Plenaire vergadering op 22 januari 2026
Van 14h19 tot 16h57 (2 uur en 38 minuten)
11 vragen, 0 voorstellen, 4 stemmingen
Volledig verslag op dekamer.be
Aanwezigheid
134/150 (89%)
Afwezigen
De volgende 16 kamerleden waren afwezig bij tenminste de eerste naamstemming. Het is mogelijk dat deze kamerleden alsnog aanwezig waren vanaf de tweede naamstemming of later. Het is ook mogelijk dat de kamerleden uitgesloten waren bij de eerste stemming voor een legitieme reden.
Ecolo
Tinne Van der Straeten
lijst: Ecolo
Rajae Maouane
lijst: Les Engagés
Luc Frank
lijst: MR
Florence Reuter
lijst: N-VA
Dorien Cuylaerts
lijst: N-VA
Charlotte Verkeyn
lijst: Open Vld
Katja Gabriëls
lijst: PS
Frédéric Daerden
lijst: PS
Paul Magnette
lijst: PS
Lydia Mutyebele Ngoi
lijst: PTB
Roberto D'Amico
lijst: PTB
Ayse Yigit
lijst: PVDA
Natalie Eggermont
lijst: VB
Lode Vereeck
lijst: Vooruit
Brent Meuleman
lijst: Vooruit
Alain Yzermans
Vragen
De vragen die gesteld werden tijdens deze vergadering.
De bescherming van het statuut van mantelzorger
Gesteld door
Gesteld aan
Vooruit Frank Vandenbroucke (Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid)
op 22 januari 2026
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Caroline Désir bekritiseert dat aidants proches sinds 22 dagen uitgesloten worden van werkloosheidsuitkeringen en noemt het dubbelspel van MR/Les Engagés schandalig, ondanks herhaalde waarschuwingen van organisaties zoals de Ligue des familles. Ze eist een directe, concrete oplossing (opschorting van de uitsluiting) en wijst op het ontbreken van vertrouwen in de regering, hoewel ze minister Vandenbroucke’s inzet erkent. Vandenbroucke bevestigt dat het dossier onder minister Clarinval (Emploi) valt, maar benadrukt samenwerkingsbereidheid en noemt mogelijke verbeteringen zoals flexibelere zorgverlofregels, psychologische ondersteuning en aandacht voor jonge mantelzorgers, zonder acute maatregelen te beloven. Désir herhaalt dat langetermijnplannen (beter statut, zorgplaatsen) onvoldoende zijn en dringt aan op onmiddellijke opschorting van de uitsluiting, met een ingediend voorstel als eerste stap.
Caroline Désir:
Monsieur le ministre, nous sommes le 22 janvier, et cela fait maintenant 22 jours que certains parents aidants proches sont exclus du chômage. Nous savons que leur nombre ne va faire qu'augmenter à partir du 1 er mars prochain. Imaginez-vous un instant l'angoisse et la détresse de ces familles qui vivent déjà de telles difficultés au quotidien?
Je vais vous le dire simplement, on en a marre ici du double discours du MR et des Engagés. Ils s’inquiètent beaucoup, il faudrait un meilleur statut pour ces personnes, ils ne savaient pas… Ils jouent maintenant la carte de l'empathie. Mais, dans les faits, que voit-on? L'annonce du dépôt d'une résolution d'un côté, un courrier aux ministres régionaux de l'autre, des pistes de réflexion, un ping-pong entre les ministres soi-disant compétents.
En réalité, ce qu'on voit, c'est beaucoup d'agitation et rien que de l'agitation. Et c'est honteux parce que, depuis des mois, les associations d'aidants proches alertent le ministre Clarinval. La Ligue des familles lui a écrit, a publié une étude. Nous-mêmes, nous l'avons interrogé en commission; vous étiez là, chers collègues, et vous n'avez rien fait.
L'Arizona n'a rien fait pour les aidants proches au chômage. Les exclusions ont maintenant commencé, et elles vont s'amplifier dans les mois prochains. Alors, oui, les aidants proches ont besoin d'une solution globale avec un vrai statut. Mais là, tout de suite, ils ont besoin d'une solution d'urgence, concrète, qui leur évite la catastrophe.
Monsieur le ministre, nous ne faisons plus confiance à grand monde dans ce gouvernement, mais vous êtes le ministre des Affaires sociales et on connaît votre force de travail et de persuasion. On vous reproche beaucoup de choses, mais vous ne connaissez pas le double discours.
Dites-nous ce qui est vraiment sur la table pour toutes ces personnes qui consacrent leur quotidien aux soins de leurs proches.
Frank Vandenbroucke:
Madame, comme vous l'avez dit, ceci relève de la compétence de mon collègue, le ministre de l'Emploi, mais, comme il n'est pas ici, je vais vous répondre.
J'ai aussi suivi les interpellations de la semaine passée concernant les conséquences de la réforme du chômage sur les aidants proches. Le ministre Clarinval a proposé plusieurs pistes de réflexion pour renforcer le soutien à ces personnes. J'attends ces initiatives et je suis bien évidemment prêt à collaborer avec lui, parce que les aidants proches jouent effectivement un rôle important dans le soutien à leurs proches et qu’ils méritent une reconnaissance constante.
Je crois qu'il est important que les aidants proches puissent mieux concilier soins et travail. Au niveau fédéral, le congé pour aidants proches est prévu à cet effet, mais une plus grande flexibilité pour les salariés comme pour les indépendants pourrait être envisagée.
Il est également essentiel de veiller au bien-être des aidants proches. Il existe aujourd'hui une offre importante de soins psychologiques de première ligne dont l'utilisation peut encore être étendue.
Enfin, je veux porter une attention particulière aux jeunes aidants, souvent sous-estimés, qui combinent études et soins à un proche. Nous devrons offrir à ces jeunes l'attention et l'accompagnement appropriés.
Voici quelques réflexions personnelles mais, comme je l'ai dit, j'attends les initiatives annoncées par M. Clarinval et je suis prêt à collaborer avec lui.
Caroline Désir:
Monsieur le ministre, je vous remercie pour votre réponse. Tous ces parents, qui ont témoigné ces derniers jours et dont vous avez lu les témoignages, se fichent pas mal des tergiversations de votre gouvernement. Ce qu'ils veulent, c'est une solution rapide et ils l'ont demandée très clairement. On peut effectivement convenir qu'à moyen terme, le chômage n'est pas la meilleure des solutions pour ces aidants proches. Il leur faudrait bien sûr un statut plus protecteur, plus adapté à leur situation, ainsi que des places en nombre suffisant dans les structures de soins et d'accueil. Mais cela, monsieur le ministre, c'est du moyen terme, et on compte d'ailleurs bien y travailler. D'ici là, l'urgence pour ces aidants proches, c'est qu'on suspende l'exclusion du chômage les concernant. C'est par là qu'il faut commencer et, pour ce faire, nous avons déposé un texte.
De oproep van 400 miljonairs wereldwijd om hen meer te belasten
Gesteld door
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Niels Tas wijst op de groeiende wereldwijde ongelijkheid—waarbij 1% van de Belgen evenveel bezit als 75% van de bevolking—en bekritiseert dat rijke oligarchen te veel macht hebben, terwijl 400 miljonairs zelf oproepen tot hogere belastingen voor vermogenden; hij vraagt minister Jambon om verdere stappen te zetten voor rechtvaardige vermogensbelasting, ook op Europees niveau. Jambon stelt dat rijkdom op zich geen probleem is, maar armoedebestrijding prioriteit heeft, en benadrukt dat België al maatregelen neemt (zoals effectentaks en meerwaardebelasting) om "sterkste schouders" extra te laten bijdragen, terwijl de ongelijkheid hier volgens hem lager ligt dan elders; hij wijst op lopende hervormingen en wil eerst evalueren voor nieuwe stappen. Tas erkent de vooruitgang onder deze regering—die superrijken meer laat betalen dan ooit—maar dringt aan op verdere Europese actie om de allerrijksten hun "eerlijke bijdrage" te laten leveren. Jambon suggereert indirect dat vrijwillige bijdragen van vermogenden altijd mogelijk zijn, zonder nieuwe verplichtingen op te leggen.
Niels Tas:
Mijnheer de minister, 400 miljonairs en miljardairs uit 24 landen in de wereld kwamen onlangs samen. Ik stel mij dan voor dat zij met hun Porsche of hun privéjet naar die bijeenkomst gingen, vergezeld van een glas champagne en een potje kaviaar. Zij deden dat echter niet. Zij zaten niet samen om te praten over hoe goed ze het wel niet hebben, maar wel om in Davos de wereldleiders ertoe aan te sporen on hen meer te laten bijdragen. Die oproep is terecht, want de ongelijkheid neemt wereldwijd jaar na jaar toe, dus ook in België. De 1 % rijkste Belgen bezitten evenveel als 75 % van de rest van de bevolking. Dat is hallucinant!
Die toenemende ongelijkheid ondergraaft immers het vertrouwen van de mensen en vormt een gevaar voor onze democratie. Bijna de helft van de wereldbevolking leeft vandaag in armoede en een kleine groep mensen wordt steeds rijker, terwijl net zij veel meer kunnen bijdragen. De Belgische miljonair Bruno Fierens zei het volgende: "Als zeer vermogend individu heb ik het gevoel dat er heel veel rekening wordt gehouden met mijn belangen, maar heel weinig met mijn vermogen." "Oligarchen met extreme rijkdom hebben wereldwijd enorm veel macht en houden veel touwtjes in handen om hun eigen belangen te verdedigen", aldus die 400 miljonairs en miljardairs. Zij stellen zelf dat een eerlijke fiscale bijdrage een noodzakelijke stap is om ongelijkheid aan te pakken.
Mijnheer de minister, in België laten we de sterkste schouders extra bijdragen. Bent u bereid om binnen uw bevoegdheden en in overleg met Europese en internationale partners verdere stappen te zetten richting een rechtvaardige fiscaliteit op grote vermogens?
Jan Jambon:
Mijnheer Tas, laat me eerst en vooral zeggen dat het feit dat mensen rijker worden niet mijn probleem is. Mensen uit armoede halen, dat is onze opdracht. Ik heb er geen probleem mee dat mensen rijker worden.
Het enorme begrotingstekort, waarvoor we een oplossing moeten vinden, zorgt er inderdaad voor dat we van iedereen een billijke bijdrage moeten vragen. Dat heb ik al verschillende keren in deze Kamer gezegd. Tijdens de formatie en vervolgens in het regeerakkoord maakten we samen duidelijke keuzes om de zogenoemde sterkste schouders ook een extra bijdrage te laten leveren. Dat is ondertussen uitgewerkt in wetsontwerpen, die we momenteel bespreken in de commissie en straks hier in de plenaire vergadering. Ik verwijs concreet naar onder meer de meerwaardebelasting en de effectentaks.
De zogenoemde Gini-coëfficiënt, die de ongelijkheid in een land weergeeft, leert ons dat die in België nog steeds veel lager ligt dan in andere landen. De situatie en de fiscaliteit van bijvoorbeeld de Verenigde Staten zijn in geen enkel opzicht vergelijkbaar met die in België.
Verder nemen we verscheidene maatregelen om wie werkt voor een laag loon extra nettoloon te geven, zodat iedereen erop vooruitgaat. Dat is budgettair mogelijk, onder andere door de solidariteit van die sterkste schouders. Laten we dus eerst alle maatregelen en hervormingen uitvoeren en vervolgens evalueren alvorens bijkomende beslissingen te nemen. Dat geldt ook voor de Europese en internationale gesprekken, waarin de regering zich steeds constructief opstelt om te werken aan een robuuste fiscaliteit.
Als die vermogenden willen bijdragen, en dat siert hen, dan staat het hen uiteraard vrij om hun vermogen op een maatschappelijk relevante manier te spenderen.
Niels Tas:
Mijnheer de minister, dank u wel voor uw antwoord. Ik denk dat we het absoluut eens zijn over het feit dat we de ongelijkheid moeten aanpakken en mensen uit de armoede moeten halen. In België hebben we die kentering ook ingezet. Deze regering zal de superrijken immers daadwerkelijk extra laten bijdragen, meer dan alle vorige regeringen in dit land ooit hebben gedaan. Met dat geld zullen we ervoor zorgen dat gewone mensen netto meer overhouden en minder belastingen betalen. Ongelijkheid aanpakken doen we echter niet alleen in België. We rekenen erop dat u die strijd ook op Europees niveau verder voert, zodat de allerrijksten effectief hun eerlijke bijdrage leveren.
Peppol en de btw-aangifte in het kader van de elektronische facturatie
De sancties, de boetes en de tolerantie in het kader van Peppol
Elektronische facturatie, Peppol, btw-aangifte en nalevingsregels
Gesteld door
lijst: Les Engagés
Stéphane Lasseaux
lijst: VB
Dieter Keuten
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Volgens Stéphane Lasseaux zorgt de verplichte e-facturatie via Peppol sinds 1 januari voor zware administratieve lasten bij kmo’s en zelfstandigen, met technische problemen (foutieve facturen, onleesbare bestanden) die TVA-declaraties in gevaar brengen, terwijl minister Jan Jambon bevestigt dat 77% van de bedrijven al geregistreerd is en een tolerantieperiode geldt, zonder algemene kwijtschelding van boetes—al belooft hij soepelheid bij goede trouw. Dieter Keuten bekritiseert de maatregel als tegenstrijdig met het regeerakkoord (geen administratieve vereenvoudiging, geen niet-digitaal alternatief) en wijt de recordfaillissementen mede aan deze verplichting, eisend opsorting en een centraal aanspreekpunt voor kwetsbare ondernemers zoals digibeten en bijberoepers. Jambon verdedigt de hervorming als nodig tegen fraude, maar Keuten noemt het "goudplateren" en waarschuwt voor overheidscontrole op factuurdata.
Stéphane Lasseaux:
Monsieur le ministre, depuis le 1 er janvier de cette année, la facturation électronique est devenue obligatoire pour les entreprises, conformément aux principes et au protocole Peppol. Sur le principe, il s’agit évidemment d’une avancée numérique importante et d’un outil utile dans la lutte contre la fraude à la TVA. Cet objectif ne doit pas être négligé. Toutefois, sur le terrain, la transition est beaucoup plus compliquée et s’avère particulièrement lourde à mettre en œuvre pour les PME et les petits indépendants, déjà fortement chargés sur le plan administratif.
De nombreux bureaux comptables, maillons essentiels du bon fonctionnement de ces entreprises, nous alertent aujourd’hui massivement. Des problèmes techniques liés à la transmission via Peppol, tels que des factures erronées, des fichiers parfois illisibles ou des intégrations automatiques impossibles dans les logiciels, compliquent fortement l’établissement des déclarations TVA.
Le 1 er janvier correspond en outre au pire moment de la période des déclarations TVA de 2025, celles-ci devant être introduites pour le 25 janvier. Il s’agit du pire moment possible, puisque cette obligation entre en vigueur précisément à l’échéance d’une déclaration TVA. Cela met évidemment en difficulté les bureaux comptables, qui doivent gérer l’ensemble des dossiers de leurs clients et risquent de ne pas pouvoir respecter les délais de dépôt, pour des raisons totalement indépendantes de leur volonté.
Cela pourrait entraîner des conséquences lourdes, telles que des intérêts de retard ou des amendes pour dépôt tardif, et c’est là que le bât blesse. Monsieur le ministre, à défaut d’un report des déclarations TVA pour cette échéance, option que vous avez écartée et que je peux comprendre, pouvez-vous me confirmer clairement qu’aucune amende ni aucun intérêt de retard ne seront appliqués aux entreprises et aux comptables de bonne foi qui, en raison de difficultés techniques liées au réseau Peppol, ne seraient pas en mesure d’introduire cette déclaration dans les délais impartis?
Dieter Keuten:
Collega’s, onze economie bloedt. Dagelijks lezen wij over bedrijfssluitingen, investeringen die niet doorgaan en het aantal faillissementen dat zich op recordhoogte bevindt. Ondernemers die daartoe in staat zijn, stemmen met de voeten. Zij verhuizen om in een ander land een activiteit op te starten of door te groeien.
De huidige regering beloofde administratieve vereenvoudiging met minder regels voor zelfstandigen en kmo’s. In plaats van vereenvoudiging zitten al onze ondernemingen en bedrijven echter sinds 1 januari 2026 opgescheept met een nieuwe verplichting, namelijk digitale facturatie.
Onze samenleving digitaliseert inderdaad. Dat staat buiten kijf. De vraag rijst echter waarom België de digitale facturatie als eerste West-Europees land moest invoeren, waarom ze onmiddellijk op een veralgemeende manier moest gebeuren en waarom wij vaststellen dat de adoptie van Peppol in dit land tegen totaal verschillende snelheden gebeurt. Vlaanderen is zoals steeds welwillend. Wallonië volgt wat later. Brussel staat volledig stil. Mijnheer de vice-eersteminister, is dat toeval of een constante?
Tot slot heb ik nog enkele bijkomende vragen.
Hoe zal uw administratie omgaan met die enorme toevloed aan data? Worden die gegevens bewaard op goed beveiligde Belgische servers? Welke controles zullen worden uitgevoerd op valse input? Welke data-analyses zullen worden toegestaan op al die facturen?
Hoelang is de ondernemer in dit land dus nog veilig vooraleer hij zich bij de fiscus moet verantwoorden voor zijn facturen?
Ik ben benieuwd naar uw antwoord.
Jan Jambon:
Chers collègues, la loi du 6 février 2024 est entrée en vigueur le 1 er janvier de cette année. Dans cet intervalle, mon administration a travaillé de manière intensive, en étroite et constructive collaboration avec plusieurs organisations du secteur fiscal, afin d’assurer une clarté maximale pour l’ensemble des parties concernées.
Die inspanningen hebben duidelijk resultaten opgeleverd. Op 15 januari van dit jaar waren reeds 920.941 ondernemingen geregistreerd. Het totaal te registreren ondernemingen is 1.191.956. Dat komt overeen met een adoptiegraad van 77,3 %.
Ik ben mij er uiteraard van bewust dat zich in de praktijk nog knelpunten kunnen voordoen. Het gaat hier immers, zoals vaak met deze regering, om ingrijpende hervormingen. Daarom is voor het eerste kwartaal in een tolerantieperiode voorzien, waarover ik ook al duidelijk en breed heb gecommuniceerd.
Un moratoire général n’est toutefois pas envisagé. L’imposition d’une amende dépend toujours des circonstances concrètes. La politique actuelle en matière de sanctions prévoit d’ailleurs déjà que les infractions commises de bonne foi peuvent être remises.
En outre, j’ai explicitement demandé à mon administration d’adopter une attitude aussi souple que possible durant cette phase initiale. J’y veillerai personnellement.
Stéphane Lasseaux:
Monsieur le ministre, merci pour ces précisions. J’entends bien qu’il est demandé à l’administration d’adopter une attitude souple. Il faut évidemment que cela soit appliqué, en tout cas dans ces conditions.
Toutefois, comme vous le disiez à l’instant, il y aurait le cas échéant une demande de remise si une amende était imposée. Nous espérons qu’au moment où une démarche administrative supplémentaire devra être faite soit par le bureau comptable, soit par les indépendants, l’administration suivra bien les recommandations que vous lui avez faites. Merci à vous.
Dieter Keuten:
Dit is Christiane, een vrouw van 91 die nog zo graag wilde doorgaan met haar winkeltje, maar nu moet stoppen. (De spreker toont een foto.) Zo zijn er duizenden ondernemers in dit land, laaggeschoolden, digitaal minder vaardigen of bijberoepers die misschien maar één factuurtje per maand versturen. Zij beslissen nu dat het voor hen niet meer nodig is, zij gooien de handdoek in de ring. Het aantal faillissementen staat op recordhoogte, mijnheer de vicepremier. De nieuwe maatregel zal niet helpen. Is dat nieuwe welvaart creëren? In uw regeerakkoord is sprake van administratieve vereenvoudiging, maar u doet het omgekeerde. In uw regeerakkoord staat om steeds een niet-digitaal alternatief te voorzien, maar u doet het omgekeerde. In uw regeerakkoord staat om niet aan goldplating te doen, maar u doet het omgekeerde. Het is nooit te laat om uw fouten in te zien. Stop invoice control , maak werk van een goed bereikbaar centraal aanspreekpunt. Geef uitstel.
De Einsteinrekening en het idee van een wet-Cooreman-De Clercq 2.0
Gesteld door
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Di Nunzio bekritiseert dat de regering beleggen ontmoedigt met extra taksen (effecten-, meerwaarde-, exittaks) en stelt dat spaargeld door inflatie collectief verarmt, terwijl zijn Einsteinrekening (fiscaal voordelig beleggen voor minderjarigen, tot €100/maand) volgens hem economische groei en welvaart zou stimuleren. Minister Jambon wijst op lopende fiscaliteitshervormingen (afschaffing van 6 taksen, vereenvoudiging personenbelasting) en aankomende maatregelen zoals een beurstaksherziening en taxshelters voor start-ups, maar benadrukt dat Di Nunzio’s voorstel niet in het regeerakkoord staat. Di Nunzio repliceert dat Jambons plannen te complex en onvoldoende zijn en dringt aan op adoptie van zijn model, verwijzend naar het eerdere succes van de wet Cooreman-De Clercq om beleggen te democratiseren.
Voorzitter:
Collega Di Nunzio heeft een vraag over de Einsteinrekening, niet met de telescoop te verwarren. De heer Di Nunzio doet zijn vestje uit. Het wordt een gespierde tussenkomst.
Sandro Di Nunzio:
Mijnheer de minister, collega’s, ik sta hier vandaag omdat ik graag een bekentenis wil doen. Ik wil uit de kast komen als belegger. Ik ben een belegger, een kleine belegger weliswaar. Ik beleg voor mezelf, maar vooral ook voor mijn gezin en voor mijn kinderen. Ik moet eerlijk toegeven, mijnheer de minister, dat ik mij daarin niet gesteund voel door u en door de regering, helaas. Beleggen is als het ware het nieuwe roken geworden. Het is iets wat wordt ontmoedigd, naar beneden wordt gehaald en tegengewerkt. Elk voorstel dat u en uw regering doen, komt neer op het heffen van taksen, taks op taks. Het gaat om de verdubbeling van de effectentaks, de creatie van die draak van een wet van een meerwaardetaks en de invoering van een nieuwe taks, de exittaks.
Dat gebeurt terwijl er 300 miljard euro op de spaarrekeningen staat, geld dat minder opbrengt dan de inflatie, waardoor we collectief verarmen. Ik moet zeggen dat ik dat niet begrijp. Beleggers begrijpen dat ook niet, en jongeren die massaal hun weg vinden richting crypto- en andere beleggingen begrijpen dat evenmin.
Mijnheer de minister, het kan anders. Anders! In plaats van te belasten, kunt u het ook fiscaal aantrekkelijk maken. U hebt het ongetwijfeld gezien: wij hebben de Einsteinrekening als voorstel gelanceerd. Met die rekening willen we het fiscaal aantrekkelijk maken voor mensen om te beleggen voor hun minderjarigen, tot 100 euro per maand. Als we dat doen van 0 tot 65 jaar, genereren we een bedrag van 1,4 miljoen euro. Dat geld gaat naar starters en naar goede bedrijven en geeft zuurstof aan onze economie.
Mijnheer de minister, mijn vraag aan u is dan ook zeer eenvoudig. Wat vindt u van ons voorstel? Wat vindt u van de Einsteinrekening?
Jan Jambon:
Mijnheer de voorzitter, ik zal geen allusies maken op Einstein of citaten aanhalen.
Mijnheer Di Nunzio, naast het voorstel van de Einsteinrekening las ik ook het volgende in de krant: "We vertrekken van een wit blad. Er zijn geen taboes, geen dogma’s. Er moet werk worden gemaakt van een fiscale tabula rasa. We willen komaf maken met te veel codes op de belastingbrief." Ik kan u geruststellen: deze regering doet dat. Anders, punt.
Met de wet lagere kosten was het onze bedoeling om vier taksen af te schaffen. U herinnert zich dat, mijnheer Van Quickenborne. Het zijn er uiteindelijk zes geworden. Bedankt voor uw insteek, want dat heeft de belastingbetaler ongelooflijk veel geld opgebracht. We hebben er zes taksen van gemaakt.
Met de vorige wetsontwerpen maakten we al komaf met allerlei uitzonderingen in onze fiscaliteit: de aftrek voor huisbedienden, de belastingvermindering voor elektrische motorfietsen en de belastingvermindering voor private privaks. Dat waren allemaal verminderingen waarvan betrekkelijk weinig mensen gebruikmaken.
Met de hervorming van de personenbelasting, die we binnenkort in de commissie zullen bespreken, wordt begonnen met de afbouw van allerlei uitzonderingen in onze fiscaliteit, van de huwelijkscoëfficiënt tot de toeslagen op de belastingvrije som. Dat zijn niet altijd prettige maatregelen, maar ze zijn wel noodzakelijk om onze fiscaliteit moderner en eenvoudiger te maken.
Er komt een hervorming en modernisering van de beurstaks, een hervorming van het gereglementeerd sparen en een variant op de wet Cooreman-De Clercq. Daarmee kom ik dicht bij uw vraag. Het gaat om de hervorming van de bestaande taxshelters voor start-ups en scale-ups.
Al die wetsontwerpen zullen nog dit jaar op de regeringstafel besproken worden. Ik kijk dan ook uit naar de steun van de collega’s van Anders, punt, voor die wetsontwerpen.
Over uw idee met betrekking tot de Einsteinrekening, dat uw partij maandag lanceerde, staat uiteraard niets in het regeerakkoord. (…)
Voorzitter:
Bedankt, mijnheer de minister. Uw spreektijd is om.
Sandro Di Nunzio:
Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. U verwijst naar de wet Cooreman-De Clercq. Dat is goed. We moeten mensen inderdaad massaal terug naar de beurs krijgen, zoals dat destijds ook via die wet is gebeurd. U kondigt weliswaar een maatregel aan, maar u doet er niets of alleszins veel te weinig mee. We hebben dat ook gehoord van de experts, toen het in de commissie over de meerwaardetaks ging. U maakt de dingen nodeloos complex en u zorgt ervoor dat investeringen en beleggingen worden afgeremd. Dat is dus exact het tegenovergestelde. Laat ons u helpen om het daadwerkelijk anders te doen. Het voorstel van de Einsteinrekening wordt binnenkort ingediend. Ik zou zeggen: omarm dat, steun dat, kopieer dat desnoods, zorg dat het wordt uitgevoerd. Op die manier maakt u iedereen belegger. Zo zorgt u ervoor dat de mensen meer centen overhouden dan wat hun spaargeld zou opbrengen. Zo zorgt u er ook voor dat er meer geld terechtkomt in onze economie en onze welvaart.
De terugkeer van Syriërs
Gesteld door
Gesteld aan
N-VA Anneleen Van Bossuyt (Minister van Asiel en Migratie, en Maatschappelijke Integratie)
op 22 januari 2026
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Francesca Van Belleghem bekritiseert dat België met een vrijwillige terugkeerstimulus van 5.000 euro (een "dikke wortel") en geen gedwongen terugkeer ("stok") Syriërs niet afschrikt, maar juist aantrekt door generieke sociale voordelen (leefloon, woning, zorg) die aantrekkelijker zijn dan terugkeer—terwijl vorig jaar slechts 217 Syriërs vrijwillig vertrokken (0,02% van de wereldwijde terugkeer) en 1.400 nieuwe asielaanvragen werden ingediend. Ze beschuldigt de regering van falend beleid: 0 gedwongen terugkeeren in 2023, ondanks >30.000 Syriërs in België, en wijst op 108 miljoen euro aan leeflonen (2024) als "magnetische" factor voor migratie. Minister Jan Jambon (namens Nicole Van Bossuyt) verdedigt het nieuwe, degressieve terugkeermodel (met hogere premies voor snellere terugkeer en stopzetting bij misbruik) en kondigt een gedwongen-terugkeermissie naar Syrië in 2026 aan, maar benadrukt dat België niet alleen staat: EU-landen zoals Denemarken bieden 30.000 euro per persoon—zonder dat dit massale terugkeer garandeert. Van Belleghem ontkent elk effect en herhaalt haar stelling dat België’s sociale systeem "walhalla voor massamigratie" blijft zolang toegang behouden blijft.
Francesca Van Belleghem:
Mijnheer de minister, sinds de val van Assad keerden wereldwijd 1,2 miljoen Syriërs terug naar hun land van herkomst. Het aandeel van België in die 1,2 miljoen bedraagt 0,02 %. Vorig jaar keerden 217 Syriërs terug. Intussen zijn er, terwijl er 217 terugkeerden, 6 keer meer bijgekomen, want 1.400 Syriërs dienden een asielaanvraag in. Welk dictatoriaal regime er in Syrië ook aan de macht is, Syriërs blijven toestromen in dit land en bijna niemand keert terug. Nu houdt u hun een dikke, vette wortel van 5.000 euro voor de neus om vrijwillig terug te keren.
U hebt echter niet alleen een dikke, vette wortel nodig, maar ook een stok achter de deur. Als er geen gedwongen terugkeer is, zullen die mensen ook niet vrijwillig terugkeren. Bovendien staan ze hier binnen de kortste keren terug.
Wat denkt u immers dat aantrekkelijker is: levenslang een leefloon ontvangen, levenslang een sociale woning krijgen, gratis onderwijs en gratis medische zorg of eenmalig een premie van 5.000 euro ontvangen? Op die vraag hoeft u straks al niet meer te antwoorden, mijnheer de minister, want iedereen kent het antwoord.
Wanneer gaat u werk maken van deze problematiek? Wanneer gaat dit land werk maken van het gedwongen terugsturen van Syriërs naar het land van herkomst, zonder daarbij te wachten op de Europese Unie? Hoe zult u ervoor zorgen dat die premie van 5.000 euro er niet toe leidt dat nog meer Syriërs naar dit land komen? Ik dank u.
Jan Jambon:
Mevrouw Van Belleghem, de minister van Asiel en Migratie, mevrouw Van Bossuyt, is momenteel verhinderd om hier te antwoorden. Ze neemt deel aan de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken, in dezelfde straat als wij en hier niet zo ver vandaan, waar onder andere de terugkeer van Syriërs naar hun land van herkomst op de agenda staat. Ik geef daarom in haar naam een antwoord op uw vraag.
De door minister Van Bossuyt aangekondigde aanpassing van de regeling voor vrijwillige terugkeer naar Syrië kadert in een volledig nieuw model van re-integratiesteun. Daarbij zullen we meer differentiëren op basis van nationaliteit en hanteren we een degressief model, naargelang de betrokkene zich al dan niet nog in een asielprocedure bevindt en al dan niet beroep aantekent na een negatieve beslissing. Hoe sneller mensen terugkeren naar het land van herkomst, hoe beter dat is voor de mensen zelf en hoe minder de opvangkosten oplopen. Als misbruik wordt vermoed, zetten we de steun stop, zoals eerder gebeurde voor Moldavië en Brazilië.
Met dit beleid staan we overigens niet alleen. Meerdere EU-lidstaten passen een gelijkaardig systeem toe, vaak met veel hogere bedragen. Denemarken bijvoorbeeld – een land waarmee u vaak de vergelijking maakt – voorziet een terugkeerondersteuning van 30.000 euro per persoon.
Deze regering investeert ook fors in gedwongen terugkeer. In het voorjaar van 2026 is in dat kader een missie naar Syrië gepland, om ter plaatse de terugkeer met de autoriteiten te bespreken. Terugkeer is jarenlang de achilleshiel van het asiel- en migratiebeleid geweest. Wij grijpen daarom nu in. Mensen die hier niet horen te zijn, moeten sneller vertrekken, zeker wanneer ze onze veiligheid bedreigen. Zo kunnen we de druk op onze samenleving eindelijk verlichten, dixit de minister van Asiel en Migratie.
Voorzitter:
Mevrouw Van Belleghem, u hebt een scorebord bij, zie ik.
Francesca Van Belleghem:
Vorig jaar, een dikke vette nul! (De spreker toont bij elk vernoemd bedrag een groot bord met de cijfers erop.) Nul Syriërs zijn gedwongen teruggestuurd naar hun land van herkomst. We lazen in de pers dat na de val van Assad Syriërs massaal vrijwillig zouden terugkeren. Hoeveel zijn er teruggestuurd? Dat waren er 217! Ik zal u zeggen hoeveel Syriërs er in dit land wonen. Meer dan 30.000! Ik zal u ook zeggen waarom ze niet vrijwillig terugkeren naar hun land van herkomst. Omdat in 2024 meer dan 10.000 Syriërs een leefloon kregen, goed voor 108 miljoen euro! Zolang onze sociale zekerheid blijft openstaan voor de hele wereld, blijft België het walhalla voor massamigratie, minister. Dat is de waarheid. Ik heb dat vorige week gezegd en ik zal dat blijven zeggen.
De open brief van het personeel van Securail
Gesteld door
Gesteld aan
Les Engagés Jean-Luc Crucke (Minister van Mobiliteit, Klimaat en Ecologische Transitie)
op 22 januari 2026
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Frank Troosters (Vlaams Belang) bekritiseert de weigering van de N-VA om een hoorzitting over Securails veiligheidscrisis (ondersteuningsgebrek, vertrouwensverlies, noodkreten van agenten) toe te staan, noemt dit "inconsequent" (eerder zelf kritisch toen in oppositie) en wijst op hun eigen rol in de afbouw van spoorwegpolitie (259 agenten minder). Minister Crucke belooft pas concrete antwoorden na februari 2026 (afspraak met Infrabel-CEO) en bevestigt dat veiligheid "belangrijk" is, maar biedt geen directe oplossingen. Troosters beschuldigt N-VA en minister van "onbetrouwbaarheid" en claimt dat enkel Vlaams Belang de Securail-agenten echt verdedigt.
Frank Troosters:
Mijnheer de minister, collega’s, de agenten van Securail hebben vorige week een nieuwe open brief gericht aan de beleidsmakers, de politiek en de NMBS-top. Het is al hun derde brief. Wij hebben het al meermaals gehad over wat daarin staat. Zij klagen hun werkomstandigheden aan. Zij hebben schrik voor hun veiligheid. Zij krijgen te weinig politionele ondersteuning bij crisissituaties. Wij weten uit het verleden ook dat ze een vertrouwenscrisis met hun eigen leiding hadden.
Na hun tweede brief hebben wij met het Vlaams Belang gevraagd om in de commissie voor Mobiliteit een hoorzitting met de nieuwe leidinggevende van Securail te organiseren. Dat werd toen door de meerderheid onmogelijk gemaakt. De N-VA-fractie zei dat de veiligheid bij het spoor bij Bart de Wever op tafel lag. Daarom kon er in de commissie geen hoorzitting plaatsvinden.
Nu, na hun derde brief, die een regelrechte noodkreet is, hebben wij gisteren in de commissie voor Mobiliteit opnieuw een hoorzitting met de nieuwe leidinggevende van Securail gevraagd. Opnieuw wordt dat geblokkeerd. Deze keer kregen we van de N-VA-fractie te horen dat u en uw collega van Binnenlandse Zaken, minister Quintin, ermee bezig zijn.
Ik vind het ontstellend wrang om dat te moeten horen uit de mond van iemand van de N-VA, die daar in de vorige legislatuur zelf tegen in het verweer kwam. Toen hun wetgevend initiatief werd afgeblokt, omdat minister Gilkinet zei dat hij ermee bezig was, vonden ze dat een schande. Ze vonden dat de commissie in het Parlement vrij moest kunnen werken.
Nu volstaat het volgens dezelfde fractie dat er ergens op een bureel van een minister misschien ergens iets zou kunnen liggen waarmee ze in de toekomst mogelijks iets zouden kunnen doen om een commissiewerking, een gedachtewisseling met een leidinggevende van Securail, maandenlang te blokkeren. Ik vind het ongezien hoe men het Securailpersoneel en de treinreizigers in de steek laat. Het is onbetrouwbaar en het is inconsequent.
Vandaar mijn vraag, mijnheer de minister. U zou ermee bezig zijn. Waar bent u mee bezig?
Jean-Luc Crucke:
Mijnheer Troosters, u spreekt mij aan over een nieuwe openbare brief van Securail, met name van de agenten van Securail. Ik heb die openbare brief persoonlijk niet ontvangen, maar dat wil niet zeggen dat hij niet bestaat.
Wij hebben samen al een paar keer gesproken over het probleem van de veiligheid binnen Securail en voor de werknemers van Securail. Ik had met de CEO van Infrabel afgesproken dat wij midden februari 2026 een stand van zaken zouden opmaken. Ik heb dus midden februari 2026 een afspraak met de CEO. Ik zal u daarover meer inlichtingen kunnen geven. Ik houd de zaak in het oog. De veiligheid van de mensen die daar werken, is immers belangrijk.
U weet dat wij ook al een paar oplossingen hebben gevonden. Er zullen nog andere oplossingen moeten komen. In elk geval kan ik u na midden februari 2026 duidelijke antwoorden geven.
Frank Troosters:
Mijnheer de minister, ik dank u voor het povere antwoord, maar dat verbaast mij niet. Ik leef ook niet echt op hoop als ik de lange geschiedenis bekijk.
Twee legislaturen geleden hadden wij onder de Zweedse regering een N-VA-minister van Binnenlandse Zaken. Hij heeft de spoorwegpolitie afgebouwd van 724 agenten naar 465 agenten, zijnde 259 agenten minder binnen de spoorwegpolitie. Als vandaag de agenten van Securail klagen dat er geen spoorwegpolitie is om hen te ondersteunen, dan zit daar de oorzaak.
Als diezelfde fractie dan een legislatuur later, dus tijdens de vorige legislatuur, in de oppositie zit, gaat ze plots mee aanklagen dat er een gebrek aan veiligheid is binnen het spoor, zijnde een gebrek dat ze zelf mee heeft gecreëerd, om dan nu in de meerderheid opnieuw op de rem te staan om een hoorzitting over die veiligheid te houden. Dat is ongezien en onbetrouwbaar. Met een dergelijke partner zult u nooit veel kunnen realiseren.
Er is maar één geloofwaardige partij die onze mensen wil beschermen en dat is het Vlaams Belang.
Voorzitter:
Ik zie dat u uw eigen fractie daar ook van hebt overtuigd.
De lamlegging van het land gedurende een week door de zoveelste staking van de NMBS
De spoorstaking in januari
De spoorstaking van eind januari
De spoorstakingen
De aanhoudende spoorstakingen en hun impact op het land
Gesteld aan
Les Engagés Jean-Luc Crucke (Minister van Mobiliteit, Klimaat en Ecologische Transitie)
op 22 januari 2026
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
De herhaalde stakingen bij SNCB/Infrabel (in 2025-2026, met een record van 27+ stakingsdagen) worden door oppositiepartijen (Foret, Troosters, Jacquet) toegeschreven aan een gefaald sociaal overleg en onaanvaardbare hervormingen van minister Crucke, met name de afschaffing van statutaire contracten, pensioenwijzigingen, slechte arbeidsomstandigheden (veiligheid, welzijn, onvoorspelbare dienstroosters) en een verzwakt HR-beleid. Jacquet (PTB) bekritiseert dat de regering "oorlog voert tegen spoorwerkers" en waarschuwt voor een exodus van personeel, terwijl Troosters (N-VA) stelt dat de spoorsector "op apegapen ligt" met 45.000 geschrapte treinen, achteruitgang in stiptheid en comfort, en geen voorbereiding op de liberalisering in 2032. Minister Crucke (MR) verdedigt de hervormingen als "noodzakelijk voor een competitief spoor in 2032", benadrukt dat bestaande statuten behouden blijven en dat de kosten van het huidige systeem (150 miljoen extra patronale bijdragen) onhoudbaar zijn. Hij wijt de stakingen aan syndicale basisweigeringen (tweemaal ondertekende akkoorden werden door de leden verworpen) en eist parlementssteun om de transitie door te voeren, met focus op veiligheid, efficiëntie en Europese concurrentie. Foret (MR) en Hiligsmann (MR) steunen de minister, terwijl Jacquet (PTB) de hervormingen als "aanval op de openbare dienst" bestempelt en verdere stakingen aankondigt.
Gilles Foret:
Monsieur le ministre, ce dimanche soir débutera une nouvelle grève de cinq jours à la SNCB, avec une impression de déjà-vu. Après une année 2025 déjà marquée par un record de vingt-sept jours de grève, l’année 2026 commence sous le même signe, celui d’un rail imprévisible et de plus en plus difficilement praticable pour nos concitoyens.
Ces annonces syndicales d’actions en cascade sont révélatrices du niveau de rupture du dialogue social. Pendant ce temps, les navetteurs, les étudiants, les familles, les travailleurs et les entreprises subissent les conséquences d’un service ferroviaire instable.
Les motifs de ces grèves sont connus. Il s’agit des pensions et de la fin des engagements statutaires à la SNCB et à Infrabel. Ce ne sont pas les revendications en elles-mêmes qui posent problème, mais l’ampleur, la durée et la fréquence des actions, totalement déconnectées des réalités vécues par les usagers. La SNCB elle-même parle d’actions inacceptables, injustifiées et disproportionnées.
Certes, depuis 2018, nous disposons d’un service garanti qui amoindrit les conséquences préjudiciables de ces grèves. Je tiens d’ailleurs à saluer ici les membres du personnel de la SNCB et d’Infrabel qui se rendront disponibles pour assurer le service. En tant que libéraux, nous défendons le droit de grève, mais nous défendons tout autant le droit à la mobilité et à la liberté de se rendre sur son lieu de travail.
Malheureusement, aujourd’hui, ces droits sont frontalement mis en tension par des grèves à répétition. Alors, monsieur le ministre, mes questions sont les suivantes. Comment expliquez-vous la dégradation du dialogue social dans le rail? Comment comptez-vous faire pour le rétablir concrètement et durablement? Vous rencontrez régulièrement les syndicats. Avec quels objectifs précis? Quels résultats attendus? Comment comptez-vous les ramener dans une logique de concertation plutôt que d’affrontement? Je vous remercie.
Frank Troosters:
Mijnheer de minister, deze vraag gaat over de spoorstakingen. Ik had misschien niet veel sympathie voor uw voorganger, de heer Gilkinet, maar ik had soms wel te doen met hem, want hij werd eigenlijk een beetje uitgelachen. Het was eerder zuur lachen, misschien is het beter om het te hebben over groen lachen, omdat hij de minister was met de meeste stakingsdagen tijdens zijn beleid.
Dat record hebt u vorig jaar ruim gebroken en het lijkt in 2026 niet beter te worden. Volgende week komt er een vijfdaagse staking, wat ongezien is. Als er vorige legislatuur een staking kwam van twee of drie dagen, was dat al ongezien. Nu zijn het er vijf en wordt eigenlijk nog amper opgekeken. Als dit jaar de rekening van het aantal stakingsdagen verder oploopt ten opzichte van met 2025, komen we misschien wel op ongeveer een volle maand staking op jaarbasis uit. Dat is natuurlijk niet aangenaam voor de treinreizigers.
Er zijn een aantal oorzaken. In de eerste plaats is er het sociaal conflict van uw regering, waarvan u deel uitmaakt, met de mensen die actief zijn bij het spoor. U hebt daarvoor twee keer een oplossing aangekondigd, de eerste keer zelfs behoorlijk triomfantelijk. Die oplossingen zijn van tafel geveegd. Verder zijn er nog andere problemen, onder meer inzake welzijn en inzake de arbeidsomstandigheden van het spoorpersoneel. Er is een gebrek aan veiligheid, waarover we daarnet al spraken. Eerlijk gezegd zie ik heel veel redenen waarom het dit jaar wel eens veel verder zou kunnen foutlopen inzake spoorstakingen.
Wat de oorzaken ook mogen zijn of wie de schuldigen ook mogen zijn, de treinreizigers zijn er het slachtoffer van. Zij verdienen gewoon een veel betere dienstverlening dan degene ze nu krijgen, zelfs wanneer alles normaal zou verlopen.
Wat zult u doen om te voorkomen dat het aantal stakingsdagen bij het spoor dit jaar nog hoger oploopt dan het voorbije jaar en om ervoor te zorgen dat de treinreizigers verzekerd kunnen zijn van een goede en betrouwbare dienstverlening, waarop ze recht hebben?
Farah Jacquet:
Monsieur le ministre, comme le montre l’actualité, le dialogue avec les organisations syndicales est au point mort. En définitive, ce qu’ils obtiennent est pire que ce dont ils ne voulaient pas au début de vos négociations.
Votre gouvernement attaque le rail sur quatre fronts, monsieur le ministre. Tout d’abord, la fin des statuts débouche sur une moindre sécurité de l’emploi, alors que les horaires sont de plus en plus pénibles. Sans mentir, je peux vous montrer la fiche horaire d’un accompagnateur de train de Charleroi. On peut y lire: "Lundi: 6 h 30; mardi: 5 h 30; mercredi: réserve (mais on ne sait pas encore ce qu'il fait); jeudi: 5 h 25; vendredi: 3 h 55". Et je vous indique qu'il avait demandé congé! Faute de personnel en nombre suffisant, certains congés ne sont pas accordés. Par ailleurs, les agents sont de plus en plus exposés aux agressions. Dans ces conditions, soyons honnêtes: qui va encore souhaiter travailler pour les chemins de fer? À terme, c'est aussi la sécurité des voyageurs et la qualité du service public qui sont mises en péril.
Ensuite, vous contribuez à affaiblir les syndicats, avec pour conséquence d'empêcher un vrai dialogue avec les acteurs de terrain. Puis, le démantèlement de HR Rail éloigne les décisions des réalités vécues par les cheminots. Enfin, vous vous en prenez aux retraites, alors que les carrières sont déjà longues et pénibles.
Monsieur le ministre, une telle accumulation suscite de la colère chez les gens, mais pas seulement. Nous en avons déjà parlé ici et même discuté encore hier. Le mal-être dans les chemins de fer est profond. Toutes les décisions que vous prenez n'arrangeront rien.
Voici mes questions, monsieur le ministre. Quand allez-vous enfin entendre le malaise des cheminots et changer de cap? Quand allez-vous faire preuve d'ambition pour le rail et pour les voyageurs?
Serge Hiligsmann:
Monsieur le ministre, je vous remercie d’être présent pour écouter ces différentes interpellations que nous vous adressons aujourd’hui.
En tant que navetteur convaincu par l’intermodalité et par la mobilité durable – tout comme vous d’ailleurs –, je suis heureux et fier que vous soyez notre ministre responsable du service public ferroviaire. Vous avez pris à bras ‑ le ‑ corps l ’ orientation pour 2032 et la lib é ralisation du chemin de fer au niveau europ é en. Vous avez d é pos é des propositions qui ont é t é accept é es et approuvées par le Conseil des ministres concernant la modélisation de la gestion des ressources humaines ainsi que la continuité et la qualité du service.
Malheureusement, une énième grève est annoncée la semaine prochaine. Elle va plomber l’atmosphère des utilisateurs, des équipes d’opérateurs et également de la concertation. Certains utilisateurs pourraient se détourner du rail et de la mobilité publique. Cela ne sera évidemment pas mon cas.
Monsieur le ministre, pouvez ‑ vous nous rappeler les grandes orientations que vous d é fendez pour la transition apr è s 2032? Comment garantir que la SNCB sera pr ê te apr è s 2032, comp é titive chez nous mais aussi capable d ’ obtenir des parts de march é à l ’é tranger, notamment en France? Et surtout, comment assurer la s é curit é des utilisateurs et des é quipes d ’ op é rateurs sur le terrain?
Je vous remercie.
Jean-Luc Crucke:
Geachte Kamerleden, ik wil vooreerst duidelijk benadrukken dat het stakingsrecht een grondrecht is, maar dat het niet mag leiden tot een herhaalde en langdurige blokkade van het land.
De aangekondigde actie is van nationale omvang en zal een week lang een aanzienlijk impact hebben op alle reizigers. Ik begrijp de teleurstelling en de bezorgdheden van het personeel, maar ik wil er ook op wijzen dat de goedgekeurde hervormingen noodzakelijk zijn om de NMBS en Infrabel voor te bereiden op de grote uitdagingen die hen tegen 2032 te wachten staan. De deur voor dialoog heeft lang en wijd opengestaan en dat zal zo blijven voor andere dossiers die overleg en gezamenlijke uitwerking vereisen.
Chers collègues, il y a un temps pour tout. Le dialogue social a été tenté – et plus que tenté. À deux reprises, nous avons signé un accord avec les organisations syndicales reconnues. Je n'ai forcé aucun syndicaliste à signer. Personne n'a été lié sur sa chaise pour signer. Ils ont volontairement signé à deux reprises. J'étais prêt à prendre mes responsabilités avec le gouvernement. À deux reprises – et c'est son droit aussi – la base a refusé ces accords.
Mais il y a un temps pour tout. Le temps de la décision du Parlement est la bonne météo du jour. C'est ce que le Parlement fera, je l'espère, lorsque les textes viendront. C'est ce que le gouvernement a fait. On ne peut pas reprocher au gouvernement de ne pas vouloir avancer comme prévu dans l'accord de gouvernement.
Ce que nous faisons, c'est amener le rail à affronter 2032 de manière moderne, avec force et avec son personnel. Ce n'est pas une réforme contre le personnel. Ce n'est pas une réforme contre les usagers. C'est une réforme qui aurait sans doute dû débuter bien plus tôt. Mais le dossier était vide; et le dossier, nous le remplissons.
Une des mesures touchera effectivement aux statuts. Devons-nous accepter dans le rail 150 millions d'euros de charges patronales en plus pour les années à venir? Les statuts, comme les contrats, subissent des charges patronales.
Qui paye ces charges? Tout le monde. Ceux qui prennent le rail, comme ceux qui ne le prennent pas. Nous n'avons pas les moyens de payer cela. Et le rail le sait.
Oui c'est prendre ses responsabilités que de dire aux travailleurs, quand le statut n'existe plus en France, plus au Luxembourg, plus en Hollande, plus aux Pays-Bas, que nous sommes les derniers à vivre avec un statut qui manque de flexibilité! C'est prendre ses responsabilités, en amenant le rail en 2032, avec un personnel qui est certes courageux, je le reconnais, qui est certes volontaire, je le reconnais, mais qui doit accepter aussi des évolutions nécessaires, de sorte à éviter le sort de la Deutsche Bahn: 40 % des lots de la Deutsche Bahn sont aux mains d'opérateurs non historiques.
Peut-être y aura-t-il encore des grèves. Mais j'ai tenté la négociation. J’ai tenté jusqu'au bout de prendre mes responsabilités, mais il est temps maintenant de prendre nos responsabilités dans ce Parlement. Je conduirai le rail, avec le CEO, avec les syndicats, avec tous ceux qui veulent encore croire en une mobilité publique, en un transport public, qui est un transport reconnu. Je vais le faire pour qu'en 2032, même si je ne suis plus là, on puisse dire que ce gouvernement aura pris ses responsabilités. Je regarde devant et pas derrière.
Pour tous ceux qui sont tant attachés à leur statut, personne ne perdra son statut. C'est une réforme qui ne touche à aucun droit statutaire. Tous ceux qui ont leur statut, tous ceux qui ont leur contrat – mais oui, à la SNCB et chez Infrarail, il y a aussi du personnel sous un contrat; et ils ne s'en plaignent pas, comme vous le pensez tous les jours – le garderont. Rien ne change pour eux.
Nous changeons pour l'avenir, de manière à ce qu’à l'avenir, ce rail soit compétitif, compétent, mais aussi pour que ceux qui comme moi prennent le train tous les jours soient heureux de le prendre.
Gilles Foret:
Monsieur le ministre, je vous remercie pour votre réponse et surtout je vous suis reconnaissant d’assumer les réformes indispensables pour renforcer notre rail, le rendre plus confortable et surtout plus robuste, et faire en sorte qu’il soit pérenne, car notre transport public en a besoin. Nous devons en effet pouvoir garantir à nos concitoyens cette fiabilité, cette prévisibilité qu'ils attendent tous les jours pour se rendre sur leur lieu de soins ou leur lieu de travail et pour circuler librement dans notre pays. C'est important et nous prendrons notre responsabilité ici, au Parlement.
Nous maintiendrons évidemment, et vous aussi, un esprit de dialogue, mais il est important de prendre les décisions et de renforcer le rail. J'espère que ces décisions interviendront prochainement dans cet hémicycle. Vous pourrez en tout cas compter sur nous pour faire en sorte que ce rail soit renforcé pour l'avenir et pour nos concitoyens.
Frank Troosters:
Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord.
Dit is de eerste keer dat ik u zo vurig en zelfs een beetje boos heb gezien. Na een jaar schrik ik daar toch een beetje van.
Ik begrijp u echter wel. Er komen natuurlijk enorme uitdagingen op u af richting 2032. De Belgische markt voor het personenvervoer zal dan worden opengesteld voor andere operatoren, maar er is weinig tot niets voorbereid. Het spoor ligt op dit moment op apegapen. We hebben een recordaantal stakingen en een gebrekkige stiptheid, die een beetje wordt opgekalefaterd door haltes voorbij te rijden. We hebben meer dan 45.000 afgeschafte treinen. Er is een gebrek aan veiligheid en er zijn welzijnsproblemen bij het personeel. Er is een gebrek aan comfort, aan dataverbindingen en aan toegankelijkheid, om er maar enkele te noemen. Ik heb het voorbije jaar, het eerste jaar van de regering-De Wever, de toestand alleen maar verder zien achteruitgaan. Er komen dus ongelofelijke uitdagingen op u af. Ga aan de slag en zorg voor een omkeer. Zorg ervoor dat de treinreizigers de betrouwbare dienstverlening krijgen die ze verwachten.
Farah Jacquet:
Monsieur le ministre, votre réponse ne me convient pas. Vous n’admettez pas que votre politique est mauvaise. Ce sont les travailleurs de terrain qui font fonctionner le service et il est normal qu’ils aient aussi leur mot à dire.
Ce sont vos réformes qui mettent en danger le personnel et les voyageurs. Vous vous étonnez ensuite qu’ils fassent grève, alors que vous ne les écoutez pas et que vous ne les respectez pas. Je dis vous, mais il n’y a pas que vous. Vooruit aussi est concerné. Membres de Vooruit, pourquoi n’êtes-vous pas intervenus cette semaine? La semaine dernière encore, face à la vague de suicides dans le rail, c’était l’émoi. Tout le monde demandait une audition. Or, cette semaine, c’est le silence radio. Pire encore, on quitte la salle avant le vote. Contrairement à ce que vous affirmez, vous ne protégez pas les travailleurs, bien au contraire.
L’objectif de l’Arizona, on le sait, est de démanteler le service public. Mais comptez sur nous pour ne pas nous laisser faire. Nous soutiendrons les travailleurs et les organisations syndicales lorsqu’ils se mettront en grève.
Serge Hiligsmann:
Merci, monsieur le ministre, pour vos démarches qui vont dans le sens d’augmenter la qualité de notre service public ferroviaire, de l’améliorer au jour le jour et de faire en sorte qu’il soit compétitif au-delà de 2032. Vous avez tout mon soutien, ainsi que celui de nombreux usagers et des équipes d’opérateurs.
De veiligheid in onze stations
De politieaanwezigheid in het station Luik-Guillemins
Veiligheid en politieaanwezigheid in stations
Gesteld door
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Maaike De Vreese bekritiseert dat Securail-agenten en spoorwegpolitie (met bezettingsgraden onder 50% in Vlaanderen) onvoldoende beschermd zijn tegen escalerend geweld—inclusief wapenaanvallen—en eist concrete uitvoering van regeerakkoordmaatregelen, zoals een duidelijke taakverdeling tussen veiligheidsdiensten. Sophie Thémont beschuldigt de regering van bewuste onderfinanciering (o.a. sluiting opvangstructuren, Plan Grand Froid) die sociale nood in stations (bv. Luik-Guillemins) verergert, en noemt de veiligheidsinvesteringen (camera’s, politie-inzet) onvoldoende en neerwaarts gericht op personeelsrechten. Namens minister Quintin belooft Eléonore Simonet versterkt veiligheidscontinuüm (realtime cameratoegang voor lokale politie, 20 extra agenten in Brussel-Zuid, bodycams, betere juridische samenwerking) en gerichte acties (bv. drugscriminaliteit via TECOV-platform), maar De Vreese en Thémont ontkennen de effectiviteit: de eerste wijst op structurele onderbezetting en gebrek aan mandaat voor Securail, de tweede noemt het beleid "volkomen losgekoppeld van de realiteit" en eist budtaire herstelmaatregelen.
Maaike De Vreese:
Mevrouw de minister, ik sta hier vandaag om de stem te vertolken van alle mensen die in onze treinen en stations instaan voor de veiligheid van de treinreizigers. De veiligheidsagenten van Securail trekken niet voor de eerste keer aan de alarmbel. Deze dienst werd opgericht aan het begin van deze eeuw, maar is in 2025 niet meer aangepast aan de dagelijkse realiteit. De veiligheidsagenten worden immers steeds vaker geconfronteerd met verbale en fysieke agressie. Ze worden zelfs aangevallen met wapens en messen.
Kort na mijn verkiezing als Kamerlid benaderde een veiligheidsagent mij en hij vertrouwde me toe dat hij zich helemaal niet meer veilig voelde. Hij doet zijn job met hart en ziel, maar hij vraagt zich af of hij zijn job nog verder wil doen en of het nog verantwoord is ten opzichte van zijn gezin, aangezien hij vreest dat het vroeg of laat uit de hand zal lopen.
Ook de spoorwegpolitie slaakt een noodkreet, want zij zijn volledig onderbemand, zeker in Vlaanderen. De bezettingsgraad in Brussel bedraagt 110 %, in Wallonië 70 % à 80 % en in Vlaanderen nog geen 50 %. Zowel Securail als de spoorwegpolitie slaken een noodkreet. Minister, het regeerakkoord bevat heel wat maatregelen met betrekking tot deze problematiek. U bent daarmee bezig, maar op basis van wat ik hoor, kan ik alleen maar vaststellen dat dit nog niet doorwerkt op het terrein.
Op welke manier zult u ervoor zorgen dat de maatregelen die deze federale regering voorziet ook voelbaar zijn op het terrein?
Sophie Thémont:
Madame la ministre, nos gares sont un miroir de la société et sont des lieux publics en première ligne face à la politique d’exclusion et antisociale de votre gouvernement. Les coupes dans les services publics tels que la SNCB font mal. Les voyageurs et le personnel des chemins de fer sont inquiets parce que, depuis plusieurs mois, le sentiment d’insécurité en gare de Liège-Guillemins est bien présent, notamment à cause d’une situation psychosociale complexe, avec des personnes en grande détresse sociale et psychologique. Cette situation demande une réponse globale sur le plan sécuritaire et policier, mais pas seulement. Il faut aussi venir en aide à ces personnes.
La situation à Liège n’est qu’un exemple parmi tant d’autres. La fermeture par votre gouvernement de structures d’accueil et la suppression des financements fédéraux au Plan grand froid aggravent encore le problème et laissent une nouvelle fois les bourgmestres, la police locale et le secteur associatif assumer les devoirs du fédéral.
Malgré des interventions ponctuelles, le constat est celui-là. Malgré vos promesses et vos investissements dans des caméras, le gouvernement n’investit pas assez dans la police des chemins de fer (SPC) et préfère s’attaquer au statut du personnel ferroviaire et à ses conditions de travail. La situation chez Securail est catastrophique.
Dans ce contexte lourd, madame la ministre, quelles sont vos réponses quant à la situation en gare de Liège, mais aussi plus globalement en province de Liège, où je suis bourgmestre, et sur l’ensemble du territoire?
Des mesures particulières ont-elles été envisagées ou mises en œuvre par la SPC en collaboration avec Securail afin de renforcer la présence policière ou d’améliorer la coordination avec les autorités locales et les autres acteurs concernés, en ce compris dans une prise en charge psychosociale des personnes? Quelles pistes complémentaires sont-elles envisagées pour assurer un cadre sécurisant et apaisé?
Eléonore Simonet:
Mevrouw De Vreese, madame Thémont, ik wil u eerst namens minister Quintin bedanken voor uw vragen. Hij heeft mij verzocht u zijn antwoord te bezorgen.
Veiligheid op en rond onze stations is een absolute prioriteit. Agressie en geweld tegen reizigers, treinpersoneel, Securail-agenten en andere veiligheidsmedewerkers zijn totaal onaanvaardbaar. Dat tolereren we niet en daar zullen we consequent en kordaat tegen optreden. Onze stations zijn cruciale toegangspoorten tot ons land. Met de regering stellen we één duidelijke prioriteit, iedereen moet zich veilig voelen op het perron, in de trein en in de volledige stationsomgeving. Securail staat in voor de veiligheid van reizigers, personeel en klanten via preventieve patrouilles en zowel statische als mobiele bewaking in stations, treinen en NMBS-gebouwen. Met meer dan 30.000 interventies per jaar is hun rol essentieel.
Daarom wil minister Quintin inzetten op een echt veiligheidscontinuüm tussen de spoorwegpolitie, Securail en de lokale politiediensten. In dat kader werden in 2025 de camerabeelden van de NMBS in realtime toegankelijker gemaakt voor de lokale politiezones. Teneinde de veiligheid van treinreizigers, veiligheidspersoneel en politie in en rond het station Brussel-Zuid te garanderen, worden bijkomend 20 agenten ingezet. In 2026 blijft minister Quintin werken aan een sterke coördinatie van het integrale veiligheidsbeleid voor vervoer- en spoorweginfrastructuur en dat in nauwe samenwerking met de minister van Mobiliteit. Wij werken aan juridische instrumenten om de operationele samenwerking tussen politie en Securail beter te structureren. Om Securail-agenten beter te beschermen tegen agressie en geweld versterken we de uitrusting van de veiligheidsdiensten. Wij willen het gebruik van bodycams veralgemenen voor veiligheidsmedewerkers en treinbegeleiders vooral op kwetsbare lijnen. Met die maatregelen versterken wij de aanwezigheid, verhogen wij de zichtbaarheid en kunnen wij sneller en gerichter ingrijpen.
Madame Thémont, la police des chemins de fer est régulièrement engagée en soutien de Securail, tandis que la police fédérale participe à des opérations coordonnées et visibles dans les zones sensibles, notamment autour de la gare de Liège ‑ Guillemins, afin de lutter contre la criminalit é et le sentiment d ’ ins é curit é . Ces actions compl è tent efficacement le travail de Securail, en particulier lorsque des comp é tences de police administrative ou judiciaire sont requises.
Par ailleurs, la police fédérale mène une lutte ciblée contre les réseaux de trafic de stupéfiants à Liège, y compris dans le périmètre de la gare, notamment via la plateforme TECOV qui facilite l’échange d’informations et la coordination d’actions conjointes sous la direction de la direction de coordination et d'appui (DCA) de Liège.
Enfin, depuis 2025, les opérations "Full Integrated Police Action" (FIPA) Grandes Villes, lancées par le ministre Quintin, renforcent cette approche en ciblant la criminalité violente liée aux stupéfiants ainsi que les phénomènes générateurs d’insécurité.
Naturellement, si vous avez des questions statistiques plus précises, le ministre vous renvoie vers des questions écrites, auxquelles il réservera bien sûr la meilleure attention.
Maaike De Vreese:
Eén ploeg is er in Brugge, die de veiligheid van de stations moet bewaken in heel West-Vlaanderen. Die ploeg wordt dan nog eens opgeroepen naar de andere kant van Vlaanderen, om daar incidenten op te lossen. En dan zijn er de mensen van Securail, veiligheidsagenten die hun werk doen, maar men kan niet verwachten dat veiligheidsagenten, die in de eerste lijn staan, zonder mandaat en zonder middelen, dezelfde job doen als de politie. Daarom is het zo belangrijk de spoorwegpolitie te versterken en ook zeer duidelijk in een taakverdeling te voorzien
De rondzendbrief moet gewijzigd worden, mevrouw de minister, om in een zeer duidelijke taakverdeling te voorzien tussen de lokale politie, de spoorwegpolitie en Securail. Ik meen echt dat we dat die mensen verschuldigd zijn, die dag in, dag uit hun leven op het spel zetten om onze veiligheid te bewaken.
Sophie Thémont:
Madame la ministre, je ne vais pas vous dire merci parce que je ne pense pas avoir reçu de réponses à mes différentes interrogations. Vous dites que, pour vous, la sécurité est une priorité absolue, que des moyens sont mis en place et qu'en plus, ils sont efficaces. Franchement, je crois que vous êtes complètement déconnectée de la réalité. Je vous invite d'ailleurs, avec le ministre Quintin, à venir voir la gare des Guillemins. Vous coupez systématiquement dans les différents budgets, dans les budgets sociaux, dans les services publics, notamment avec les fermetures de guichets. Vous avez un bilan catastrophique. Vous savez également que la police des chemins de fer manque de moyens. Ce sont encore une fois les autorités locales et les zones de police qui doivent pallier le manque d’accomplissement des missions du fédéral, sans en avoir les effectifs et encore moins les budgets. Cette situation devient insoutenable.
De extra week geboorteverlof vanaf 2026
Gesteld door
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Nahima Lanjri (cd&v) dringt aan op concrete invoering van het familiekrediet—een bundeling van 24 maanden zorgverlof per kind, flexibel verdeelbaar tussen ouders en grootouders—en bekritiseert de trage uitvoering van de beloofde extra week geboorteverlof vanaf 2026, ondanks gereserveerd budget. Volgens haar moeten ouders van kinderen geboren na 1 januari 2026 retroactief recht krijgen op die week, met onmiddellijke wetgevende stappen om onzekerheid weg te nemen. Eléonore Simonet (namens de minister van Werk) bevestigt de geleidelijke invoering van het familiekrediet—met harmonisatie van verlofrechten en inclusie van grootouders—en kondigt een voorontwerp in 2024 aan, gefinancierd met 25–35 miljoen euro/jaar. De extra week geboorteverlof (keuzevrij voor partners) wordt bevestigd, maar concrete timing blijft vaag, afhankelijk van overleg met sociale partners en administraties. Lanjri stelt dat de regering al in november besliste de extra week dit jaar in te voeren en eist bindende toezeggingen, met kritiek op het ontbreken van urgente uitvoering ondanks "voldoende geld" (40 miljoen in 2024). De discussie onthult een politieke consensus over het familiekrediet, maar spanningsveld tussen ambitie en uitvoeringsvertraging.
Nahima Lanjri:
Mevrouw de minister, de Gezinsbarometer maakt duidelijk hoe zwaar de gezinnen het vandaag hebben. Zeven op de tien gezinnen rekenen op hulp om alles rond te krijgen, maar die hulp is er niet altijd. Daarom zijn er maatregelen nodig om gezinnen nog meer ademruimte te geven, om te zorgen voor een beter evenwicht tussen werk en gezin.
Daarom hebben wij vorig jaar met cd&v het concrete voorstel gelanceerd om het familiekrediet in te voeren. Dat is een bundeling van alle verloven die te maken hebben met de zorg voor het kind tot een rugzakje van 24 maanden verlof per kind, te verdelen tussen beide ouders en eventueel ook met de grootouders of plusouders, en dit ook beter vergoed.
Er is ook positief nieuws, want in het begrotingsakkoord is extra geld voorzien. Er werd ook een extra week geboorteverlof voor 2026 aangekondigd. Dit geeft de ouders uiteraard hoop en perspectief, maar tegelijkertijd is er ook heel veel onzekerheid en ongerustheid, want als die ouders naar hun werkgever of naar de mutualiteit stappen, krijgen ze daar te horen dat het nog niet concreet is en dat ze er nog geen recht op hebben. Dat geeft dan weer frustratie.
Mevrouw de minister, aangezien er een budget voor 2026 is voorzien, voor een volledig jaar van januari tot december, rekenen ouders en ook wij als gezinspartij erop dat elk kind dat vanaf 1 januari is geboren een extra week geboorteverlof zal krijgen. Desnoods moeten we dat retroactief en met voldoende souplesse invoeren om het ook nadien te kunnen opnemen.
Mevrouw de minister, kunt u bevestigen dat dit er komt en dat dit geldt voor elk kind dat vanaf 1 januari is geboren? Het geld is er. Wanneer komen de bevoegde ministers met dat ontwerp naar het Parlement, zodat wij de ouders kunnen geruststellen dat zij die extra week zullen krijgen?
Eléonore Simonet:
Mevrouw Lanjri, ik antwoord vandaag in naam van mijn collega, de minister van Werk, die verontschuldigd is.
In overleg met de sociale partners introduceert de regering geleidelijk het familiekrediet, om de verlofrechten te vereenvoudigen en te harmoniseren voor iedereen die bijdraagt aan de zorg en opvoeding van een kind. Die regeling beoogt een meer evenwichtige verdeling van de verloven tussen de ouders. Daarbij voorzien we ook in de mogelijkheid voor grootouders om verlof op te nemen. Tegelijk zullen de verschillen die gelinkt zijn aan het beroepsstatuut verdwijnen.
De invoering van het familiekrediet zal geleidelijk gebeuren en beginnen met de introductie van een extra week moederschaps- of geboorteverlof, naar keuze toegankelijk voor de ene of de andere partner, opnieuw ongeacht het beroepsstatuut.
Ter ondersteuning van die hervormingen werd in de meerjarenbegroting een jaarlijkse enveloppe van 25 miljoen euro voorzien. Daarnaast zal een bijkomende financiering van 15 miljoen euro worden toegekend in 2026 en 2027. Vanaf 2028 wordt dat bedrag verhoogd tot 35 miljoen euro, waarvan 5 miljoen euro bestemd is voor het ouderschapsverlof van zelfstandigen.
In samenwerking met de bevoegde ministers van Sociale Zaken, Werk, Ambtenarenzaken, Administratieve Vereenvoudiging zal in de loop van dit jaar een voorontwerp van wet worden voorgelegd. Dat voorontwerp zal een globaal juridisch kader vastleggen voor het familiekrediet, dat is opgevat als een recht dat gekoppeld is aan het kind. Daartoe zal een werkgroep worden opgericht met de bevoegde beleidscellen en administraties – de FOD Werkgelegenheid, de FOD BOSA, de FOD Sociale Zekerheid, het RSVZ en het RIZIV – die de verdere modaliteiten zal onderzoeken. Wij zullen op een later moment meer details kunnen geven. Dank u wel.
Nahima Lanjri:
Mevrouw de minister, ik ben blij dat u inhoudelijk helemaal op de piste van cd&v zit. Als het gaat over het familiekrediet, zitten we binnen de meerderheid allemaal op dezelfde lijn. Dat is goed. Het voorstel werd ondertussen ook al in het Parlement toegelicht. We hebben het voorgesteld en het is in behandeling.
De regering heeft eind november wel beslist dat die week extra geboorteverlof er alvast komt. Daarvoor moeten we niet wachten tot het hele familiekrediet is uitgewerkt, dat kan er nog in de loop van dit jaar komen.
Mevrouw de minister, u bent in dezen misschien slechts de boodschapper, maar ik vraag u om aan alle bevoegde ministers over te brengen dat die extra week geboorteverlof er moet komen, ongeacht het statuut van de ouders, voor elk kind dat geboren is na 1 januari. We hebben daarvoor extra geld voorzien. Voor dit jaar is 40 miljoen euro extra voorzien. De ouders rekenen op ons.
Voorzitter:
Collega’s, aan de orde zijn een reeks vragen gericht aan de premier en de minister van Buitenlandse Zaken. De premier heeft mij laten weten dat hij voldoende tijd wil gebruiken om te kunnen antwoorden. Ik stel voor om zijn spreektijd op 7 minuten 30 seconden te zetten. De repliektijd wordt ook met de helft verhoogd tot 1 minuut 30 seconden. Ik zal die spreektijd secuur doen naleven; ik zeg dat ook ten aanzien van de premier, die enigszins sarcastisch mijn richting uitkeek toen ik de spreektijd op 7 minuten 30 seconden vastlegde.
De betrekkingen met de VS, het standpunt van de premier en de bijeenkomst van de Europese Raad
De trans-Atlantische relaties en het Mercosur-handelsakkoord
Het Forum in Davos en het rapport van Oxfam over de concentratie van rijkdom in de wereld
Het Forum in Davos en de Groenlandkwestie
De industriecrisis en de Antwerpse haven
De trans-Atlantische relaties
Het Forum in Davos en de Groenlandkwestie
De trans-Atlantische relaties
De stand van zaken met betrekking tot de trans-Atlantische relaties
Groenland en de trans-Atlantische relaties
Het Forum in Davos en het standpunt van Trump over Groenland
De geopolitieke situatie rond Groenland
Internationale betrekkingen, handel en geopolitieke ontwikkelingen
Gesteld door
lijst: PS
Pierre-Yves Dermagne
lijst: Open Vld
Alexia Bertrand
lijst: Ecolo
Sarah Schlitz
lijst: PTB
Raoul Hedebouw
lijst: PVDA
Peter Mertens
lijst: Vooruit
Oskar Seuntjens
lijst: DéFI
François De Smet
lijst: CD&V
Els Van Hoof
lijst: MR
Georges-Louis Bouchez
Les Engagés
Benoît Lutgen
lijst: Groen
Meyrem Almaci
lijst: N-VA
Kathleen Depoorter
Gesteld aan
N-VA Bart De Wever (Eerste minister), Les Engagés Maxime Prévot (Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking)
op 22 januari 2026
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
De discussie draait om Europa’s reactie op de agressieve Amerikaanse houding onder Trump, met name de dreiging rond Groenland, handelsoorlogen en de ondermijning van Europese soevereiniteit. Kritiek komt van links (PTB, Ecolo-Groen) en rechts (N-VA, MR): Dermagne (PS) noemt de regering hypocriet door harde woorden in Davos niet om te zetten in daden (bv. annuleren F-35-aankoop), Hedebouw (PTB) bekritiseert het "twee maten, twee gewichten"-beleid (Groenland vs. Congo/Palestina), terwijl De Smet (Les Engagés) en Bouchez (MR) juist strategische Europese autonomie eisen via defensie-investeringen en handelsakkoorden (bv. Mercosur). De premier (Bart De Wever) benadrukt dat Europa’s waardigheid "niet te koop" is, maar stelt concrete stappen (bv. Europese kapitaalmarkt, defensie-samenwerking) voorop, zonder de F-35-deal of NAVO-band te breken. Sceptici (bv. Mertens, Almaci) wijzen op gebrek aan mandaat voor deals zoals die met Rutte-Trump en eisen onmiddellijke symbolische actie (F-35-schrapping).
Pierre-Yves Dermagne:
Monsieur le premier ministre, monsieur le vice-premier ministre: "Reculez, nous irons jusqu'au bout!", "Nous frôlons le point de rupture!", "Un contre tous, tous contre un!". Monsieur le premier ministre, ces mots ne sont pas les miens, de même qu'ils n'ont pas été générés par l'intelligence artificielle. Ces mots, ce sont les vôtres. Ces dernières heures, ils témoignent d'un changement de ton manifeste à l'égard du président américain Donald Trump et de son administration. Vous semblez, monsieur le premier ministre, avoir soudainement trouvé les mots que nous attendions ici depuis des semaines. En tout cas, nous étions nombreux à attendre une expression telle que celle-là. Ce sont des mots forts, presque courageux s'ils avaient été prononcés plus tôt, comme si, enfin, la menace de Trump et de son administration vous sautaient aux yeux après des décennies d'atlantisme béat. Ces mots, nous ne les avions jamais entendus de la part de votre gouvernement au sein de ce Parlement. Pourtant, cela fait longtemps que les lignes rouges ont été franchies par Trump et son administration: Venezuela, Ukraine, Groenland, et j'en passe.
Cependant, monsieur le premier ministre, ces mots vont-ils résonner jusque dans ces murs ou bien vous êtes-vous laissé griser par l'air des Alpes suisses? Surtout, monsieur le premier ministre, vont-ils enfin se traduire en actes gouvernementaux? Vont-ils être partagés par l'ensemble de l'Arizona? Prenons votre parti: le ministre de la Défense, atlantiste béat et meilleur ambassadeur de l'industrie de la défense américaine, va-t-il enfin accepter de remettre en cause l'achat de nouveaux F-35? Quid de votre groupe au Parlement européen, qui a voté contre la suspension de l'accord commercial extorqué par les É tats-Unis à la faiblesse des dirigeants européens? En quelques mots, allez-vous passer de la parole aux actes? Quelle sera la position de votre gouvernement?
Alexia Bertrand:
Mijnheer de eerste minister, in Davos was er deze week veel volk, veel contacten, veel speeches, goede, minder goede en slechte. Denk aan die spreker die met drie uur vertraging is aangekomen, maar nog net op tijd om 72 minuten over zichzelf te spreken en Groenland met IJsland te verwarren. Er was ook een spreker die zeer sterk sprak over de nieuwe internationale orde en over interne hervormingen. Het had u kunnen zijn, mijnheer de premier, maar ik heb het nu over Mark Carney, de Canadese premier, die intussen thuis de meerwaardebelasting heeft afgeschaft en de taksen heeft verlaagd om investeringen aan te trekken.
Dan was er uw speech. Sterk, ik meen het. " We have to wake up ,” zei u terecht. " If you back down now, you lose your dignity ." Wie zich als een vod laat behandelen, zal ook als een vod behandeld worden. U hebt gelijk. “ We need new alliances ." Net daarom, mijnheer de premier, is Mercosur zo belangrijk. En ja, " maybe Europe at different speeds ". Ik wil er één zin aan toevoegen: " The proof of the pudding is in the eating ."
Mijnheer de premier, internationaal klinkt u sterk en duidelijk, maar thuis lijkt het soms moeilijker om iedereen mee te krijgen. Dat hebben we gisteren nog gezien. Drie van uw coalitiepartners hebben in het Europees Parlement Mercosur doorgestuurd naar het Europees Hof. Het resultaat is twee jaar vertraging. Ze hebben export, jobs en nieuwe partners geblokkeerd. Uw Duitse collega, bondskanselier Merz, heeft deze ochtend zeer klare taal gesproken. Het is genoeg geweest. Duitsland past Mercosur voorlopig toe.
Mijn vraag is heel eenvoudig, mijnheer de premier. Zal België doen zoals Duitsland? Zult u Mercosur voorlopig toepassen, ja of nee?
Sarah Schlitz:
Monsieur le premier ministre, j’espère que votre déplacement à Davos s’est bien passé et que vous avez pu profiter du voyage en avion pour examiner en profondeur le rapport d’Oxfam sur les inégalités. Les conclusions sont vertigineuses et, chaque année, elles dépassent l’entendement. Que découvre-t-on cette année? Une accumulation de richesses jamais vue auparavant. Entre 2020 et 2025, la richesse des milliardaires a doublé alors que la moitié de l’humanité vit aujourd’hui dans la pauvreté.
Le rapport contient également des éléments concernant la Belgique, qui devraient vous intéresser. On y découvre notamment l’apparition de six nouveaux milliardaires dans notre pays. Nous comptons aujourd’hui dix-sept milliardaires qui possèdent à eux seuls une richesse équivalente à celle de l’ensemble des Wallons réunis.
Ces grandes fortunes ne se contentent pas d’accumuler des produits de luxe ou de s’adonner à des loisirs dispendieux qui détruisent la planète. Aujourd’hui, elles ne se cachent même plus d’essayer de déstabiliser des régimes et des États qui ne les intéressent pas ou qui les dérangent.
S’agit-il de tous les milliardaires? Non, "not all milliardaires", il est vrai. Cette année, une surprise est venue de Davos. Je ne parle pas des lunettes du président Macron, mais bien de la tribune de 400 milliardaires et millionnaires qui appellent les chefs d’État réunis à Davos à faire davantage contribuer leurs semblables et à instaurer un système de taxation plus juste.
Monsieur le premier ministre, allez-vous, comme vous l’avez fait dans d’autres dossiers, tenir tête à ces milliardaires, prendre la tête d’un front pour aller jusqu’au bout, comme vous l’avez déclaré, afin que chacun contribue à l’effort que vous demandez à l’ensemble des Belges, ou allez-vous céder au lobby des multinationales américaines et les exonérer de l’impôt minimum?
Raoul Hedebouw:
Monsieur le premier ministre de Belgique, enfin, l'élite européenne, les partis traditionnels belges sont en train de lever le voile de naïveté profonde qu'il y avait par rapport à l'impérialisme américain depuis des années.
Depuis des années, le PTB dit que l'impérialisme américain est le principal danger au niveau de la planète sur le plan des guerres et de l’économie. De nombreuses polémiques sont intervenues: "Non, au PTB, vous êtes naïfs, vous êtes campés, etc." Regardez ce qui se passe! Regardez ce qui se passe devant nos yeux! L'impérialisme américain est effectivement un danger.
Et je vais vous dire pourquoi nous avons une bonne boussole pour analyser la géopolitique? Pour deux raisons.
D'une part, en tant que parti marxiste, nous analysons clairement les contradictions économiques. D'ailleurs, hier, vous avez cité Gramsci; vous avez même cité Lénine. C'est la bonne direction, monsieur le premier ministre! Ce sont les bonnes clés d'analyse. Nous analysons qu'aujourd'hui, une puissance impérialiste, menacée dans son déclin économique, va essayer de compenser son retard économique sur la Chine et d'autres pays par la puissance militaire. Voilà le danger de l'impérialisme américain aujourd'hui.
D'autre part, le PTB a raison parce qu'il met les lunettes des pays du Sud. Vous avez raison d'appeler aujourd'hui à la défense de la souveraineté nationale du Groenland. Vous avez raison! Mais, si nous appelons l'Europe à défendre la souveraineté nationale du Groenland, pourquoi ne le faisons-nous pas pour le peuple congolais? Pourquoi ne le faisons-nous pas pour le peuple cubain? Pourquoi ne le faisons-nous pas pour le peuple vénézuélien? Pourquoi ne le faisons-nous pas pour les peuples africains, d'Amérique latine et d'Asie? Pourquoi ne le faisons-nous pas pour le peuple iranien? Pourquoi, collègues, ne le faisons-nous pas pour le peuple palestinien? Pourquoi ce deux poids deux mesures? Telle est la question qui nous est posée!
Au PTB, nous écoutons évidemment tous ces pays du Sud qui vivent déjà sous la dictature et le joug de l'impérialisme américain depuis des dizaines d'années et qui en ont marre de cet ordre mondial. J'espère, collègues, que l'Europe va se réveiller! (…)
Voorzitter:
Dat brengt ons naadloos bij collega Mertens.
Peter Mertens:
Mijnheer de premier, ik heb maar één vraag: met welk mandaat heeft Mark Rutte onderhandeld over Groenland?
De NAVO is uiteraard geen vastgoedbedrijf dat hier en daar stukken land kan verkopen. Het komt uiteindelijk de mensen in Groenland zelf toe om te beslissen over de toekomst van Groenland. De NAVO heeft geen enkele bevoegdheid, hoe dan ook, om maar iets te onderhandelen over Groenland.
Ik lees dat er gezegd wordt dat Rutte en Trump niet hebben gesproken over kwesties inzake soevereiniteit. Nochtans, alles wat naar buiten komt, zegt het tegendeel.
Ten eerste, de VS zouden militaire basissen krijgen als autonoom grondgebied van de Verenigde Staten, naar het model van de Britse basissen op Cyprus. Vanaf die basissen vertrekken trouwens dagelijks vliegtuigen naar Gaza. Amerikaans grondgebied!
Ten tweede, de VS zouden ook inspraakrecht krijgen bij alle investeringen in Groenland, en zelfs een vetorecht om bepaalde investeringen tegen te gaan.
Ten derde, het zou ook om mineralen gaan. Trump zei zelf na de deal dat hij er niet veel over wilde zeggen, maar het ging in ieder geval over veiligheid en over mineralen, en hij noemde het "een fantastische deal voor ons". Trump geeft dus zelf toe dat het ook over de toegang tot mineralen gaat.
Kortom, militaire basissen, investeringsveto’s en toegang tot mineralen. Trump hoeft maar een klein beetje te blaffen, een beetje te dreigen met economische tarieven en sancties tegen de Europese Unie, en de Europese Unie gaat plat op de buik.
U hebt gisteren terecht gesproken over de waardigheid van de Europese Unie, maar waar in die deal, waarover Mark Rutte onderhandelde met Donald Trump, zit de waardigheid van de Europese Unie?
Daarom heb ik maar één vraag: met welk mandaat is Mark Rutte daar eigenlijk gaan onderhandelen met Trump? Was dat een mandaat van de Europese Unie? Zo ja, waar staat dat mandaat op papier? Waar zijn de grenzen van dat mandaat? (…)
Oskar Seuntjens:
Mijnheer de voorzitter, collega’s, moeten wij nu opgelucht zijn? Moeten wij opgelucht zijn, nu Trump verklaart dat hij geen geweld wil gebruiken tegen Groenland? Moeten wij opgelucht zijn, nu Trump verklaart dat hij geen extra tarieven meer wil toepassen? Moeten wij opgelucht zijn, nu Trump verklaart dat België geen doelwit is? Het antwoord is natuurlijk neen.
Er was ooit een minister van Buitenlandse Zaken die opmerkte dat diplomatie met Trump hetzelfde is als de film 50 First Dates . Dat is het verhaal van een man die verliefd wordt op een vrouw met kortetermijngeheugenverlies. Elke dag opnieuw moet hij zijn best doen om haar te overtuigen dat hij de juiste is. Met Trump is dat net hetzelfde. Wij weten nooit waar wij de volgende dag staan.
Dat zorgt ervoor dat de Verenigde Staten geen betrouwbare bondgenoot zijn en dat Trump een gevaar is voor onze economie en voor onze koopkracht. Dat gevaar is na gisteren niet verdwenen. De onzekerheid waarin hij ons meesleept, heeft immers gevolgen voor onze economie door minder investeringen, minder consumptie en hogere tarieven. Dat mogen en kunnen Europa en België niet aanvaarden. Onze welvaart mag niet afhangen van het humeur van Donald Trump.
Net daarom is het heel belangrijk dat Europa met één stem spreekt, dat wij samenwerken en dat wij werken aan onze veiligheid, onze economie en onze democratie. Daarom is die top vanavond zo belangrijk.
Mijnheer de premier, mijnheer de minister, er werd gisteren gesproken met Trump. Wat nog belangrijker is, is de hiernavolgende vraag. Wat zal er vanavond worden aangegeven op de Europese top?
François De Smet:
Monsieur le premier ministre, je vous dis très sincèrement bravo. Enfin, une prise de parole claire et forte de rupture avec Donald Trump et l’intimidation insupportable qu’il impose aux Européens! Franchement, il était temps. Entre votre ministre des Affaires étrangères et son chèvrechoutisme plus ou moins engagé, entre votre ministre de la Défense qui fait le groupie sur les réseaux sociaux avec des drapeaux américains, et votre président du MR, qui a des étoiles dans les yeux lorsqu’il lit le plan de sécurité nationale de M. Trump, qu’il aurait pu écrire lui-même, je vous le rappelle, il était grand temps que l’Arizona se dote d’un cap clair. Ce cap clair, c’est qu’en 1949, nous avons décidé de rejoindre une alliance de pays libres et non un pacte de Varsovie dominé par une superpuissance. Ce cap, je vous invite vraiment à le tenir.
Il ne faut pas être naïf une minute sur la soi-disant volte-face de M. Trump sur le Groenland, hier. C’est le problème quand on est dans une relation toxique avec un pervers narcissique: dès qu’il arrête de frapper, dès qu’il arrête de menacer, on croit qu’il faut être soulagé. Non, pas du tout. Le rapport de force ne fait que commencer. J’ai une question importante à ce sujet.
Vous êtes le chef d’un gouvernement, vous êtes le chef de la diplomatie d’un État membre de l’OTAN. Le secrétaire général de l’OTAN nous annonce un accord-cadre. Avez-vous été consulté? Avez-vous donné un mandat? Par hasard, savez-vous ce qu’il y a dans cet accord-cadre? Sinon, cela pose problème.
J’ai également une demande. Je crois que nous serons tous d’accord sur ce point. Le fond du problème est l’indépendance de l’Europe, son indépendance en matière de défense, d’industrie et d’énergie. Ma demande est toujours la même depuis un an, depuis l’arrivée de votre gouvernement. Renoncez au contrat visant à acheter 11 F-35 supplémentaires. Vous devez le faire, il n’y a pas d’autre solution. Même un vassal heureux ne peut pas payer un milliard d’euros pour entretenir sa cage. Vous devez renoncer à cette commande.
Els Van Hoof:
Mijnheer de premier, velen van ons hebben gisteren naar de toespraak van president Trump in Davos geluisterd. Wij hebben allen gevoeld hoe de vrieskou in Groenland of Davos in het niets verdwijnt bij Trumps kille dreigementen. De oude wereldorde is dood en begraven. Nostalgie is geen strategie meer, of we dat nu willen of niet. De Canadese premier verwoordde dat ook zeer duidelijk in zijn schitterende toespraak. Voor cd&v zijn er drie lessen te trekken.
Ten eerste zijn de VS geen betrouwbare bondgenoot meer. Europa mag zich niet langer overleveren aan de grillen van een pestkop of monster. Internationaal recht en soevereiniteit moeten primeren op het recht van de sterkste.
Ten tweede moet Europa zijn tanden laten zien. Door de Europese eensgezindheid van de lidstaten, maar ook door het feit dat heel wat tegenmaatregelen werden geopperd, hebben de VS eindelijk begrepen dat Europa belangrijk is voor hun economie.
Ten derde staat Europa misschien alleen, maar totaal niet geïsoleerd. We moeten werken aan onze Europese defensiesamenwerking. We moeten minder afhankelijk worden van onbetrouwbare partners. Tegelijkertijd moeten we ook allianties uitbouwen met andere democratieën, zoals Canada, Australië en Japan. Er zijn veel mogelijkheden en daar moeten we gebruik van maken om te evolueren naar een nieuwe wereldorde.
Ik heb vandaag nog een belangrijke vraag over de Europese top. Het blijft belangrijk dat we Europese tegenmaatregelen voorbereiden, want een voorbereide Europese Unie is er twee waard. Die maatregelen kunnen dan worden ingezet wanneer dat noodzakelijk is.
Georges-Louis Bouchez:
Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre des Affaires étrangères, nous pouvons réellement constater que lorsque l’émotion gouverne, c’est la bêtise qui règne. Nous avons vu le débat public passer d’une naïveté en puissance à une agressivité sans puissance.
Aujourd’hui, l’heure n’est certainement pas à la lâcheté, mais elle n’est pas davantage à la bravade. Nous devons apporter une réponse intelligente face à la situation mondiale. Cette réponse intelligente passe uniquement par la souveraineté européenne.
Certains vous ont parlé de mettre les lunettes du Sud. Pour ma part, je vais simplement mettre les lunettes de l’Europe, de l’Occident, des démocraties libérales. Si aujourd’hui nous achetons des F ‑ 35, c ’ est parce qu ’ il n ’ existe aucun avion europ é en aussi performant. Nous devons le construire.
Si aujourd’hui nous achetons autant à la Chine, c’est parce que des logiques "bobo" nous ont conduits à détruire notre industrie. Si aujourd’hui nous devons commercer avec des pays arabes ou avec la Russie, c’est parce que nous avons fait croire aux gens que des moulins à vent allaient nous garantir notre sécurité énergétique.
Aujourd’hui, il ne sert à rien de parler de Trump car ce n’est pas lui qui a porté atteinte à la souveraineté européenne. Ce sont les choix d’une série de partis politiques de cette Assemblée, au cours des 30 dernières années, qui nous ont affaiblis.
Nous devons retrouver de la force. Nous devons retrouver de la puissance. Pour cela, nous devons également savoir où se situent nos intérêts. Et oui, monsieur Hedebouw, nos intérêts sont au sein de l’OTAN. En 2029, M. Trump ne sera plus là mais vos amis chinois et russes continueront à constituer des menaces durables pour l’Union européenne, pour les démocraties libérales et pour l’Occident. Nous devons donc nous mettre clairement en marche!
Benoît Lutgen:
Monsieur le premier ministre, j'entends que vous dites "Résiste et mords!" C'est ce que vous avez fait, et je vous en félicite, avec le ministre des Affaires étrangères à vos côtés.
Cela ne date pas d'hier, puisque depuis plusieurs mois, vous avez fait preuve de fermeté et vous avez mis en avant la puissance du droit international. La crédibilité, la force internationale de notre pays s'est renforcée, que ce soit lorsqu'il a fallu résister dans le dossier des avoirs russes gelés ou lors des prises de position concernant Gaza.
Cette fermeté, vous l'avez à nouveau exprimée dès l'annonce des premières menaces douanières et du chantage de Donald Trump concernant sa volonté d'annexer le Groenland.
Nous ne pouvons, mesdames, messieurs, accepter que la loi du plus fort l'emporte sur le droit des plus faibles. Les alliances ne peuvent se limiter à un tas de transactions. Nos libérateurs d'hier, alliés de l'Europe depuis des décennies, seraient-ils devenus nos adversaires? Pire, en voulant annexer un territoire européen – eh oui, on touche à la souveraineté européenne, monsieur Bouchez – veulent-ils devenir nos ennemis? Voilà la question que nous devons nous poser.
Le recul de Donald Trump face à la riposte de l'Europe ne peut que nous réjouir. Croire qu'il en restera là serait faire preuve de grande naïveté. Résister et mordre, comme vous l'avez dit, nous pouvons le faire, mais de façon structurée. Nous devons préparer, au travers d'actions fortes, comme cela a été dit par ma collègue, dans le cadre de transactions structurées entre les États-Unis et l'Europe, toute une série d'éléments pour pouvoir riposter le cas échéant.
Monsieur le premier ministre, est-il vrai que le Danemark a accepté de céder quelques petites parties du territoire de l'Alaska aux USA, comme l'a rapporté le New York Times ? Quel était le mandat donné à M. Rutte?
La Maison-Blanche, par ailleurs, annonçait que la Belgique avait rejoint le Conseil de la paix. Pouvez-vous nous confirmer que c'est simplement une fake news de plus? Je vous remercie.
Meyrem Almaci:
Mijnheer de eerste minister, de oude wereldorde is dood. Zelfs na de bocht van Trump gisteren in Davos is die oude wereldorde dood. Het is lelijk zaken doen met hem en zijn vazallen. Al lijkt de militaire dreiging voor Groenland vandaag verdwenen, wie weet wat zijn driftbui van morgen zal brengen.
De naïviteit van veel westerse leiders, inclusief in deze regering, is nu hopelijk echt weg. Hopelijk heeft Theo begrepen dat hij niet zo aan het handje van daddy moet lopen en hebben sommige regeringsleiders begrepen dat plezierreisjes naar Qatar misschien toch niet het beste idee zijn.
Onze bondgenoten bevinden zich elders. In Canada, dat een heldere tussenweg heeft getoond, en bij de Amerikaanse burgers die zich vandaag verzetten tegen ICE, tegen de dreigementen, tegen Powell en tegen de kortzichtige economische en buitenlandse politiek van Trump. Nog nooit vond een president in de VS zo weinig steun bij de eigen bevolking. De Californische gouverneur heeft nagels met koppen geslagen toen hij de westerse leiders pathetisch noemde.
Naar aanleiding van de handelsheffingen vroeg ik u op 3 april 2025 in het halfrond om de antidwangmaatregelen op de Europese tafel te leggen. U hebt dat weggewuifd.
De vraag is nu hoe ons land en hoe u zich vanavond zult opstellen, verder in de feiten. Zult u maximaal tegengewicht bieden, met zo weinig mogelijk nadelen voor onze bevolking en onze bedrijven?. Wanneer zult u de internationale orde ondubbelzinnig verdedigen, of het nu gaat om Netanyahu die in ons land landt, om het veroordelen van de inval in Venezuela of om de Vredesraad?
We hebben meer hefbomen dan we denken en er is er een die we op korte termijn kunnen inzetten, met name die extra F-35's. Annuleer die aankoop. Die aankoop is waanzin. De annulering daarvan is een quick win die Trump en de zijnen raakt waar het pijn doet. Dat is een taal die hij begrijpt. Na een jaar van vergoelijken en sussen (…)
Kathleen Depoorter:
Mijnheer de premier, mijnheer de minister, deze week bracht een geopolitieke rollercoaster. Op maandag wilde hij een land binnenvallen. Op dinsdag wilde hij het kopen. Op woensdag wilde hij het terugpakken, omdat het ooit van hen was. Woensdagavond sprak u met de Amerikaanse president en hopla er is hoop, er is een oplossing in de maak. Chapeau, niemand doet het u na.
Alle gekheid op een stokje. De bezorgdheid van de Groenlanders en de Denen moet bijzonder groot geweest zijn. De bezorgdheid van ons allen was ook zeer groot. U hebt terecht een rode lijn getrokken, want een volk is niet te koop. De Denen zijn niet te koop, de Groenlanders niet en Europa al zeker niet.
Europa mag op het internationale toneel absoluut meer smoel krijgen. Daarover zijn we het helemaal eens. We moeten het internationale recht en de internationale verdragen respecteren en er vooral voor pleiten dat die gerespecteerd worden en blijven.
Maar, even belangrijk is de NAVO-alliantie, die ons al decennialang stabiliteit in de regio biedt. Ook daar moeten we een loyale partner zijn. Ook daar moeten we samen opkomen voor de rechten, de soevereiniteit en de territorialiteit van de volkeren en van onze Europese regio. Dat moeten we overal doen en met alle middelen die we hebben.
Mijnheer de premier, mijnheer de vicepremier, wat is onze rol? Hoe ziet u de optimale rol voor ons land in die allianties, binnen Europa en binnen de NAVO, om nu samen met de Denen en de Amerikanen het traject naar nieuwe stabiliteit uit te stippelen?
Bart De Wever:
Même en quinze minutes, on peut dire beaucoup, monsieur le président! Je dispose de la moitié du temps que Trump m'a accordé, chers collègues. Je pense que cela sera suffisant pour vous.
Merci pour vos questions. Je vais y répondre conjointement avec le ministre des Affaires étrangères, car certaines d'entre elles relèvent spécifiquement de ses compétences.
Ces derniers jours en Suisse, j'ai eu de nombreux contacts avec plusieurs dirigeants d'entreprise de premier plan, issus de grandes sociétés internationales, ainsi qu'avec des responsables politiques du monde entier. Cela ne vous surprendra pas: une certaine tension flottait dans l'air en Suisse. La menace renouvelée d'une guerre commerciale et la crainte d'une rupture au sein de l'Alliance atlantique suscitaient une grande inquiétude.
Het is volstrekt onaanvaardbaar dat het staatshoofd van een bondgenoot de soevereiniteit van een andere bondgenoot bedreigt. Denemarken en het Groenlandse volk hebben het onvervreemdbare recht op hun territoriale soevereiniteit. Zij en alleen zij hebben daarover finaal een mandaat te geven.
De boodschap die ik in Davos heb gegeven, was dan ook duidelijk. De Verenigde Staten zijn veruit de allersterksten in de NAVO, maar onze waardigheid is niet te koop. Wij zijn geen slaven.
De Arctische veiligheid belangt ons allemaal aan, maar de voorgestelde oplossing zal binnen de NAVO worden beoordeeld en binnen de NAVO worden uitgevoerd.
Heureusement, hier et aujourd'hui, il est apparu clairement que, pour l’instant, tant la menace militaire que les restrictions commerciales envisagées ont finalement été écartées. Cela constitue un point positif. Personne n’a à gagner d’une nouvelle guerre commerciale, ni l’Europe, ni les États-Unis. Les droits de douane conduisent toujours au même résultat: la destruction de la prospérité pour toutes les parties concernées. Nous avons donc pour l’instant échappé à une véritable catastrophe. Il est impératif de tirer des leçons de ce qu’il s’est produit.
Dans un monde idéal, les liens entre l’Europe et les États-Unis resteront étroits à l’avenir et nous continuerons, ensemble, dans un esprit de bonne entente, à bâtir la prospérité et la paix pour nos peuples liés par l’histoire. C’est en tout cas ce que je veux. Mais nous ne vivons pas dans le monde tel que nous le souhaitons, nous vivons dans le monde tel qu’il est réellement. La leçon est que nous, les Européens, devons être prêts à affronter des épisodes de tempête. Nous devons réapprendre à nous débrouiller seuls. Redresser la tête. Nous devons avoir une réponse prête lorsque nous sommes soumis à des pressions de la part de grandes puissances, d’où qu’elles viennent.
Canada’s eerste minister en intussen goede vriend Mark Carney gaf daarover inderdaad een zeer treffende toespraak. Het viel mij op dat hij daarin verwees naar de Melische dialoog van Thucydides, net zoals ik dat in New York deed: de sterken doen wat ze kunnen, de zwakken ondergaan wat ze moeten. Dat is niet de wereld die wij willen. De lidstaten van Europa zijn vandaag op zichzelf echter niet opgewassen tegen de druk van grootmachten die wel in die richting willen gaan. We staan echter niet alleen. Daarover wil ik het vanavond in de Europese Raad hebben. Niet over Trump, maar daarover. Over het feit dat we samen een te duchten handelsblok zijn en dat we die troef moeten durven uitspelen.
We hebben een eengemaakte markt, maar het is hoog tijd om die eengemaakte markt nu eindelijk af te werken. Het is tijd voor een eengemaakte kapitaalmarkt, zodat grotere volumes aan investeringen kunnen worden gegenereerd en bedrijven op ons continent kunnen blijven groeien, in plaats van noodgedwongen te verhuizen naar de andere kant van de Atlantische Oceaan. We weten dat de Europese Unie op dat vlak traag en complex is. Daarom moet functionele integratie mogelijk zijn. Landen met dezelfde strategische economische belangen moeten sneller en dieper kunnen integreren.
Het is hoog tijd dat we militair opnieuw ferm op eigen benen gaan staan, leunend op een efficiënte en Europese defensie-industrie. Dat zal echter niet van vandaag op morgen gebeuren. Daar moeten we realistisch in zijn. We moeten er wel zo snel mogelijk naartoe evolueren.
Het is tijd om werk te maken van een gediversifieerde waaier aan strategische partnerschappen, gebaseerd op wederzijds respect en gestuurd op maximale vrijhandel. Dat kan inderdaad met middle powers zoals Canada, het Verenigd Koninkrijk en Australië. Wat mij betreft zeer graag ook met Zuid-Amerika en met India, zoals commissievoorzitter von der Leyen dat in Davos aankondigde. Europa heeft het potentieel om een baken van stabiliteit, respect en welvaart te zijn. Onze honorering van gemaakte afspraken en onze voorspelbaarheid zouden van ons de meest aantrekkelijke partner ter wereld moeten maken. Onze buren willen graag lid worden van de Europese Unie. Dan moeten we echter wel dringend ons huiswerk maken, niet louter voor acute problemen op korte termijn, crisis na crisis na crisis. We moeten structureel werken. Innovatie, productiviteit en competitiviteit moeten centraal staan in alles wat we doen. Daarom maken we met onze regering in ons land alvast werk van lagere brutoloonkosten, een verlaging van de energiekosten voor de industrie, een stevig pakket aan maatregelen voor administratieve vereenvoudiging en structureel overleg met bedrijven en stakeholders onder de vlag van MAKE 2030. We proberen ook Europa in diezelfde richting te duwen.
In die geest ben ik volgende week maandag in Hamburg voor de North Sea Summit. Op 11 februari vindt daarom ook voor de derde keer de European Industry Summit plaats in de Antwerpse handelsbeurs. Op 12 februari komt op mijn vraag een informele Europese Raad in Alden Biesen bij elkaar met slechts één agendapunt: de Europese competitiviteit. Wij moeten dit momentum grijpen om welvaartcreatie opnieuw centraal te stellen en om weerbaar te worden. Dat is de hoofdboodschap die ik heb meegenomen uit al mijn contacten in Davos en dat is ook de boodschap die ik straks zal meegeven aan mijn Europese collega's.
De nood aan Europese daadkracht was de voorbije decennia nooit zo groot als vandaag. Het is nu aan ons om op het appel te zijn. Ik dank u.
Maxime Prévot:
Beste Kamerleden, de top van Davos bleek niet zonder verrassingen. De premier heeft het al gezegd, terwijl we oorspronkelijk dachten dat de oorlog in Oekraïne de gesprekken zou domineren, waren het uiteindelijk de verbale escalatie en de dreigementen van president Trump over Groenland die de aandacht trokken.
We waren aangekomen met een gevoel van urgentie. We vertrekken met de indruk dat er mogelijk een akkoord in de maak is en dat de druk, althans tijdelijk, afneemt, zowel op militair als op handelsvlak. Het is nog te vroeg om in detail te reageren op een akkoord waarvan de contouren nog niet bekend zijn. De Denen en de Groenlanders zullen het als eersten moeten bestuderen, gevolgd door alle NAVO-bondgenoten en de lidstaten van de EU.
Mais une chose est déjà certaine, cette séquence nous enseigne beaucoup.
Première leçon face à la brutalité – parfois – et à l’imprévisibilité – souvent – du président américain, notre ligne doit être immuable: garder la tête froide et resserrer les rangs. Sur la forme de nos messages, contrairement à ce que certains ont envie de croire ou de fantasmer, répondre sur le même ton ne mène nulle part. Monter dans l’invective, frôler l’insulte, c’est alimenter l’escalade. Les Européens doivent rester unis, cohérents et fermes. Être ferme ne signifie pas devoir crier fort. Nous devons opposer l’ordre au chaos de manière inlassable.
Deuxième leçon: garder son sang-froid ne signifie ni faiblesse ni concession. Sur le fond, les messages doivent être très clairs. Ils le sont, et ils ont été répétés à Davos et bien avant, y compris dans cette enceinte et dans la presse internationale, par mes soins. Le Groenland n’est ni à prendre, ni à vendre. C’est une ligne rouge et cela a été répété. Notre solidarité est totale à l’égard du Danemark, comme le sera aussi notre prise de responsabilité en matière d’accroissement de la sécurité de la région arctique. Le ministre de la défense s’y emploie.
De boodschap inzake Groenland moeten de Europeanen met één stem uitdragen: als u volhardt, zullen wij reageren; als u een handelsoorlog wilt, zullen wij u op gelijke voet behandelen.
Het bijeenroepen van een vergadering van de Europese Raad vanavond heeft reeds een duidelijk signaal gegeven van onze gedeelde bezorgdheden en van het urgentiegevoel dat ons drijft.
Die boodschap lijkt president Trump te hebben begrepen, aangezien hij gisteren aankondigde af te zien van zijn dreiging met tariefverhogingen voor bepaalde bondgenoten.
Ik herhaal nogmaals dat wij eensgezindheid en vastberadenheid moeten tonen.
Troisième leçon: ne nous laissons pas bercer par l'apparente accalmie. La pression retombe aujourd'hui, sans qu'il soit exclu que ce soit pour mieux revenir demain sur le Groenland, sur l'Ukraine ou sur un autre sujet. L'imprévisibilité va demeurer. Les tensions et menaces entre alliés ont atteint un tel sommet qu'il en restera des traces durables dans notre façon de penser et d'agir.
Plus fondamentalement, cette parenthèse de calme ne résout en rien nos propres vulnérabilités. Dans le fond, l'enjeu n'est pas de réagir à chaque soubresaut en provenance de Washington, de Moscou ou d'ailleurs, même si nous y sommes bien contraints, mais de regarder en face nos propres responsabilités et, comme l'a souligné le premier ministre, de préparer davantage notre palette d'outils de réaction pour ne pas entreprendre, quelque peu groggys, un processus quand nous nous situons au pic des tensions.
Je vous le disais ici la semaine dernière, chers collègues: l'Union européenne est forte quand elle est unie, et seulement quand elle est unie. Sans cette unité, elle ne pourra pas être un acteur géopolitique majeur. C'est aussi l'un des principaux défis pour l'Union européenne, un défi qui risque de devenir existentiel si nous ne prenons pas davantage la mesure de la nécessité de notre cohésion et que nous succombions aux tentations de relations plus bilatérales et hors du droit. La superpuissance américaine ne peut pas avoir comme pendant la superdépendance européenne.
Onze absolute prioriteit moet het versterken van de Unie zijn, niet de vluchtige verontwaardiging.
De premier en ikzelf zijn ervan overtuigd dat we moeten investeren in onze strategische autonomie, in de sleutelsectoren die onze veiligheid en onze welvaart bepalen. We moeten investeren in onze afschrikkingscapaciteiten. We moeten investeren in onze veerkracht. Alleen zo zullen we ophouden kwetsbaar te zijn voor de onvoorspelbaarheid van de wereld en voor de chantage, die sommigen niet schuwen.
De schijnbare ontspanning van de voorbije uren mag onze vastberadenheid op dat vlak geenszins ondermijnen. We kunnen het ons niet langer permitteren om die boodschap te negeren.
Quant à votre question connexe, madame Schlitz, sans en diminuer l'importance, le rapport d'Oxfam, publié voici quelques jours, rappelle l'importance de rester attentif aux difficultés vécues par une partie de la population.
Qu'un fossé se creuse dans la plupart des pays du monde entre les plus riches et les moins riches, c'est une réalité. Que des disparités subsistent aussi en Belgique, c'est aussi une réalité. Nous devons y accorder une réelle attention et ce gouvernement continue à œuvrer pour que ces inégalités ne se creusent pas davantage.
Quant à la question de la participation prétendue de la Belgique au Board of Peace, monsieur Lutgen, tel qu'erronément annoncé par la Maison-Blanche, nous confondant peut-être avec le Belarus, je confirme officiellement que les modalités de gouvernance et de statut ainsi que la tentation de substitution à l'ordre international multilatéral régi par les Nations Unies s'éloignent effectivement de nos standards et ne nous permettraient pas de souscrire à l'initiative en l'état actuel des choses, encore moins en ayant convié à ce Board of Peace des personnalités comme M. Poutine.
Pierre-Yves Dermagne:
Monsieur le premier ministre, ce que je craignais est malheureusement arrivé. Après vos propos virils, engagés, presque courageux, tenus il y a quelques heures à Davos, nous entendons ici les manifestations d’un double discours, d’une divergence de vues, de la part de ceux qui pensent que l’incident est clos et que, s’il ne l’est pas immédiatement après le départ de M. Trump de la présidence en 2029 – du moins s’il daigne quitter la Maison ‑ Blanche –, il y aura, selon eux, un retour au business as usual .
Je n’y crois pas. Nous sommes ici face à un changement majeur de doctrine internationale des États ‑ Unis, à un changement majeur dans la relation entre les É tats ‑ Unis et le reste du monde, et singuli è rement vis ‑ à ‑ vis des pays de l ’ Union europ é enne.
À ceux qui pensent que ce n’est qu’un mauvais moment à passer, à ceux qui pensent qu’il fera à nouveau beau demain, je dis que c’est de la candeur, une candeur qui confine à la connerie. Ce serait vraiment de la connerie de s’inscrire dans cette voie ‑ l à .
À ceux qui disent aussi que la faiblesse des Européens est due à la lubie de quelques "écolos bobos", à certains penseurs divers et variés, à des rêveurs, je rappelle qu'elle est avant due aux chantres de l'ultralibéralisme, à ceux qui affirmaient qu’il fallait aller produire à bas coût, dans des conditions inacceptables, pour vendre ici au même prix et engranger des marges importantes.
Il faut joindre les actes à la parole, et notamment soutenir l’industrie européenne, soutenir la réindustrialisation, et donc faire un (…)
Alexia Bertrand:
Mijnheer de premier, Davos is belangrijk en ik denk dat sommige partijen dat voor de eerste keer beseffen. Internationale woorden zijn ook belangrijk, maar wat uiteindelijk telt, is wat we híer doen. U hebt een unieke kans om uw woorden in daden om te zetten. U hebt gezegd: " We need new alliances. That is what Mercosur is all about ." Dat betekent nieuwe partnerschappen. Dat is heel belangrijk voor onze bedrijven. Dat is geen detail, het gaat over exports en jobs, maar uw coalitiepartners saboteren en blokkeren dat.
U hebt leiderschap nodig om hen te overtuigen en u krijgt daarvoor vanavond een unieke kans op de Europese Top. Volg Duitsland. Ik hoop dat u deze avond aan uw Europese partners zult aankondigen dat wij, net zoals Duitsland, Mercosur voorlopig zullen toepassen. Dat is de boodschap.
Inzake de eengemaakte kapitaalmarkt hebt u helemaal gelijk wanneer u zegt dat wij die echt nodig hebben, maar volg dan Mark Carney. Stop met de belastingen, stop met al die taksen. Mark Carney heeft de meerwaardebelasting net afgeschaft, maar wat doet deze regering? U verdubbelt de effectentaks voor de beleggers, u voert een bankentaks in, u verhoogt de roerende voorheffing met 20 % en u voert een meerwaardetaks in. Stop met al die taksen en stimuleer investeringen.
Sarah Schlitz:
Merci pour vos réponses.
Ce rapport n’est en effet pas anodin. Ce débat est tentaculaire, mais ce rapport, qui est publié chaque année à dessein juste avant le sommet de Davos, est essentiel en termes de lecture de l’état du monde et des rapports de force, mais également des dangers en termes de déstabilisation de nos démocraties et de l’État de droit. Aujourd'hui, on ne peut pas continuer à laisser ces grandes fortunes tenter de déstabiliser nos démocraties et ici en particulier les démocraties européennes. Ils ne se cachent même plus, ils le disent: ils vont continuer à essayer d’influencer les élections démocratiques en Europe, à travers le rachat de médias et de réseaux sociaux. Eh bien, oui, il est temps de les arrêter.
La semaine dernière, nous avons eu des auditions au sujet de votre taxation des plus-values. Les experts ont émis des critiques très fortes sur cette taxation, qui passerait à côté de ses objectifs. Prenez les choses en main, intégrez les recommandations des experts et faites en sorte que cette taxation touche réellement sa cible. Ne restons plus l’exception européenne qui refuse d’aller chercher cet argent là où il est. Faites en sorte de renforcer cette taxe en adoptant par exemple l’amendement que nous avons déposé, qui permettrait d’aller chercher 1,5 milliard chaque année pour le budget de l’État.
Raoul Hedebouw:
Messieurs les ministres, merci pour vos réponses.
Y a-t-il effectivement eu une étude approfondie de ce document de sécurité stratégique américain? Avez-vous lu ce document que M. Boucher aurait pu écrire lui-même?
Que dit-il? D’une part, il y est confirmé, noir sur blanc, le rétablissement de la doctrine Monroe, c’est-à-dire un projet néocolonial pour l’ensemble du continent latino-américain. D’autre part, il y est écrit, noir sur blanc, que l’objectif est la destruction de l’Union européenne.
Pourtant, ici, certains ministres continuent de dire que tout ira bien, que cela va passer, qu’il était simplement moins fâché aujourd’hui. Voyez-vous l’enjeu stratégique qui se joue actuellement? L’impérialisme américain l’affirme explicitement. Son objectif est la destruction de l’ordre existant, et nous continuons à regarder comme si de rien n’était.
Ce que Trump et l’impérialisme américain font aujourd’hui avec le Groenland, ils le font depuis des décennies avec les pays du Sud. Sept cents bases militaires à travers le monde, des interventions militaires répétées, le dollar comme monnaie dominante qui conditionne les économies mondiales, une banque centrale américaine dotée d’un pouvoir antidémocratique considérable. C’est cet ordre mondial qui est en train de s’effondrer sous nos yeux.
La question, monsieur le premier ministre, est donc de savoir quelle Union européenne nous voulons construire. Une autonomie européenne n’a de sens que si elle ne consiste pas à suivre aveuglément les États-Unis dans leurs interventions et dans cet ordre mondial néo-impérialiste. Cette voie n’est pas tenable.
Il faut au contraire tendre la main aux pays du Sud et construire une véritable Union européenne en symbiose avec les peuples du monde, mais pas (…).
Peter Mertens:
Oké, over Groenland zijn er twee lezingen. De ene lezing zegt dat we content zijn omdat de Verenigde Staten van geweld hebben afgezien. Dat zou komen omdat de Europese Unie wakker is geworden en heel sterk is. Dat is een lezing die ik absoluut niet begrijp en ook niet zie.
De andere lezing is dat het niet aan Ursula von der Leyen ligt dat er geen geweld is gebruikt. Het ligt ook niet aan koning Filip en dat gesprek van een kwartier dat er geen geweld zal worden gebruikt. Het ligt zelfs niet aan de Europese Raad. Het ligt aan de deal die Mark Rutte heeft gesloten met Trump.
Men zegt hier dat Groenland niet wordt uitverkocht. Die deal verkoopt Groenland echter onder onze ogen uit aan de Verenigde Staten. Het gaat over grondgebied dat aan Trump wordt gegeven. Het gaat over mineralen die aan Trump worden gegeven. Het gaat over controle die aan Trump wordt gegeven. Zelfs investeringsveto’s worden in die deal toegekend.
Mijn vraag was eenvoudig, maar u hebt er niet op geantwoord. Welk mandaat heeft Mark Rutte gekregen van de Europese Unie? Mark Rutte is nergens verkozen. Integendeel, hij is gebuisd in Nederland. Hij heeft Nederland achtergelaten in een chaos. Vervolgens heeft hij een job gekregen bij de NAVO. Nergens is hij verkozen. Welk mandaat heeft hij van de Europese Unie gekregen om stukken Groenland te verpatsen? Hij heeft geen mandaat gekregen. Voor onze ogen verkopen we stukken Europa uit. We spreken hier grote taal, maar terzelfder tijd zijn we Europa aan het uitverkopen aan de Verenigde Staten.
Oskar Seuntjens:
Premier, u zei dat onze waardigheid niet te koop is. Ik meen dat het goed is dat u dat zegt. In een wereld die op zijn kop lijkt te staan, snakken mensen naar een duidelijk signaal, naar een Europa dat een vuist maakt en niet achteruit deinst. Een vuist maakt tegen mensen die het niet echt menen met democratie, die het niet echt menen met mensenrechten.
Daar moeten we vooral niet hypocriet over zijn. Vandaag staan wij 1.000 % achter de Groenlanders. En tegelijkertijd verzetten we ons ook tegen andere autocraten. Tegen Poetin, die Oekraïne is binnengevallen, zoals u terecht zei, mijnheer de minister. Dat mogen we niet vergeten. Tegen Netanyahu die de Palestijnen onderdrukt. Tegen de Chinezen, die de Oeigoeren in opvoedingskampen steken.
Consequent moeten we, keer op keer, onze normen en waarden uitdragen. Consequent. Dat is onze sterkte. Dat is hoe we het verschil kunnen maken.
François De Smet:
Messieurs les ministres, merci pour vos réponses.
Premier, vous parlez encore d’un monde idéal, avec une pointe de regret que je comprends. Moi aussi, je suis une forme d’atlantiste frustré. Mais le premier Trump aussi, nous pensions que ce serait une parenthèse. Vous l’avez vous-même dit à Davos: le retournement des États-Unis ne date pas des présidences Trump. Il est structurel. Il est stratégique.
Dans ce monde rempli d’imprévisible – monsieur le ministre, j’ai beaucoup aimé que vous ameniez cette notion, parce qu’elle est très vraie – il y a une seule certitude: c’est que nous sommes dans un monde d’empires en résurgence, et que nous sommes trop faibles pour l’instant.
Nous, politiques, faisons en général de bons programmes. Nous nous disons que tout est prévisible et, en fait, nous passons une grande partie de notre temps à combattre la force de l’imprévisible.
La seule manière de combattre ici l’imprévisible, c’est de devenir plus forts – en effet, premier, vous avez raison –, de multiplier des partenariats avec d’autres pays: avec le Canada, avec l’Australie, avec l’Inde, etc.
Cela laisse aussi penser que, entre nous, le nationalisme comme force politique en Europe n’a pas beaucoup d’avenir, paraît daté. Il n’est pas exclu, premier, que d’ici 2029, vous soyez devenu complètement fédéraliste. C’est tout le mal que je vous souhaite.
Els Van Hoof:
Ik ben blij met uw sterke antwoorden want een voorbereide Europese Unie is er twee waard.
Het is een goede zaak dat werd afgezien van een handelsoorlog of militair geweld. Niettemin is waakzaamheid geboden want er zijn diepe wonden geslagen in de trans-Atlantische relaties. Dat moeten wij onder ogen durven zien. Ze helen niet in één nacht.
Ik ben blij dat zowel de premier als de minister zich hebben aangesloten bij de punten die voor cd&v belangrijk zijn. Europa moet zijn tanden laten zien voor het behoud van zijn waarden. Wij moeten steunen op betrouwbare bondgenoten, onze strategische autonomie uitwerken en allianties aangaan met nieuwe democratieën.
Als wij de voorbije week één zaak duidelijk hebben kunnen merken, dan is het wel dat, als wij een internationale wereldorde willen die niet gebaseerd is op dreigementen maar op internationaal recht, wij daar zelf aan moeten werken. Wij mogen ons niet uit elkaar laten spelen want dat is de strategie waarop Poetin speelt, waarop Xi speelt en waaraan Trump op zijn manier ook meewerkt. Wij moeten vooruitgaan met eensgezindheid, vastberadenheid en daadkracht.
Dat begint vanavond op de Europese top. Ik hoop dan ook dat op die top Europese tegenmaatregelen worden voorbereid die kunnen worden ingezet wanneer nodig.
Georges-Louis Bouchez:
Henry Kissinger, dans les années 1970, disait déjà: "Les États-Unis n’ont ni alliés, ni ennemis, juste des intérêts." Certains viennent de découvrir aujourd'hui comment fonctionnait la politique internationale. En fait, aujourd'hui, c'est un peu plus rapide. C'est certainement beaucoup plus brutal. Cela a certainement des conséquences beaucoup plus fortes, mais il n'y a rien de neuf. Il faut arrêter de regarder le monde tel qu'on voudrait qu'il soit. On doit le regarder tel qu'il est. D'ailleurs, le premier ministre parle d'élargir nos alliés. C'est la raison pour laquelle nous devons signer des accords de libre-échange. C'est la raison pour laquelle nous devrions d'ailleurs signer un accord de libre-échange avec l'Afrique, parce qu'il y a là un enjeu essentiel pour les générations futures.
Mais je voudrais aussi prendre l'opposition à témoin. Vous effectuez presque aujourd'hui des danses de la pluie en espérant l'autonomie et la force de l'Europe. Mais pourquoi ne soutenez-vous pas alors nos réinvestissements dans la défense? C'est un passage obligé pour l'autonomie européenne. Pourquoi nous avez-vous bloqués quand nous avons voulu prolonger le nucléaire sous le précédent gouvernement? C'était essentiel pour l'autonomie énergétique. Allez-vous nous suivre si nous voulons supprimer des réglementations afin de permettre à l'industrie de s'installer? Allez-vous nous suivre pour baisser les impôts pour relancer la compétitivité? Allez-vous nous suivre dans des choix politiques courageux qui permettront enfin d'atteindre ce que nous aurions dû atteindre depuis longtemps: la souveraineté européenne?
Benoît Lutgen:
Monsieur le premier ministre, monsieur le vice-premier ministre, je vous remercie.
Je suis heureux d'apprendre que la Maison-Blanche a confondu la Biélorussie avec la Belgique et je suis désolé d'avoir confondu l'Alaska et le Groenland dans mon intervention.
Je ne sais pas lequel de vous deux résiste et mord le plus. Toujours est-il que personne ne pourra contester ici que la voix de la Belgique est plus forte sur le plan européen et international qu'elle ne l'était voici un, deux ou trois ans, ou même plus loin dans le temps. Pour ma part, c'est une bonne surprise.
Au travers des deux interventions, oui, il est possible d'exprimer fermement et sans s'agiter les intérêts économiques de la Belgique et de l'Union européenne, en rappelant que le droit international constitue une boussole absolue – comme vous l'avez démontré dans de nombreux dossiers et à l'occasion de plusieurs enjeux.
De même, vous rappelez que notre autonomie stratégique est essentielle et qu'il convient d'y travailler à l'échelle européenne. Vous avez, du reste, engagé le gouvernement sur cette voie: autonomie de la défense, autonomie énergétique, autonomie au plan de la santé et de l'alimentation. À ce dernier titre, la production agricole européenne doit être soutenue pour que nous ne soyons pas dépendants demain. Nous sommes déjà suffisamment dépendants pour ne pas le devenir encore davantage.
C'est sur cette voie de la fermeté, en suivant la stratégie qu'applique votre gouvernement, que la Belgique, aujourd'hui plus forte, se renforcera encore et que l'Union européenne, dans son unité, fera résonner la voix de celles et ceux qui se tiennent du côté du droit international.
Meyrem Almaci:
Mijnheer de premier, u zegt dat onze waardigheid niet te koop is. Hoe geloofwaardig is dat als u 1,5 miljard euro uitgeeft aan elf extra F-35’s? Met mooie woorden en retoriek gaan we het niet halen. Alleen uw daden tellen. Annuleer die aankoop van die extra F-35’s. Put your money where your mouth is . Dat is ook wat Trump doet. Hij onderneemt actie. Er zit methode in zijn waanzin. Die waanzin is te lezen in zijn nationale veiligheidsstrategie, waarin hij zegt dat hij het verzet tegen Europa zal leiden. Die waanzin wordt gedreven door het eigenbelang van een klein clubje superrijken dat de democratie wil vervangen door dwang en daar nog lof voor eist ook. Hij is daar zelf een voorbeeld van, of het nu gaat om olie, mineralen, vaarroutes, schimmige crypto- of techplatformen, ook in Europa. In die waanzin moeten we met een koel hoofd alternatieven uitwerken en vastberaden neen durven zeggen. Het enige instrument dat u vandaag op korte termijn zo concreet kunt inzetten, gebruikt u niet. Als u ongebonden, autonoom en met rechte rug uw waardigheid wilt behouden, dan doet u ook po dat vlak wat mogelijk is. Het is ongelooflijk dat u zelfs op dat vlak vandaag niet thuis geeft.
Kathleen Depoorter:
Mijnheer de eerste minister, mijnheer de minister, zelfs in dergelijke crisissen schuwt men de grote en ook heel vaak loze woorden niet. Ik heb de woorden respect, loyauteit en waardigheid vaak gehoord, maar dat zijn geen losse zinnetjes of vage begrippen. Het is een engagement, een attitude.
Een sterk Europa heeft inderdaad respect voor internationaal recht en soevereiniteit. Een sterk Europa heeft loyauteit voor nieuwe en oude allianties en voor elkaar. Een sterk Europa heeft een smoel en zal aan de onderhandelingstafel aanwezig zijn wanneer het gaat om vrede voor Oekraïne. Een sterk Europa geeft ons de identiteit die we nodig hebben om er te staan in de wereld, om aan handel te doen en om onze volgende generaties te beschermen.
Dat is wat sterk leiderschap met zich meebrengt en daar kan ik absoluut op u tweeën en op de arizonaregering rekenen, waarvoor dank.
Voorzitter:
Dank u, mevrouw Depoorter, en alle sprekers en de twee ministers. Mijnheer Hedebouw , de heer Bouchez heeft uw naam genoemd, maar niet op een wijze die aanleiding geeft tot een persoonlijk feit.
De ontsnapping van IS-strijders
Gesteld door
Gesteld aan
Les Engagés Maxime Prévot (Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking)
op 22 januari 2026
Bekijk antwoord
AI Samenvatting Deze samenvatting werd gegenereerd door een LLM (large language model). De samenvatting bevat dus geen uitspraken van echte mensen. De inhoud kan foutief zijn en/of aan nuanceverlies lijden ten opzichte van de originele tekst. De volledige discussie is te vinden onder de samenvatting.
Jeroen Bergers waarschuwt dat de ontsnapping van minstens 120 IS-terroristen uit Koerdische gevangenissen in Syrië – waaronder geradicaliseerde Belgen zoals Hamsa Nmili – een direct gevaar vormt voor België en eist dat de minister alles doet om hun terugkeer te blokkeren, inclusief intrekking van nationaliteit. Minister Prévot bevestigt dat België geen Syriëstrijders repatrieert (19 Belgen zitten nog in kampen), benadrukt dat de situatie "stabiel" is dankzij Koerdische/Syrische controle, en wijst op Amerikaanse plannen om 7.000 gevangenen naar Irak over te brengen. Bergers bekritiseert linkse partijen die repatriëring verdedigen met het argument van betere opvolging, wijzend op het falende toezicht op teruggekeerde Noura Firoud, en dringt aan op verscherpte wetgeving om nationaliteitsverlies definitief te maken. Prévot bevestigt nauwe monitoring maar vermijdt concrete toezeggingen over Bergers' wetsvoorstel voor "dichtmetselen" van repatriëring.
Jeroen Bergers:
Mijnheer de minister, het is onze plicht om de samenleving tegen nieuwe aanslagen van IS te beschermen. Daarom baart de situatie in Syrië mij heel veel zorgen, want de Koerden bewaakten daar gevangenissen waarin 33.000 mannen en vrouwen van IS voor ons werden bewaakt. De Koerden zijn echter aan het instorten door de aanvallen van het Syrische regime. In die chaos zijn al minstens 120 IS-terroristen ontsnapt.
Tussen de IS-terroristen die in de gevangenissen werden bewaakt, zitten er jammer genoeg ook heel veel die vanuit ons land zijn vertrokken, ook vanuit mijn stad Vilvoorde, onder andere Hamsa Nmili en Caner Cankurtaran. Dat zijn geen doetjes, mijnheer de minister. Dat zijn mensen die hier tientallen jongeren hebben geronseld en hun geesten met hun extremistische ideeën hebben vergiftigd, om daarna zelf voor IS te gaan vechten en zelf aanslagen te plegen. Die tikkende tijdbommen moeten niet terugkomen. Wie onze samenleving verwerpt, wie de wapens tegen onze samenleving opneemt, heeft in onze sociale welvaartsstaat geen plaats meer.
Mijnheer de minister, mijn vraag is heel simpel. Zult u er alles aan doen wat mogelijk is om te vermijden dat die terroristen kunnen terugkomen? Zult u er alles aan doen wat mogelijk is om ervoor te zorgen dat de situatie daar stabiliseert?
Maxime Prévot:
Mijnheer Bergers, de Belgische en Europese steun voor de transitie in Syrië gaat samen met een heel nauwe opvolging van de situatie, die echter zeer problematisch blijft. Dat blijkt vooral uit de hervattingen van de vijandelijkheden in het noordoosten.
Wij veroordelen alle geweld, in het bijzonder tegen de Koerdische minderheid. De transitie in Syrië moet vreedzaam en inclusief zijn en de rechten van alle Syriërs respecteren.
Als gevolg van de gevechten zijn sommige gevangenen ontsnapt. De informatie moet nog worden gecontroleerd, maar een groot deel van hen is al teruggevonden. Het kamp al-Hol en de gevangenis van al-Shaddadi staan al onder controle van Damascus. Het kamp al-Hol blijft in de handen van de Syrian Defence Forces. De situatie is voorlopig stabiel.
Hetzelfde geldt voor de gevangenis van al-Shaddadi. Er zitten nog 19 Belgen in de kampen, waaronder 9 mannen. Het regeerakkoord bepaalt dat in het belang van onze nationale veiligheid, terroristische strijders niet naar ons land kunnen terugkeren.
We volgen de situatie op de voet, in samenwerking met onze veiligheidsdiensten. De VS hebben gisteren aangekondigd dat ze tot 7.000 gevangenen naar veilige detentiecentra in Irak willen overbrengen. We staan in nauw contact met hen in het kader van de internationale coalitie tegen Daesh.
Jeroen Bergers:
Mijnheer de minister, ik dank u om te bevestigen dat we niet zullen meewerken aan de repatriëring van Syriëstrijders. Het is te hopen dat het in het noordoosten, waar de Koerden nog controle hebben, rustig blijft.
Ik wil graag reageren op veel linkse partijen die zeggen dat we hen net wel moeten terughalen omdat ze hier beter worden opgevolgd. Dat riedeltje spoort niet met de realiteit. Noura Firoud, een Vilvoordse Syriëstrijder, werd in het verleden teruggehaald. Zij heeft hier nog geen vijf maanden onder elektronisch toezicht gestaan en wordt hier niet opgevolgd.
Volgende week stemmen we hier over een wetsontwerp dat de deur sluit en het mogelijk maakt om de nationaliteit van terroristen af te nemen. Die deur moet echter niet alleen dicht, ze moet dichtgemetseld en gebarricadeerd worden. Daarom heb ik samen met collega Koen Metsu een wetsvoorstel geschreven, dat klaar ligt. Het zou fundamenteel onverantwoord zijn om dat in deze tijden niet goed te keuren.
Voorzitter:
Daarmee kan ik de vragenronde afsluiten.
Voorstellen en Ontwerpen
Deze vergadering bevatte geen voorstellen.
Stemmingen
Stemmingen niet gelinkt aan een voorstel/ontwerp.
Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van mevrouw Marijke Dillen over 'de inwerkingtreding van het nieuw strafwetboek'.
ja (96) nee (37) onthouding (1)
Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van mevrouw Marijke Dillen over 'de onhoudbare werkdruk bij de rechtbank van eerste aanleg Brussel'.
ja (97) nee (37) onthouding (1)
Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van de heer Sandro Di Nunzio over 'de onthouding van België bij de stemming over het EU-Mercosur-handelsakkoord'.
ja (75) nee (55) onthouding (5)
Wetsontwerp tot wijziging van de wet van 27 oktober 2020 betreffende een evenredigheidsbeoordeling voorafgaand aan de invoering of de wijziging van een beroepsreglementering. (1156/5)
ja (83) nee (0) onthouding (52)