons que des Belges en font partie. Dès lors, comment soutenir nos services compétents, monsieur le ministre, afin d'assurer la sécurité de notre pays?

Rajae Maouane:

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, ce mois de décembre a vu un événement historique se produire en Syrie: la fin du régime des al-Assad. Cinquante-quatre ans de règne sanguinaire marqués par la répression et les violences les plus brutales, des violences en partie inspirées par les méthodes du nazi Aloïs Brunner, qui est l'un des principaux responsables de la solution finale, le projet d'extermination des Juifs en Europe. Ce moment signe la fin d'une dictature qui a plongé le peuple syrien dans l'horreur absolue. Les images de l'emblématique et terrifiante prison de Saidnaya où des enfants et des prisonniers retrouvent la liberté sont absolument bouleversantes. Ce moment ouvre une période de soulagement d'abord, mais aussi d'interrogations.

La chute d'Assad est sans aucun doute une étape importante pour le peuple syrien et potentiellement pour l'avenir de la région. Les défis sont nombreux et nous nous devons d'accompagner cette transition démocratique et inclusive en Syrie, mais sans confisquer cette transition et cette révolution. La Belgique, en tant qu'acteur international engagé pour la paix et la justice, a toujours plaidé pour une solution politique en Syrie. Nous avons soutenu des résolutions aux Nations Unies et contribué à des aides humanitaires.

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, cet événement rappelle à quel point les aspirations des peuples pour la liberté et pour la dignité sont extrêmement puissantes, même après des décennies d'oppression. Mais ces espoirs nécessitent un soutien international fort pour éviter que les différentes puissances coloniales occidentales ou d'autres puissances de la région ne confisquent la révolution du peuple syrien. Un nouveau régime se met doucement en place entre espoirs et interrogations.

Comment la Belgique compte-t-elle se positionner par rapport au régime qui se met en place? Au sein de l'Union européenne, quel rôle spécifique la Belgique envisage-t-elle de jouer pour contribuer à la reconstruction d'une Syrie engagée sur la voie des réformes? Dans ce contexte de bouleversement, quels moyens la Belgique déploie-t-elle pour protéger les populations civiles dans une région qui est déjà sous haute tension à cause du comportement de voyou et de génocidaire de l'État d'Israël? Merci pour vos réponses.

Alexander De Croo:

Mijnheer de voorzitter, samen met miljoenen Syriërs zijn wij blij dat er een einde is gekomen aan 53 jaar dictatuur in Syrië.

Vele sprekers hebben de nadruk gelegd op de meer dan 500.000 Syriërs die het leven hebben gelaten. Niet iedereen is echter blij dat Assad vertrekt. Mevrouw Pas, u noemt Assad hier een tiran. Uw woorden zijn echter goedkoop. De heer Dewinter betreurt dat een van de grootste oorlogsmisdadigers van de voorbije eeuw vertrekt. Hij betreurt dat.

Mevrouw Pas, misschien moet u eens duidelijk maken aan wiens kant u staat. Staat u aan de kant van een Vlaams Parlementslid van u, van iemand die vandaag durft te zeggen dat hij betreurt dat een van de grootste oorlogsmisdadigers moet vertrekken of neemt u hier afstand van zijn woorden? Daarover moet u misschien eens duidelijkheid geven. (Applaus)

Il est vrai que la situation sur le terrain reste très instable. Ce qui compte aujourd'hui, c'est que la transition puisse se dérouler d'une façon pacifique et que vienne en Syrie un pouvoir qui soit représentatif et en ligne avec la résolution 2254 du Conseil de sécurité des Nations Unies. L'intégrité territoriale de la Syrie doit être respectée et les bombardements qui ont lieu aujourd'hui doivent cesser au plus vite.

Ik wil graag ingaan op een aantal vragen die werden gesteld.

De voorbije tien jaar zijn honderdduizenden Syrische vluchtelingen naar Europa gekomen. Ook in ons land hebben wij onze verantwoordelijkheid genomen. We hebben internationale bescherming gegeven aan mensen die getiranniseerd worden en uit een land komen waar mensenrechten absoluut niet gerespecteerd worden. Wij hebben dus onze verantwoordelijkheid opgenomen en voldaan aan onze verplichting om bescherming te bieden.

Als land hebben we echter ook de opdracht om op een gecoördineerde manier ervoor te zorgen dat mensen veilig terug kunnen keren naar hun thuisland als de situatie stabiliseert. Dat is logisch en ligt volledig in lijn met internationale verdragen. Vandaag is dat nog niet het geval. De situatie is namelijk nog zeer instabiel. Zodra de situatie stabiel is, moeten we dat op een menselijke manier samen met andere Europese landen doen. We moeten vandaag daarvoor de nodige voorbereidingen treffen.

De regering heeft inderdaad beslist om de lopende aanvragen on hold te zetten. Dat lijkt mij volledig logisch. Volgende week is er ook een Europese Raad. We moeten daar samen kijken op welke manier we gecoördineerd die voorbereidingen kunnen treffen.

Ons land en onze samenleving hebben daarvoor een enorme inspanning geleverd. Wij hebben onze verantwoordelijkheid opgenomen. Het is dan ook nu aan ons om er samen met de internationale gemeenschap alles aan te doen opdat Syrië zo snel mogelijk een stabiel land kan worden, dat opnieuw opgebouwd kan worden door de duizenden Syriërs die hier ook ervaring hebben opgedaan. We moeten ervoor zorgen dat ze op een veilige manier naar hun thuisland kunnen terugkeren om het te kunnen heropbouwen en een vredevolle samenleving te kunnen zijn.

Bernard Quintin:

Monsieur le président, mesdames et messieurs, honorables députés, je vous remercie pour vos questions qui me donnent l’opportunité de m’exprimer pour la première fois devant vous. Je suis bien conscient de l’honneur que cela représente.

En 53 ans, le régime des Assad s’est rendu coupable d’atrocités et de nombreux crimes contre son propre peuple. Vous avez parlé de la prison. C’est un régime qui n’a pas hésité à gazer plusieurs fois sa propre population.

Sa chute amène une lueur d’espoir pour le pays. La joie des Syriennes et des Syriens prouve qu’ils veulent envisager l’avenir avec optimisme. Je pense que nous devons aussi prendre le temps de partager cette joie avec eux. Il sera maintenant important que tous les acteurs impliqués contribuent à une paix durable en Syrie, respectueux de toutes les communautés qui composent le pays, y compris et surtout les minorités.

Bien qu’il soit encore trop tôt pour tirer de grandes conclusions, les signaux exprimés publiquement sont plutôt positifs pour les Syriennes et les Syriens. Les nouveaux dirigeants syriens devront nous démontrer, à nous certes, mais surtout et avant tout à leur population, qu’ils peuvent garantir une transition politique pacifique et inclusive. Nous évaluerons leurs actes, et pas seulement leurs paroles.

We volgen de situatie op de voet en hebben contacten binnen de Europese Unie, maar ook met landen in de regio, om informatie uit te wisselen. De hele internationale gemeenschap moet samenwerken. Na de goedkeuring van een verklaring van de EU 27 over Syrië deze week, zullen we de kwestie maandag ook bespreken tijdens de Raad Buitenlandse Zaken met mevrouw Kallas, de nieuwe Hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (HRVP). Het is belangrijk om onze krachten te bundelen voor de heropbouw van Syrië, voor de coördinatie van de humanitaire hulp en voor het respect van de mensenrechten en de minderheden in het land.

La restauration de la souveraineté, de l'unité, de l'indépendance et de l'intégrité territoriale de la Syrie sont des éléments primordiaux. Nous appelons toutes les parties à éviter une nouvelle escalade militaire.

La Belgique restera également engagée pour que les crimes commis en Syrie ne restent pas impunis. Le mécanisme international, impartial et indépendant pour la Syrie (IIIM) aura un rôle clé à jouer.

J'aurai très prochainement un contact avec mon homologue turc.

Er is voor volgende week in Brussel ook een ontmoeting gepland met mijn Libanese en Jordaanse collega’s.

Concernant la question des foreign terrorist fighters , comme vous le savez, la position du gouvernement a été arrêtée par le Conseil national de sécurité en 2021 qui a défini des critères d'éligibilité au rapatriement. Sur cette base, des rapatriements d'enfants accompagnés de mères ont eu lieu. Si une nouvelle décision de ce type devait être prise, elle devrait l'être avec l'ensemble du gouvernement.

Mesdames et messieurs, honorables députés, une Syrie stable qui se reconstruit dans la concorde et l'unité bénéficiera non seulement aux Syriennes et aux Syriens mais aussi à tous les pays du Moyen-Orient et contribuera – nous l'espérons – à la sécurité et à la stabilité de la région et bien au-delà d'ailleurs. C'est ce que je souhaite. C'est ce que nous souhaitons et nous continuerons à encourager cette voie.

Voorzitter:

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, je vous remercie et donne maintenant la parole aux orateurs qui disposent chacun d'une minute pour leur réplique.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de premier, mijnheer de minister, de situatie is duidelijk nog instabiel en erg gevaarlijk. Ik herhaal dan ook mijn pleidooi om momenteel terughoudend te zijn. Het Syrische volk smacht al decennialang naar stabiliteit en vrijheid. Het is ook onze plicht om het Syrische volk daarin te steunen.

Ik heb een laatste boodschap voor het Vlaams Belang. Ik heb hier een foto van uw goede vriend, mensen van het Vlaams Belang, de partij die op de koffie ging bij Al-Assad. Uw partij heeft dat regime gelegitimeerd en ondersteund. Als het dus over Syrië gaat, kunt u het best een toontje lager zingen en zou u misschien beter gewoon zwijgen.

Barbara Pas:

Ik ben zeer duidelijk geweest over de tiran Al-Assad. Wij hebben allang afstand genomen van die zaken, mijnheer Vandemaele. Ik ben evenwel niet zo naïef als vicepremier De Sutter om te denken dat daar in Syrië een democratie in de plaats zal komen.

U noemt mijn woorden goedkoop, mijnheer de premier, maar ik vind het zeer goedkoop om als premier van een zevende partijtje zonder democratisch draagvlak jarenlang verantwoordelijk te zijn voor een desastreus migratiebeleid en dan vandaag niet op mijn pertinente vragen te willen antwoorden.

Mijn vragen en mijn standpunten zijn politiek legitiem. In andere landen wordt uitgevoerd wat wij vandaag vragen. Maak u geen illusies, een meerderheid van die 35.000 Syrische vluchtelingen zal niet vrijwillig terugkeren. Wij vragen u om maatregelen zoals in Oostenrijk te nemen, om de gezinshereniging van Syrische vluchtelingen op te schorten, om de vrijwillige terugkeer van Syriërs te faciliteren en om het vluchtelingenstatuut in te trekken (…)

Darya Safai:

Mijnheer de premier, mijnheer de minister, Assad was een monster, laat daar geen twijfel over bestaan. We moeten echter zeer waakzaam zijn voor de mensen die hem nu opvolgen. Ik toon u een foto van de heer Al-Jolani, de leider van HTS. Hier ziet u de vlag van Jabhat al-Nusra, Al Qaida en hier is de foto van Al-Jolani met de HTS-vlag. Ze hebben allebei dezelfde islamkleuren en dragen het opschrift ‘geen andere god dan Allah en geen andere profeet dan Mohammed’. Ze willen de sharia invoeren. Ze beweren de vrouwen niets te zullen opleggen, maar daar heb ik mijn twijfels bij, ik geloof daar niets van. Khomeini beweerde hetzelfde na de Iraanse Revolutie in 1979. (…)

Franky Demon:

Mijnheer de premier, we zitten duidelijk op dezelfde lijn. Het is goed dat u verder wilt inzetten op de voorbereiding en de coördinatie op Europees niveau. Ik ben blij dat u ermee kunt lachen, mijnheer de premier. Ik hoop dat uw woorden ook overeenstemmen met uw daden, want de EU moet het momentum grijpen om samen met de Syriërs te bouwen aan een democratisch land, dat op termijn een stabiele partner in de regio moet zijn.

Mijnheer de premier, ik wil u nog één ding vragen. HST, de militie die heeft geholpen Assad te verdrijven, staat vandaag nog op de terreurlijst van de EU. Wij roepen u op om samen met de collega’s duidelijke voorwaarden af te spreken op basis waarvan we met dergelijke organisaties in gesprek kunnen gaan. De belangrijkste opdracht is voor ons de stabiliteit en de rust in dat land te laten terugkeren.

Ismaël Nuino:

Monsieur le ministre, monsieur le premier ministre, tout ce qu'il faut retenir, c'est que nous allons avoir besoin d'une réponse de l'Union européenne qui soit coordonnée, forte et rapide parce qu'il est malheureusement à craindre que dans les années à venir nous ayons très peu d'aide et de soutien de nos voisins outre-Atlantique. L'Union européenne doit donc être au rendez-vous.

Alors, monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, loin de l'outrance et des simplismes et face à une situation qui est excessivement complexe, la prudence est de mise aujourd'hui. La prudence n'est pas une faiblesse mais une exigence en premier lieu pour notre sécurité, pour la reconstruction de la Syrie, pour qu'elle retrouve son indépendance, sa souveraineté, et que surtout les Syriens retrouvent ce pour quoi ils se sont tant battus: leur liberté.

Nabil Boukili:

Monsieur le premier ministre, vous avez rappelé qu'il faut arrêter tout bombardement aujourd'hui. Arrêter la violence sur le sol syrien est la première chose à faire. Il faut aussi garantir l'intégrité territoriale de la Syrie, condition indispensable pour espérer une stabilité. Mais il faut surtout, et je le répète ici, arrêter toute ingérence étrangère sur le sol syrien. Il faut garantir la souveraineté du peuple syrien dans sa diversité religieuse et ethnique. C'est une condition indispensable si on veut avoir une lueur d'espoir dans cette région pétrie de violence. Aujourd'hui, il faut cesser cette violence. Et cela passe par la souveraineté du peuple syrien et l'arrêt de toute ingérence étrangère en Syrie.

Charlotte Deborsu:

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, merci pour vos réponses détaillées. La fin de ce régime tyrannique est, on l’a dit et redit, une opportunité. Certes, elle suscite d’autres interrogations mais il y a enfin de l’espoir, et c’est ce que j’ai envie de retenir. Cette fois-ci, je veux que nous ne rations pas le coche.

Rajae Maouane:

Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, merci pour vos réponses. Nous avons une responsabilité énorme, historique pour accompagner au mieux cette transition et qu’elle soit la plus pacifique et la plus inclusive possible, toujours à l’écoute des revendications du peuple syrien, quelle que soit la religion ou l’origine ethnique. Quand j’entends certains ici regretter à demi-mot le régime al-Assad, je me demande dans quel monde on vit. Pourtant, malgré la situation instable sur place, malgré des tensions religieuses, malgré des tensions ethniques, malgré une situation géopolitique régionale totalement instable avec Israël qui a envahi le plateau syrien du Golan, l’Europe et, dans son sillage, la Belgique, ont déjà annoncé suspendre les demandes d’asile des réfugiés syriens. C’est une décision qui n’honore pas l’Europe et qui ne nous honore pas.

gezondheid en welzijn

Subitogate en de nieuwe onthullingen in de zaak-Reynders
Het onderzoek naar witwaspraktijken met loterijbiljetten
Fraudezaken in de Belgische politiek

Gesteld aan

Vincent Van Peteghem (Minister van Financiën)

op 12 december 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om vermoedens van witwassen door Didier Reynders, die 800.000 euro cash storte en 200.000 euro aan loterijtickets kocht om verdachte transacties te maskeren, volgens kritische parlementsleden als Hedebouw en Van Hecke. Van Peteghem (minister) benadrukt dat de Nationale Loterij haar controles volgt en meldingen deed, maar ontwijkt of banken de cashstortingen signaleerden—wat Hedebouw blijft aankaarten als cruciale leemte. Van Hecke pleit voor strengere regels, waaronder uitbreiding van de antiwitwaswet naar de Loterij en scherpere controles, terwijl hij wijst op gokverslavingsrisico’s en chantabiliteit bij hooggeplaatsten. Justitie moet het onderzoek afronden, maar de oppositie eist transparantie over bankmeldingen en systeemfalen bij financiële waakhonden.

Raoul Hedebouw:

Monsieur le ministre, je vous interroge aujourd'hui sur des possibles agissements de blanchiment.

On sait qu'en Belgique, pour les ministres, c'est déjà le Win for Life: 11 000 euros nets par mois in the pocket . On sait que, pour les commissaires européens, c'est le super Win for Life: carrément 28 000 euros par mois! Mais, là, visiblement, selon la presse, M. Reynders aurait potentiellement voulu encaisser le super super Win for Life. M. Reynders aurait, ces dernières années, d'abord été déposer 800 000 euros sur des comptes en banque, en cash! Salut les gars!

Puis, un jour, la banque lui a dit: "C'est un peu suspect!" Qu'a-t-il alors fait? Il a acheté pour 200 000 euros de tickets de la Loterie Nationale, 50 semaines sur 52, dans une pompe à essence. Imaginez Didier Reynders: "Salut, je vais prendre un paquet de Marlboro et tu me mets encore 500 euros de tickets en plus". Et, la semaine d'après: "Mets-moi un Snickers et 500 euros de tickets en plus". Imaginez-vous, un commissaire européen! Mais quelle honte! Là est la question!

Au MR, chez les élites libérales, c'est toujours la même chose. On fait les malins contre les profiteurs, les malades de longue durée, les chômeurs, etc. Mais, quand il s'agit de vous-mêmes, il n'y a plus personne au balcon! Voici deux minutes, M. Georges-Louis Bouchez était là! Il était là! Mais il s'est "viré" pour le débat! Il ne veut évidemment pas de débat là-dessus! On ne l'entend pas.

Monsieur le ministre, les banques ont-elles signalé à la cellule de lutte contre le blanchiment d'argent le cash et le fait que ces opérations étaient potentiellement frauduleuses? (…)

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, het zou een gokverslaving zijn. Dat is de uitleg die de heer Reynders geeft aan dit dossier. Het is een gokverslaving. Collega's, wie een gokverslaving heeft, is chanteerbaar. Daarom mogen bijvoorbeeld politieagenten, magistraten, deurwaarders en notarissen niet binnen in een casino en mogen ze wettelijk gezien nooit gokken. Daarvoor zijn dus goede redenen.

Elke dag komen er nieuwe elementen naar boven. Ook de Nationale Loterij probeert nu aan te tonen dat hun controlemechanismen gewerkt zouden hebben. Ik wil daarop wel dieper ingaan, mijnheer de minister. Er wordt immers gesproken over een totaalbedrag van ongeveer 1 miljoen euro waarvoor een verklaring moet worden gegeven: een poging tot witwassen via de Nationale Loterij ter waarde van 200.000 euro en 800.000 euro cashgeld dat aangeboden werd aan een bank om op een rekening te zetten. Dat roept wel wat vragen op.

Ik zal het eerst hebben over de Nationale Loterij. Er zou één verdachte transactie gevonden zijn op vijf jaar tijd terwijl de feiten toch – zegt men – een tiental jaar zouden hebben geduurd. We krijgen dan een hele uitleg van de Nationale Loterij op twaalf pagina's. Ik denk echter dat er wel wat meer nodig is om de zaken uit te klaren. Mijn eerste vraag luidt dan ook of het volgens u nodig is om de controlemechanismen bij de Nationale Loterij te verstrengen en verstevigen?

Ten tweede valt de Nationale Loterij blijkbaar ook niet onder de antiwitwaswet. Er is dus geen aangifteplicht voor de Nationale Loterij. Bent u van oordeel dat de Nationale Loterij ook onder die witwaswet zou moeten vallen?

Mijn derde vraag gaat over de cashstortingen bij de bank. Hoe kan het dat het zo lang heeft geduurd voor er signalen zijn gekomen? Men moet maar eens proberen om 800.000 euro cash op een bankrekening te zetten. Dat zou dus gedurende een hele periode gebeurd zijn. Zijn er dan nooit signalen gekomen…

Voorzitter:

Bedankt, mijnheer Van Hecke. Uw tijd is om.

Ik wil u nog even herinneren aan de geheime stemmingen, want er is nog geen toevloed vastgesteld. U bent allen uitgenodigd om in de loop van de zitting uw stem uit te brengen.

Vincent Van Peteghem:

Collega’s, ik heb vorige week al geantwoord op zeer veel vragen. Er is deze week ook verduidelijking gekomen van de Nationale Loterij. Ik heb vorige week uitgelegd hoe dat controlemechanisme precies werkt.

J'ai expliqué toutes les limites de jeu, le contrôle d'identité, les limites de versement et le système de contrôle de la Loterie Nationale.

Dat werd, zoals ik al zei, in de afgelopen dagen reeds uitgebreid toegelicht door de Nationale Loterij zelf met cijfermateriaal, waaruit nogmaals blijkt dat dat controlesysteem heeft gewerkt, ondanks het uitzonderlijke karakter van het dossier, en dat ook de nodige meldingen bij de bevoegde instanties zijn gebeurd.

U kunt die nota nalezen en bestuderen, want die is openbaar. U kunt die opvragen bij mijn kabinet en ook bij de Nationale Loterij. In die nota zult u ook de antwoorden vinden op vragen over de gehanteerde controlemethode, over welke indicatoren juist wijzen op mogelijk witwassen, maar ook over de tijdlijn van het geschetste dossier.

Ceci, bien sûr, toujours en prêtant attention au secret de l'enquête.

Meer algemeen en wat betreft uw andere vragen ben ik het natuurlijk met u eens dat wij de strijd tegen witwassen – ook dat heb ik vorige week uitgebreid benadrukt – moeten verderzetten. Dat is ook exact de reden waarom de nieuwe Europese antiwitwasverordening er is, waaronder ik op Europees niveau mee mijn schouders heb gezet. Die verordening zal daar natuurlijk ook toe bijdragen. Wij moeten uiteraard bekijken hoe wij die strijd nog verder kunnen voeren, maar ik wil wel nog toevoegen dat het nu aan de justitie is om het onderzoek te voeren. Alle meldingen, zowel door de Nationale Loterij als door de CFI, zijn gemaakt.

La justice doit faire son travail et elle est évidemment la même pour tout le monde.

Raoul Hedebouw:

Mijnheer de minister, u hebt niet geantwoord op mijn specifieke vraag. In de media wordt gezegd dat de heer Reynders op een bepaald moment 200.000 euro tickets had gekocht, omdat zijn bank hem had gezegd dat 800.000 euro cash toch te veel was om op zijn rekening te storten. Mijn vraag was of de bankensector die informatie heeft doorgegeven aan de antiwitwascel. Is er van daaruit een signaal gekomen?

U hebt het alleen maar over de Nationale Loterij gehad, maar ik heb het over de banken en op die vraag antwoordt u niet. Als het over liberale, rechtse elitepolitici gaat, dan is er geen probleem, dan is alles openbaar. Win for life for Reynders . Die kreeg al 30.000 euro per maand, maar toch vond hij nog meer systemen om geld op te strijken. U moet de bankensector ook onder de loep nemen. Dat interesseert mij. Is er een signaal gekomen van de banken of niet?

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord.

Er is duidelijk nood aan meer controles, ook bij de Nationale Loterij. Ik heb de nota gelezen en men spreekt daarin over indicatoren. In dit geval ging het licht op rood voor drie indicatoren, maar wat doet men als er signalen komen in verband met een indicator of twee indicatoren? Blijkbaar onderneemt men dan geen actie. Men doet dat alleen wanneer men signalen voor de drie indicatoren krijgt. Beslissen over welk dossier wel of niet wordt doorgestuurd, mag geen kwestie van loterij zijn.

U hebt niet geantwoord op mijn vraag over de antiwitwaswet. De Nationale Loterij valt blijkbaar niet onder de antiwitwaswet. Het is duidelijk dat dat beter wel het geval zou zijn. Wij zullen een wetgevend initiatief nemen, zodat de Nationale Loterij wel onder de antiwitwaswet valt. Dan kan iedereen zijn stem uitbrengen.

(Rumoer)

Voorzitter:

Het stemgedrag van collega's kan altijd op de website worden nagekeken.

gezondheid en welzijn

Witwaspraktijken via producten van de Nationale Loterij
Fraudebestrijding en de producten van de Nationale Loterij
Fraudebestrijding en de producten van de Nationale Loterij
Fraudebestrijding en de producten van de Nationale Loterij
Het vermoeden van witwasserij via de Nationale Loterij
Fraudebestrijding en witwaspraktijken via Nationale Loterij-producten

Gesteld aan

Vincent Van Peteghem (Minister van Financiën)

op 5 december 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om vermoedens van witwassen via de Nationale Loterij door ex-minister Didier Reynders, waarbij kritiek wordt geuit op slechte controles, gebrek aan transparantie en een dubbele standaard tussen de overheidsloterij en private spelers. De Loterij claimt detectiesystemen te hebben, maar parlementsleden betwijfelen hun effectiviteit gezien de tienjarige duur van de praktijken en het enkele melding in vijf jaar. Vincent Van Peteghem (minister) benadrukt strengere EU-regels en samenwerking met justitie, maar oppositie eist versnelde onderzoeken, opheffing van Reynders’ onschendbaarheid en gelijke regels voor alle kansspelactoren. Systematische corruptie in de politiek (Kazachgate, Qatargate) en zwakke anti-witwasmaatregelen staan centraal.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de minister, u kent wellicht de beruchte slogan van de Nationale Loterij: Word schandalig rijk . Iemand heeft dat blijkbaar iets te letterlijk genomen. Als het klopt wat er nu in de media verschijnt, dan heeft Didier Reynders, MR-boegbeeld, 20 jaar minister, 5 jaar eurocommissaris, de Nationale Loterij gebruikt om zijn zwart geld wit te wassen. We zijn natuurlijk ook allemaal nieuwsgierig naar de oorsprong van dat zwart geld, maar ik denk dat we dat niet snel te weten zullen komen. U kunt echter in elk geval wel al in actie schieten.

We weten dat criminele milieus graag gebruikmaken van gokproducten om geld wit te wassen. Daarvoor wordt al jaren gewaarschuwd. Ik heb hier de voorbije jaren al heel wat zien passeren in het dossier van de gokindustrie, maar dat de Nationale Loterij, een overheidsbedrijf, ook als witwasmachine kan worden gebruikt, tart elke verbeelding.

Hoe kan het dat men e-tickets zomaar met cash geld kan kopen? Dat is niet alleen zo in de krantenwinkels en de verkooppunten van de Nationale Loterij, maar ook aan de kassa van grootwarenhuizen. Dat is toch de kat bij de melk zetten. Meer zelfs, de poort staat wagenwijd open voor misbruik. Dat is op zich al een eerste achterpoortje dat gemakkelijk zou kunnen worden gesloten.

De Nationale Loterij zegt natuurlijk dat hun detectiesysteem heeft gewerkt. Volgens de onderzoeksjournalist die het verhaal naar buiten heeft gebracht, zou de witwasoperatie echter mogelijk al tien jaar duren. Kunt u dat bevestigen? Als het inderdaad zo lang heeft geduurd, werkt dat detectiesysteem dan wel voldoende? Vindt u het zelf ook niet vreemd dat de heer Reynders de enige zou zijn geweest die deze truc gebruikte, want er zijn volgens de Nationale Loterij geen andere gevallen bekend?

Mijnheer de minister, welke acties zult u hiertegen ondernemen?

Lode Vereeck:

Mijnheer de minister, gok- en kansspelen zijn in dit land streng gereglementeerd om het hoofd te bieden aan twee problemen: gokverslaving en witwassen van zwart- en crimineel geld.

Witwassen is altijd laakbaar en moet aangepakt worden, maar dat de overheid hiervoor wordt ingeschakeld, is afschuwelijk en een klap voor het vertrouwen in onze overheden. Nu zie ik één lichtpuntje, namelijk dat het misbruik wel degelijk ontdekt is door de Nationale Loterij.

Mijnheer de minister, hoe gebeurt die controle? Gebeurt die manueel of visueel, dus op het zicht, of gebeurt dat met een dataminingtechniek, een algoritme dat op zoek gaat naar uitschieters in een bestand? Ik stel die vraag omdat het vreemd is dat de Nationale Loterij, die quasi een monopolie heeft in deze sector, op vijf jaar tijd maar één melding heeft gedaan bij de Cel voor Financiële Informatieverwerking.

Vandaar mijn tweede vraag. Is er maar één keer misbruik vastgesteld, wat onmogelijk is gezien de omvang van het quasi monopolie, of is er maar één keer melding gemaakt? Dat is een belangrijk verschil, want in dat laatste geval is er misschien gewoon sprake van een afrekening tussen de politieke top van de Nationale Loterij, dus tussen de heer Jannie Haek, een socialist, en de heer Didier Reynders, een liberaal.

Ten derde genieten wij als parlementsleden onschendbaarheid. Dat is ook het geval voor de heer Reynders. Bij mijn weten wordt die onschendbaarheid altijd snel opgeheven wanneer er een onderzoek door of een vraag van het parket komt. Waarom is er in dit geval zo lang gewacht, namelijk tot de heer Reynders eurocommissaris af was?

Tot slot, in deze sector lijken mij twee maten en twee gewichten te worden gehanteerd. De private sector wordt streng gereglementeerd en binnenkort zelfs nog strenger. Wat verantwoordt die uitzonderingspositie van de Nationale Loterij? Waarom zijn niet alle spelers, publiek en privaat, aan dezelfde reglementering onderworpen? Bent u bereid om dat recht te trekken?

Sofie Merckx:

Monsieur le ministre, Win for Life! On savait déjà que l'ancien ministre des Finances et éminent politicien du parti libéral, M. Reynders, gagne à la loterie depuis trente ans: ministre durant vingt ans – ce qui signifie qu'il a gagné durant toute cette période près de 20 000 euros par mois – et commissaire européen ces cinq dernières années, soit un salaire mensuel de 30 000 euros.

Hier, nous apprenions que M. Reynders est soupçonné d'avoir blanchi de l'argent en – tenez-vous bien! – achetant des billets à la Loterie Nationale! On croirait franchement à une blague belge mais non, il semble que ces soupçons sont bien réels. L'enquête judiciaire doit évidemment suivre son cours pour voir si oui ou non il est coupable.

D'après moi, cette affaire nous met face à trois éléments.

Premièrement, toute la vérité doit être faite et l'immunité parlementaire dont bénéficie M. Reynders ne peut faire obstacle à cette enquête car lorsqu'un simple citoyen est soupçonné, il ne bénéficie pas d'immunité parlementaire.

Deuxièmement, nous apprenons que cette pratique aurait duré pendant dix ans et on se demande donc si les mécanismes de contrôle par rapport à la Loterie Nationale sont suffisants.

Troisièmement, je crois que nous avons un vrai problème avec l'argent en politique en Belgique. Ce n'est ni la première ni, apparemment, la dernière affaire. Le GRECO, le gendarme européen, a déjà critiqué la Belgique à plusieurs reprises car nous ne sommes pas en règle s'agissant de la lutte contre la corruption en politique. Nous n'avons par exemple ni déclaration de patrimoine public, contrairement à d'autres pays, ni registre des lobbies.

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de minister, onze blauwe smurf is nog eurocommissaris voor Justitie geweest en ook minister van Financiën. Hij was indertijd zelfs bevoegd voor de Nationale Loterij. Hij heeft blijkbaar gesmurft met producten van de Nationale Loterij om zwart geld wit te wassen.

Het is precies vier weken geleden dat ik hier stond om de toestand bij de Nationale Loterij aan te klagen omdat de toxische leider ervan, een zekere Jannie Haek, voor de correctionele rechtbank moest verschijnen wegens het organiseren van illegale praktijken. Zes maanden geleden stond ik hier, met mijn collega Christoph D'Haese, aan te klagen dat diezelfde man 30 miljoen gestort had in de kas van de overheid om te ontsnappen aan elke controle op de Nationale Loterij.

Hoewel iedereen daartegen was – ook de heer Van Hecke – valt de Nationale Loterij niet onder de kansspelwetgeving. Wij vroegen dat nochtans, maar het werd niet aanvaard. Tot wat dat kan leiden, zien we nu: de Nationale Loterij verkoopt producten die ertoe leiden dat men geld kan witwassen. Met dat zwart geld verdient men geld, meer dan wat men aan de belastingen betaalt, namelijk de helft van het inkomen. Koop dus maar lotjes van Subito of Win for Life. Men kan ze zelfs bij de begrafenisondernemer krijgen. Er zijn liefst 7.000 verkooppunten. Men koopt dus een lotje en men krijgt zijn geld terug, tot 78 %

Nadien gebeurt er echter niets. Er komt geen enkele controle. In dit geval was er waarschijnlijk een klokkenluider bij de Nationale Loterij die dat aan het licht heeft gebracht. Het probleem is redelijk groot, maar ik kan er nog niet over uitweiden. Een klokkenluider heeft het gezegd.

Geen enkel van de privégokbedrijven kan er nog aan uit. Geen enkel. Er werden 332 klachten ingediend. Waarom? Wie op de zwarte lijst staat, kan zo'n bedrijf zelfs niet binnen. Als men op die zwarte lijst staat, kan men echter wel elke week 120.000 euro inzetten op de Lotto. Dat is de Nationale Loterij (…)

Voorzitter:

Dank u collega, maar wanneer komt uw vraag?

Khalil Aouasti:

Monsieur le ministre, Didier Reynders, l'un des plus hauts dignitaires libéraux, ancien vice-premier ministre en charge notamment des Finances et de la Lutte contre le blanchiment d'argent, ancien ministre des Affaires étrangères, ancien commissaire européen en charge de la Justice et du respect de l'État de droit, serait impliqué dans une affaire de blanchiment d'argent.

Avant toute chose, rappelons que, contrairement à certains et à ce qu'on a pu entendre dans cet hémicycle il n'y a pas si longtemps, nous ne prenons pas des éléments partiels pour des faits. Didier Reynders, comme chacun, bénéficie de la présomption d'innocence.

Monsieur le ministre, néanmoins, les éléments divulgués, s'ils venaient à être confirmés, sont importants en ce qu'il est question de détournement d'une somme importante. Selon la presse, cette somme correspondrait à un nombre à six chiffres et aurait été blanchie depuis près d'une décennie. La presse explique que l'affaire aurait été divulguée à la suite du signalement de la Loterie Nationale elle-même, qui dispose d'outils pour débusquer les pratiques de blanchiment.

Monsieur le ministre, avez-vous été mis au courant avant la sortie dans la presse du signalement opéré par la Loterie Nationale? Si oui, depuis quand? Pouvez-vous nous expliquez quels sont les indices repérés par la Loterie pour signaler un comportement suspect? Qui la Loterie Nationale a-t-elle prévenu? Le parquet? La CTIF? Vous-même?

En tant que ministre des Finances, que vous ayez eu l'information en amont ou en lisant la presse, avez-vous entrepris des démarches? Avez-vous par exemple saisi l'Inspection spéciale des impôts? Selon la presse, la Loterie Nationale n'aurait réalisé qu'un seul signalement en cinq ans. Quid des casinos? Quid des opérateurs privés?

Le rapport annuel de la CTIF de 2023 stipule qu'il y aurait eu 322 signalements par des établissements de jeux de hasard. Confirmez-vous ces chiffres? Quelle en est l'évolution à travers le temps?

Vincent Van Peteghem:

Mijnheer de voorzitter, collega's, u beseft natuurlijk dat ik mij in mijn antwoord bij momenten op voorwaardelijke wijze zal uitspreken, omdat het gerechtelijk onderzoek nog lopende is. Laat me van in het begin ook direct duidelijk zijn: de strijd tegen al wie fraude pleegt of geld witwast, kunnen we niet hard genoeg voeren.

Het is niet nieuw dat potentiële fraudeurs en witwassers een grote creativiteit aan de dag leggen om geld wit te wassen en daarbij ook hun blik werpen op de kansspelsector.

Les opérateurs de jeux de hasard ont donc l'obligation, en vertu de la loi anti-blanchiment, de signaler et de prévenir le blanchiment de capitaux et le financement du terrorisme.

Die verplichtingen zijn ook van toepassing op de Nationale Loterij

De Nationale Loterij neemt overigens maatregelen om witwaspraktijken via haar loterijspelen te verhinderen. Ten eerste is de loterij bijzonder transparant over zowel het terugbetalingspercentage als over de winstkans. Die transparantie is nodig om spelers te wijzen op het karakter van het loterijspel en tevens een belangrijke maatregel in de strijd tegen verslaving.

Ten tweede, zowel voor stortingen als voor uitbetalingen hanteert de loterij limieten die lager liggen dan in de private kansspelsector. Wie vandaag geld wil storten op een onlinespelrekening van de loterij, of dat nu met e-tickets dan wel per overschrijving gebeurt, botst op een standaardlimiet van 200 euro per week. Die limiet kan tot maximaal 500 euro gebracht worden, mits een wachttijd wordt inachtgenomen.

Troisièmement, les joueurs qui utilisent des e-vouchers sont, comme tous les joueurs en ligne, identifiés par la Loterie Nationale, sur la base de leurs données du Registre national.

Collega’s, de combinatie van begrenzing, lage uitbetalingspercentages en online identiteitscontroles maken dat loterijspelen vandaag heel wat minder aantrekkelijk zijn om te worden misbruikt voor frauduleus geldgewin.

Uiteraard blijft waakzaamheid echter geboden. Ook op dat punt neemt de Nationale Loterij haar verantwoordelijkheid. Hoewel het door de beperkingen om lage bedragen ging, heeft het forensische systeem van de Nationale Loterij het afwijkende spelgedrag en de verdachte stromen immers geïdentificeerd. Bovendien heeft de Nationale Loterij ook tijdig melding gemaakt aan de bevoegde instanties.

De Nationale Loterij zal ook steeds haar volledige samenwerking verlenen aan elk lopend gerechtelijk onderzoek, niet enkel om mogelijk witwassen aan het licht te brengen, maar ook om waar mogelijk te helpen de bron van dergelijke zwarte geldstromen te detecteren.

Chers collègues, nous sommes également confrontés à ce défi croissant au niveau politique. Sous la présidence belge, un nouveau règlement et une nouvelle directive anti-blanchiment ont été adoptés. Cette nouvelle réglementation ne fait pas seulement entrer le secteur des cryptomonnaies, qui présente des risques de blanchiment, dans le champ d'application, mais elle renforce également les règles et les obligations pour les fournisseurs de jeux.

De strijd tegen fraude en witwassen is immers de strijd van onze samenleving tegen mensen die door misleiding en misbruik aan hun verplichtingen willen ontsnappen. De in de pers geschetste feiten tonen aan dat die strijd elke dag moet worden voortgezet, zonder enig onderscheid.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de minister, u legt uit dat de loterijspelen minder aantrekkelijk zijn door de ingebouwde grendels. Dat belet echter niet dat men met kleinere bedragen gedurende vele jaren een heel groot bedrag kan witwassen. De vraag rijst waarom die grendels en die controlemechanismen niet hebben gewerkt. U hebt daar geen duidelijk antwoord op gegeven. We zullen daar later op terugkomen.

Collega’s, we zouden er bijna compassie mee hebben: een Europees commissaris met een loontje van amper 20.000 euro per maand die blijkbaar nog extra geld nodig heeft om te kunnen leven. Het verbaast me niet van de heer Reynders. In 2011 heb ik gezien hoe hij op een ongeziene manier de afkoopwet door het Parlement heeft gejaagd. Die wet stelt grote fraudeurs in staat om aan Justitie te ontsnappen door een geldsom te betalen.

We hebben Kazachgate gehad waarin MR-prominenten de hoofdrol speelden. De cirkel is rond. Het enige waarin Reynders niet is geslaagd, is een naamsverandering: van MR, mouvement réformateur, naar MB, mouvement du blanchiment .

Voorzitter:

We kunnen tijdelijk geen beroep doen op de aftelklok om de spreektijd te volgen. Ik ben daarom verplicht enige tolerantie aan de dag te leggen totdat het tijdsein is hersteld.

Lode Vereeck:

Mijnheer de minister, uw antwoord stelt me niet gerust. U blijft erbij dat er op vijf jaar tijd maar een melding en dus een geval van misbruik zou zijn geweest. Dat is onmogelijk.

Collega’s, het vermoeden van onschuld is een basisprincipe van de rechtsstaat. Aangezien het dossier over de mogelijke witwaspraktijken echter gelekt is en het een bekende politicus in België en de EU betreft, straalt dit zeer negatief af op het politieke bestel. Omdat het een voormalig minister van Financiën en oud-eurocommissaris van Justitie betreft, die de strijd tegen corruptie en witwassen moest leiden, willen wij dat dit snel en krachtdadig wordt aangepakt. Het moet vooral snel gaan om het vertrouwen van de bevolking in onze instellingen te herstellen. Het gerecht is echter niet bepaald snel in dit soort zaken. Denk maar aan Qatargate met de honderdduizenden euro’s aan cash steekpenningen die bij PS-europarlementsleden werden gevonden. We wachten nog steeds op een eventuele veroordeling in die zaak. Er moet dus snel een uitspraak komen. (…)

Voorzitter:

De klok is intussen hersteld. U hebt dus pech, want uw minuut is op. U bent zo in uw tekst opgegaan dat u niet hebt gemerkt dat de technologie hersteld was.

Sofie Merckx:

Monsieur le ministre, merci pour votre réponse même si elle ne comportait pas beaucoup de détails sur l'affaire précise.

Je voulais tout d'abord faire remarquer qu'il y a deux semaines, il y a eu soupçon de fraude au CPAS d'Anderlecht, et que là, le MR était sur le pont. Mais aujourd'hui, quand il s'agit de votre propre parti, on ne dit rien et on n'entend rien.

On a déjà eu le Kazakhgate, le Qatargate. Aujourd'hui on a le Subitogate. Il est clair qu'en Belgique on a un vrai problème avec la corruption en politique.

(…) : (…)

Sofie Merckx:

Vous connaissez le GRECO. Vous n'aimez pas quand on dit cela. Vous êtes fort silencieux en tous cas. On ne vous entend pas sur M. Reynders.

Le PTB va redéposer une proposition de loi. Ce sont des recommandations du GRECO pour la lutte contre la corruption et contre les conflits d'intérêts en politique, que ce soit au niveau du patrimoine ou au niveau du lobby. Il faut vraiment que cela change.

Jean-Marie Dedecker:

Mijnheer de minister, sorry, maar ik zal het niet over de heer Reynders hebben. Ik zit hier immers al een kwarteeuw en als ik iedereen die in verdenking is gesteld, moet opnoemen dan zou ik een halfuur nodig hebben.

Ik zal het hebben over de Nationale Loterij. In de regeringsonderhandelingen is er sprake van het afschaffen van de Kansspelcommissie. Het enige orgaan dat controles uitvoert, wilt u nu afschaffen in het kader van de onderhandelingen over een nieuwe regering. De Nationale Loterij ontsnapt daar al jaren aan. Zij doet waarin zij goesting heeft en verkoopt 22 soorten krasloten. Morgen komt er waarschijnlijk een rush op de krasloten, want zij maken zwart geld wit. Dat is het gevolg van wat Reynders doet, maar u doet niets. U wacht af en u zult in de regeringsonderhandelingen bekijken wat zij die dat aanklagen, zij die controle uitoefenen op de private sector waar quasi niets meer gebeurt… Die mensen wilt u niet toelaten bij de Nationale Loterij. Geef daar eens uitleg (…)

(Applaus van de PVDA-PTB-fractie)

Voorzitter:

Dank u wel, mijnheer Dedecker.

Ik heb de indruk dat, als we collega Dedecker een regering zouden laten vormen, dat iets sneller zou gebeuren, want hij weet bizarre coalities tot stand te brengen. Misschien meldt zelfs collega Aouasti zich aan. Dat zullen we nu vaststellen.

Khalil Aouasti:

Monsieur le ministre, argent et politique: il n’en faut pas plus, finalement, pour que l’image du politique soit à nouveau ternie. Il convient donc de traiter cette affaire avec diligence et célérité. Avec célérité car il ne faudrait pas que cette affaire jette l’opprobre sur la Loterie, qui est connue pour apporter un soutien important aux bonnes causes, au tissu social et associatif, qu’il s’agisse de clubs sportifs, de culture, d’actions de solidarité ou autres. Mais avec diligence aussi car il n’est pas exclu, en fonction des développements de l’affaire et des accords de gouvernement – dont on apprend finalement certains passages aujourd'hui –, que nous ayons à nous revoir ici-même afin de faire la pleine lumière sur celle-ci et sur votre politique en matière de lutte contre la fraude. Cela inclut l’analyse des outils mis en place par les opérateurs privés et par la Loterie Nationale, qui doivent permettre de mettre en œuvre des procédures efficaces devant rendre impossible toute fraude telle que celle qui a été dénoncée. Je vous remercie.

gezondheid en welzijn

De Pano-reportage over onterecht toegekende leeflonen in Anderlecht
De Pano-reportage over onterecht toegekende leeflonen in Anderlecht
De onthulling van sociale fraude bij het OCMW van Anderlecht
De Pano-reportage over onterecht toegekende leeflonen in Anderlecht
De Pano-reportage over onterecht toegekende leeflonen in Anderlecht
De socialebijstandsfraude bij het OCMW van Anderlecht
Het schandaal bij het OCMW van Anderlecht
De fraude bij het OCMW van Anderlecht
Leefloonfraude
De Pano-reportage over het OCMW van Anderlecht
De problemen bij het OCMW van Anderlecht
Fraude en schandalen bij het OCMW van Anderlecht

Gesteld aan

Karine Lalieux

op 21 november 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om wijdverspreid cliëntelisme, fraude en wanbeheer bij het OCMW Anderlecht, waar leeflonen zonder controle werden toegekend aan mensen zonder recht, terwijl kwetsbaren in de kou bleven. Inspectierapporten (2019-2023) waarschuwden herhaaldelijk, maar minister Lalieux (PS) ondernam onvoldoende actie, ondanks federale bevoegdheid—kritiek linkt dit aan politieke bescherming van PS-bestuurders die trots "klantenpolitiek" verdedigen. Oplossingen (terugvordering gelden, strengere controles, betere werkomstandigheden voor overbelaste maatschappelijk werkers) blijven vaag; oppositie eist harde sancties, transparantie en een audit van *alle* Brusselse OCMW’s om vertrouwen in het systeem te herstellen. Kernpunt: misbruik ondermijnt sociale solidariteit en speelt extremisme in de kaart.

Sammy Mahdi:

Mevrouw de minister, beeldt u zich eens in dat u een gewone hulpbehoevende man of vrouw bent die bij het OCMW aanklopt, maar die in Brussel toevallig niet op de PS stemt – dat kan gebeuren – of die toevallig niet de beste vriend is van de OCMW-voorzitter. Beeldt u zich in dat u ook nog eens geconfronteerd wordt met mensen die zich wel in die positie bevinden en die voorsteken in de wachtrij, die dankzij mails vanwege de voorzitter voorrang krijgen en die duizenden euro’s krijgen, terwijl anderen in de kou blijven staan.

Volgens de PS in Brussel stelt dat helemaal geen probleem, integendeel. Gisteren zei iemand van de PS op tv: ʺ Oui, je suis clientéliste et je suis fier de l’être parce que je suis socialiste. ” Men is er trots op dat men publiek geld, bedoeld voor mensen die echt in nood zijn, gebruikt als politicus om het eigen kiesvee te bedienen. Il faut le faire, zo handelen, met een brede glimlach!

Ik wil de Parti Socialiste nooit meer horen spreken over sociale afbraak. Duizenden euro’s uitdelen zonder controle, dat is sociale afbraak. Geld geven aan wie er geen recht op heeft, dat is sociale afbraak. Mensen die geen steun behoeven, geld geven en laten voorsteken in de rij, en tegelijkertijd mensen met echte behoeftes in de kou laten staan, dat is sociale afbraak.

Het meest wraakroepende is dat uw diensten dat wisten. Ik verwijs naar het inspectieverslag van het OCMW van Anderlecht 2023, waarin staat dat de inspectiedienst rechtstreeks via diverse kanalen is aangesproken naar aanleiding van de reeds gekende problematiek.

Mijn vraag is duidelijk. Uw diensten waren op de hoogte van de toestand. Waarom hebt u niets gedaan? Tegen wanneer zal het geld worden teruggevorderd? Hoe gaan we er samen voor zorgen dat het cliëntelisme van PS-besturen in Brussel een halt wordt toegeroepen?

Vincent Van Quickenborne:

Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, weet u wat mensen denken en zeggen als zij die reportage hebben gezien? 't Zijn zotten die werken. Ik weet niet of die uitdrukking bestaat in het Frans, maar het komt erop neer dat er mensen zijn in ons land die keihard werken, terwijl ze zien dat andere mensen er de kantjes van af lopen. Dat is bewezen in de Pano -reportage in Anderlecht, uw geboortestad. Het gaat om fraude en cliëntelisme. De mensen worden daar boos van.

Het gaat over veel geld. In ons land wordt meer dan 2 miljard euro aan leeflonen betaald aan 164.000 leefloners. Dat aantal omvat de inwonersaantallen van Hasselt en Kortrijk gecombineerd. Natuurlijk kunnen we niet al die mensen over dezelfde kam scheren. De essentie is wel dat de echt arme mensen van dat beleid de dupe zijn.

Het ergste is dat de alarmbellen in Anderlecht al jarenlang afgaan. Collega Mahdi verwijst naar het verslag van 2023, maar ook in 2019, in 2020 en in 2022 stond dat letterlijk geschreven, mevrouw Lalieux. Ik citeer: "Maand na maand, jaar na jaar krijgen mensen een leefloon zonder opvolging."

Mevrouw de minister, u was bevoegd. U had het onder uw ogen, maar u hebt niets gedaan. Waarom niet? Is de reden dat de burgemeester en de OCMW-voorzitter van PS-signatuur zijn? Is de reden dat het om uw kiezers gaat? Houdt u vast aan de cultuur om alles besloten te houden? Ik voel in u een zekere vorm van schaamte over wat daar gebeurd is. Het is niet aanvaardbaar.

Mevrouw de minister, ik heb maar twee vragen voor u. Ten eerste, kunt u met de hand op het hart beloven dat dit enkel in Anderlecht is gebeurd, of doet datzelfde fenomeen zich ook in andere gemeenten voor? Ten tweede, waarom hebt u na al die rapporten helemaal niets gedaan?

François De Smet:

Madame la ministre, comme beaucoup ici, j'ai vu ce reportage accablant. Des journalistes parviennent sans difficulté à se faire verser un revenu d'intégration sociale, sans enquête sociale et sans même résider dans la commune d'Anderlecht.

Un président de CPAS nous a livré la définition la plus pure du clientélisme qu'on ait vu depuis très longtemps. En effet, quand on aime les gens, quand on veut les aider, il semble normal pour certains d'aider "un peu plus" ceux qui sont venus les voir.

Ce qui m'a le plus marqué, c'est le témoignage des assistants sociaux – témoignage anonyme car ils veulent peut-être échapper à des rétorsions de leur hiérarchie. Ces assistants sociaux sont en réalité piégés et coincés: ils doivent pour beaucoup traiter 200 dossiers chacun.

Ils sont tellement débordés qu'ils n'arrivent pas à effectuer des vérifications, notamment d'emploi et de domicile. Même quand ils proposent des refus d'allocation d'intégration, ils risquent d'être court-circuités par leur hiérarchie ou leur président de CPAS. Cela provoque une charge supplémentaire et, évidemment, un découragement.

Madame la ministre, il faut être très courageux pour être travailleur social au CPAS d'Anderlecht aujourd'hui. Je pense à eux.

Pour la cohésion sociale, c'est aussi très décourageant. Nous sommes dans une période dans laquelle chaque euro compte. Des affaires de ce genre-là sont terribles parce qu'elles sont dénigrantes pour tous ceux qui ont besoin de cette aide sociale et qui n'arrivent pas à l'obtenir rapidement, peut-être parce qu'ils ne connaissent pas les bonnes personnes.

C'est décourageant aussi pour tous ceux qui contribuent au système, les travailleurs qui, à la sueur de leur front, alimentent le système et qui se disent: à quoi bon? Malheureusement, on le sait, la fraude sociale alimente aussi en retour, hélas, la légitimation de la fraude fiscale, les deux étant évidemment inacceptables. C'est désastreux pour la société toute entière.

Madame la ministre, que saviez-vous de ce phénomène avant l'émission? Vous avez dit ce matin en radio qu'il y avait des rapports d'inspection diligentés. En effet, ils existent depuis trois ans. Qu'avez-vous fait depuis? À votre connaissance, des cas similaires existent-ils dans d'autres communes et d'autres CPAS?

Anja Vanrobaeys:

Mevrouw de minister, uw deel doen en uw deel krijgen, is niet meer dan normaal. Dat betekent dat men gaat werken wanneer men dat kan en dat men ondersteuning krijgt wanneer men daar nood aan heeft. Het is daarom dat Vooruit altijd heeft gestreden voor een deftig leefloon, want dat beschermt de mensen tegen extreme armoede.

Als men zegt te strijden voor een deftig leefloon, dan moet men ook strijden tegen al die misbruiken en daar knelt vandaag het schoentje. De Pano -reportage van deze week, die ik schokkend vind, toonde hoe mensen in Anderlecht schaamteloos misbruik maken van dat systeem. Laat het duidelijk zijn, het gaat niet alleen over maatschappelijk werkers die overbelast zijn door te veel aanvragen of over het bewust misbruiken van een systeem om uitkeringen toe te kennen, het gaat ook over politici die wetens en willens niet luisteren naar de negatieve adviezen van hun maatschappelijk werkers. Die maatschappelijk werkers hebben ten einde raad aan de alarmbel getrokken omdat er van bovenaf niet naar hen werd geluisterd.

Mevrouw de minister, de reactie van sommigen was veelzeggend. Denken dat men mensen vooruithelpt door hen ongegrond een uitkering te geven, vind ik hallucinant. Dat gaat niet. Wij vinden dat men mensen beschermt door hen een leefloon toe te kennen, maar ook door te strijden tegen valsspelers, hoe schrijnend sommige verzonnen verhalen ook lijken.

Ik heb maar een vraag voor u. Er werden al jarenlang inspectieverslagen opgesteld en u zegt dat u de controles hebt opgedreven. Wat zijn de resultaten daarvan en vooral, wat zult u doen opdat zoiets nooit meer kan gebeuren?

Ellen Samyn:

Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, de Pano -reportage van dinsdag over de wantoestanden bij het OCMW van Anderlecht was ontluisterend, maar tegelijkertijd ook weinig verrassend. Corruptie, geldverspilling en wanbeheer zijn natuurlijk niet nieuw in Brussel, zeker niet als er socialisten bij betrokken zijn. Herinner u de Samusocialaffaire van ongeveer 7 jaar geleden, waaruit bleek dat uw partijgenoot Yvan Mayeur de corruptie en de vriendjespolitiek binnen Samusocial en het OCMW van Brussel organiseerde. Mevrouw de minister, u verdedigde de heer Mayeur toen nog in de pers: "Denk maar aan de OCMW's die dankzij Mayeur veel efficiënter samenwerken." Een uitspraak die vandaag kan tellen.

Wij vrezen dat het wanbeheer en cliëntelisme helaas niet alleen bij het OCMW in Anderlecht zal te vinden zijn, maar bij het merendeel van de Brusselse OCMW's. Het wordt maatschappelijk assistenten opzettelijk onmogelijk gemaakt om hun werk goed te doen. Wij vernemen van verschillende personeelsleden van de Brusselse OCMW's dat zij van hun politieke bazen een bevel tot het verlaten van het grondgebied moeten aanvaarden als een geldig identiteitsbewijs, om recht op steun te krijgen. Dat is hallucinant.

Mevrouw de minister, hoe verklaart u dat maar liefst 52,2 % van de leeflonen naar niet-Belgen gaat?

Wat zult u ondernemen opdat in dit land, waar werkende mensen meer dan de helft van hun loon afgeven aan de overheid, deze overheid eindelijk verantwoord omgaat met dat geld en het niet gebruikt voor cliëntelisme en electorale bediening?

Klopt het dat uw kabinet de Inspectie van Financiën toegang heeft geweigerd tot de OCMW-dossiers?

Wanneer zult u eindelijk een eerste aanzet geven om de 19 Brusselse OCMW's te fusioneren?

Isabelle Hansez:

Madame la ministre, les révélations sur les pratiques du CPAS d'Anderlecht sont profondément choquantes. Les témoignages confirmés par cette enquête journalistique révèlent des failles systématiques: absence de contrôle, octroi d'allocations à des personnes qui ne résident pas dans la commune et pressions politiques flagrantes. Ces dérives à la fois éthiques et administratives entachent la confiance des citoyens envers nos institutions publiques et posent la question d'un usage abusif de l'argent public. Elles jettent également un discrédit important sur le travail, pourtant essentiel, accompli quotidiennement par les travailleurs sociaux pour permettre à chacun et chacune de vivre dignement.

Le rapport 2023 du SPP Intégration sociale avait pourtant déjà mis en évidence ces manquements graves, mais il semble qu'aucune mesure concrète n'en ait découlé. Ces dérives clientélistes n'ont donc pas été endiguées.

Madame la ministre, pouvez-vous nous indiquer combien de contrôles ont lieu dans ce CPAS et dans les autres CPAS du royaume par les services du SPP Intégration sociale? Vous dites que vous étiez au courant de certains dysfonctionnements mais vous et votre cabinet étiez-vous au courant de ceux-ci? Comment est-ce possible que de telles situations puissent perdurer malgré les évaluations critiques des services fédéraux? Combien d'autres CPAS pourraient-ils être concernés par des pratiques similaires? Et surtout, quelles mesures envisagez-vous pour garantir un suivi rigoureux des recommandations des rapports d'évaluation pour éviter que ces derniers ne restent lettre morte?

L'inaction politique et la gestion hasardeuse des fonds publics au CPAS d'Anderlecht alimentent un sentiment d'injustice et de défiance croissante envers nos institutions. Chaque euro dilapidé ou utilisé sans contrôle rigoureux fragilise un peu plus la crédibilité de notre démocratie sociale. La réponse politique doit être à la hauteur des enjeux et la transparence doit être complète sur ces faits.

Florence Reuter:

Madame la ministre, on croyait avoir quasiment tout vu dans les dérives et dans la mauvaise gouvernance, mais le reportage de la VRT est édifiant: des pratiques et des dysfonctionnements qui sont tout à fait inacceptables, des enquêtes sociales incomplètes ou totalement inexistantes, pas de visites domiciliaires, l’intervention du politique dans les dossiers, des revenus d’intégration octroyés à des personnes qui n’habitent ni dans la commune, ni même dans le pays, et des adresses fictives.

Tout simplement… Que dire? C’est choquant. C’est juste tout simplement choquant, révoltant. Il s’agit d’argent public, de l’argent du contribuable. Certains travaillent dur pour financer la solidarité. C’est d’autant plus révoltant que, finalement, l’aide sociale ne va pas aux plus vulnérables, à ceux qui en ont réellement besoin.

Madame la ministre, mes questions sont simples. Connaissiez-vous l’ampleur de ces fraudes? Ce phénomène s’étend-il à d’autres communes?

Vous déclarez que le CPAS d’Anderlecht fait l’objet d’une enquête depuis 2021 déjà. Qu’est-ce qui a été mis en place, puisqu’on connaissait vraisemblablement tous ces dysfonctionnements?

Enfin, madame la ministre, fallait-il vraiment attendre un reportage de la VRT pour agir? Des outils de contrôle existent.  Vous avez la compétence sur ces contrôles, sur le SPP Intégration sociale. Par ailleurs, 75 % du budget viennent du fédéral. Alors il faut prendre les choses en main! J’attends vos réponses.

Nadia Moscufo:

Madame la ministre, depuis mercredi, après le reportage de la VRT, il y a beaucoup de discussions autour du fonctionnement et des dysfonctionnements du CPAS d'Anderlecht, et c'est bien compréhensible. Tout service qui travaille avec la population doit pouvoir fonctionner correctement, dans le respect de la loi, avec des procédures et des critères clairs, et sans clientélisme. Donc, s'il y a abus, si des personnes reçoivent une aide sociale sans y avoir droit, s'il y a eu passe-droit, c'est inacceptable et il faut faire toute la lumière à ce sujet.

Le reportage montrait aussi la surcharge de travail du personnel du CPAS d'Anderlecht. J'en profite, au nom de mon groupe, pour transmettre toute ma solidarité à tous ces travailleurs qui, au quotidien, travaillent dans une situation intenable. Ils ont plusieurs fois dénoncé cette situation avec leur organisation syndicale. Dans le reportage, un travailleur disait ceci: "Parfois, on se retrouve facilement avec 200 dossiers par personne. Ce n'est vraiment pas possible. Cela devient une charge mentale très dure." Notez qu'avec 200 dossiers par personne, il est impossible de faire ce travail humainement. En effet, derrière chaque dossier, il y a des êtres humains, des familles, des enfants dans des situations complexes et dans une grande précarité.

Alors, madame la ministre, j'ai deux questions à vous poser. Qu'allez-vous faire concrètement pour faire toute la lumière sur la situation au CPAS d'Anderlecht? Et qu'allez-vous faire pour répondre au cri d'alarme du personnel et garantir que tous les CPAS de tout le pays puissent remplir correctement leurs missions?

Wouter Raskin:

Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, collega's, wat we zagen in de tv-reportage, was ongezien: keiharde bewijzen van fraude en van politieke inmenging bij de toekenning van steundossiers en een gewezen voorzitter die zich socialist noemt, " je m’en fous " antwoordt op de beschuldiging van cliëntelisme en er zelfs prat op gaat! Ik vraag mij af wat de leden van Vooruit daarover denken. Maar goed, dat is niet mijn zaak.

Mevrouw de minister, door de uitstekende reportage van Pano heeft iedereen kunnen vaststellen wat er aan de hand is en ligt de zaak open. Dergelijke malversaties, boven op de uitdagingen van vandaag maken dat elk OCMW-beleid onbetaalbaar wordt en dat bevestigt de noodzaak tot responsabilisering van de OCMW’s. Wij moeten dringend kwalitatieve en kwantitatieve parameters uitwerken die ons toelaten de goede en de slechte leerlingen in de klas te onderscheiden. OCMW’s die op aanklampende begeleiding, op activering en op sociale integratie inzetten, moeten een bonus krijgen. De andere moeten tegen een malus aanlopen.

Mevrouw de minister, dat verhaal vertellen wij al heel lang, ook al worden wij uitgescholden als asocialen door degenen die eigenlijk stilletjes in een hoek zouden moeten kruipen en zich schamen. Ik heb tientallen vragen. Ze zullen voor de vergadering komende woensdag zijn. Vandaag stel ik er twee.

Ten eerste, hoe verklaart u dat u die wanpraktijken niet hebt gezien, terwijl de verslagen van de inspectie daar al jaren op wijzen?

Ten tweede, bent u na het bekijken van de reportage van oordeel dat er strafbare feiten zijn gepleegd? Zo ja, overweegt u juridische stappen tegen degenen die ze zouden hebben gepleegd?

Caroline Désir:

Madame la ministre, moi aussi, j'ai regardé ce fameux reportage de la VRT. Je puis vous dire que j'ai également été choquée, et même extrêmement choquée. Comment est-il possible d'accorder un revenu d'intégration sans même vérifier que la personne vive bel et bien sur le territoire de la commune ni mener l'enquête sociale indispensable à la vérification des ressources dont dispose le demandeur? Comment est-il possible que des procédures et réglementations, pourtant très claires et très strictes, ne soient pas respectées?

Octroyer une aide sans respecter les conditions légales est évidemment gravissime, et nous le dénonçons sans équivoque. Mais j'insiste sur le fait que ces dysfonctionnements ne doivent pas venir remettre en cause le travail accompli par des centaines de travailleurs sociaux qui s'acquittent de leur job avec une véritable conscience professionnelle et dans des circonstances extrêmement difficiles. Ils ne doivent pas non plus remettre en cause l'absolue nécessité des CPAS.

Madame la ministre, comme cela a été dit, il est absolument indispensable de faire toute la lumière sur cette affaire. Voici donc les questions que je souhaitais vous adresser. De quelles informations disposez-vous concernant les faits reprochés au CPAS d'Anderlecht? Quelles compétences le fédéral exerce-t-il en la matière, au regard de celles de la COCOM et de la commune? Le cas d'Anderlecht est-il isolé? Qu'en est-il des procédures de contrôle et des sanctions possibles dans de telles situations?

Pour la suite, madame la ministre, il importe de se poser les bonnes questions afin d'éviter de nouveaux dysfonctionnements. Comment alléger la charge de travail des assistants sociaux? Comment renforcer les effectifs et attirer davantage de travailleurs sociaux dans ces institutions? Comment, tout simplement, continuer à soutenir les CPAS?

Matti Vandemaele:

Mevrouw de minister, er moet mij toch iets van het hart. In Anderlecht doen elke dag tientallen maatschappelijk werkers hun stinkende best voor wie echt nood heeft aan steun. Elke dossierbehandelaar heeft er tot 200 dossiers. Ter vergelijking, in Kortrijk, waar ik woon, zijn dat er gemiddeld 50. Door die manier van werken komt wie echt nood aan steun heeft, achteraan de rij en wordt hij of zij heel traag of zelfs niet geholpen. Of de maatschappelijk werker nu 120 dan wel 200 dossiers per jaar moet behandelen, dat aantal is te hoog om degelijk werk af te leveren. Daardoor staat de deur wagenwijd open voor fraude en daar wordt nog een sausje van politieke inmenging over gegoten, zoals men kon zien in Pano . Een voorzitter van een bijzonder comité vindt bijvoorbeeld dat hij persoonlijk moet interveniëren in dossiers en bepaalde mensen voortrekken. Er is geen enkele controle op wat daar gebeurt en de inspectieverslagen zijn ronduit vernietigend.

Mevrouw de minister, hebt u die verslagen gelezen? Zo ja, waarom hebt u dan niets ondernomen? Waarom heeft de overheid daar niets mee gedaan? Komt dat misschien omdat u het eens bent met de betrokken voorzitter van het bijzonder comité, een partijgenoot van u? Ik wil hem even citeren: “Ik kan begrijpen dat men in Vlaanderen verontwaardigd is, u kunt mij cliëntelisme verwijten, maar ik ben een socialist en ik heb mensen geholpen en ik ben daar trots op.” Grijpt u daarom niet in? Mijn fractie vraagt zich dat af. Waarom laat u betijen, waarom grijpt u niet in?

Karine Lalieux:

Monsieur le président, chers collègues, je ne vais pas y aller par quatre chemins: ce que nous avons vu dans ce reportage est totalement inacceptable. Il est inacceptable d'utiliser l'argent public pour des personnes qui n'en ont pas besoin. Il est illégal de dépenser les moyens dédiés à l'aide sociale sans que cela ne soit justifié. C'est d'ailleurs la raison pour laquelle la loi prévoit des contrôles et que tous les montants indûment versés doivent être remboursés.

De regels en procedures die in de wet zijn bepaald, garanderen de eerlijkheid tussen burgers. De niet-naleving ervan moet worden veroordeeld en bestraft.

Pour rappel, toute demande au CPAS suppose un premier rendez-vous avec une assistante sociale au cours duquel sont exposés les documents et les conditions nécessaires, un deuxième rendez-vous sur la base de ces documents pour vérifier si les conditions sont remplies, une visite sur place pour vérifier que la personne y vit réellement. Si toutes ces conditions sont remplies, la demande est transmise au bureau spécial ou au Comité spécial de l'action sociale où la majorité et l'opposition sont représentées et qui est le seul habilité à prendre des décisions. Si les procédures sont respectées, aucune interférence politique n'est donc possible – je dis bien "si elles sont respectées" – puisque la loi prévoit très précisément les critères, les procédures et les délais.

Le SPP Intégration sociale vérifie que les conditions d'octroi du revenu d'intégration sociale par les CPAS sont respectées. Les CPAS sont en outre soumis à la tutelle des entités fédérées, en l'occurrence la COCOM, qui contrôle le fonctionnement général du CPAS, notamment les moyens humains, l'organisation et d'autres indicateurs.

Le CPAS d'Anderlecht, comme d'autres, a fait l'objet de tels contrôles. Ceux-ci ont permis d'identifier des manquements qui ont conduit à un contrôle renforcé sur base annuelle, ce qui n'était pas le cas dans d'autres CPAS.

Ces manquements sont de deux ordres. Premièrement, il y a le non-respect des délais légaux pour octroyer ou non le revenu d'intégration sociale. Le service d'inspection a déjà pris une décision de sanctionner le CPAS en cas d'octroi du revenu de CPAS hors délai. Le deuxième manquement porte sur les enquêtes sociales insuffisantes ou inexistantes. Quand le contrôle conduit à constater que les règles n'ont pas été respectées, les montants indus sont réclamés au CPAS et doivent être remboursés.

La fraude sociale est en effet inacceptable comme toute forme de fraude parce qu'elle est illégale et sape la confiance du public dans notre système de solidarité.

J'ai donc pris la décision d'aller au-delà en renforçant les contrôles. Alors que les contrôles ont normalement lieu sur la base d'un échantillon, j'ai demandé que les contrôles soient systématiques au niveau du CPAS d'Anderlecht.

J'ai aussi demandé au SPP Intégration sociale de vérifier si d'autres CPAS rencontrent des problèmes similaires et, dans ce cas, de renforcer les contrôles. Ces manquements – que, je le répète, je condamne avec la plus grande fermeté – doivent être dénoncés et les montants doivent être remboursés. Mais nous devons aussi veiller à ce que de tels faits ne se reproduisent pas. Ceci relève de la compétence des CPAS et de la tutelle des communes, qui sont en première ligne, mais aussi du gouvernement fédéral et des gouvernements régionaux, ici la COCOM.

Il faut aussi rappeler que les lacunes dans le respect de l'application des procédures sont dues à un manque de moyens humains, vous l'avez souligné. Il faudra donc continuer à renforcer les effectifs du CPAS pour leur permettre de traiter les dossiers dans les délais et dans le respect le plus strict des procédures. Même si cela ne relève pas de ma compétence, la COCOM devra également exercer sa tutelle de manière rigoureuse afin de vérifier que les moyens mis à disposition des CPAS sont mis en œuvre de la manière la plus efficace et efficiente possible.

Ni les personnes en difficulté ni les agents des CPAS – qui font un travail difficile avec une grande conscience professionnelle – ne doivent être les victimes de ces manquements.

Chers collègues, comme l'a dit M. Raskin, nous nous rencontrerons mercredi prochain après-midi et vous aurez tous les détails sur ces constats au CPAS d'Anderlecht. Je vous remercie.

Sammy Mahdi:

Mevrouw de minister, als ik zo heftig gereageerd heb, is dat omdat ik mijn stad graag zie. Ik ben daar geboren. Sommigen zeiden dat zij verbaasd waren, maar ik ben helaas niet verbaasd. Ik was graag verbaasd geweest, maar dit is de realiteit die al jarenlang gaande is.

U zegt dat er regels bestaan. Ja en neen. Er zijn regels die beter kunnen. Er zouden alarmbellen moeten afgaan wanneer in een bepaalde gemeente de maatschappelijke dienst een beslissing neemt, maar de politiek toch iets anders beslist. Dan moeten er bij u meteen alarmbellen afgaan. Die klachten moeten bij u terechtkomen.

Wij moeten ervoor zorgen dat het geld meteen teruggevorderd wordt. Dit is niet nieuw. Dit heeft ook politieke redenen. De politiek moet er iets aan doen, op het federale niveau, op het regionale niveau en op het lokale niveau. Ik meen echter ook dat iedere partij een ernstige bestuursvergadering moet houden en bekijken welk model ze hanteert en op welke manier ze daarmee de sociale zekerheid onderuithaalt.

Vincent Van Quickenborne:

Mevrouw de minister, uw antwoord was hallucinant. U hebt een tekst voorgelezen, u hebt de regels beschreven. Geen schuldinzicht, geen excuses, het is de fout van de anderen.

Mevrouw de minister, u had zoveel meer kunnen doen. U had de OCMW-voorzitter en de burgemeester van Anderlecht publiekelijk op de vingers kunnen tikken. U had uw mensen naar het OCMW van Anderlecht kunnen sturen om die fraudepraktijken te stoppen. U had zelfs kunnen luisteren naar de mensen van uw inspectie, die u uitdrukkelijk gevraagd hebben hen meer macht te geven om op te treden. U doet er echter niets aan.

Uw antwoord, mevrouw de minister, bewijst dat u dit niet ter harte neemt. U kunt wel verwijzen naar de hoorzitting van volgende week woensdag, maar als u als minister met zo'n attitude vier jaar lang hebt bestuurd, bent u het niet waard geweest. Dit is een schandaal, maar u reageert alsof het niets is. Schandalig!

François De Smet:

Merci pour votre réponse, madame la ministre.

Si je comprends bien, dans ces rapports datant d'il y a trois ans, les problèmes avaient été identifiés. Des rapports supplémentaires ont été rédigés, des montants réclamés, mais le problème n'a pas été réglé. Le reportage de Pano est en effet relativement récent.

Je commence à voir que cela va nous mener à un grand jeu belge, à savoir le renvoi de la balle entre l'État fédéral, la COCOM, la commune et le CPAS d'Anderlecht.

Il existe visiblement un "shopping" d'aide sociale, malheureusement. Je comprends qu'il est légitime, pour certaines personnes, de faire semblant qu'on est domicilié dans une commune alors qu'on ne l'est pas, de faire semblant qu'on est isolé alors qu'on est en couple. Et, si le jeu est malheureusement aussi largement répandu, c'est que, parfois, il fonctionne et que le clientélisme reste une réalité. Il faut y mettre fin immédiatement.

Anja Vanrobaeys:

Mevrouw de minister, ik vind uw antwoord zeer teleurstellend. U drijft de controle pas op na de reportage en steekt zich weg achter de oppositie in het bijzonder comité. Dat is onaanvaardbaar voor ons.

Iedere socialist, maar dan ook iedere socialist, zou hier razend van moeten worden. Als men rechtse partijen argumenten wil geven om onze solidariteit, onze sociale zekerheid af te breken, moet u immers gewoon doorgaan op deze manier.

Dat zal echter niet gebeuren met Vooruit! Wij staan namelijk achter alle gewone mensen die wel hulp nodig hebben, maar we willen ook strijden tegen valsspelers die het systeem misbruiken en de politici die dat gewoon toelaten.

Mevrouw de minister, treed op. Dat is uw taak. Wacht geen minuut langer! Ga aan de slag! We kunnen niet wachten, want de mensen verdienen beter!

Ellen Samyn:

Mevrouw de minister, dit krijgt u niet uitgelegd: een stem op de PS in ruil voor een leefloon, à la tête du client. Uiteraard zijn die wantoestanden in Anderlecht niet alleen de schuld van de PS. Ook Vooruit, MR, Ecolo-Groen, Open Vld, DéFI en de PVDA-PTB zijn namelijk vertegenwoordigd in de raad voor maatschappelijk welzijn van Anderlecht. Ofwel zijn ook deze partijen op de hoogte van deze wantoestanden, ofwel doen ze er hun werk niet.

Mevrouw de minister, dit is meer dan kafkaiaans, dit is pure waanzin! Ga eindelijk met de grove borstel door de Brusselse OCMW's, verplicht hen te fusioneren en stop met ons geld uit te delen aan wie er geen recht op heeft! Vlaams Belang vraagt een volledige audit van de Brusselse OCMW's en vooral ook van uw diensten. De socialistische augiasstal moet eindelijk dringend worden uitgemest!

Isabelle Hansez:

Madame la ministre, vous affirmez que la situation était connue, que les services ont contrôlé les faits, et que tout est désormais sous contrôle. Cependant, si cela est vrai, comment expliquer que des manquements aussi graves aient pu se produire malgré cette vigilance annoncée?

Il est indéniable que le temps est venu d’une profonde remise en question des mécanismes ayant conduit à ces dysfonctionnements. Ce n’est pas seulement une question de procédures, mais de confiance envers nos institutions. Sans des mesures correctives concrètes, ces dysfonctionnements continueront à alimenter la défiance citoyenne. Nous aurions donc voulu entendre des engagements clairs et des actions précises pris par le précédent gouvernement pour garantir que cette situation ne se reproduise plus.

Je tiens à préciser, comme nous l’avons mentionné dans notre intervention, que nous n’émettons aucun reproche à l’encontre des travailleurs sociaux qui accomplissent un travail remarquable au quotidien. Remettre en question leur probité ou leur dévouement n’a jamais été l’objet de nos propos. Nous sommes pleinement conscients de la lourdeur de leur tâche. Toutefois, les manquements identifiés, ainsi que toute forme d’ingérence politique, doivent être pris au sérieux.

Florence Reuter:

Madame la ministre, vos explications ne suffisent pas. Nous connaissons tous les conditions pour avoir droit à une allocation sociale. Aujourd'hui, même les travailleurs sociaux sont révoltés, indignés. Ils n’osent même pas témoigner en public.

J’ai du mal à entendre qu’un CPAS, qui est soumis à un contrôle, qu’il soit social, financier ou juridique, en arrive là aujourd'hui, alors que vous dites vous-même que des enquêtes étaient déjà en cours.

J’ai du mal à entendre aujourd'hui encore un ancien président de CPAS dire: "Vous pouvez parler de clientélisme, mais moi, je suis socialiste, je suis fier de l’être, et je suis content de faire plaisir aux gens." Mais ce n’est pas comme ça qu’on aide les gens qui en ont besoin! C’est de l’argent public! Combien de fois faudra-t-il dire que cet argent doit aller à ceux qui en ont véritablement besoin?

Mon groupe demandera toute la lumière sur ces dysfonctionnements. Rendez-vous mercredi!

Nadia Moscufo:

Madame la ministre, j'ai bien entendu votre réponse. Mon groupe suivra la situation de près, notamment la semaine prochaine pendant la commission des Affaires sociales.

Si nous voulons résoudre les problèmes des CPAS, il faut vraiment améliorer les conditions de travail, avec moins de dossiers à gérer par travailleur. Nous estimons que vous n'en avez pas fait assez à ce niveau-là. La droite n'a pas non plus de solution à ce problème. Les plans du gouvernement MR et Les Engagés prévoient d'ailleurs d'exclure les travailleurs du chômage après deux ans. Ces personnes vont se retrouver au CPAS. Cela aggravera encore la situation alors que nous aurons besoin de plus d'assistants sociaux pour accompagner ces personnes dans leurs recherches d'emploi.

Je crains que la droite, sous prétexte de dysfonctionnements au CPAS d'Anderlecht – qui doivent évidemment être résolus –, remette en question l'ensemble de notre système de solidarité sociale. Nous n'allons pas laisser passer cela!

Wouter Raskin:

Collega’s, voor alle duidelijkheid, dit is geen kritiek op al die sociale diensten die elke dag keihard hun stinkende best doen. Het is kritiek op de zieke bedrijfscultuur die ingebakken zit bij de Brusselse PS. Het is geen eenmalig feit, maar het is systematisch. Ik herinner me dat u hier ook moest komen uitleggen dat u het niet zo gemeend had toen u zei dat al die Belirismiddelen naar de PS-burgemeesters moesten gaan.

Mevrouw de minister, ook nu lijkt u eindelijk het zonlicht gezien te hebben, maar hetgeen vandaag bovenkomt staat al jaren op papier. U komt er vandaag zelfs niet toe om uw OCMW-voorzitter met klem te veroordelen. U bent veel te soft.

Ik kan er niets aan doen en u moet me verontschuldigen, mevrouw de minister, maar ik zal het toch zeggen: u mist de ethiek om met publieke middelen om te gaan. U ondergraaft het draagvlak voor sociaal beleid in de samenleving en degenen die u meent te verdedigen zijn er het grootste slachtoffer van. En kameraden (…)

Caroline Désir:

Madame la ministre, merci de vous engager à faire toute la lumière sur cette situation inacceptable. Faire la lumière, oui, et sanctionner là où c'est nécessaire, évidemment. Il faut contrôler plus encore, là où on constate des illégalités. Vous avez donc raison de systématiser ces contrôles. Nous en reparlerons en commission des Affaires sociales.

J'entends, madame la ministre, que chaque niveau de pouvoir devra agir à son niveau, et qu'il faudra que la COCOM prenne également ses responsabilités via une mise sous tutelle du CPAS d'Anderlecht et via un audit approfondi de l'ensemble des CPAS.

La fraude sociale comme la fraude fiscale sont pour nous inacceptables. Inacceptables dans l'absolu, bien sûr, mais aussi parce que cela mine la confiance envers notre système de solidarité. J'insiste encore une fois sur le fait que les dysfonctionnements que nous dénonçons tous aujourd'hui avec la plus grande fermeté ne doivent pas avoir pour conséquence de stigmatiser les CPAS.

Matti Vandemaele:

Mevrouw de minister, u hebt in de eerste ronde van iedereen verontwaardiging gehoord. In de tweede ronde waren wij allemaal, behalve de PS, ontgoocheld over uw antwoord. Met verontwaardiging alleen zullen wij er echter niet komen. Er is nood aan actie. Het is in het belang van de cliënten, van de mensen die wel echt hulp nodig hebben, dat we het systeem terug op de rails krijgen. Dat is ook in het belang van de maatschappelijke werkers, die elke dag opnieuw aan de slag gaan om die ambities waar te maken.

Ik verwacht van u als socialist dat u ons model met hand en tand verdedigt. Dat kan alleen maar als men ook het cliëntelisme veroordeelt, bij naam noemt en zegt dat dit absoluut niet kan.

Ik heb vandaag van u geen enkele oplossing gehoord. Ik hoop dat we volgende week in de hoorzitting wel tot oplossingen kunnen komen, zodat we dit nooit meer moeten doen.

Voorzitter:

Mevrouw de minister, collega's, dank u. Dit zal zoals gezegd volgende week ook in de commissie uitgebreid worden behandeld.

gezondheid en welzijn

De politiecontroles op alcohol en drugs achter het stuur

Gesteld door

Groen Matti Vandemaele

Gesteld aan

Annelies Verlinden (Minister van Binnenlandse Zaken)

op 14 november 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de hardnekkige problematiek van verkeersongevallen door alcohol en drugs (40% ’s nachts, 7 per dag), ondanks dalende algemene ongevalcijfers. Matti Vandemaele benadrukt de nood aan hogere pakkans via meer controles en centrale registratie van politiecijfers (sinds 2006 beloofd maar niet uitgevoerd), terwijl minister Verlinden bevestigt dat verkeersveiligheid prioriteit is, maar wijst op beperkte data en de nood aan mentaliteitswijziging naast repressie. Concrete actiepunten: Verlinden belooft samenwerking met Justitie om cijferverzameling af te dwingen en controles gerichter in te zetten, maar Vandemaele dringt aan op dwingende maatregelen in plaats van louter overleg. Kernpunt: cultuurverandering en zichtbare handhaving zijn cruciaal, maar ontbrekende data belemmert doeltreffend beleid.

Matti Vandemaele:

Mevrouw de minister, 40 % van de ongevallen 's nachts heeft te maken met alcohol of drugs, zo bleek uit de Pano -reportage van eerder deze week.

De getuigenissen van de nabestaanden zijn hartverscheurend. Ik stel vast dat die mensen met een woede zitten, met het gevoel niet gehoord te worden. Het is precies hun levenslange verdriet dat veroorzaakt wordt door iemand die op een bepaalde dag beslist achter het stuur te kruipen terwijl hij of zij te veel gedronken heeft of drugs genomen heeft. Het is op die manier dat een leven wordt weggemaaid.

De getuigenissen zijn hartverscheurend. De cijfers achter deze problematiek zijn onthutsend. We stellen vast dat het aantal verkeersongevallen daalt, maar dat het aantal ongevallen waarbij alcohol of drugs in het spel zijn, niet daalt. Er gebeuren ook vandaag nog altijd zeven ongevallen per dag waarbij alcohol of drugs in het spel zijn.

De politierechters in de reportage gaven aan waar de oorzaak ligt. Zij zeiden allemaal unisono dat het een cultuurprobleem is. Er moet meer controle zijn. De pakkans moet hoger. Alleen als we dat realiseren kunnen we dit probleem een halt toeroepen. Het is dus belangrijk dat chauffeurs op elk uur van de dag kans lopen gepakt te worden.

Dan was er de heer Paelinck, korpschef van de politiezone Westkust, die de lokale politiezones vertegenwoordigde. Hij zei: "Ik geloof niet in cijfers, ik geloof niet in statistieken; ik vind die eigenlijk minder belangrijk dan leugens."

Mevrouw de minister, mijn vragen zijn heel eenvoudig. Ten eerste, deelt u de visie van de heer Paelinck? Ten tweede, wat zult u doen om de pakkans te verhogen?

Annelies Verlinden:

Ik wil onderstrepen dat verkeersveiligheid een absolute prioriteit is. We hebben de afgelopen jaren gezien dat de acties van preventie en repressie wel degelijk vruchten afwerpen, want het aantal slachtoffers is gedaald. Het moet echter duidelijk zijn: elk slachtoffer is er een te veel. We moeten er allemaal alles aan doen om dat tegen te gaan.

Ik ben het met u eens dat Justitie en politie daarin een belangrijke rol spelen, maar het vraagt ook een mentaliteitswijziging. Iedereen, inwoners, bedrijven, heeft de verantwoordelijkheid om aan die verkeersveiligheid bij te dragen. Dat betekent ook doelgericht controleren. Dat zal belangrijk blijven, ook in de toekomst. Het is niet omdat bepaalde fijnmazige informatie over de plaatsen, de tijdstippen en de hoeveelheid van controles niet voorhanden is, dat er niet wordt gecontroleerd. Ik weet heel goed hoe heel veel politiemensen bij de lokale en de federale politie dagelijks controles doen, naast de vele andere taken die ze hebben en de prioriteiten die ze moeten stellen.

Ik ben het wel met u eens dat de nationale beeldvorming belangrijk kan zijn om dit fenomeen verder aan te pakken. Zo kunnen we wijzen op de cijfers van de verkeersongevallen die we naar aanleiding van de bobcontroles wel hebben. Die laten ons toe om zwarte punten te identificeren en zo de lokale besturen te helpen bij het uitvoeren en bepalen van controles en infrastructurele ingrepen.

Waarom de cijfers door de lokale zones niet altijd worden meegegeven, moeten we onderzoeken. Het is voor mij in elk geval duidelijk dat we de lokale zones moeten blijven herinneren aan de vraag om de gegevens mee te delen, zodat we ook op federaal niveau over die informatie kunnen beschikken. Ik zal dat bekijken met de minister van Justitie, aangezien er ook richtlijnen van de procureurs-generaal zijn over hoe we die vraag aan de lokale besturen en de lokale zones kunnen versterken en hoe we de beeldvorming over verkeersongevallen en verkeerscontroles kunnen optimaliseren. Ik zal dat in elk geval meenemen naar het volgende overleg met de geïntegreerde politie.

Matti Vandemaele:

Mevrouw de minister, ik dank u voor uw antwoord. Zoals u zelf zegt hebben we een mentaliteitswijziging nodig. Dat is duidelijk en de experts zijn het er allemaal over eens. Door meer controles uit te voeren kan er een mentaliteitswijziging komen. We hebben dus absoluut nood aan meer controles. De pakkans moet omhoog. Al in 2006 werd afgesproken dat de lokale politiezones hun cijfers centraal zouden doorgeven. Als een minister beleid wil voeren, dan moet die cijfers hebben die geanalyseerd kunnen worden. Op dit moment bent u blind aan het varen als het over deze thematiek gaat. Mijn oproep is dus om, zoals u hebt beloofd, niet alleen aan tafel te gaan zitten, maar ook af te dwingen dat die cijfers centraal beheerd zouden worden, dat er opvolging komt en dat de pakkans omhoog gaat. Nu stellen we immers vast dat het aantal controles daalt, terwijl er net meer controles zouden moeten zijn. Alleen op die manier kunnen we aan de kant van de weggebruikers gaan staan die geen alcohol of drugs gebruiken.

klimaat, energie en landbouw

De watersnood in Valencia
De overstromingen in Spanje
De COP29, de overstromingen in Spanje en de noodzaak van internationale klimaatambities
Spaanse overstromingen, klimaatambities en COP29

Gesteld aan

Zakia Khattabi (Minster van Klimaat, Milieu en Duurzame Ontwikkeling)

op 7 november 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de dringende noodzaak van krachtig klimaatbeleid na de dodelijke overstromingen in Valencia, die klimaatverandering en gebrek aan preventie blootlegden. Kritiekpunten: huidige overheden (lokaal en Europees) falen door bezuinigingen op klimaatadaptatie (bv. afbouw civiele bescherming, gehalveerde budgetten), terwijl rampen zoals in Valencia en Wallonië bewijzen dat preventie levens redt en goedkoper is dan herstel. Eisen: massale investeringen in mitigatie *en* adaptatie, eerlijke verdeling van kosten (geen lasten bij kwetsbaren), en Europese leidersrol nu de VS (Trump) achteruitgaat. Minister Khattabi benadrukt urgentie van actie (o.a. via nieuw risico-analyscentrum) maar krijgt scherpe tegenwind over austeriteitspolitiek die klimaatmaatregelen ondermijnt.

Voorzitter:

Collega's, naar aanleiding van deze drie vragen, deel ik graag mee dat ik in naam van dit Huis een brief heb geschreven aan de voorzitter van de Cortes teneinde ons medeleven te betuigen. Dat lijkt mij passend, aangezien de gebeurtenissen in Spanje toch zonder meer verschrikkelijk zijn. (Applaus)

Oskar Seuntjens:

Mijnheer de voorzitter, ik dank u voor de brief die u hebt gestuurd.

Mevrouw de minister, men hoort sommige mensen weleens zeggen dat we tijd genoeg hebben om ons te beschermen tegen de klimaatopwarming. Ze zouden raar opkijken in Valencia als ze dat zouden horen. Meer dan 200 mensen werden weggevaagd door een gigantische waterbom die alleen maar versterkt werd door de klimaatopwarming.

Door mensen alleen maar bang te maken zetten we geen stap vooruit. Wat de mensen van ons vragen is dat we hen beschermen. Als we eerlijk zijn, moeten we toegeven dat we vandaag nog te kwetsbaar zijn. Herinner u de overstromingen in Wallonië. Waar we nood aan hebben, is een klimaatbeleid dat durft door te pakken, dat keuzes durft te maken en dat iedereen meeneemt. Een woning kunnen kopen die niet gelegen is in overstromingsgebied zou niet mogen afhangen van de dikte van iemand portefeuille. De Vlaamse regering bewijst met de socialisten dat ze werk wil maken van betaalbare renovaties en een klimaatbeleid wil uitstippelen dat iedereen wil meenemen.

Mevrouw de minister, u vertrekt binnenkort naar de klimaattop in Azerbeidzjan. Ik denk dat iedereen in dit halfrond al kan voorspellen wat de algemene boodschap zal zijn die terug zal komen: de tijd is kort en we moeten nu actie ondernemen. Daar draait het om, actie ondernemen.

Welke keuzes maakt België? Zijn wij deel van een oplossing of kijken wij weg? Wij menen dat men die uitdagingen heel ernstig moet nemen en er tegelijkertijd voor moet zorgen dat de kosten niet altijd bij dezelfde groep mensen terechtkomen, maar eerlijk verdeeld worden. Mevrouw de minister, met welke boodschap trekt u straks naar de klimaattop in Azerbeidzjan?

Julien Ribaudo:

Madame la ministre, i maginez qu'en une journée, tout ce que vous avez toujours connu et qui vous tient à cœur – votre maison, votre voiture, l'école de vos enfants, le terrain de foot o ù vous jouez tous les jours – soit balayé, détruit, sous eau.

C'est précisément, chers collègues, ce qu'a connu la population de la région de Valence. En une seule nuit, il a plu davantage qu'en une année. Deux cents victimes, nonante personnes toujours portées disparues. C'est une catastrophe et je voudrais réitérer l'expression de mon soutien et de notre solidarité aux victimes et à leurs familles.

Madame la ministre, d è s les premiers instants du drame, des dizaines de bénévoles sont partis de tout le pays en camionnettes chargées pour prêter main-forte aux sinistrés. Et au moment o ù je vous parle, il y a des jeunes, des travailleurs qui sont sur le terrain, via les Solidarity Dienst notamment. Et c'est ça l'espoir, l'entraide et la solidarité car seul le peuple peut sauver le peuple.

Madame la ministre, ce n'est malheureusement pas la première ni la dernière fois mais c'est la réalité de la crise climatique. Ce qui s'est passé il y a quelques jours à 1 700 km de chez nous s'est déj à produit ici en 2021 à Verviers. Et tant en Espagne que chez nous, il est patent que nos gouvernements ne sont pas prêts. Il y a un vrai manque d'investissements pour lutter contre la crise climatique et adapter notre société à toutes ses conséquences. On le voit dans les projets d'austérité du gouvernement et dans les plans du futur gouvernement.

Madame la ministre, des investissements massifs sont indispensables pour faire face aux défis climatiques, pour adapter notre société et pour mitiger les effets de tels désastres. Car si la prochaine catastrophe se produit chez nous, nous ne pourrons pas dire que nous ne le savions pas.

Madame la ministre, (…)

Meyrem Almaci:

Mevrouw de minister, meer dan 219 doden en nog 93 vermisten, veel woede en wanhoop, ook veel solidariteit en een afwezige overheid. Overal, echt overal, bruine modder die zoveel levens heeft verwoest. De overstromingen in Valencia brengen echo's terug van de waterbom die bij ons en in Duitsland gevallen is en daar 220 levens heeft geëist. De heropbouw is nog altijd bezig.

Solidariteit is belangrijk, ook van hieruit tot in Valencia. Wat daar gebeurde, en wat ook hier in de Ardennen gebeurde, maakt echter duidelijk dat de klimaatverandering allesbehalve een ver-van-mijn-bedshow is. Ons Europees continent is een van de kwetsbaarste. Dergelijke rampen zullen zich vaker voordoen en we zullen ons er beter op moeten voorbereiden. Dat is geen groene ideologie, maar keiharde realpolitik. We dienen te handelen naar de omstandigheden.

Met de COP die volgende week start, roepen wij dan ook alle hens aan dek. Alle experts vragen om meer klimaatambitie, meer adaptatie én meer investeringen. Al die zaken samen. Het kan dus niet zoals in Valencia, waar de voorzieningen werden afgebouwd, ook niet zoals onder de Zweedse regering, waar minister Jambon de civiele bescherming afbouwde, en ook niet, collega Seuntjens, zoals onder de Vlaamse regering die nu de budgetten voor de aanpak van overstromingen meer dan halveert. Niet zo!

De herverkiezing van Trump maakt duidelijk dat Europa het voortouw zal moeten nemen.

Mevrouw de minister, daarom vraag ik u heel eenvoudig welke boodschap u volgende week op de COP zult verdedigen.

Zakia Khattabi:

Chers collègues, c'est avec beaucoup d'émotion que je viens à nouveau devant vous commenter un drame humain. Avant de l'évoquer, je voudrais prendre quelques secondes de mon temps pour rendre hommage aux victimes de Valence.

La crise climatique n'est, depuis longtemps déjà, plus qu'une seule réalité scientifique. Elle a désormais un visage, un nom. À Valence, comme à Verviers d'ailleurs, c'est celui d'un parent, d'un ami, d'un collègue.

Les autorités espagnoles annonçaient tout à l'heure que le nombre de morts s'élevait désormais à 219 et que 93 personnes étaient encore portées disparues.

Alors, je voudrais leur dire que leur colère est légitime et que je la partage. Ce qui s'est passé à Valence n'est pas un accident. Ces catastrophes se succèdent mettant en lumière nos faillites, l'imperméabilisation des sols à outrance, le désinvestissement dans des services publics de première ligne, des politiques d'atténuation trop peu ambitieuses, des politiques d'adaptation trop peu investies. Tout cela aurait pu ou plutôt aurait dû être évité.

Ces catastrophes qui se suivent, là comme ailleurs, constituent à mes yeux – et je l'assume – des actes criminels causés par un aveuglement politique.

Het World Economic Forum identificeert de klimaatcrisis als een van de belangrijkste dreigingen. Ook de Belgische veiligheidsstrategie erkent de risico’s van klimaatverandering en biodiversiteitsverlies. De wetenschappelijke informatie is er. Vele oplossingen zijn er. Het ontbreekt echter aan politiek leiderschap om coherente keuzes te maken, met aandacht voor het rechtvaardige en duurzame karakter van de noodzakelijke transitie naar een duurzame maatschappij.

Le drame en Espagne nous rappelle une nouvelle fois l'importance d'une action urgente et coordonnée dans tous les aspects de la politique climatique. L'atténuation, l'adaptation, la gestion des pertes et préjudices font l'objet de nos discussions et engagements internationaux.

L'urgence de réduire les émissions au niveau mondial ne s'est pas arrêtée. L'Union a des objectifs ambitieux et les politiques convenues doivent maintenant être mises en œuvre. Chaque dixième de degré compte et, comme vous le savez, malheureusement, notre pays n'a pas fait sa part.

Nous devons par ailleurs avancer dans l'adaptation. Un récent rapport spécial de la Cour des comptes européenne met en évidence les lacunes évidentes dans la mise en œuvre des politiques d'adaptation de l'Union et de ses États membres.

En la matière, considérant que le dérèglement climatique est un enjeu majeur de sécurité, j'ai officiellement lancé, le 22 avril dernier, le nouveau Centre d'analyse des risques du changement climatique (Cerac) qui identifiera les risques environnementaux et climatiques en temps utile et fera rapport au Conseil national de sécurité (CNS), permettant ainsi d'anticiper au mieux les dangers en la matière.

Un plan national d'adaptation cohérent est aussi nécessaire, accordant suffisamment d'attention, précisément à la coordination et à la coopération.

L'économiste britannique Nicholas Stern avait déjà calculé en 2006 que les mesures visant à réduire drastiquement les émissions de gaz à effet de serre coûteraient 1 % du PIB tandis que celles visant à adapter la société au changement climatique en coûteraient entre 5 et 20 %. Le choix doit donc être clair!

À Valence, les conséquences vont coûter des dizaines de milliards d'euros. Le coût de l'inaction est donc bien plus élevé que l'ambition. Aujourd'hui, comme à chacune de mes interventions faites à ce pupitre depuis quatre ans, je répète que gouverner c'est prévoir et qu'appuyer sur le bouton pause n'est pas une option.

Het is duidelijk dat de internationale geopolitieke context niet bevorderlijk is voor globale samenwerking op het vlak van de internationale klimaatambitie. Het afgelopen jaar was reeds merkbaar hoe globale spanningen zoals de opvolging van de covidcrisis of de conflicten in Oekraïne en het Midden-Oosten de internationale klimaatonderhandelingen beïnvloeden. Het wordt moeilijker om akkoorden te vinden en bepaalde landen verliezen hun capaciteit om op te treden als bruggenbouwer en honest broker .

De uitslag van de Amerikaanse verkiezingen is hier een bijkomend element. Tijdens zijn vorige termijn heeft president Trump het proces in gang gezet om uit het akkoord van Parijs te stappen en heeft hij de impact van de klimaatcrisis geminimaliseerd. De rol van de EU op internationaal niveau wordt nog belangrijker in die context, alsook die van de actoren in het breed maatschappelijk middenveld in de Verenigde Staten en elders.

Oskar Seuntjens:

Dank voor uw antwoord, mevrouw de minister.

De afgelopen dagen berichtte men in het nieuws vaak dat deze regering en zeker de volgende regering ons land op financieel vlak moet klaarmaken voor de toekomst. Daarbij mogen we duurzaamheid zeker niet uit het oog verliezen. De Vooruitfractie pleit voor sterke hervormingen waarbij we tezelfdertijd niemand uit het oog verliezen en dat is mogelijk. We kunnen onze mensen bijvoorbeeld beschermen tegen de klimaatopwarming en onze begroting gezonder maken door de nog steeds bestaande miljardensubsidies aan de fossiele sector te beperken. Wij socialisten zullen altijd strijden voor hervormingen gebaseerd op solidariteit. Dat is de strijd die wij elke dag zullen voeren.

Julien Ribaudo:

Madame la ministre, merci pour votre réponse.

Vous parlez, s'agissant de la crise de climatique, de nos faillites, de désinvestissement, d'aveuglement politique. Laissez-moi vous rappeler que vous êtes ministre dans un gouvernement qui a réintroduit les règles d'austérité sous la présidence belge de l'Union européenne.

C'est un ministre de la Vivaldi, madame, qui a fièrement rebaptisé les normes de Maastricht en normes de Gand. C'est votre gouvernement qui a enfermé une fois de plus notre pays dans des politiques d'économies, et le prochain qui veut imposer l'austérité.

Si vous ne prenez pas vos responsabilités, madame la ministre, si vous ne changez pas de politique, c'est la population qui va payer le coût de la crise climatique. Et, ça, le PTB ne l'acceptera jamais.

Voorzitter:

Je félicite le collègue Ribaudo pour sa première question posée dans l'hémicycle. (Applaudissements)

Meyrem Almaci:

Mevrouw de minister, dank u voor uw heldere woorden. Wat er gebeurt in Valencia, wat er gebeurd is bij ons, zijn spiegels die ons voorhouden dat het anders moet en dat het beter moet. We kunnen het ons niet veroorloven te wachten op een volgende ramp, we moeten bijsturen. Dat zal inderdaad geld kosten, maar het gaat om investeringen. De prijs van ontreddering zal altijd vele malen hoger liggen dan de kosten voor preventie. Door te investeren zal men mensenlevens redden, zal men de toekomstige en huidige generaties beschermen tegen erger. De prijs van nietsdoen, van klimaatpauzes en allerlei andere onzin zal vele malen hoger liggen. We zijn het aan alle slachtoffers, aan alle nabestaanden, aan al diegenen die hun bedrijf moeten heropbouwen verplicht om het beter te doen. Het moet mij van het hart dat het door de Vlaamse regering is dat we internationaal met lege handen staan. Er is nog wel wat werk aan de winkel, collega’s. Zeker daar, want de waterbom kost Vlaanderen (…)

klimaat, energie en landbouw

De inbreukprocedure tegen ons land inzake het uitblijven van een klimaatplan

Gesteld door

Groen Meyrem Almaci

Gesteld aan

Zakia Khattabi (Minster van Klimaat, Milieu en Duurzame Ontwikkeling)

op 17 oktober 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

België mist de Europese deadline voor het indienen van het klimaatplan door Vlaanderens vertraging, terwijl de andere gewesten en federale overheid klaar waren, wat nu leidt tot een Europese inbreukprocedure met risico op boetes. Minister Khattabi bevestigt dat Vlaanderen bewust de deadline negeerde, ondanks herhaalde waarschuwingen, en dat haar pogingen om dit te voorkomen (o.a. via contact met de nieuwe Vlaamse minister Depraetere) te laat komen. Almaci hamert op Vlaanderens "sabotagepolitiek", die België in diskrediet brengt en belastinggeld verspilt, terwijl de Vlaamse regering zelfs geen concrete timing of plan heeft om de klimaatdoelstellingen (47% reductie, nu slechts 17%) te halen. De federale groene inspanningen worden overschaduwd door Vlaanderens gebrek aan ambitie en actie, met financiële gevolgen voor alle burgers.

Meyrem Almaci:

Mevrouw de minister, de Europese Commissie is het wachten op het klimaatplan van ons land beu. Vorige dinsdag, op een briefing naar aanleiding van de aanstaande klimaatconferentie, sprak mevrouw Yvon Slingenberg hier haar smart uit namens de Europese Commissie omdat ons land de opgelegde deadline van 30 juni niet gehaald heeft. België had zijn klimaatplan toen moeten indienen. De federale regering was klaar, de Waalse regering was klaar, de Brusselse Hoofdstedelijke regering was klaar, maar Vlaanderen stond met lege handen. Vlaanderen heeft er zich van afgemaakt met het smoesje dat het de nieuwe regering toekwam een update te doen.

Uiteindelijk blijkt die update hard nodig, want Vlaanderen is op weg een van de grootste klimaatfossielen van Europa te worden: 17 % reductie, terwijl het zichzelf een doelstelling van 47 % had opgelegd, wat al beneden de eisen van Europa was. Vlaanderen is dus niet zo goed bezig.

Mevrouw Slingenberg heeft ons land nog eens gecontacteerd nadat de deadline verstreken was, dus na juni. Zij had wel een compliment voor de federale regering inzake de energietransitie, die op conto van onze groene ministers mag worden geschreven. Toch is ze de inbreukprocedure nu gestart, omdat er nog geen klimaatplan ligt voor de totaliteit van ons land. Dat is niet onschuldig. We weten allemaal dat het niet halen van de reductiedoelstellingen ons potentieel veel geld zal kosten en dat de belastingbetaler dus het gebrek aan ambitie zal betalen. Wat weinigen evenwel weten, is dat ook het laattijdig indienen van het plan op zich ons zuur kan opbreken en boetes kan betekenen. In die fase zitten we nu.

Ik heb dus een heel eenvoudige vraag, mevrouw de minister: hoe is dit kunnen gebeuren? Kunnen we er nog iets aan doen? Wat hebt u, als voorzitter van de Nationale Klimaatcommissie (NKC), gedaan om dit te voorkomen?

Zakia Khattabi:

Net vóór deze plenaire vergadering vernam ik dat de Commissie inderdaad een formele inbreukprocedure zal opstarten. Ik betreur enorm dat België de ene na de andere deadline heeft gemist om zijn Nationaal Energie- en Klimaatplan (NEKP) in te dienen bij Europa. De federale regering was ruim op tijd klaar, want al op 7 mei passeerde het geactualiseerde Federaal Energie- en Klimaatplan (FEKP) op de ministerraad. Ik kreeg het mandaat om het FEKP te integreren in het NEKP, zodat we het tijdig konden verzenden, v óó r de deadline van eind juni.

Als voorzitster van de NKC stelde ik inderdaad vast dat het Brusselse en het Waalse Gewest ook in juni hun plannen klaar hadden. Enkel het Vlaamse Gewest meldde dat het pas een plan zou voorleggen wanneer er een nieuwe regering was. Het Vlaamse Gewest wilde de reden van vertraging niet meedelen aan de Europese Commissie in juni en evenmin na een herinnering van de Commissie in september. Het heeft er dus actief voor gekozen om de Europese deadlines te overschrijden en boetes te riskeren.

Ondertussen heb ik contact opgenomen met mijn nieuwe collega, Melissa Depraetere, om haar de situatie en de urgentie uit te leggen. Er is een afspraak gemaakt, maar jammer genoeg is het te laat om een inbreukprocedure te voorkomen.

Meyrem Almaci:

Bedankt voor uw antwoord, mevrouw de minister, al is het bijzonder onrustwekkend. Andermaal is het de sabotagepolitiek van Vlaanderen die ons in Europa een mal figuur doet slaan en ons nu ook geld zal kosten. Geld dat we zouden kunnen gebruiken om mensen te helpen om hun huizen versneld te renoveren en dus hun facturen duurzamer te verlagen. Collega’s, gisteren vroeg mijn collega Aimen Horch in het Vlaams Parlement aan de Vlaamse minister wanneer het plan er zou komen. Het verbijsterende antwoord was dat er nog geen timing vastlag. Men weet het gewoon niet. Ons land loopt dus de facto achter en er is een inbreukprocedure gestart, maar tegelijk is het duidelijk dat de Vlaamse regering geen idee heeft over hoe ze die Europese klimaatdoelstellingen zal halen. Ze maakt van dit land een klimaatfossiel op kosten van de belastingbetaler. Il faut le faire. Doe uw fair share , Vlaamse regering. Het is hoog tijd.

veiligheid, justitie en defensie

De cyberaanvallen tegen Belgische overheidsinstellingen
De recente cyberaanvallen
De Russische cyberaanval en het crisisbeheer door het Centrum voor Cybersecurity Belgium
De recente cyberaanvallen
De cyberaanvallen
Recente cyberaanvallen op Belgische overheidsinstellingen.

Gesteld aan

Alexander De Croo (Eerste minister)

op 8 oktober 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om twee kernthema’s: de politieke verantwoordelijkheid voor antwoorden over het Midden-Oostenconflict (waarin oppositiepartijen eisen dat premier De Croo zelf reageert in plaats van minister Clarinval, maar De Croo benadrukt dat *elke minister namens de hele regering spreekt*) en de cyberaanvallen door pro-Russische hackers op Belgische overheidswebsites, waaronder lokale besturen en havens. De Croo relativeert de impact van de DDoS-aanvallen (tijdelijke overbelasting, geen datadiefstal), wijst op België’s toppositie in cyberveiligheid (nr. 2 in Europa) en bevestigt dat de verkiezingen van 15 oktober veilig kunnen doorgaan, dankzij maandenlange voorbereiding door het *Centrum voor Cybersecurity België (CCB)*. Kritiek blijft op budgettaire tekorten en sensibilisering, terwijl partijen als Cd&V en Les Engagés pleiten voor versterkte middelen en waakzaamheid tegen Russische invloeden.

Éric Thiébaut:

Monsieur le président, au sujet des questions, la semaine dernière, je suis intervenu en début de séance plénière pour regretter qu’une question adressée à Mme la ministre Hadja Lahbib allait finalement être posée au premier ministre M. De Croo.

Aujourd’hui, nous avons posé une question au premier ministre M. De Croo, et on nous dit maintenant que c’est M. Clarinval qui va y répondre.

Monsieur le président, pour avoir une réponse la semaine prochaine de M. De Croo, devons-nous adresser une question à Mme Lahbib?

Franchement, nous faire le coup deux semaines d’affilée, c’est quand même un peu particulier. Je me demande vraiment pourquoi, la semaine dernière, le premier ministre – qui n’est pas absent, il est là – a répondu sur cette thématique à tous les parlementaires qui sont intervenus, et que cette semaine, ce n’est pas lui. Pourquoi?

Ce que nous aimerions connaître, ce n’est pas la position du MR. Ce que nous aimerions connaître, c’est la position du gouvernement. Je pense qu’il est essentiel, sur un dossier aussi difficile, aussi important, dans le contexte actuel, d’avoir la parole du premier ministre.

Stefaan Van Hecke:

Mijnheer de voorzitter, we sluiten ons aan bij die vraag. Met onze fractie hebben wij ook de vraag aan de eerste minister gesteld. De eerste minister heeft gisteren ook een herdenking bijgewoond. Hij was daar prominent aanwezig. Hij heeft ook een duidelijk signaal gegeven. Vorige week zijn de vragen naar de eerste minister gegaan. Vier van de vijf vraagstellers hebben de vraag aan de eerste minister gericht. We zien dat het antwoord door de minister van Middenstand en Landbouw zal worden gegeven. Ik verwacht in elk geval een antwoord van de regering en niet van de MR. Daarom hebben wij de vraag aan de eerste minister gesteld, om er zeker van te zijn dat er een antwoord namens de regering komt.

François De Smet:

Monsieur le président, nous avons en effet un problème. Avec toute l'estime réelle – il le sait – que je porte au collègue Clarinval, j'avoue que, jusqu'ici, l'expertise de notre ministre des Classes moyennes et de l'Agriculture en géopolitique du Moyen-Orient m'avait échappée.

Vous avez rappelé la règle lors de votre réélection. Les affaires courantes, ce n'est pas l'occasion de faire n'importe quoi. Les questions d'actualité, même en affaires courantes, ce n'est pas juste remplacer quelqu'un, lire un papier fabriqué par un cabinet ou une administration et puis, passer à autre chose. C'est incarner le sujet. C'est incarner une expertise. C'est incarner l'échange. Parce que c'est comme ça que se fait le contrôle que vous avez rappelé de vos vœux.

Ma question, que j'adresse plutôt au premier ministre, est simple. Autant je peux comprendre, comme elle est excusée, que Mme Lahbib ne réponde pas à ces questions, autant j'avoue ne pas comprendre pourquoi le premier ministre, alors qu'il est disponible et qu'il va répondre à des questions sur la cybercriminalité, s'estime moins qualifié que le ministre de l'Agriculture et des Classes moyennes pour répondre sur le conflit au Moyen-Orient, qui est en outre dans une phase importante. Je ne peux le comprendre.

Alexander De Croo:

La semaine derni è re, vous m'avez reproché d'avoir pris une question qui ne m'était pas adressée et aujourd'hui, vous me reprochez l'inverse.

Een minister spreekt altijd in naam van de regering, altijd, om het even welke minister aan het woord is. Of het nu de heer Clarinval of mevrouw Lahbib is, wie spreekt als minister, spreekt altijd in naam van de regering. Het antwoord dat de heer Clarinval zal geven, is dus een antwoord in naam van de regering.

Vous le savez, le gouvernement répond aux questions, mais déterminer qui répondra est la prérogative du gouvernement. La réponse donnée, peu importe le membre du gouvernement qui l'apporte, lie le gouvernement.

Voorzitter:

Bedankt, mijnheer de eerste minister.

Collega's, daarmee bent u op de hoogte gebracht van de redenering.

Brent Meuleman:

Mijnheer de premier, hoe vaak men ook op refresh duwt, de webpagina die men bezoekt, krijgt men niet te zien. Dat is wat veel mensen meekrijgen van de ddos-aanval die we gisteren en vandaag hebben gezien.

Collega's, wij zijn allen voortdurend verbonden met het internet. Dat helpt ons vooruit, maar maakt ons ook kwetsbaar. Van die kwetsbaarheid maken sommigen maar al te graag gebruik om arme sukkelaars massa's geld af te troggelen via phishingmails, maar bijvoorbeeld ook door hele systemen plat te leggen die mensen in leven houden. Daarover gaat het natuurlijk, collega's. Het gaat niet over die enkele uren dat een website niet beschikbaar of bereikbaar is, het gaat over landen die kijken hoever ze kunnen gaan.

Vandaag zijn het de lokale besturen, maar wat zal het morgen zijn? Zijn we dan in staat om onze zorginstellingen te beschermen, alsook ons vliegverkeer en onze gevangenissen? Voor Vooruit is een sterke overheid een overheid die haar dienstverlening garandeert. Het noodnummer 112 kunnen bellen, is elementair, maar de bescherming van persoonsgegevens is dat ook.

Terwijl Rusland probeert ons onder druk te zetten, is het aan ons om weerwerk te bieden. Sommigen hier in dit halfrond zijn veel te lang naïef geweest als het gaat over de extremen in het buitenland. Deze regering heeft echter wel werk gemaakt van een cybersecuritystrategie.

De vraag is hoever het staat met die cybersecuritystrategie. We hebben kunnen zien dat de aangevallen websites blijkbaar niet voorbereid waren op die aanvallen. Mijn vraag aan de premier: hoe is het gesteld met onze cyberveiligheid?

Steven Matheï:

Mijnheer de eerste minister, sinds gisterenavond worden er websites van provincies, de Kamer van volksvertegenwoordigers en van heel wat steden en gemeenten aangevallen. Nog niet zo heel lang geleden werd zelfs de volledige digitale dienstverlening van een stad als Antwerpen platgelegd. Kortom, cyberaanvallen dreigen schade en datalekken van persoonsgegevens te veroorzaken en de overheid te blokkeren.

Cyberveiligheid is uw enige expliciet genoemde bevoegdheid, mijnheer de eerste minister. In 2021 lanceerde u de Strategie Cyberveiligheid 2.0. Wij stellen vast dat verschillende maatregelen daarvan in uitvoering zijn, wat een goede zaak is, maar van een aantal zaken zien wij op dit moment nog niets. Denk maar aan het Cyber Green House, een initiatief om samen met de privésector onze netwerken te versterken, wat essentieel is. Wij zien ook dat de budgetten de afgelopen jaren een stuk naar beneden zijn bijgesteld. Nochtans is cyberveiligheid vandaag meer dan ooit belangrijk, zeker gelet op de actuele geopolitieke situatie.

Men moet het onverwachte verwachten, zegt men weleens in verband met cyberveiligheid, ook al zijn aanvallen vanuit Rusland niet echt onverwacht. Toch hebben wij de indruk dat de overheid op dat vlak wat achterophinkt. Cd&v vindt het dan ook heel belangrijk dat de Strategie Cyberveiligheid 2.0 verder wordt uitgevoerd, dat de lokale besturen worden ondersteund en goed worden ingelicht, zeker in deze cruciale week, met de lokale verkiezingen in het vooruitzicht, en dat er een beroep kan worden gedaan op specialisten ter zake.

Mijnheer de eerste minister, hoe ver staat het met de uitvoering van de Strategie Cyberveiligheid 2.0? Is er ook aandacht voor de lokale besturen en de aanwerving van medewerkers met de juiste profielen bij onze inlichtingen- en veiligheidsdiensten?

Ismaël Nuino:

Monsieur le président, monsieur le premier ministre, chers collègues, "protéger, renforcer, préparer": vous serez tous d'accord avec moi: ce sont des mots qui résonnent avec le thème de la cybersécurité, car ils forment le slogan au moyen duquel vous avez donné le signal de départ de votre présidence du Conseil de l'Union européenne. Ces verbes devraient s'appliquer aujourd'hui à la cybersécurité. Malheureusement, nous avons assisté hier et encore aujourd'hui à des attaques apparemment pro-russes contre des sites internet provinciaux, communaux ainsi que contre celui de la Chambre des représentants et bien d'autres. Ce n'est pas un fait isolé. En effet, dans le même laps de temps, en comparaison avec l'année dernière, nous avons observé une augmentation de 31 % des cyberattaques.

La cybersécurité ne concerne pas seulement un site qui ne s'affiche plus quand on en rafraîchit une page, mais également un CPAS qui, du jour au lendemain, ne peut plus exécuter ses paiements automatiques ou encore un indépendant qui ne peut plus accéder à aucune donnée en allumant son PC et doit peut-être alors mettre la clef sous la porte. La cybersécurité implique peut-être que, dimanche soir, quand nous voudrons connaître les résultats des élections communales et provinciales, nous ne pourrons y accéder.

En l'occurrence, une question fondamentale se pose: que faisons-nous pour garantir la cybersécurité de nos concitoyens? En effet, cette question est de l'ordre de la sécurité. Très concrètement, qu'a entrepris le Centre pour la Cybersécurité Belgique (CCB) dans la gestion de cette crise hier et aujourd'hui? A-t-il apporté son soutien aux différentes institutions qui ont été attaquées? En a-t-il eu les moyens? Plus fondamentalement, dispose-t-il des moyens nécessaires pour venir en aide aux institutions qui en ont besoin?

Qu'est-il prévu pour préparer les élections communales et provinciales de dimanche, de manière à s'assurer que, dimanche soir et lundi matin, nos concitoyens puissent accéder aux résultats le plus rapidement possible?

Matti Vandemaele:

Mijnheer de eerste minister, de afgelopen dagen werd ons land het slachtoffer van een reeks cyberaanvallen, waardoor een aantal websites tijdelijk niet bereikbaar was. Op de website van het CCB konden we lezen dat Russische groeperingen hierachter zouden zitten en dat onze pro-Oekraïense en prodemocratische standpunten aan de basis van de aanvallen zouden liggen.

Het is belangrijk dat we ons als land wapenen tegen dat soort aanvallen, want het is duidelijk dat er een grote directe veiligheidsdreiging uitgaat van desinformatie en cyberaanvallen. We zien dat daar steeds dezelfde landen achter zitten, namelijk Rusland en China. We moeten dat goed beseffen en daar waakzaam voor zijn.

Over vijf dagen zijn er lokale verkiezingen en het zijn net de sites waarop mensen informatie zoeken over de verkiezingen, die uit de lucht gaan. Bovendien gaat men in heel wat steden en gemeenten digitaal stemmen. Ik besef wel dat de stemcomputers op zichzelf staan en niet met elkaar of met het internet verbonden zijn, maar in de volgende fase, het verwerken en doorsturen van de resultaten, bestaat er volgens mij wel een groter risico op interferentie.

Mijnheer de eerste minister, ten eerste, wanneer zullen de sites die nu het doelwit zijn, opnieuw up and running zijn?

Ten tweede, zijn er indicaties voor extra cyberaanvallen komende zondag?

Ten derde, zijn we als land voldoende voorbereid, zodat de verkiezingen komende zondag op een ordentelijke manier plaats kunnen vinden? Welke stappen hebt u daarvoor gezet?

Catherine Delcourt:

Monsieur le président, monsieur le premier ministre, hier, de nombreuses institutions et administrations publiques ont, en effet, été la cible de cyberattaques massives, rendant leur site internet partiellement, voire totalement, inopérant. La situation a été rapidement rétablie – il faut le souligner. Néanmoins, de nouvelles attaques ont été perpétrées aujourd'hui à l'encontre, notamment, de ports et d'administrations locales. Le Centre pour la Cybersécurité Belgique a indiqué qu'un collectif de hackers prorusses se trouvait à l'origine de ces attaques et que ces attaques constituaient des représailles à l'encontre de la Belgique pour son engagement de livrer à l'Ukraine une série de canons de production française de type Caesar. On peut certainement regretter, au passage, la communication de la ministre de la Défense qui a devancé le Parlement et le Conseil des ministres qui devaient entériner cette décision. L'avenir nous dira si cette communication était responsable.

Néanmoins, en tant que députée fédérale, ce qui me préoccupe à l'heure actuelle, étant attachée à la démocratie, ce sont les élections et leur bon déroulement au niveau local ce dimanche.

Monsieur le premier ministre, quelle analyse avez-vous mené par rapport à ces cyberattaques et leur impact et avez-vous pris des mesures pour sécuriser davantage les élections qui sont prévues ce dimanche au niveau local?

Alexander De Croo:

Chers collègues, je vous remercie pour ces questions.

En effet, de nombreux sites web en Belgique ont subi des attaques DDoS. Il faut bien faire la différence entre ce type d'attaque et les attaques de type phishing ou vol de données. Cela n'a strictement rien à voir.

Een ddos-aanval is een aanval waarbij men een website overlaadt met communicatie. Dit zorgt ervoor dat die website niet bereikbaar is.

Dit is precies wat wij gisteren en vandaag in ons land gezien hebben. Volgens de analyse van het Centrum voor Cybersecurity zit een Russische groep hackers erachter. Op Telegram heeft die groep trouwens een lijst gepubliceerd van alle websites die geviseerd werden. Het ging om een aantal officiële instanties als de provincies, deze politieke instelling, een aantal gemeenten, maar ook om onze havens.

De analyse die het CCB tot nu toe gemaakt heeft, is dat wij de aanval relatief goed doorstaan hebben. Een aantal websites was wel gedurende een korte tijd niet bereikbaar, en een kleine minderheid is vandaag nog steeds niet bereikbaar, maar sites als die van de havens, en andere, hebben bijna geen last van die aanval gehad.

D'ailleurs, ce n'est pas la première fois que cette organisation perpètre des attaques DDoS dans notre pays. Par exemple, une attaque par cette même organisation a eu lieu lors de la visite du président Zelensky dans notre pays pour tenter d'interrompre le fonctionnement de certains de nos sites web.

Wat is de rol van het Centrum voor Cybersecurity? Ten eerste, detecteren. Ten tweede, communiceren met websites en organisaties waarvan men denkt dat ze in de focus liggen of waarvan ze zien dat ze in de focus liggen en om met hen maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat men kan mitigeren. Dat wil zeggen dat men kan vermijden dat er bepaalde schade zou worden toegebracht.

De analyse van het CCB is dat de overgrote meerderheid van onze websites dat relatief goed hebben kunnen doorstaan.

Parmi vous, certains disent que notre pays n'est pas à la hauteur en matière de cybersécurité.

Dat is absoluut onjuist. Ons land staat op internationale rankings bij de Europese top en de wereldtop op het vlak van bescherming. Op de National Cyber Security Index wordt ons land aangezien als het tweede best beschermde land in Europa. Op de Global Cyber Security Index heeft ons land een score van 96 op 100. Het gemiddelde is 66 op 100. Wij behoren dus absoluut tot de top van de wereld.

Nulrisico bestaat niet. Elke dag zijn er in ons land meer dan duizend cyberaanvallen. Wij worden continu belaagd. Wij zijn ook niet het enige land dat continu belaagd wordt door dergelijke aanvallen.

We zijn daar dus veeleer goed in, dankzij de structuur die het Centrum voor Cybersecurity heeft opgezet. Wij moeten echter bijzonder voorzichtig blijven, vooral op een moment als dit.

Het Centrum voor Cybersecurity, Binnenlandse Zaken en de regionale overheden, die de verkiezingen organiseren, zijn reeds maanden bezig met de voorbereiding van de verkiezingen. De analyse van het CCB vandaag is dat de aanvallen van de voorbije dagen op geen enkele manier een interferentie zouden kunnen zijn ten opzichte van de verkiezingen die komend weekend plaats moeten vinden. Het gaat dan wel over het soort aanvallen als gisteren. Ik heb geen informatie over wat er de komende dagen kan gebeuren; hoe dan ook moeten wij natuurlijk bijzonder voorzichtig blijven.

Wij weten dat men vanuit China, Rusland en misschien ook andere plaatsen probeert om onze democratie te destabiliseren; de ddos-aanval van gisteren heeft relatief beperkte hinder veroorzaakt. Wij moeten wel bijzonder voorzichtig zijn.

Vous avez parlé de phishing . Effectivement, lorsque vous recevez un e-mail d'un genre auquel vous ne vous attendez pas, il faut toujours se montrer extrêmement prudent.

Men probeert via medewerkers van officiële organisaties binnen te raken. Bij verkiezingen zoals nu moeten we bijzonder voorzichtig zijn. De strategie van cyberveiligheid 2.0 is in volle uitrol en is succesvol, zoals we in de verschillende rankings kunnen zien. Wat cyberveiligheid betreft, kunnen we echter nooit op beide oren slapen. We moeten op dat domein elke dag bewijzen dat we alles doen om onze websites en onze burgers te beschermen.

Brent Meuleman:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de eerste minister, collega's, wanneer de website van de Kamer wordt aangevallen, zodat die plat wordt gelegd, moeten wij ons als parlementsleden allemaal aangesproken voelen. Rusland kondigt die aanvallen aan en voert ze uit met een reden. We mogen ons niet laten intimideren. Vooruit zal zich nooit laten intimideren. Rusland is niet alleen op zoek naar onze zwakke plekken en onze zwakke systemen, maar ook naar wie de zwakste knieën heeft, naar wie bereid is om te buigen voor intimidatie, naar wie bereid is te luisteren naar dictators uit het buitenland.

Vooruit zal steeds de zijde kiezen van degenen die onderdrukt worden door anderen. We hebben dat gedaan in Gaza, we doen dat in Libanon en ook in Oekraïne. Wij laten ons niet intimideren, wij blijven de onderdrukten steunen. Dat is wat socialisten doen.

Voorzitter:

Ik feliciteer Brent Meuleman met zijn maidenspeech. (Applaus)

Steven Matheï:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de eerste minister, collega's, laat het duidelijk zijn dat cyberveiligheid een heel belangrijk topic is en blijft.

Mijnheer de eerste minister, ik heb twee boodschappen aan u en aan iedereen in het halfrond.

Ten eerste, we moeten blijven inzetten op cyberveiligheid, niet met zandzakjes maar met grote middelen, om de dreiging tegen te houden.

De tweede boodschap is gericht aan de vorige spreker, die samen met de communistische partij een coalitie vormt: iedereen moet op het eigen niveau proberen elke Russische invloed tegen te houden. Cd&v zal alleszins blijven inzetten op cyberveiligheid. Wij hebben dan ook een voorstel van resolutie ter zake ingediend.

Ismaël Nuino:

Monsieur le premier ministre, je vous remercie pour votre réponse.

Je constate que nous partageons la même volonté de renforcer la cybersécurité. C’est excessivement important.

J’ai entendu votre explication sur les différences entre les DDoS et le phishing . C'est là une question de cybersécurité. Le rôle du Centre pour la Cybersécurité Belgique ne doit pas se cantonner à la gestion de ce genre d’attaques. Il doit aussi sensibiliser et informer les utilisateurs.

C’est aussi pour cette raison que j’ai posé la question concernant les moyens du CCB. Je n’ai pas obtenu de réponse à ce sujet. Le CCB a-t-il les moyens pour sensibiliser et informer tous les acteurs qui pourraient être malheureusement confrontés à des actions pouvant générer des risques pour notre cybersécurité?

Fondamentalement, la cybersécurité touche chacun d’entre nous. Nous devons absolument en faire une priorité. Pour Les Engagés, la cybersécurité est de la sécurité. Nous devons la renforcer à l'avenir et maintenir les efforts pour rester au top de la cybersécurité et des moyens que nous pouvons donner à tous nos concitoyens.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de premier, bedankt voor uw antwoord.

Ik ben het met u eens dat ons al land al heel grote inspanningen levert en ik hoop dat een volgende regering op die weg doorzet.

Een element van uw antwoord verbaast mij wel. U zegt namelijk dat u geen link ziet met de lokale en provinciale verkiezingen van komende zondag. Dat vind ik vreemd, aangezien in grote mate ook websites van provincies en van lokale besturen geviseerd werden. Ik denk dat er potentieel toch een link kan zijn. Iedereen herinnert zich wellicht nog de fratsen met de verkiezingen van juni, hoe toen een en ander in de soep is gelopen.

Voor de geloofwaardigheid van de politiek en de democratie is het volgens mij heel belangrijk dat wij zondag een goede beurt maken, dat het systeem heel goed functioneert. We moeten dus extra waakzaam zijn zodat onze verkiezingen op een ordentelijke manier kunnen verlopen zonder enige mogelijke interferentie van buitenaf.

Catherine Delcourt:

Monsieur le premier ministre, je vous remercie pour vos éléments de réponse. À l'approche des élections communales et provinciales, il convient de prendre très au sérieux la menace de cyberattaques contre nos institutions. Je suis consciente que de nombreuses personnes œuvrent à réparer les choses dans l'urgence et à sécuriser les systèmes informatiques de nos institutions. Néanmoins, cette vague d'attaques montre encore une fois qu'il convient d'investir de manière très sérieuse dans la cyberdéfense pour rendre nos institutions et nos organisations robustes et qu'elles puissent réagir de manière appropriée à des attaques venant de l'étranger. Je tiens aussi à souligner l'importance d'intégrer dans la communication politique de chacun l'aspect sécurité et d'évaluer celui-ci avant de prendre la parole.

mobiliteit en transport

De dienstregeling van de NMBS
Het vervoersplan van de NMBS
De dienstregeling van de NMBS
De impact van het gedeeltelijke uitstel van de uitvoering van het vervoersplan 2023-2026 van de NMBS
De recente beslissing van de NMBS om de uitvoering van vervoersplan 2023-2026 uit te stellen
NMBS vervoersplan 2023-2026 en dienstregeling.

Gesteld aan

Georges Gilkinet

op 8 oktober 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De NMBS schort haar beloofde uitbreiding van het treinaanbod (december 2024) op door acute tekorten aan treinbestuurders en netwerkcapaciteit, ondanks het beheerscontract (43 mjd investering) dat meer treinen afdwong. Minister Gilkinet (Ecolo) handhaaft het contract strikt, dreigt met sancties en eist naleving, maar de NMBS houdt vol dat de plannen onhaalbaar zijn zonder extra personeel, wat leidt tot verzuurde verhoudingen en geschrapte verbindingen (bv. Brussel-Sint-Niklaas, Antwerpen-Brussel). Kritiek uit alle hoeken: oppositie en vakbonden wijzen op chronisch onderbezet personeel, overwerkte medewerkers en realiteitsvreemd beleid, terwijl Gilkinet blijft hameren op contractuele verplichtingen en toekomstige concurrentie (2032). De ministerraad moet nu een geactualiseerd, haalbaar plan goedkeuren, maar de praktische oplossingen (werving, werkomstandigheden) blijven uit, terwijl reizigers en werknemers de dupe zijn.

Frank Troosters:

Mijnheer de voorzitter, collega’s, mijnheer de minister, welk verhaal schrijft u? In december, over twee maanden dus, zou normaal gezien het nieuwe vervoersplan van de NMBS in werking moeten treden waarmee het aanbod verhoogd zou worden. Meer treinen, dat stemde u gelukkig. Een toename van het aantal treinen was lange tijd de rode draad in uw beleid, aangezien u meende dat mensen hierdoor de overstap van vervuilende wagens naar de trein zouden maken. Elke kritische opmerking of vraag van de oppositie over de haalbaarheid, later ook van de meerderheid gleed van u af als water van een eend. Er moesten meer treinen komen, ook als daardoor lokaal piekuurtreinen geschrapt werden. Dat was geen probleem voor u. Zo werden in Limburg per week 25 piekuurtreinen geschrapt tussen Hasselt en Genk.

Het wegvallen van de rechtstreekse treinverbinding tussen Brussel en Sint-Niklaas vanaf december, waarover ik u in februari een vraag stelde, vond u dat ook geen probleem. Het was geen probleem voor u dat treinreizigers in Sint-Niklaas, Zele, Belsele, Sinaai en Lokeren in de kou blijven staan, zolang er maar meer treinen kwamen.

Enkele weken geleden stelde de NMBS plots dat ze dat plan niet zou kunnen uitvoeren wegens een gebrek aan capaciteit op het net en door onvoldoende treinbestuurders. Toen werd u plots wel boos en dreigde u met sancties tegen de NMBS. U zei zelfs dat u gebruik zou maken van de regeringscommissaris, wat mogelijk is via de wet op de overheidsbedrijven, om die beslissing te schorsen. Dat hebt u ook gedaan en dat is redelijk ongezien. Hierdoor is de relatie met de NMBS behoorlijk verzuurd. De NMBS verklaarde zich niets van de minister aan te trekken en bij haar beslissing te blijven. Daardoor zal alles beslecht worden in de ministerraad.

Wat zult u in de ministerraad zeggen? Wat mogen de treinreizigers verwachten en hoe gaat u verder werken met de NMBS?

Farah Jacquet:

Monsieur le ministre, un train sur sept est soit supprimé, soit en retard. Les gens arrivent donc en retard au travail ou se lèvent parfois plus tôt afin de prendre le train précédent pour être certains d'arriver à l'heure au travail. Dans d'autres cas, ils préfèrent malheureusement la voiture. En tant que ministre, vous aviez promis que la situation s'améliorerait, mais aujourd'hui nous apprenons qu'il n'y aura pas de trains supplémentaires par manque de personnel. La situation ne va donc pas s'améliorer, ni pour les usagers, ni pour le personnel. Cela vous étonne? Moi, cela ne m'étonne pas. J'ai travaillé pendant 18 ans aux chemins de fer et je pense donc savoir de quoi je parle. Il n'y a pas assez de personnel. On supprime des postes et les autres collègues doivent les remplacer. Les conducteurs ne savent pas prendre congé et on a du mal à recruter du personnel. Vous savez, à l'origine, nous ne sommes pas engagés au chemins de fer pour supprimer des trains, mais bien pour les faire rouler.

Qu'ont fait le gouvernement et la direction de la SNCB? Vous avez poussé à toujours plus de productivité et les moyens ne suivent pas. Le personnel tourne donc forcément sur lui-même et est à bout. Les travailleurs n'ont plus de congés et la pression managériale est constante. Soit ils tombent malade car leur corps est à bout, soit ils quittent simplement l'entreprise. Comment voulez-vous, aujourd'hui, assurer l'offre dans de pareilles conditions et l'élargir demain? C'est juste impossible. Quelles seront les victimes? Les usagers et les cheminots!

Qu'allez-vous faire pour valoriser le statut des cheminots? Cette valorisation est indispensable pour pouvoir recruter du personnel. Si on veut ensuite renforcer l'offre de train et enfin répondre aux besoins (…)

Dorien Cuylaerts:

Mijnheer de minister, laat ik beginnen met een compliment. Uw spoorbeleid is perfect wat wij verwachten van uw partij, Ecolo, namelijk onrealistisch en fundamentalistisch. Dat heeft schrijnende gevolgen voor de treinreizigers. Ik kan als voorbeeld mezelf geven. Ik ben nog maar pas aan het reizen per trein en ik heb al vaker staan wachten dan dat ik met de trein gereisd heb, door veelvuldige afschaffingen en door heel veel vertragingen.

U bent nu al weken verwikkeld in een patstelling met de NMBS, omdat u haar een ambitieus opschalingsplan wil opleggen op een moment waarop ze een chronisch en een acuut personeelstekort heeft. Een tekort aan treinbestuurders, bedoel ik daarmee.

Uw groene idealen botsen voor de zoveelste keer met de feitelijke haalbaarheid ervan. Nu legt de NMBS de bal weer in uw kamp. Ze vraagt u dringend een nieuw, haalbaar, treinaanbod voor te leggen aan de ministerraad. Ze wil immers kunnen voortwerken.

Echter, in plaats van snel te handelen, kiest u ervoor te vertragen, net zoals de treinen vertragen. U kiest ervoor tijd te rekken bij het opmaken van een analyse door de FOD Mobiliteit.

Mijnheer de minister, ik meen dat het genoeg geweest is. Stel u alstublieft nederig op en luister naar de mensen op het terrein. Zij hebben nood aan realisme. De groene luchtkastelen van een minister die electoraal geen slagkracht meer heeft, kunnen zij missen.

Zult u een nieuw plan voorleggen aan de ministerraad? Of niet? Zowel de politiek als de treinreizigers zijn uw vertragingen grondig beu.

Xavier Dubois:

Monsieur le président, chers collègues, monsieur le ministre, il y a un peu plus d’un mois, la SNCB a décidé du report de la seconde phase de son plan de transport 2023-2026. Nous l’avons évoqué il y a deux semaines: en réaction, vous avez en quelque sorte sorti l’artillerie lourde. Vous avez demandé au commissaire du gouvernement de suspendre cette décision, que vous avez ensuite vous-même annulée.

Bien entendu, nous regrettons fortement le report de l’augmentation de l’offre de trains, mais il convient d’admettre qu’il est difficile de faire rouler des trains sans conducteur à bord.

Suite à cela, nous avons appris la semaine passée que la SNCB a décidé de confirmer cette décision de report de son plan de transport. Elle justifie cette décision en mettant en avant que lorsque ce plan de transport a été présenté en 2023, il était assorti de conditions d’augmentation du nombre de personnes et du nombre de sillons.

Monsieur le ministre, pouvez-vous confirmer que ces conditions avaient bien été présentées lorsque vous avez présenté cette augmentation du plan de transport au Conseil des ministres?

Allez-vous présenter auprès du Conseil des ministres la demande de la SNCB de valider cette modification du plan de transport? Allez-vous le faire? Quand allez-vous le faire? Si ce n’est pas le cas, quelles solutions allez-vous proposer? Allez-vous proposer finalement que des trains soient créés et que ceux-ci soient ensuite annulés faute de conducteur à bord?

Merci, monsieur le ministre, pour votre réponse.

Staf Aerts:

Mijnheer de voorzitter, voor ons, ecologisten, is het duidelijk: de meest ecologische keuze moet ook de meest logische keuze zijn. Daar hoort ook een sterk openbaar vervoer bij. Dat is cruciaal.

Vergeten we niet dat er voor het eerst sinds 12 jaar weer een beheerscontract op tafel ligt. Bovendien heeft de NMBS zelf meegeschreven aan dat ambitieuze beheerscontract. In ruil daarvoor is de minister met 43 miljard euro over de brug gekomen. Als de NMBS die ambities eenzijdig en zonder overleg in de prullenmand dreigt te gooien, dan vind ik het normaal dat de minister in opstand komt. Wat is een beheerscontract anders nog waard?

De NMBS schroeft niet alleen haar beloftes terug, neen, er wordt ook ingegrepen, zonder overleg, in het huidige treinaanbod. Tussen Antwerpen en Brussel wordt een op vier IC-treinen geschrapt. Vanaf januari kan men in Antwerpen dus een half uur op een trein naar Brussel staan wachten. In het IC-station in Mortsel, de dichtstbevolkte stad van Vlaanderen, wordt het treinaanbod gehalveerd tot een trein per uur, en dat terwijl de stad Mortsel zich helemaal op een snelle verbinding naar Brussel heeft georiënteerd.

Ook in de andere provincies delen de treinreizigers in de klappen. Waarom? Omdat de NMBS ook beslist heeft om een internationale trein, waarop geen enkele binnenlandse reiziger kan opstappen, voor te laten gaan. Collega's, voor ons is het duidelijk. Wij zeggen ja tegen meer internationale treinen, maar niet ten koste van volle binnenlandse treinen.

Mijnheer de minister, hoe kunnen we voorkomen dat het binnenlandse treinverkeer, de binnenlandse treinreizigers, de dupe zijn van meer internationale treinen?

Voorzitter:

Mijnheer de minister, u hebt vijf minuten om te antwoorden.

Georges Gilkinet:

Collega's, dank u voor uw vragen over de toekomstige dienstverlening van de NMBS. De kwestie die de voorbije weken in mijn gesprekken met de NMBS naar voren is gekomen, is de naleving van het openbaredienstcontract van de NMBS dat in december 2022 met de Belgische Staat werd gesloten.

L'un des points fondamentaux de ce contrat, si pas le point fondamental, est de progressivement faire rouler davantage de trains sur le réseau belge, notamment en soirée, le week-end, entre et autour des grandes villes, pour offrir un meilleur service aux voyageurs et donc attirer davantage de voyageurs vers le mode de transport le plus respectueux de l'environnement et le plus sûr.

Cette augmentation progressive de l'offre de trains qui s'est traduite par une évolution de la courbe de production inscrite dans le contrat de service public de la SNCB permettra également de réaliser des gains d'efficience via, notamment, un meilleur amortissement du matériel roulant. C'est donc une question centrale.

In de beslissing van 7 september, die ik nietig heb verklaard, heeft de raad van bestuur van de NMBS eenzijdig besloten om de productiecurve, die wij met kennis van zaken en zwart op wit in het contract hadden vastgelegd voor na december 2024, ter discussie te stellen. Een contract is een wederzijdse verbintenis tussen partijen. Een partij alleen kan de voorwaarden van haar verplichtingen niet herzien. Na mijn optreden is dat rechtgezet. De NMBS herbevestigt haar engagement om de in het contract vastgelegde doelstellingen te respecteren en verbindt zich ertoe alles in het werk te stellen om het nodige personeel aan te werven. In overeenstemming met het contract en het Europese kader vraagt de NMBS anderzijds aan de regering om de wijzigingen aan het vervoersplan goed te keuren.

Ce sont deux modifications essentielles, entre les décisions de septembre et celles d'octobre: confirmer les objectifs de production en trains-kilomètres et respecter la procédure qui prévoit qu'une des deux parties ne peut pas unilatéralement remettre en cause ses engagements.

Anderzijds bevestigt de NMBS dat ze niet in staat is om de nieuwe verbindingen aan te bieden die gepland waren voor december 2024. Dat komt deels door werken aan de infrastructuur – wij investeren daarin –, maar vooral door moeilijkheden bij het aanwerven van de bestuurders die daarvoor nodig zijn. Ik kan begrip hebben voor dat laatste. Niemand is gehouden tot het onmogelijke.

Het dossier volgt nu verder de procedure, waarbij de FOD Mobiliteit de beslissing zal analyseren, met inbegrip van de gevolgen van de door de NMBS genomen opties voor de interne diensten in België. Vervolgens zal de regering het al dan niet goedkeuren.

Mais j'en reviens à la question essentielle du respect, par la SNCB, et demain par le futur gouvernement, du contrat de dix ans signé en décembre 2022. Le respect de ce contrat est de première importance. D'abord pour les voyageurs concernés qui attendent un service accessible, robuste et étendu, un service sur lequel ils peuvent compter. Ensuite pour l'entreprise elle-même, qui doit s'adapter au cadre européen et se préparer, que vous le vouliez ou non, à l'ouverture à la concurrence en 2032. Faire l'autruche n'est pas une option. La meilleure façon d'être prêts à ce changement de paradigme est de respecter le plus strictement possible la courbe de production et d'efficience que nous avons négociée et qui a été acceptée par les deux parties, car elle est la clé de voûte de l'amélioration attendue du service ferroviaire.

Être du côté des travailleurs de la SNCB, comme je le suis depuis quatre ans, c'est d'abord lui donner les moyens d'engager de nouveaux collaborateurs – les moyens sont là. Mais c'est surtout mettre en place les conditions du succès, afin de réussir ce basculement et d'assurer l'avenir de nos entreprises ferroviaires.

Dat is ook van fundamenteel belang voor de Belgische economie.

C'est la raison pour laquelle je me battrai jusqu'au bout, et au-delà, en faveur du train, en étant très souvent aligné avec nos deux entreprises ferroviaires et leurs dirigeants; parfois un peu moins, dès lors qu'ils ne feraient pas tout ce qui est nécessaire pour respecter leur part de contrat. Je pense que, jusqu'à la fin, c'est mon devoir de ministre de tout mettre en œuvre pour éviter cet enterrement de première classe des ambitions que j'ai défendues avec le reste du gouvernement depuis quatre ans pour faire du train la colonne vertébrale de la mobilité.

Frank Troosters:

Mijnheer de minister, u hebt geen 43 miljard gegeven, maar 43 miljard beloofd, die iemand anders zal moeten geven, maar die allicht niet voorhanden zal zijn. Daarnaast lijkt het mij dat in de beheersovereenkomst ook wel wat bepalingen staan die de NMBS toelaten om van bepaalde afspraken af te wijken.

De cirkel lijkt me wel rond. U bent uw mandaat begonnen met een hevige ruzie met de NMBS over de sluiting van de loketten, waarbij de CEO u op een ongeziene wijze met een open brief in de media aan de schandpaal heeft genageld. Nu lijkt u uw ambtstermijn ook af te sluiten met een stevige ruzie.

Eigenlijk is een van uw groene ballonnetjes doorprikt. De toekomst zou weleens kunnen uitwijzen dat meer van die ballonnen of mogelijk zelfs alles van tafel moet. Dat zou betekenen dat we onder uw ministerschap vier jaar stilstand hebben gehad. Dat is niet waar de treinreiziger en het NMBS-personeel op zaten te wachten.

Farah Jacquet:

Monsieur le ministre, merci pour vos réponses, si j'ose dire.

Vous répétez toujours la même chose: vous dites que vous voulez quand même y arriver. Mais la situation s'aggrave. Tous ces trains ne sont pas supprimés pour rien! Ce n'est pas par plaisir que les conducteurs et les accompagnateurs le font. Il n'y a pas assez de personnel, dans quelle langue devons-nous le dire? Vous n'écoutez pas les travailleurs! À moins que vous n'ayez une nouvelle idée et que certaines personnes, ici présentes, n'arrêtent leur mandat pour aller postuler aux chemins de fer. Peut-être qu'alors ils travailleront enfin convenablement. Il faut écouter les gens.

Voorzitter:

Merci, chère collègue. C'était votre première intervention dans cet hémicycle. (Applaudissements)

Dorien Cuylaerts:

Mijnheer de minister, dit is eenzelfde slecht scenario als uw plan om de Boeing 777 van DHL op Zaventem te verbieden. De kiezer heeft u afgestraft, u bent zelfs niet meer verkozen tot Kamerlid en toch slaagt u erin om vuurtjes te blijven stoken, als een echte pyromaan. Ik vroeg het eerder al in de commissie: kunt u de treinreiziger een plezier doen, onmiddellijk stoppen met uw spelletjes, een correcte overdracht van uw dossiers voorbereiden en dan de Wetstraat verlaten, alstublieft?

Voorzitter:

Mevrouw Cuylaerts, ik feliciteer u met uw maidenspeech. (Applaus)

Xavier Dubois:

Merci, monsieur le ministre, pour votre réponse qui me déçoit une nouvelle fois. Vous mettez en avant le contrat qu'il faut respecter, c'est entendu, mais il convient également de regarder la réalité en face: si les moyens ne sont pas l à , si les outils ne sont pas disponibles pour mettre en œuvre l'obligation, on ne peut pas demander de réaliser l'impossible.

Vous dites que la SNCB fait l'autruche, mais vous faites en quelque sorte de même en vous cachant derrière ce contrat de service public. Je pense qu'il est maintenant temps d'avancer et de trouver des solutions, il ne suffit plus de dire que nous allons analyser et que nous verrons bien. Il faut mettre en œuvre ces solutions, faire en sorte que les trains soient l à , que l'offre de trains soit effectivement augmentée afin de répondre aux besoins de l'ensemble de la population qui souhaite venir travailler en train, qui souhaite tout simplement vivre.

J'espère donc que l'analyse du SPF interviendra rapidement et que vous proposerez rapidement au Conseil des ministres les moyens nécessaires pour mettre en œuvre cet objectif important d'augmenter l'offre de trains.

Staf Aerts:

Collega's, we kunnen niet blijven wachten op meer ambities voor het spoor, tot elke trein stipt rijdt. We moeten daarvan nu al werk maken. Ik hoor echter dat er besparingen bij de NMBS op de onderhandelingstafels liggen. Daarmee zullen de treinen dus niet stipter of frequenter rijden. Daarmee maken we de treinreiziger toch niet gelukkig? Voor mij is het heel duidelijk: we moeten samen met de NMBS ambitieus zijn en blijven. We mogen de drukke binnenlandse treinen niet opofferen voor een extra internationale trein waar de binnenlandse reiziger geen baat bij heeft. Nieuwe treinreizigers overtuigt men met meer en stiptere treinen en niet met het tegenovergestelde.

veiligheid, justitie en defensie

De humanitaire hulp aan Libanon
De repatriëring uit Libanon en de humanitaire hulp
De screening bij evacuaties uit Libanon
De humanitaire hulp en de repatriëringen uit Libanon
De situatie in het Midden-Oosten
De escalatie van de crisis in het Midden-Oosten en de evacuatie van Belgische burgers
De situatie in het Midden-Oosten
De opflakkering van het geweld in het Midden-Oosten
Midden-Oosten crisis, evacuaties en humanitaire hulp.

Gesteld aan

Frank Vandenbroucke (Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid), Hadja Lahbib (Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken, Buitenlandse Handel en Federale Culturele Instellingen)

op 3 oktober 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De discussie draait om de escalerende crisis in het Midden-Oosten, met focus op Libanon en Israël, waar geweld honderden doden en een miljoen vluchtelingen veroorzaakt, terwijl België noodhulp (B-FAST), repatriëring van 1.800 Belgen en een staakt-het-vuren prioriteert. Belangrijkste standpunten: Ministers Lahbib en Vandenbroucke bevestigen onmiddellijke repatriëring (via Nederland, MEA en Defensie), 150.000 euro medische hulp en pleidooien voor de-escalatie in EU-verband, maar sancties tegen Israël (gevraagd door oppositie) blíjven uit. Kritiek komt van Groen (selectief geweldsvertoor), VB (screening geradicaliseerden), PTB/PVDA (België "medeplichtig" via EU-Israël-akkoord) en N-VA/CD&V (diplomatie eerst). Kern: Humanitaire actie loopt, maar politieke oplossing (tweestaten, staakt-het-vuren) en strengere houding tegen Israël blijven omstreden.

Voorzitter:

U bent misschien verbaasd dat minister Vandenbroucke hier zit om op het thema te reageren. Dat heeft te maken met het feit dat niet alleen mevrouw Depraetere is vervangen omdat ze is toegetreden tot de Vlaamse regering, maar dat ook collega Gennez nu deel uitmaakt van die regering en ons eveneens heeft verlaten. De heer Vandenbroucke heeft haar bevoegdheden overgenomen.

Fatima Lamarti:

Collega's, iedereen wordt geraakt door wat er vandaag in het Midden-Oosten gebeurt. Het geweld ontziet ginder niemand, ook niet journalisten, die strijden voor de waarheid. Ook al wie daar vrienden, kennissen of familie heeft, wordt erdoor geraakt.

Soms lijkt het alsof het conflict in het Midden-Oosten onze samenleving enkel verdeelt. Politieke partijen die campagne voeren op conflicten helpen niemand vooruit. Wij maken een andere keuze: geen loze woorden aan de zijlijn, maar actie op het terrein. Vooruit kiest namelijk de kant van de burgerslachtoffers, zeker nu er elke dag honderden burgerslachtoffers bij komen.

Terwijl Israël Libanon bombardeert, vluchten gezinnen met kinderen voor het geweld. Libanon redt het niet alleen. Woorden zijn niet voldoende. Daarom pleitte mijn collega Lambrecht vorige week ook voor sancties en een onmiddellijk staakt-het-vuren. Dat is evenwel nog geen oplossing voor de slachtoffers vandaag. Gelukkig kondigt u, mijnheer de minister, aan om te doen waar België goed in is, namelijk noodhulp verlenen. Wij deden het de afgelopen jaren in Turkije, Gaza en nu in Libanon. Met B-FAST redden we levens, als we effectief kunnen zijn.

Hoe garandeert u die effectiviteit? Waar gaan onze mensen aan de slag? Met wie werken zij samen? Hoe redden wij zoveel mogelijk mensen?

Staf Aerts:

Mijnheer de voorzitter, mijnheer en mevrouw de minister, collega's, het conflict in het Midden-Oosten is de afgelopen weken nog verder geëscaleerd. Dat verontrust me enorm, want ik vrees dat Israël van Libanon een tweede Gaza zal maken. Vorige week waren er ontploffende biepers. Ondertussen is het Israëlische leger Libanon binnengetrokken en werd Beiroet gebombardeerd. Op een week tijd vielen er honderden doden en er zijn naar schatting 1 miljoen mensen op de vlucht. Het is overduidelijk dat er een de-escalatie, een staakt-het-vuren in het Midden-Oosten nodig is. We roepen alle conflictpartijen daartoe op. Voor alle duidelijkheid, ook Iran moet stoppen met het afvuren van raketten op Israël, wat absoluut veroordeeld moet worden.

Het grootste slachtoffer is natuurlijk de lokale bevolking. Die mensen worden gebombardeerd, moeten vluchten en lijden honger. Libanon was al een erg arm land met ontzettend veel vluchtelingen.

Daarom doe ik de volgende oproep. België moet, ten eerste, de noodkreet van de Verenigde Naties om humanitaire steun te bieden, ondersteunen. Ten tweede, het is goed dat we repatriëren, maar zorg ervoor dat we het niet aanpakken zoals destijds in Afghanistan. Zorg ervoor dat we dus niet enkel Belgen, maar ook andere mensen repatriëren. Red voldoende mensenlevens; dat is absoluut onze morele plicht. Ten slotte, vandaag wijst men mensen door naar commerciële vluchten voor repatriëring, maar die tickets zijn peperduur en die vluchten zijn praktisch volgeboekt. Mevrouw de minister, wanneer start u de repatriëring via het Belgisch leger op?

Britt Huybrechts:

Mijnheer de minister, mevrouw de minister, met de gecoördineerde aanvallen waarbij biepers van duizenden leden van de terroristische organisatie Hezbollah tot ontploffing werden gebracht en waarbij ook verschillende doden vielen, escaleerde het conflict verder. De actie werd nadien nog eens herhaald, maar dan met walkietalkies. De situatie in Libanon is dan ook zeer gespannen. Vanochtend las ik nog in de krant dat een Belgische journalist en cameraman gewond zijn geraakt bij een incident.

Het Vlaams Belang is dan ook zeer verheugd om te horen dat u eindelijk van plan bent om evacuatieplannen op te stellen, maar wij hebben wel een aantal kritische noten. Wij moeten er eerst en vooral voor zorgen dat onze landgenoten zo snel en veilig mogelijk terugkeren naar België. Wij moeten echter ook opletten wie zij zijn. Daarom vragen wij dat deze geëvacueerde Belgen worden gescreend op eventuele vormen van radicalisering en dat wordt bekeken of zij contact hebben gehad met terroristische organisaties als Hezbollah en andere. Dat is de enige manier om de Belgen hier in België veilig te houden en het conflict niet te importeren in ons Belgenland.

Weet u hoeveel Belgen er zullen terugkeren?

Bent u van plan om deze screening serieus te nemen en dus de geëvacueerde Belgen te screenen op eventuele vormen van radicalisering of contact met terroristische organisaties als Hezbollah en andere?

Bent u bereid om deze screening ook verder te zetten, eventueel in samenspraak met de eerste minister?

Els Van Hoof:

Mijnheer de minister, mevrouw de minister, wie vrede en diplomatie predikt, wordt blijkbaar persona non grata. Dat is wat VN-secretaris-generaal Guterres de voorbije week heeft ondervonden. Hij wordt door Israël persona non grata verklaard. Hij heeft gisteren in de VN-Veiligheidsraad nochtans duidelijke woorden gesproken. Hij zei: "Een inferno waar de ene aanval de andere rechtvaardigt, leidt slechts tot meer leed van burgerslachtoffers."

Iran gooit uiteraard meer olie op het vuur. Mevrouw de minister, u hebt dat duidelijk veroordeeld, maar ik denk dat ze in Teheran en Tel Aviv nog altijd niet onder de indruk zijn en andere prioriteiten hebben. Dat heeft natuurlijk te maken met een aantal bondgenoten. Ik denk concreet aan de VS, die door de verkiezingskoorts worden verlamd. Daardoor springt Israël in een gat en krijgt het meer speelruimte.

Ik hoorde vandaag op de radio dat er een soort van hoerastemming heerst. Ik vind dat totaal ongepast. Wij moeten uiteraard niet pleiten voor een militaire uitbreiding van het conflict, maar voor vrede, voor de-escalatie en voor vredesonderhandelingen.

Ik heb hier al een twintigtal keer hetzelfde gezegd, maar ik ga die plaat nooit afzetten. Wij moeten pleiten voor een onmiddellijk staakt-het-vuren. Wij moeten pleiten voor een tweestatenoplossing. Wij moeten pleiten voor een onmiddellijke vrijlating van de gijzelaars. Ik hoop dat u deze plaat ook niet afzet in de Europese Raad en ook niet in de Raad Buitenlandse Zaken, waar u voor dezelfde zaken zou moeten pleiten.

Mijnheer de minister, mevrouw de minister, welke positie neemt België vandaag concreet in?

Wij hebben het goede nieuws van de repatriëring vernomen. (…)

Nabil Boukili:

Monsieur le président, madame et monsieur les ministres, cette dernière année, Israël a montré son vrai visage, en tout cas, à ceux qui sont aveugles depuis septante-cinq ans. Depuis un an, un génocide se déroule devant nos yeux. À croire qu'ici, en Europe, on a oublié ce que signifie un génocide, vu une telle passivité et inaction. On parle de 41 000 morts, sans compter les disparus ni les corps qui se trouvent sous les décombres, en plus de la famine et des maladies avec leurs conséquences sur les générations à venir!

Depuis deux semaines, c'est le peuple libanais: plus de 1 000 morts, plus de 6 300 blessés. Aucune réaction! Désormais, nous voyons la région s'embraser complètement. Le seul responsable de cette situation est l' É tat colonial d'Israël. Il en est responsable parce qu'il est impuni. Et nous ne sommes pas simplement passifs; le pire est que nous sommes complices. En effet, lorsque les États-Unis fournissent 20 milliards de dollars d'armements qui tuent les enfants palestiniens et le peuple libanais et que l'Union européenne conclut un accord d'association, ils participent à l'économie de guerre israélienne. Nous sommes complices du génocide, des crimes de guerre au Liban et de l'embrasement du Moyen-Orient. C'est inacceptable!

Madame la ministre, quand allez-vous mettre fin à notre complicité avec ces crimes de guerre et imposer un embargo militaire contre Israël? Quand allez-vous mettre fin à cette complicité en arrêtant le commerce (…)

Jean-Luc Crucke:

Monsieur le vice-premier ministre, madame la ministre, la semaine passée déjà, je m'inquiétais au sujet du sort des ressortissants belges au Liban. Même si je lis parfois que certains voient plus clair, je crois qu'il ne fallait pas être grand clerc pour comprendre que l'introduction des forces israéliennes sur le territoire libanais ne se ferait pas à la vitesse éclair.

Aujourd'hui, nous sommes face à nos responsabilités. Il y a 1 800 ressortissants qui sont toujours présents, dont 100, dites-vous, souhaitent quitter le territoire libanais. Le gouvernement s'est enfin réuni – certes par voie électronique – et a décidé qu'il y avait trois modalités, la première étant les vols commerciaux. Y a-t-il encore aujourd'hui des vols commerciaux qui pourraient être pris par ces ressortissants dans des conditions de prix décentes? Deuxième modalité, l'aide militaire provenant des partenaires étrangers, comme les Pays-Bas. Avons-nous des garanties de présence sur ces avions pour les Belges? Quel est le pourcentage? Combien de sièges? Et, troisièmement, l'intervention éventuelle de l'aviation et des forces militaires sur le territoire.

Cette troisième option n'est-elle pas à privilégier si nous voulons permettre à ces ressortissants de pouvoir revenir chez eux, chez nous, dans des conditions qui sont sûres? Ce conflit ne s'arrêtera pas; et, si nous ne prenons pas les devants, si la préparation n'est pas immédiate – en termes d'urgence, le gouvernement a l'obligation de réagir –, …je ne souhaite pas le pire, mais je ne voudrais pas qu'on puisse l'imaginer.

Voorzitter:

Bedankt, mijnheer Crucke.

Collega's, gelieve allemaal op uw woorden te letten, want behalve de talloze kijkers thuis bevindt er zich een hele groep jonge mensen in de tribune.

Michel De Maegd:

Madame la ministre, monsieur le ministre, le Liban est à feu et à sang, une nouvelle fois. Un drame pour les civils, un de plus depuis plusieurs décennies. Politiquement, chers collègues, à travers l'élimination du chef du Hezbollah, c'est le régime iranien qui a été visé en plein cœur, un régime qui, ne l'oublions pas ici, ne vise qu'une chose: l'anéantissement total d'Israël.

Israël a aussi encore été durement touché ces derniers jours, par des attentats meurtriers à Tel-Aviv, par des tirs de missiles venant des Houthis au Yémen et, enfin, par l'envoi de 200 missiles balistiques en provenance de l'Iran, heureusement pour la plupart neutralisés. Imaginez, un instant, s'ils avaient atteint leur cible, quel désastre cela aurait été pour la population civile en Israël. Personne ne devrait, chers collègues, accepter le terrorisme, et nous devons aussi comprendre qu'Israël lutte pour sa survie. C'est un combat existentiel.

Néanmoins, il faut être clair. Promouvoir la sécurité de l'État d'Israël et de sa population ne signifie pas soutenir aveuglément la politique menée par le gouvernement Netanyahou.

À ce propos, les événements de ces derniers jours nous font craindre une escalade encore plus importante qui fera encore plus de victimes dans la région, à Gaza, en Cisjordanie, au Liban et en Israël – victimes que mon groupe déplore toutes.

Alors pour faire taire le fracas des armes, une réponse diplomatique est indispensable. C'est une responsabilité de la communauté internationale toute entière. Celle-ci n'est pas exempte de reproches en ayant fermé les yeux depuis un an sur les tirs quotidiens de missiles venant du Hezbollah.

Dans ce contexte, madame et monsieur les ministres, voici mes questions. Nous accordons une grande importance à la sécurité des Belges qui sont toujours présents au Liban. Vous avez annoncé en avoir identifié une centaine qui désirent rentrer chez nous. Ce nombre a-t-il évolué depuis hier? Dans quels délais ces rapatriements auront-ils lieu? Nous apprenons aujourd'hui que deux journalistes belges ont été blessés. Avez-vous plus d'informations à leur propos? Enfin, quelle aide humanitaire sera mobilisée en faveur de la population libanaise qui souffre depuis tant de mois?

Christophe Lacroix:

Madame la ministre, chaque semaine, nous devons malheureusement vous interpeller. Chaque semaine, nous devons dénoncer votre absence de courage politique dans ce dossier. Toujours pas de sanctions contre Israël ni de reconnaissance de la Palestine; toujours pas d'aide massive au Liban. La situation au Proche-Orient est à tel point dramatique que le risque d'embrasement mondial n'est aujourd'hui plus une menace mais une réalité. Nous y sommes, madame la ministre. Nous sommes véritablement à un point de bascule géopolitique. Nous sommes au-delà des 41 000 morts et des 90 000 blessés dont 90 % sont des victimes collatérales, des victimes civiles, rappelons-le.

Madame la ministre, au Parti Socialiste, nous avons toujours condamné la violence d'où qu'elle vienne, que ce soit bien clair. Nous avons toujours dit que le droit international devait être notre boussole partout dans le monde. Nous avons toujours dit que l' É tat d'Israël le bafoue allègrement et que nous devions agir résolument pour le contraindre à un cessez-le-feu. Sur Gaza, et maintenant sur le Liban mais également sur la Syrie. Mais où le premier ministre israélien s'arrêtera-t-il? Cela ne peut plus durer. Madame la ministre, nous sommes véritablement à un tournant de l'histoire. La réaction du régime théocratique iranien, que nous condamnons avec autant de force, nous laisse malheureusement présager du pire.

J'ai trois questions et j'aimerais à nouveau vous demander ceci: quand allez-vous porter au gouvernement le dossier des sanctions à l'égard d'Israël pour les forcer à revenir à la paix et à la stabilité dans la région? Il faut reconnaître l' É tat de Palestine pour forcer une solution à Gaza aussi. Pour le Liban, des facilités consulaires et une possibilité de rapatriement par la Défense belge seront-elles mises en place pour les 1 800 Belgo-libanais présents sur le territoire? Des solutions d'accueil et des visas humanitaires seront-ils envisagés pour leurs familles? Et quelle aide humanitaire est prévue pour le million de déplacés que compte le Liban, qui connaît un bilan désastreux depuis de très nombreuses années?

Hadja Lahbib:

Monsieur le président, mesdames et messieurs les députés, je vous remercie pour vos questions. Je voudrais tout d'abord reprendre une des questions principales. Sachez que, dès demain, des Belges seront à bord d'avions pour quitter le Liban.

La situation au Moyen-Orient nous préoccupe chaque jour, chaque instant, de jour comme de nuit. La communauté internationale, dans son ensemble, n'est pas parvenue à éviter l'escalade de la violence. L'Histoire retiendra sans aucun doute ceux qui étaient aux commandes, qui auraient pu arrêter cet engrenage et qui n'ont pas choisi d'emprunter le chemin de la paix, celui qu'au nom de la Belgique, je n'ai cessé de défendre depuis le premier jour de ma prise de fonction. Mais l'escalade est là et toute la région est au bord d'un embrasement général.

Dinsdagavond lanceerde Iran bijna tweehonderd ballistische raketten richting Israël. Ik heb de aanval onmiddellijk veroordeeld en opgeroepen tot de-escalatie en tot bescherming van burgers. Wij hebben ook bijgedragen aan een verklaring namens de Europese Unie waarin wij alle partijen oproepen tot terughoudendheid.

La situation humanitaire s'aggrave. La Belgique va évidemment répondre, dans le cadre du programme B-FAST, à la demande d'assistance introduite par les autorités libanaises afin d'appuyer les hôpitaux publics. Un budget de 150 000 euros est réservé pour l'achat de matériel médical. À cela s'ajoutera du matériel issu du stock stratégique de la Santé publique. L'envoi de ce matériel est déjà en cours de préparation.

En ce qui concerne la situation plus générale des Belges au Liban, suite à ma demande, le Conseil des ministres a adopté, hier, un ensemble de mesures qui visent à leur venir en aide. Dès demain, comme je l'ai dit, des avions ramèneront des Belges du Liban. Dans le cadre d'une coordination européenne, des Belges rentreront entre autres par un avion dépêché par les Pays-Bas.

Andere Belgen zullen Libanon verlaten dankzij plaatsen die zijn onderhandeld met Middle East Airlines (MEA), met bestemmingen als Cyprus en Istanboel.

Il a aussi été décidé d'aider les Belges qui souhaitent quitter le Liban, si nécessaire, dans un second temps, par la mise en place de vols assistés par la Défense. Actuellement, il est prématuré de parler d'évacuation de non-combattants (NEO). En fonction de la situation sur le terrain, une approche graduelle sera mise en place car l'aéroport de Beyrouth est encore accessible aux vols civils et militaires. Je rappelle que nous sommes en concertation avec d'autres pays européens. La France par exemple, qui compte au Liban 20 000 de ses ressortissants, n'a pas commencé d'évacuation. Un navire est en route et devrait accoster ce week-end.

L'ambassade belge de Beyrouth a contacté tous les Belges, résidents ou de passage, qui se sont inscrits dans les registres consulaires de Travellers Online afin de vérifier qui, parmi eux, souhaite quitter le Liban, et qui a besoin d'aide. Ce chiffre est évidemment en constante évolution. De zéro, nous sommes passés à 90, ensuite à 180 aujourd'hui. Ces personnes ont manifesté leur souhait de quitter le Liban. Bien sûr, nous leur accorderons toute l'aide nécessaire.

Wat de journalist en de cameraman van VTM betreft, Robin Ramaekers en Stijn De Smet, wil ik mijn steun betuigen aan deze mensen die gisteren in Beiroet zijn aangevallen. Zij werden onmiddellijk bijgestaan door onze ambassade. Zij werden voor spionnen aanzien en in elkaar geslagen door lokale bewoners. Onze ambassade en onze medewerkers staan aan hun kant. Onze ambassadeur heeft hen vanmorgen bezocht.

Je l'ai eu au téléphone. Il m’a informée que Robin Ramaekers a pu quitter l’hôpital et se trouve à l’hôtel. Nous les rapatrierons dès que leur état le permettra.

Je connais ces deux journalistes. Ils m’ont accompagnée récemment encore au Moyen Orient. Je sais ce que c’est être reporter de guerre, pour l’avoir été moi-même. Je tiens à manifester toute mon empathie et mon soutien à leur égard. Les journalistes défendent la liberté de la presse et font partie des piliers de la démocratie.

Notre message, pour le reste, demeure le même: la mise en place d’un cessez-le-feu, la libération des otages et laisser une chance aux négociations diplomatiques, qui sont la seule solution pour aboutir à une solution viable, à la solution à deux États. Nous soutenons (…)

Frank Vandenbroucke:

Mijnheer de voorzitter, collega's, de escalatie van het geweld in het Midden-Oosten zorgt vandaag voor een van de ergste humanitaire crisissen van de afgelopen 25 jaar. Op dit ogenblik leven miljoenen kinderen in voortdurende angst. Dat is het geval in Libanon en in Gaza, op de Westelijke Jordaanoever en ook in Israël. Tienduizenden doden zijn gevallen, de overgrote meerderheid vrouwen en kinderen, ook tienduizenden gewonden, en miljoenen mensen zijn op de vlucht. Laten we ons ook niet vergissen: de gevolgen daarvan zullen niet enkel in het Midden-Oosten gevoeld worden.

Zonder respect voor het internationaal humanitair recht, zonder een goed functionerend systeem van de Verenigde Naties en, inderdaad, mevrouw Van Hoof, zonder respect voor de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, is binnenkort geen enkele burger in conflict nog beschermd. Ook in bijvoorbeeld Soedan, in de DRC en in Oekraïne worden altijd maar meer hulpverleners gedood, medische faciliteiten aangevallen en burgers uitgehongerd. De grenzen van het aanvaardbare worden steeds verlegd. Het is dus in ons aller belang, overal in de wereld, dat dit stopt.

De spiraal van het geweld moet stoppen. Zoals mijn collega-minister al zei, de enige goede oplossing die vrede en veiligheid waarborgt voor iedereen, is een onderhandelde oplossing en een onmiddellijk staakt-het-vuren, zowel tussen Hezbollah en Israël als in Gaza. Ons land neemt daartoe mede het voortouw. Ik sluit mij aan bij wat gezegd is en ik kan u tevens meedelen dat op de Europese Raad van 17 en 18 oktober België ook zal pleiten voor een onmiddellijk staakt-het-vuren tussen Hezbollah en Israël.

Maar inderdaad, ondertussen moeten we ook de onmiddellijke nood proberen te lenigen. Wij hebben beslist dat B-FAST een transport van medische middelen tot stand brengt. Het gaat over elementair materiaal zoals handschoenen, naalden en kompressen, alles wat nodig is, een beperkt pakket dat volgende week getransporteerd wordt. Mevrouw Lamarti, u vroeg terecht of dat effectief helpt. Welnu, belangrijk te weten is dat de Libanese regering de vraag gesteld heeft via de Europese Unie, via de Europese Commissie, die zorgt voor de Europese coördinatie. Dat is essentieel. Op die vraag bieden wij een antwoord. Wij zullen ook de garantie hebben dat het materiaal dat wij geven enkel gebruikt wordt in ziekenhuizen en medische faciliteiten die beheerd worden door de Libanese overheid. Dat is heel essentieel.

Tot slot, wat de operationele actie betreft heb ik alle vertrouwen in B-FAST. We hebben in de afgelopen regeerperiode samen beslist om B-FAST een nieuw en sterker leven te geven en de nu voorliggende opdracht bewijst dat dat een goede beslissing was.

Vanzelfsprekend is dat niet de enige humanitaire hulp die wordt geboden. Wij zijn een land dat heel belangrijke bijdragen levert. Dat gaat elk jaar over meerdere miljoenen euro's aan internationale fondsen, die snel en soepel kunnen optreden. Ik denk daarbij met name aan het noodfonds van de Verenigde Naties CERF. Ik denk aan het noodfonds van het Rode Kruis. Ik denk ook aan het humanitaire landenfonds voor Libanon. België geeft aan die fondsen elk jaar miljoenen euro's. Dat geld wordt nu soepel en onmiddellijk ingezet. U moet weten dat de voorbije twee weken die verschillende fondsen al 36 miljoen euro uit hun kas hebben gehaald om extra hulp te bieden in de humanitaire crisis die zich aandient in Libanon. Met andere woorden, het werken met die fondsen is heel essentieel.

Onze gedachten zijn vanzelfsprekend bij de verschrikkelijke en onbeschrijflijke ellende die de burgerbevolking in het Midden-Oosten treft. De enige oplossing is onderhandelen en dus een staakt-het-vuren. Ondertussen moet België in Europees verband, maar ook op internationaal vlak, met bestaande internationale fondsen die wij heel stevig steunen, al het mogelijke doen om de nood te lenigen.

Fatima Lamarti:

Mevrouw de minister, mijnheer de minister, op het terrein maken onze helden het verschil. Dat zijn de mensen van B-FAST. Hoe groot de horror ook is, zij kijken nooit weg en blijven verder werken. Diezelfde moed zou de politiek moeten hebben in plaats van met twee maten en twee gewichten te meten. Alle vormen van geweld zou de politiek moeten veroordelen, maar dat gebeurt tot op heden nog steeds te weinig. Het is terecht dat mensen Iran veroordelen als dat land een rakettenregen op Israël afstuurt, maar dat Israël dag in dag uit in Gaza en Libanon kinderen, gezinnen en kwetsbaren treft, verdient dezelfde veroordeling. Wij moeten altijd aan de kant van de burgerslachtoffers staan. U zet vandaag een belangrijke stap, nu de rest nog. De mensen in het Midden-Oosten wachten erop.

Voorzitter:

Ik dank u voor uw eerste betoog in de Kamer, mevrouw Lamarti. (Applaus)

Staf Aerts:

Mevrouw de minister, u schetste de weg die u sinds uw aantreden hebt gevolgd en u steunt verklaringen om elk geweld te veroordelen, maar ik heb u nog niet streng horen zijn ten aanzien van Israël. Nochtans, wat is er het afgelopen jaar gebeurd – maandag is het een jaar na 7 oktober 2023? Er zijn 41.000 doden gevallen, een op de twee jonge kinderen is ondervoed en er zijn honderdduizenden mensen in Gaza op de vlucht. Het wordt tijd om de tactiek te veranderen en strenger te worden, want anders kunnen wij blijven humanitaire steun bieden. Humanitaire steun biedt men immers op een moment dat het te laat is. Dat is het gevolg van onze passieve houding. Ik verwacht van België een straffere houding. Groen verwacht dat wij ook ten aanzien van Israël een strengere houding durven aannemen. Er is in middelen voorzien – dat geeft u aan –, maar het is noodzakelijk om in extra middelen te voorzien, want dat is ook de vraag van de VN. Er moeten extra middelen worden vrijgemaakt om de Libanezen op het terrein te helpen, want zij zitten (…)

Britt Huybrechts:

(…) beginnen met het evacueren van onze mensen uit Libanon. Ik vind het alleen heel jammer dat ik geen antwoord gekregen heb op mijn allereerste vraag hier, inzake de screenings van eventuele geradicaliseerde Belgen. Ik hoop dat dit geen voorbode is met het oog op mijn toekomstige vragen, of een voorbode van hoe uw opvolger zal antwoorden in de nieuwe coalitie.

Dit is enorm belangrijk om de eenvoudige reden dat wij dit conflict niet verder mogen importeren in ons land. Zo kunnen wij toekomstige terroristische aanslagen in België vermijden.

Voorzitter:

Ook voor collega Huybrechts was dit de eerste interventie in de Kamer. (Applaus)

Els Van Hoof:

Mevrouw de minister, mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoorden.

Zoals u zei, de repatriëring van de Belgen moet goed verlopen zodat wij niet terechtkomen in toestanden als bij de evacuatie uit Afghanistan. Maar het is ook belangrijk dat wij humanitaire hulp bieden, al is die niet meer dan een pleisters op een gapende wonde die alleen maar gedicht kan worden door duurzame diplomatieke vredesonderhandelingen. Het internationaal recht is daarvoor onze bijbel.

Iraanse raketaanvallen of Israëlische bombardementen zijn daar niet mee in overeenstemming. Die moeten stoppen.

Deze plaat zetten wij van de cd&v-fractie niet af. Er is genoeg bloed gevloeid.

Nabil Boukili:

Chers collègues, il est quand même scandaleux d'entendre ici les éléments de langage "d'État génocidaire" repris par le MR. On a déjà entendu le MR qualifier de "coup de génie" l'assassinat terroriste d'enfants, d'innocents. Mais reprendre aujourd'hui le même vocabulaire, dire qu'Israël se défend... Aujourd'hui, celui qui lutte pour sa survie, c'est le peuple palestinien! Ce n'est pas Israël, chers collègues. Israël est l'agresseur dans la région!

Madame la ministre, jouer l'impuissance face à la situation, c'est au mieux de l'hypocrisie, au pire de la lâcheté, parce que continuer à être membre de l'accord d'association Union européenne-Israël, c'est de la complicité dans les crimes de guerre israéliens et dans le génocide que commet Israël. Quand il s'agissait de la Russie, vous aviez pris des dizaines de sanctions. Et, aujourd'hui, vous vous trouvez impuissante face à Israël. C'est vraiment de l'hypocrisie totale.

Jean-Luc Crucke:

Madame la ministre, je vous remercie pour votre réponse.

Je voudrais revenir à l'urgence dans l'actualité. On reparlera malheureusement encore du Moyen-Orient. L'urgence, c'est l'évacuation des ressortissants. Comme vous l'avez dit, dès demain, certains pourront quitter le pays mais le chiffre augmente de jour en jour, de minute en minute, et cela n'est pas étonnant. Je crois donc qu'on est dans ce qu'on appelle "la gestion de crise". C'est quelque chose que vous allez peut-être découvrir dans les semaines à venir.

Sincèrement, l'Europe a des obligations également. Il figure dans les traités européens que les ressortissants européens doivent pouvoir quitter les lieux dans lesquels ils sont lorsqu'il y a une crise. Au lieu d'envoyer un avion sur place, ne faudrait-il pas aussi avoir une coordination européenne? Cela manque franchement et clairement. C'est plus qu'important.

Michel De Maegd:

Madame et monsieur les ministres, je vous remercie de vos réponses.

Tout d'abord, je ne vais pas réagir aux outrances de l'extrême gauche et de tous ceux qui défendent des recettes simplistes – nous en avons l'habitude ici – à propos d'un conflit qui dure depuis des décennies. Je rappellerai qu'actuellement, Joe Biden – le principal allié d'Israël – ne parvient pas à obtenir un cessez-le-feu. J'invite donc chacun à la lucidité face à l'immense complexité de la situation.

J'acte, bien sûr, avec soulagement que le plan de rapatriement est prêt et que B-FAST enverra rapidement une aide et du matériel sur place. Notre pays ne laisse jamais tomber ses ressortissants et vient toujours en aide aux populations qui en ont besoin.

Politiquement, pour nous, il est clair que l'élimination d'Hassan Nasrallah constitue un espoir pour l'avenir du Liban. Son peuple n'aspire qu'à la liberté et à la paix, paix à laquelle aspire également le peuple israélien qui, je le rappelle encore – n'en déplaise aux extrémistes de gauche –, vit sous l'énorme menace du Hezbollah, du Hamas, mais aussi des Houthis du Yémen ainsi que de l'Iran.

Et puis, notre objectif immédiat est de faire taire les armes. Je vous encourage donc, madame et monsieur les ministres, à plaider plus que jamais avec insistance à tous les niveaux afin de faire régner la paix. Je vous remercie.

Christophe Lacroix:

Monsieur le président, tout d'abord, je voudrais remercier le ministre Vandenbroucke pour son efficacité immédiate à la suite du travail de Mme Caroline Gennez qui, dans ce gouvernement, a toujours défendu avec force la reconnaissance de la Palestine et s'est battue sans cesse pour convoyer de l'aide humanitaire à Gaza. Bravo à Mme Gennez et bravo à vous, monsieur Vandenbroucke! Enfin, je voudrais rappeler que nous condamnons toute forme de violence à l'égard des victimes, tant de la part du gouvernement israélien, que je distingue d'Israël, que du Hamas, du Hezbollah libanais ou de l'Iran. Pour nous, la seule solution est diplomatique: il faut que les ennemis d'aujourd'hui s'assoient à table et négocient une paix durable. Il faut que le rapatriement des Belges soit immédiatement organisé. La Défense est prête. Et M. Crucke le sait très bien, puisqu'il a été bourgmestre: dans une gestion de crise, il faut être proactif et il convient d'envisager immédiatement les capacités maximales. On peut regretter aujourd'hui notre absence dans la région, en raison du retrait décidé en 2014 par le gouvernement Michel de la force de pacification de l'ONU sur place. C'est bien dommage!

veiligheid, justitie en defensie

De vrees voor mogelijke politieke druk op corruptiespeurders

Gesteld door

Groen Matti Vandemaele

Gesteld aan

Annelies Verlinden (Minister van Binnenlandse Zaken)

op 26 september 2024

Bekijk antwoord

AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.

De Ecolo-Groen-fractie kaart aan dat de Centrale Dienst voor Corruptiebestrijding instructies kreeg om processen-verbaal niet rechtstreeks aan het parket, maar aan een hiërarchische chef te bezorgen, wat politieke invloed op gevoelige dossiers (zoals *Qatargate*) dreigt – een bedreiging voor onafhankelijk politiewerk. Minister Van Tigchelt ontkent kennis van de instructie, benadrukt dat het parket bevoegd is voor dergelijke richtlijnen (niet de minister) en wijst erop dat samenwerking tussen politie en parket gebruikelijk is, maar belooft geen verdere actie zonder concrete bewijzen. Vandemaele houdt vol dat meerdere bronnen het verhaal bevestigen en eist vervolgonderzoek, gezien twee derde van de Belgen corruptie als een ernstig probleem ziet – onafhankelijkheid van corruptiebestrijders moet absoluut gewaarborgd blijven. De kernkwestie – politieke sturing vs. autonomie bij corruptieonderzoeken – blijft onopgelost.

Matti Vandemaele:

Mijnheer de minister, voor de Ecolo-Groenfractie is het duidelijk: speurders die werken rond corruptie moeten dat in alle onafhankelijkheid kunnen doen.

Wat is nu het vreemde voorval? Een aantal weken geleden kreeg de Centrale Dienst voor de Bestrijding van Corruptie de instructie om processen-verbaal niet langer rechtstreeks aan het parket te bezorgen, maar wel aan een rechtstreekse chef. Nochtans is elke officier bij de gerechtelijke politie verplicht om meldingen van strafbare feiten door te sturen aan het parket. De betrokken medewerkers spreken zelfs van "een poging om meer politieke controle te krijgen over erg gevoelige dossiers". Dat moeten we toch even goed tot ons laten doordringen, want dat zijn voor mij heel zware woorden.

Mijnheer de minister, het baart mijn fractie en mijzelf zorgen dat net een afdeling die werkt op politiek gevoelige dossiers de instructie krijgt om over te gaan tot een getrapte melding aan het parket. Het is onbegrijpelijk dat die dienst, die bijvoorbeeld werkt rond Qatargate, op die manier te werk moet gaan. Het is voor de Ecolo-Groenfractie een no-brainer dat we er alles aan moeten doen opdat onze politiediensten die werken rond corruptiebestrijding hun werk in alle onafhankelijkheid kunnen doen.

Ik heb drie vragen. Ten eerste, bent u op de hoogte van die instructie? Ten tweede, bent u het met mij eens dat die instructie kwaliteitsvol politiewerk, dat ook vertrekt vanuit onafhankelijkheid, onmogelijk maakt? Ten derde, wat zult u doen om dat probleem te verhelpen? Ik kijk uit naar uw antwoord.

Voorzitter:

We kijken trouwens allemaal uit naar het antwoord. We zitten op onze stoel genageld.

Paul Van Tigchelt:

Mijnheer Vandemaele, uw vraag is pertinent. Ik heb dat artikel in de krant ook gelezen. Ik wil u vragen om u ervoor te hoeden verregaande conclusies te trekken op basis van een krantenartikel waarin anonieme bronnen worden geciteerd. Het gaat hier blijkbaar om een dienstinstructie aan de Centrale Dienst voor de Bestrijding van Corruptie, uitgaande van de hiërarchische overste DJSOC. SOC staat daarbij voor Serious and Organised Crime. Ik heb die nota niet gezien. Meer zelfs, ik was er niet van op de hoogte. Wij hebben er ook niet om gevraagd.

Het geven van instructies met betrekking tot het strafrechtelijk optreden van politiediensten, wanneer bijvoorbeeld een proces-verbaal moet worden opgesteld, is een prerogatief van het openbaar ministerie. Dat gaat over het vervolgingsbeleid. We kunnen de artikelen in de wet op het politieambt daarop nalezen. De minister van Justitie komt daarin niet tussen. Toevallig ken ik daarvan iets, als voormalig magistraat. Als voormalig magistraat weet ik ook dat het beleid inzake het opstellen van processen-verbaal door gespecialiseerde politiediensten meestal besproken en overlegd wordt met het parket. Daar is op zich niets bijzonders aan. De meeste parketten hebben zulke instructies.

De Centrale Dienst voor de Bestrijding van Corruptie is een belangrijke dienst. Die dienst staat onder rechtstreeks toezicht van het federaal parket, dat staat in het Wetboek van strafvordering. Het federaal parket maakt daarover een verslag. Dat verslag wordt aan de wetgevende kamers bezorgd. Ik heb dat nog doorgestuurd op 8 december 2022.

Ten slotte, quod erat demonstrandum, wie heeft het dossier waarnaar u verwijst, zijnde het vermeende corruptieschandaal in het Europees Parlement, aan het licht gebracht? Dat waren onze diensten.

Matti Vandemaele:

Dank u voor uw antwoord, mijnheer de minister. Sinds ik mijn vraag ingediend heb, hebben er al verschillende mensen mij gecontacteerd met extra informatie. Die mensen bevestigen dat verhaal. Ik vind dus dat meer onderzoek in deze zaak noodzakelijk is. Ik wil er ook op wijzen dat, volgens de laatste eurobarometer, twee derde van de bevolking in ons land corruptie een wezenlijk probleem vindt.

We mogen daar dus absoluut niet licht over gaan. We moeten er alles aan doen om onze politiediensten, die in heel grote mate, in hoofdzaak, absoluut goed en onafhankelijk werk leveren, de mogelijkheid te geven om dat ook in de toekomst te blijven doen. Zodra er signalen zijn dat er een probleem zou kunnen zijn, is het onze plicht om in te grijpen en te onderzoeken of de onafhankelijkheid al dan niet in het gedrang komt. Ik hoop alvast dat u dat samen met mij zult opvolgen, zodat we kunnen garanderen dat onze politiemensen op een kwaliteitsvolle en onafhankelijke manier kunnen werken.

Voorzitter:

Dank u wel, collega. Op uw beurt hebt u hier voor de eerste keer een vraag gesteld. (Applaus) (Applaudissements) Dat weekt terecht applaus los.

economie en werk

De sociale gevolgen van de herstructurering bij Audi
Audi Vorst
Audi
De toekomstperspectieven na de sluiting van de Audifabriek te Brussel
Audi
De herstructurering bij Audi Brussels en de sociale impact op de werknemers en de onderaannemers
Audi Vorst
Audi
De Belgische autosector
De impact van Audi's herstructurering op de Belgische autosector

Gesteld aan

Pierre-Yves Dermagne (Minister van Werk en Economie)

op 19 september 2024

Bekijk antwoord

Wetsvoorstel (226)

Wetsvoorstel tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek teneinde de dierenbeschermings–verenigingen de bevoegdheid toe te kennen om in rechte op te treden

Wetsvoorstel verworpen op 5 juni 2025

Wetsvoorstel (95)

Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens, met het oog op het verbieden van dodelijke volledig autonome wapensystemen

Wetsvoorstel verworpen op 24 april 2025

Wetsvoorstel (539)

Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 15 mei 2024 houdende bepalingen inzake digitalisering van justitie en diverse bepalingen II voor wat betreft de overheveling van het grondgebied van de voormalige gemeente Meulebeke naar het gerechtelijk kanton Tielt

Wetsvoorstel aangenomen op 12 december 2024

Wetsvoorstel (156)

Wetsvoorstel tot wijziging van het rubriek XXXVII van tabel A van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en diensten bij die tarieven, teneinde de overgangsperiodes voor projecten die in het nieuwe permanent stelsel niet meer in aanmerking komen voor het verlaagde tarief te verlengen

Wetsvoorstel zonder onderwerp

Voorstel tot onderzoekscommissie (228)

Voorstel tot oprichting van een parlementaire onderzoekscommissie belast met het onderzoek naar mogelijke disfuncties in het strafrechtelijk onderzoek 'Operatie Kelk'

Voorstel tot onderzoekscommissie aangenomen op 26 september 2024